Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Alle kinderen en jongeren moeten naar vermogen kunnen profiteren van het onderwijs. Ook zij die veel verzuimen om gezondheidsredenen. Om hun gezondheid te optimaliseren en (mede daardoor) hun onderwijskansen te vergroten is het van belang al aandacht te hebben voor basisschoolleerlingen met ziekteverzuim. De methode M@ZL (Medische Advisering Ziekgemelde Leerling) is toepasbaar en effectief gebleken om middelbare scholieren en studenten van het middelbaar beroepsonderwijs met ziekteverzuim te begeleiden en hun ziekteverzuim terug te dringen. Bij M@ZL werken school en de jeugdarts samen met de jongere en zijn/haar ouders om het terug gaan naar school te vergemakkelijken en de ontwikkeling en gezondheid te optimaliseren. Voor basisschoolleerlingen was er nog geen aanpak van ziekteverzuim. Daarom is in dit onderzoek een werkwijze ontwikkeld voor basisscholen, op basis van M@ZL, literatuuronderzoek en praktijkgestuurd onderzoek. Schooldirecteuren, intern begeleiders, leerkrachten, jeugdgezondheidszorg professionals, leerplichtambtenaren en ouders hebben in groepsinterviews met elkaar gesproken over ziekteverzuim. Naar aanleiding van deze onderzoeksresultaten en op basis van literatuuronderzoek en procesevaluatie (M@ZL PO is op 24 basisscholen getest) is M@ZL PO ontwikkeld. M@ZL PO geeft scholen meer inzicht in het ziekteverzuim van hun leerlingen. Schoolmedewerkers gaan eerder in gesprek met ouders en weten beter wanneer en hoe experts te consulteren en naar hen te verwijzen zo nodig.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

1. Om inzicht te krijgen in ervaringen met ziekteverzuim bij PO leerlingen zijn focusgroepen gehouden met: PO directeuren en intern begeleiders, jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen, leerplichtambtenaren en ouders van basisschoolleerlingen. Daaruit bleek dat:

- de deelnemers zich zeer betrokken voelen bij ziekgemelde leerlingen en vooral zorgen hebben over de achterliggende problematiek, meer dan dat ze zich zorgen maken om de impact van het verzuim op de leerontwikkeling van het kind;

- de aanpak van ziekteverzuim, de volledigheid van de verzuimregistratie en het contact met ketenpartners erg wisselend is op scholen;

- veelvuldig ziekteverzuim en de achterliggende problemen met het huidige beleid regelmatig niet naar tevredenheid van de deelnemers worden opgelost;

- het contact tussen leerkracht en ouders/leerling als cruciaal gezien wordt bij de aanpak van ziekteverzuim.

 

Op basis van informatie uit de focusgroepen, literatuuronderzoek en kennis van M@ZL VO is een prototype M@ZL PO gemaakt, waarin de stappen en rollen bij ziekteverzuim duidelijk zijn gemaakt.

De hoofdstappen zijn:

- Registratie van verzuim

- Signaleren van zorgwekkend ziekteverzuim

- Afstemmen binnen school (intern begeleider / leerkracht / directeur)

- In gesprek met ouders

- Casuïstiek overleg binnen een ondersteuningsteam

- Probleemanalyse door school, jeugdarts, jeugdprofessional of een orthopedagoog

- Opstellen van een plan

- Evaluatie van het plan

 

Scholen zijn M@ZL PO gaan gebruiken, waarbij met de procesevaluatie duidelijk is geworden dat er veel aandacht nodig is voor de implementatie op school. Daarbij is een ICT oplossing voor het signaleren van leerlingen met zorgwekkend ziekteverzuim van belang gebleken, evenals regelmatige gesprekken met aandachtsfunctionaris ziekteverzuim binnen de school over M@ZL PO en advies over casuïstiek en communicatie met ouders. Scholen die de stappen van M@ZL PO doorlopen zijn over het algemeen heel tevreden over de opbrengst - ze hebben de kinderen met ziekteverzuim veel beter in beeld en ervaren veel meer grip op het verzuim van leerlingen. Ze willen zeker M@ZL PO blijven gebruiken. Met deze kennis uit onderzoek en ervaringen kan het prototype M@ZL PO doorontwikkeld worden naar de interventie M@ZL PO, die gebruikt kan gaan worden op PO scholen buiten een onderzoekssituatie.

 

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De eerste fase van het onderzoek naar de werkwijze ‘M@ZL voor het PO’ (Medische Advisering Ziekgemelde Leerling op het primair onderwijs; een werkwijze voor de aanpak van ziekteverzuim op het PO) is heel goed verlopen. In regio West-Brabant doen 16 PO-scholen mee met het onderzoek. Schooldirecteuren, intern begeleiders, leerplichtambtenaren, JGZ artsen en verpleegkundigen, en ouders zijn zeer betrokken bij de leerling en daarmee ook bij het onderwerp ziekteverzuim. Tegelijkertijd wordt gezien dat ziekteverzuim ook op de basisschool niet altijd voldoende in beeld is. Men erkent dat dit ongewenst is. De aanpak heeft momenteel vaak een ad hoc karakter, met name waar het de samenwerking betreft. Deze hangt af van wie men kent, met wie men een goed, vertrouwd contact heeft. De huidige werkwijze met betrekking tot registreren en signaleren, en de probleemanalyse en oplossingen varieert dientengevolge enorm per school. Vaak kost de werkwijze nu veel tijd en levert het niet op wat beoogd was. Dit levert vooral bij complexe casussen regelmatig frustratie op. ‘M@ZL PO’ beoogt het ‘formaliseren’ van de werkwijze, met een duidelijke taak- en rolverdeling en heldere routing voor de M@ZL-leerling (de PO-leerling met verhoogd / zorgwekkend ziekteverzuim). ‘M@ZL PO’ beoogt aan te sluiten bij de zorgstructuur van een school. De eerste versie ‘M@ZL PO’ is ontwikkeld vanuit de resultaten uit literatuuronderzoek, de groepsinterviews en bespreking in de klankbordgroep. Komend schooljaar zal de werkwijze geïmplementeerd en getest worden op alle 16 deelnemende scholen.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Uit de groepsinterviews blijkt dat ziekteverzuim zeker wordt erkend als een probleem voor het individuele kind. Opvallend is dat, daar waar ziekteverzuim op het voortgezet onderwijs (VO) vooral als risico op uitvallen werd gezien, ziekteverzuim op het primair onderwijs (PO) beschouwd wordt als een signaal van achterliggende problematiek. Een ander verschil is dat op het VO vooral controle voorop stond, terwijl op het PO de zorg voor een kind, dat niet voor zichzelf kan opkomen, centraal staat. Ouders geven aan dat ze het heel belangrijk dat de leerkracht een kind ‘ziet’, en dus ook afwezigheid opmerkt. Het belang van goed contact tussen ouder en leerkracht werd vaak genoemd, maar is volgens ouders minder vanzelfsprekend dan in de andere focusgroepen wordt gesuggereerd. Ouders vinden de betrokkenheid van school heel belangrijk. Daar waar de school in geval van ziekteverzuim van de leerling regelmatig een probleem in de thuissituatie vermoedt, vermoeden ouders juist vaak dat oorzaak voor het verzuim bij de school ligt. Men geeft aan behoefte te hebben aan meer duidelijkheid en afstemming. Op basis van de resultaten kan geconcludeerd worden dat het bespreken van het ziekteverzuim met ouders een taak is van de leerkracht, dat het structureel analyseren van de verzuimdata en het oppakken/signaleren taken zijn van de ib’ er, en dat de ib’er vervolgens consultatiemogelijkheden nodig heeft. Die consultatiemogelijkheden verschillen deels per regio maar de uiteindelijke keuze zou vooral gestuurd moeten worden door de kenmerken van het probleem in plaats van door bestaande contacten. Daarnaast zien we in de groepsinterviews dat er sprake is van ad hoc beleid, dat vaak veel tijd kost en waarschijnlijk ook minder effectief is omdat de beschikbare mogelijkheden niet effectief ingezet worden. Dat suggereert dat een meer gestructureerde aanpak tijdwinst en meer effect oplevert. De leerplichtambtenaren merken op dat ziekteverzuim op het VO voor veel problemen zorgt en uitval tot gevolg heeft. Ze zien dat VO-leerlingen met veel ziekteverzuim vaak al een verhoogd ziekteverzuimpatroon laten zien op het PO. Zij zijn blij dat nu – dan eindelijk – ook M@ZL voor het PO wordt ontwikkeld. Ze hopen dat zo voorkomen kan worden dat zoveel VO-leerlingen uitvallen.

Leerplichtambtenaren en jeugdartsen merken op dat er bij verhoogd ziekteverzuim vaak ook sprake is van een communicatieprobleem tussen school en ouders. Dit kan zowel een oorzaak of gevolg van het ziekteverzuim zijn.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Aanleiding en doel van het onderzoek: alle leerlingen moeten naar vermogen kunnen participeren in en profiteren van het onderwijs. Ook de leerlingen die vanwege ziekte vaak thuis blijven. Bij scholen, jeugdgezondheidszorg en gemeenten is er daarom behoefte aan een onderbouwde werkwijze voor een adequate signalering en begeleiding van basisschoolleerlingen met verhoogd ziekteverzuim. Hierdoor kan een stagnerende sociaal-emotionele en leerontwikkeling, langdurig thuiszitten en ontheffing van de leerplicht vanwege gezondheidsproblemen worden voorkomen. Het feit dat al op jonge leeftijd schoolverzuim negatief geassocieerd is aan schoolprestaties en verzuimpatronen zich manifesteren, maakt dat aandacht voor leerlingen met ziekteverzuim op het primair onderwijs van groot belang is om op termijn ook verhoogd verzuim op het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs, en daarmee afglijden in onderwijsniveau en schooluitval, te voorkomen. De methode ‘M@ZL op het VO’ (Medische Advisering Ziekgemelde Leerling op het voortgezet onderwijs) is effectief gebleken om ziekteverzuim bij middelbare scholieren terug te dringen. Het huidige onderzoeksproject beoogt op basis van ‘M@ZL op het VO’ een versie van ‘M@ZL voor het primair onderwijs’ (‘M@ZL PO’) te ontwikkelen en deze te testen.

 

Methode: het onderzoek is zowel kwalitatief als kwantitatief van aard en bestaat uit twee stappen: 1) Het ontwikkelen van een eerste versie van ‘M@ZL PO’: op 10 in West-Brabant gerandomiseerd geworven PO-scholen (de interventiescholen) wordt middels kwalitatief onderzoek (focusgroepen) bestudeerd wat nodig is om ‘M@ZL op het VO’ toepasbaar en uitvoerbaar te maken voor het (regulier en speciaal) PO. Deze studie levert een eerste versie op van ‘M@ZL PO’. 2) Het testen: de eerste versie ‘M@ZL PO’ wordt op alle interventiescholen geïmplementeerd en geëvalueerd: a) Het proces wordt geëvalueerd door middel van zowel kwalitatief (focusgroepen) als kwantitatief onderzoek (bereik, percentage doorverwijzing naar jeugdarts, tijdsinvestering door de jeugdarts, etc.). b) Tevens vindt een observationeel prospectief evaluatieonderzoek plaats. Tijdens de testfase worden 200 leerlingen (20 leerlingen per interventieschool) met verhoogd ziekteverzuim (elke 9de schooldag cumulatief of vanaf de 5de ziekmelding per schooljaar) geïncludeerd. Bij inclusie wordt informatie over leerlingkenmerken (zoals leeftijd, geslacht, etniciteit, etc.) verzameld. Bij inclusie en na 3 en 12 maanden wordt, om inzicht te krijgen in de problematiek van het kind, informatie verzameld over de (medische) problematiek, leerprestaties, welbevinden en sociale participatie van de leerling (secundaire uitkomstmaten) met behulp van kwantitatief onderzoek (vragenlijsten). Na elk verzuimgesprek van school en/of jeugdarts met leerling/ouders worden ouders gevraagd naar hun ervaringen ten aanzien van het gesprek en de inzet van school en jeugdarts bij ziekteverzuim van hun kind (vragenlijsten, indien nodig aangevuld met interviews); school en jeugdarts wordt gevraagd naar de uitkomsten van het gesprek (vragenlijst). c) Het effect van ‘M@ZL PO’ op de duur en frequentie van het ziekteverzuim, de ‘ziekteverzuimomvang’ (primaire uitkomstmaat) wordt onderzocht in een quasi-experimenteel design, met een interventie- en een controlegroep, en met een voor- en nameting. Met multilevelanalyse wordt het verloop van de verzuimomvang gevolgd en vergeleken tussen de groep interventie- en controleleerlingen. Deze laatste studie zal pas na de onderzoeksperiode van het huidige onderzoekstraject afgerond worden.

 

De resultaten van het onderzoek zullen in een factsheet worden samengevat en gepresenteerd in (nationale en internationale) tijdschriften en op congressen.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website