ZonMw tijdlijn SOA https://www.zonmw.nl/ Het laatste nieuws van de tijdlijn van SOA nl-nl Mon, 23 Sep 2019 07:36:57 +0200 Mon, 23 Sep 2019 07:36:57 +0200 TYPO3 news-4545 Mon, 16 Sep 2019 16:30:00 +0200 Preventie van SOA: nieuw onderzoek naar hiv en chlamydia https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/preventie-van-soa-nieuw-onderzoek-naar-hiv-en-chlamydia/ Nieuwe onderzoeken naar hiv en chlamydia zijn gestart. De kennis die dit oplevert over deze seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA) geeft beleids- en zorgprofessionals meer inzicht in de transmissie, het ziekteverloop en de preventie ervan. Kenmerken van langetermijngevolgen van chlamydia

Welke kenmerken vergroten het risico op langetermijngevolgen van chlamydia bij vrouwen? Het RIVM zet onderzoek de Nederlandse Chlamydia Cohort Studie (NECCST) voort. In dit aanvullende onderzoek wordt bijvoorbeeld gekeken naar gedrags- en genetische kenmerken die het risico op langetermijngevolgen vergroten. Maatregelen om chlamydia-infecties te voorkómen, kunnen vervolgens worden gericht op vrouwen die deze kenmerken hebben.

Inzicht in effectieve chlamydiabestrijding

Onderzoekers van de Universiteit Maastricht samen met GGD Zuid Limburg, GGD Rotterdam-Rijnmond en GGD Amsterdam, willen inzicht krijgen in de rol die orale chlamydia speelt in de overdracht van chlamydia. Ook gaan zij onderzoeken welke varianten van chlamydia (genotype) betrokken zijn bij de overdracht. Met deze nieuwe inzichten kan chlamydia straks nog effectiever bestreden worden. Dit onderzoek is een aanvulling op het eerdere onderzoeksproject FemCure.

Dagelijkse of periodieke dosis PrEP?

Onderzoekers van GGD Amsterdam onderzoeken waarom mannen die seks hebben met mannen (MSM) en transgender personen kiezen voor een dagelijkse of periodieke dosis pre-expositie profylaxe (PrEP). Binnen dit onderzoek worden onderzoeksgegevens over PrEP gebruik uit Nederland en Belgie samengevoegd. Met PrEP kan een hiv-infectie worden voorkomen. Deze pil is bedoeld voor mensen die geen hiv hebben, maar die wel een verhoogd risico lopen om geïnfecteerd te raken.

Impact van PrEP op risicogedrag

Hoe varieert het aantal nieuwe hiv-infecties en andere soa over groepen MSM die verschillen in hun mate van seksueel risicogedrag? Met ongelijkheidsmaten uit de economie kijken onderzoekers van Universitair Medisch Centrum Utrecht naar de invloed van PrEP op de verspreiding van hiv onder verschillende groepen MSM.

Gedrag belangrijke factor bij chlamydia en hiv

Chlamydia is de meest voorkomende bacteriële seksueel overdraagbare aandoening in Nederland. Een chlamydia-infectie bij vrouwen verloopt vaak zonder klachten. Toch kan de infectie soms ernstige langetermijngevolgen hebben zoals eileiderontsteking, buitenbaarmoederlijke zwangerschap en verminderde vruchtbaarheid. Hiv is een infectieziekte waarvan de belangrijkste risicogroep in Nederland bestaat uit mannen die seks hebben met mannen. PrEP wordt beschikbaar gesteld voor de mannen uit deze groep die veel seksueel risicogedrag hebben. Het doel hiervan is het aantal nieuwe hiv-infecties in Nederland terug te dringen.

Onderzoek naar SOA

Vroege opsporing en tijdige behandeling van SOA zoals chlamydia en hiv zijn belangrijk om complicaties te voorkomen én verdere overdracht tegen te gaan. ZonMw ondersteunt onderzoek om beter inzicht te krijgen in de transmissie, ziekteverloop en preventie van deze infectieziekten. De genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit het programma Infectieziektebestrijding.

Meer informatie

 

 

 

]]>
news-4403 Thu, 05 Sep 2019 13:47:00 +0200 Subsidieronde ‘Infectieziekten: kennisontwikkeling, interventies en evaluatie van preventie en bestrijding’ geopend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieronde-infectieziekten-kennisontwikkeling-interventies-en-evaluatie-van-preventie-en-bestr/ De eerste subsidieoproep van het nieuwe programma Infectieziektebestrijding 3 (2019-2023) is geopend. Het doel van het programma is het bevorderen van een wetenschappelijk onderbouwde aanpak van de infectieziektebestrijding en versterken van de kennisinfrastructuur in de gezondheidszorg, om bij te dragen aan het verminderen van het aantal zieke mensen door infectieziekten. Het doel van deze subsidieoproep
  • Het ontwikkelen van wetenschappelijke en gebruiksgerichte kennis over verspreiding en bestrijding van infectieziekten;
  • Het evalueren/bewijzen van effectiviteit en doelmatigheid van bestaande bestrijdingsinterventies;
  • Het ontwikkelen van nieuwe en verbeterde strategieën en bestrijdingsinterventies, met oog voor onder andere maatschappelijke/sociale aspecten

In deze oproep kan tot 15 oktober 14.00 uur financiering worden aangevraagd voor onderzoek binnen de pijlers 1 en 4 van de programmatekst:
(1) Zorgdomeinen, doelgroepen en veranderende demografie;
(4) Ziekten te voorkomen met vaccinatie.

Aandachtsgebieden

Het onderzoek moet vallen binnen minstens één van de aandachtsgebieden (II) tot en met (V), zoals beschreven in de programmatekst:

(II) Diagnostiek, monitoring en surveillance,
(III) Interventies: preventie en behandeling,
(IV) Communicatie, gedrag en maatschappelijke relevantie. Het is nadrukkelijk de bedoeling dat ook sociale wetenschappen een plaats hebben in de projecten
(V) Opkomende onderzoeksmethodieken.

Webinar

Op 29 augustus 2019 was er een (gratis) webinar plaats over de nieuwe subsidieoproep. Een webinar is een online bijeenkomst. Via de webinar krijgt u als potentiële aanvrager informatie over de subsidieoproep en leest u over de vragen die op 29 augustus aan het programmateam zijn gesteld. Let op: de webinar begint op minuut 5.00. Er waren startproblemen met het geluid!

Meer informatie

]]>
news-4406 Thu, 01 Aug 2019 07:25:00 +0200 Hiv-preventiepil vanaf vandaag verstrekt, GGD's verwachten wachtlijsten https://nos.nl/artikel/2295879-hiv-preventiepil-vanaf-vandaag-verstrekt-ggd-s-verwachten-wachtlijsten.html GGD's beginnen vandaag met het verstrekken van de hiv-preventiepil PrEP en de medische zorg die daarbij hoort. De pillen zijn bedoeld voor homoseksuele mannen met een verhoogd risico op hiv. news-4432 Wed, 24 Jul 2019 14:01:00 +0200 Aantal doden door aids wereldwijd met een derde gedaald sinds 2010 https://www.nu.nl/gezondheid/5966150/aantal-doden-door-aids-wereldwijd-met-een-derde-gedaald-sinds-2010.html Het aantal mensen dat vorig jaar overleed aan aids is wereldwijd met 33 procent gedaald, meldt VN-organisatie UNAIDS dinsdag. Tegelijkertijd stellen landen steeds minder geld beschikbaar om de ziekte uit de wereld te helpen. news-4074 Tue, 21 May 2019 19:15:00 +0200 Implementatie in de volle breedte van antimicrobiële resistentie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/implementatie-in-de-volle-breedte-van-antimicrobiele-resistentie/ Twee afgeronde projecten over antimicrobiële resistentie kunnen met extra financiering de toepassing van hun onderzoeksresultaten in de praktijk bevorderen. Een extra stimulans voor implementatie! Eén project gaat over resistentie als gevolg van therapiefalen bij mensen geïnfecteerd met hiv. Het andere project gaat over verantwoord antibioticagebruik binnen gezelschapsdierenpraktijken. ITREMA-project: therapiefalen, hiv en antimicrobiële resistentie

Het ITREMA-project is een samenwerkingsverband van onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU), Radboudumc, de Universiteit van de Witwatersrand in Johannesburg, Zuid-Afrika (WITS) en een grote hiv-kliniek in Zuid-Afrika (Ndlovu Care Group). In een gerandomiseerde klinische trial is de huidige Zuid-Afrikaanse zorgstandaard over monitoring van hiv-infectie tijdens antiretrovirale therapie vergeleken met een intensievere monitoringstrategie. De onderzoekers hebben een nieuwe werkwijze voor monitoring van hiv-therapie in ontwikkelingslanden ontwikkeld. In samenwerking met de Zuidelijk Afrikaanse beroepsorganisatie van hiv-zorgverleners (SAHIVCS) krijgen verpleegkundigen en patiëntenvoorlichters training en is er een online platform opgezet. Door deze samenwerking is draagvlak gerealiseerd en heeft het project een groot bereik.

Onderzoekresultaten

In ontwikkelingslanden ontvangen meer dan 10 miljoen mensen die zijn geïnfecteerd met hiv, antiretrovirale therapie. Hiv kan ongevoelig worden voor therapie, door bijvoorbeeld onvoldoende therapietrouw. Om therapiefalen vroegtijdig te signaleren, luidt de aanbeveling de virale lading (hoeveelheid virus in het bloed) regelmatig te controleren. In ontwikkelingslanden vindt deze controle minder frequent plaats. Dit vertraagt de signalering van therapiefalen, met als mogelijke gevolgen: toenemende medicatieresistentie, ziekteprogressie en verdere hiv-verspreiding.
Het project had als resultaat dat een intensieve controlestrategie met zelf ontwikkelde innovatieve technologie therapiefalen vroeger opspoort en leidt tot kostenbesparing. Ook is inzicht gekregen in hoe sociaaleconomische factoren bijdragen aan therapiefalen.

Impuls voor verspreiding

Met de verspreidings- en implementatie-impuls (VIMP) krijgt dit project een extra impuls om een betere patiëntenzorg te realiseren en om de verspreiding van hiv onder de bevolking te verminderen. De vertaling van theorie naar praktijk zal plaatsvinden via een combinatie van fysieke trainingen over de nieuwe werkwijze aan verpleegkundigen en patiëntenvoorlichters en het opzetten van een online platform.

VASAP-project: meer verantwoord antibioticagebruik in gezelschapsdierenpraktijken

Onderzoekers van Universiteit Utrecht bevorderen met een VIMP de landelijke implementatie van het Antimicrobial Stewardship and Pets (ASAP)-project. Het resultaat van hun onderzoek was dat een gerichte aanpak binnen gezelschapsdierenpraktijken leidt tot meer verantwoord gebruik van antibiotica.

Implementatie

Het Antimicrobial Stewardship Programma (ASP) is ontwikkeld binnen het ASAP-project en is uitgerold in 44 Nederlandse gezelschapsdierenpraktijken. Het ASP bestond onder andere uit nascholing voor gezelschapsdierenartsen, een informatiefolder voor diereigenaren en individuele feedback per praktijk. Dit leidde tot een significante daling van het antibioticumgebruik. Deze daling kwam bovenop de daling in antibioticumgebruik, die onder invloed van andere maatregelen en factoren al was ingezet in de jaren voorafgaand aan het project. De deelnemers aan het project gaven aan bewuster om te gaan met antibiotica en konden individueel verschillende verbeterpunten noemen uit de praktijk over antibioticumgebruik.

In het VASAP-project ligt de focus op verdere verspreiding en implementatie van het ASP van de onderzoeksresultaten in gezelschapsdierenpraktijken. Met de VIMP wordt een online training gemaakt (small private online cursus) gebaseerd op onderdelen uit het ASP van het ASAP-project waarin verschillende interactieve onderwijsvormen aan bod komen. De training wordt ook opgenomen in het curriculum van master Gezelschapsdieren voor studenten Diergeneeskunde.

Onderzoeksprogrammering antimicrobiële resistentie

In 2018 is het programma Priority Medicines Antimicrobiële resistentie (AMR) geëvalueerd. Van het programma Antibiotica Resistentie stellen we later dit jaar de 3e en laatste subsidieronde open.

Meer informatie

 

 

 

 

 

 

 

]]>
news-4048 Mon, 20 May 2019 09:11:00 +0200 12 nieuwe projecten gehonoreerd op het gebied van Infectieziektebestrijding https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/12-nieuwe-projecten-gehonoreerd-op-het-gebied-van-infectieziektebestrijding/ In een aanvullingsronde van het programma Infectieziektebestrijding zijn 12 projecten van maximaal 18 maanden gehonoreerd. Deze projecten starten allemaal in 2019 en zijn naar verwachting begin 2021 afgerond. Alle projecten zijn een vervolg op eerder gehonoreerde grotere projecten die in een vergevorderd stadium zijn. Een overzicht van de gehonoreerde projecten

The Netherlands Chlamydia Cohort Study: The way forward in terms of chlamydia control

Drs. B.M. Hoenderboom (v), Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
Chlamydia blijft de meest gerapporteerde bacteriële soa in Nederland. Een infectie kan ernstige gevolgen hebben voor vrouwen, zoals bekkenontsteking, ectopische zwangerschap en onvruchtbaarheid. In 2015 is het Nederlandse Chlamydia Cohort Study (NECCST) gestart. In het project wordt een nieuwe gegevensverzamelingsronde uitgevoerd om verdere gegevens over aan Chlamydia gerelateerde complicaties te verzamelen. De verlenging stelt de onderzoekers in staat lange termijn complicaties van een chlamydia infectie te onderzoeken.

Detectie van vaginale en rectale Chlamydia trachomatis-infectie na behandeling: wat is de rol van orale chlamydia en van het chlamydia genotype?

Dr. N.H.T.M. Dukers-Muijrers (v), Maastricht University, Care and Public Health Research Institute (Caphri)
Dit project is een vervolg op het oorspronkelijke project FemCure. In het net gehonoreerde project worden aanvullende laboratoriumanalyses en statistische verwerking van reeds verzamelde data uit de eerdere FemCure-studie gedaan. De FemCure-studie onderzocht de rol van anale infecties in de overdracht van Chlamydia tussen personen of tussen lichaamsgebieden van een persoon.

Relatie non-Hodgkin lymfoom en (chronische) Q-koorts

Dr. J.J. Oosterheert (m), Universitair Medisch Centrum Utrecht
De mogelijke relatie tussen Q-koorts en het non-Hodgkinlymfoom wordt grondig onderzocht. Dit gebeurt door gebruik te maken van beschikbare gegevens over een langere periode (t/m 2017) en een betere koppeling tussen Q-koortsblootstelling en aanwezigheid van non-Hodgkinlymfoom. De resultaten van dit onderzoek zullen meer duidelijkheid geven aan Q-koortspatiënten over de langetermijngevolgen van de ziekte.

‘Optimaliseren van de behandeling van chronische Q koorts: nieuwe diagnostische technieken’

Dr. J.J. Oosterheert (m), Universitair Medisch Centrum Utrecht
Een chronische-Q-koortsdiagnose stellen is ingewikkeld en duurt lang. Ook het effect van een behandeling is moeilijk te beoordelen. Dit project evalueert de waarde van de antistoffen voor het monitoren van de behandeling en onderzoek een nieuwe diagnostische methode, fluorescentie in-situ hybridisatie (FISH). De resultaten uit dit onderzoek kunnen richting geven aan verbetering van diagnostiek en behandeling van chronische Q-koortspatiënten.

Zoonotic relevance of Chlamydia gallinacea and C. avium in community acquired pneumonia in the Netherlands.

Dr. H.I.J. Roest (m), Wageningen Universiteit
Dit project doet onderzoek naar het mogelijke zoönotische potentieel (overdraagbaarheid van dier naar mens) van een nieuwe Chlamydia-soort in pluimvee. In samenwerking met laboratoria voor medische microbiologie die momenteel betrokken zijn bij toezicht op luchtweginfecties als longontstekingen (pneumonie) worden DNA-monsters verzameld en getest.

Zoönose als netwerk - Bevorderen van het intersectorale netwerk via de "One Health Hub"

Dr. N. Beerlage-de Jong (v), Universiteit Twente
Bij een uitbraak van een zoönose (zoals vogelgriep en Q-koorts) moeten zorg- en hulpverleners uit de veterinaire, publieke en humane zorg snel en intensief met elkaar samenwerken. Doordat de verschillende sectoren elkaars taal niet spreken en elkaars werkveld niet goed kennen, is samenwerking niet gemakkelijk. Dit project onderzoekt hoe technologie de intersectorale samenwerking kan ondersteunen. Met deze technologie, ontwikkeld in nauwe samenwerking met de zorg- en hulpverleners, leren zij gaandeweg elkaars taal en werkgebied kennen. Zo kunnen ze elkaar beter vinden en ontstaat meer wederzijds begrip voor een gezamenlijke aanpak bij uitbraken.

The role of the mycobiome in Clostridioides difficile colonization and infection.

Dr. R.D. Zwittink (v), Leids Universitair Medisch Centrum
Clostridioides difficile is een bacterie die een ernstige darminfectie kan veroorzaken, vooral bij patiënten die zijn opgenomen in een zorginstelling en met antibiotica behandeld worden. Darmmicrobiotica spelen een belangrijke rol bij een darminfectie. Er is weinig bekend over de invloed van schimmels (mycobiota) bij een darminfectie. Dit onderzoek brengt de mycobiota van ziekenhuispatiënten in kaart om de interacties tussen schimmels, bacteriën en Clostridioides difficile en het ontstaan van deze darminfectie te begrijpen.

Modeling tick-borne encephalitis disease risk for The Netherlands

Dr. ir. C.J.M. Koenraadt (m), Wageningen University & Research
Het doel van het project is om een risicomodel te ontwikkelen voor de verspreiding van het tekenencephalitis virus. Sinds 2016 zijn de eerste gevallen van dit door teken overgedragen virus in Nederland gesignaleerd. Er wordt gebruik gemaakt van gegevens afkomstig van teken en wilde muizen (met name bosmuizen en rosse woelmuizen). Met name de rol van immuniteit in wilde muizen staat centraal, omdat vermoed wordt dat dit een belangrijke rol speelt in de overdracht van het virus tussen muis en teek.

Non-daily use of HIV Pre-exposure prophylaxis: a tale of two cities

Prof. dr. M. Prins (v), GGD Amsterdam
PrEP is een pil met hiv-remmers die een hiv-infectie kan voorkomen. De pil kan dagelijks (continue bescherming) of alleen tijdens bepaalde periodes (periodiek) worden ingenomen. In het AMPrEP (Amsterdam PrEP)-project en het Belgische Be-PrEP-ared-project is de toepasbaarheid van dagelijkse en periodieke PrEP onderzocht. In dit gezamenlijke project worden extra inzichten verkregen door de gegevens van beide studies samen te voegen. De onderzoekers willen beter begrijpen waarom men kiest voor dagelijks of periodieke PrEP. Ook wordt bestudeerd welke kenmerken geassocieerd zijn met het oplopen van een hiv- of hepatitis C-infectie.

Gini in a bottle: Impact of PrEP on sexual behavior and sexually transmitted infections in the MSM population

Prof. dr. M.E.E. Kretzschmar (v), Universitair Medisch Centrum Utrecht
Er zijn grote verschillen in seksueel risicogedrag onder mannen die seks hebben met mannen (MSM). De meeste MSM nemen weinig risico terwijl een kleinere groep mannen veel seksueel risicogedrag vertoont. In de laatste groep komen ook meer hiv-infecties en andere soa’s voor. Om het aantal nieuwe hiv-infecties in Nederland terug te dringen, wordt pre-exposure prophylaxe (PrEP) beschikbaar gesteld voor MSM met veel seksueel risicogedrag. Dit project brengt in kaart hoe het aantal nieuwe hiv-infecties en andere soa’s varieert over groepen (MSM) die verschillen in hun mate van seksueel risicogedrag.

Innate immune defense during pneumonia in the elderly: implications of cell-specific changes in the metabolome and lipidome

Prof. dr. T. van der Poll (m), Amsterdam Universitair Medisch Centrum
Longontsteking is wereldwijd de op drie na meest voorkomende doodsoorzaak en 's werelds leidende besmettelijke moordenaar, verantwoordelijk voor een naar schatting 3 miljoen doden per jaar. Ouderen zijn kwetsbaar voor pneumonie opgelopen buiten het ziekenhuis. Veel leeftijd-geassocieerde ziekten zijn gelinkt aan verzwakking van het immuun systeem, genaamd Immunosenescence. Immunoscenescence heeft een grote inpact op de aangeboren immuunrespons tegen bacteriele pathogenen. In dit project wordt de impact van longontsteking op het aangeboren immuunsysteem onderzocht.

Travel-Imported Arbovirus infections; measuring silent introductions (TIARA-silent)

Dr. S.J.M. Hahné (v), Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
Door muggen overgebrachte infecties, in het bijzonder arbovirussen, vormen een snel groeiende wereldwijde dreiging. Het arbovirus wordt door buitenlandse reizigers mee naar huis genomen. Deze studie beoordeelt reis-geïmporteerde arbovirus-infecties en vult ze aan met het meten van asymptomatische arbovirus-infecties. Om de algehele nauwkeurigheid van de kwantitatieve schattingen te verbeteren, wordt de studiegroepgrootte uitgebreid.

Infectieziektebestrijding

Het programma Infectieziektebestrijding draagt bij aan de ontwikkeling van kennis om het aantal (ernstig) zieke mensen door infectieziekten te verminderen. Infectieziekten worden veroorzaakt door virussen, bacteriën of schimmels en vormen een risico voor de volksgezondheid. Voorheen gezonde mensen kunnen bijvoorbeeld te maken krijgen met een ernstige ziektelast na het oplopen van een infectie.

Meer informatie

 

]]>
news-3554 Fri, 01 Feb 2019 08:38:54 +0100 TOP-subsidie voor elf excellente onderzoeksgroepen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/top-subsidie-voor-elf-excellente-onderzoeksgroepen/ Elf projecten van excellente onderzoeksgroepen zijn gehonoreerd voor een TOP-subsidie. Hiermee kunnen zij onderzoekslijnen vernieuwen en nieuwe samenwerkingen aangaan. Zij krijgen maximaal € 675.000,- voor onderzoek dat minimaal 4 en maximaal 5 jaar duurt. Over TOP

Het oogmerk van de TOP-subsidie is ruimte te creëren voor innovatieve wetenschap van excellente kwaliteit. ZonMw ziet deze open stimulans van de wetenschap als dé innovatiemotor voor de langere termijn.

In deze laatste ronde van TOP zijn de volgende projecten toegekend:

  • GABAergic inhibition in tinnitus: linking human and animal studies
    Prof. dr. J.G.G. (Gerard) Borst (Erasmus Medisch Centrum, Neurowetenschappen) gaat met zijn groep onderzoek doen naar tinnitus (oorsuizen) en verhoogde prikkelbaarheid van zenuwcellen in het centrale auditieve systeem. Dit onderzoek zal leiden tot een beter begrip van deze veel voorkomende aandoening en mogelijk een rol spelen bij een verbeterde behandeling.
     
  • Identifying the molecular mechanisms triggered by vaginal and gut microbiota that enhance HIV-1 susceptibility
    Dr. T.B.H. Geijtenbeek (Academisch Medisch Centrum, Experimentele Immunologie) gaat met zijn groep en die van Dr. K. Strijbis (Universiteit Utrecht) onderzoek doen naar het verschil in gevoeligheid voor het Hiv-virus tussen verschillende mensen en de rol die bacteriën daarbij spelen. De expertise van beide onderzoeksgroepen is zeer complementair en is van belang voor het succes van dit project.
     
  • Ganglioside-containing liposomes as a strategy for cancer vaccination
    Dr. J.M.M. (Joke) den Haan (VU medisch centrum, Moleculaire Celbiologie en Immunologie) gaat met haar groep onderzoek doen naar een optimale vaccinatiestrategie om het afweersysteem van kankerpatiënten te activeren. Ze doen dit samen met de onderzoeksgroep van prof. dr. Gert Storm.
     
  • Interneuron networks in Alzheimer's disease: diagnostic and therapeutic implications
    Dr. R.E. (Ronald) van Kesteren (Vrije Universiteit Amsterdam, Center for Neurogenomics and Cognitive Research) en zijn groep gaan onderzoek doen om vroege afwijkingen in hersenactiviteitspatronen te vinden die duiden op een preklinisch stadium van de ziekte van Alzheimer. Meer kennis hierover kan wellicht behandelingen mogelijk maken voordat de ziekte zich openbaart.
     
  • Breaking the silence – Dissecting the transcriptional and epigenetic regulatory network that underlies Plasmodium hypnozoite dormancy
    Dr. C. (Clemens) Kocken (Biomedical Primate Research Centre) en zijn groep gaan onderzoek doen naar de slapende leverstadia van Malariaparasieten. In deze fase zijn de parasieten ongevoelig voor de meeste antimalariamiddelen en veroorzaken ze bij patiënten meerdere ziekte-episodes zonder dat die opnieuw geïnfecteerd wordt. Deze kennis zal gebruikt worden om nieuwe geneesmiddelen te maken om deze verschijningsvorm van de parasiet te bestrijden.
     
  • Next Generation Phenotyping: The next move in movement disorders
    Prof. dr. M.A.J. (Marina) de Koning-Tijssen (Universitair Medisch Centrum Groningen, Neurologie) gaat met haar groep met nieuwe technologieën en A.I. onderzoek doen naar patiënten met onwillekeurige bewegingen (trillen en schokken). Met de opgedane kennis kunnen zij nieuwe maatstaven ontwikkelen voor diagnose en behandeling.
     
  • Epigenetic control of cytotoxic T cells to modulate immune responses
    Dr. F. (Fred) van Leeuwen (Nederlands Kanker Instituut, Genregulatie) gaat met zijn groep onderzoek doen naar moleculen en chemische stoffen die de activiteit van genen in de kern van cellen ‘epigenetisch’ kunnen bijsturen. Op deze manier hopen zij immunotherapie effectiever te kunnen maken.
     
  • A dangerous liaison: BRAF and RNF43 mutational cooperation in therapy-resistant colorectal cancer
    Prof. dr. M.M. (Madelon) Maurice (Universitair Medisch Centrum Utrecht, Celbiologie) en haar groep gaan onderzoek doen naar het mechanisme dat het agressieve gedrag van tumoren bij darmkanker veroorzaakt en op basis van deze kennis hopen zij een nieuwe persoonsgerichte behandelstrategie te kunnen ontwikkelen.
     
  • SUMO Wrestling with the Ubiquitin-Proteasome System
    Prof. dr. H. (Huib) Ovaa (Leiden University Medical Center, Chemical Immunology) en zijn groep gaan onderzoek doen naar de samenwerking van de eiwitten ubiquitine en SUMO om zo meer inzicht te krijgen in het ontstaan en verloop van neurodegeneratieve ziekten en kanker.
     
  • Tissue-engineering approach to reduce the risk on recurrent prolapse
    Prof. dr. J.P.W.R. (Jan-Paul) Roovers (Academisch Medisch Centrum, Urogynaecologie) gaat met zijn groep onderzoek doen naar verbetering van wondgenezing na een operatie om bekkenbodemverzakking bij vrouwen te verhelpen. Met de te ontwikkelen hydrogels hopen zij te voorkomen dat vrouwen opnieuw geopereerd moeten worden voor een teruggekeerde bekkenbodemverzakking.
     
  • Targeted glucocorticoid treatment for HPA-axis dysfunction in post-traumatic stress disorder: toward personalized treatment
    Prof. dr. B. (Benno) Roozendaal (Radboudumc, Department of Cognitive Neuroscience) gaat met zijn groep onderzoek doen naar de rol van het hormoon cortisol bij exposuretherapie van patiënten met post traumatisch stresssyndroom (PTSS). Exposuretherapie werkt namelijk niet bij de helft van de patiënten en met dit onderzoek kan de effectiviteit van de behandeling verbeterd worden.

Meer informatie

Dit was de laatste ronde van TOP. Januari 2019 is de eerste oproep voor het programma ZonMw Open Competitie gepubliceerd. Dit nieuwe financieringsinstrument vervangt de TOP-subsidies en Investeringen Middelgroot, in lijn met de door NWO breed ingezette harmonisatie en vereenvoudiging van financieringsinstrumenten.

]]>
news-2843 Mon, 06 Aug 2018 11:54:02 +0200 Langer nagenieten van de vakantie? Liever niet met een soa! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/langer-nagenieten-van-de-vakantie-liever-niet-met-een-soa/ Veel jongeren hebben tijdens hun vakantie onbeschermde seks. Bij onbeschermde seks is de kans op een seksueel overdraagbare aandoening groot. In Nederland alleen al lopen jaarlijks ruim 100.000 mensen een soa op. Vanuit het preventieprogramma is ingezet op onderzoek naar screening op infectieziekten zoals soa’s. SoaSeksCheck: jongeren doelmatiger en gerichter bereiken

In dit onderzoek is de SoaSeksCheck ontwikkeld. Een webapplicatie om jongeren, die een potentieel hoog risico lopen op een soa, gerichter te bereiken en indien nodig door te sturen naar een aanbieder van betrouwbare soa-zorg. De SoaSeksCheck bestaat uit een chatbot (geautomatiseerde gesprekspartner) waar vragen rondom seksualiteit en het risico op soa gesteld konden worden. Op die manier kon de risicogroep tijdig worden opgespoord en doorgeleid worden tot behandeling.

Daarnaast kregen jongeren de mogelijkheid om via de elektronische agendamodule een afspraak in te plannen bij de soa poli. Ook werd er in de webapplicatie feitelijke informatie gegeven over soa’s en zwangerschap waarbij de anonimiteit van de jongeren ten alle tijden wordt gewaarborgd. De resultaten suggereren dat de SoaSeksCheck het bereik en doorgeleiding van hoog-risico jongeren in een urbane setting met een niet-Nederlandse afkomst kan verbeteren en dat de applicatie bijdraagt aan effectiever soa testbeleid.

Een gewaarschuwd mens…

In dit project is de website www.partnerwaarschuwing.nl succesvol geïmplementeerd. Mensen met een soa kunnen via deze site hun sekspartners waarschuwen. Overdracht van een soa kan gebeuren zonder dat partners weten dat zij een soa hebben. Een onbehandelde soa kan grote gevolgen hebben. Zo kan gonorroe leiden tot onvruchtbaarheid bij vrouwen en bijbalontstekingen bij mannen.

Waarschuwen van een sekspartner kan op verschillende manieren, persoonlijk of via de telefoon. Met een sms of een WhatsAppbericht of via de waarschuwingsmodule van partnerwaarschuwing.nl.
Het is ook mogelijk anoniem te waarschuwen via de website. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de code die bij de soa uitslag is ontvangen. Er wordt vervolgens anoniem een bericht naar de te waarschuwen sekspartner verstuurd.

Alle GGD’en gebruiken de website

Inmiddels gebruiken de soa-poli’s van alle GGD’en de website. Een kleine 400 huisartsenpraktijken hebben een inlogaccount en kunnen codes meegeven aan hun patiënten. De helft van de hiv-behandelcentra heeft tenminste één hiv-consulent die codes kan meegeven. Ten slotte is de site via andere websites gepromoot onder mensen die een soa hebben, bijvoorbeeld via thuisarts.nl. Vooral via soaaids.nl zijn veel bezoekers naar de site gekomen.

Grensverleggend onderzoek

ZonMw stimuleert kennisontwikkeling over gezondheidsonderzoek en zorginnovaties. De genoemde onderzoeken SoaSeksCheck en Partnerwaarschuwing.nl worden gefinancierd vanuit het Preventie deelprogramma Vroege Opsporing.

Meer informatie

]]>
news-2773 Thu, 19 Jul 2018 09:00:00 +0200 Onderzoek helpt in de strijd tegen hiv en aids https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-helpt-in-de-strijd-tegen-hiv-en-aids/ Onderzoek levert kennis op over de transmissie, het ziekteverloop en de preventie van hiv. Het recente besluit van VWS om PrEP te verstrekken, is daar mede op gebaseerd. PrEP

Recent heeft VWS bekend gemaakt dat preventieve hiv-remmers (PrEP) binnen een onderzoekssetting voor 5 jaar worden verstrekt aan de hoogrisicogroep van mannen die seks hebben met mannen (MSM). GGD-regio's organiseren de verstrekking en bijbehorende 3-maandelijkse medische zorg voor PrEP-gebruikers. Uit onderzoek van GGD Amsterdam bleek PrEP kosteneffectief. Wel bleek dat bij PrEP-gebruikers het condoomgebruik afnam. Gelukkig bleef het aantal soa’s stabiel.

Elske Hoornenborg, projectleider van het AMPrEP-project van GGD Amsterdam: “Laagdrempelige beschikbaarheid van PrEP levert een zeer belangrijke bijdrage aan het stoppen van hiv-transmissie in Nederland.”

Louise van Deth, directeur Aidsfonds-Soa Aids Nederland: “Wij dringen al jaren aan om PrEP in Nederland te vergoeden. PrEP is simpelweg kostenbesparend omdat je met het voorkomen van nieuwe infecties ook de kosten van levenslange behandeling van hiv voorkomt.”

Onderzoek naar geneesmiddel

Onderzoekers van het Amsterdam UMC deden onlangs een belangrijke ontdekking in de zoektocht naar een geneesmiddel naar aids. De Langerhanscellen spelen een belangrijke rol als poortwachter. Zij kunnen voorkomen dat hiv het lichaam binnendringt. Dit onderzoek is een vervolg op door ZonMw gefinancierd Vici-onderzoek van deze onderzoeker.

Therapiefalen

Onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Utrecht en de Universiteit Utrecht werken samen met de Ndlovu Care Group, een hiv-kliniek in Zuid-Afrika, in het ITREMA-project. Zij bestuderen of een intensieve controlestrategie met zelf ontwikkelde innovatieve technologie eerder/vroeger therapiefalen kan opsporen en leidt tot kostenbesparing. Tevens onderzoeken zij hoe sociaaleconomische factoren bijdragen aan therapiefalen.

Seksueel risicogedrag

Met dit project onderzoeken het RIVM en GGD Amsterdam hoe seksueel risicogedrag verandert in de levensloop van MSM. Als de veranderingen in risicogedrag op een kortere tijdschaal plaatsvinden, zien de onderzoekers een grotere impact op hiv-verspreiding. Hiv-verspreiding kan beperkt worden wanneer veel MSM met hoog risicogedrag PrEP gebruiken.

Subsidiemogelijkheden

Wij stimuleren kennisontwikkeling over preventie, diagnostiek en behandeling van hiv. Dat doen we door gezondheidsonderzoek te financieren. Een overzicht van de subsidiemogelijkheden voor onderzoek naar hiv en aids vind u op onze website. De in dit nieuwsbericht genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit de programma’s Infectieziektebestrijding, Vici, Antimicrobiële resistentie en TOP-subsidies.

Internationale conferentie

Op de 22e internationale aids-conferentie in Amsterdam spreken 18.000 internationale onderzoekers, zorgprofessionals en beleidsmakers met elkaar over hiv-preventie en de wereldwijde strijd tegen aids.

Meer informatie

]]>
news-2747 Wed, 11 Jul 2018 09:00:00 +0200 VWS vergoedt preventieve hiv-remmers (PrEP) voor 5 jaar https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-volksgezondheid-welzijn-en-sport/nieuws/2018/07/10/preventieve-hiv-remmers-prep-worden-verstrekt-voor-een-periode-van-vijf-jaar Minister Bruins (Medische Zorg) heeft bekend gemaakt dat PrEP binnen een onderzoekssetting wordt verstrekt aan mannen die seks hebben met mannen (MSM). Naar schatting zullen ongeveer 6500 mannen hiervan gebruik maken. Hiermee worden 250 hiv-infecties per jaar voorkomen. Na 5 jaar wordt geëvalueerd wat het effect van PrEP in Nederland is. GGD-regio's organiseren de verstrekking en bijbehorende 3-maandelijkse medische zorg voor PrEP-gebruikers.  

]]>
news-2632 Fri, 22 Jun 2018 13:16:36 +0200 Steeds meer mensen doen een soa-test https://www.rivm.nl/Documenten_en_publicaties/Algemeen_Actueel/Nieuwsberichten/2018/Steeds_meer_mensen_doen_soa_test Mensen kunnen zich laten testen bij de centra seksuele gezondheid of bij de huisarts. In 2017 hebben ruim 150.000 mensen een soa-test laten doen bij de centra seksuele gezondheid; 5% meer dan in 2016. Bij 18,4 procent van deze mensen is een soa vastgesteld. Dat is hetzelfde percentage als in 2016. Hiermee is een einde gekomen aan een jarenlange stijging van het percentage positieve testen. Deze stijging werd veroorzaakt door een toename van het aantal mensen uit risicogroepen dat zich liet testen. Daardoor is de kans groter dat er een soa wordt gevonden. Chlamydia komt het vaakst voor ten opzichte van syfilis, gonorroe en hiv.  

]]>
news-2214 Thu, 01 Mar 2018 12:26:29 +0100 Ook Utrecht doet proef met hiv-preventiepil https://www.telegraaf.nl/nieuws/1735801/ook-utrecht-doet-proef-met-hiv-preventiepil Na Amsterdam begint ook Utrecht met een onderzoek naar de hiv-preventiepil PrEP.  

]]>
news-1994 Thu, 28 Dec 2017 13:04:39 +0100 Kamer stemt tegen vergoeding hiv-preventiepil https://www.medischcontact.nl/nieuws/laatste-nieuws/artikel/kamer-stemt-tegen-vergoeding-hiv-preventiepil.htm?utm_source=dlvr.it&utm_medium=twitter De Tweede Kamer heeft tegen een tijdelijke vergoeding van PrEP, de hiv-preventiepil, gestemd. De overheid onderzoekt de inzet van het middel in Nederland en wacht nog op een advies van de Gezondheidsraad.  

]]>
news-1900 Thu, 07 Dec 2017 15:54:05 +0100 Chlamydia: her-infectie voorkomen door partnerbehandeling? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/chlamydia-her-infectie-voorkomen-door-partnerbehandeling/ Een derde van de her-infecties met Chlamydia trachomatis, de meest voorkomende seksueel overdraagbare aandoening (soa) in Nederland, komt door onbehandelde sekspartners. Kun je dan niet gewoon van een arts medicatie meekrijgen voor je partner? Zou jij of je partner dat willen? Mag dat überhaupt in Nederland? Antwoorden op deze vragen leverde de onlangs afgeronde PICC-UP-studie. Wettelijke mogelijkheden

Volgens de wet moet een arts altijd contact hebben met iemand voordat hij/zij medicijnen mag voorschrijven. Dit contact mag ook telefonisch. Vanuit een Soa-polikliniek van de GGD mogen medicijnen voor partners meegegeven worden aan patiënten zonder dat de GGD de identiteit van deze partners kent. Er moet wel eerst door de Soa-poli contact met de partner geweest zijn.

Patiënten en partners

Patiënten vinden het een goed idee om medicijnen mee te krijgen voor hun partner. Ook het meegeven van een testpakket zou een goede optie zijn: dit kan helpen om de partner te waarschuwen. De partners vinden een testpakket ook een prima idee. Maar sommigen hebben de voorkeur voor een recept in plaats van de medicijnen zelf.

Professionals

(Huis)artsen en verpleegkundigen vinden dat het behandelen van partners voor chlamydia gemakkelijker zou moeten zijn om nieuwe infecties te voorkomen. Zij vinden het ook belangrijk dat de partners begeleid worden naast gesprekken over de behandeling. Het meegeven van medicijnen aan de patiënt vinden zij vooral geschikt voor vaste partners en partners die een hoge kans hebben om ook chlamydia te hebben, maar die zich waarschijnlijk niet laten testen. Naast het testen op chlamydia zou volgens de professionals ook altijd op andere soa’s getest moeten worden, eventueel met een testpakket. De uitdaging blijft om een goede balans te vinden tussen het snel behandelen van infecties en het niet onnodig gebruik maken van antibiotica.

Chlamydia

Chlamydia trachomatis is een soa die mensen gemakkelijk (en onbewust) via onbeschermde seks aan elkaar kunnen doorgeven. Uit gesprekken met patiënten en partners blijkt dat het waarschuwen van sekspartners op verschillende manieren gebeurt. In sommige culturen kan dit moeilijk zijn. Het risico op een her-infectie door een onbehandelde partner is kleiner als de partner direct behandeld wordt.

Meer informatie

]]>
news-1869 Thu, 30 Nov 2017 15:41:27 +0100 Risicogroepen èn risicoperiodes belangrijk bij seksueel risicogedrag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/risicogroepen-en-risicoperiodes-belangrijk-bij-seksueel-risicogedrag/ Uit onderzoek blijkt dat de timing van preventieve interventies, zoals PrEP voor hiv-infecties, verbeterd kan worden als zowel naar de risicogroepen als naar de risicoperiodes wordt gekeken. Making it count

De onderzoekers van het onderzoeksproject ‘Making it count’ vonden 3 verschillende patronen van seksueel risicogedrag in de levensloop van mannen die seks hebben met mannen (MSM). Met deze kennis kan de timing van preventieve interventies verbeterd worden. Door niet alleen te kijken naar risicogroepen zoals MSM, maar ook naar kritieke periodes in hun leven waarin het risico op hiv het hoogst is.

Seksuele carrières

Uit dit onderzoek, waarvoor de gegevens van 815 mannen werd geanalyseerd, kwamen 3 typen seksuele carrières naar voren:

  • laag risico met een kleine stijging over de tijd (90% van de onderzoekspopulatie)
  • dalend hoog risico (6%) met hoogrisicogedrag in de eerste jaren van de seksuele carrière en gevolgd door een daling
  • stijgend hoog risico (3%) met laagrisicogedrag tijdens de eerste jaren van de seksuele carrière en een sterke stijging naar hoog risico daaropvolgend

Onder mannen die een patroon van stijgend hoog risico en dalend hoog risico volgden, kwamen meer hiv-infecties voor dan onder mannen met een laagrisicopatroon. Daarnaast kwam naar voren dat mannen binnen de verschillende typen seksuele carrières niet alleen van elkaar verschilden op het gebied van seksueel risicogedrag, maar ook in leeftijd ten tijde van hun seksuele debuut met een man, het hebben van een vaste relatie en in hun middelengebruik.

Impact van PrEP op hiv-prevalentie

In het onderzoek werden de 3 seksuele carrières opgenomen in een wiskundig model dat de impact van pre-exposure prophylaxe (PrEP) als hiv-preventie op de hiv-prevalentie schat. Het model liet zien dat de hiv-prevalentie het meest verlaagd werd in de hoogrisicogroep en als veel MSM PrEP gebruiken. Deze resultaten werden vervolgens vergeleken met een model zonder seksuele carrières waarin alle MSM een constant risicogedrag van laag, midden en hoog hadden. Daaruit bleek dat op een lange tijdschaal de veranderingen in risicogedrag weinig invloed hadden op hiv-prevalentie.

Seksueel risicogedrag

Seksueel risicogedrag verandert tijdens iemands leven: periodes van hoog- en laagrisicogedrag kunnen elkaar afwisselen (seksuele carrière), bijvoorbeeld een periode van hoog risico na het beëindigen van een vaste relatie. Interventies op het gebied van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) zijn vaak gericht op specifieke risicogroepen zoals MSM, maar niet op specifieke periodes in hun leven. Het richten van interventies op levensfases is belangrijk omdat het niet wenselijk is om pre-exposure prophylaxe (PrEP) als hiv-preventie levenslang te gebruiken.

Meer informatie

]]>
news-1781 Thu, 09 Nov 2017 14:48:53 +0100 Hiv-preventiepil PrEP wordt ruim 80 procent goedkoper https://www.nu.nl/gezondheid/4982345/hiv-preventiepil-prep-wordt-ruim-80-procent-goedkoper.html De prijs van PrEP, de pil die nieuwe hiv-infecties kan voorkomen, gaat sterk omlaag.  

]]>
news-827 Fri, 10 Feb 2017 08:45:00 +0100 Onderzoek naar langetermijngevolgen en overdracht chlamydia https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-langetermijngevolgen-en-overdracht-chlamydia/ Chlamydia is de meest voorkomende bacteriële soa in Nederland. Het aantal infecties blijft onveranderd hoog, vooral onder jongeren. Twee lopende projecten van ZonMw presenteren 10 februari 2017 op de jaarlijkse internationale Chlamydia meeting hun voorlopige resultaten. NECCST studie vindt groter risico

Vrouwen die ooit een chlamydia-infectie hebben gehad, lopen een groter risico op eileiderontsteking en onvruchtbaarheid gerelateerd aan eileiderafwijkingen, dan vrouwen zonder deze voorgeschiedenis. Dit wordt bevestigd door de eerste resultaten van de Nederlandse Chlamydia Cohort Studie (NECCST).

Bijna 6000 vrouwen nemen deel aan de cohortstudie; zij worden de komende 4 jaar gevolgd. Ongeveer 30% heeft ooit een chlamydia-infectie gehad in het verleden. Zo'n infectie verloopt bij vrouwen vaak zonder klachten. Toch heeft de infectie soms ernstige langetermijngevolgen. De NECCST-studie beoogt risicofactoren voor langetermijngevolgen te identificeren. Zodat doelgerichte maatregelen kunnen worden genomen ter preventie van een chlamydia-infectie.

Deze studie, uitgevoerd door het RIVM, is een vervolg op de Chlamydia Screening Implementatie (CSI, 2008-2011).

Enthousiasme bij deelnemers FemCure studie

De FemCure-studie onderzoekt de rol van anale infecties in de overdracht van chlamydia. En dan specifiek in de overdracht tussen verschillende personen of tussen lichaamsgebieden van dezelfde persoon. Het onderzoek heeft tot doel concrete aanknopingspunten op te leveren voor een verbeterde zorg met aanvullende testen en behandelrichtlijnen. De werving van vrouwen die behandeld zijn voor een chlamydia-infectie verloopt goed. De onderzoekers zijn blij met het enthousiasme van de vrouwen om deel te nemen aan het onderzoek. Er wordt namelijk veel van de deelnemers gevraagd. De studie bevat 8 verschillende meetmomenten, thuis en bij de GGD.

De meerderheid (80%) heeft aan alle meetmomenten meegedaan, alle gevraagde materialen ingeleverd en alle vragenlijsten ingevuld. Bijdragen aan de gezondheid van zichzelf en anderen is de belangrijkste reden voor deelname. Ook waarderen ze het goede contact met het FemCure-team dat hen in dit traject intensief begeleidt.

Meer informatie

]]>
news-386 Thu, 01 Dec 2016 12:30:00 +0100 Wat levert onderzoek ter preventie van hiv op? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-levert-onderzoek-ter-preventie-van-hiv-op/ Op dit moment worden onderzoeken uitgevoerd naar het humaan immuundeficiëntievirus (hiv). Vandaag, op Wereld Aids Dag, zetten we er graag 2 in het zonnetje. Preventie met hiv-remmers

Condooms blijven het belangrijkste middel waarmee seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) en hiv-infecties kunnen worden voorkomen. Ze zijn goedkoop en overal verkrijgbaar. Toch lukt het niet iedereen om ze consequent goed te gebruiken. Een belangrijke strategie ter preventie van hiv en aids is naast condoomgebruik het zo vroeg mogelijk opsporen en behandelen van hiv-infecties. Ook hiv-remmers bieden bescherming. Zij worden op verschillende manieren gebruikt om hiv-infecties te voorkomen:

  • PEP (post expositie profylaxe). Deze gebruik je nadat je risico hebt gelopen
  • PrEP (pre expositie profylaxe). Deze pil slik je preventief, voordat je risico loopt

SOA-AIDS Nederland, COC, hiv-vereniging en hiv-behandelaars riepen in april 2016 op tot het beschikbaar stellen van PrEP. Op dit moment is PrEP nog niet in Nederland te verkrijgen. Wel loopt er een proefonderzoek en is een Gezondheidsraad-advies in de maak.  De kosten voor PrEP zijn heden 7.400 euro per persoon per jaar in de Westerse wereld. Naar schatting zullen tussen 1500 en 4500 mannen gebruik gaan maken van PrEP. Uit onderzoek van het Erasmusmc blijkt dat PrEP kosteneffectief is.

Preventie van therapiefalen

In ontwikkelingslanden ontvangen meer dan 10 miljoen mensen die zijn geïnfecteerd met hiv, antiretrovirale therapie. Hiv kan ongevoelig worden voor therapie, door bijvoorbeeld onvoldoende therapietrouw. Om therapiefalen vroegtijdig te signaleren, luidt de aanbeveling de virale lading (hoeveelheid virus in het bloed) regelmatig te controleren. In ontwikkelingslanden vindt deze controle minder frequent plaats. Dit vertraagt de signalering van therapiefalen, met als mogelijke gevolgen: toenemende medicatieresistentie, ziekteprogressie en verdere hiv-verspreiding.
Onderzoekers van ITREMA, een samenwerking tussen het Universitair Medisch Centrum Utrecht, de Universiteit Utrecht en Ndlovu Care Group, een hiv-kliniek in Zuid-Afrika, bestuderen of een intensieve controlestrategie met zelf ontwikkelde innovatieve technologie therapiefalen vroeger kan opsporen en leidt tot kostenbesparing. Tevens onderzoeken zij hoe sociaaleconomische factoren bijdragen aan therapiefalen.

Meer informatie

]]>
news-130 Fri, 29 Jul 2016 07:04:00 +0200 Investeren in GGz-onderzoek loont https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/investeren-in-ggz-onderzoek-loont/ Wat levert toepassing van onderzoeksresultaten in de geestelijke gezondheidszorg op? Bij 5 studies is dit onderzocht. De geschatte baten tellen op tot ruim € 2,4 miljard. ZonMw investeerde in de periode 2010-2015 € 39 miljoen in 158 GGz-studies. Dat maakt nieuwsgierig of deze investering, naast verbeteringen in de patiëntenzorg, ook in economisch opzicht rendeert. Daarom heeft het Centrum voor Economische Evaluatie van het Trimbos-instituut in opdracht van ZonMw de economische effecten (kosten en baten) van interventies in de GGz in kaart gebracht.

Bepalen rendement

Het Trimbos-instituut maakte onder leiding van dr. Joran Lokkerbol (mathematisch econoom) een budget impact analyse (BIA) om de economische effecten in kaart te brengen die ontstaan bij de implementatie van de onderzoeksresultaten in de praktijk. Die baten kunnen ontstaan als de interventies in de praktijk leiden tot een afname van zorgkosten of een toename van arbeidsproductiviteit. De intrinsieke waarden van onderzoek (kennis) en zorg (gezondheid) zijn buiten beschouwing gelaten in deze economische investeringsanalyse.

Geschatte baten

Bij 5 studies kon berekend worden in welke mate zij baten kunnen opleveren als de uitkomsten worden toegepast in de GGz. De geschatte maatschappelijke baten tellen op tot € 2,4 miljard, waarvan bijna € 1 miljard door potentiële besparingen in de zorg en € 1,4 miljard door toegenomen arbeidsproductiviteit. Daarmee wordt de investering in zorgonderzoek ruimschoots terugverdiend. De economische investeringsanalyse is beschreven en samengevat in het rapport ‘Rendeert zorgonderzoek in de GGz?’. Zorgvisie heeft er een artikel over geschreven: 'Investeren rendeert' (Zorgvisie 8, juli 2016). 

Meer informatie

]]>