Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Jaarlijks publiceren ziekenhuizen hun sterftecijfers. Echter, dit geeft maar een beperkt beeld van de kwaliteit van zorg en is voor sommige diagnoses dusdanig zeldzaam, dat uitkomsten zoals heropname of lange ligduur relevanter zijn. Probleem is ook dat een ziekenhuis goede resultaten kan hebben op de ene uitkomst, maar veel minder op de andere uitkomst. Bovendien hangen de uitkomsten met elkaar samen. Dit maakt het lastig om ziekenhuizen met elkaar te vergelijken.

 

In dit project is daarom een gecombineerde uitkomstmaat ontwikkeld (Textbook Outcome Plus, TOP) waarin naast sterfte ook heropname en lange ligduur wordt meegewogen, om een completer beeld van de kwaliteit van zorg te geven. De TOP bleek betrouwbaarder om ziekenhuizen te rangschikken dan sterfte of heropname alleen, en bruikbaar voor patiënten omdat het beter inzicht gaf in de gewenste uitkomst (overleven, geen heropname en normale opnameduur). Voor professionals in ziekenhuizen die kwaliteit willen verbeteren, kan er met de TOP veel gerichter dossieronderzoek worden gedaan. Voor verzekeraars geeft het een completer beeld, en bruikbaar in het gesprek met ziekenhuizen over verbeterpunten.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De resultaten laten zien dat er relaties bestaan tussen opnameduur, heropname en sterfte en dat deze anders zijn op ziekenhuis-niveau dan op patiënt-niveau. Zo lieten wij zien dat CVA patiënten met een relatief lange ligduur, een lagere kans hadden om tijdens hun ziekenhuisverblijf dood te gaan. Op ziekenhuis-niveau daarentegen lieten wij zien dat ziekenhuizen die veel lang-liggende CVA patiënten ook een hoge sterfte hadden. Dit heeft consequenties voor het gebruiken van deze kwaliteitsindicatoren om te verbeteren. Op basis van de relaties op ziekenhuis niveau zou namelijk ten onrechte worden geconcludeerd dat men de sterfte kan reduceren binnen de groep patiënten die relatief lang liggen. Als men echter de relaties op patiënt niveau in ogenschouw neemt, wordt duidelijk dat de initiatieven juist gericht zouden moeten zijn op de patiënten die relatief kort liggen.

 

Om deze relaties mee te wegen, is een samengestelde en geordende uitkomstmaat ontwikkeld waarin de 3 indicatoren zijn gecombineerd (Textbook Outcome Plus, TOP). De TOP bleek een betrouwbaardere ranking van ziekenhuizen te geven, met name ten opzichte van de uitkomstmaten sterfte en heropname. Het combineren van indicatoren geeft veelal een betrouwbaarder ranking dan het combineren van meerdere jaren van een enkele indicator. De betrouwbaarheid van het ranken (rankability) is stabiel in de tijd voor zowel de individuele indicatoren als de TOP, maar verschilt tussen diagnosegroepen.

 

De TOP bleek bruikbaar voor patiënten, professionals en verzekeraars alhoewel het gewenste format verschilt, aansluitend bij het verschillende doel waarvoor zij dit willen gebruiken. Het belangrijkste voordeel dat werd gezien is het specifiekere onderscheid, waardoor patiënten beter inzicht krijgen in de kans dat alles goed gaat en professionals/verzekeraars gerichter kunnen vaststellen waar er verbeterpunten liggen.

 

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

DOEL

Het doel van dit onderzoek is om een samenvattende maat voor de kwaliteit van zorg in ziekenhuizen te ontwikkelen. Momenteel wordt alleen jaarlijks het sterftecijfer voor ziekenhuizen gepubliceerd, maar bij sommige diagnoses zijn indicatoren zoals heropname of lange ligduur in een ziekenhuizen relevanter. Ook kan het zijn dat een ziekenhuis goede resultaten heeft op de ene indicator, maar veel mindere resultaten op de andere indicator. Dit maakt het lastig om ziekenhuizen met elkaar te vergelijken. Met een samenvattende kwaliteitsmaat waarin zowel sterfte als heropname en lange ligduur worden meegenomen, hopen de onderzoekers deze problemen te ondervangen en beter eventuele verschillen tussen ziekenhuizen te kunnen weergeven.

 

STUDIEOPZET EN POPULATIE

De al bestaande data uit de Landelijke Basisadministratie Zorg (LBZ) zullen worden gebruikt voor alle opgenomen patiënten in de periode 2007-2012. Om te onderzoeken hoe deze informatie vervolgens gebruikt kan worden in de praktijk, zullen focusgroepen worden gehouden. Hierbij worden verschillende doelgroepen betrokken die mogelijk van deze informatie gebruik zouden willen maken, zoals patiënten, professionals in het ziekenhuis en verzekeraars.

 

UITKOMSTEN

Op basis van de kwantitatieve analyses van de LBZ data en de resultaten van de focusgroepen, wordt de meest geschikte samenvattende kwaliteitsmaat berekend. Deze worden vervolgens gepresenteerd in het door de focusgroepen gewenste format. Voor patiënten wordt dit verwerkt in een folder die ingaat op de interpretatie van de gegevens. Voor kwaliteitsmedewerkers in ziekenhuizen wordt er een stappenplan gemaakt wat gebruikt kan worden om in geval van afwijkende cijfers verder te analyseren waar het probleem ligt. Bijvoorbeeld door welke patiëntengroepen dit wordt veroorzaakt dan wel wat mogelijke oorzaken zijn. Voor verzekeraars wordt er een handleiding gemaakt over interpretatie van de data en specifiek over verschillen tussen ziekenhuizen.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Er is toegang verkregen tot de beschikbare gegevens in de Landelijke Basisadministratie Zorg (LBZ) voor alle opgenomen patiënten in de periode 2007-2012. De dataset omvat de gegevens van 8.478.884 opnames in 95 ziekenhuizen die zodanig zijn gegroepeerd en gehercodeerd zodat deze geschikt waren voor verdere analyses. Momenteel worden er analyses op deze data gedaan en wordt onderzocht hoe de verschillende indicatoren met elkaar samenhangen, voor alle opgenomen patiënten en voor een aantal specifieke aandoeningen. De volgende aandoeningen zijn geselecteerd omdat zij een verschillend patroon qua sterfte, heropname of ligduur hebben: herseninfarct (hoge sterfte, lange ligduur), darmkanker (lange ligduur), hartfalen (veel heropnames), hartinfarct (hoge sterfte), en heup/knie vervangingen (veel heropnames). Uiteindelijk zal de samenvattende kwaliteitsmaat worden berekend voor alle aandoeningen, zodat verschillende patronen tussen ziektebeelden zichtbaar worden. Een eerste manuscript is in voorbereiding waarbij zal worden ingegaan op de vraag in welke mate een verkeerd beeld wordt geschetst als kwaliteit van zorg wordt gedefinieerd op basis van slechts 1 indicator en de andere 2 indicatoren niet worden meegewogen.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

ACHTERGROND

Er worden jaarlijks honderden kwaliteitsindicatoren verzameld binnen de ziekenhuizen, waaronder de veel gebruikte uitkomstmaten sterfte, heropname en opnameduur. Deze gegevens worden routinematig in alle ziekenhuizen geregistreerd en zijn beschikbaar in registraties. Probleem is dat deze kwaliteitsindicatoren afzonderlijk van elkaar geen compleet en eenduidig beeld geven doordat de uitkomsten potentieel conflicterend zijn; een ziekenhuis kan een goede uitkomst hebben op de ene indicator maar een veel minder goede op de andere indicator. Daarnaast kunnen ziekenhuizen op individuele uitkomsten veelal niet betrouwbaar van elkaar onderscheiden worden, door kleine aantallen events. En bovendien wordt bij de berekening meestal geen rekening gehouden met het feit dat deze uitkomsten samenhangen, en worden ze berekend over verschillende patiënten-populaties. Deze problemen bemoeilijken de interpretatie en gebruik van de indicatoren door patiënten (keuze van ziekenhuis), verzekeraars (voor zorginkoop) en ziekenhuizen zelf (kwaliteitsverbetering). In eerder onderzoek is een samenvattende uitkomstmaat ontwikkeld voor academische ziekenhuizen die tegemoet komt aan deze problematiek. Doorontwikkeling van deze samenvattende uitkomstmaat en onderzoek naar de vormgeving ervan om gebruik bij verschillende doelgroepen te bevorderen, moet implementatie en interpretatie in Nederland mogelijk maken voor zowel academische, topklinische en algemene ziekenhuizen.

 

DOEL

Het doorontwikkelen van een samenvattende uitkomstmaat die een completer en beter interpreteerbaar beeld van de kwaliteit van zorg in ziekenhuizen geeft. Getoetst zal worden in hoeverre deze samenvattende maat beter in staat is om verschillen tussen ziekenhuizen te identificeren dan de individuele uitkomstmaten. Daarna zal in verband met toekomstige implementatie worden onderzocht hoe deze samenvattende maat vormgegeven moet worden, zodat deze bruikbaar en informatief is voor patiënten bij het kiezen van een ziekenhuis, medewerkers van ziekenhuizen om te duiden waar kwaliteit verbeterd kan worden en verzekeraars bij zorginkoop.

 

DATABRONNEN EN METHODE

Er zal gebruik worden gemaakt van beschikbare gegevens in de Landelijke Basisadministratie Zorg (LBZ) voor alle opgenomen patiënten in de periode 2007-2014. Voor definities van de individuele uitkomstmaten zal zoveel mogelijk worden aangesloten bij Nederlandse en internationale definities (o.a. Hospital Standardised Mortality Ratio en Onverwacht Lange Opnameduur), waarbij wordt gekeken met welke definitie de ziekenhuizen het meest betrouwbaar van elkaar kunnen worden onderscheiden. Een maat hiervoor is de “rankability”. Voor de samenvattende uitkomstmaat worden uitkomsten van patiënten geordend van beste naar slechtste uitkomst op basis van eerder empirisch onderzoek door onze groep. Gebruikmakend van regressiemodellen zal de rankability worden vergeleken van de individuele uitkomsten en de samenvattende maat, en of deze varieert in de tijd en tussen patiëntengroepen. Dit geeft weer met welke uitkomstmaat en welke definities een betrouwbaar en compleet beeld kan worden gegeven van de kwaliteit van zorg in ziekenhuizen. Vervolgens zal via drie focusgroepen met patiënten, kwaliteitsmedewerkers van ziekenhuizen en verzekeraars, worden achterhaald op welke manier de uitkomsten vormgegeven moeten worden zodat de informatie begrijpelijk en bruikbaar is.

 

AANDOENINGEN

De samenvattende uitkomstmaat kan worden berekend voor alle aandoeningen, maar bij de ene aandoening zal met name sterfte van belang zijn en bij een aandoening met lage sterftekansen vrijwel altijd lange opnameduur of heropname. Derhalve worden voor dit voorstel de volgende aandoeningen geselecteerd om zo goed mogelijk de verschillende ziektepatronen zichtbaar te maken: CVA (hoge sterfte, lange opnameduur), colorectaal carcinoom (lange opnameduur) hart falen (heropnames), acuut myocard infarct (sterfte) en heup/knie vervangingen (heropnames).

 

BEOOGD RESULTAAT

Het huidige onderzoek is een belangrijke stap om tegemoet te komen aan de behoefte aan betrouwbare en vergelijkbare kwaliteitsinformatie in het publieke domein. Via de samenvattende uitkomstmaat wordt beoogd een completer en eenduidiger beeld te verkrijgen dan met de individuele uitkomsten, waar een ziekenhuis goed kan scoren op de ene uitkomst maar minder op een andere uitkomst. Daarnaast maakt de samenvattende maat gebruik van grotere aantallen events, waardoor verwacht mag worden dat verschillen tussen ziekenhuizen betrouwbaarder kunnen worden vastgesteld dan met individuele uitkomsten. De samenvattende uitkomstmaat kan worden berekend voor alle aandoeningen, zodat verschillende patronen tussen ziektebeelden zichtbaar worden. Het is daarmee informatie die een plaats kan krijgen in de transparantiekalender voor alle aandoeningen op dezelfde vergelijkbare manier, als onderdeel van een gedeelde kernset en per ziektebeeld kan worden aangevuld met ziekte-specifieke kwaliteitsindicatoren.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website