Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Infectieziekten die van dier naar mens worden overgedragen (zoönosen) vormen een bedreiging voor de volksgezondheid. Voorbeelden zijn de vogelgriepepidemieën in Zuidoost Azië, de Q-koorts epidemie in Nederland, en uitbraken van het MERS virus uit dromedarissen. Om dergelijke uitbraken effectief te kunnen bestrijden is het belangrijk dat infecties snel worden herkend, en dat de bron tijdig wordt opgespoord.

 

In dit project is informatie over ziektesignalen in mensen en dieren (kippen, varkens, geiten, koeien) in real-time bijeengebracht. Samen met informatie over de locaties van bedrijven en aantallen dieren op deze locaties maakt dit het mogelijk om risicoschattingen te maken. Een voorbeeld is de snelle reactie na recente introducties van vogelgriep op pluimveebedrijven.

 

Daarnaast toont het onderzoek aan dat ziekenhuisopnames met longontsteking sterk zijn geclusterd in ruimte en tijd, met verhogingen in de winter en in regio’s met hoge urbanisatiegraad of hoge dierdichtheid. Mogelijk worden deze verhogingen veroorzaakt door verhoogde concentraties van fijnstof in deze gebieden.

 

Samenvattend bieden de analyses meer inzicht in de factoren die ertoe leiden of de aanwezigheid van een zoönotische ziektekiem in een dierpopulatie wel of juist geen risico voor de volksgezondheid oplevert. Meestal geldt dat het risico in een gebied hoog is als de dierdichtheid hoog is (omdat de ziektekiem zich dan makkelijk kan verspreiden) en er tegelijkertijd veel mensen in het gebied wonen (omdat deze kunnen worden geïnfecteerd).

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Het project heeft geleid tot de volgende centrale resultaten: 1) Levering van relevante dierdata die op het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) worden verzameld aan de Gemeentelijke Gezondheidsdiensten (GGD). De data worden zowel in tabelvorm als in de vorm van kaarten geleverd. In een aantal situaties zijn na een introductie van een mogelijke zoonose binnen enkele uren gedetailleeerde risicokaarten gemaakt op basis van dierdata en gegevens over de omwonende bevolking. Dit is gebeurd bij uitbraken van vogelgriep en kleine clusters van Q-koorts. 2) Analyse van de clustering in ruimte en tijd van longontstekingen in Nederland aan de hand van ziekenhuisopnames. De analyses tonen dat incidentie is verhoogd in de winter, en dat in alle seizoenen de hoogste incidentie wordt waargenomen in gebieden met hoge graad van urbanisatie en hoge dierdichtheid. De analyses suggereren een mogelijke rol van fijnstof als predisponerende en/of luxerende factor voor het ontwikkelen van longontsteking. 3) Ruimtelijke modellering van de verspreiding van zoonosen heft aangetoond hoe het risico op epidemische transmissie in de dierdicht gebied wordt gevormd door een complexe interactie tussen de mate van clustering van bedrijven en de afstand waarover de ziektekiem van bedrijf naar bedrijf doorgans wordt overgedragen. Deze analyses vormen de basis voor het modelleren van interventies gedurende toekomstige uitbraken van zoonotische ziektekiemen.

 

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Infectieziekten die van dier naar mens overspringen (zoönosen) vormen een toenemende bedreiging voor de volksgezondheid. Bekende recente voorbeelden zijn de vogelgriepepidemieën in Zuidoost Azië, de Q-koorts epidemie in Nederland, en uitbraken van het MERS virus uit dromedarissen. Voor een goede bestrijding is het belangrijk dat uitbraken van deze ziekten zowel in dieren als in mensen snel worden herkend en dat bronnen snel worden opgespoord

 

In dit project wordt informatie over ziektesignalen in mensen en productiedieren in Nederland met minimale vertraging samengebracht. Daarnaast worden modellen ontwikkeld waarmee de informatie efficiënt en op een verantwoorde manier statistisch kan worden geanalyseerd. De methoden worden getest op uitbraken uit het verleden (vogelgriep, Q-koorts). Het resultaat van dit project is een instrument voor snelle risicoanalyses van infectieziekten die van dier naar mens overdraagbaar zijn.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Er zijn risicokaarten gemaakt die de dichtheid van verschillende diersoorten combineren met de dichtheid van de Nederlandse bevolking. De kaarten zijn gemaakt op meerdere aggregatieniveaus en bieden een hulpmiddel om gebieden te identificeren waar overdracht van ziektekiemen van dier naar mens meer waarschijnlijk is.

 

Daarnaast is een clusteranalyse in ruimte en tijd uitgevoerd met ziekenhuisdata van longontstekingen. Met 40000-50000 hospitalisaties per jaar vormen longontstekingen een aanzienlijk gezondheidsprobleem. Onze analyses tonen aan dat er clusters zijn met verhoogde incidentie, met name in het westen en midden van Nederland, en in Limburg en het oostelijk gedeelte van Brabant. In een vervolgstap wordt onderzocht of de opnames binnen een cluster verklaard kunnen worden door een gedeelde etiologie.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

The Netherlands is one of the most densely populated countries in the World, both in terms of the human population and in terms of livestock. In the past decades, several outbreaks with zoonotic sequelae have occurred in livestock, while other zoonoses are looming. Central questions are whether outbreaks in livestock constitute a zoonotic risk, and to what extent clustered cases in the human population are caused by point sources in the environment (e.g., farms) or by local human transmission. Proper and timely assessment of the epidemiological situation at hand is key for effective control.

 

Here we build a spatial modelling suite for pathogens transmitted in livestock and humans in the Netherlands. The modelling suite is designed to support decision making on source detection strategies, to inform veterinary and public health risk assessment, and to inform policy makers involved in risk management. Apart from addressing the above research questions for specific pathogens, an important secondary goal is the construction of a web-based risk assessment tool for direct deployment by the regional public health services, supporting their statutory task of source detection and risk assessment when cases of a zoonosis are reported in humans. The tool is based on real-time data on livestock (locations, numbers, disease signals), human infectious disease notifications, and morbidity data in primary care, and thereby provides an integrated approach to impending zoonotic problems. While public health and veterinary professionals from the regional public health services (GGD) and the Netherlands Food and Consumer Product Safety Authority (NVWA) are the envisaged end users of the tool, there are strong links to farmers and practicing veterinarians through the GD Animal Health (GD), and to general practitioners through the Netherlands institute for health services research (NIVEL), allowing direct communication with the providers of case-based information.

 

Starting point of project activities are veterinary disease signals or clusters of human disease cases. While veterinary signals and human disease clusters may be local, the data used for analysis of these signals or clusters have national coverage. Apart from addressing zoonotic and human disease signals that occur during the lifetime of the project, simulations will be included of selected zoonotic infections that first present as human disease cases, for example Japanese encephalitis virus; and infections that first present as animal disease cases, for example avian influenza in poultry.

 

The approach is novel, unique, and also feasible because the project partners and end users have access to routinely collected information on farm locations and animal demographics (RIVM), unusual clinical signs in animals (GD), notifiable animal diseases (NVWA), syndromic morbidity information in primary care (NIVEL), human infectious disease notifications and signals (GGD), and human population distribution (RIVM). While there is a zoonosis structure in the Netherlands and human-veterinary collaboration has improved since the Q fever epidemic, bringing these pieces of information from human and veterinary sources together has never been attempted. We believe that the current project team, which includes pivotal players from the human and veterinary sides, will be able to achieve this integration. For development of the spatial risk analysis tool, we will hire a postdoctoral researcher with strong analytical and programming skills, who is also an effective communicator. For implementation and sustainability, the project activities and development of risk assessment tool will take place within the existing zoonosis structure of the Netherlands. To ensure the practical value of the project, smooth operational running and effective implementation, we will install a User Supervisory Panel, consisting of end users from the NVWA and GGD.

 

ABBREVIATIONS

 

Project partners:

RIVM: National Institute for Public Health and the Environment

CVI: Central Veterinary Institute

NIVEL: Netherlands institute for health services research

GD: GD Animal Health

 

End users:

GGD: Regional public health services

NVWA: Netherlands Food and Consumer Product Safety Authority

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website