Verslagen

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Om verspreiding van het coronavirus, ofwel COVID-19, te verminderen is het belangrijk om fysieke afstand te houden en zoveel mogelijk thuis te blijven (thuisisolatie). Maar wat zijn de sociale gevolgen van deze maatregelen geweest voor kwetsbare groepen?

 

In deze studie hebben we gesproken met mensen uit groepen die maatschappelijk als "kwetsbaar" worden gezien, en met hun begeleiders en mantelzorgers, over hun ervaringen met thuisisolatie. Wat voor problemen ervaren deze mensen? Vinden ze oplossingen hiervoor in de loop van de tijd? Hoe kan beleid ondersteunen bij het verlichten van die problemen?

 

De volgende groepen deden mee aan het etnografisch onderzoek:

1) Ouderen die alleen wonen, of in het verpleeghuis

2) Mensen met ernstige psychiatrische problemen

3) Mensen met licht verstandelijke beperkingen (LVB)

4) Dak- en thuisloze mensen

5) Gezinnen met jonge kinderen

6) Gezinnen waar huiselijk geweld aan de orde is

 

In totaal hebben we 244 mensen digitaal of telefonisch geïnterviewd, velen herhaaldelijk. Daarnaast werden digitaal vragenlijsten afgenomen bij:

7) Ouderen die in het verpleeghuis wonen (2619 mensen: bewoners, familieleden en zorgmedewerkers)

8) Zelfstandig wonende ouderen (1697 mensen)

 

Onder deze groepen onderzochten we de effecten van sociale isolatie in Nederland ten tijde van ‘de lockdown’ periode (van 15 maart 2020 tot 23 mei 2020) en de periode van ‘de versoepeling’ van de maatregelen tot het einde van het onderzoek (de periode na 23 mei 2020-1 juli 2020). De resultaten beschrijven beide periodes tegen het licht van het veranderend overheidsbeleid rond thuisisolatie en aanverwant beleid, zoals afstand houden.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In het algemeen laten de bevindingen zien dat vanuit het perspectief van sociaal kwetsbare groepen het Nederlandse overheidsbeleid te eenzijdig gericht is geweest op veiligheid in de vorm van het voorkómen van besmetting en chaos op de IC’s. Voor kwetsbare groepen waren andere vormen van veiligheid ook pregnant aan de orde, andere doelen en waarden werden bedreigd. Het belangrijkste ervaren probleem onder veel mensen binnen deze groepen was, en is nog steeds, het verlies van perspectief en zin, dagbesteding en structuur. Voor kwetsbare groepen ligt het accent vaak niet, of niet hoofdzakelijk, op medische zorg, maar op het uitbreiden van sociale netwerken en iets kunnen betekenen voor de samenleving, op woonbegeleiding, werk en dagbesteding, zingeving en andere vormen van sociale veiligheid. Het is juist op deze terreinen dat de zorg wegviel tijdens pandemie, of waar de thuisisolatie en andere overheidsmaatregelen problemen verergerden.

 

De resultaten laten zien dat aandacht voor kwetsbare sociale netwerken, de behoefte aan sociaal contact, en de kwaliteit van - en zin in het leven onnodige angst en (gezondheids)problemen kunnen voorkomen in het geval van een pandemie. Aan de hand hiervan doen we vier concrete beleidsaanbevelingen:

 

1. Het mogelijk maken en stimuleren van sociaal contact: We bevelen de overheid aan om de mogelijkheden van huisbezoek in tijden van een pandemie te handhaven, en essentieel sociaal contact mogelijk te maken. Het onderhouden en versterken van de, vaak geringe, sociale netwerken van kwetsbare burgers blijft een aandachtspunt, evenals het betrekken van cliënten en mantelzorgers bij de besluitvorming.

 

2. Het bevorderen van zin in het leven en iets betekenen voor de samenleving: We bepleiten samenwerking tussen zorg- en culturele sector om zingevende en verbindende activiteiten te ontwikkelen ‘op afstand’. Omdat zorg in de wijk vaak geleverd wordt vanuit kleine behuizing, is afstand houden lastig: we bevelen een ‘uitleenbeleid’ van leegstaande gebouwen aan.

 

3. Het begrijpelijk maken van regels: De overheid kan de praktische betekenis van regels en informatie voor het leven van alledag beter uitleggen en moet daarvoor geschikte vormen zoeken die kwetsbare groepen bereiken.

 

4. Het faciliteren en ontwikkelen van digitale zorg: Ten slotte bevelen we aan dat organisaties, professionals en cliënten evalueren en experimenteren met de digitale middelen die tijdens de coronacrisis een vlucht hebben genomen, zodat die op systematische wijze doorontwikkeld en geëvalueerd kunnen worden. Daarbij is het ontwikkelen van de digitale vaardigheden van kwetsbare burgers een aandachtspunt in de luwte van de pandemie. Het verdient de aandacht dat het gebruik van technologie niet voor iedereen weggelegd; oude media als radio en tv blijken nog steeds toegankelijk en kunnen gebruikt worden voor informatievoorziening, zingeving en dagbesteding.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

The aim of this mixed-method social science study is to document the challenges, experiences and creativity of socially vulnerable Dutch populations during social isolation. What kinds of problems do people run into? Do they find solutions to these problems? What (other) solutions can be generated? How can policy support these solutions? We will Our aim is to provide actionable lessons about measures that can be taken to sustain social distancing. The rationale for this is that, if we have better insight in what the challenges are for vulnerable people to endure social isolation, we can develop policy and communication strategies to remedy this. Hence, social isolation can be made more humane and easier to bear.

 

Using existing networks, we will conduct digital ethnographic and survey research among professionals, family, and others caring for groups regarded as vulnerable. We will assess what problems people experience and document solutions people find, by building a log through weekly consultations, and analysing the materials with a Grounded Theory approach. We will distill policy lessons learned in consultation with societal partners and provide recommendations on a short-term (one month) and medium-term (three months), followed by long-term peer-reviewed publications (one year).

 

The main target groups are: 1) older adults, among those people living alone; people with dementia; people living in nursing homes; 2) people with severe psychiatric problems; 3) people with learning disabilities; and 4), and homeless populations. In addition, this study will uncover ‘new’ vulnerable groups by following emergency calls made at Veilig Thuis (the organization supporting victims of domestic violence) and the police (meldkamer).

 

Our consortium is uniquely positioned to take on this task because all partners involved have existing relationships with the target groups and a long track-record in co-creating solutions for vulnerable and difficult to reach populations, health care workers, and policy makers.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website