Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Hoewel onderzoek laat zien dat het aantal jongeren dat altijd onbeschermde seks heeft is gedaald in de laatste 10 jaar, blijkt toch dat een behoorlijk aantal jongeren niet altijd consequent veilige seks heeft. Jongeren onder de 14 hebben vaker risicovolle seks. Tevens geven veel jongeren aan ervaring te hebben met seksuele dwang en daarnaast wordt homoseksualiteit veelal afgekeurd. Allochtone jongeren en jongeren met een lage opleiding rapporteren vaker ongewenst seksueel gedrag. Lang leve de liefde 4 is een herziening van lang leve de liefde, een effectief gebleken lespakket gericht op middelbare scholieren. LLL4 richt zich meer dan eerdere edities op zwangerschapspreventie, preventie van seksuele dwang en homonegativiteit, naast relatievorming, soa-preventie en veilig vrijen. Bovendien is het pakket gericht op de onderbouw (klas 2 en 3) van de gehele middelbare school. Het doel van het huidige project is om LLL4 te evalueren. Het evaluatieproject sloot daarmee aan bij 2 lopende projecten: (1) ontwikkeling van LLL4 door SOA Aids Nederland, en (2) implementatie van LLL4, waarbij e-coaching van docenten centraal staat (Universiteit Maastricht). E-coaching moet docenten beter in staat stellen om LLL4 zo goed mogelijk uit te voeren. In het huidige project werden de volgende evaluatiedoelen geformuleerd: (1) verbetert LLL4 determinanten en subgedragingen van seksuele gezondheid (onder andere: anticonceptiegebruik, homoacceptatie, hulp zoeken); (2) leidt betere implementatie (via e-coaching) tot grotere effectiviteit van LLL4. Additioneel wordt gekeken naar verschillen in effect als gevolg van leerlingkenmerken en materiaalgebruik. Om de doelen te kunnen evalueren is gebruik gemaakt van een quasi-experimenteel design, met drie verschillende onderzoeksarmen: (1) LLL4 zonder e-coaching (‘LLL4’), (2) LLL4 met e-coaching (‘Coach’), en (3) reguliere lespakketten (‘Controle’).

LLL4 heeft op de korte termijn in vergelijking met de controlegroep significante positieve effecten op 8 van de 16 primaire uitkomstmaten. Hierbij gaat het om effecten op determinanten van condoomgebruik (attitude, subjectieve norm, eigen effectiviteit, intentie) en determinanten van pilgebruik (attitude en sociale invloed), alsook SOA risicoperceptie, en kennis rondom seksuele gezondheid. Op de lange termijn was het effect op condoom-intentie nog steeds significant. Dit laatste is erg bemoedigend, aangezien lange termijn effecten zelden worden gevonden bij dit soort interventies en aangezien de intentie de beste voorspeller is van gedrag. Tussen de twee experimentele condities (met en zonder e-coaching) waren er weinig significante verschillen. Wat betreft de effecten van LLL4 op gedrag en gedragsdeterminanten geeft dit aan dat het toevoegen van de implementatiestrategie e-coaching aan LLL4 geen duidelijke meerwaarde heeft gehad. Er waren nauwelijks verschillen in interventie-effect naar leerlingkenmerken; de gevonden effecten zijn dus niet beperkt tot bepaalde subgroepen maar gelden voor de experimentele groep als geheel. Voor enkele uitkomstmaten is middels mediatie-analyses aangetoond dat het effect van LLL4 gedeeltelijk of geheel kan worden verklaard doordat in de experimentele groep meer gebruik is gemaakt van enkele werkvormen die belangrijk worden geacht voor effectiviteit (o.a. groepsdiscussie) en doordat in de experimentele groep meer aandacht is besteed aan het onderwerp condoomgebruik.

Beide LLL4 groepen rapporteerden een hoge mate van blootstelling en positieve evaluatie-oordelen op de procesevaluatie. Gezien de soms iets positievere scores van de LLL+ groep (conditie met e-coaching van docenten) in vergelijking met de LLL groep (conditie zonder coaching van docenten), lijkt het toevoegen van e-coaching van docenten te hebben geleid tot een betere blootstelling van leerlingen aan lesonderwerpen op het gebied van relaties en seks en tot iets positievere evaluaties van programma-onderdelen en de sfeer in de klas (in de zin van ‘leuk’ en ‘leuk om te discussiëren’). Gezien de positieve oordelen zijn er niet of nauwelijks punten waarop de kwaliteit dient te worden verbeterd. Met betrekking tot de dvd verdient het aanbeveling om nader te onderzoeken in hoeverre er verbetering nodig en mogelijk is op het punt van herkenbaarheid van situaties en interviews en geloofwaardigheid van acteurs.

Al met al kunnen de effecten van LLL4 positief worden genoemd, zeker als in ogenschouw wordt genomen dat leerlingen in de controlegroep een vergelijkbaar aantal lessen over relaties en seks hebben gehad.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Om zicht te krijgen op de effectiviteit van Lang leve de liefde 4, en het nut van e-coaching zijn scholen at-random toegewezen aan een van de drie condities: Lang leve de liefde 4, lang leve de liefde 4 met e-coaching of controleschool.

METHODE. In het najaar van 2011 zijn allereerst alle GGD-en benaderd. Per GGD regio waren at-random scholen voor de drie condities geselecteerd, waarbij beoogd is alle schoolniveau’s (VMBO, HAVO, VWO) in voldoende mate vertegenwoordigd te hebben. De onderzoeksopzet en vragenlijst zijn ter toetsing aangeboden aan de Ethische Commissie Psychologie, van de Universiteit Maastricht, die hun goedkeuring hebben verleend. De GGD-en werden benaderd omdat zij tevens een rol spelen bij de implementatie van het lespakket. Met GGD-en is afgestemd of zij zelf de wens hadden om scholen te benaderen of dit te doen vanuit TNO/Soa Aids NL. In totaal zijn 150 scholen in het voortgezet onderwijs telefonisch en/of per e-mail benaderd voor deelname. Er zijn drie metingen (voormeting, directe nameting en 6-8 maanden follow-up) uitgevoerd tussen februari 2012 en mei 2013.Van de 150 benaderde scholen, zegden 59 (39%) hun deelname aan het onderzoek toe, met in totaal 5480 leerlingen in klas 2. Van deze leerlingen hebben er 4623 (79%) van 53 scholen de voormeting ingevuld; deze dataset is gebruikt voor de analyses. De eerste nameting in ingevuld door 3762 leerlingen van 44 scholen, de tweede nameting door 2151 leerlingen van 34 scholen.

ANALYSES. In de analyses is uitgegaan van de steekproef van de voormeting (N=4623). Deze groep zat in klas 2 van het voortgezet onderwijs, bestond voor 47.3% uit jongens en 74.3% was van Nederlandse afkomst. Qua opleidingsniveau volgt iets minder dan de helft (47.0%) een VMBO-opleiding, 29.7% een HAVO-opleiding, en 23.3% een VWO-opleiding.

Multiple imputatie is gebruikt om incomplete variabelen aan te vullen. Voor het beantwoorden van onderzoeksvraag 1 is middels multilevel regressie-analyse (leerlingen genest binnen scholen) nagegaan of experimentele (LLL/LLL+) versus controle leerlingen verschillen op veranderscores van de uitkomstmaten voor de korte termijn (voormeting – eerste nameting) en de lange termijn (voormeting – tweede nameting). In de analyses is steeds gecorrigeerd voor en/of uitgesplitst naar geslacht, schoolniveau, etniciteit en ervaring met geslachtsgemeenschap.

EFFECTIVITEIT. LLL4 heeft op de korte termijn in vergelijking met de controlegroep significante positieve effecten op 8 van de 16 primaire uitkomstmaten. Hierbij gaat het om effecten op determinanten van condoomgebruik (attitude, subjectieve norm, eigen effectiviteit, intentie) en determinanten van pilgebruik (attitude en sociale invloed), alsook SOA risicoperceptie, en kennis rondom seksuele gezondheid. Op de lange termijn was het effect op condoom-intentie nog steeds significant. Tussen de twee experimentele condities (met en zonder e-coaching) waren er weinig significante verschillen.

PROCESEVALUATIE. Beide experimentele groepen rapporteerden een hoge mate van blootstelling en positieve evaluatieoordelen.Gezien de soms iets positievere scores van de LLL+ groep (conditie met e-coaching van docenten) in vergelijking met de LLL groep (conditie zonder coaching van docenten), lijkt het toevoegen van e-coaching van docenten te hebben geleid tot een betere blootstelling van leerlingen

aan lesonderwerpen op het gebied van relaties en seks en tot iets positievere evaluaties van programma-onderdelen en de sfeer in de klas (in de zin van ‘leuk’ en ‘leuk om te discussiëren’).

DIFFERENTIELE EFFECTEN.

Tot slot is in de effectanalyses nagegaan of de veranderscores (van voormeting naar resp. eerste en

tweede nameting), los van de conditie, verschilden naar geslacht, etnische achtergrond, schoolniveau en seksuele ervaring. In het algemeen kan worden gesteld dat de gegeven lessen over relaties en seks (in de experimentele en controle condities samengenomen) vaker tot verbetering te leiden bij: meisjes, leerlingen van havo-vwo en leerlingen zonder seksuele ervaring.

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Hoewel onderzoek laat zien dat het aantal jongeren dat altijd onbeschermde seks heeft is gedaald in de laatste 10 jaar, blijkt toch dat een behoorlijk aantal jongeren niet altijd consequent veilige seks heeft. Jongeren onder de 14 hebben vaker risicovolle seks. Tevens geven veel jongeren aan ervaring te hebben met seksuele dwang en daarnaast wordt homoseksualiteit veelal afgekeurd. Allochtone jongeren en jongeren met een lage opleiding rapporteren vaker ongewenst seksueel gedrag.

Lang leve de liefde 4 is een herziening van lang leve de liefde, een effectief gebleken lespakket gericht op middelbare scholieren. LLL4 richt zich meer dan eerdere edities op zwangerschapspreventie, preventie van seksuele dwang en homonegativiteit, naast relatievorming, soa-preventie en veilig vrijen. Bovendien is het pakket gericht op de onderbouw (klas 2 en 3) van de gehele middelbare school.

Het doel van het huidige project is om LLL4 te evalueren. Het evaluatieproject sloot daarmee aan bij 2 lopende projecten: (1) ontwikkeling van LLL4 door SOA Aids Nederland, en (2) implementatie van LLL4, waarbij e-coaching van docenten centraal staat. E-coaching moet docenten beter in staat stellen om LLL4 zo goed mogelijk uit te voeren.

In het huidige project werden de volgende evaluatiedoelen geformuleerd: (1) verbetert LLL4 determinanten en subgedragingen van seksuele gezondheid (onder andere: anticonceptiegebruik, homoacceptatie, hulp zoeken); (2) leidt betere implementatie (via e-coaching) tot grotere effectiviteit van LLL4. Additioneel wordt gekeken naar verschillen in effect als gevolg van leerlingkenmerken en materiaalgebruik.

Om de doelen te kunnen evalueren is gebruik gemaakt van een quasi-experimenteel design, met drie verschillende onderzoeksarmen: (1) LLL4 zonder e-coaching (‘LLL4’), (2) LLL4 met e-coaching (‘Coach’), en (3) reguliere lespakketten (‘Controle’). Binnen dit onderzoek zijn er drie meetmomenten waarop vragenlijsten door leerlingen worden ingevuld, waarvan de eerste twee reeds (deels) zijn uitgevoerd: een voormeting (T0: februari-april 2012), een nameting (T1: mei-juli 2012), en follow-up (T2: gepland voor najaar 2012). Uitkomstmaten zijn gericht op determinanten en subgedragingen van de seksuele start, anti-conceptiegebruik, soa preventieve gedragingen, homo-acceptatie, het omgaan met wensen en grenzen, en hulpzoekgedrag.

Naast evaluatie van LLL4 op leerling-niveau wordt ook gekeken naar evaluatie van het lespakket door deelnemende docenten. Docenten die LLL4 in kader van dit onderzoek aangeboden hebben gekregen wordt gevraagd het lespakket na gebruik te evalueren. Ook docenten in de controle conditie wordt gevraagd naar hun ervaringen op het gebied van seksuele voorlichting binnen het tijdsbestek van dit onderzoek. De jongeren in de experimentele is gevraagd (onderdelen van) het lespakket te beoordelen. Ook jongeren in de controleconditie is gevraagd of zij lessen rondom seksualiteit hebben gekregen; indien zo om welke thema’s het ging en wat zij van de lessen vonden.

Het evaluatieproject draagt bij aan inzicht in het effect van LLL4, en lespakket- en implementatieonderdelen, alsook in mogelijke differentiële verschillen naar leerlingkenmerken, en kan implementatie van het pakket versterken.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In het najaar van 2011 zijn allereerst alle GGD-en benaderd. Per GGD regio waren at-random scholen voor de drie condities geselecteerd, waarbij beoogd is alle schoolniveau’s (VMBO, HAVO, VWO) in voldoende mate vertegenwoordigd te hebben. De onderzoeksopzet en vragenlijst zijn ter toetsing aangeboden aan de Ethische Commissie Psychologie, van de Universiteit Maastricht, en die hun goedkeuring hebben verleend. De GGD-en werden benaderd omdat zij tevens een rol spelen bij de implementatie van het lespakket. Met GGD-en is afgestemd of zij zelf de wens hadden om scholen te benaderen of dit te doen vanuit TNO/SOA AIDS NL. In totaal zijn 150 scholen in het voortgezet onderwijs telefonisch en/of per e-mail benaderd voor deelname. Zoals weergegeven in onderstaande figuur leidde dit in eerste instantie tot een sample van 59 scholen (met een potentieel aantal van 5840 leerlingen). Het aantal klassen/docenten per school varieert. Per school nam minimaal 1 en maximaal 6 docent(en) deel aan het onderzoek, resulterend in deelname van grofweg 100 docenten verspreid over de verschillende condities. Bij de verdeling van scholen zijn voor de LLL scholen 2x zoveel scholen geïncludeerd, om zo de additionele bijdrage van de e-coach te kunnen analyseren. In totaal waren er bij de voormeting 20 LLL4 scholen, 25 Coach scholen en 14 controlescholen; het geschatte aantal leerlingen per conditie was respectievelijk 2227, 2434, 1179. Van de baseline zijn in totaal 4777 vragenlijsten retour ontvangen (82% van het aantal verstuurde vragenlijsten). Redenen van niet participatie van leerlingen betreft: ziekte/uitval/weigeren van deelname. Vooralsnog is hiermee het aantal leerlingen dat deelneemt groter dan de beoogde 3000 leerlingen.

Momenteel bevindt het onderzoek zich in de fase waarin de nameting (T1) wordt uitgevoerd. Veelal wegens tijdgebrek is het aantal deelnemende scholen bij dit meetmoment geslonken naar 54: 18 LLL4 scholen, 21 Coach scholen en 11 Controlescholen (geschat aantal leerlingen dat kan participeren is 5562). Van deze nameting zijn tot dusver 3144 vragenlijsten geretourneerd, maar dit is zoals gezegd niet de eindstand.

Volgens planning zal in het najaar van 2012 de laatste vragenlijst afgenomen worden. Verwacht wordt dat het aantal scholen en leerlingen bij dit laatste meetmoment enigszins zal afnemen door veranderingen in de samenstelling van klassen en/of docenten.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Hoewel onderzoek laat zien dat het aantal jongeren dat altijd onbeschermde seks heeft is gedaald in de laatste 10 jaar, blijkt toch dat een behoorlijk aantal jongeren niet altijd consequent veilige seks heeft. Jongeren onder de 14 hebben vaker risicovolle seks. Tevens geven veel jongeren aan ervaring te hebben met seksuele dwang en daarnaast wordt homoseksualiteit veelal afgekeurd. Allochtone jongeren en jongeren met een lage opleiding rapporteren vaker ongewenst seksueel gedrag.

Lang leve de liefde 4 is een herziening van lang leve de liefde, een effectief gebleken lespakket gericht op middelbare scholieren. LLL4 richt zich meer dan eerdere edities op zwangerschapspreventie, preventie van seksuele dwang en homonegativiteit, naast relatievorming, soa-preventie en veilig vrijen. Bovendien is het pakket gericht op de onderbouw (klas 2 en 3) van de gehele middelbare school.

Het huidige project heeft ten doel LLL4 te evalueren. Het evaluatieproject sluit aan bij 2 lopende projecten: (1) ontwikkeling van LLL4, en (2) implementatie van LLL4, waarbij e-coaching van docenten centraal staat. E-coaching moet docenten beter in staat stellen om LLL4 zo goed mogelijk uit te voeren.

In het huidige project zijn de volgende evaluatiedoelen geformuleerd: (1) verbetert LLL4 determinanten en subgedragingen van seksuele gezondheid, (2) leidt betere implementatie (via e-coaching) tot grotere effectiviteit van LLL4. Additioneel zal worden gekeken naar verschillen in effect als gevolg van leerlingkenmerken en materiaalgebruik (e-learning).

Om de doelen te kunnen evalueren zal gebruik worden gemaakt van een quasi-experimenteel design, met drie verschillende onderzoeksarmen: (1) LLL4+e-coaching, (2) LLL4 (zonder e-coaching), (3) reguliere lespakketten (controle groep). Per onderzoeksarm zullen 25 scholen (circa 1000 leerlingen) geworven worden. Er zullen 3 meetmomenten plaatsvinden: baseline, 3-maanden nameting, en 1 jaar follow-up. Uitkomstmaten zijn gericht op determinanten en subgedragingen van de seksuele start (incl.zelfbeeld), anti-conceptiegebruik, soa preventieve gedragingen, homo-acceptatie, het omgaan met wensen en grenzen, hulpzoekgedrag. Het evaluatieproject draagt bij aan inzicht in het effect van LLL4, en lespakket- en implementatieonderdelen, alsook in mogelijke differentiele verschillen naar leerlingkenmerken, en kan implementatie van het pakket versterken.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website