Verslagen

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In 2011 heeft de overheid de Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek geïntroduceerd. Onderdeel daarvan is een verbetering van de zorg voor en bescherming van slachtoffers van loverboys/mensenhandel, met speciale aandacht voor het voorkomen van herhalend slachtofferschap. Er bestaat in Nederland een breed palet aan opvang- en behandelvarianten voor slachtoffers van loverboys/mensenhandel. Het gaat om in meer of mindere mate samenhangende activiteiten die samen verschillende zorgprogramma’s vormen die al doende zijn ontstaan. Deze programma’s zijn als geheel nog onvoldoende expliciet vastgelegd, onderbouwd of onderzocht. Wel zijn specifieke elementen onderbouwd of onderzocht (bijv. bepaalde in te zetten interventies). Inzicht in de (potentiële) werkzaamheid van de bestaande zorgprogramma’s als geheel ontbreekt nog Het zorgprogramma Asja van Fier Fryslan is wel als geheel goed beschreven en als goed onderbouwd opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies. Tussen de bestaande zorgprogramma’s bestaan echter belangrijke verschillen in behandelvisie en doelstelling, het behandelaanbod, de keuze voor de opvangvariant (de groepssamenstelling, open, besloten of gesloten) en behandeling, de aan te bieden interventies en de overdracht/nazorg. Dit maakt het van belang dat meerdere programma’s als geheel worden beschreven en worden onderbouwd.

Bij het beschrijven en onderbouwen van een zorgprogramma wordt de kennis die de basis vormt voor (de verschillen in) het aanbod expliciet gemaakt. Dit leidt al meteen tot reflectie en –waar nodig- doorontwikkeling van het aanbod. Vervolgens kunnen externe experts beoordelen of de onderbouwing klopt, dat wil zeggen of aannemelijk is gemaakt dat met de gekozen aanpak de beoogde doelen bereikt worden bij de doelgroep. Voorts kunnen op grond van de onderbouwing relevante uitkomstmaten voor effectonderzoek worden vastgesteld. Om de werkzaamheid van de bestaande zorgprogramma’s te kunnen onderzoeken is het dus noodzakelijk dat de behandelmethoden eerst verder worden geëxpliciteerd en onderbouwd.

Het Nederlands Jeugdinstituut heeft een methode (inclusief training) ontwikkeld die, aansluitend bij de criteria van de Databank Effectieve Jeugdinterventies, ontwikkelaars ondersteunt om de kennis (expliciet en impliciet) die zij hebben over hun interventie of zorgprogramma op een systematische manier te beschrijven en te onderbouwen met wetenschappelijke theorieën en empirische kennis. Dit is een lerend proces, waarbij verdieping en interactie meteen al leiden tot kennisvermeerdering over de potentiële effectiviteit van het behandelaanbod en (waar nodig) aanpassing en doorontwikkeling. In dit project bieden wij aan zes instellingen deze training aan, in combinatie met een traject waarin men onderling uitwisselt en van elkaar leert en een traject van individuele begeleiding en feedback van inhoudelijk experts van het Nederlands Jeugdinstituut en Movisie. De zes instellingen zijn gekozen omdat 1) zij voldoende slachtoffers van loverboys/mensenhandel opvangen om mee te kunnen doen aan onderzoek naar de effecten van de hulp en 2) omdat met deze samenstelling variatie ontstaat in type setting (open/gesloten/specialistisch), behandelvisie en wijze van opvang (m.n. groepssamenstelling).

Het doel van dit project is om 1) om vijf à zes zorgprogramma’s voor slachtoffers van loverboys/mensenhandel samenhangend te beschrijven met oog op de overdraagbaarheid van programma’s, 2) om de impliciete kennis over de behandeling van slachtoffers van loverboys/mensenhandel expliciet te maken en waar nodig nader te onderbouwen met bestaande (wetenschappelijke) kennis om doorontwikkeling van de zorgprogramma’s mogelijk te maken, 3) de professionals in de betrokken instellingen bewust te maken van het belang van het inzetten van effectieve elementen en het voortdurend verbeteren van het aanbod op basis van (nieuwe) kennis en 4) een aanzet te geven tot (bredere) implementatie van onderbouwde, potentieel effectieve zorgprogramma’s. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan een onderbouwde en effectieve behandeling van slachtoffers van loverboys/mensenhandel in Nederland en daarmee aan een afname van de kans op terugval en revictimisatie.

Het project bestaat uit vijf fasen. In elk van deze fasen wordt op een specifieke manier door de instellingen gewerkt aan de beschrijving en onderbouwing, met vormen van ondersteuning en feedback die relevant zijn voor de fase waarin de beschrijving en onderbouwing zich bevinden en wat de behoeften zijn met betrekking tot doorontwikkeling. De totale duur van het project is twee jaar. Van de instellingen wordt verwacht dat zij de betrokken professionals aan het project laten bijdragen en daarnaast elk een schrijver en een coördinator beschikbaar hebben gedurende het hele project. Zij krijgen daarvoor via het Nederlands Jeugdinstituut een tegemoetkoming vanuit het projectbudget, maar moeten ook zelf uren investeren.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website