ZonMw tijdlijn Kindermishandeling https://www.zonmw.nl/ Het laatste nieuws van de tijdlijn van Kindermishandeling nl-nl Sat, 25 Sep 2021 05:09:20 +0200 Sat, 25 Sep 2021 05:09:20 +0200 TYPO3 news-7649 Mon, 30 Aug 2021 09:16:08 +0200 Het houdt nooit op, niet vanzelf: Zaaigoed podcastserie maakt aflevering over huiselijk geweld https://vng.nl/nieuws/zaaigoed-podcast-19-het-houdt-nooit-op-niet-vanzelf Het programma sociaal domein maakte in de Zaaigoed podcastserie een aflevering over huiselijk geweld en kindermishandeling, waarbij ze samenwerkte met het programma Geweld hoort nergens thuis. In deze podcast komen Majone Steketee, wetenschappelijk directeur van het Verwey-Jonker instituut en hoogleraar intergenerationele overdracht van geweld in gezinnen en Machteld Beukema, hoofd van Veilig Thuis Zuid-Limburg aan het woord. news-7599 Mon, 09 Aug 2021 08:44:41 +0200 Live coaching om ouders positieve opvoedvaardigheden bij te brengen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/live-coaching-om-ouders-positieve-opvoedvaardigheden-bij-te-brengen/ Kindermishandeling komt vaak voort uit een gevoel van onmacht bij ouders. Parent-Child Interaction Therapy (PCIT), waarbij ouders live worden gecoacht, biedt handvatten om deze onmacht te verminderen. Uit een onlangs afgerond onderzoek blijkt dat positieve bekrachtiging en modeling effectieve manieren van coachen door de therapeut zijn, die ervoor zorgen dat de opvoedvaardigheden van ouders worden verbeterd. Wat is PCIT?

Parent-Child Interaction Therapy (PCIT) is een internationaal verspreide en bewezen effectieve ouderinterventie. De interventie is gericht op het vergroten van opvoedvaardigheden bij ouders en het verminderen van gedragsproblemen bij jonge kinderen. PCIT heeft als doel het interactiepatroon van de ouder en het kind te veranderen en daarmee te zorgen voor een gedragsverandering bij het kind. Hiermee wordt de kwaliteit van de ouder-kind-relatie verbeterd en de stress bij het opvoeden voor ouders verminderd, waardoor de kans op fysieke mishandeling door ouders afneemt.

Live coaching

Live coaching is een belangrijk onderdeel van PCIT en wordt tevens beschouwd als één van de effectieve elementen binnen ouderinterventies. Het is een krachtig mechanisme voor gedragsverandering, zowel voor ouders als voor kinderen. Bij live coaching coacht de therapeut de ouder door middel van een oortelefoon, terwijl ouder en kind spelen. Ouders hebben hierdoor de mogelijkheid om de nieuwe vaardigheden, die ze tijdens PCIT leren, met hun kind te oefenen, terwijl ze direct feedback van de therapeut krijgen. Therapeuten gebruiken hiervoor verschillende coachingstechnieken die het aanleren van deze nieuwe opvoedvaardigheden bevorderen. Deze stijl kan responsief zijn of juist meer directief.

Positieve bekrachtiging en voordoen effectieve technieken

Therapeuten maken het meest gebruik van positieve bekrachtigingen, door gerichte en algemene complimenten in te zetten. Tevens wordt het voordoen van positieve opvoedvaardigheden (modeling) ook vaak gebruikt door therapeuten. Het gaat dan voornamelijk om het voordoen van gedragsbenoemingen en nazeggingen. Uit het onderzoek bleek dat beide coachingstechnieken effectief zijn in vergroten opvoedvaardigheden bij ouders. Therapeuten wordt geadviseerd om vooral deze technieken te gebruiken tijdens PCIT.

Geen verband tussen coachingsstijl en voorkomen kindermishandeling

In het onderzoek is geen verband gevonden tussen de coachingsstijl van de therapeut (responsief, directief of neutraal) en het voorkomen van kindermishandeling of verminderen van gedragsproblemen bij het kind. Dit zou te wijten kunnen zijn aan de kleine steekproef.

Meer informatie

]]>
news-7502 Tue, 13 Jul 2021 13:03:35 +0200 Steunfiguur als laagdrempelig en vanzelfsprekend aanbod in het jeugddomein: voorlopig een toekomstscenario https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/steunfiguur-als-laagdrempelig-en-vanzelfsprekend-aanbod-in-het-jeugddomein-voorlopig-een-toekomstsc/ Hoe kan er beter naar kinderen geluisterd worden wanneer er (mogelijk) sprake is van kindermishandeling? Een onafhankelijke steunfiguur kan kinderen en jongeren helpen om gehoord en serieus genomen te worden genomen bij beslissingen die hen aangaan, bleek in het Verenigd Koninkrijk. Nederlands onderzoek moest uitwijzen of dit ook werkt in Nederland. Het includeren van deelnemers voor onderzoek bleek echter lastig. Voorafgaand aan het onderzoek was er veel enthousiasme over de methode. De onafhankelijke steunfiguren lijken er namelijk voor te zorgen dat  gehoor kan worden gegeven aan het VN-Kinderrechtenverdrag. Hierin staat dat kinderen en jongeren geïnformeerd moeten worden, serieus genomen moeten worden en dat er naar hen geluisterd moet worden wanneer er beslissingen worden genomen die over hen gaan.  

Vooronderzoek

De studie startte met een literatuurstudie, gesprekken met jongeren, ouders, hulpverleners, een aantal ‘advocacy services’ in het Verenigd Koninkrijk en met Nederlandse organisaties die al aspecten van ‘advocacy’ toepassen.

Een onafhankelijke steunfiguur kan iemand zijn uit het eigen netwerk van de jongere, een professional of een ervaringsdeskundige. Tijdens de gesprekken in het vooronderzoek gaven ervaringsdeskundige jongeren aan dat zij veel gehad zouden hebben aan een steunfiguur. Ze vinden het belangrijk dat een steunfiguur er exclusief voor hem of haar is, onafhankelijk van ouders en organisaties, op een manier die past bij hun wensen. Daarom geven jongeren aan bij voorkeur een professional als ervaringsdeskundige te willen als steunfiguur, omdat deze verder af staat van de thuissituatie dan iemand uit het eigen netwerk. Daarnaast vinden zij het belangrijk dat een steunfiguur continuïteit kan bieden, maar de hulpverlening niet vervangt.

Handreiking voor steunfiguren

Samen met een ontwikkelgroep van professionals, ouders en jongeren is vervolgens een concept-handreiking gemaakt over het werken met een onafhankelijke steunfiguur voor jeugdigen die (mogelijk) met kindermishandeling te maken hebben.

Tegenvallende werving

Het plan was om een pilot uit te zetten waarin werd nagegaan of dit aanbod zinvol is, wat de ervaringen met een onafhankelijke steunfiguur zijn en hoe de handreiking diende te worden aangescherpt. Toch bleek het na het positieve vooronderzoek lastig om deelnemers te includeren, vanwege verschillende redenen. Zo bleek de periode rond een melding bij Veilig Thuis niet het geschikte moment, was het aanbod van een steunfiguur nog onbekend, gaven (één of beide) ouders geen toestemming en was er veel wantrouwen bij ouders voor een nieuw gezicht.

Steunfiguur wel onderschreven

Door een evaluatie van de tegenvallende werving, de gesprekken die wel gevoerd zijn en het literatuuronderzoek, kan wel het belang van en de behoefte aan een onafhankelijke steunfiguur wel onderschreven worden.

‘Advocacy’ zou volgens ouders en jongeren een standaard, laagdrempelig en vanzelfsprekend moeten zijn. Hiervoor zou de steunfiguur een geaccepteerde rol in het jeugddomein moeten worden. Jeugdigen moeten daarnaast (tijdig) weten dat zij gebruik kunnen maken van een steunfiguur. Vertrouwen in en bekendheid met een steunfiguur, en de daarvoor benodigde infrastructuur opbouwen lijken nodig alvorens jongeren en ouders voor (vervolg)onderzoek te werven.

Meer informatie

]]>
news-7445 Tue, 29 Jun 2021 13:57:32 +0200 Rapportages programma Geweld hoort nergens thuis https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2021/06/18/kamerbrief-over-voortgangsrapportage-programma-geweld-hoort-nergens-thuis De 6e voortgangsrapportage over het programma Geweld hoort nergens thuis (GHNT) en de Eindrapportage Adviescommissie onderzoeks- en kennisprogramma GHNT zijn in juni 2021 aangeboden aan de Tweede Kamer. Deze rapportages gaan in op activiteiten die binnen het programma GHNT zijn opgepakt, op het ZonMw-onderzoeksprogramma GHNT, de impactmonitor die het CBS en op het belang van het bundelen en benutten van kennis door professionals. news-7372 Thu, 10 Jun 2021 16:44:39 +0200 Overzichtsstudie JeugdzorgPlus steunt verandering https://www.nji.nl/nl/Actueel/Nieuws-van-het-NJi/Overzichtsstudie-JeugdzorgPlus-steunt-verandering 10 jaar onderzoek naar JeugdzorgPlus heeft veel concrete aanbevelingen opgeleverd voor het verbeteren van de hulp aan jongeren met complexe en meervoudige problemen. En omvat aanbevelingen die niet alleen over de JeugdzorgPlus, maar ook over de gehele zorgketen voor jongeren met meervoudige en complexe problemen gaan. De resultaten zijn daarmee ook relevant voor andere jeugdzorgaanbieders en gemeenten. Het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) heeft in opdracht van ZonMw in deze publicatie een overzicht gemaakt van alle onderzoeksresultaten. news-7358 Tue, 08 Jun 2021 16:22:47 +0200 Nieuwe dadermonitor Seksueel geweld tegen kinderen https://www.nationaalrapporteur.nl/actueel/nieuws/2021/06/08/er-verandert-te-weinig-in-de-aanpak-van-seksueel-geweld-tegen-kinderen Vandaag bracht de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen kinderen de Dadermonitor seksueel geweld tegen kinderen uit. We zien daarin linken met het onderzoek naar mensenhandel methodiek loverboys. Maar ook het belang van voorlichting om te leren praten over wat normaal is, over gewenste omgangsvormen en grenzen en het gebrek hieraan herkennen we vanuit het onderzoek naar kindermishandeling. news-7209 Wed, 28 Apr 2021 11:36:46 +0200 Nationaal Signaleringsinstrument Kindermishandeling voor Nederlandse ziekenhuizen https://leck.nu/nsk/ Nederlandse ziekenhuizen kunnen vanaf 2022 gebruikmaken van één Nationaal Signaleringsinstrument Kindermishandeling (NSK). In de ziekenhuizen wordt nu nog met verschillende signaleringsinstrumenten gewerkt, die vaak omslachtig in gebruik zijn en daardoor niet optimaal werken. Het NSK moet de veiligheid van kinderen verhogen en de handelingsverlegenheid van zorgprofessionals verminderen. news-7207 Wed, 28 Apr 2021 08:42:39 +0200 Nieuwe subsidieoproep voor leernetwerk participatief jeugdonderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-subsidieoproep-voor-leernetwerk-participatief-jeugdonderzoek/ Jongerenparticipatie wordt steeds belangrijker in onderzoek. De subsidieoproep Leernetwerk Participatief jeugdonderzoek geeft een impuls aan het gezamenlijk leren over en reflecteren hierop. De opgedane kennis en creatieve voorbeelden worden breed gedeeld. Subsidieaanvragen kunnen door onderzoeksorganisaties worden ingediend tot dinsdag 31 augustus 2021, 14.00 uur. Leernetwerk

Het doel van deze subsidieoproep is een stimulans te geven aan het gezamenlijk reflecteren en leren in participatief jeugdonderzoek. En dit te realiseren door een duurzaam leernetwerk participatief jeugdonderzoek en coaching on the job trajecten te faciliteren.

In een leernetwerk wisselen deelnemers met expertise en vanuit een gezamenlijke interesse in participatief jeugdonderzoek doelbewust kennis en ervaringen uit. Samen ontwikkelen en verspreiden ze nieuwe inzichten, oplossingen en werkwijzen. Jongeren zijn structureel bij het leernetwerk betrokken.

Aanvragen subsidie

Er kan subsidie worden aangevraagd voor het opzetten, uitbouwen en verstevigen van een duurzaam leernetwerk participatief jeugdonderzoek, waarvan 6 ‘coaching on the job’ trajecten onderdeel zijn. Experts op het gebied van participatief jeugdonderzoek worden hierin coach voor onderzoekers die recent gestart zijn of op het punt staan om participatief jeugdonderzoek uit te voeren in de jeugdsector.

Budget

Er kan maximaal € 250.000,- voor één leernetwerk worden aangevraagd met een looptijd van maximaal 3 jaar. In totaal is voor deze programmalijn € 250.000,- beschikbaar.  

Hierbij geldt de verplichting dat aanvragers ook zelf investeren in het project. Aanvragers kunnen maximaal 75% van de totaalbegroting aanvragen bij ZonMw en dienen ten minste 25% van de totaalbegroting zelf te investeren (in kind of in cash).

Meer weten?

]]>
news-7128 Fri, 09 Apr 2021 08:44:10 +0200 Derde cohortstudie huiselijk geweld: wat werkt om het geweld te stoppen? https://www.verwey-jonker.nl/artikel/derde-cohortstudie-huiselijk-geweld-wat-werkt-om-het-geweld-te-stoppen/ Het Verwey-Jonker Instituut gaat in opdracht van ZonMw een derde cohortstudie uitvoeren naar de resultaten van de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling. Uit de tweede cohortstudie bleek al dat we op de goede weg zijn als het gaat om de aanpak. Er wordt zowel landelijk als regionaal hard gewerkt aan het verbeteren van de aanpak. In deze derde cohortstudie wordt daarom opnieuw onderzocht wat werkt om het geweld te stoppen. news-7083 Mon, 29 Mar 2021 09:54:25 +0200 Veilig Verder aanpak onderzocht https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/veilig-verder-aanpak-onderzocht/ Het inzetten van de Veilig Verder-aanpak zorgt voor allerlei verbeteringen in gezinnen waarbij sprake is van huiselijk geweld. Een van de grootste verbetering is dat de gezinnen door Veilig Verder een betere kwaliteit van leven ervaren ten opzichte van de gebruikelijke werkwijze die in Nederland wordt ingezet na meldingen van huiselijk geweld. Dit blijkt uit onderzoek dat naar deze aanpak is gedaan in de regio Haaglanden. In dit onderzoek is nagegaan of de Veilig Verder-aanpak leidt tot minder kindermishandeling, geweld en trauma, en meer veiligheid voor partners en kinderen dan de reguliere werkwijze in Nederland. Uit het onderzoek kwamen positieve resultaten van de Veilig Verder-aanpak naar voren.

Geweld neemt af en opvoedstress vermindert

Bij gezinnen waar bij de start van de Veilig Verder-aanpak sprake was van zeer veel geweld, nam dit in de loop van het traject heel duidelijk af. Ook werd de opvoedingsstress en klinische trauma’s bij ouders minder. De resultaten van gezinnen waarbij de Veilig Verder-aanpak is ingezet, zijn vergelijken met een groep waarbij de gebruikelijke werkwijze is ingezet. Er blijkt nauwelijks verschil te zijn. Ook in die groep vonden de meeste verbeteringen op dezelfde manier plaats en is erg geen duidelijk onderscheid met de Veilig Verder-groep. Wel was er sprake van meer verbetering bij een aantal gezinnen met een laag inkomen. Hier daalde het percentage werkloosheid en steeg de kwaliteit van leven van de gezinnen.

Oplossingsgerichte werkwijze

De Veilig Verder-aanpak is een oplossingsgerichte werkwijze, die is gebaseerd op een in Australië ontwikkelde werkwijze (Signs of Safety). De aanpak wordt in de regio Haaglanden uitgevoerd door Veilig Verder-teams. Het doel van de Veilig Verder-aanpak is om de verschillende soorten hulp die nodig zijn voor verschillende gezinsleden op elkaar af te stemmen. De werkwijze richt zich op het realiseren van een veilig opvoedklimaat binnen deze gezinnen. De aanpak gaat uit van de eigen verantwoordelijkheid en kracht van ouders en hun kinderen, waarbij het sociale netwerk van het gezin een actieve bijdrage heeft.

Op vrijwillige basis

De Veilig Verder-teams werken op basis van vrijwillige inzet van de gezinnen. Toch ervaren ouders en professionals de hulp niet altijd als volledig vrijwillig. De houding van de professional kan er wel voor zorgen dat de hulp niet als dwingende hulp wordt ervaren. Dit is ook belangrijk bij het winnen van het vertrouwen van de ouders. Veilig Verder biedt een kans om binnen het vrijwillige kader, met oog voor wensen en behoeften van de gezinsleden, te werken aan veiligheid en het voorkomen van gedwongen hulp. Wanneer ouders er zelf van overtuigd zijn dat er gewerkt moet worden aan veiligheid, is dit duidelijk bevorderlijk voor het succes van het Veilig Verder-traject.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  
Dit project is tot stand gekomen met financiering vanuit dit programma.

Meer informatie

]]>
news-7048 Tue, 16 Mar 2021 08:30:19 +0100 Multidisciplinaire aanpak lijkt effectief bij aanpak van kindermishandeling https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/multidisciplinaire-aanpak-lijkt-effectief-bij-aanpak-van-kindermishandeling/ De inzet van de multidisciplinaire aanpak Resolutions Approach lijkt effectief te zijn bij gezinnen waar vermoedens van kindermishandeling bestaan. Hiervoor zijn in een onderzoek van Centrum ’45 en Universiteit van Amsterdam, in samenwerking met GGZ Rivierduinen, De Waag, Altra, en Kenter, aanwijzingen gevonden. De Resolutions Approach is een oplossingsgerichte aanpak van kindermishandeling (ontwikkeld door Susie Essex) waarbij gezinnen, hun sociale netwerk en hulpverleners samenwerken zodat kinderen veilig kunnen opgroeien. De kern van de aanpak is het inzetten van een beeldverhaal en het sociale netwerk. Hiermee wordt de geheimhouding over het huiselijk geweld doorbroken.

De aanpak is met name geschikt in situaties waarbij sprake is van ontkenning van kindermishandeling. De ouders hoeven geen schuld te ‘bekennen’, maar de aanpak focust zich op het nu en toekomstig veiligstellen van het kind.

Gunstige uitkomst behandelmethode

De eerste resultaten wijzen dus op een gunstige uitkomst van de behandelmethode. Voornamelijk frequente, per gezin geïndividualiseerde metingen, en informatie uit kwalitatieve interviews laten dit beeld zien. De follow-up metingen worden nog gedaan en zullen meegenomen worden in het vervolgonderzoek.

Meer openheid en weinig sociaal-emotionele problemen

Dit onderzoek heeft een paar belangrijke inzichten opgeleverd. Ten eerste laten kwalitatieve interviews zien dat er in de gezinnen meer open wordt gesproken over kindermishandeling en onveiligheid. Daarnaast worden er – na inzet van de methode - over het algemeen weinig sociaal-emotionele problemen bij kinderen gerapporteerd. Verder lijken in alle gezinnen de stappen van Resolutions Approach protocol, behalve het rollenspel-onderdeel, goed geïmplementeerd te zijn.

Het onderzoek

In het onderzoek is de effectiviteit van de Resolutions Approach-methode onderzocht bij gezinnen met kinderen tussen 8 en 18 jaar oud. Hiervoor is een N=1-onderzoek gedaan, met geïndividualiseerde metingen en kwalitatieve interviews. Voor, regelmatig tijdens, en na de behandeling is bij ouders en kinderen informatie verzameld over de veiligheid in het gezin, posttraumatische stressklachten, emotionele en gedragsproblemen bij het kind, opvoedingsstress bij de ouders en de band tussen ouders en kind. Na de behandeling is bij gezinsleden informatie verzameld middels een kwalitatief interview. Kinderen hebben ten opzichte van de ouders minder deelgenomen aan het onderzoek en interventie. Dit is deels te verklaren doordat kinderen hiervoor ouderlijke toestemming nodig hebben.

Meer weten?

]]>
news-6939 Thu, 18 Feb 2021 17:13:05 +0100 Gesprekshandreiking helpt de aanpak van kindermishandeling te verbeteren https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gesprekshandreiking-helpt-de-aanpak-van-kindermishandeling-te-verbeteren/ Onlangs was de presentatie van het Verwey-Jonker onderzoek ‘Kwestie van lange adem. Kan huiselijk geweld en kindermishandeling echt stoppen?’. Maar wat kun je hier nu concreet mee? Daarbij helpt de nieuwe gesprekshandreiking van Augeo Foundation. Door het uitgebreide onderzoek zijn we veel meer te weten gekomen over het geweld en de problemen bij de gezinnen die gemeld zijn bij Veilig Thuis en de hulp die zij kregen. We zien dat het anderhalf jaar na de melding beter met hen gaat. Maar we zijn er nog niet!

Online gesprekshandreiking

Er is ook geen eenvoudige oplossing om passende hulp aan al deze gezinnen te bieden. De online gesprekshandreiking helpt je verdere stappen te nemen. Het is bedoeld voor professionals, bestuurders en beleidsmakers die werken in het veld van kindermishandeling en partnergeweld. Met de praktische handreiking kun je op een constructieve wijze met elkaar verder spreken over de onderzoeksresultaten. Met als doel aanknopingspunten te vinden voor verbetering van de aanpak van kindermishandeling en partnergeweld. Vervolgens kun je die heel concreet uitwerken in beleid en vervolgstappen.

Hoe ziet die handreiking eruit?

Deze gesprekshandreiking focust op 5 belangrijke thema’s die uit het onderzoek naar voren komen. Elk thema start met een mini-college met de belangrijkste conclusies uit het onderzoek. Daarna volgt een ‘gespreksstarter’: professionals vertellen wat zij in hun werkpraktijk rondom dit thema ervaren. Vervolgens zijn er themavragen en discussiepunten, met telkens een korte toelichting en aanvullende informatie. Het geheel is zo opgebouwd dat je met elkaar hele concrete doelen en vervolgstappen vastlegt die helpen om de aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld te verbeteren. Klik hier om de gesprekshandreiking te ontvangen.

Vervolgonderzoek van start

De gesprekshandreiking is gebaseerd op resultaten uit het 2e cohortonderzoek, dat is uitgevoerd in 13 van de 26 Veilig Thuis regio’s. Recent is er een vervolgonderzoek gestart, waarin de 13 regio’s die niet aan het vorige cohort onderzoek hebben meegedaan worden uitgenodigd om mee te doen. Zo krijgen ook deze regio’s de kans om informatie over wat werkt in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling in hun regio te krijgen. In het onderzoek worden vragenlijsten afgenomen over geweld, welzijn en hulp bij volwassenen en kinderen, slachtoffers en plegers. Dit wordt kort na de melding en een jaar later gedaan. Zo kan in kaart worden gebracht in hoeverre geweld is gestopt en het welzijn is verbeterd en welke hulp daaraan kan bijdragen.

Meer weten?

 

]]>
news-6909 Wed, 10 Feb 2021 11:29:45 +0100 Nieuwe campagne VWS wil stress rond zwangerschap verminderen - Kansrijke Start https://www.kansrijkestartnl.nl/campagne-mamaliefde-en-papaliefde-is/documenten/publicaties/2021/02/09/persbericht-nieuwe-campagne-vws-wil-stress-rond-zwangerschap-verminderen---kansrijke-start Met de nieuwe campagne ‘Mamaliefde is…’ wil staatssecretaris Paul Blokhuis (VWS) helpen om stress onder aanstaande moeders tijdens en na hun zwangerschap te verminderen. news-6760 Thu, 07 Jan 2021 13:13:54 +0100 Nieuwe projecten over verbeteren professionele norm huiselijk geweld en kindermishandeling https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-projecten-over-verbeteren-professionele-norm-huiselijk-geweld-en-kindermishandeling/ Eind december zijn 4 nieuwe onderzoeksprojecten van het programma ‘Geweld hoort nergens thuis’ van start gegaan. De projecten richten zich op het verbeteren van de professionele norm en leveren kennis op om professionals in hun werk te ondersteunen. De projecten zijn divers in thema’s en problematieken die worden aangepakt. Zo richt een van de projecten zich op conflicten tussen ouders bij echtscheiding en het effect dat dat heeft op het welzijn van het kind. 2 andere projecten richten zich op het herkennen of bespreekbaar maken van schadelijke traditionele praktijken als eergerelateerd geweld en vrouwelijke genitale verminking. Het laatste project richt zich op ervaringsdeskundigheid van professionals op het gebied van huiselijk geweld. Hoe kan een eigen traumatische ervaring benut worden om een ander te helpen? En wat zijn de mogelijke effecten?

De onderzoeken zullen medio 2022 hun resultaten opleveren.

Meer informatie over de projecten

Via de volgende links leest u meer over de projecten die van start zijn gegaan:

Actieprogramma Geweld hoort nergens thuis

Het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis maakt deel uit van het Actieprogramma Geweld hoort nergens thuis van de Rijksoverheid. De opgave van dit programma is om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen, de schade ervan te beperken en zo de vicieuze cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie, te doorbreken. Het onderzoeksprogramma levert een bijdrage aan de ondersteuning van de praktijk en biedt handvatten om de aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld te verbeteren, te borgen en te verduurzamen.

Meer informatie

 

]]>
news-6629 Thu, 10 Dec 2020 12:57:00 +0100 Waardevolle kennisproducten voor de jeugdsector https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/waardevolle-kennisproducten-voor-de-jeugdsector/ Bent u werkzaam in of vóór de jeugdsector als praktijkprofessional, beleidsmaker of opleider én op zoek naar een innovatieve oplossing die de jeugdhulp in uw regio kan helpen verbeteren? De werkplaatsen jeugd hebben een schat aan kennis opgedaan en bruikbare producten ontwikkeld. Deze kennisproducten kunt u nu toepassen in uw eigen organisatie met behulp van een kennisvoucher. Vanaf 10 december stelt ZonMw maximaal 10.000 euro per voucher beschikbaar. Als gemeente, jeugdorganisatie en opleidingsinstelling kunt u deze laagdrempelige kennisvoucher bij ZonMw aanvragen. Met de voucher kunt u een kennisproduct dat is ontwikkeld door de academische werkplaatsen transformatie jeugd, met ondersteuning van deze werkplaats, inzetten binnen de context van uw eigen werkpraktijk.

Om welke kennis en producten gaat het?

In de kennisetalage vindt u de 15 beschikbare producten waarvoor een kennisvoucher kan worden aangevraagd. Deze producten richten zich op thema’s als eigen regie, eenzaamheid, armoede, diversiteitsgevoelig werken en kwetsbare jongeren. Ook de vorm is divers: het aanbod bestaat uit onder andere methodieken, workshops, scholingstrajecten en tools. Deze producten worden toegelicht met een korte tekst en met een vlog van de werkplaats. Hierin vertellen zowel ontwikkelaars als gebruikers over hun ervaringen met het kennisproduct.

Werkwijze

Ziet u in de kennisetalage een product dat kan voorzien in een vraag of behoefte die leeft binnen uw organisatie? Neem dan contact op met de contactpersoon van de betreffende werkplaats en stel gezamenlijk een aanvraag op. In de subsidieoproep  leest u de randvoorwaarden en andere noodzakelijke informatie over het aanvraagproces.

Voorwaarden

De maximale looptijd van een vouchertraject is 12 maanden. Een organisatie kan maximaal 10.000 euro aanvragen per voucher. In de periode van 10 december 2020 tot en met uiterlijk 9 december 2021 is een totaalbedrag van 300.000 euro beschikbaar. Als dit budget is uitgeput voordat de uiterlijke sluitingsdatum is bereikt, zal de oproep vroegtijdig dichtgaan. Hierbij geldt het principe: ‘wie het eerst komt, het eerst maalt'. Wees er dus snel bij!

Meer informatie

Heeft u vragen over het proces? Neem dan contact op met Iris den Hartog of Merlijne Jaspers via awtjeugd@zonmw.nl. Heeft u inhoudelijke vragen over (één van) de producten? Neem dan contact op met de contactpersoon van de betreffende voucher.

]]>
news-6521 Tue, 17 Nov 2020 15:09:26 +0100 Praten over de moeilijke kanten van het ouderschap https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/praten-over-de-moeilijke-kanten-van-het-ouderschap/ Opvoeden is een proces van vallen en opstaan. Toch ervaren ouders soms een drempel om te praten over de moeilijke kanten van het ouderschap. Het regionale leernetwerk Veilig Opgroeien VONK zet zich in om het taboe rondom de complexiteit van opvoeden te doorbreken. Dit doet zij bijvoorbeeld met een podcast, filmserie en workshop, waarin ouders en professionals hun verhalen delen. De tweede film van het leernetwerk ging afgelopen week in première. De schaduwkanten van het ouderschap

In het kader van de Week tegen Kindermishandeling lanceerde VONK de film ‘Leren van ouders’: het tweede deel van de filmserie ‘De schaduwkanten van het ouderschap’. In de film kijken ouders terug op onveilige situaties in hun eigen jeugd en de momenten die een verschil hadden kunnen maken. Bijvoorbeeld: ‘Toen had die professional of die buurvrouw moeten begrijpen wat er aan de hand was. Als me die vraag was gesteld had ik de ruimte gehad om te vertellen wat er speelde.’

 

Podcast

Naast de filmserie heeft het leernetwerk de VONK-podcast in het leven geroepen. In elke aflevering staat het verhaal van een ervaringsdeskundige centraal. Zo horen we de ervaring van een moeder die te maken kreeg met Veilig Thuis toen haar man in een psychose raakte. Een andere aflevering richt zich op de beweegredenen van een jonge vrouw om de stichting No Need to Hide op te richten. Deze stichting leidt buddy’s op om mensen te ondersteunen die aangifte doen van seksueel misbruik. In de derde aflevering komt een professional aan het woord die vanuit de ouderschapstheorie van Alice van der Pas werkt. Zij stelt hierbij de vraag: hoe luister je als (toekomstige) jeugdprofessional écht naar ouders?  

Workshop

Wil jij als jeugdprofessional graag meer leren over veilig opgroeien vanuit het perspectief van ouders? VONK heeft een workshop ontwikkeld die professionals handvatten biedt om in gesprek te gaan over de schaduwkanten van het ouderschap. De workshop is erop gericht om je als professional minder machteloos en handelingsverlegen te voelen wanneer je je zorgen maakt om een gezin. Binnenkort kunnen organisaties de training aanvragen via de kennisvouchers van ZonMw.

C4Youth

VONK maakt onderdeel uit van de kenniswerkplaats C4Youth. Dit Groningse samenwerkingsverband richt zich op een lerende omgeving in de jeugdhulp voor alle hulpverleners, onderzoekers, beleidsmakers en opleiders. Verhalen van ouders en jongeren spelen hierin een belangrijke rol. Wil je meer weten over deze werkplaats en het leernetwerk VONK? Bekijk de website!

Meer weten?

 

 

]]>
news-6523 Tue, 17 Nov 2020 15:09:26 +0100 Praten over de moeilijke kanten van het ouderschap https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/praten-over-de-moeilijke-kanten-van-het-ouderschap-1/ Opvoeden is een proces van vallen en opstaan. Toch ervaren ouders soms een drempel om te praten over de moeilijke kanten van het ouderschap. Het regionale leernetwerk Veilig Opgroeien VONK zet zich in om het taboe rondom de complexiteit van opvoeden te doorbreken. Dit doet zij bijvoorbeeld met een podcast, filmserie en workshop, waarin ouders en professionals hun verhalen delen. De tweede film van het leernetwerk ging afgelopen week in première. De schaduwkanten van het ouderschap

In het kader van de Week tegen Kindermishandeling lanceerde VONK de film ‘Leren van ouders’: het tweede deel van de filmserie ‘De schaduwkanten van het ouderschap’. In de film kijken ouders terug op onveilige situaties in hun eigen jeugd en de momenten die een verschil hadden kunnen maken. Bijvoorbeeld: ‘Toen had die professional of die buurvrouw moeten begrijpen wat er aan de hand was. Als me die vraag was gesteld had ik de ruimte gehad om te vertellen wat er speelde.’

 

Podcast

Naast de filmserie heeft het leernetwerk de VONK-podcast in het leven geroepen. In elke aflevering staat het verhaal van een ervaringsdeskundige centraal. Zo horen we de ervaring van een moeder die te maken kreeg met Veilig Thuis toen haar man in een psychose raakte. Een andere aflevering richt zich op de beweegredenen van een jonge vrouw om de stichting No Need to Hide op te richten. Deze stichting leidt buddy’s op om mensen te ondersteunen die aangifte doen van seksueel misbruik. In de derde aflevering komt een professional aan het woord die vanuit de ouderschapstheorie van Alice van der Pas werkt. Zij stelt hierbij de vraag: hoe luister je als (toekomstige) jeugdprofessional écht naar ouders?  

Workshop

Wil jij als jeugdprofessional graag meer leren over veilig opgroeien vanuit het perspectief van ouders? VONK heeft een workshop ontwikkeld die professionals handvatten biedt om in gesprek te gaan over de schaduwkanten van het ouderschap. De workshop is erop gericht om je als professional minder machteloos en handelingsverlegen te voelen wanneer je je zorgen maakt om een gezin. Binnenkort kunnen organisaties de training aanvragen via de kennisvouchers van ZonMw.

C4Youth

VONK maakt onderdeel uit van de kenniswerkplaats C4Youth. Dit Groningse samenwerkingsverband richt zich op een lerende omgeving in de jeugdhulp voor alle hulpverleners, onderzoekers, beleidsmakers en opleiders. Verhalen van ouders en jongeren spelen hierin een belangrijke rol. Wil je meer weten over deze werkplaats en het leernetwerk VONK? Bekijk de website!

Meer weten?

 

 

]]>
news-6431 Mon, 02 Nov 2020 12:00:10 +0100 Nieuwe podcast rondom onveilig opgroeien van leernetwerk VONK https://vonkpodcasts.podbean.com/ Vanuit leernetwerk Veilig Opgroeien VONK maakten Suzanne Nalugendo Kuik en Mirjam Wijnja podcasts rondom de film 'De schaduwkanten van ouderschap' en onveilig opgroeien. De podcasts zijn bedoeld voor (aankomende) professionals in het jeugddomein. De eerste 2 afleveringen staan nu online. news-6339 Mon, 12 Oct 2020 12:16:24 +0200 Subsidieoproep vervolgonderzoek outcome aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling in 13 nieuwe regio’s https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieoproep-vervolgonderzoek-outcome-aanpak-huiselijk-geweld-en-kindermishandeling-in-13-nieuwe-r/ Wat zijn de resultaten van de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling en de hulpverleningstrajecten bij die gezinnen die bij Veilig Thuis zijn gemeld? Vanaf vandaag kunnen er subsidieaanvragen ingediend worden om een meting uit te voeren. Deze meting moet inzicht geven in langetermijngevolgen van kindermishandeling en huiselijk geweld. Deadline voor het indienen is 16 november a.s. 14.00 uur. Het onderzoek wordt uitgevoerd bij de 13 Veilig Thuis-regio’s waar het onderzoek nu nog niet plaatsvindt. Alle meldingen (en daarin gemelde vormen van geweld) bij deze Veilig Thuis-regio’s worden onderzocht.

Resultaten hulpverleningstrajecten

Uit het onderzoek wordt duidelijk wat er met de gezinnen gebeurt in de periode tot een jaar na melding bij Veilig Thuis. En of er verschillen gemeten kunnen worden tussen Veilig Thuis-regio’s onderling. De dataverzameling voor het onderzoek betreft ten minste 2 momenten: het eerste vlak na melding bij Veilig Thuis (T0), het tweede een jaar na melding (T1).

Indienen van onderzoeksvoorstellen

Wil u indienen? Lees dan de subsidieoproep voor meer details over het indienen van een aanvraag binnen deze ronde en de randvoorwaarden waar een aanvraag aan moet voldoen.

Meer weten?

]]>
news-6221 Wed, 23 Sep 2020 13:25:49 +0200 Onveiligheid van kinderen goed in te schatten met de nieuwe versie ARIJ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onveiligheid-van-kinderen-goed-in-te-schatten-met-de-nieuwe-versie-arij/ In een onlangs afgerond onderzoek zijn de betrouwbaarheid en validiteit van het Actuarieel Risicotaxatie Instrument voor Jeugdbescherming (ARIJ) onderzocht bij verschillende jeugdzorginstanties. De resultaten van het onderzoek zijn veelbelovend en rechtvaardigen het gebruik van het instrument in de praktijk. Op basis van de resultaten van verschillende deelstudies is het ARIJ verbeterd en is een nieuwe versie van het instrument ontwikkeld. Met deze versie kan de huidige en toekomstige onveiligheid van kinderen goed worden ingeschat. Daarmee kunnen gezinnen beter worden toegeleid naar passende hulpverlening. Zo zijn kinderen naar verwachting eerder veilig en neemt het risico op onveiligheid in de opvoedingssituatie af.

Inschatting onveilige opvoedingssituatie

Het goed inschatten van (een verhoogd risico op) een onveilige opvoedingssituatie is van groot belang om kinderen te kunnen beschermen. Voor de jeugdzorg is het daarom belangrijk dat er een instrument beschikbaar is waarmee op valide en betrouwbare wijze de directe en toekomstige onveiligheid van kinderen kan worden ingeschat. Om die reden is het ARIJ ontwikkeld door de Universiteit van Amsterdam en Jeugdbescherming Regio Amsterdam.

Aanknopingspunten voor interventies

Het ARIJ bestaat uit een veiligheidstaxatie, een risicotaxatie en een dynamisch risicoprofiel waarmee vooruitgang kan worden gemonitord en aanknopingspunten worden verkregen voor interventies. De ARIJ-Veiligheidstaxatie en de ARIJ-Risicotaxatie zijn nu op validiteit en betrouwbaarheid onderzocht. Nieuwe en verbeterde versies van beide instrumenten zijn gerealiseerd.

In de praktijk is veel vraag naar het ARIJ en deze wordt inmiddels in heel Nederland veelvuldig gebruikt.

Aanbeveling

Jeugdzorgorganisaties wordt aangeraden om de nieuwe versies van de ARIJ-Veiligheidstaxatie en ARIJ-Risicotaxatie te gebruiken om de directe en toekomstige veiligheid van kinderen te beoordelen. Van beide instrumenten zijn de validiteit en betrouwbaarheid verbeterd en de instrumenten zijn voor een bredere populatie bruikbaar.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  Dit project is tot stand gekomen met financiering vanuit dit programma.

Meer informatie

]]>
news-5952 Fri, 17 Jul 2020 13:09:32 +0200 6 nieuwe projecten onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/6-nieuwe-projecten-onderzoeksprogramma-geweld-hoort-nergens-thuis-van-start/ In september gaan 6 nieuwe onderzoeksprojecten van het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis van start. De onderzoeken richten zich op goede aanpakken voor (vroeg)signalering en samenwerken en regisseren rondom complexe casuïstiek op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling. Vanuit onderzoekslijn 1: Onderzoek naar goede aanpakken voor (vroeg)signalering starten 3 projecten:

Daarnaast starten 3 onderzoeken die zich richten op onderzoekslijn 2: Onderzoek naar de variabelen die voorwaardelijk zijn om te kunnen samenwerken en regisseren rondom complexe huiselijk geweld en kindermishandeling casuïstiek:

Onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis

Het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis maakt deel uit van het actieprogramma Geweld hoort nergens thuis van de Rijksoverheid. De opgave van dit programma is om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen, de schade ervan te beperken en zo de vicieuze cirkel van geweld, de overdracht van generatie op generatie, te doorbreken. Het onderzoeksprogramma levert een bijdrage aan de ondersteuning van de praktijk en biedt handvatten om de aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld te verbeteren, te borgen en te verduurzamen.

Andere onderzoeksprojecten uit het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis

Op dit moment staat een nieuwe subsidieronde open voor nieuwe projecten op het gebied van professionele norm en kennisverwerving. De deadline voor het indienen van een subsidieaanvraag is 2 september 14.00 uur. De besluiten worden genomen in november en de projecten zullen nog voor het eind van het jaar van start gaan. Verder zijn in 2019 al 5 onderzoeksprojecten van start gegaan.

Meer weten?

]]>
news-5926 Thu, 09 Jul 2020 14:52:12 +0200 Tussenresultaten systeemgerichte aanpak van trauma bij huiselijk geweld https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tussenresultaten-systeemgerichte-aanpak-van-trauma-bij-huiselijk-geweld/ In december 2019 zijn voor het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis 2 onderzoeken gestart binnen de onderzoekslijn ‘Herstel van veiligheid en systeemgerichte aanpak van trauma’. Deze onderzoeken zijn erop gericht om voor het specifieke thema van trauma te kijken wat effectieve interventies zijn. Onlangs hebben de onderzoeken de eerste fase van hun onderzoek afgerond. Daarin voerden zij een literatuuronderzoek uit en hielden zij een expertbijeenkomst. De onderzoeken presenteerden onlangs hun eerste tussenresultaten. Naar verwachting zullen ze in de zomer van 2023 de definitieve resultaten opleveren. ‘Samen stap voor stap vooruit’

Onderzoek naar de behandeling van getraumatiseerde gezinnen met jonge kinderen na huiselijk geweld staat nog in de kinderschoenen. Er is in de praktijk nog een zeer grote behoefte aan meer kennis over effectieve interventies en mechanismen voor deze doelgroep. Van géén van de geselecteerde interventies voor de beslisboom is de effectiviteit al onderzocht in de specifieke toepassing voor deze doelgroep in Nederland. Het doel van de interventiestudie die volgt zal dan ook eerst zijn om de effectiviteit van NIKA en EMDR voor de ouder te onderzoeken in een gerandomiseerde studie die zal plaatsvinden op een aantal vrouwenopvang locaties in Nederland. Vanwege praktische overwegingen zal EMDR voor het kind niet worden meegenomen in dit gerandomiseerde onderzoek. Parallel aan deze gerandomiseerde studie zal de beslisboom eerst verder worden ontwikkeld en opnieuw worden voorgelegd aan een groep experts en ervaringsdeskundigen. Vervolgens wordt de effectiviteit van de beslisboom op exploratieve wijze getoetst middels een single case experimental design.

Rewind and fastforward

Huiselijk geweld treft een aanzienlijk deel van de gezinnen in Nederland. Er bestaat een noodzaak voor behandelingen die, naast een effect op herstel van de gezinsleden, een blijvend effect hebben op de emotionele en fysieke veiligheid binnen de gezinnen. Er is nog weinig bekend over hoe ouderbegeleiding en systeemtherapie binnen behandelingen aangrijpen op emotionele en fysieke veiligheid en de rol van opvoedgedrag en ouder-kindrelatie hierin. Ouderbegeleiding en systeemtherapie zijn op basis van de bestaande kennis vanuit zowel de wetenschap als de praktijkervaringen van cliënten en professionals echter nog steeds veelbelovend. Met de effectiviteitsstudie van FITT hopen we een bijdrage te kunnen leveren aan de bestaande kennis over systeemgericht behandelen bij huiselijk geweld en bij het verbeteren van het behandelaanbod voor gezinnen die zijn blootgesteld aan huiselijk geweld

Meer weten?

]]>
news-5845 Thu, 25 Jun 2020 10:52:43 +0200 Instrumenten huiselijk geweld, kindermishandeling en risicojongeren nog onvoldoende gebruikt https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/instrumenten-huiselijk-geweld-kindermishandeling-en-risicojongeren-nog-onvoldoende-gebruikt/ Professionals in onder meer onderwijs, (jeugd)gezondheidszorg en kinderopvang spelen een belangrijke rol in het signaleren van 2 grote maatschappelijke problemen; huiselijk geweld en kindermishandeling, en het signaleren van risicojongeren. Daarom is er wetgeving die de signalering en aanpak ervan moet verbeteren: de Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling (2013) en de Wet verwijsindex risicojongeren (2010). In 2019 zijn beide wetten geëvalueerd, zowel apart als in samenhang. Hieruit blijkt dat beide instrumenten onvoldoende worden gebruikt door professionals. Professionals die de instrumenten wel gebruiken, ervaren meerwaarde. De verplichte meldcode biedt professionals een concreet stappenplan bij vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling. De verwijsindex wordt in sommige regio’s als een waardevol instrument gezien om tot samenwerking te komen. In de praktijk worden echter een dusdanig aantal knelpunten geconstateerd dat de onderzoekers de minister oproepen om het bestaan van de verwijsindex te heroverwegen.

Meldcode

Bij de verplichte meldcode biedt het bijbehorende stappenplan professionals voldoende handvatten als eenmaal vermoedens van geweld bestaan. Het herkennen van signalen en dan met name de minder zichtbare en moeilijker herkenbare signalen blijkt voor professionals lastig. Bijvoorbeeld verwaarlozing is lastig te herkennen. Ook signalen van andere vormen van geweld in afhankelijkheidsrelaties zoals eergerelateerd geweld, ouderenmishandeling en financiële uitbuiting worden gemist. Dit geldt zowel voor professionals in de zorg als daarbuiten.

Het gesprek tussen een betrokkene en professional heeft tot doel om met de betrokkenen over de situatie te praten en na te gaan hoe hulp en ondersteuning aan de betrokkenen kan worden geboden. Wat we zien is dat bij professionals verkeerde veronderstellingen bestaan over het gesprek met betrokkene, waardoor dit gesprek door hen als een drempel wordt ervaren om de meldcode te gebruiken. Zo ligt er ten onrechte veel nadruk op het melden bij Veilig Thuis; professionals denken de meldcode en de mogelijke melding al te moeten benoemen in het eerste gesprek met betrokkene(n). Meer doelgroepgerichte voorlichting aan professionals en het duurzamer borgen van het gebruik binnen organisaties die werken met de meldcode is nodig.

Verwijsindex

Bij de verwijsindex bestaat een wisselend beeld. Het gebruik van de verwijsindex is de afgelopen jaren geleidelijk aan toegenomen tot 250.341 meldingen in 2018. Deze cijfers worden sterk beïnvloed door het gebruik in enkele regio’s. Van de 65 gemeentelijke convenantgebieden zijn namelijk tien regio’s verantwoordelijk voor ruim de helft van de meldingen. Niet-gebruikers geven onder meer aan weinig meerwaarde te zien van de melding. Reden hiervan is dat de betrokken hulpverleners al bij hen bekend zijn en zij het lastig te vinden ouders en betrokkenen te informeren over de melding. Het niet-gebruik vormt, ondanks langdurige en herhaalde aandacht voor de implementatie van de verwijsindex, een belangrijke belemmering voor het goed werken van het instrument.

Doordat het instrument geen landelijke dekking heeft, ontbreekt de rechtvaardiging om persoonsgegevens van jeugdigen centraal op te slaan in een landelijke database. Nicolette Woestenburg, projectleider van de evaluaties: ‘De wet is 10 jaar geleden in werking getreden. Het doel dat met het instrument werd beoogd, het realiseren van vroegtijdige en onderlinge afstemming tussen professionals zodat tijdig hulp kan worden geboden, is nog steeds belangrijk, maar met dit instrument lijkt dit niet te worden bereikt.’ In het onderzoek komt ook naar voren dat de samenwerkingsverbanden die onder de Jeugdwet sinds 2015 zijn ontstaan mogelijk evenveel of meer effect hebben dan de verwijsindex.

Over het onderzoek

Onderzoekers van Pro Facto en het Amsterdam UMC (locatie VUmc) hebben in opdracht van ZonMw onderzocht hoe beide wetten in de praktijk werken. De aanbevelingen van beide evaluaties zijn gericht aan de wetgever, het ministerie van VWS, beroepsgroepen, instellingen en het Landelijk Netwerk Veilig Thuis.

De evaluatierapporten zijn aangeboden aan de minister en aan de Tweede Kamer. Dinsdagavond 23 juni 2020 zijn de rapporten in het Algemeen Overleg Jeugd aan de agenda toegevoegd.

Meer weten?

]]>
news-5834 Tue, 23 Jun 2020 09:41:28 +0200 Jeugdhulp bij kindermishandeling en seksueel geweld: doen we de juiste dingen? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/jeugdhulp-bij-kindermishandeling-en-seksueel-geweld-doen-we-de-juiste-dingen/ Een rapport over deze vraag is onlangs naar de Tweede kamer gestuurd. Het rapport onderzoekt de mogelijkheden om te monitoren welke jeugdhulp wordt aangeboden aan kinderen die te maken hebben gehad met een vorm van (seksueel) geweld of mishandeling. Om zo beter inzicht te krijgen in de geboden hulp en de effectiviteit daarvan. Aanleiding voor dit onderzoek was een aanbeveling van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen in de Slachtoffermonitor seksueel geweld tegen kinderen 2016. Uit dit rapport bleek dat 85% van de meisjes in gesloten jeugdhulp, de zwaarste vorm van jeugdhulp, hulp ontvingen naar aanleiding van seksueel geweld.

Geen landelijk beeld hulpaanbod

Momenteel is er geen landelijk beeld van de redenen waarom kinderen hulp ontvangen, omdat dit nu niet geregistreerd hoeft te worden. Herman Bolhaar, Nationaal Rapporteur: ‘Als we niet weten welke hulp mishandelde en misbruikte kinderen krijgen, weten we ook niet of we ze wel de juiste hulp bieden.’ Deze bevindingen vormden daarom aanleiding voor de Nationaal Rapporteur om de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) aan te bevelen te registreren waarom kinderen jeugdhulp ontvangen.

Monitoring is maatwerk

Het ministerie van VWS heeft vervolgens via ZonMw een onderzoek uit laten voeren naar de mogelijkheden om beter zicht te krijgen op de jeugdhulp die kinderen ontvangen na het meemaken van kindermishandeling en seksueel geweld. Uit het onderzoek, uitgevoerd door Partners in Jeugdbeleid, komt naar voren dat vanwege de complexiteit van de problematiek, hulpverlening bij kindermishandeling altijd maatwerk moet zijn. Ook monitoring van deze hulp moet recht doen aan de complexiteit ervan.

Het is volgens de onderzoekers niet zinvol om één indicator aan te wijzen, omdat er meerdere relevante factoren zijn die bepalen wat op welk moment de juiste hulp vormt voor slachtoffers van kindermishandeling. De onderzoekers bevelen daarom aan om het effect van de jeugdhulp globaal monitoren te combineren met diepteonderzoek. En daarbij aan te sluiten bij lopende initiatieven. Daarnaast bevelen de onderzoekers aan om de ontwikkeling van kennis en kunde over seksueel geweld en misbruik te bevorderen.

Lopende initiatieven

Er zijn veel lopende initiatieven op het gebied van kindermishandeling en seksueel geweld die voor een deel een antwoord geven op de vraagstelling van het onderzoek. Hierbij worden verschillende voorbeelden genoemd, zoals de Impactmonitor die door het landelijk programma Geweld Hoort Nergens Thuis wordt ontwikkeld. Maar ook onderzoek zoals door het Verweij-Jonker Instituut wordt gedaan naar gezinnen die te maken hebben met kindermishandeling en de onderzoeken die in kader van het onderzoeksprogramma Veilig opgroeien worden gedaan.

Aanbevelingen

De belangrijkste aanbevelingen die in het rapport worden gedaan zijn:
Zorg voor maatwerk, combineer globaal monitoren met diepteonderzoek, sluit aan bij lopende initiatieven, bevorder kennis en kunde. Dit alles ook apart voor seksueel geweld en misbruik.

Meer weten?

]]>
news-5609 Thu, 23 Apr 2020 10:50:30 +0200 Korte zelfinvullijst voldoende betrouwbaar voor gebruik in verloskunde https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/korte-zelfinvullijst-voldoende-betrouwbaar-voor-gebruik-in-verloskunde/ Onlangs is een onderzoek over de validiteit en betrouwbaarheid van de kort zelfinvullijst ALPHA-NL afgerond. Uit het onderzoek blijkt dat de ALPHA-NL een voldoende betrouwbare en valide vragenlijst is voor verloskundigen en cliënten. De ALPHA-NL

De ALPHA-NL is een korte invullijst die vroeg in de zwangerschap voorafgaand aan een consult door de zwangere zelf wordt ingevuld. Dit helpt verloskundigen en cliënten om te praten over de thuissituatie en opgroei-omstandigheden voor kinderen, zoals risicofactoren voor kindermishandeling. Het helpt ook om samen te beslissen of er extra ondersteuning of hulp moet komen ter voorbereiding op het ouderschap.

Landelijk gebruik

De ALPHA-NL blijkt dus een valide vragenlijst en kan landelijk door verloskundig zorgverleners worden gebruikt. Daarvoor is het belangrijk dat de vragenlijst wordt ingebed in:

  • een samenwerking met de jeugdgezondheidszorg (JGZ), die na de eerste screening door de verloskundige, het gesprek met de client kan voortzetten en van de verloskundige kan ‘overnemen’;
  • een samenhangend geheel van beschikbare interventies die variëren van een laagdrempelig steuntje in de rug tot hulp voor specifieke groepen kwetsbare zwangeren en hun eventuele partners.

Het onderzoek en conclusies

Zes verloskundigenpraktijken en een ziekenhuis in Amsterdam, Zaanstad en Haarlem, waar de ALPHA-NL tot de standaardzorg behoort, deden mee aan het onderzoek. De verloskundigen hielden hun bevindingen bij.

Daarnaast vulden 175 zwangere vrouwen een uitgebreide online vragenlijst in en werden zij uitgenodigd voor een interview met een veldwerker (3 jeugdverpleegkundigen of medisch maatschappelijk werkende uit een andere regio).

De inschattingen en conclusies van de verloskundigen op basis van de ALPHA-NL en een nagesprek zijn vergeleken met die van de veldwerkers, die de situatie beoordeelden aan de hand van de online vragenlijst en een interview. Ook zijn de uitkomsten op de ALPHA-NL vergeleken met de uitkomsten van de online vragenlijst die bestond uit meerdere bestaande gevalideerde vragenlijsten.

Hieruit kwam naar voren dat de ALPHA-NL goed overeenkomt met de uitkomsten op de referentie-vragenlijsten. Daarnaast bleek dat verloskundigen de opgroei-omstandigheden gunstiger inschatten dan de veldwerkers. De conclusies voor wel of geen extra steun of hulp in de zwangerschap bleken voor 60% exact overeen te komen; met name wanneer er geen bijzonderheden waren (90%). Maar de conclusies om wel extra steun of hulp voor te stellen, kwam in 26% overeen tussen verloskundige en veldwerker. Hier kunnen tal van redenen voor zijn, waaronder handelingsverlegenheid. Er is nader kwalitatief onderzoek nodig om die redenen verder uit te zoeken.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  
Dit project is tot stand gekomen met financiering vanuit dit programma.

Meer informatie

•    ZonMw-project ALPHA-NL: Signalering Kindermishandeling tijdens de zwangerschap
•    ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector
•    ZonMw-thema Effectonderzoek
•    ZonMw-thema Jeugd

]]>
news-5199 Wed, 22 Jan 2020 10:11:03 +0100 Kenbaar maken intentie tot indienen aanvraag voor subsidieoproep Geweld hoort nergens thuis langer mogelijk https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kenbaar-maken-intentie-tot-indienen-aanvraag-voor-subsidieoproep-geweld-hoort-nergens-thuis-langer-m/ Wilt u een subsidieaanvraag indienen voor (een van) de openstaande subsidieoproepen van het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis? Dan dient u uw intentie tot indienen van een aanvraag bij ons kenbaar maken. De deadline hiervoor is uitgesteld van 22 januari 2020 naar 5 februari 2020. De deadline voor het indienen van de volledige aanvragen via projectnet blijft 3 maart 2020 10.00 uur. Het onderzoeksprogramma ‘Geweld hoort nergens’ thuis levert een bijdrage aan de ondersteuning van de praktijk en biedt handvatten om de aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld te verbeteren, te borgen en te verduurzamen. Professionals en beleidsmakers hebben hiervoor de juiste informatie en (wetenschappelijke)kennis nodig. Om dit mogelijk te maken staan er nu 2 subsidieoproepen voor onderzoek open. De subsidieoproep Onderzoek naar goede aanpakken voor (vroeg)signalering en de subsidieoproep Samenwerking, afstemming en regie in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling, ronde 2020. U kunt hierover meer lezen in dit nieuwsbericht.

Intentie tot indienen

Voordat u een aanvraag indient vragen we u om uw intentie tot indienen kenbaar te maken. Dit doet u door een mail te sturen naar ghnt@zonmw.nl o.v.v. ‘intentie tot indienen’. Stuur in de mail waarmee u uw intentie aangeeft in ieder geval de volgende gegevens:

  • Vanuit welke organisatie er een aanvraag wordt ingediend;
  • Organisaties of personen waarvan u weet dat ze mee zullen werken aan de aanvraag;
  • Over welke van de 4 genoemde thema’s de aanvraag gaat;
  • In 2 zinnen waar het voorstel zich op gaat richten;
  • 3 suggesties voor referenten in deze ronde.

Efficiënt subsidieproces

Op basis van deze gegevens kunnen wij een inschatting maken van het aantal en type te ontvangen aanvragen en zo het subsidieproces – van aanvraag tot besluit – zo snel en efficiënt mogelijk laten verlopen. Mocht u na het doorgeven van uw intentie toch afzien van het indienen van een voorstel in deze ronde, dan vragen we u dit per mail aan ons door te geven.

Meer weten?

]]>
news-5125 Fri, 10 Jan 2020 08:24:38 +0100 Informatieverzameling mishandelde of misbruikte kinderen als aanleiding voor jeugdhulp https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/informatieverzameling-mishandelde-of-misbruikte-kinderen-als-aanleiding-voor-jeugdhulp/ In december 2019 is het project ‘Jeugdhulp aan mishandelde en misbruikte kinderen: doen we de juiste dingen?’ gestart. Dit project is voortgekomen uit de conclusie van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen dat niet duidelijk is welke vormen van jeugdhulp worden geboden aan kinderen die te maken hebben gehad met een vorm van seksueel geweld of mishandeling. Binnen het onderzoek wordt gekeken naar mogelijke vormen van dataverzameling voor het monitoren van de jeugdhulp aan kinderen die te maken hebben gehad met een vorm van (seksueel) geweld of mishandeling. Het project heeft als doel om te oriënteren hoe de hulp die deze kinderen krijgen gemonitord kan worden en hoe dit ingericht moet worden. Uit de monitoring moet blijken of de verschillende groepen slachtoffers de juiste hulp ontvangen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door ‘Partners in jeugdbeleid’ en loopt tot mei 2020.

Meer informatie

]]>
news-5116 Thu, 09 Jan 2020 07:48:29 +0100 Eerste projecten onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/eerste-projecten-onderzoeksprogramma-geweld-hoort-nergens-thuis-van-start/ We staan voor de grote opgave om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen, de schade ervan te beperken, en zo de vicieuze cirkel van geweld en de overdracht van generatie op generatie, te doorbreken. Vanuit het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis zijn daarom eind 2019 de eerste 5 projecten van start gegaan. Samenwerken en regisseren

Met de onderzoeken wordt invulling gegeven aan onderdelen van de onderzoeksagenda Aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling. 3 onderzoeken richten zich op onderzoekslijn 2: onderzoek naar de variabelen die voorwaardelijk zijn om te kunnen samenwerken en regisseren rondom complexe huiselijk geweld en kindermishandeling casuïstiek.

Herstel van veiligheid en systeemgerichte aanpakken van trauma

De overige 2 onderzoeken komen voort uit onderzoekslijn 3. Deze lijn richt zich op onderzoek naar herstel van veiligheid en systeemgerichte aanpakken van trauma als gevolg van huiselijk geweld en kindermishandeling.

Onderzoeksprogramma geweld hoort nergens thuis

Het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis maakt deel uit van het actieprogramma Geweld hoort nergens thuis van de Rijksoverheid. Het onderzoeksprogramma levert een bijdrage aan de ondersteuning van de praktijk en biedt handvatten om de aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld te verbeteren, te borgen en te verduurzamen. Het bieden van de juiste aanpak op individueel en gezinsniveau vergt gedegen kennis bij gemeenten en professionals. De kennis hierover is momenteel echter versnipperd, en de kennisbehoeften zijn uiteenlopend en behelzen vele thema’s. De onderzoeksagenda beoogt daarom een bijdrage te leveren die aansluit op het ontwikkelen, verbinden en benutten van bestaande én van nieuwe kennis. Om dit bereiken moeten de verschillende problemen vanuit verschillende principes (integraal) worden aangepakt.

2 openstaande subsidierondes    

Sinds half december 2019 staan er 2 nieuwe subsidieoproepen van het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis open. De een gericht op onderzoek naar goede aanpakken voor (vroeg)signalering, de ander gericht op samenwerking, afstemming en regie in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling, ronde 2020. Deadline voor het indienen van uitgewerkte aanvragen is 3 maart 2020, deadline voor het kenbaar maken van de intentie tot indienen is 22 januari 2020. Meer informatie over deze subsidierondes vindt u in dit nieuwsbericht

Meer informatie

]]>
news-5057 Tue, 17 Dec 2019 15:54:18 +0100 Nieuwe subsidiemogelijkheden vanuit onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-subsidiemogelijkheden-vanuit-onderzoeksprogramma-geweld-hoort-nergens-thuis/ Voor het onderzoeksprogramma ‘Geweld hoort nergens thuis’ zijn vandaag 2 subsidieoproepen gepubliceerd. Eén die zicht richt op (vroeg)signalering en één die zicht richt op ‘regie en samenwerking bij huiselijk geweld en kindermishandeling’. De subsidieaanvraag kan ingediend worden tot 3 maart 2020. We vragen u uw intentie tot indienen door te geven vóór 5 februari 2020. Het onderzoeksprogramma Geweld hoort nergens thuis levert een bijdrage aan de ondersteuning van de praktijk en biedt handvatten om de aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld te verbeteren, te borgen en te verduurzamen. Professionals en beleidsmakers hebben hiervoor de juiste informatie en (wetenschappelijke)kennis nodig. Om dit mogelijk te maken staan er nu 2 subsidieoproepen voor onderzoek open. 

Waarvoor kan subsidie aangevraagd worden?

De subsidieoproepen bieden ruimte voor onderzoek naar complexe casuïstiek rondom huiselijk geweld en kindermishandeling. Onder vormen van huiselijk geweld vallen ook onderwerpen als ouderenmishandeling en bijvoorbeeld eergerelateerd geweld. Er is subsidie beschikbaar voor onderzoek naar ‘(vroeg)signalering’ (max. 150.000 euro per aanvraag, totaal 300.000 euro beschikbaar) en voor onderzoek naar ‘samenwerking en regie’ (max. 200.000 euro per aanvraag, totaal 900.000 euro beschikbaar).

Subsidieoproep Regie en samenwerking

De subsidieoproep Regie en samenwerking richt zich op actiegericht en empirisch onderzoek om de samenwerking, afstemming en regievoering in de integrale aanpak van huiselijk geweld te verbeteren. Het gaat daarbij om de thema’s: Samenwerking en regie, Integraliteit casuistiek, efficiente en samenhangende inrichting en bijdrage technologie.

Subsidieoproep (vroeg)signalering

De subsidieoproep (vroeg)signalering richt zich op onderzoek naar goede aanpakken voor (vroeg)signalering. Het gaat daarbij om de thema’s: instrumenten, disclosure, normstelling en het herkennen van trauma’s. 

Zorg voor vluchtelingen

Parallel aan deze rondes staat er vanuit het programma Zorg voor vluchtelingen een oproep Zorg en ondersteuning aan Vluchtelingen in Nederland – Praktijkprojecten, met speciale aandacht voor projecten die binnen het verbeteren van de positie en zorg van statushouders in nulde- en eerstelijnszorg specifiek gericht zijn op vluchtelingenvrouwen die met seksueel en gender-gerelateerd geweld te maken hebben gehad. 

Meer informatie en indienen

Voor meer informatie en voor het indienen van uw vooraanmelding kunt u contact opnemen met ghnt@zonmw.nl of +31 70 349 52 06. 

Meer weten?

]]>
news-4777 Fri, 25 Oct 2019 12:29:00 +0200 Zal ik wel of niet vertellen over wat thuis gebeurt? https://www.augeomagazine.nl/nl_NL/16599/234215/achtergrond_-_zal_ik_wel_of_niet_vertellen_over_wat_thuis_gebeurt%3f.html Uit internationaal onderzoek blijkt: kinderen die uit zichzelf vertellen over geweld, misbruik of verwaarlozing, lijden daar vaak al lange tijd onder, maar durfden de stap niet eerder te zetten. Het is dus belangrijk dat we eerder aanzetten tot disclosure. 2 professionals geven advies.