Verslagen

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Schadelijke (traditionele) praktijken (STP) is een verzamelnaam waaronder verschillende vormen van geweld vallen die de zelfbeschikking beperken, op het gebied van partnerkeuze, relatievorming, keuzes aangaande het eigen lichaam en de toekomst. Onder STP valt eergerelateerd geweld (EGG) (waaronder vrijheidsbeperkende maatregelen, psychische druk, mishandeling en eerwraak als uiterste vorm), huwelijksdwang, achterlating, huwelijkse gevangenschap, gedwongen isolement, hymenreconstructie en vrouwelijke genitale verminking. Het aantal zaken met (vermoeden van) een eermotief dat jaarlijks behandeld wordt door de politie, het Landelijk Expertise Centrum Eergerelateerd geweld (LEC EGG), het Landelijk Knooppunt Huwelijksdwang en Achterlating (LKHA) en specialistische instellingen zoals Fier en Sterk Huis, is slechts het topje van de ijsberg. Schattingen van de werkelijke aantallen liggen een stuk hoger.

Waarom wordt slechts een klein deel van de zaken door hulpverleningsinstanties opgemerkt? Een voorname reden hiervoor is dat STP zich vaak in het verborgene afspeelt vanwege schaamte van het slachtoffer, loyaliteit aan de familie en het illegale karakter van de praktijken. Slachtoffers stellen meestal geen directe hulpvraag. Om STP wél te kunnen herkennen is het extra belangrijk dat professionals scherp zijn op signalen. Echter, het vaststellen van eercomponenten in casussen blijkt voor professionals aan de voorkant van de keten een moeilijke taak.

Vanuit de literatuur en een rondvraag bij specialisten - Fier, Sterk Huis en LKHA - zijn een aantal verklaringen te geven die aan het knelpunt van herkenning ten grondslag liggen. Ten eerste lijkt de kennis van eerstelijnsprofessionals over signalen en vormen van STP beperkt. Daarnaast blijken het beoordelen van de problematiek en het contact met (potentiele) slachtoffers/ouders een uitdaging. Als professionals onvoldoende kennis hebben van de problematiek, niet weten hoe ze hier zicht op krijgen en hoe ze zich kunnen verhouden tot slachtoffers/families, kan dit leiden tot handelingsverlegenheid. Professionals weten niet goed wat ze met een casus moeten of hebben het gevoel niets te kunnen bieden. Gevolg kan zijn dat ze niet verder uitvragen, minder snel de meldcode EGG hanteren en (te laat) specialisme inschakelen.

Juist aan de voorkant van de keten kan het verschil worden gemaakt. Bij STP is er vaak sprake van een oplopend proces. De druk van geweld heeft tot doel om het slachtoffer gewenst gedrag te laten vertonen. Zolang het slachtoffer zich niet aanpast aan de wil van de familie/gemeenschap, zal de druk en het geweld zich langzaam opbouwen. Het tijdig signaleren (ook van mildere vormen) van STP, inschakelen van specialisme en ingrijpen is essentieel voor een goede afloop. Dit voorkomt een verdere escalatie van geweld en biedt eventueel de mogelijkheid om familiebanden te herstellen.

Dit project levert een bijdrage aan het oplossen van de knelpunten rondom het tijdig signaleren van STP. Middels onderzoek stelt het de kennis en vaardigheden vast die een eerstelijnsprofessional nodig heeft om STP beter te herkennen. De twee onderzoeksvragen die centraal staan zijn:

1. Welke (nieuwe) verschijningsvormen, doelgroepen, karakteristieken en mechanismen zijn er als het gaat om STP? (doel: verrijken van kennis).

2. Welke competenties hebben eerstelijnsprofessionals nodig om STP beter te herkennen, om cultuursensitief te werken en tot een goede analyse van eercomponenten te komen? (doel: verrijken van vaardigheden).

Om beide onderzoeksvragen te beantwoorden wordt kennis opgehaald bij gespecialiseerde instellingen op het gebied van STP, namelijk Fier, Sterk Huis en LKHA. Er wordt gebruikt gemaakt van een combinatie van methoden: literatuur onderzoek, dossieronderzoek van tien afgeronde casussen (per instelling) en interviews met professionals en slachtoffers in vijf lopende casussen (per instelling). Om tot breed gedragen resultaten te komen, worden professionals van de specialistische instellingen, professionals uit de eerste lijn, experts, zelforganisaties en waar mogelijk slachtoffers regelmatig geraadpleegd. Afhankelijk van de fase van het project worden protocollen, bevindingen of ontwikkelde tools voorgelegd in expertmeetings, focusgroepen of interne werkgroepen. Om de onafhankelijkheid te waarborgen heeft een externe projectleider (onderzoeker Hogeschool Leiden) een belangrijke rol in het project.

Dit project heeft als doel om de kennis en vaardigheden rondom STP bij (eerstelijns) professionals te vergroten en bij te dragen aan de kennisoverdracht tussen expertisecentra (specialistisch) en eerstelijns voorzieningen. Zo worden er tools opgeleverd die cultuursensitief werken en het doen van een gedegen analyse van eercomponenten verder stimuleren. Tevens zal de e-module van Augeo over huwelijksdwang worden herzien vanuit een breder, meer gedifferentieerd perspectief. De resultaten van het onderzoek en de tools zullen ook met onderwijsinstellingen worden gedeeld.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website