Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In deze studie hebben we onderzocht hoe jonge dokters gezamenlijke besluitvorming leren in de praktijk. Welke eigenschappen moeten ervaren artsen hebben waarvan deze jonge dokters de kunst afkijken? En hoe kunnen we deze rolmodellen het beste inzetten in de praktijk? We interviewden coassistenten, artsen in opleiding tot specialist, ervaren artsen en ervaringsdeskundigen, bij de fertiliteitgeneeskunde en bij de intensive care. Gezamenlijke besluitvorming leer je het beste van ervaren dokters die goed kunnen uitleggen, die aandacht hebben voor de mens achter de patiënt, die (de indruk geven) tijd (te) hebben, nergens omheen draaien en durven af te wijken van protocollen, en opleidingsgericht zijn en aandacht hebben voor het leren. Het leren van gezamenlijke besluitvorming van rolmodellen in de praktijk is een complex proces. Tijdens de basisopleiding wordt hier weinig aandacht aan besteed en aan het begin van de klinische opleiding (coschappen, maar ook opleiding tot specialist) voeren diagnostische en therapeutische afwegingen de boventoon. Wanneer er meer ruimte komt voor gezamenlijke besluitvorming, dan eigenen jonge dokters zich een eigen repertoire toe door verschillende stijlen in de praktijk te herkennen en uit te proberen. Dat doen ze soms zelfs door letterlijk zinnen over te nemen van rolmodellen. Het is belangrijk om hen te coachen bij het leren van gezamenlijke besluitvorming en ook te realiseren dat negatief voorbeeldgedrag een rol speelt.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Dit zijn volgens ons de belangrijkste opbrengsten:

• Kwalitatieve data (focusgroepen en interviews) over de praktijk van gezamenlijk besluiten bij de fertiliteitgeneeskunde en op de IC, over de wijze waarop gezamenlijke besluitvorming geleerd wordt en over hoe rolmodellen daarbij belangrijk zijn.

• Een serie aanbevelingen voor de opleiding, geformuleerd i.s.m. de betrokkenen (zie onder)

• Disseminatie via symposia, congressen en onderwijs

• Enkele artikelen, Engelstalig en Nederlandstalig (in process)

• Infographic voor patiëntenorganisaties (zomer 2019)

 

Deze aanbevelingen zijn met ervaringsdeskundigen, coassistenten, AIOS en seniorartsen gezamenlijke geformuleerd tijdens een werkconferentie op 18 mei 2018.

 

FERTILITEITSGENEESKUNDE:

Kennis bijbrengen over kernwaarden gezamenlijke besluitvorming:

m.b.v. inzet ervaringsdeskundigen, bijv. door:

“Student meets Patient”

Hoorcolleges met patiënt

Spiegelgesprekken

 

Bewustwording van het effect van handelen arts op patiënt én de “mens achter de patiënt”, bijv. door:

“Uitloopgesprek” (co-assistent praat nog door met patiënt nadat dokter weg is)

Langdurig optrekken/meelopen met één patiënt/paar

 

Oefenen van vaardigheden, bijv. door:

Simulatiegesprekken met echte patiënten

Juist oefenen met eerste gesprekken

Juist observeren van/oefenen met “lastige” gesprekken

 

Reflectie/feedback geven aan ervaren artsen specifiek over gezamenlijke besluitvorming, bijv. door:

Spiegelgesprekken met coassistenten

Ervaren arts vraagt feedback van coassistent

 

INTENSIVE CARE:

Feedback op meerdere niveaus (toesnijden op taal, achtergrond, omstandigheden)

Feedback van patiënten tijdens opleiding

Exitgesprek voeren

Nazorggesprek na drie maanden

 

Buddysysteem

Studenten koppelen aan artsen of aan patiënten (carrouselpoli)

 

Familie en patiënten voorbereiden op moeilijke gesprekken

 

Kracht van casuïstiek en verhalen inzetten in de opleiding

vanuit meerdere perspectieven

 

BELANGRIJKSTE CONCLUSIES OP BASIS VAN ONS ONDERZOEK:

 

1. Over deze eigenschappen/vaardigheden beschikt een arts als rolmodel (om gezamenlijke besluitvorming van te leren):

• Kan goed en duidelijk uitleggen

• Geeft de indruk de tijd te hebben

• Aandacht voor mens achter de patiënt/ziekte

• Verhoudt zich goed tot “protocollen” (fertiliteit)

• To-the-point; draait er niet omheen (IC)

• Opleidings-“minded”

• Aandacht voor (co-)assistent

 

2. Gezamenlijke besluitvorming in de praktijk leren is een complex proces waarbij verschillende factoren een vormende rol spelen.

• Deelnemende artsen/studenten zijn eensgezind: je leert gezamenlijke besluitvorming weinig tot niet tijdens basisopleiding. Inzet van simulatiepatiënten: daar leer je dit niet van.

• In de beginfase van klinische opleiding: meer bezig met “hoofd boven water houden”, nog weinig aandacht voor nuances van besluitvormingsproces

• Kunst afkijken van senioren; verschillende stijlen zien en uitproberen, meenemen wat bij jou past (bouwen aan ‘repertoire’). Soms zelfs letterlijk zinnen overnemen.

• Een dokter ‘t in een lastige situatie goed zien doen is een belangrijke vormende ervaring.

• Zelf doen, onder begeleiding; feedback krijgen (coaching)

• Als coassistent heb je tijd om de patiënt voor en/of na artscontact spreken: zien hoe nuances verloren gaan in snel contact

• Negatief voorbeeldgedrag (“zo wil ik later nooit worden”)

 

3. Er zijn belemmerende factoren bij het in de praktijk brengen van gezamenlijke besluitvorming.

Vanuit het perspectief van artsen wordt gezamenlijke besluitvorming bemoeilijkt door:

• Kennistekort patiënt/naaste

• Complexiteit materie

• Sterke eigen wens patiënt/naaste

• Tijd

Vanuit het perspectief van patiënten/naasten wordt gezamenlijke besluitvorming bemoeilijkt door:

• Emotionele situatie

• Moeilijke materie om te begrijpen

• Patiënt is er niet (helemaal) “bij” (IC)

• Wisselende zorgverleners; soms tegenstrijdige informatie

• Afhankelijkheid; jij wilt iets gedaan krijgen en bent daarvoor afhankelijk van beslissingen/handelingen zorgverleners

 

4. Patiënten weten heel goed te herkennen wanneer een dokter gezamenlijke besluitvorming echt in de praktijk brengt. Deze dokter:

• Neemt de tijd

• Legt goed en duidelijk uit, zodat je het begrijpt

• Durft af te wijken van protocollen

• Kijkt ook naar de persoon achter de patiënt/ziekte

• Is eerlijk (over gebrek aan kennis)

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Gezamenlijke besluitvorming leren via rolmodellen

 

Het belang van gezamenlijke besluitvorming in de spreekkamer staat inmiddels buiten kijf. Maar hoe leren artsen eigenlijk belangrijke beslissingen samen met hun patiënten te nemen? Dit project vertrekt vanuit de veronderstelling dat leren van rolmodellen een sleutelrol speelt in dat proces. Jonge artsen – co-assistenten en artsen in opleiding tot specialist – worden in de praktijk gevormd en kijken de kunst van het vak af van ervaren beroepsbeoefenaren. We gaan dit onderzoeken door groepsinterviews te houden met zowel (aankomend) artsen als patiënten en hun familie. We concentreren ons op gezamenlijke besluitvorming bij de fertiliteitsgeneeskunde en op de intensive care. In het project wordt samengewerkt met het forum opeenicliggen.nl. met Freya, vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen en met de NVOG en NVIC. Het doel is om te komen tot goed onderbouwde aanbevelingen over hoe rolmodellen in de klinische praktijk beter kunnen worden ingezet.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Op dit moment zitten we in de fase van dataverzameling en data-analyse. Er zijn nog geen concrete resultaten.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Gezamenlijke besluitvorming in de gezondheidszorg is belangrijk, maar blijkt in de klinische praktijk verre van eenvoudig. Enerzijds vraagt het om een andere houding en nieuwe vaardigheden van patiënten en naasten. Anderzijds is het noodzakelijk dat zorgprofessionals zich een andere rol aanmeten en daartoe op een goede manier worden opgeleid. De wijze waarop artsen gezamenlijke besluitvorming leren in praktijksituaties tijdens hun opleiding is onderwerp van het voorgestelde onderzoek.

 

Idealiter ligt het zwaartepunt van het leren van gezamenlijke besluitvorming in de masterfase en de vervolgopleiding tot specialist. Hier fungeren ervaren artsen als ‘rolmodel’; als voorbeeld waarvan studenten en beginnende artsen leren door het na te doen. In dit vormingsproces leren co-assistenten en A(N)IOS ook hoe een ervaren arts gezamenlijke besluitvorming in de praktijk ten uitvoer brengt.

 

Het doel van dit project is om te komen tot goed onderbouwde aanbevelingen over hoe rolmodellen in de klinische praktijk beter kunnen worden ingezet in de wijze waarop artsen in opleiding leren participeren in processen van gezamenlijke besluitvorming. We gaan kwalitatief empirisch onderzoek doen onder (aankomend) artsen en (ex-)patiënten en hun naasten. Het onderzoek richt zich in eerste instantie op de specialismen fertiliteitsgeneeskunde en intensive care, maar het is ook de bedoeling om te komen tot meer algemene aanbevelingen voor het leren van gezamenlijke besluitvorming via rolmodellen in de klinische praktijk.

 

We willen het doel bewerkstelligen door antwoord te zoeken op de volgende twee hoofdvragen:

1. Welke competenties zijn karakteristiek voor rolmodellen van gezamenlijke besluitvorming in de klinische praktijk?

2. Wat zijn de mogelijkheden en beperkingen van het gebruik van rolmodellen bij het leren van gezamenlijke besluitvorming in de praktijk?

 

Deze hoofdvragen kunnen worden uitgewerkt in verschillende subvragen:

a. Wat beschouwen co-assistenten, artsen in opleiding tot specialist (AIOS) en ervaren medisch specialisten als voorbeeldgedrag bij gezamenlijke besluitvorming en wat zijn daarbij de karakteristieke competenties?

b. Wat zijn de overeenkomsten en verschillen met de competenties die patiënten waarderen of afkeuren rond gezamenlijke besluitvorming?

c. Hoe willen co-assistenten, AIOS, ervaren medisch specialisten en patiënten omgaan met discrepanties tussen a en b?

d. Op welke manier kunnen rolmodellen volgens co-assistenten, AIOS, medisch specialisten en patiënten helpen om de benodigde competenties te leren, wat de het leren van gezamenlijke besluitvorming ondersteunt?

 

Ons onderzoek is georganiseerd in vijf stappen die op elkaar voortbouwen. Iedere stap levert een bijdrage aan de beantwoording van de hoofdvragen.

 

Stap 1: Literatuurstudie

Ter voorbereiding op de focusgroepinterviews voeren we een literatuuronderzoek uit in wetenschappelijke literatuur en in visie- en beleidsdocumenten die betrekking hebben op de Nederlandse artsenopleiding. We brengen daarmee in kaart wat er over rolmodellen en hun rol in de professionele ontwikkeling van artsen is geschreven.

 

Stap 2: Focusgroepinterviews met (aankomend) artsen

Hoofddoel van de focusgroepinterviews is het identificeren van de competenties die een ervaren arts moet bezitten om als rolmodel voor gezamenlijke besluitvorming te dienen en de competenties die co-assistenten en AIOS zich eigen moeten maken om gezamenlijke besluitvorming in de praktijk te brengen.

 

Stap 3: Focusgroepinterviews met patiënten en naasten

Om te onderzoeken welke competenties volgens patiënten en naasten belangrijk zijn bij gezamenlijke besluitvorming houden we twee focusgroepinterviews met patiënten en/of naasten: focusgroep 1 bestaat uit ex-IC-patiënten en naasten van ex-IC-patiënten, en focusgroep 2 uit mensen die een vruchtbaarheidsbehandeling ondergaan. Aan de hand daarvan krijgen we inzicht in de overeenkomsten en verschillen tussen de visie van patiënten en naasten en die van (aankomend) artsen op de rolmodellen.

 

Stap 4: Werkconferentie met patiënten, naasten, en artsen

In stap 4 brengen we patiënten, naasten en (aankomend) artsen samen. In een werkconferentie van een dag werken 20 co-assistenten, AIOS en ervaren artsen samen met 20 patiënten en naasten. Product van deze dag zijn specialisme-overstijgende aanbevelingen ten aanzien van rolmodellen en het leren van gezamenlijke besluitvorming in de klinische praktijk.

 

Stap 5: Plan voor gezamenlijke besluitvorming in de klinische praktijk

We sluiten het project af met een bijeenkomst met de relevante beroepsverenigingen en organisaties. Het doel is vervolgens om te komen tot een implementatieplan ten aanzien van de bij de werkconferentie geformuleerde aanbevelingen.

 

De relevantie van het project is dat het 1) een kennislacune rond gezamenlijke besluitvorming aanpakt, 2) verdieping brengt ten aanzien van hoe rolmodellen fungeren, en 3) onderbouwde aanbevelingen formuleert voor leren door rolmodellen in de medische praktijk.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website