ZonMw tijdlijn Jeugdgezondheidszorg https://www.zonmw.nl/ Het laatste nieuws van de tijdlijn van Jeugdgezondheidszorg nl-nl Tue, 26 May 2020 14:57:42 +0200 Tue, 26 May 2020 14:57:42 +0200 TYPO3 news-5680 Tue, 12 May 2020 06:00:00 +0200 De corona-regels doen de laagdrempelige aanpak van consultatiebureaus teniet https://publicaties.zonmw.nl/dag-van-de-verpleging-2020/#c59369 Op deze bijzondere Dag van de Verpleging bedanken we vanuit ZonMw alle verpleegkundigen! Lees meer over hun enorme inzet en betrokkenheid. Onder andere in het interview met verpleegkundig specialist jeugd Ingrid Brokx: ‘De werkwijze van het consultatiebureau is als gevolg van de coronacrisis drastisch veranderd'. news-5609 Thu, 23 Apr 2020 10:50:30 +0200 Korte zelfinvullijst voldoende betrouwbaar voor gebruik in verloskunde https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/korte-zelfinvullijst-voldoende-betrouwbaar-voor-gebruik-in-verloskunde/ Onlangs is een onderzoek over de validiteit en betrouwbaarheid van de kort zelfinvullijst ALPHA-NL afgerond. Uit het onderzoek blijkt dat de ALPHA-NL een voldoende betrouwbare en valide vragenlijst is voor verloskundigen en cliënten. De ALPHA-NL

De ALPHA-NL is een korte invullijst die vroeg in de zwangerschap voorafgaand aan een consult door de zwangere zelf wordt ingevuld. Dit helpt verloskundigen en cliënten om te praten over de thuissituatie en opgroei-omstandigheden voor kinderen, zoals risicofactoren voor kindermishandeling. Het helpt ook om samen te beslissen of er extra ondersteuning of hulp moet komen ter voorbereiding op het ouderschap.

Landelijk gebruik

De ALPHA-NL blijkt dus een valide vragenlijst en kan landelijk door verloskundig zorgverleners worden gebruikt. Daarvoor is het belangrijk dat de vragenlijst wordt ingebed in:

  • een samenwerking met de jeugdgezondheidszorg (JGZ), die na de eerste screening door de verloskundige, het gesprek met de client kan voortzetten en van de verloskundige kan ‘overnemen’;
  • een samenhangend geheel van beschikbare interventies die variëren van een laagdrempelig steuntje in de rug tot hulp voor specifieke groepen kwetsbare zwangeren en hun eventuele partners.

Het onderzoek en conclusies

Zes verloskundigenpraktijken en een ziekenhuis in Amsterdam, Zaanstad en Haarlem, waar de ALPHA-NL tot de standaardzorg behoort, deden mee aan het onderzoek. De verloskundigen hielden hun bevindingen bij.

Daarnaast vulden 175 zwangere vrouwen een uitgebreide online vragenlijst in en werden zij uitgenodigd voor een interview met een veldwerker (3 jeugdverpleegkundigen of medisch maatschappelijk werkende uit een andere regio).

De inschattingen en conclusies van de verloskundigen op basis van de ALPHA-NL en een nagesprek zijn vergeleken met die van de veldwerkers, die de situatie beoordeelden aan de hand van de online vragenlijst en een interview. Ook zijn de uitkomsten op de ALPHA-NL vergeleken met de uitkomsten van de online vragenlijst die bestond uit meerdere bestaande gevalideerde vragenlijsten.

Hieruit kwam naar voren dat de ALPHA-NL goed overeenkomt met de uitkomsten op de referentie-vragenlijsten. Daarnaast bleek dat verloskundigen de opgroei-omstandigheden gunstiger inschatten dan de veldwerkers. De conclusies voor wel of geen extra steun of hulp in de zwangerschap bleken voor 60% exact overeen te komen; met name wanneer er geen bijzonderheden waren (90%). Maar de conclusies om wel extra steun of hulp voor te stellen, kwam in 26% overeen tussen verloskundige en veldwerker. Hier kunnen tal van redenen voor zijn, waaronder handelingsverlegenheid. Er is nader kwalitatief onderzoek nodig om die redenen verder uit te zoeken.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  
Dit project is tot stand gekomen met financiering vanuit dit programma.

Meer informatie

•    ZonMw-project ALPHA-NL: Signalering Kindermishandeling tijdens de zwangerschap
•    ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector
•    ZonMw-thema Effectonderzoek
•    ZonMw-thema Jeugd

]]>
news-5479 Tue, 24 Mar 2020 11:17:47 +0100 Feedback gevraagd JGZ-richtlijn Ouder-Kind relatie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/feedback-gevraagd-jgz-richtlijn-ouder-kind-relatie/ Vindt u het ook belangrijk dat een richtlijn goed aansluit op de behoeften van de praktijk? Geef uw reactie op het concept van de JGZ-richtlijn Ouder-Kind relatie, die wordt ontwikkeld in opdracht en met financiering van ZonMw. Reageren kan tot woensdag 1 juli 2020. De basis voor de ontwikkeling van een kind

De ouder-kindrelatie vormt de basis voor de ontwikkeling van een kind: zowel in sociaal-emotioneel als in cognitief opzicht zijn kinderen met een goede ouder-kindrelatie beter af dan kinderen waarbij de relatie is verstoord. Vroegsignalering van verstoringen in de ouder-kindrelatie is van groot belang. Aangezien dit kan leiden tot ontwikkelingsproblematiek, gedragsproblemen en in ernstige gevallen tot persoonlijkheidsproblematiek bij het kind. JGZ-professionals verkeren bij uitstek in de positie om de ouder-kindrelatie vroegtijdig ter sprake te brengen, verstoringen te signaleren en ouders te ondersteunen in hun ouderrol. Maar de ouder-kindrelatie is ook een gevoelig thema. Het vraagt veel deskundigheid van professionals om dit op een passende wijze bespreekbaar te maken.

De richtlijn Ouder-Kind relatie geeft JGZ-professionals handvatten voor het handelen tijdens contacten met individuele jeugdigen van minus 9 maanden tot 18 jaar oud en hun ouders. De richtlijn ondersteunt daarmee jeugdartsen, verpleegkundig specialisten, jeugdverpleegkundigen en doktersassistenten. De conceptversie voor de praktijktest en de landelijke commentaarronde is op inhoud (wetenschappelijke onderbouwing en opzet) en op voor implementatie vereiste randvoorwaarden beoordeeld door de Richtlijnadviescommssie (RAC) van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ).

Wat wordt gevraagd?

Kritisch meelezen met een conceptrichtlijn helpt om richtlijnen en praktijk beter op elkaar aan te laten sluiten. Een richtlijn kan immers enkel ondersteuning bieden als deze goed aansluit op de wensen vanuit de praktijk.
De richtlijnontwikkelaar en werkgroep zijn vooral benieuwd naar:

  • Is de richtlijntekst voldoende concreet?
  • Is de richtlijn praktisch uitvoerbaar?
  • Staan er onjuistheden in de tekst?

Hoe kunt u commentaar leveren?

U kunt de richtlijnen bekijken op de richtlijnenwebsite van het NCJ: www.jgzrichtlijn.nl. Hiervoor is een inlogcode nodig. Deze kunt u opvragen via renate.vanzoonen@tno.nl. U ontvangt dan ook het format waarin u commentaar op de richtlijn kunt noteren. De werkgroep bundelt de commentaren en verwerkt deze in de definitieve versie van de richtlijn.
We verzoeken u vriendelijk om opmerkingen op de conceptrichtlijntekst in de commentaartabel vóór woensdag 1 juli 2020 per e-mail te sturen naar Renate van Zoonen: renate.vanzoonen@tno.nl.

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft tot doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding.

Meer informatie

•    Website JGZ-richtlijnen NCJ
•    ZonMw-project JGZ-Richtlijn Ouder- Kind Relatie
•    ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018
•    ZonMw-thema Jeugdgezondheidszorg
•   ZonMw-thema Jeugd

 

]]>
news-5300 Mon, 10 Feb 2020 12:46:26 +0100 JGZ-richtlijn Astma en wetenschappelijke verantwoording geactualiseerd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/jgz-richtlijn-astma-en-wetenschappelijke-verantwoording-geactualiseerd/ De JGZ Richtlijn Astma en de wetenschappelijke verantwoording zijn onlangs geactualiseerd en gepubliceerd op de website van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ). De richtlijn biedt professionals in de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) kennis en praktische handvatten voor preventie, signalering, begeleiding en/of verwijzing en samenwerking. De herziene richtlijn en wetenschappelijke verantwoording zijn in 2019 geactualiseerd en vervangen de eerste versie uit 2011. Nieuw opgenomen is recente informatie over borstvoeding en roken. De richtlijn ondersteunt professionals bij het vroegtijdig signaleren van luchtwegklachten bij jeugdigen, en bij het begeleiden en/of verwijzen. Hierdoor kan astma mogelijk eerder behandeld worden en daardoor bijkomende problemen als schoolverzuim verminderen.

Bekijk hier de herziene richtlijn Astma

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft als doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen. En draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding.

Meer informatie

]]>
news-5292 Fri, 07 Feb 2020 16:15:00 +0100 Extra impuls voor het vormen van lokale coalities rondom de eerste 1000 dagen https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2020/02/06/2.5-miljoen-euro-extra-voor-eerste-1000-dagen-kind Binnen het landelijke programma Kansrijke Start investeren gemeenten samen met partijen uit de geboortezorg in de eerste 1000 dagen van een kind. Voor het opzetten van lokale coalities rondom de eerste 1000 dagen is een extra bedrag beschikbaar gesteld, maakte Minister Hugo de Jonge gisteren bekend tijdens de conferentie ‘Samen verder met Kansrijke Start’. news-5206 Thu, 23 Jan 2020 15:59:39 +0100 SDQ in Nederland gevalideerd en geschikt voor gebruik bij lageropgeleide jongeren onderzocht https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sdq-in-nederland-gevalideerd-en-geschikt-voor-gebruik-bij-lageropgeleide-jongeren-onderzocht/ De Strengths and Difficulties Questionnaire (SDQ) is een korte vragenlijst waarmee psychosociale problemen bij jeugdigen snel gemeten kunnen worden. De vragenlijst wordt onder andere gebruikt in de jeugdgezondheidszorg (JGZ) voor jongeren tot en met 17 jaar. De vragenlijst was echter in Nederland nog niet gevalideerd. Een andere aanleiding voor het onderzoek was de vraag vanuit de praktijk of de SDQ wel geschikt is voor laagopgeleide jongeren. In een grootschalig onderzoek is de validiteit van de SDQ (de versie voor de jongere zelf en de ouderversie) getoetst op basis van steekproeven uit de algemene bevolking, een klinische populatie en de populatie laagopgeleiden. Bevindingen

De SDQ resulteert in een score op een ‘Totale Probleemschaal’ en heeft daarnaast 5 subschalen, die ieder een dimensie van psychosociaal functioneren beogen te meten. Deze Totale probleemschaal blijkt voldoende betrouwbaar en valide voor 12-17 jarigen. Hoe hoger de score, hoe meer aanwijzingen dat een jongere psychosociale problemen heeft. Slechts 2 van de 5 subschalen zijn voldoende betrouwbaar en valide: ‘Emotionele problemen’ en ‘Hyperactiviteit/aandacht tekort’. Hoge scores op deze subschalen geven een aanwijzing van het type problemen dat een jongere heeft. Voor de overige 3 subschalen ‘Problemen met leeftijdsgenoten’, ‘Gedragsproblemen’ en ‘Pro-sociaal gedrag’ is de validiteit onvoldoende aangetoond. Hoge scores op deze 3 subschalen moeten dus voorzichtig geïnterpreteerd worden.

Taalgebruik van de SDQ

Bij lager opgeleide jongeren (leerlingen van de praktijkschool en vmbo basis/kader) blijkt de SDQ iets minder goed te functioneren, maar de interne consistentie en factorstructuur van de SDQ zelfrapportage is acceptabel. Laagopgeleide jongeren geven zelf aan dat de SDQ ouderwetse termen en zinnen bevat die lastig te begrijpen zijn. Volgens JGZ-professionals hebben ook sommige hoger opgeleide jongeren moeite met het taalgebruik van de SDQ. De SDQ bevat dubbel geformuleerde stellingen, zoals “Ik ben vaak ongelukkig, in de put of in tranen”. Jongeren vatten dit op als verschillende dingen, wat het beantwoorden van deze vragen moeilijk maakt. Om de SDQ in de toekomst te kunnen gebruiken is het nodig dat het taalgebruik aangepast wordt. Dat moet echter wel gebeuren in overleg met de ontwikkelaar. 

Resultaat

In dit project zijn nieuwe sekse- en leeftijdsspecifieke afkapwaarden berekend voor de SDQ (zelfrapportage- en ouderversie) voor jongeren van 12-17 jaar, op basis van een grote representatieve steekproef uit de algemene bevolking. Ook is een nieuwe SDQ Handleiding voor adolescenten en een Factsheet geschreven, die binnenkort beschikbaar zullen zijn op de richtlijnenwebsite van het NCJ (https://www.ncj.nl/richtlijnen/alle-richtlijnen/). In de handleiding worden de nieuwe afkapwaarden, en instructies voor het afnemen van de SDQ, het berekenen van de score en de vervolgstappen gegeven. 

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector 

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  
Dit project is tot stand gekomen met financiering vanuit dit programma.

Meer informatie

]]>
news-4851 Tue, 12 Nov 2019 11:41:05 +0100 Nieuw programma Richtlijnen JGZ van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuw-programma-richtlijnen-jgz-van-start/ Om JGZ-richtlijnen te herzien en ontwikkelen start ZonMw met de uitvoering van het programma Richtlijnen JGZ 2019-2024. Nieuw in dit vervolgprogramma is het modulair inrichten van nieuwe en bestaande richtlijnen. Zo zijn de richtlijnen gemakkelijker te raadplegen door de JGZ-professionals en is het actualiseren eenvoudiger. ZonMw werkt nauw samen met het Nederlands Centrum Jeugdgezondheidszorg (NCJ), de beroepsverenigingen en het veld. In opdracht van het ministerie van VWS stimuleert ZonMw sinds 2007 de ontwikkeling en herziening van richtlijnen. De missie van het programma is JGZ-professionals met richtlijnen ondersteunen in hun werk. De richtlijnen helpen bij uniform en wetenschappelijk onderbouwd werken in de JGZ. Met uiteindelijk doel: het bevorderen van een gezonde jeugd.

Dit nieuwe programma bouwt voort op het programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Er zijn inmiddels ruim 30 richtlijnen ontwikkeld en in gebruik door de JGZ. Het betreft richtlijnen als Taalontwikkeling, Afwijkende lengtegroei, Ondergewicht en Opsporen van oogafwijkingen.

Modulaire richtlijnen

Het is belangrijk dat JGZ-richtlijnen goed aansluiten op nieuwe wetenschappelijke kennis en op behoeften uit het werkveld. Hierbij is een flexibele aanpak van richtlijnonderhoud essentieel. De komende jaren wordt gewerkt aan een werkwijze om JGZ-richtlijnen te herzien en te beheren door een modulaire vormgeving.

Modulair vormgegeven richtlijnen kunnen gedeeltelijk herzien of aangevuld worden wanneer hier aanleiding toe is. Dat is efficiënter dan een richtlijn geheel te herzien, zoals nu het geval is. Ook is samenhang tussen richtlijnen gemakkelijker in kaart te brengen. Modules kunnen naar elkaar verwijzen en onder meerdere richtlijnthema’s terugkomen, zodat professionals gelijke informatie bij verschillende thema’s krijgen. Bijvoorbeeld een module over meten en wegen is bruikbaar voor de richtlijnen Ondergewicht, Overgewicht en Lengtegroei.

Verdere ontwikkeling van richtlijnen

In het programma ligt de focus op de herziening van bestaande richtlijnen. Ook worden zo nodig nieuwe richtlijnen ontwikkeld. En wordt het gebruik van de richtlijnen door JGZ-professionals gefaciliteerd door bijvoorbeeld bijeenkomsten, e-learnings en het richtlijnenspel. Daarnaast wordt de aansluiting gezocht bij richtlijnen van aanverwante beroepsgroepen.

Richtlijnen vóór en dóór JGZ-professionals

Richtlijnen leveren een belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van het professioneel handelen in de JGZ. Om hier goed op aan te sluiten, is in het nieuwe programma uw bijdrage weer zeer welkom. U kunt aan de ontwikkeling van richtlijnen bijdragen door deel te nemen aan de werkgroepen en praktijktesten of meedoen met de landelijke commentaarrondes.

De beroepsverenigingen AJN, V&VN vakgroep jeugd en NVDA zijn eigenaar van alle JGZ-richtlijnen. Het NCJ is samen met ZonMw regievoerder op het proces en stimuleert implementatie van de JGZ-richtlijnen. Alle richtlijnen zijn te raadplegen op de website van het NCJ en via de JGZ-richtlijnenapp. Ook met het JGZ-richtlijnenspel houdt u uw kennis snel en laagdrempelig actueel.

Budget en subsidieoproep

Het programma heeft een totaalbudget van €6 miljoen. De subsidietoekenningen vinden plaats in de periode 2020 tot en met 2024. De eerste subsidieoproep gaat naar verwachting in het voorjaar van 2020 open.

Meer weten?

]]>
news-4833 Fri, 08 Nov 2019 09:27:07 +0100 Gezocht JGZ organisaties voor testen JGZ-richtlijn Ouder-Kind relatie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gezocht-jgz-organisaties-voor-testen-jgz-richtlijn-ouder-kind-relatie/ Welke jeugdgezondheidsorganisaties, -teams of individuele professionals willen deelnemen aan de praktijktest van de JGZ-richtlijn “Ouder-Kind relatie met aandacht voor hechting”? Het is belangrijk dat de richtlijn goed toepasbaar is in de praktijk. TNO zoekt daarom JGZ-organisaties, JGZ-teams of individuele JGZ-professionals die de richtlijn willen testen. De richtlijn Ouder-Kind relatie

De richtlijn beschrijft wat de kenmerken zijn van een gezonde, veilige ouder-kind relatie in de verschillende leeftijdsfasen en wat risico- en beschermende factoren zijn. Centraal staat de vraag hoe een JGZ professional (aanstaande) ouders kan helpen een gezonde relatie met hun kind op te bouwen dan wel te behouden. Verder komen aan bod: Hoe kan de JGZ-professional een verstoorde of problematische relatie signaleren? Wat kan de JGZ-professional doen als het gaat om adviezen en begeleiding bij een verstoorde relatie? Wat zijn (effectieve) interventies om de ouder-kind relatie te verstevigen? En: Hoe vindt afstemming met andere professionals plaats?

Waarom een praktijktest?

Doel van de praktijktest is het in kaart brengen van de haalbaarheid, de uitvoerbaarheid, eventuele knelpunten in de uitvoering en de voorwaarden voor het opvolgen van de aanbevelingen uit de richtlijn door JGZ-professionals. Op basis van deze inzichten wordt de richtlijn aangepast en een definitieve versie gemaakt.

Wat wordt er verwacht bij deelname aan de praktijktest?

  • Deelname van JGZ professionals aan een scholing van TNO.
    - Trainingen voor individuele deelname vinden plaats begin 2020 in Utrecht.
    - Bij deelname in teamverband van 1 JGZ organisatie, scholing in overleg op locatie.
  • Lezen van de richtlijn.
  • 3 tot 4 maanden werken volgens de nieuwe richtlijn (periode jan-mei 2020).
  • Start praktijktest voorjaar 2020 (tussen januari en mei).
  • Het invullen van vragenlijsten en eventuele deelname aan een focusgroep.
  • Totale tijdsinvestering per JGZ professional zal tussen de 5,5-10 uur bedragen. Er is een vergoeding beschikbaar.
  • Accreditatie voor de scholing kan worden aangevraagd.

Voor aanmelding of meer informatie over de praktijktest:

Mail met Caren Lanting, TNO via caren.lanting@tno.nl

ZonMw-programma Richtlijnen jeugdgezondheidszorg 2013- 2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft tot doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding.

Meer projectinformatie

]]>
news-4830 Thu, 07 Nov 2019 14:39:34 +0100 Wat werkt in de samenwerking tussen jeugdgezondheidszorg, wijkteams en onderwijs? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-werkt-in-de-samenwerking-tussen-jeugdgezondheidszorg-wijkteams-en-onderwijs/ Wat maakt dat de samenwerking tussen de jeugdgezondheidszorg (JGZ), wijkteams en onderwijs als meer of minder succesvol wordt ervaren? Het Nederlands Jeugdinstituut (NJi), Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ) en het Verwey-Jonker Instituut onderzochten, in samenwerking met JGZ-organisaties, de succesfactoren en knelpunten in het onderzoek ‘De Sterkste Schakels’. In het kwalitatieve onderzoek ‘De Sterkste Schakels’ is nagegaan welke werkzame elementen (gebaseerd op eerder literatuuronderzoek) de praktijk ervaart in de samenwerking tussen de JGZ, wijkteams en onderwijs. Het onderzoek laat zien dat samenwerking tussen JGZ, wijkteams en onderwijs complex is. Een succesvolle samenwerking vraagt om structurele investering op alle niveaus. Dat vraagt veel van professionals, beleidsmakers en bestuurders.

Effectieve elementen

De samenwerking valt of staat met de kwaliteit, vaardigheden, attitude, kennis, ervaring en continuïteit van mensen. Het is noodzakelijk om als gemeente, wijkteam, JGZ en onderwijs duurzaam in te zetten op meerdere elementen die helpen om effectief samen te werken. De basis van samenwerken ligt in ‘de menselijke maat’: het opbouwen van een werkrelatie waarbij men op elkaar en elkaars expertise vertrouwt.

Het onderzoek

Zes JGZ-organisaties namen deel aan dit onderzoek. Iedere JGZ-organisatie benaderde twee gemeenten (met verschillende soorten wijkteams). Vervolgens zijn er interviews gehouden op verschillende niveaus. Er zijn groepsinterviews gehouden in 10 gemeenten met onder andere beleidsmedewerkers, managers, teamleiders en professionals van JGZ- organisaties, wijkteams, onderwijs en gemeenten. Ook zijn er gesprekken gevoerd met ouders. Het onderzoek is gefinancierd  met ZonMw subsidie.

Factsheet

Naast het volledige rapport ontwikkelden het NJi, NCJ en Verwey-Jonker Instituut een factsheet. De factsheet geeft een korte samenvatting van het gehele onderzoek, en biedt handvatten aan gemeenten, JGZ, wijkteams en onderwijs om de samenwerking te bevorderen en elkaars kwaliteiten meer te benutten.

ZonMw programma Versterking Uitvoeringspraktijk JGZ

Het programma Versterking Uitvoeringspraktijk Jeugdgezondheidszorg heeft tot doel door middel van onderbouwing en doorontwikkeling van innovatieve werkwijzen de JGZ beter toe te rusten op het uitvoeren van het Basispakket JGZ binnen de decentralisatie van de zorg voor jeugd en de veranderingen die dit voor de JGZ met zich meebrengt.

Meer weten?

]]>
news-4335 Wed, 04 Sep 2019 09:00:00 +0200 Informatiebijeenkomst en subsidiemogelijkheden voor big data en kansrijke start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/informatiebijeenkomst-en-subsidiemogelijkheden-voor-big-data-en-kansrijke-start/ Kinderen in kwetsbare gezinnen hebben betere kansen op een goede start, naarmate ze eerder in het leven de noodzakelijke hulp en ondersteuning krijgen. Maar hoe komen deze kinderen en hun gezinnen, vaak met complexe problemen voor, tijdens en na de zwangerschap, zo vroeg mogelijk in beeld? En hoe kan big data-onderzoek daarbij helpen? In het kader van de Nationale Wetenschapsagenda wordt € 2.64 miljoen beschikbaar gesteld om daar onderzoek naar te doen. Professionals uit de geboortezorg en de jeugdgezondheidszorg (JGZ), kennisinstellingen, onderzoekers uit de exacte en natuurwetenschappen, de sociale en geesteswetenschappen en de sociaal-medische en gezondheidswetenschappen en andere geïnteresseerde partijen worden van harte uitgenodigd om voor dit onderzoek hun expertise gezamenlijk in te zetten.

Vroegtijdige herkenning kwetsbaarheid

Door vroeg in het leven van een kind, of al tijdens of in aanloop naar de zwangerschap aandacht te schenken aan preventie, valt potentieel veel winst te behalen. Een vroegtijdige herkenning van kwetsbaarheid van kinderen en (aanstaande) gezinnen is belangrijk. Innovatieve methoden om gegevensbronnen te benutten kunnen een rol spelen voor een goed aansluitend zorg- of ondersteuningsaanbod.

Mogelijkheden data verzamelingen en innovatieve datascience

De toenemende beschikbaarheid van grote en complexe dataverzamelingen biedt nieuwe mogelijkheden om vroegtijdig kwetsbaarheid te herkennen. In dit onderzoeksprogramma willen we daarom nagaan welke rol big data en de duiding daarvan kunnen hebben bij het bieden van een kansrijke start voor kinderen.

Subsidiemogelijkheden big data voor geboortezorg en JGZ

Het Nationale Wetenschapsagenda (NWA) programma Kansrijke start voor kinderen met behulp van big data stelt € 2.64 miljoen beschikbaar om hier onderzoek naar te doen. Het onderzoek moet zich richten op de vraag hoe met gegevensbronnen, producten, diensten en methoden van big data-onderzoek professionals in de geboortezorg en de JGZ ondersteund kunnen worden om tijdig passende hulp en ondersteuning te bieden om een kansrijke start voor kinderen mogelijk te maken.

Aanmelden vooronderzoek

Het programma start met een vooronderzoek waarbij scenario’s worden uitgewerkt door potentiële indieners voor verder onderzoek. Het NWA-programma beoogt bruggen te slaan tussen uiteenlopende wetenschappelijke gebieden en tussen verschillende vormen van onderzoek. Een kennis en ketenbrede aanpak en multidisciplinaire samenwerking met maatschappelijke partijen is daarom belangrijk. Professionals uit de geboortezorg en de JGZ, kennisinstellingen, onderzoekers uit de exacte en natuurwetenschappen, de sociale en geesteswetenschappen en de sociaal-medische en gezondheidswetenschappen en andere geïnteresseerde partijen kunnen zich aanmelden voor deelname aan het vooronderzoek. Op basis van dit vooronderzoek worden de thema’s bepaald voor vervolgonderzoek. Dit onderzoek zal worden uitgevoerd door brede consortia, bestaande uit de deelnemers aan het vooronderzoek, aangevuld met eventueel extra benodigde expertise.

Over de Nationale Wetenschapsagenda (NWA)

De NWA beschrijft brede, uitdagende onderwerpen die om een nationale aanpak vragen en waarmee Nederlands onderzoek de samenleving en de kenniseconomie kan versterken. De NWA is door een innovatief proces met de inbreng van burgers en wetenschappers tot stand gekomen. De NWA is ván en vóór iedereen; de implementatie ervan kan daarom niet anders dan met elkaar! In opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) financiert NWO sinds 2018 interdisciplinair, kennisketenbreed onderzoek in het kader van de NWA, onder andere via thematische programmering in samenwerking met ministeries. Het doel van de thematische NWA-programma’s is om antwoorden te vinden op actuele maatschappelijke vragen.

Informatiebijeenkomst

Wilt u meer weten over de subsidieoproep? Op 25 september 2019 van 09.30 – 14.00 uur vindt er een informatiebijeenkomst plaats in New Babylon in Den Haag. U kunt zich inschrijven via dit formulier. Inschrijven kan tot 18 september.

Meer weten?

]]>
news-4294 Mon, 08 Jul 2019 12:18:50 +0200 JGZ-richtlijn opsporen oogafwijkingen beschikbaar https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/jgz-richtlijn-opsporen-oogafwijkingen-beschikbaar/ De richtlijn ‘Opsporen oogafwijkingen' voor professionals in de jeugdgezondheidszorg (JGZ) is onlangs gepubliceerd. De richtlijn vervangt de richtlijn ‘Opsporing Visuele stoornissen 0-19 jaar’ uit 2010 en beschrijft het hele opsporingsprogramma voor oogafwijkingen voor jeugdigen van 0-18 jaar. Oogproblemen herkennen bij kinderen

Een goede gezichtsscherpte is van groot belang voor de algemene ontwikkeling. Oogproblemen kunnen bij kinderen voor veel problemen zorgen. Goed zicht bij een kind kan het verschil maken tussen goed en slecht presteren op school. De JGZ signaleert vroegtijdig afwijkingen aan het oog en het gezichtsvermogen, zoals amblyopie (lui oog), zodat effectieve behandeling mogelijk is en slechtziendheid zoveel mogelijk voorkomen wordt. De herziene richtlijn biedt de JGZ ondersteuning bij de opsporing van en doorverwijzing bij oogafwijkingen. 

De richtlijn is ontwikkeld door het Erasmus MC, het Leidsch Universitair Medisch Centrum (LUMC) en TNO en gefinancierd met subsidie van ZonMw. De richtlijn is inhoudelijk geautoriseerd door de AJN Jeugdartsen Nederland, Verpleegkundigen & verzorgenden Nederland (V&VN) vakgroep Jeugd en de Nederlandse Vereniging van Doktersassistenten (NVDA), en randvoorwaardelijk door ActiZ Jeugd en GGD GHOR Nederland.

Dit filmpje toont de belangrijkste thema’s uit de richtlijn.

Implementatie

Het NCJ biedt ondersteuning bij het implementeren van nieuwe richtlijnen in de praktijk middels een implementatietoolkit en het netwerk van JGZ-implementatiefunctionarissen. De richtlijn is te vinden op de JGZ-richtlijnenwebsite en in de JGZ-richtlijnen app van het NCJ. Ook zijn de adviezen uit de richtlijn samengevat voor ouders op de site van Stichting Opvoeden.nl. 

Binnenkort komt extra informatie beschikbaar over het bestellen van nieuwe dubbelzijdige
visuskaarten en zal het NCJ een werksessie over deze richtlijn aankondigen. Om in beeld te krijgen wie hierover aangeschreven moeten worden, verzoekt het NCJ organisaties de Inventarisatievragenlijst in te vullen. Voor informatie over scholingen van visusinstructeurs kan contact opgenomen worden met de NSPOH.

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft als doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding. 

Meer weten?

]]>
news-4231 Mon, 24 Jun 2019 13:19:18 +0200 GIZ helpt ouders bij bespreekbaar maken van zorgbehoeften https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/giz-helpt-ouders-bij-bespreekbaar-maken-van-zorgbehoeften/ Zorgen van ouders over opvoeden en de omgeving waarin het kind opgroeit worden vaker besproken dankzij de Gezamenlijk Inschatten van Zorgbehoeften (GIZ)-methodiek. Ook toont het onderzoek aan dat er vaker overeenstemming is tussen ouders en de JGZ over de ontwikkelingsbehoeften van het kind. In een verdiepend onderzoek werd gekeken naar de oudertevredenheid bij gebruik van de GIZ, de mate van overeenstemming tussen ouders en de professional en de motivatie van ouders om aan de slag te gaan met de gegeven adviezen.  

Gezamenlijk Inschatten van Zorgbehoeften

De GIZ-methodiek is een integrale gezamenlijke inschattingsmethodiek. In een gesprek met ouders, jeugdigen en de jeugdprofessional worden de sterke kanten en de ontwikkel- en zorgbehoeften van een kind/gezin in kaart gebracht. Uit het gesprek komt een gezamenlijke inschatting van de ondersteuning die het beste past bij het gezin. Met de GIZ-instrumenten kan het ondersteuningsplan worden gemonitord. 

Zorgbehoeften van ouders onderzocht

In het onderzoek werden jgz-organisaties vergeleken die met en zonder de GIZ werkten. Op basis van ingevulde vragenlijsten over de zorgbehoeften en vervolgadviezen is er onderzocht hoe de GIZ bijdraagt aan de onderlinge afstemming tussen ouders en de professional. De vragenlijsten zijn zowel onder ouders als professionals uitgezet. 

Er bleek vaker overeenstemming te zijn tussen ouders en de jgz-professional over de ontwikkelingsbehoeften van het kind. Als er adviezen gegeven waren, waren ouders die werkten met de GIZ-methodiek echter niet extra gemotiveerd om deze adviezen op te volgen. De mate van motivatie bleek hetzelfde in de organisaties waarin gewerkt wordt met de GIZ en de organisaties waarin niet wordt gewerkt met de GIZ. Wel gaven ouders met de GIZ aan meer tevreden te zijn over hetgeen werd besproken met de jgz-professional. 

ZonMw-programma Versterking Uitvoeringspraktijk JGZ

Het programma Versterking Uitvoeringspraktijk Jeugdgezondheidszorg heeft tot doel door middel van onderbouwing en doorontwikkeling van innovatieve werkwijzen de JGZ beter toe te rusten op het uitvoeren van het Basispakket JGZ binnen de decentralisatie van de zorg voor jeugd en de veranderingen die dit voor de JGZ met zich meebrengt.

Meer weten?

]]>
news-4213 Thu, 20 Jun 2019 15:34:32 +0200 Praktische tools voor gespreksvoering in de JGZ in ontwikkeling https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/praktische-tools-voor-gespreksvoering-in-de-jgz-in-ontwikkeling/ Hoe kunnen jeugdgezondheidszorg (jgz)-professionals ondersteund worden bij het voeren van gesprekken? Die vraag staat centraal in het project ‘Gespreksvoering met ouders en jeugdigen: verbinding tussen jgz-richtlijnen’, dat wordt uitgevoerd door TNO en het Trimbos-instituut. De uitkomsten van het onderzoek vormen de basis voor de ontwikkeling van praktische tools voor de jgz-praktijk. Handvatten om echt verbinding te maken met cliënt

Voor het onderzoek zijn 13 richtlijnen van psychosociale thema’s geanalyseerd. Tevens zijn peilingen gehouden onder ouders, jongeren en jgz-professionals. Doel van het project is het verbeteren van de communicatie tussen jgz-professionals en ouders en/of jongeren. Het onderzoek levert handvatten op om in gesprekken met jongeren en ouders echt verbinding te maken met de cliënt. Centraal staat niet alleen wat de professional kan doen, maar vooral ook hoe.

Praktische tools voor gespreksvoering in najaar beschikbaar

Voor de JGZ is kennis over ‘wat werkt’ beschreven in richtlijnen voor professionals. Of deze richtlijnen effectief zijn, wordt echter ook grotendeels bepaald door de manier waarop jgz-professionals communiceren met ouders en jongeren. 

Een analyse van bestaande richtlijnen laat zien dat deze weinig praktische handvatten geven over gespreksvoering. Samen met Stichting Opvoeden.nl, de Nationale Jeugdraad en jgz-partners zijn er peilingen gehouden onder ouders, jongeren, en jgz-professionals. Hoe ervaren ouders gesprekken met de JGZ, wat gaat volgens jongeren niet goed in deze gesprekken, en welke knelpunten zien professionals zelf? Maar vooral ook: wat gaat wel goed, wat wordt door cliënten gewaardeerd? 

Het doel van deze peilingen is inzicht te krijgen in ervaringen en best-practices voor de praktijk. De resultaten van het onderzoek zijn vervolgens besproken in reflectiebijeenkomsten met ouders, jongeren en professionals. De opbrengsten van het project worden in samenwerking met de praktijk vertaald naar praktische tools voor jgz-professionals en richtlijnontwikkelaars. De tools zullen dit najaar beschikbaar komen. 

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft als doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van jgz-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in jgz-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding. 

Meer weten?

]]>
news-4212 Thu, 20 Jun 2019 15:03:19 +0200 Kosten en effecten onderzocht voor de Samenstarten App https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kosten-en-effecten-onderzocht-voor-de-samenstarten-app/ De SamenStarten App wordt door veel jgz-professionals en ouders enthousiast ontvangen, maar is de app ook kosteneffectief? In een kosten-effectiviteitsanalyse zijn de kosten en baten van de app onderzocht. Kosteneffectief binnen 4 jaar

In het onderzoek zijn de kosten en opbrengsten van de app in kaart gebracht op het gebied van aanschaf en implementatie. Volgens berekeningen wordt binnen 4 jaar de investering voor de implementatie en het gebruik van de app terugverdiend. Door het gebruik van de app is er namelijk minder tijd nodig voor het oplossen van problemen die gezinnen ervaren bij de opvoeding en ontwikkeling van hun kind. Deze financiële inzichten kunnen gebruikt worden voor gesprekken met directies en gemeenten over de aanschaf van digitale gesprekstools, zoals de SamenStarten App. 

Nieuwe functies binnen de SamenStarten App

In het project is de SamenStarten App eerst doorontwikkeld, voordat de kosten-effectiviteit van de app werd onderzocht. De app kent sinds de doorontwikkeling nieuwe functies, zoals een startpagina met de keuze voor start van een eerste contact of een vervolgcontact, en er zijn filmpjes toegevoegd waarin ouders de werking van de app uitleggen. Tevens kan de gezinssituatie in kaart worden gebracht, is de sociale kaart makkelijker te beheren en kan de verslaglegging gedocumenteerd worden, zodat deze door ouders terug te lezen is. De ouder kan met de app ook beter inzicht krijgen in eigen vervolgacties en vorderingen.

Onderzoek

De SamenStarten App vraagt bij het eerste contact meer tijd. Maar na de tijdsinvestering  zorgt de app voor een dusdanige tijdsbesparing, dat de zorgbehoefte intensiever doorgesproken kan worden met de ouder. In het onderzoek werd informatie over huisbezoeken verzameld bij 77 families in de controlegroep en bij 69 families in de interventiegroep waarbij de app werd ingezet. Het onderzoek toont aan dat er door het gebruik van de app met minder contacten evenveel problemen worden opgelost. Daarnaast worden adviezen bij complexe problemen beter opgevolgd door ouders. De app draagt bij aan het inzichtelijk maken van de zorgroute door het beginpunt en het te verwachten eindpunt aan te kunnen geven. 

ZonMw programma Versterking Uitvoeringspraktijk JGZ

Het programma Versterking Uitvoeringspraktijk Jeugdgezondheidszorg heeft tot doel door middel van onderbouwing en doorontwikkeling van innovatieve werkwijzen de JGZ beter toe te rusten op het uitvoeren van het Basispakket JGZ binnen de decentralisatie van de zorg voor jeugd en de veranderingen die dit voor de JGZ met zich meebrengt.

Meer weten?

]]>
news-4106 Fri, 24 May 2019 14:54:43 +0200 Subsidieoproep Verbeteren wijkgericht werken: integraal en op maat! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieoproep-verbeteren-wijkgericht-werken-integraal-en-op-maat/ De eerste subsidieoproep van het nieuwe programma Wat werkt voor de jeugd is opengesteld. Voor deze oproep kunnen onderzoeksvoorstellen ingediend worden waarmee de kwaliteit van wijkgericht werken met kinderen en gezinnen verbeterd wordt. De decentralisatie van de jeugdhulp beoogt dat gemeenten door wijkgericht te werken beter in staat zijn om integraal beleid te ontwikkelen en maatwerk te bieden, afgestemd op de lokale situatie en uitgaande van de mogelijkheden (eigen kracht) en de behoeften van individuele kinderen en hun ouders. Uitgangspunt hierbij is dat gemeenten makkelijker verbindingen kunnen leggen tussen de verschillende domeinen. 

Wijkgericht werken gaat over aansluiten op wat kinderen, hun ouders/verzorgers en professionals nodig hebben om kinderen zo optimaal mogelijk te kunnen laten opgroeien. Met het integraal werken wordt er gewerkt vanuit de situatie en het vraagstuk van de kinderen/ouders. Dat betekent dat professionals niet moeten denken vanuit wat ze zelf als organisatie te bieden hebben, maar moeten kijken naar wat voor de situatie en vraag van het gezin een passende oplossing kan zijn: op maat! 

Het doel van deze subsidieoproep is onderzoek uit te zetten waarmee de kwaliteit van wijkgericht werken met kinderen en gezinnen verbeterd wordt. Ook wordt er één project toegekend dat bestaande kennis bundelt en de verschillende lopende trajecten verbindt. De projecten dragen bij aan kennisontwikkeling over wat werkt, en het toepasbaar maken en het benutten van bestaande kennis ter versterking van de kwaliteit van lokale teams en wijkgericht werken met gezinnen.

Deadline voor het indienen van aanvragen is 12 september 14.00 uur. Lees de subsidieoproep voor meer details en de randvoorwaarden.

ZonMw-programma Wat werkt voor de jeugd 

Met het  kennisontwikkelingsprogramma Wat werkt voor de jeugd wil ZonMw meer te weten komen over wat werkt in de hulp en ondersteuning voor jongeren en gezinnen.

Meer weten?

]]>
news-4101 Fri, 24 May 2019 12:04:19 +0200 Kan het proces van richtlijnontwikkeling effectiever? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kan-het-proces-van-richtlijnontwikkeling-effectiever/ Over deze vraag boog de werkgroep van het project ‘JGZ-richtlijnen: slimmer en sneller’ zich. In samenspraak met het veld en relevante stakeholders zijn de processtappen van de huidige werkwijze van richtlijnontwikkeling doorlopen. Met de ervaringen uit het veld is gekeken is hoe stappen mogelijk efficiënter ingericht kunnen worden. Dit heeft geleid tot een adviesrapport met een actieplan. Adviesrapport 

Het adviesrapport met bijbehorend actieplan is opgesteld door Karien Dijk, staf en beleidsmedewerker en Annet Cornelisse, staf en jeugdverpleegkundige, vanuit GGD Fryslân. De adviezen zijn in gezamenlijkheid met jgz-professionals van verschillende regio’s, richtlijnontwikkelaars, NCJ en ZonMw ontwikkeld tijdens de werksessies. Tevens is er aan implementatiefunctionarissen gevraagd wat zij nodig hebben aan tools bij de implementatie van jgz-richtlijnen. Ook deze adviezen zijn opgenomen in het rapport. 

Hoe zijn de adviezen tot stand gekomen?

Het project is gestart met het uitzetten van een landelijke vragenlijst, waarbij ervaringen rondom implementatie en ontwikkeling van jgz-richtlijnen zijn opgehaald bij zowel jgz-professionals als stakeholders. In de daaropvolgende klantenarena is er met een vertegenwoordiging vanuit het veld gediscussieerd over de opgehaalde ervaringen. Vervolgens is in 3 sessies het proces van ontwikkeling tot en met uitvoering van richtlijnen in kaart gebracht. Dit gebeurde met een afvaardiging van onder andere jgz-professionals en richtlijnontwikkelaars. Hierbij zijn knelpunten geanalyseerd en verbeterpunten aangedragen. Onderdelen van de adviezen zijn gepresenteerd en getoetst bij verschillende stakeholders, zoals beroepsgroepen, brancheorganisaties. NCJ en ZonMw hebben meegelezen met de resultaten en adviezen van het project en feedback hierop gegeven.

Een greep uit de adviezen

De adviezen uit het rapport zijn veelzijdig. Dit varieert van algemene adviezen zoals dat richtlijnen omgezet zouden kunnen worden naar modules en dat meer communicatie over de totstandkoming van een richtlijn wenselijk is, tot meer specifieke adviezen. Tevens wordt er geadviseerd dat een duidelijkere taakomschrijving nodig is voor jgz-professionals die willen deelnemen aan een werkgroep richtlijnontwikkeling. 

Hoe nu verder?

De adviezen vanuit het rapport worden door ZonMw verwerkt in de concept programmatekst voor het nieuwe programma Richtlijnen JGZ 2019-2024. In toekomstige oproepen voor de ontwikkeling en herziening van richtlijnen zullen veel van de adviezen worden meegenomen als voorwaarde voor de aanvraag van de ontwikkelaars. ZonMw en het NCJ kijken samen hoe ze gedeelde adviezen kunnen oppakken zoals meer inzicht geven in het proces rondom richtlijnen. Heb je nog aanvullende tips of wensen met betrekking tot richtlijnen? We zijn benieuwd. Mail ze naar bterpstra@ncj.nl.

Meer weten?

]]>
news-4099 Fri, 24 May 2019 11:55:50 +0200 Toekomst jgz-richtlijnen: modulaire vormgeving voor makkelijker raadplegen en sneller actualiseren https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/toekomst-jgz-richtlijnen-modulaire-vormgeving-voor-makkelijker-raadplegen-en-sneller-actualiseren/ In opdracht van ZonMw wordt in de komende maanden een werkwijze voor het omzetten en herzien van jgz-richtlijnen naar modules ontwikkeld. Miranda Langendam, epidemioloog en methodoloog richtlijnontwikkeling bij Amsterdam UMC doet dat in samenwerking met richtlijnontwikkelaars, jgz-professionals en overige eindgebruikers. Een modulaire vormgeving in een vast format vereenvoudigt het vinden van relevante informatie door de jgz-professional en maakt flexibeler onderhoud van de richtlijnen mogelijk. Komende jaren worden alle richtlijnen omgezet.Waarom naar modulaire richtlijnen? In het adviesrapport Herziening, Versnelling en Vernieuwing Richtlijnen JGZ van IQHealthcare wordt aanbevolen om te kiezen voor een modulaire opbouw van jgz-richtlijnen. Ook in het recentelijk opgeleverde advies en actierapport van het project JGZ richtlijnen: slimmer en sneller wordt het advies ondersteund om richtlijnen om te zetten naar modules opdat er meer samenhang tussen richtlijnen gecreëerd wordt. 

Bij een modulaire opbouw wordt een richtlijn opgedeeld in kleinere blokken, zogenaamde modules, die elk een uitgangsvraag beantwoorden. Een module bestaat uit een uitgangsvraag met bijbehorende aanbeveling(en), onderbouwing en verantwoordingsinformatie. Ook zijn eventuele andere aanverwante producten, documenten en/of hyperlinks in de module te vinden. 

Om kinderen de beste zorg te kunnen geven is het van belang dat richtlijnen gebaseerd zijn op de actuele stand van zaken van de wetenschappelijke en praktijkkennis. Daarvoor is het onderhoud van bestaande richtlijnen cruciaal. Door de modulaire vormgeving kan een richtlijn gedeeltelijk herzien of aangevuld worden wanneer hier aanleiding toe is. Dat is veel efficiënter dan een gehele richtlijn herzien. Ook is samenhang tussen richtlijnen makkelijker aan te geven. De richtlijn overgewicht kan bijvoorbeeld doorlinken naar relevante modules van de richtlijn voeding. Maar ook kan een vaste module onder meerdere richtlijnen geplaatst worden, zoals een module over verwijscriteria. 

Basis voor het nieuwe ZonMw-programma Richtlijnen JGZ 2019-2024

Eind 2019 wordt de conceptwerkwijze opgeleverd voor het omzetten van richtlijnen naar modules. De conceptwerkwijze wordt getest op een tweetal bestaande richtlijnen zodat de methode goed aansluit bij de behoeften en ervaringen vanuit het veld. Ook zal de pilot inzicht geven in de haalbaarheid, benodigde inspanning  en de knelpunten. De ervaringen vanuit de pilot worden verwerkt tot een definitieve werkwijze. De nieuwe werkwijze legt de basis voor het ZonMw-programma Richtlijnen JGZ 2019-2024, waarbinnen bestaande jgz-richtlijnen omgezet zullen worden naar modulair opgebouwde richtlijnen. 

Meer weten?

]]>
news-3943 Thu, 18 Apr 2019 14:20:00 +0200 JGZ-richtlijn ondergewicht beschikbaar https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/jgz-richtlijn-ondergewicht-beschikbaar/ De jeugdgezondheidszorg (JGZ)-richtlijn ondergewicht is onlangs gepubliceerd. De richtlijn biedt achtergrondinformatie over het normale gewichtsverloop, monitoring, signalering, verwijscriteria, en advisering en begeleiding bij ondergewicht. Groei als indicator voor gezondheid en welzijn

Een gezond gewicht is belangrijk voor het functioneren van kinderen. Het draagt bij aan een goede lichamelijke gezondheid, maar ook aan een goede psychische en emotionele gezondheid.
Het monitoren van groei, het signaleren en zo nodig verwijzen van kinderen met (dreigend) ondergewicht en ondervoeding behoort tot de wettelijke taken van de JGZ. De nieuwe richtlijn biedt ondersteuning aan de JGZ-professionals om ouders en kinderen beter preventief te adviseren over voeding en andere risicofactoren bij dreigend ondergewicht. De richtlijn geeft ook duidelijke adviezen over wanneer de JGZ naar welke samenwerkingspartner kan verwijzen. 

Wil je weten welke thema’s er in de richtlijn worden behandeld, kijk dan dit filmpje.

Implementatie

Het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ) biedt ondersteuning bij het implementeren van nieuwe richtlijnen in de praktijk middels een implementatietoolkit en het netwerk van JGZ-implementatiefunctionarissen. Bekijk de richtlijn op de JGZ-richtlijnenwebsite en de JGZ-richtlijnen app van het NCJ. Ook zijn de adviezen uit de richtlijn vertaald voor ouders op de site van Stichting Opvoeden.nl. Zo is de tekst op de website geactualiseerd voor peuters, basisschoolleerlingen en pubers

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft als doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding. 

Meer weten?

]]>
news-3891 Tue, 09 Apr 2019 12:06:58 +0200 Feedback gevraagd herziening JGZ-richtlijn Astma https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/feedback-gevraagd-herziening-jgz-richtlijn-astma/ Vindt u het ook belangrijk dat een richtlijn goed aansluit op de behoeften van de praktijk? U kunt tot maandag 6 mei 2019 reageren op het concept van de herziene JGZ-richtlijn Astma. De richtlijn en de wetenschappelijke verantwoording ervan zijn onlangs geactualiseerd. De richtlijn is herzien vanwege de actuele ontwikkelingen bij de thema’s roken en borstvoeding en vanwege de wens om aan te sluiten bij werkwijzen van andere sectoren, zoals bij de standaard ‘Astma bij kinderen’ van het Nederlands Huisarts Genootschap (NHG, 2014). De herziene richtlijn wordt door TNO ontwikkeld in opdracht van en met financiering van ZonMw. Na de commentaarronde wordt de aangepaste conceptrichtlijn besproken met de programmacommissie van ZonMw en de richtlijnadviescommissie (RAC) van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ). 

Wat wordt gevraagd?

Kritisch meelezen met een conceptrichtlijn helpt om richtlijnen en de praktijk beter op elkaar aan te laten sluiten. Een richtlijn kan immers enkel ondersteuning bieden als deze goed aansluit op de wensen vanuit de praktijk. 

De richtlijnontwikkelaar en werkgroep zijn voor deze consultatie vooral benieuwd naar:

  • Is de richtlijntekst voldoende concreet?
  • Is de richtlijn praktisch uitvoerbaar?
  • Staan er onjuistheden in de tekst?

Hoe kan ik commentaar leveren?

U kunt de richtlijnen bekijken op de richtlijnenwebsite van het NCJ, onder het kopje ‘richtlijnen in testfase’. Omdat het conceptrichtlijnen betreffen heb je daarvoor een inlogcode nodig. Deze kunt u opvragen bij ineke.vankempen@tno.nl. U ontvangt dan ook een formulier waar u uw commentaar op kunt invullen. De werkgroep bundelt de ontvangen commentaren en verwerkt deze in definitieve versie van de richtlijn.

U kunt uw opmerkingen op de concept richtlijntekst vóór 6 mei 2019 per e-mail sturen naar Ineke van Kempen: ineke.vankempen@tno.nl.

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft tot doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van jgz-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in jgz-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding. 

Meer informatie

]]>
news-3738 Fri, 08 Mar 2019 10:01:06 +0100 Nieuwe JGZ-richtlijn Lengtegroei beschikbaar https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-jgz-richtlijn-lengtegroei-beschikbaar/ Deze week is de (ver)nieuw(d)e jeugdgezondheidszorg (JGZ)-richtlijn Lengtegroei gepubliceerd. De richtlijn bestaat uit een nieuw gedeelte ‘Grote lengtegroei’ en een update en aanpassing van de bestaande richtlijn ‘Signalering en verwijscriteria bij kleine lichaamslengte’ (2010). De richtlijn Lengtegroei geeft vernieuwde en uitgebreidere informatie over het monitoren van groei en over signaleren van afwijkende lengtegroei. Door deze nieuwe richtlijn vervalt de bestaande richtlijn. Groeimonitoring van kinderen is van groot belang voor het tijdig opsporen van aandoeningen die een effect hebben op de groei. Tijdige opsporing en behandeling kunnen leiden tot een betere prognose. De richtlijn geeft aanbevelingen over het meten en monitoren van de lengtegroei, oorzaken en signalen van een afwijkende lengtegroei en begeleiding door de JGZ.

Wilt u weten welke thema’s er in de richtlijn worden behandeld, kijk dan het filmpje.

Implementatie

Het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ) biedt ondersteuning bij het implementeren van nieuwe richtlijnen in de praktijk door middel van een implementatietoolkit en het netwerk van JGZ-implementatiefunctionarissen. Bekijk de richtlijn op de JGZ-richtlijnenwebsite en de JGZ-richtlijnen app van het NCJ. Ook is de informatie voor ouders over lengtegroei op de site van Stichting Opvoeden.nl geactualiseerd. En zijn er voor ouders en jeugdigen folders beschikbaar.

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft als doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding.

Meer weten?

 

]]>
news-3631 Mon, 18 Feb 2019 08:45:30 +0100 Het gaat niet altijd goed: implementatie van blended care in de jeugdgezondheidszorg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/het-gaat-niet-altijd-goed-implementatie-van-blended-care-in-de-jeugdgezondheidszorg/ In een samenwerking tussen GGD Hart voor Brabant en TNO werden bestaande, evidence-based werkwijzen rondom excessief huilen en pesten doorontwikkeld naar een online variant. De omstandigheden rondom de start van het project leken ideaal. Toch is het project door achterblijvende respons van deelnemers voor het onderzoek eerder gestopt. Wat kunnen we hiervan leren? Voorafgaand aan het project ‘Consultatiebureau van de toekomst: de ontwikkeling en evaluatie van ‘blended care’ in de jeugdgezondheidszorg’ is TNO benaderd door praktijkinstelling GGD Hart voor Brabant met de vraag of zij onderzoek wilde doen naar blended care in de jeugdgezondheidszorg (JGZ).

Blended care

Blended care is een combinatie van online en offline zorg en contactmomenten. Een deel van de bestaande face-to-face werkwijzen in de zorg wordt vervangen. Hoewel blended care in de JGZ nog niet veel wordt ingezet, experimenteert de JGZ van GGD Hart voor Brabant al enkele jaren met deze innovatieve werkwijze en deze leek goed aan te sluiten bij de behoeften van ouders. Vandaar dat GGD Hart voor Brabant en TNO besloten hebben de werkwijze door te ontwikkelen en op werkzaamheid te onderzoeken.

Doel project

Het doel van dit project was de zorg aan ouders en jeugdigen te verbeteren door blended care in te zetten op de thema’s excessief huilen en pesten door:
•    Bestaande werkwijzen door te ontwikkelen naar een blended vorm. 
•    Deze blended werkwijzen in een haalbaarheidsstudie te toetsen op proces, succes, duur van het traject en cliënttevredenheid.
•    Kansen en belemmeringen voor implementatie van de blended werkwijzen in kaart te brengen.

Het project liep anders

Na 1,5 jaar blijkt de respons van deelnemers achter te blijven. Ondanks het feit dat de onderzoeksvraag vanuit de praktijk kwam en de praktijk ook vanaf het begin nauw betrokken is geweest bij het onderzoek. 
Wat zorgde ervoor dat de implementatie anders verliep dan verwacht? En welke factoren waren hierop van invloed? Ter afsluiting van het project zijn 7 JGZ-professionals naar hun mening gevraagd. Dit waren zowel verpleegkundigen en artsen als leidinggevenden en beleidsmedewerkers.

Het blijkt dat implementatie van de blended care-modules wordt beïnvloed door een scala aan belemmerende en bevorderende factoren die te maken hebben met het niveau van de interventie, de gebruiker, organisatie en sociaal-politieke omgeving. Deze factoren zijn uitgewerkt in een factsheet. Voor een succesvolle toepassing dient de implementatiestrategie op al deze factoren in te spelen.

Flyer

In de flyer 'Het lukt niet altijd: implementatie van blended care in de jeugdgezondheidszorg' leest u meer over de belemmerende en bevorderende factoren in de praktijk.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector 

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  
Dit project is tot stand gekomen met financiering vanuit dit programma.

Meer informatie

]]>
news-3605 Mon, 11 Feb 2019 11:15:49 +0100 SamenStarten erkend als goede theoretisch onderbouwde interventie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/samenstarten-erkend-als-goede-theoretisch-onderbouwde-interventie/ De interventie SamenStarten is erkend als theoretisch goed onderbouwd en goed uitvoerbare interventie. De interventie wordt toegepast door jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen om de psychosociale ontwikkeling van kinderen te ondersteunen. De erkenningscommissie is vooral te spreken over de positieve benadering en de samenwerking tussen de diverse ketenpartners. De Erkenningscommissie Interventies is ingesteld en wordt ondersteund door RIVM Centrum Gezond Leven (CGL), Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ), het Kenniscentrum Sport, Nederlands Jeugdinstituut (NJi), het Trimbos-instituut, Movisie en Vilans.

Wat is SamenStarten?

SamenStarten is een programma dat de psychosociale ontwikkeling van kinderen vanaf de geboorte ondersteunt. SamenStarten wordt binnen de JGZ toegepast tijdens de contactmomenten tot vier jaar. Kenmerkend is de samenwerking tussen partners in het brede jeugddomein, een specifieke gespreksmethodiek en het stapsgewijs volgsysteem. Huisbezoeken vormen een belangrijk onderdeel van SamenStarten. 

SamenStarten App

In navolging op de interventie is de SamenStarten App ontwikkeld die bijdraagt aan de communicatie en samenwerking tussen verpleegkundigen en ouders. De app helpt ouders hulpvragen te verwoorden en bevat voorlichtingsmaterialen en een sociale kaart. Hierdoor biedt de app ondersteuning op maat waarmee de ouders zelf aan de slag kunnen. Momenteel worden de kosten en baten bepaald van de SamenStarten App in het ZonMw-programma Versterking Uitvoeringspraktijk JGZ. 

Meer weten?

]]>
news-3424 Fri, 11 Jan 2019 08:04:00 +0100 Kennisagenda Jeugd: een schot in de roos https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kennisagenda-jeugd-een-schot-in-de-roos/ De boegbeelden van de NWA-route Jeugd zijn in de laatste weken van 2018 op tournee geweest om namens de Taskforce Jeugd de Kennisagenda Jeugd bij vier ministeries te presenteren. De Kennisagenda werd goed ontvangen: de verschillende departementen zien de meerwaarde van een breed gedragen Kennisagenda en gezamenlijk optrekken op het gebied van jeugd. Het doel van de Kennisagenda is om wetenschappers, beleidsmakers en professionals uit te dagen om samen nieuwe kennis over jeugd te ontwikkelen.
De Kennisagenda is te downloaden of te bestellen.

De Taskforce Jeugd heeft de afgelopen jaren onder leiding van de boegbeelden Monique Volman (Universiteit van Amsterdam) en Judi Mesman (Universiteit Leiden) gewerkt aan de totstandkoming van de Kennisagenda. Volgens hen is de Kennisagenda het resultaat van een unieke samenwerking: niet alleen een groot aantal partijen op het gebied van jeugd en ontwikkeling, ook ministeries, ouders én jongeren zijn betrokken bij de totstandkoming ervan.

Bij de vier betrokken ministeries werden de boegbeelden met open armen ontvangen. Carsten Herstel, directeur Sanctietoepassing en Jeugd bij het ministerie van Justitie en Veiligheid, noemt de agenda ‘schot in de roos’. Bernard ter Haar directeur-generaal Sociale Zekerheid en Integratie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) zag ook verschillende thema’s terugkomen die voor het ministerie van belang zijn en minister de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport benadrukte dat er ook aandacht moet zijn voor kennis over een goede organisatie en inrichting van o.a. jeugdhulp en onderwijs. Fons Dingelstad, directeur Kennis van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) noemt het thema ‘normativiteit van opvoeding en onderwijs’ fascinerend en zal binnen OCW de discussie hierover en over de andere twee interessante thema’s aanjagen.

Het doel van de Kennisagenda is om de thema’s concreet te maken en daarmee wetenschappers, beleidsmakers en professionals in het jeugddomein handvatten te geven om over de grenzen van hun eigen domein heen te kijken en samen nieuwe kennis over de jeugd te ontwikkelen. Mede daarom zijn bij de totstandkoming van de Kennisagenda een groot aantal partijen op het gebied van ontwikkeling, opvoeding en onderwijs betrokken. Wat de Kennisagenda uniek maakt is dat niet alleen professionals een inbreng hebben gehad, maar juist ook ouders en jongeren. Het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) heeft in samenwerking met andere onderdelen van NWO en ZonMw de Taskforce ondersteund bij de totstandkoming van de Kennisagenda. Zij gaan verkennen op welke manier de thema’s van de Kennisagenda een plek kunnen krijgen in hun programmering.

Meer weten?

]]>
news-3385 Thu, 20 Dec 2018 07:56:22 +0100 Kennisagenda Jeugd maakt een derde stop: Carsten Herstel, directeur Sanctietoepassing en Jeugd, noemt agenda ‘schot in de roos’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kennisagenda-jeugd-maakt-een-derde-stop-carsten-herstel-directeur-sanctietoepassing-en-jeugd-noem/ Carsten Herstel, directeur Sanctietoepassing en Jeugd van het ministerie van Justitie en Veiligheid (J&V) heeft op maandag 17 december 2018 de Kennisagenda Jeugd in ontvangst genomen. Eerder werd de agenda al aangeboden aan minister De Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en directeur-generaal Bernard ter Haar van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). De Kennisagenda Jeugd is het resultaat van een unieke samenwerking waarbij maar liefst vier verschillende ministeries betrokken zijn. De domeinen ontwikkeling, opvoeding en onderwijs, die tot nu toe veelal los van elkaar werkten, worden uitgedaagd om belangrijke kennisvraagstukken op het thema Jeugd gezamenlijk op te pakken. De aanbieding werd, namens de Taskforce Jeugd gedaan door Judi Mesman, een van de boegbeelden van de NWA-route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs. De Kennisagenda wordt aan het einde van 2018 feestelijk overhandigd aan vertegenwoordigers van de verschillende ministeries die bij de totstandkoming van de Kennisagenda betrokken zijn geweest; op 21 december volgt de aanbieding op het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).

U vindt de Kennisagenda hier

Reactie Carsten Herstel

De heer Herstel noemt de Kennisagenda Jeugd een schot in de roos: de agenda sluit aan bij de doelstelling van het ministerie om op het thema jeugd meer werk te maken van de interdepartementale samenwerking. 

De titel van de Kennisagenda ‘Een goede basis’ is treffend, volgens de heer Herstel, omdat goed beleid niet kan zonder goede wetenschappelijke kennis. Voor het ministerie van J&V zijn de thema’s die genoemd worden in de Kennisagenda relevant. Met name ‘overgangen en aansluitingen’, ‘intergenerationele overdracht’ en ‘normativiteit van opvoeding en onderwijs (expliciteren van de normen die onder regelgeving en beleid liggen)’ zijn thema’s waar het ministerie ook mee bezig is en waar wetenschappelijke kennis zeker gewenst is. 

Veel partijen én jongeren betrokken bij totstandkoming Kennisagenda

Het doel van de Kennisagenda is om deze thema’s concreet te maken en daarmee wetenschappers, beleidsmakers en professionals in het jeugddomein handvatten te geven om over de grenzen van hun eigen domein heen te kijken en samen nieuwe kennis over de jeugd te ontwikkelen. Mede daarom zijn bij de totstandkoming van de Kennisagenda een groot aantal partijen op het gebied van ontwikkeling, opvoeding en onderwijs betrokken. Wat de Kennisagenda uniek maakt is dat niet alleen professionals een inbreng hebben gehad, maar juist ook ouders en jongeren. Het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) heeft in samenwerking met andere onderdelen van NWO en ZonMw de Taskforce ondersteund bij de totstandkoming van de Kennisagenda.

NWA biedt kansen

De verschillende thema’s uit de Kennisagenda Jeugd hangen met elkaar samen, vullen elkaar aan of overlappen elkaar. Deze zouden dan ook niet los van elkaar onderzocht moeten worden. Hier liggen kansen voor onderzoekers om samen met collega’s uit andere domeinen en disciplines grootschalig onderzoek op te zetten. De verschillende calls van de NWA bieden hier mogelijkheden voor. 

J&V herkent zich in het appel dat de Taskforce en Kennisagenda doen om het kind nog meer centraal te stellen en gaat de samenwerking met andere departementen verder versterken om de kennisopbouw een impuls te geven.

Meer weten?

]]>
news-3272 Mon, 26 Nov 2018 13:05:44 +0100 Masterclasses Jongerenparticipatie in onderzoek - schrijf je nu in! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/masterclasses-jongerenparticipatie-in-onderzoek-schrijf-je-nu-in/ Op vrijdag 8 en vrijdag 22 maart 2019 organiseert ZonMw in samenwerking met Christine Dedding (Amsterdam UMC) en Esther Peeters twee masterclasses over jongerenparticipatie in onderzoek. Zowel onderzoekers in het jeugdveld als jongeren die interesse hebben om hun stem te laten horen in onderzoek zijn van harte welkom. Meld je nu aan. Programma

Masterclass 1 (vrijdag 8 maart 2019) - Kennismaken met jongerenparticipatie
Deze masterclass is bedoeld voor onderzoekers die graag meer jongeren willen betrekken bij onderzoek, maar nog niet goed weten hoe en wat het oplevert. Na afloop ben je aan het denken gezet over vragen: wat is participatie, waarom is het zo belangrijk, is het altijd nodig en wanneer is het goed genoeg? 

Masterclass 2 (vrijdag 22 maart 2019) - Dilemma’s bij jongerenparticipatie
Op deze dag – bedoeld voor onderzoekers die enige ervaring hebben met het betrekken van jongeren – staan dilemma’s centraal die door de deelnemers zelf zijn ingebracht.Tijdens deze masterclass diepen onderzoekers en jongeren op inspirerende wijze concrete vraagstukken rond het betrekken van jongeren bij onderzoek uit. Na afloop heb je concrete oplossingsrichtingen voor je dilemma, en inzicht in de dilemma’s van collega-onderzoekers. 

Wat valt er voor jongeren te halen?

Voor beide masterclasses geldt dat je er op inspirerende wijze leert wat je sterke punten zijn en ontdekt hoe jij je stem kunt laten horen in onderzoek in de jeugdsector. Op deze dag ervaar je hoe je jouw kennis kunt inzetten voor onderzoek naar vragen die jongeren belangrijk vinden. En zo invloed uit kunt oefenen op het gezond en veilig opgroeien van jongeren. Je krijgt inzicht in en hoe je je sterke punten het beste kunt inzetten in je samenwerking met onderzoekers. 

Beide masterclasses zijn interactief opgezet. Naast het gezamenlijke deel zal ook een gedeelte van de dag apart ingericht zijn voor onderzoekers en jongeren.  

Wie kan deelnemen?

Iedere onderzoeker (zowel vanuit praktijkinstellingen als onderzoeksinstellingen) in de jeugdsector kan zich aanmelden. Bij voorkeur meldt elke onderzoeker zich gezamenlijk met een jongere aan. Ook jongeren die interesse hebben om te participeren in onderzoek kunnen zich inschrijven. Deelname aan één van de twee de masterclasses is gratis. 

Aanmelden 

Meld je nu aan via ons inschrijfformulier. Wacht niet te lang met inschrijven, want het aantal beschikbare plaatsen is beperkt. Schrijf je dus alleen in als je daadwerkelijk kunt komen. 

Meer informatie

  • Tijdstip: beide masterclasses duren van 9:30 uur tot 16:30 uur 
  • Locatie: Utrecht

Voor meer informatie over de masterclasses kunt u contact opnemen met ZonMw via effectiefjeugd@zonmw.nl. 

Programma Effectief werken in de jeugdsector

Het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector draagt onder andere bij aan het vergroten van de kennis over wat werkt in de jeugdsector waarom, voor wie, wanneer en onder welke condities.

Meer weten?

]]>
news-3136 Mon, 22 Oct 2018 14:14:46 +0200 JGZ-richtlijn taalontwikkeling beschikbaar https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/jgz-richtlijn-taalontwikkeling-beschikbaar/ De jeugdgezondheidszorg (JGZ)-richtlijn Taalontwikkeling is onlangs gepubliceerd. De richtlijn biedt informatie over de normale taalontwikkeling, inzicht in mogelijke ontwikkelproblemen, en een overzicht van risicofactoren en beschermende factoren. Daarnaast geeft het professionals handvatten om kinderen met een achterstand of stoornis te begeleiden. Taal als basis voor de gehele ontwikkeling

Taal is een belangrijk onderdeel van de totale ontwikkeling van een kind, omdat het ontwikkelingen op sociaal en emotioneel gebied ondersteunt. De JGZ kan een achterstand of stoornis in de taalontwikkeling vaak tijdig signaleren. Zo krijgen kinderen en hun ouders passende begeleiding wanneer dit nodig is. Het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ) legt in dit filmpje meer uit over de richtlijn. 

Implementatie

Het NCJ biedt ondersteuning bij het implementeren van nieuwe richtlijnen in de praktijk middels een implementatietoolkit en het netwerk van JGZ-implementatiefunctionarissen. Bekijk de richtlijn op de JGZ-richtlijnenwebsite en de JGZ-richtlijnen app van het NCJ. Ook is de informatie over taalontwikkeling op de site van Stichting Opvoeden.nl geactualiseerd voor ouders.  

ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft als doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding. 

Meer weten?

]]>
news-3041 Tue, 25 Sep 2018 15:12:42 +0200 Onderzoek voor de JGZ krijgt vervolg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-voor-de-jgz-krijgt-vervolg/ De ZonMw-programma’s Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013 – 2018 en Versterking Uitvoeringspraktijk Jeugdgezondheidszorg krijgen vanaf 2019 een vervolg. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft ZonMw verzocht om voor beide programma’s een vervolg uit te werken. Om de programma’s goed aan te laten sluiten bij de behoeftes van het veld, wordt een consultatieronde gehouden. Kennisprogramma

Het vervolg van het programma Versterking Uitvoeringspraktijk JGZ zal zich richten op ontwikkeling en verankering van praktisch toepasbare kennis voor de jeugdgezondheidszorg (JGZ). Hierbij wordt aangesloten op het actieprogramma Kansrijke start en andere actuele ontwikkelingen in de JGZ. Er zal in ieder geval aandacht zijn voor: de samenwerking tussen het medische en sociale domein, kwetsbare ouders, flexibele inzet van de contactmomenten van de JGZ en de ontwikkelingen ten aanzien van de digitalisering in de JGZ.

Richtlijnen

Het nieuwe richtlijnenprogramma zal zich richten op de vernieuwing van het richtlijnontwikkelproces, de ontwikkeling en herziening van richtlijnen JGZ en de ondersteuning van de implementatie van richtlijnen. 

Verbinding

Er wordt ingezet op een stevige verbinding tussen beide programma’s. Zo wordt de implementatie van nieuwe kennis via de richtlijnen en de vertaling van hiaten uit richtlijnen naar nieuwe kennisvragen bevorderd. 

Aansluiten bij de praktijk 

Om de programma’s goed aan te laten sluiten bij de behoeftes van het veld, wordt een consultatieronde gehouden bij de relevante beroeps- en brancheverenigingen en andere organisaties. Daarnaast worden ook individuele praktijkprofessionals, wetenschappers en beleidsmedewerkers betrokken bij de consultatieronde. Wilt u weten wanneer de consultatieronde start? Vul dan uw gegevens in op dit formulier

Meer weten?

]]>
news-3036 Tue, 25 Sep 2018 14:07:14 +0200 Gezinsgericht werken werkt https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gezinsgericht-werken-werkt/ Ouders kunnen een belangrijke rol spelen bij het voorkomen van recidive bij jeugdige delinquenten of jeugdigen met problematisch gedrag. Gezinsgericht werken richt zich op het systematisch betrekken van ouders bij de behandeling van hun kind in een Justitiële Jeugdinrichting (JJI) of JeugdzorgPlus-instelling. En het lijkt erop dat deze manier van werken een positief effect heeft op de verdere ontwikkeling van jongeren. Inge Simons is op 5 september 2018 gepromoveerd op onderzoek naar Gezinsgericht werken in een JJI. Dit onderzoek is gefinancierd vanuit het ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Jeugd. 

Ouderparticipatie in Justitiële Jeugdinrichting

De eerste twee jaar van de implementatie van Gezinsgericht werken in de JJI’s vielen in de onderzoeksperiode van Simons. Uit haar onderzoek bleek dat ongeveer de helft van de uitgenodigde ouders op het kennismakingsgesprek kwam. Circa driekwart van alle ouders kwam op bezoek bij hun kind en ruim 40% van de ouders vulde vragenlijsten in. 

Of ouderparticipatie bewerkstelligd kan worden, hangt van diverse omstandigheden af. Om te beginnen zijn er de praktische factoren. Het kan bijvoorbeeld lastig of tijdrovend voor ouders zijn om de jeugdinrichting te bereiken. Soms is er geen geld voor de reis. Andere ouders hebben een baan die het moeilijk maakt deel te nemen aan activiteiten. En verder kan de gang naar de inrichting met zijn poorten, sluizen en andere strenge beveiligingsmaatregelen ouders afschrikken. Dan zijn er ouderspecifieke factoren. Is er bijvoorbeeld sprake van liefde voor en vertrouwen in het kind? Zijn de ouders boos of teleurgesteld? Kunnen ze de situatie wel aan? Hebben ze eerdere ervaringen met instanties die participatie in de weg staan? En ten slotte is er de ouder-kindrelatie. Verzet het kind zich bijvoorbeeld tegen de ouders of hebben ze juist een goede relatie? Missen de ouders hun kind? Maken ze zich zorgen? Zien ze ook de positieve eigenschappen van het kind? En verwachtten de ouders al dat hun kind een keer tegen de lamp zou lopen of kwam dat als een volkomen verrassing?

JeugdzorgPlus

Gezinsgericht werken is in 2017 verder uitgebreid naar jongeren in JeugdzorgPlus. Het lijkt erop dat het ook in de JeugdzorgPlus positieve effecten heeft. Bij jongeren in JeugdzorgPlus-instellingen is vaak sprake van ernstige, complexe problemen. Bij een effectieve behandeling van deze problemen is er aandacht voor het sociale systeem van de jongere. Verdiepend onderzoek van de Longitudinale effectmonitor JeugdzorgPlus heeft in kaart gebracht op welke manier JeugdzorgPlus-instellingen ouders betrekken, welk effect dat heeft en door welke factoren dat effect wordt beïnvloed. Er blijkt al veel contact met ouders te zijn vanuit de instellingen. Wel verschillen instellingen in de mate van gezinsgericht werken, in hoe competent medewerkers zich hierin voelen en hoe ze denken over het betrekken van ouders.
Op leefgroepen waar meer gezinsgericht wordt gewerkt, is het verblijf van jongeren korter, gaan zij vaker terug naar huis en wordt vaker gezinstherapie ingezet. Gezinsgericht werken lijkt voor verschillende groepen jongeren en ouders even positief te zijn. Gezinstherapie wordt nog relatief weinig ingezet. Hier lijkt ruimte voor verbetering.

Meer informatie

]]>
news-3027 Fri, 21 Sep 2018 11:49:01 +0200 Verwachtingen over jeugdhulp van invloed op instroom https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/verwachtingen-over-jeugdhulp-van-invloed-op-instroom/ Ouders en jongeren hebben soms negatieve verwachtingen over jeugdhulp, wat het zoeken en ontvangen van hulp in de weg kan staan. Dit is één van de conclusies uit het onderzoek van Marieke Nanninga, waarop zij 12 september promoveerde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Vooral ouders met een laag opleidingsniveau en hun adolescente kinderen verwachten knelpunten ten aanzien van kosten, duur, informatie en inspraak. Systeem werkt zoals bedoeld

Nanninga deed binnen de academische werkplaats C4Youth onderzoek naar de kenmerken van jeugdigen in de zorg, knelpunten in de toegang naar zorg en de rol daarvan voor de uitkomsten van de geboden hulp. In haar studie volgde zij 3 jaar lang ruim 2000 kinderen; een groep die instroomde in de Groningse jeugdhulp en een representatieve controlegroep. 
Uit haar onderzoek komt ook naar voren dat weinig sociale steun, weinig opvoedvaardigheden van ouders en gezinsproblemen de kans op het gebruik van hulp vergroten. Kinderen met milde problemen komen met name terecht bij lichte hulp en kinderen met meer ernstige en complexe problemen bij gespecialiseerde hulp. Het systeem van jeugdhulp lijkt daarmee te werken zoals bedoeld, waarbij vooral de jeugdzorg hulp levert aan kinderen die meerdere problemen hebben. 

Baat bij hulp

Veel van de kinderen en gezinnen lijken baat te hebben bij de hulp; hun problemen verminderen tijdens de periode waarin ze hulp krijgen. De afname van problemen tijdens de zorg is bemoedigend, ook al geeft dit onderzoek geen antwoord op de vraag of dit effect uitsluitend is toe te schrijven aan de ontvangen hulp. De duur van de zorg hangt  samen met het type zorg – kort, vaak minder dan drie maanden, bij jeugdgezondheidszorg en langer bij jeugd-ggzen jeugdzorg.

ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Jeugd

Nanninga voerde haar promotieonderzoek uit binnen de Academische Werkplaats C4Youth, gefinancierd binnen het programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd.

Meer weten?

]]>
news-3026 Thu, 20 Sep 2018 16:25:19 +0200 5 regionale leernetwerken jeugd van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/5-regionale-leernetwerken-jeugd-van-start/ In het najaar van 2018 starten 5 regionale leernetwerken van hogescholen en praktijkorganisaties die verbonden zijn aan een Academische Werkplaats Transformatie Jeugd (AWTJ). Doel van deze netwerken is duurzame uitwisseling tussen het onderwijs- en werkveld realiseren, waarbij bestaande kennis beter wordt benut. Investeren in vakmanschap

Binnen de jeugdsector vindt er een omslag plaats in denken en doen. Professionals in de jeugdhulp staan voor de opgave om meer cliëntgericht en integraal te werken. Het is belangrijk dat zij hiervoor voldoende kennis en kunde in huis hebben. Ook opleidingen en docenten moeten nieuwe kennis en vaardigheden ontwikkelen, zodat zij studenten kunnen opleiden op een manier die past bij het 'nieuwe werken' in de jeugdsector. Het ZonMw-programma AWTJ investeert in dit vakmanschap. Verspreid over het land starten daarom 5 leernetwerken, waarbinnen professionals uit de jeugdhulp samen met docenten en studenten werken aan hun deskundigheid. 

Gezamenlijk leerproces

De 5 gesubsidieerde projecten geven een impuls aan de uitwisseling tussen opleidingen en praktijk én aan het benutten van bestaande kennis door opleidingen. De trekkende rol binnen de projecten is weggelegd voor hogescholen die als samenwerkingspartner verbonden zijn aan de academische werkplaatsen. Binnen de netwerken wordt een gezamenlijk leerproces in gang gezet waarbij bestaande kennis – onder meer ontwikkeld binnen de academische werkplaatsen – wordt vertaald ten behoeve van structurele toepassing in opleiding en praktijk. Hieronder leest u meer over elk van de 5 leernetwerken.

  • Leernetwerk: Samen werken aan ambulante (gezins)hulp

Goede samenwerkingsrelaties van professionals met cliëntsystemen zijn belangrijk voor het resultaat van hulp aan jeugdigen en gezinnen. Binnen de Academische Werkplaats Transformatie Jeugd Nijmegen, maar ook breder in het land, is kennis en expertise ontwikkeld die (toekomstige) ambulante jeugd- en gezinsprofessionals kunnen gebruiken bij het optimaliseren van hun samenwerkingsvaardigheden. Partners uit de AWTJ Nijmegen willen met de ontwikkeling van dit regionale leernetwerk zorgen dat deze expertise beter wordt benut in het onderwijs en werkveld.

  • Leernetwerk: Samen-Werken, Samen-Leren

Het leernetwerk Samen-Werken, Samen-Leren – verbonden aan de AWTJ SAMEN – richt zich op 3 inhoudelijke thema’s: multiproblematiek, kindermishandeling en werkplezier. Vanuit 5 perspectieven – de jongeren en hun ouders, de professional, de student, de docent en de onderzoeker – wordt gewerkt aan het versterken van het professioneel handelen. Gezamenlijk wordt verkend op welke wijze de opbrengsten van onderzoek en de ervaringen met nieuwe inzichten en werkwijzen uit de praktijk, ingebed kunnen worden in het onderwijs en de praktijk.

  • Leernetwerk: Academische Werkplaats (Transformatie) Jeugd Rotterdam (ST-RAW)

Het leernetwerk dat verbonden is aan de Rotterdamse werkplaats ST-RAW wil een bijdrage leveren aan het beter toerusten van (toekomstige) jeugdprofessionals om hun werk binnen het nieuwe jeugdstelsel goed uit te voeren. Daarvoor ontwikkelen zij een werkwijze waarin gezamenlijk leren centraal staat. Bestaande activiteiten uit het onderwijs, het sociaal domein en de gezondheidszorg worden met elkaar verbonden met specifieke aandacht voor participatie en diversiteit vanuit de doelgroepen.

  • Leernetwerk: Veilig Opgroeien Nieuwe impuls Kennis (VONK)

Opleidingen besteden nog te weinig aandacht aan de integrale aanpak van kindermishandeling en hebben hun programma’s nog niet optimaal kunnen aanpassen aan de veranderende beroepspraktijk. Het regionale leernetwerk VONK beoogt daarom (nieuwe) kennis en expertise rondom het thema Veilig opgroeien samen te brengen en te verbinden. Daarbij wil het ook tegemoetkomen aan de behoefte om gestructureerd van elkaar te leren om van daaruit de transformatie verder en beter te kunnen implementeren.

  • Leernetwerk Utrecht: Leren voor de toekomst    

Het netwerk Leren voor de toekomst is opgezet vanuit de academische werkplaatsen Utrecht en Risicojeugd. Het bestaat uit professionals van praktijkorganisaties, docenten uit onderwijsinstellingen (hbo, universitair, post-master), ervaringsdeskundige jeugdigen, opvoeders, onderzoekers en beleidsmakers. Zij verzamelen onderwerpen die relevant zijn voor onderlinge kennisuitwisseling en deskundigheidsbevordering binnen het brede jeugddomein. Een selectie van onderwerpen wordt uitgewerkt in verbindende, innovatieve oplossingen en onderwijsproducten.

ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd

Het programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd (AWTJ) ondersteunt de transformatie van de jeugdhulp met 13 academische werkplaatsen. Deze werkplaatsen genereren kennis om gemeenten te ondersteunen bij hun uitdaging om de jeugdhulp te transformeren. De werkplaatsen verbinden de werelden van praktijk, beleid, onderzoek en opleidingen, met structurele inbreng van ouders en jongeren. Deze partijen organiseren zich veelal regionaal in een kennisinfrastructuur. Zo brengen academische werkplaatsen kennis samen die nodig is voor de aanpak van lokale en regionale vraagstukken van beleid en praktijk.

Meer weten?

]]>