Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Het Verwey-Jonker Instituut heeft in de periode 2017-2020 onderzoek gedaan naar de Veilig Verder aanpak in de regio Haaglanden. Dit project werd gefinancierd door ZonMw en door de gemeente Den Haag. Het onderzoek spitste zich toe op enerzijds een kwantitatieve effectstudie waarin 34 gezinnen uit de Veilig Verder aanpak gedurende anderhalf jaar werden gevolgd en waarbij metingen werden gedaan ten aanzien van geweld, de opvoedingsrelatie tussen ouders en kinderen, trauma’s van ouders en kinderen, risicofactoren en veiligheid en kwaliteit van leven van ouders en kinderen. Deze gezinnen werden vergeleken met een controlegroep van 65 gezinnen die was gematcht op basis van de mate van het geweld, de gezinssituatie en de achtergrondfactoren. Deze studie is aangevuld met de kwalitatieve Effectencalculator, waarmee op basis van interviews met professionals en cliënten, groepsgesprekken, casusbesprekingen en expertmeetings zicht werd verkregen op de werkzame elementen in de aanpak. De Veilig Verder aanpak is een op Signs of Safety gebaseerde aanpak, waarbij het doel van Veilig Verder is om in een gezin waarin huiselijk geweld plaatsvindt en verschillende soorten hulp nodig zijn voor verschillende gezinsleden deze hulp op elkaar af te stemmen. De werkwijze in Veilig Verder gaat uit van de eigen verantwoordelijkheid en kracht van ouders, hun kinderen en met een actieve bijdrage van het sociale netwerk van deze gewelddadige gezinnen ten einde een veilig opvoedklimaat thuis te realiseren.

Zowel uit de effectstudie als uit de Effectencalculator kwamen positieve resultaten van de Veilig Verder aanpak naar voren.

Uit de effectstudie bleek dat er bij de start sprake was van zeer veel geweld in de gezin-nen/stellen (vooral partnergeweld), maar dat dit in de loop van het traject heel duidelijk was afgenomen, van gemiddeld 100 incidenten op jaarbasis bij de start, naar gemiddeld 20 incidenten op jaarbasis na anderhalf jaar. Verder zien we een afname van de opvoedingsstress en een afname van klinisch trauma bij ouders. Ten aanzien van bepaalde risicofactoren, zoals het percentage gezinnen met een laag inkomen en het percentage werkloosheid, zien we eveneens een significante afname. Daarnaast zien we een significante verbetering van de kwaliteit van leven van de ouders. In de effectstudie zijn de resultaten van de Veilig Verder deelnemers vergeleken met een controlegroep, waarin ook sprake was van zeer veel partnergeweld. De verwachting was dat de Veilig Verder aanpak betere resultaten zou laten zien dan de controlegroep, wanneer we de resultaten van de Veilig Verder groep vergelijken met de controlegroep zien we hierbij nauwelijks een verschil, ook daar vonden de meeste verbeteringen op dezelfde manier plaats, zonder significant onderscheid met de Veilig Verder populatie, alleen ten aanzien van de risicofactoren en kwaliteit van leven liet de Veilig Verder groep significant meer verbetering zien dan de controlegroep.

Ten aanzien van de Veilig Verder aanpak ervaren zowel professionals als cliënten de inzet van instrumenten vanuit de Signs-of-Safety methode als helpend en laagdrempelig. Toch worden deze instrumenten soms onvoldoende ingezet, de betrokken professionals geven vaak aan dat inzet van de instrumenten helpend had kunnen zijn. Dat er meerdere professionals in één gezin betrokken zijn, betekent dat ze de mogelijkheid hebben om zich bekend te maken van de situatie van de individuele gezinsleden. Dit helpt in het creëren van vertrouwen. De Veilig Verder professionals richten zich allen primair op één van de gezinsleden. Een keerzijde hiervan is dat cliënten soms ervaren dat de hulpverlener teveel aan één kant gaat staan of de partner onvoldoende wordt aangesproken.

De Veilig Verder Teams opereren in het vrijwillig kader. Toch ervaren ouders, en professionals zelf, de hulp niet altijd als volledig vrijwillig. De houding van de professionals (neutraliteit, inbrengen van perspectief van alle gezinsleden) zorgt ervoor dat de hulp niet als dwingende hulp wordt ervaren. Ook dit is belangrijk voor het winnen van vertrouwen. Voor het creëren van veiligheid staat onduidelijkheid over de relatie van ouders vaak in de weg. Onduidelijkheid of ouders wel of niet uit elkaar gaan leidt tot conflicten en vaak tot onveilige situaties. Hierdoor lukt het niet altijd om voor stabiliteit en blijvende veiligheid te zorgen. Veilig Verder biedt een kans om binnen het vrijwillig kader, met oog voor wensen en behoeften van de gezinsleden te werken aan veiligheid en het voorkomen van gedwongen hulp. Wanneer ouders er zelf van overtuigd zijn dat er gewerkt moet worden aan veiligheid, is dit duidelijk bevorderlijk voor het succes van het Veilig Verder traject. In de gezinnen waar het sociaal netwerk betrokken is, zijn ouders over het algemeen positief. Meerdere professionals geven aan dat het betrekken van het netwerk meer een voorwaarde voor een Veilig Verder traject zou moeten zijn.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In dit onderzoek wordt met behulp van een quasi-experiment en procesonderzoek nagegaan of de Veilig Verder werkwijze tot minder kindermishandeling, minder geweld, trauma en meer veiligheid voor partners en kinderen leidt dan de reguliere werkwijze in Nederland die volgt op meldingen van huiselijk geweld. Nagegaan wordt welke factoren van invloed zijn op deze uitkomst. We kijken naar het effect van een regionaal uitgerolde en uitgewerkte werkwijze van de Veilig Verder Teams, waarin systemisch en methodisch wordt gehandeld door maatschappelijk werkers en hun ketenpartners. Dit betekent dat we in dit onderzoek nagaan in welke mate de centrale claims van deze werkwijze gerealiseerd worden. Dit is de inzet op veiligheid en eigen kracht van het gezin in de context van een planmatig methodische inzet van professionals, samen met het informele netwerk rondom het gezin.

Het project is uitgevoerd zoals in de (gewijzigde) aanpak is voorgesteld (zie 2e tussenrapportage), waarbij zowel een (quasi-)experimenteel kwantitatief onderzoek onder deelnemers en controlegroep is uitgevoerd in de periode 2018-2020 en waarbij het kwantitatieve deel is aangevuld met een procesonderzoek, de effectencalculator. Deze laatste werkwijze is tussentijds ingezet (zie 2e tussenrapportage) omdat het onmogelijk bleek om in het kwantitatieve onderzoek voldoende gezinnen te includeren voor alleen een kwantitatieve uitwerking.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Het werkveld van welzijn, zorg en hulpverlening (sociaal werk) heeft nog onvoldoende mogelijkheden om effectief om te gaan met geweld in gezinnen. In Nederland is het vooralsnog niet gelukt het aantal mishandelde kinderen per jaar (118.000) terug te dringen. Uit diverse onderzoeken blijkt dat het zeer moeizaam is om te zorgen dat het geweld in gezinnen daadwerkelijk stopt en het aantal hermeldingen is hoog. Dit onderzoekproject heeft als doel om te onderzoeken wat een nieuwe werkwijze kan bijdragen aan het methodisch handelen en de professionaliteit van het sociaal werk als het gaat om geweld en veiligheid in gezinnen.

‘’Veilig Verder’’ is een oplossingsgerichte werkwijze waarin de kracht van ouders gezocht en versterkt wordt, om veilige opvoedsituaties voor hun kinderen te creëren. Dit wordt gedaan bij gezinnen waarin sprake is van kindermishandeling. Deze werkwijze is gebaseerd op een in Australië ontwikkelde werkwijze, Signs of Safety, en wordt intensief in de regio Haaglanden uitgevoerd door Veilig Verder Teams. Deze werkwijze van de Veilig Verder Teams richt zich op een probleemgebied die de psychosociale ontwikkeling van kinderen en jongeren ernstig aantast, te weten geweld in de privésfeer. Deze werkwijze gaat uit van de eigen verantwoordelijkheid en kracht van ouders, hun kinderen en met een actieve bijdrage van het sociale netwerk van deze gewelddadige gezinnen ten einde een veilig opvoedklimaat thuis te realiseren. De VV werkwijze sluit naadloos aan op de transformatiedoelen van het nieuwe jeugdstelsel.

Meer kennis over de mogelijke werkzaamheid van Veilig Verder is nodig met het oog op implementatie en een beter begrip van de werking. In dit onderzoek wordt met behulp van een quasi-experiment en procesonderzoek nagegaan of de Veilig Verder werkwijze tot minder kindermishandeling, minder trauma en meer emotionele veiligheid voor kinderen leidt dan de reguliere werkwijze die volgt op meldingen van huiselijk geweld. Nagegaan wordt welke factoren van invloed zijn op deze uitkomst.

Dit voorstel onderzoekt het effect van een regionaal breed uitgerolde en uitgewerkte werkwijze de Veilig Verder Teams, waarin systematisch methodisch wordt gehandeld door maatschappelijk werkers en hun ketenpartners. Dit betekent dat we in dit project nagaan in welke mate de centrale claims van deze werkwijze gerealiseerd worden. Dit is de inzet op veiligheid en eigen kracht van het gezin in de context van een planmatig methodische inzet van professionals samen met het informele netwerk rondom het gezin. In dit onderzoek wordt deze werkwijze vergeleken met ‘’de reguliere werkwijze’’. Dit is het hulpverleningsaanbod dat volgt op een melding van huiselijk geweld bij een Veilig Thuis organisatie in andere regio’s in Nederland. De onderzoeksvragen zijn:

1 In hoeverre leidt de VV werkwijze in vergelijking tot de reguliere werkwijze tot meer afname van het geweld in het gezin, minder trauma en onveiligheid bij kinderen, meer opvoedingsvaardigheden van de ouders en beter welzijn van zowel de ouders als kinderen?

2 In hoeverre is de risicostatus van de ouders (zoals schulden, armoede, middelengebruik, verstandelijke of psychiatrische problematiek) bij aanvang van invloed op de uitkomsten van de Veilig Verder werkwijze?

3 Wat levert de Veilig Verder werkwijze op voor het methodisch handelen van de sociaal werkers in het veld? Wat zijn de werkzame elementen van de aanpak? Verbetert VV de professionele aanpak van gezinnen waar sprake is van geweld?

 

Deze onderzoeksvragen worden beantwoord met een procesonderzoek, een effectonderzoek en een nadere analyse met het oog op het methodisch handelen van sociaal werkers. In het procesonderzoek worden dossiers en gegevens van een selectie van gezinnen en daaraan gepaarde sociaal werkers geanalyseerd. Het effect onderzoek wordt uitgevoerd met een quasi-experimenteel design. De experimentele conditie bestaat uit gezinnen die aan VV werkwijze deelnemen, de controle conditie bestaat uit gezinnen die de reguliere werkwijze volgen. Voor het effectonderzoek zullen 190 gezinnen (1 ouder en 1 of 2 kinderen per gezin, 284 kinderen totaal) instromen, een halvering van beide aantallen per conditie (95 resp. 142).

De nadere analyse met het oog op het methodisch handelen van sociaal werkers vindt plaats op basis van een integratie van het kwalitatieve proces onderzoek en het kwantitatieve effectonderzoek. De gegevens van deze deelonderzoeken worden besproken in een expertmeeting. Hierin wordt duidelijk wat de bevindingen opleveren voor het methodisch handelen van het sociaal werk in het algemeen, of deze aanpak ingezet kan worden voor andere doelgroepen en wat er verbeterd kan worden in de aanpak van de Veilig Verder Teams.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website