ZonMw tijdlijn Personalised Medicine https://www.zonmw.nl/ Het laatste nieuws van de tijdlijn van Personalised Medicine nl-nl Wed, 21 Aug 2019 03:29:14 +0200 Wed, 21 Aug 2019 03:29:14 +0200 TYPO3 news-4339 Tue, 16 Jul 2019 15:57:46 +0200 ´Behoefte aan landelijk ethisch, juridisch en maatschappelijk kader voor personalised medicine´ https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/geneesmiddelen/nieuwsberichten-in-content-pagina/behoefte-aan-landelijk-ethisch-juridisch-en-maatschappelijk-kader-voor-personalised-medicine/ In Nederland houden steeds meer onderzoekers zich bezig met de ontwikkeling van personalised medicine. Dat maakt de behoefte aan eenduidig ethisch en juridisch beleid rond zaken als toestemming, het beheren van data en het omgaan met bevindingen groot, merkt medisch ethicus dr. Roel Wouters. Het onderzoeksconsortium ELSI-PM (Ethical, Legal and Social Implications of Personalised Medicine) werkt aan het vormgeven van een normatief kader. news-4329 Tue, 16 Jul 2019 10:10:18 +0200 From genomic data to personalised health care - the UK perspective https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/geneesmiddelen/nieuwsberichten-in-content-pagina/from-genomic-data-to-personalised-health-care-the-uk-perspective/ Dr. David Atkins, CEO Congenica Ltd, vertelde op de derde bijeenkomst van het Programma Personalised Medicine hoe Engeland genome sequencing in de klinische praktijk implementeert. news-4327 Tue, 16 Jul 2019 08:13:46 +0200 Terugblik programmabijeenkomst Personalised Medicine https://publicaties.zonmw.nl/persmed-bijeenkomst-20-juni-2019/ Op 20 juni 2019 organiseerde ZonMw de derde bijeenkomst voor projectleiders en andere betrokkenen bij het ZonMw-programma Personalised Medicine. Tijdens de bijeenkomst kregen de deelnemers een update over de activiteiten uit het programma en er was ruimte voor discussie en het delen van best practices. Daarnaast bood de bijeenkomst mogelijkheid om te netwerken. news-4196 Mon, 17 Jun 2019 17:30:46 +0200 Sequencing bij kinderen met genetische aandoeningen: van laatste redmiddel naar spoedtest https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sequencing-bij-kinderen-met-genetische-aandoeningen-van-laatste-redmiddel-naar-spoedtest/ Nederlandse klinisch genetici werken samen om een genetische spoedtest te ontwikkelen voor kinderen met een vermoeden op een genetische aandoening. Met een eerdere diagnose kunnen zij eerder een behandeling krijgen en zich op een passende manier blijven ontwikkelen. Een belangrijke stap, stellen Wendy van Zelst en Lisenka Vissers van het Radboudumc. ‘Het is zonde sequencing te blijven zien als laatste redmiddel.’ dr. Lisenka Vissers (l) en dr. Wendy van Zelst

Het in kaart brengen van het genoom, de genetische informatie in ons DNA, gaat steeds sneller. Met sequencing kunnen we soms binnen enkele dagen het complete genoom van een persoon testen op genetische aandoeningen. Dankzij die snelheid kunnen we whole exome sequencing (WES) en whole genome sequencing (WGS) gebruiken als diagnostische test. In het project WGS-first werken Nederlandse klinisch genetici samen om WES en WGS in te zetten als one-size-fits-all-test voor de diagnose van zeldzame genetische aandoeningen bij kinderen.

Passende behandeling

Van alle duizenden zeldzame aandoeningen heeft 80 procent een genetische oorzaak en driekwart presenteert zich op kinderleeftijd. Dr. Wendy van Zelst, klinisch geneticus bij het Radboudumc: ‘Veel van die aandoeningen leiden tot een heterogeen ziektebeeld, daarom herkent een arts ze niet direct. Om deze patiënten een passende behandeling te kunnen geven is het belangrijk zo snel mogelijk de juiste diagnose te stellen. Genetische diagnostiek kan daarbij een rol spelen.’

Sneller en eerder

Het project richt zich op twee onderzoeksgroepen: kinderen met een verstandelijke beperking of ontwikkelingsachterstand, en kinderen die worden opgenomen op de neonatale intensive care (NICU). Dr. Lisenka Vissers, projectleider en associate professor moleculaire genetica bij het Radboudumc: ‘Bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand zien we uiteenlopende klinische beelden, dus is het zinvol de aandoening te karakteriseren en te diagnosticeren met WGS. Bij pasgeborenen op de NICU wil je de diagnose zo snel mogelijk, zodat je acuut je behandelplan kunt aanpassen. Dat kan met een spoedtest op basis van WES.’

'Bij iedere gediagnosticeerde patiënt willen we aantonen dat onze aanpak eerder een diagnose stelt, maar ook diagnoses opleveren die anders pas later, of zelfs helemaal niet zouden zijn gesteld.’

Prognostische waarde

Ondanks het ontbreken van een spoedtest voor beide onderzoeksgroepen, profiteren patiënten op verschillende gebieden van een eerdere diagnose. Vaak is die nodig voor ondersteuning, zoals bijzonder onderwijs en hulpmiddelen. Dat geeft meer zekerheid en rust in het gezin, en vergroot de kans voor het kind zich op een passende manier te ontwikkelen. Bovendien kan een diagnose bij een ontwikkelingsachterstand meer zicht geven op de prognose. Dat is van belang voor de ouders. Van Zelst: ‘Een prognose draagt bij aan de keus of een kind thuis kan blijven wonen, en of ouders professionele begeleiding willen. En als je weet of de aandoening erfelijk is, kun je beter besluiten nemen over gezinsplanning.’

Wel of niet opereren?

Ook de zorgverlener profiteert van sequencing bij het stellen van een diagnose. Van Zelst: ‘Je weet welke specialismen nodig zijn om de patiënt optimaal te behandelen. Dat is belangrijk op de NICU: je moet jezelf afvragen of je wel moet opereren als een kind met een ernstige genetische aandoening een slechte prognose heeft. Voorkomen is ook een vorm van behandelen.’ Anderzijds geeft een test zonder uitsluitsel ook informatie. ‘Als we geen genetische defecten kunnen aantonen, sluiten we toch aandoeningen uit. Dat kan ons doen besluiten een operatie juist wél te doen.’

Van óf-óf naar én-én

Het accent van WGS-first verschoof gaandeweg van werkzaamheid naar doelmatigheid. Vissers: ‘De innovaties in de genetica gaan zo verschrikkelijk snel. In eerste instantie wilden we patiënten willekeurig diagnosticeren via óf het standaardtraject óf via sequencing. Maar toen bleek dat we met WES 30 procent van de aandoeningen op de NICU konden diagnosticeren en met alle andere tests slechts 10 procent, werd het én-én. We zijn op een positieve manier ingehaald door de tijd.’ Patiënten in het project krijgen nu beide trajecten voorgeschoteld: de diagnostische standaardtests, én sequencing. Vissers: ‘Die aanpak maakt de patiënten hun eigen controlegroep. Zo tonen we aan dat het zonde is sequencing als laatste redmiddel te zien. Bij iedere gediagnosticeerde patiënt willen we aantonen dat onze aanpak eerder een diagnose stelt, maar ook diagnoses opleveren die anders pas later, of zelfs helemaal niet zouden zijn gesteld.’

Implementeren

De eerste resultaten van het WGS-first-project laten niet lang op zich wachten. Vooral in de NICU’s kost het weinig tijd de spoedtest te implementeren, omdat het verschil tussen de kans op diagnose met de standaardtests en WES zo groot is. Mede daardoor werken al vijf van de acht Nederlandse NICU’s mee aan het project. Dat is lastiger bij de andere patiëntengroep. Vissers: ‘Bij patiënten met ontwikkelingsstoornissen is de test nog niet zo ver ontwikkeld en is er nog geen spoedtest beschikbaar. Het arsenaal aan huidige tests is waarschijnlijk net zo goed als WGS, dus de te behalen winst is minder groot. Ik denk dat we hier meer moeten kijken naar de kosteneffectiviteit en doelmatigheid, omdat WGS alle andere standaardtests vervangt. Je bent dus met één test klaar.’

Koudwatervrees

Die kijk op doelmatigheid is een van de vernieuwende kenmerken van WGS-first. Vissers: ‘We vereenvoudigen het diagnostische traject: het eerder en kostenefficiënt stellen van een diagnose. Veel artsen zien WGS nog niet als een volwaardige diagnostische test. Ze doen eerst test A t/m E, en als dat niets oplevert doen ze WGS. Wij zeggen: doe eerst WGS, want de kans dat dat een diagnose oplevert is groter dan alle andere tests samen.’ Van Zelst herkent die blik van artsen op WGS. ‘Voor de meeste neonatologen is het gebruikelijk een genetische test in een later stadium te doen. Met WGS kunnen ze de uitslag direct meewegen met de behandeling. Die omslag heeft tijd nodig.’

Naadloos

Vissers denkt dat de landelijke samenwerking in Nederland de ontwikkeling van WGS kan helpen. Alle acht klinisch genetische centra zijn bij het project betrokken, en PhD-studenten op het project worden landelijk begeleid. Vissers: ‘Het verenigen van clinici, laboratoriumspecialisten en onderzoekers in één project: die aanpak is typisch Nederlands. Technische innovatie gaat hier naadloos over in patiëntenzorg. We moeten het gewoon gaan doen met zijn allen: ogen dicht en springen. In de wetenschap dat we alleen nog moeten aantonen hoe goed het werkt.’

Tekst: Koen Scheerders
 

Meer informatie

Het project WGS-first wordt gefinancierd door het Onderzoeksprogramma Personalised Medicine. In dit programma zoeken initiatiefnemers KWF Kankerbestrijding, Zilveren Kruis en ZonMw samen uit hoe de razendsnelle ontwikkelingen op het terrein van next generation genome sequencing sneller bij de patiënt terecht kunnen komen. Speerpunten zijn kanker en zeldzame ziekten. WGS-first wordt medegefinancierd door het ZonMw-programma DoelmatigheidsOnderzoek.

]]>
news-4190 Mon, 17 Jun 2019 14:00:00 +0200 Genetics First: zicht op kosteneffectiviteit van totaaltest voor afweerstoornissen bij kinderen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/genetics-first-zicht-op-kosteneffectiviteit-van-totaaltest-voor-afweerstoornissen-bij-kinderen/ Afweerstoornissen bij kinderen zijn moeilijk te herkennen, terwijl het belangrijk is zo vroeg mogelijk een diagnose te stellen. Een genetische test voor alle afweerstoornissen kan uitsluitsel bieden. Dr. Joris van Montfrans en dr. Geert Frederix van het UMC Utrecht onderzoeken de kosteneffectiviteit van deze genetics first-aanpak. ‘We weten hoe baanbrekend genetica kan zijn.’ dr. Geert Frederix (l) en dr. Joris van Montfrans

In Nederland lijden ongeveer 1000 kinderen aan een afweerstoornis. Ze leiden vaak tot chronische of terugkerende infecties met virussen, bacteriën of schimmels. Die infecties zijn invaliderend en kunnen leiden tot permanente orgaanschade. Dr. Joris van Montfrans, kinderimmunoloog in het UMC Utrecht: ‘Veel van die stoornissen lijken op elkaar. Dat maakt het erg moeilijk voor artsen een diagnose te stellen. Vroeger moesten we al die ziektes één voor één testen. Dat kostte voor elke ziekte ongeveer een maand, dus duurde het soms jaren voor we wisten met welke erfelijke ziekte we te maken hadden, en dus welke behandeling we moesten geven.’

Uitzoekwerk

Vanaf 2010 is het mogelijk een patiënt met één genetische test te screenen voor alle 380 verschillende genen, die kunnen leiden tot erfelijke afweerstoornissen. Dat is te danken aan next-generation sequencing (NGS): het in kaart brengen van grote hoeveelheden genetische informatie van een enkel persoon in korte tijd. Van Montfrans: ‘In eerste instantie was NGS erg duur, maar toen bleek dat de genetische test voor afweerstoornissen de aangedane genen tot 99 procent nauwkeurig in beeld kon brengen, gingen we ons afvragen of we de test niet aan het begin van het diagnostische traject konden doen: genetics first. Zo zouden we die maanden of jaren uitzoekwerk kunnen overslaan.’

‘We meten of genetics first leidt tot een diagnose, hoe lang het traject duurde, hoe duur het was en hoeveel gezondheidswinst het voor de patiënt heeft opgeleverd.'

Genetics first

Om de winst van deze benadering in kaart te brengen stelde Van Montfrans een projectvoorstel op, met als doel het onderzoeken van de effectiviteit van een genetics first-benadering in termen van diagnosetijd, gezondheidswinst en kostenbesparing. ‘In eerste instantie zou het project alleen lopen in Utrecht, maar ZonMw vond die aanpak te klein. Daarom hebben we het opgeschaald naar alle Nederlandse centra die diagnostiek doen op het gebied van kinderimmunologie.’ Binnen die centra worden anderhalf jaar lang 150 patiënten gevolgd met een afweerstoornis. ‘We meten of genetics first leidt tot een diagnose, hoe lang het traject duurde, hoe duur het was en hoeveel gezondheidswinst het voor de patiënt heeft opgeleverd. Dat vergelijken we met een historische onderzoeksgroep: dezelfde soort patiënten die het standaard-diagnosetraject kregen in de drie jaar voor het project.’

Causaal aantonen

Om de effectiviteit van genetics first inzichtelijk te maken zocht Van Montfrans samenwerking met dr. Geert Frederix, hoofd van de afdeling Health Technology Assessment van het UMC Utrecht. Frederix: ‘Wij halen informatie op over de zorgconsumptie van een patiënt. Die informatie staat per item in de ziekenhuissystemen. Daaraan koppelen we kosten, waardoor we de impact van de technologie zo gedetailleerd mogelijk in kaart kunnen brengen.’ Hiervoor staat promovenda Kim Elsink in dienst van het project. Zij haalt informatie uit de ziekenhuissystemen en berekent de kosten. Frederix: ‘Om te onderzoeken wat de daadwerkelijke toegevoegde waarde van genetics first is, vergelijkt zij de twee onderzoeksgroepen.’ Frederix en Elsink proberen daarbij de kwaliteit van leven mee te wegen. ‘Normaal doen we dat met vragenlijsten, maar omdat het gaat om ernstig zieke kinderen, is het moeilijk dat te koppelen aan kosten. Ik hoop dat we een besparing ook echt causaal kunnen aantonen.’ Toch is Van Montfrans positief over de voorlopige resultaten. ‘We zien bij sommige patiëntengroepen een hoge trefkans op diagnose. Daarbij werkt genetics first dus goed. Op basis daarvan kunnen we subgroepen gaan maken binnen de totale groep van patiënten met een afweerstoornis. We vermoeden dat bij sommige groepen de test geen toegevoegde waarde heeft, omdat de trefkans net zo laag is als die van de standaardtest. Dat leidt tot het effectiever inzetten van NGS. Want die test is nog steeds erg duur.’

Alle neuzen dezelfde kant op

Frederix en Van Montfrans werken samen met klinisch genetici en kinderimmunologen in heel Nederland. Van Montfrans: ‘Het was een uitdaging alle neuzen dezelfde kant op te krijgen. Er waren twee grote groepen, artsen en onderzoekers, die we met elkaar moesten laten praten. We hebben veel telefoongesprekken en vergaderingen gehad om de moeilijke casussen met elkaar te delen. Maar het is gelukt die samenwerking draaiend te houden.’ Mede-onderzoekers houden elkaar, verwijzers en aanvragers op de hoogte van vorderingen via een website. Van Montfrans denkt dat die samenwerking aan de wieg staat van de succesvolle genetics first-benadering in Nederland. ‘Er is in Nederland geen restrictie op aanvragen. We weten hoe baanbrekend genetica kan zijn, en dat het in andere vakgebieden economische en gezondheidswinst kan opleveren.’

Gezondheidswinst

Die winst is niet alleen merkbaar voor de patiënt, maar ook voor de behandelend arts. Van Montfrans: ‘Natuurlijk is er de verkorting van die jarenlange zoektocht naar een genetische diagnose. Dat maakt de uitkomsten van de behandeling veel beter dan vroeger.’ Ook weten de patiënten elkaar beter te vinden als ze weten wat hun erfelijke diagnose is. ‘Een diagnose geeft ze de kans zich te groeperen, bijvoorbeeld via Facebook. Daardoor hoor ik soms nieuwe informatie over een ziekte via de ouders van een patiënt voordat ik er zelf over heb gelezen. Patiënten delen sneller informatie dan de medische registers dat kunnen. Los van geld, percentages en economie gaat het dan om pure gezondheidswinst voor de patiënt. Want die voelt zich veel minder eenzaam.’

Tekst: Koen Scheerders


Meer informatie

]]>
news-4167 Thu, 13 Jun 2019 10:52:32 +0200 NOS: Als ze er baat bij hebben krijgen patiënten 'herontdekte' medicijnen vergoed https://nos.nl/artikel/2288817-als-ze-er-baat-bij-hebben-krijgen-patienten-herontdekte-medicijnen-vergoed.html Soms helpen kankermedicijnen tegen meer soorten kanker dan waarvoor ze ontwikkeld en geregistreerd zijn. Ze worden echter alleen vergoed voor de behandeling van de vorm van kanker waarvoor ze goedgekeurd zijn. Patiënten met andere kankertypes hebben hiertoe geen toegang. Artsen, farmaceuten, zorgverzekeraars en het Zorginstituut hebben daar nu een oplossing voor bedacht die ze in een studie met patiënten gaan uitproberen. news-4134 Mon, 03 Jun 2019 14:22:30 +0200 ELSI Servicedesk verschaft duidelijkheid over ethische en juridische vragen https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/geneesmiddelen/nieuwsberichten-in-content-pagina/elsi-servicedesk-verschaft-duidelijkheid-over-ethische-en-juridische-vragen/ Onderzoekers zoeken antwoorden op ethische, juridische en maatschappelijke vragen vaak op diverse plekken binnen de eigen organisatie. Sinds kort kunnen zij hun vragen over Ethical, Legal and Social Implications (ELSI) ook beantwoord krijgen door een landelijke ELSI Servicedesk. > Lees verder

]]>
news-4118 Wed, 29 May 2019 14:51:21 +0200 Toolbox voor implementatie van de Code Goed Gebruik Lichaamsmateriaal https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/toolbox-voor-implementatie-van-de-code-goed-gebruik-lichaamsmateriaal/ Voor veel aandoeningen nemen artsen lichaamsmateriaal af bij patiënten, bijvoorbeeld tumorweefsel. Na het onderzoek blijft er vaak materiaal over dat gebruikt kan worden voor wetenschappelijk onderzoek. Er zijn Nederlandse richtlijnen om dit ‘nader gebruik’ van materiaal goed en transparant te regelen, de Code Goed Gebruik Lichaamsmateriaal. In de praktijk blijkt het lastig voor ziekenhuizen om deze richtlijnen op te volgen. Daarom ontwikkelden Susanne Rebers en Marjanka Schmidt een toolbox om ziekenhuizen hierbij te helpen. In de video vertellen dr. Susanne Rebers en dr. Marjanka Schmidt (beiden van het Nederlands Kanker Instituut) en andere betrokkenen over de toolbox voor toepassing van de Code Goed Gebruik Lichaamsmateriaal.

Deze toolbox zal gratis aangeboden worden aan alle ziekenhuizen en is te vinden via de ELSI Service Desk. Om ziekenhuismedewerkers te helpen bij het gebruik ervan, gaat de projectgroep van Rebers en Schmidt workshops organiseren om implementatie te bevorderen en ervaringen te delen. Daarvoor ontvingen zij financiering uit het programma Bevorderen van Verantwoorde Onderzoekspraktijken.

Meer informatie

]]>
news-4064 Thu, 23 May 2019 10:00:00 +0200 NWO-vidi van 800.000 euro voor 85 ervaren onderzoekers https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nwo-vidi-van-800000-euro-voor-85-ervaren-onderzoekers/ De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft 85 ervaren onderzoekers een Vidi-financiering van 800.000 euro toegekend. Hiermee kunnen zij de komende vijf jaar een eigen, vernieuwende onderzoekslijn ontwikkelen en een onderzoeksgroep opzetten. De laureaten gaan met het geldbedrag onder andere onderzoeken hoe een enzym gebruikt kan worden om stikstofcomponenten van afvalwater om te zetten naar een raketbrandstof en hoe een slimme biologische inkt belangrijke weefselstructuren kan namaken om versleten organen van patiënten te vervangen. Met de Vidi wordt ook onderzocht hoe artistieke initiatieven een platform kunnen vormen voor experimenten en vernieuwing van instellingen binnen en buiten Europa en het ontwikkelen van nieuwe methoden om DNA mutaties te identificeren bij ALS.

Vernieuwingsimpuls

Vidi is gericht op ervaren onderzoekers die na hun promotie al een aantal jaren succesvol onderzoek hebben verricht. Vidi maakt samen met de Veni- en Vici-beurzen deel uit van de Vernieuwingsimpuls van NWO. Binnen de Vernieuwingsimpuls zijn onderzoekers vrij om hun eigen onderwerp voor financiering in te dienen. Op deze manier stimuleert NWO nieuwsgierigheidsgedreven en vernieuwend onderzoek. NWO selecteert onderzoekers op basis van de kwaliteit van de onderzoeker, het innovatieve karakter van het onderzoek, de verwachte wetenschappelijke impact van het onderzoeksvoorstel en mogelijkheden voor kennisbenutting.

Aantal indieners

In totaal dienden in deze Vidi-ronde 443 onderzoekers een ontvankelijk onderzoeksproject in voor financiering. Daarvan zijn nu 85 gehonoreerd. Dat komt neer op een honoreringspercentage van 19%. In het online overzicht met toekenningen, ronde 2018 staan de namen van alle laureaten en korte samenvattingen van hun onderzoeksprojecten (Nederlands en Engels).

Meer informatie

 

 

 

]]>
news-4057 Mon, 20 May 2019 16:39:14 +0200 Innovatieve geneesmiddelen sneller bij de patiënt https://www.cbg-meb.nl/actueel/nieuws/2019/05/09/cbg-en-zorginstituut-starten-pilot-innovatieve-geneesmiddelen-sneller-bij-de-patient Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) en Zorginstituut Nederland slaan de handen ineen om de tijd vanaf registratie tot en met vergoeding van een geneesmiddel te verkorten. In samenwerking met onder andere de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen en HollandBIO wordt nu gezocht naar geneesmiddelen die bij het Europees Medicijnagentschap (EMA) worden ingediend en voor een beoordeling door het Zorginstituut in aanmerking komen. news-4024 Mon, 13 May 2019 09:51:12 +0200 ´Verdiep je nu in de IVDR als jouw diagnostische test straks breed gebruikt moet worden´ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/verdiep-je-nu-in-de-ivdr-als-jouw-diagnostische-test-straks-breed-gebruikt-moet-worden/ Bij het ontwikkelen van voorspellende diagnostische tools en andere in-vitro diagnostica (IVD’s) moeten onderzoekers nu al anticiperen op nieuwe regelgeving, zeggen Maartje van der Avert en Kees Maquelin van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Eind mei 2022 moeten bedrijven en instellingen hun producten en procedures aan deze nieuwe In Vitro Diagnostic Regulation (IVDR) hebben aangepast. ´Als individuele onderzoeker verdiep je je wellicht liever in de biomedische of technische aspecten van het in-vitro diagnosticum dat je ontwikkelt dan in nieuwe Europese regelgeving omtrent het op de markt brengen en houden van zo´n test. Maar je organisatie moet daar wél mee bezig zijn als het betreffende IVD in de toekomst ook gebruikt moet gaan worden. Zie het maar als een randvoorwaarde die goed geregeld moet zijn´, stelt Maartje van der Avert, die zich als coördinator implementatie van onder meer de nieuwe IVDR bij het ministerie van VWS de laatste jaren in de nieuwe Europese regelgeving heeft verdiept. Graag deelt zij haar kennis over de IVDR met iedereen die belang heeft bij in-vitro diagnostica (IVD’s). Dus ook met de medische onderzoeksinstellingen die dergelijke testen waarmee monsters afkomstig uit het menselijk lichaam buiten het lichaam worden onderzocht (helpen) ontwikkelen, ook als ze deze enkel ´in eigen huis´ toepassen. Ze doet dit samen met Kees Maquelin, die als senior inspecteur bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd fabrikanten van IVD’s, maar ook onderzoeksinstellingen die zulke testen ontwikkelen, in de toekomst aan de nieuwe wet zal houden.

Ontwikkeling voorspellende diagnostiek

Binnen het ZonMw-programma Personalised Medicine worden momenteel de nodige voorspellende diagnostische tools ontwikkeld om te komen tot nauwkeuriger, meer individuele diagnostiek, om medicatie gerichter in te zetten en te voorspellen welke patiënt goed of minder goed reageert op bepaalde geneesmiddelen. Of het nu gaat om biomarkers, machine learning algoritmes of andere diagnostische tests, per 26 mei 2022 is de IVDR op alle in-vitro diagnostica van toepassing. ´De impact van de IVDR is een stuk groter dan de regelgeving die eraan vooraf ging´, benadrukt inspecteur Maquelin. Een belangrijke verandering is het classificatiesysteem voor IVD’s dat gaat zorgen voor een indeling op basis van de risico´s voor het individu en voor de samenleving wat betreft de wetenschappelijke deugdelijkheid en de analytische en diagnostische prestaties van het betreffende IVD. In de huidige wetgeving gebeurt dat op basis van een uitputtende lijst waarop onder andere testen voor HIV en prostaatkanker individueel staan vermeld. Nadeel van die aanpak was dat de regelgeving per definitie achter liep bij de innovaties op het gebied van diagnostiek.
Maquelin: ´In de IVDR is dat ondervangen door een vast, vierledig risico-classificatiesysteem. IVD’s die worden ingedeeld in de hogere klassen B, C en D dienen allemaal onafhankelijk getoetst te worden door een notified body, een aangemelde instantie. In de praktijk zal dat nodig zijn voor naar schatting tachtig tot vijfentachtig procent van alle in-vitro diagnostica die op de markt zijn en worden gebracht.´

'Een belangrijke verandering is het classificatiesysteem voor IVD’s dat gaat zorgen voor een indeling op basis van de risico´s voor het individu en voor de samenleving wat betreft de wetenschappelijke deugdelijkheid en de analytische en diagnostische prestaties van het betreffende IVD.'

Uitzondering

Van der Avert: ´De IVDR voorziet wel in een uitzondering voor in-vitro diagnostica die geheel in eigen huis worden ontwikkeld en toegepast, zoals in de praktijk in sommige zorginstellingen zoals academische medische centra nu gebeurt. Die procedures en producten moeten voldoen binnen het kwaliteitssysteem van de instelling, er moet een goed gedocumenteerde rechtvaardiging bestaan voor de uitzonderingspositie en het IVD moet anders of beter zijn dan eventueel reeds op de markt beschikbare alternatieven.´
´Wel moet het gebruikte kwaliteitssysteem volgens de IVDR aan bepaalde minimale eisen voldoen´, vult Maquelin aan. ´En zodra een in eigen huis ontwikkelde IVD aan een andere rechtspersoon wordt afgeleverd, moet deze onverkort voldoen aan de IVDR.´ Dat geldt dus ook voor IVD’s die met stimulering van het Personalised Medicine programma van ZonMw geschikt worden gemaakt voor geharmoniseerd gebruik in zoveel mogelijk klinieken.

Klinisch bewijs

Bij de evaluatie van IVD’s beoordelen de aangemelde instanties, die op dit moment overigens alle nog in het aanmeldingstraject verkeren, niet alleen de wetenschappelijke en analytische validiteit en betrouwbaarheid, maar ook de klinische performance van de test in kwestie. Maquelin: ´Er zullen de komende jaren een heleboel meer klinische studies met IVD’s moeten worden gedaan.´ Dat geldt ook voor de zogenoemde companion diagnostics, diagnostica die ontwikkeld en gebruikt worden om de werking en bijwerking van bepaalde geneesmiddelen bij individuele patiënten te monitoren.
Van der Avert voorziet dan ook dat de markt voor IVD’s door de nieuwe regelgeving sterk in beweging zal komen en dat een aantal jaren zal blijven. ´In het licht van de veel grotere onderzoeksinspanning is te verwachten dat fabrikanten hun portfolio aan in-vitro diagnostica opnieuw zullen beoordelen. Dat zal het aanbod van in-vitro diagnostica veranderen. Bepaalde IVD’s zullen zo misschien van de markt verdwijnen. Aan de andere kant ontstaat juist ruimte voor innovatieve nieuwe ontwikkelingen.´

Documentatie op orde

Mei 2022 lijkt misschien nog ver weg. De Europese Commissie moet de aangemelde instanties nog aanwijzen die de meeste IVD’s onafhankelijk zullen gaan toetsen. En elders in Europa is ook nog geen concrete ervaring met de implementatie van de nieuwe IVDR waar onderzoeksinstellingen van kunnen leren. ´Toch kunnen instellingen die betrokken zijn bij de ontwikkeling van IVD’s al wel anticiperen op wat op hen af komt´, stelt Van der Avert. ´Ga dus nu al zorgen dat je documentatie op orde is.´

Analyseer impact

´Weten dát de nieuwe IVDR bestaat, is niet genoeg´, vindt ook Maquelin.´ Ga ´m lezen en analyseer welke impact deze dwingende regelgeving gaat hebben op jouw handelen.´ ´Wij komen op bijvoorbeeld congressen en via andere communicatiekanalen van vakverenigingen en instellingen hier ook graag meer over vertellen´, biedt Van der Avert aan.
Maquelin verwijst daarnaast naar de nodige informatie die al online beschikbaar is. ´Zo heeft de Europese Commissie een aantal factsheets gepubliceerd. Op het eerste gezicht lijken die vooral nuttig voor fabrikanten van IVD´s, maar ze bevatten ook voor zorg- en onderzoeksinstellingen nuttige informatie.´

Meer informatie:

Tekst: Harmen Kamminga

]]>
news-4009 Mon, 06 May 2019 08:53:00 +0200 DNA-analyse voor therapie op maat http://www.mijn-lichaam.com/oncologie/dna-analyse-voor-therapie-op-maat Door DNA-analyse komen mensen met een minder voorkomende kankersoort en patiënten die regulier zijn uitbehandeld mogelijk in aanmerking voor een andere (gepersonaliseerde) behandeling, zegt oncoloog Niven Mehra. news-3918 Tue, 16 Apr 2019 15:19:45 +0200 Gepersonaliseerde diagnostiek van patiënt met bloedziekte vergroot kans op genezing https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gepersonaliseerde-diagnostiek-van-patient-met-bloedziekte-vergroot-kans-op-genezing/ Onderzoekers van het Erasmus MC kunnen de bloedziekten acute myeloïde leukemie en multipel myeloom per patiënt gedetailleerd typeren. Daarvoor gebruiken zij next-generation sequencing. Zo komen zij tot een betere diagnostiek en prognostiek, en kunnen behandelaars efficiënter en gepersonaliseerd behandelen, zegt projectleider en moleculair bioloog dr. Peter Valk: ‘We geven patiënten hiermee een betere kans op genezing.’ Acute myeloïde leukemie (AML) en multipel myeloom (MM) zijn twee soorten bloedziekten die ontstaan in het beenmerg. Ze worden beide gekenmerkt door een overproductie van witte bloedcellen. Daardoor verstoren ze de aanmaak van andere bloedcellen en het immuunsysteem. AML en MM zijn heterogene ziekten: ze zijn het gevolg van DNA-mutaties, genetische fouten, die van patiënt tot patiënt verschillen. Dat maakt de diagnose en behandeling van deze ziekten moeilijk, en het zorgt ervoor dat iedere patiënt anders reageert op een behandeling.

Inzicht

Onderzoekers van het Erasmus MC in Rotterdam hebben onlangs een project afgerond dat die heterogeniteit van AML en MM op genetisch niveau gedetailleerd in kaart brengt, en die informatie klinisch toepasbaar maakt. Het project is deel van het Onderzoeksprogramma Personalised Medicine, waarin initiatiefnemers KWF Kankerbestrijding, Zilveren Kruis en ZonMw uitzoeken hoe de snelle ontwikkelingen op het gebied van individuele genetische typering van ziekten sneller bij de patiënt terecht kunnen komen. Het Rotterdamse project richtte zich op de implementatie van next-generation sequencing (NGS), een techniek waarmee het DNA van een individuele patiënt wordt uitgelezen.

Bewerkelijk

Het typeren van hematologische aandoeningen zoals AML en MM wordt al langer gedaan door het sequencen van DNA van patiënten. Dit chemisch ontleden van genetisch materiaal maakt de informatie daarin zichtbaar, inclusief ziekmakende mutaties. ‘Die mutaties kunnen verspreid liggen door het hele gen’, zegt dr. Peter Valk, moleculair bioloog bij de afdeling Hematologie van het Erasmus MC en projectleider. ‘Dat maakte het proces van sequencen erg arbeidsintensief, tijdrovend en duur. En een simpele test voor elke patiënt was daardoor lang niet mogelijk.’ NGS is geavanceerder en veel sneller dan de klassieke sequencingmethode: waar het sequencen van het complete genoom van een individu weken duurde, is dat nu slechts een dag werk. Dat stelt Valk en zijn onderzoekers in staat alle belangrijke mutaties bij meerdere AML- of MM-patiënten in één keer te analyseren. Dat is niet alleen kosteneffectiever, het maakt het eindelijk mogelijk sequencing in te zetten bij de routine-diagnostiek en prognostiek van deze ziekten.

Individuele therapie

Het project van Valk en zijn collega’s richtte zich op het implementeren van NGS in de diagnostiek rond AML en MM op de afdeling Hematologie van het Erasmus MC, en het delen van deze resultaten op nationaal en internationaal niveau. Bij AML is de implementatie in het Erasmus MC intussen gelukt. Bij MM duurt dat nog wat langer, vanwege met name de klinische implementatie. Valk: ‘Bij AML weten we intussen naar welke mutaties we moeten kijken. Sommige zijn geassocieerd met een goede, en sommige met een slechte prognose. En bij die patiënten gebruiken we de sequencingresultaten ook echt in de praktijk: de samples die wij krijgen, gebruiken we voor het bepalen van de prognose van de patiënt. Zo kunnen we individueel de beste therapie-opties bepalen. Voor een patiënt met een goede prognose kunnen we in eerste instantie een stamceltransplantatie achterwege laten en kiezen voor chemotherapie.’

Teken aan de wand

Een secundair doel van het project van Valk en zijn collega’s was het bepalen van restziekte bij AML-patiënten na hun behandeling. Valk: ‘Het is bekend dat ongeveer de helft van hen opnieuw ziek wordt nadat ze behandeling hebben afgerond. Dus toen vroegen we ons af: kunnen we met NGS zien of er nog ziekte aanwezig is in het genetisch materiaal, ondanks dat we dat niet kunnen zien onder de microscoop?’ En dat blijkt inderdaad het geval te zijn, zegt Valk. ‘Mutaties bij die patiënten zijn een teken aan de wand voor een latere terugval. In zo’n geval gaan we een patiënt alvast behandelen volgens een agressiever regime.’

Verfijnder classificeren

En dat is een stap voorwaarts voor de patiënt, zegt Valk. ‘Dankzij NGS kunnen we patiënten met AML of MM stukken beter classificeren. Op basis van de mutaties die we vinden kunnen we per patiënt bepalen hoe we hem moeten behandelen: minder intensief, met chemotherapie of een stamceltransplantatie met lichaamseigen cellen, of juist intensiever met een transplantatie van donorstamcellen. Dat geldt in het bijzonder voor patiënten die slecht reageren op zo’n therapie, maar die je toch wil behandelen. Die groep kunnen we nu beter herkennen.’ Ook behandelend artsen krijgen met NGS meer grip op de patiënt tegenover hen. Zij kunnen op basis van een set aan genetische markers per patiënt het beste behandelpad bepalen. ‘Vroeger hadden we maar één of twee van die markers, waarmee we slechts 4 of 5 procent van de AML-patiënten konden classificeren’, zegt Valk. ‘Nu kunnen we dat doen voor vrijwel alle patiënten. Het is nog niet optimaal, maar dankzij NGS wordt het een stuk verfijnder.’ Zo krijgen AML-patiënten een behandeling die meer op het individu is toegesneden. Dat leidt tot een betere prognose, zo min mogelijk bijwerkingen en daardoor een betere kwaliteit van leven. En dat resulteert in een substantiële kostenbesparing van ongeveer 1000 euro per AML-patiënt.’  

Monitoren

Valk hoopt in de toekomst in staat te zijn iedere individuele patiënt met een hematologische aandoening te monitoren. ‘We kijken nu slechts naar één tijdspunt, maar willen weten wat die mutaties doen tijdens de ziekte.’ Kennisdeling is volgens hem belangrijk in het opzetten van de logistiek rond de NGS-gebaseerde diagnostiek en monitoring, dus heeft hij binnen het Nederlandse netwerk voor moleculaire diagnostiek bij hematologische maligniteiten, MODHEM, een NGS-werkgroep opgezet. Valk: ‘Daarin maken we richtlijnen voor het toepassen van NGS. En we zenden samples rond, zodat we de kwaliteit van de diagnostiek kunnen borgen. Mede daardoor hebben we de techniek nu zo goed in de vingers, dat we makkelijker tests kunnen ontwikkelen voor andere hematologische maligniteiten. ‘Ik hoop dat we zo uiteindelijk gaan naar een situatie waarin we een mutatie zien opkomen, en daar met een gepersonaliseerde behandeling op kunnen reageren”. Zo geven we iedere patiënt een veel betere kans op genezing.’


Meer informatie:

Project Implementation of NGS in Molecular Diagnostics and Prognostics of Hematologic Malignancies: AML and MM
Programma Personalised Medicine
Themapagina Personalised Medicine

Door Koen Scheerders

]]>
news-3964 Thu, 11 Apr 2019 15:00:00 +0200 Tweet DNA-onderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tweet-dna-onderzoek/ news-3883 Fri, 05 Apr 2019 09:23:00 +0200 Nieuwe kennis DNA: opnieuw contact met patiënt? https://www.umcutrecht.nl/nl/Nieuws/Nieuwe-kennis-DNA-opnieuw-contact-met-patient DNA-onderzoek ontwikkelt zich razendsnel. Er komt steeds meer kennis beschikbaar. “Het is de vraag of en hoe je daarover opnieuw contact opneemt met patiënten bij wie in het verleden DNA-onderzoek is gedaan”, vertelt ethicus en AIOS klinische genetica Noor Giesbertz (UMC Utrecht). Samen met het Antoni van Leeuwenhoek deed ze hier onderzoek naar. “Je wilt dat mensen toegang hebben tot nieuwe kennis die belangrijk kan zijn voor hun gezondheid, maar je wilt hen er ook niet mee belasten. Hoe maak je een goede afweging?” news-3928 Thu, 04 Apr 2019 16:11:00 +0200 MG-NL identifies obstacles to use and reuse genomics data https://www.health-ri.org/news-events/mg-nl-identifies-obstacles-use-and-reuse-genomics-data MG-NL, the Dutch ‘mirror group’ of the European Million Genomes Initiative made an inventory of available genome sequences in the Netherlands. A first analysis clearly identified some major obstacles for the use and reuse of genomics data in research. news-3873 Wed, 27 Mar 2019 14:06:00 +0100 Symposium over nieuwe wetgeving IVDR https://www.nen.nl/NEN-Shop/Nieuwsberichten-Zorg-Welzijn/Symposium-over-nieuwe-wetgeving-IVDR-en-stand-van-zaken-anno-2019.htm Op 6 juni 2019 organiseert NEN een symposium over de nieuwe wet- en regelgeving voor In-vitro diagnostica (IVD). Het symposium is een tweede in de reeks hierover. Bij de eerste editie in 2018 werden de deelnemers geïnformeerd over de nieuwe wet en de wijzigingen t.o.v. de huidige wetgeving. Deze tweede editie staat in het teken van implementatie van de nieuwe wetgeving. news-3756 Wed, 13 Mar 2019 11:51:55 +0100 ‘We weten steeds beter welk middel goed werkt bij welke patiënt’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/we-weten-steeds-beter-welk-middel-goed-werkt-bij-welke-patient/ Fundamenteel onderzoek stond aan de basis van de gepersonaliseerde behandeling van patiënten met kanker. Dankzij whole genome sequencing kunnen artsen hun patiënten tegenwoordig behandelen op basis van hun individuele genetische opmaak. Dat is niet alleen goed nieuws voor de patiënt, maar ook voor de medische wetenschap, zegt Edwin Cuppen, directeur van de Hartwig Medical Foundation. ‘De kennis over kanker neemt nog steeds toe, en veel daarvan komt naar de kliniek om behandeling van patiënten te verbeteren. Iedere letter uit het DNA muteert iedere drie jaar minstens één keer ergens in je lichaam’, zegt Edwin Cuppen, hoogleraar humane genetica aan het UMC Utrecht en hoofdonderzoeker bij het Oncode Institute. Cuppen is daarnaast directeur van de Hartwig Medical Foundation, een non-profitorganisatie die door een systematische, door data gedreven aanpak het ontstaan van kanker probeert te begrijpen en daarmee de behandeling van patiënten wil verbeteren.

Kookboek

DNA, ons moleculaire kookboek, is terug te vinden in iedere lichaamscel. Het bevat alle recepten voor de eiwitten die elke cel zijn functie geven: het genoom. De informatie in het genoom is geschreven in vier soorten letters: de basen cytosine, guanine, adenine en thymine. Maar net als bij het meerdere malen overschrijven van een recept kunnen er bij het kopiëren van het DNA fouten ontstaan tussen de letters, en kunnen fouten optreden door externe factoren zoals ultravioletlicht en roken. Deze mutaties kunnen kanker veroorzaken door het zelfcorrigerend vermogen van het genoom te ondergraven.

Sequencen

Fundamenteel onderzoek naar de functie van het DNA leidde ertoe dat wetenschappers sinds de jaren ’70 van de vorige eeuw de letters van het moleculaire kookboek kunnen lezen. Ze lezen het DNA door het chemisch te ontleden, waardoor de volgorde van de basen zichtbaar wordt. De recepten worden daarmee leesbaar. In eerste instantie konden onderzoekers met handmatig sequencen dagelijks honderd tot duizend letters van het genoom ontcijferen. Door dit proces te automatiseren liep dit omstreeks de jaren ’90 op tot honderdduizenden. Die ontwikkeling leidde tot het Human Genome Project, een internationaal samenwerkingsverband van onderzoekers dat in de loop van vijftien jaar het complete menselijk genoom kon uitlezen.

Vergelijken

Dankzij verbeteren en opschalen van dat sequencen is het intussen mogelijk om binnen een enkele dag het genoom van een individuele persoon te verwerken: whole genome sequencing. Die technologie stelt onderzoekers en behandelaars in staat om het DNA van patiënten met kanker onder de loep te nemen, en ze op basis van hun genetische opmaak een gepersonaliseerde behandeling te bieden. Cuppen: ‘We vergelijken het DNA van de tumor met het normale DNA van de patiënt. Zo kunnen we uitspraken doen over de eigenschappen van de kanker, zoals erfelijkheid en hoe geneesmiddelen erop reageren.’

Precisiemedicijnen

Het fundamentele onderzoek dat aan de basis staat van het werk van Cuppen, maakt het mogelijk om geneesmiddelen te ontwikkelen die preciezer zijn dan de klassieke chemotherapie, die de deling van álle lichaamscellen remt. Nieuwere geneesmiddelen grijpen specifiek in op een of meerdere processen die schuilgaan achter het ontstaan van kanker. Maar die middelen zijn vaak zo specifiek, of de processen waar ze op aangrijpen zo complex, dat ze niet werken bij alle patiënten met kanker.
Specifieker toedienen van deze geneesmiddelen is daarom hard nodig, vindt Cuppen. ‘Onze huidige kennis schiet nog tekort voor het vinden van een werkende, gepersonaliseerde behandeling voor kanker voor iedere patiënt. We vinden nu dat een behandeling werkt als we wetenschappelijke studies hebben gedaan, waarbij de uitkomst van het middel beter is dan we daarvoor hadden. Maar dat betekent vaak nog steeds dat het middel voor maar 30 procent van de patiënten werkt, en dat 70 procent van de patiënten wordt overbehandeld.’

‘Onze huidige kennis schiet nog tekort voor het vinden van een werkende, gepersonaliseerde behandeling voor kanker voor iedere patiënt. We vinden nu dat een behandeling werkt als we wetenschappelijke studies hebben gedaan, waarbij de uitkomst van het middel beter is dan we daarvoor hadden.'

Bijwerkingen en kosten

Die overbehandeling veroorzaakt vaak ernstige bijwerkingen, terwijl een arts zijn patiënt juist zo veilig mogelijk wil behandelen. En als de behandelaar een geneesmiddel voorschrijft dat niet werkt, ervaart de patiënt alleen de bijwerkingen. Bovendien zijn deze middelen duur en zorgt onnodig voorschrijven voor kostendruk. Cuppen: ‘Het is in het voordeel van farmaceutische bedrijven dat hun medicijnen worden voorgeschreven aan zoveel mogelijk patiënten. Tegelijkertijd zetten ze daarmee ons zorgsysteem op scherp. Ik vind het goed dat werkende geneesmiddelen tijdig op de markt komen, maar we doen vervolgens niets om overbehandeling terug te dringen en uit te zoeken welke patiënten daadwerkelijk profijt hebben van deze middelen, en welke niet. Dat vind ik onacceptabel.’

Project TANGO

In het project TANGO zoekt een nationaal samenwerkingsverband van wetenschappers naar een oplossing voor deze problemen. De whole genome sequencing die de Hartwig Medical Foundation uitvoert, staat hiervan aan de basis. Ze verzamelt relevante informatie uit het DNA van individuele patiënten, en bouwt aan een database inclusief klinische gegevens van de patiënt. Onderzoekers en behandelaars kunnen zo zoeken naar verbanden, en de effectiviteit van geneesmiddelen verklaren.  Doel is te kunnen voorspellen of iemand wel of niet reageert op een bepaalde soort immuuntherapie. Dat voorkomt bijwerkingen en onnodig voorschrijven van dure geneesmiddelen. Daarnaast brengt TANGO het effect op de kosten voor ons zorgsysteem in kaart, wanneer we systematisch gebruik zouden maken van whole genome sequencing bij deze patiëntengroep.

Alternatief

De database van de Hartwig Medical Foundation bevat informatie van ruim vierduizend kankerpatiënten en is daarmee wereldwijd een unieke bron voor onderzoek. De genetische informatie stelt artsen bovendien in staat om sommige uitbehandelde patiënten alsnog een alternatieve behandelmogelijkheid te bieden, omdat ze vaak aanknopingspunten biedt voor medicatie die voor andere indicaties is geregistreerd. Maar voor veel patiënten van wie DNA-informatie in de database terug is te vinden, is dat te laat. Zij zijn intussen overleden aan de gevolgen van hun ziekte. En dat is schrijnend, zegt Cuppen. ‘Een bredere diagnostiek en andere therapie had hen misschien nog kunnen helpen. De fundamentele kennis van kanker is enorm toegenomen, maar veel van die kennis wacht nog op de ontwikkeling van passende medicijnen.’

Voor het genereren van de sequencingdata werken onderzoekers van de Hartwig Medical Foundation in dit project samen met het Antoni van Leeuwenhoek, Universitair Medisch Centrum Utrecht, Maastricht Universitair Medisch Centrum, Erasmus Medisch Centrum, Universitair Medisch Centrum Groningen, Amsterdam UMC, Universiteit Twente en CPCT.

Het project TANGO is een van de gehonoreerde projecten uit het ZonMw-onderzoeksprogramma Personalised Medicine met aandachtspunten Zeldzame Ziekten en Oncologie. Initiatiefnemers KWF Kankerbestrijding, Zilveren Kruis en ZonMw zoeken in deze onderzoeksprogramma’s samen uit hoe de ontwikkelingen op het gebied van genome sequencing sneller bij de patiënt terecht kunnen komen.

Meer informatie

Tekst: Koen Scheerders

]]>
news-3750 Tue, 12 Mar 2019 09:32:52 +0100 PATH maakt voorspellende moleculaire diagnostiek bij kanker eenduidig https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/path-maakt-voorspellende-moleculaire-diagnostiek-bij-kanker-eenduidig/ Bijna alle Nederlandse pathologielaboratoria werken in één project samen aan een gelijkschakeling van voorspellende moleculaire analyses in de pathologie. Dat draagt bij aan de toepassing van precisiemedicijnen bij patiënten met kanker. Lieneke Steeghs, onderzoeker bij het PATH-project, vertelt over de stand van zaken. ‘De patiënt ziet er niets van, maar achter de schermen zijn we de diagnostiek constant aan het verbeteren.’ Dankzij de opmars van personalised medicine wordt het steeds belangrijker het tumor-DNA van individuele patiënten te analyseren op mutaties. Oncologen en longartsen gebruiken dit om te voorspellen of een patiënt wel of geen baat heeft bij een precisiemedicijn. Maar niet ieder Nederlands pathologisch laboratorium biedt dezelfde moleculaire analyses aan, waardoor niet iedere patiënt dezelfde mogelijkheden voor personalised medicine heeft. Om die mogelijkheden voor elke patiënt gelijkwaardig te maken, is een gecoördineerde aanpak nodig. Daarom werd in 2017 het PATH (Predictieve Analyse voor Therapie)-project opgestart: een samenwerkingsverband tussen 35 Nederlandse pathologielaboratoria, oncologen, longartsen, PALGA (het Pathologisch-Anatomisch Landelijk Geautomatiseerd Archief) en het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL).

Precisiemedicijnen voor elke patiënt

PATH heeft als doel de toegang tot precisiemedicijnen te optimaliseren voor elke patiënt met kanker, ongeacht het ziekenhuis waarin hij of zij wordt behandeld. Het project is gericht op de moleculaire analyses die belangrijk zijn voor therapiemogelijkheden voor deze patiënten. Want nu bestaat variatie in de testen die worden uitgevoerd, en soms worden deze zelfs helemaal niet gedaan. PATH-onderzoeker Lieneke Steeghs van het Radboudumc: ‘De uitslag van een analyse bepaalt voor een groot deel of een arts een precisiemedicijn wel of niet inzet. Als een test niet wordt uitgevoerd of niet lukt, dan komt een patiënt niet in aanmerking voor behandeling met bepaalde precisiemedicijnen.’ In PATH worden daarom de verslagen van de uitgevoerde tests bekeken en teruggekoppeld aan deelnemende laboratoria. Steeghs: ‘Zo kunnen we zien wat de variatie is tussen laboratoria, en kunnen we de meerwaarde bepalen van het testen van een breed spectrum aan moleculaire afwijkingen.’

Uitdaging

De hoeksteen van het project is PALGA, het Pathologisch-Anatomisch Landelijk Geautomatiseerd Archief. Dit bestaat uit alle pathologieverslagen en uitslagen van moleculaire analyses door klinisch moleculair biologen in de pathologie (KMBP’ers). Steeghs en haar collega’s gebruiken PALGA als bron voor het PATH-project. Maar bij die dataverzameling ligt een uitdaging, zegt Steeghs. ‘Zonder standaardisatie is het veel werk bruikbare data uit PALGA te halen, want ieder laboratorium heeft een eigen manier van rapporteren.’

Uniformiteit

Het PATH-project begon daarom met het uniformeren van de verslaglegging in PALGA. Dat gebeurt met een rapportagemodule om de moleculaire data op dezelfde manier vast te leggen in alle pathologielaboratoria. De module werd ontwikkeld in overleg met KMBP’ers. Een gebruiker van de module kan eenvoudig en eenduidig specificeren wat voor technieken hij heeft gebruikt, en welke genen hij heeft getest. Hoewel dat eenduidige data oplevert, vergt het een werkverandering. Steeghs: ‘Medewerkers van laboratoria moeten hun verslaglegging veranderen, iets dat ze al jaren op een bepaalde manier doen.’ Een PATH-medewerker biedt hen daarom ondersteuning bij het inrichten van de module. Daarnaast geven projectmedewerkers tijdens bijeenkomsten van de moleculaire pathologie informatie over de nieuwe manier van verslaglegging.

‘Medewerkers van laboratoria moeten hun verslaglegging veranderen, iets dat ze al jaren op een bepaalde manier doen.’

Analyseren en koppelen

Ondanks de uitdagingen op het gebied van dataverzameling ligt PATH op schema, zegt Steeghs. ‘Sinds het begin van het project, in 2017, heeft de focus gelegen op het ontwerp van de PALGA-module en het verzamelen van data uit PALGA. Die is gestart in oktober 2017 en loopt nog door tot deze zomer. Inmiddels zijn er heel wat gegevens verzameld en hebben de labs terugkoppelingen gekregen van de soorten mutaties bij hun eigen patiënten en die van alle in Nederland geteste patiënten.’ De rest van het project, dat tot het eind van 2020 loopt, staat in het teken van analyseren van de data, en het koppelen van deze data aan de klinische gegevens uit de Nederlandse Kankerregistratie. Dat is een databank, beheerd door IKNL, met daarin gegevens van kankerpatiënten uit heel Nederland.

Moeilijke mutaties

Steeghs: ‘Die koppeling levert een volledig overzicht op per tumortype: welke mutaties worden gevonden in de soorten kanker die in Nederland voorkomen, en hoe gaan behandelaars hiermee om bij de therapiekeuze?’ Daarnaast wordt de kennis gebundeld van moleculaire tumorboards (MTB’s): regionale besprekingen waarbij KMBP’ers, pathologen, longartsen en oncologen de moleculaire diagnostiek klinisch interpreteren. ‘De moleculaire diagnostiek wordt steeds belangrijker’, zegt Steeghs. ‘Er zijn steeds meer genetische kenmerken van kanker bekend, maar er worden ook steeds meer zeldzame en moeilijk te interpreteren mutaties gevonden.’ Met een kennisdatabank zoekt PATH verbinding tussen MTB’s, zodat de vertaling van test naar therapie soepel blijft verlopen.

Schat aan data

Hoewel de uitkomst van PATH niet in steen is gegrift, hoopt Steeghs dat het project bijdraagt aan de kennis over voorspellende moleculaire tests in de pathologie. ‘Voeren KMBP’ers elke nodige test uit, en nemen artsen de uitkomst ook mee in het behandeltraject van een patiënt? Zijn er verschillen tussen laboratoria en de toegepaste tests?’ Ze is ervan overtuigd dat de resultaten van PATH de waarde van personalised medicine bij kanker kan vergroten. ‘Bijna alle Nederlandse pathologielaboratoria doen met het project mee’, zegt Steeghs. ‘Ze willen samen vooruit. Mede daardoor hebben we toegang tot een schat aan moleculaire data.’

Op 15 maart vindt het PATH-symposium plaats in het Radboudumc te Nijmegen.

Het PATH-project is onderdeel van het Onderzoeksprogramma Personalised Medicine. In dit programma zoeken initiatiefnemers KWF Kankerbestrijding, Zilveren Kruis en ZonMw samen uit hoe de razendsnelle ontwikkelingen op het terrein van next generation  sequencing sneller bij de patiënt terecht kunnen komen. Aandachtsgebieden zijn kanker en zeldzame ziekten.

Meer informatie

Project Predictive Analysis for Therapy: PATH to Optimising Access to Personalised Cancer Therapy in the Netherlands
Programma Personalised Medicine
Themapagina Personalised Medicine
Nieuwsbericht IKNL

Tekst: Koen Scheerders
 

 

 

]]>
news-3708 Mon, 04 Mar 2019 12:54:00 +0100 Succesvol onderzoeksprogramma ‘Technology for Oncology’ krijgt vervolg https://www.nwo.nl/actueel/nieuws/2019/02/succesvol-onderzoeksprogramma-%E2%80%98technology-for-oncology%E2%80%99-krijgt-vervolg.html NWO-domein Toegepaste en Technische Wetenschappen (TTW), KWF Kankerbestrijding (KWF) en Topsector Life Sciences & Health (LSH) bundelen opnieuw hun krachten om de medische wetenschap te verbinden met technologische onderzoeksgroepen en de industrie. De samenwerking moet leiden tot technische innovaties voor het voorkomen, diagnosticeren en beter behandelen van kanker, inclusief een betere kwaliteit van leven. Na het succes van het onderzoeksprogramma Technology for Oncology is nu een tweede call geopend. news-3676 Tue, 26 Feb 2019 16:05:42 +0100 Toekenningen Vici 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/toekenningen-vici-2018/ 32 vooraanstaande wetenschappers ontvangen ieder 1,5 miljoen euro van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Met deze Vici-beurs kunnen ze de komende vijf jaar een vernieuwende onderzoekslijn ontwikkelen en een eigen onderzoeksgroep opbouwen. Vici is een van de grootste persoonsgebonden wetenschappelijke premies van Nederland en is gericht op gevorderde onderzoekers. In relatie tot het thema geneesmiddelen zijn de volgende toekenningen gedaan:

Nieuwe behandeling voor nekkramp
Prof. dr. D. (Diederik) van de Beek (m), UvA – Geneeskunde, Neurologie
Bacteriële hersenvliesontsteking is een levensbedreigende hersenontsteking. Verschillende ontstekingsfactoren zijn geïdentificeerd met impact op uitkomst maar hoe deze gebruikt kunnen worden als behandeling is nog onduidelijk. In dit onderzoek worden nieuwe behandelingen voor de ziekte uitgetest met als doel levens te redden.

Kanker eiwitten remmen met metaal-houdende medicijnen en licht
Dr. S.B. (Sylvestre) Bonnet (m), LEI – Leiden Institute of Chemistry
Antikankergeneesmiddelen zijn vaak toxisch voor de patiënt omdat zij niet erg selectief zijn. In dit project zullen de onderzoekers antikanker metaal-bevattende medicijnen maken die inactief zijn in het donker, maar na bestraling met licht kankercellen dood maken door het tegelijkertijd bevrijden van twee medicijnen die zich op twee verschillende bij kanker betrokken eiwitten richten.

Kan een computer ziekte voorspellen?
Prof. dr. M. (Marleen) de Bruijne (v), Erasmus MC – Radiologie en Medische Informatica
De onderzoekers ontwikkelen computertechnieken om in grote collecties medische beelddata nieuwe patronen te ontdekken die gerelateerd zijn aan aandoeningen zoals beroerte en longziekten. Daarmee kan het risico dat een patiënt bepaalde aandoeningen ontwikkelt beter ingeschat worden, zodat die aandoeningen beter behandeld of zelfs voorkomen kunnen worden.

Hoe borsttumoren het afweersysteem beïnvloeden
Dr. K.E. (Karin) de Visser (v), Oncode Instituut, het Nederlands Kanker Instituut
Ons afweersystem speelt een belangrijke rol tijdens het uitzaaien van kanker. Maar wat veroorzaakt de variatie in de compositie van het afweersysteem tussen borstkankerpatiënten? In dit onderzoek wordt onderzocht hoe genetische veranderingen in borstkankercellen het afweersysteem beïnvloeden, en hoe dit vertaald kan worden naar nieuwe behandelingen.

Meer informatie

 

]]>
news-3652 Wed, 20 Feb 2019 08:14:15 +0100 Een EU Horizon 2020 call met als doel: "implementatie van NGS in routine diagnostiek for personalised medicine." https://ec.europa.eu/info/funding-tenders/opportunities/portal/screen/opportunities/topic-details/sc1-bhc-10-2019 Work programme: Health, demographic change and wellbeing. Call name: Better Health and care, economic growth and sustainable health systems. Deadline: 16 April 2019 17:00:00 Brussels time Lees de

]]>
news-3643 Tue, 19 Feb 2019 11:32:26 +0100 Projectleidersbijeenkomst ZonMw onderzoeksprogramma Personalised Medicine https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/projectleidersbijeenkomst-zonmw-onderzoeksprogramma-personalised-medicine/ Op donderdag 20 juni van 9.30 – 17.00 uur is de 3e Projectleidersbijeenkomst van het ZonMw onderzoeksprogramma Personalised Medicine op een locatie in Utrecht. Tijdens deze bijeenkomst krijgen de deelnemers een update over de activiteiten uit het programma:

  • ronde doelmatige implementatie Next Generation Sequencing in samenwerking met Zilveren Kruis en KWF Kankerbestrijding;
  • ronde therapie op maat reumatologie in samenwerking met Reuma Nederland;
  • ronde ontwikkeling voorspellende diagnostiek.

Ook is er ruimte voor discussie, het delen van best practices en onderling overleg en afstemming tussen de verschillende project disciplines en activiteiten.

De definitieve agenda en locatie van de bijeenkomst en de mogelijkheid om in te schrijven volgt binnenkort.

Voor deze bijeenkomst worden projectleiders en hoofdaanvragers uitgenodigd. Projectleden zijn uiteraard ook van harte welkom.

Meer informatie over het programma:
•   Programma Personalised Medicine
•   Overzicht projecten Programma Personalised Medicine
•   Verslag van de vorige bijeenkomst in juni 2018
•   Thema/nieuwspagina Personalised Medicine

Bijwonen van deze bijeenkomst kan op uitnodiging.

 

 

]]>
news-3640 Mon, 18 Feb 2019 10:33:00 +0100 AVG en (bio)medisch wetenschappelijk onderzoek: belemmering of kans? https://www.forumbg.nl/publiekssamenvattingen/detail/dataverkeer-in-het-biomedisch-onderzoek-onder-de-avg-belemmering-of-kans/ De AVG heeft gevolgen voor het verzamelen en verwerken van persoonsgegevens in medisch-wetenschappelijk onderzoek. Wat is er nieuw en hoe wordt omgegaan met verzoek tot verwijdering van gegevens van een patiënt of donor? news-3654 Wed, 13 Feb 2019 10:00:00 +0100 KPMG: "Gebrekkige databescherming staat innovatie van geneesmiddel in de weg” https://home.kpmg/nl/nl/home/media/press-releases/2019/02/kpmg-gebrekkige-databescherming-staat-innovatie-van-geneesmiddel-in-de-weg.html Het ontdekken en verder ontwikkelen van nieuwe geneesmiddelen komt ernstig onder druk te staan als de bedrijven in de keten er niet in slagen om de genetische gegevens die hiervoor nodig zijn beter te beschermen en de kwaliteit ervan te waarborgen. news-3613 Tue, 12 Feb 2019 11:01:00 +0100 Life sciences data steward function matrix https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/life-sciences-data-steward-function-matrix/ news-3601 Mon, 11 Feb 2019 08:38:41 +0100 Onderzoek naar de waardebepaling, implementatie en bekostiging van voorspellende testen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-de-waardebepaling-implementatie-en-bekostiging-van-voorspellende-testen/ In de eerste helft van 2019 zal iMTA in opdracht van ZonMw onderzoek doen naar de waardebepaling, implementatie en bekostiging van voorspellende testen. Deze testen kunnen potentieel bijdragen aan het vergroten van gezondheidswinst en het reduceren van kosten van de behandeling. Daarvoor is het wel noodzakelijk dat waardevolle voorspellende tests hun weg naar de klinische praktijk vinden, maar ook dat het gebruik van niet nuttige testen wordt vermeden. Het onderzoek gaat  inzicht bieden in de criteria en besluitvorming van relevante stakeholders die beslissen of nieuwe voorspellende testen in de klinische praktijk gebruikt gaan worden. Dit gebeurt aan de hand van drie casussen, te weten whole genome sequencing in de oncologie, het farmacogenetisch profiel en CardioCHIP. De resultaten van dit onderzoek worden verwacht in het najaar van 2019.

Meer informatie:

]]>
news-3594 Thu, 07 Feb 2019 16:00:59 +0100 iTHER2.0 brengt therapie op maat dichterbij voor kinderen met kanker https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/ither20-brengt-therapie-op-maat-dichterbij-voor-kinderen-met-kanker/ Als kanker bij kinderen na behandeling terugkomt, reageert de tumor niet meer op de oorspronkelijke therapie. Met gerichte medicatie is er voor hen nog wel winst te behalen, al was het maar extra tijd in relatief goede conditie. Onderzoek van het Prinses Máxima Centrum versnelt de kennisontwikkeling op dit terrein. Karin Langenberg en Jan Molenaar

In Nederland overlijden nog steeds circa 150 kinderen per jaar aan kanker. Dit zijn vooral kinderen bij wie de ziekte terugkomt, waarna de tumor niet meer reageert op de therapie. Deze resistentie komt door veranderingen in het DNA en RNA van de tumorcellen. In iTHER1 (‘individualized THERapy’) werd het DNA- en RNA-profiel van het kind vastgesteld, om vervolgens een advies te kunnen geven over een mogelijk toch nog effectieve behandeling. Kinderoncoloog en klinisch farmacoloog Karin Langenberg (Prinses Máxima Centrum): ‘Vroeger keken we heel klassiek door een microscoop naar een tumor. Maar voor een gerichte behandeling wil je weten welk subtype het is. Dan moet je op moleculair niveau kijken, naar de kleinste bouwstenen van de tumor.’ Het vervolgproject iTHER2.0 werkt deze aanpak verder uit.

Bijwerkingen gerichter voorkomen

In ongeveer de helft van de tumoren zit een genetische afwijking waarvoor specifieke medicatie mogelijk is. Door patiënten gericht te behandelen, sorteer je meer effect én verminder je de bijwerkingen. Zo is er meer kans op succes en realiseer je een betere kwaliteit van leven. Langenberg: ‘Kinderen met kanker krijgen verschrikkelijk zware middelen. Die richten vaak ook grote schade aan. Aan het hart of het gehoor bijvoorbeeld, of het tast de vruchtbaarheid aan. Door eerder te weten welke middelen baat hebben – en welke niet effectief zijn – kun je dat soort onnodige schade voorkomen.’

Oorzaken vertalen naar behandeling

Langenberg werkt onder de vlag van de onderzoeksgroep van Jan Molenaar, wetenschapper bij de researchafdeling van het Prinses Máxima Centrum. Deze groep streeft naar therapie op maat voor ieder kind met kanker. Molenaar: ‘Dat kan alleen als we de oorzaak van het ontsporen van kankercellen weten te vertalen naar gepersonaliseerde behandelingen. Bij kinderen met kanker zijn we nog niet zo ver als bij volwassenen, ook omdat het om veel kleinere aantallen gaat. Nu we alle kinderoncologische expertise in ons centrum hebben geconcentreerd, worden grotere stappen mogelijk.’ Het onderzoek in iTHER2.0 gaat niet meteen meer kinderen beter maken, aldus Molenaar. ‘Maar we kunnen zo wel gerichtere trials opzetten, met de juiste medicijnen voor de juiste patiënt, zodat we ook een betere respons bij de kinderen kunnen verwachten.’

Implementeren in de kliniek

Toch zet het Prinses Máxima Centrum met dit project belangrijke stappen voor de behandeling, benadrukt Molenaar: ‘De resultaten van iTHER1 gaan we in iTHER2.0 implementeren in de kliniek. Het moleculair onderzoek wordt onderdeel van standaarddiagnostiek. Bovendien willen we de klinische effectiviteit van de daarop gebaseerde behandeling meten.’ Mooie vooruitzichten, maar daarmee zijn we er nog niet. In de helft van de gevallen is er namelijk geen specifieke DNA- en RNA-afwijking waar medicatie tegen bestaat. Langenberg: ‘In ons project gaan we daarom mini-tumoren opkweken uit weefsel van deze patiënten. Op die mini-tumoren kun je dan alle beschikbare middelen uitproberen. Zo brengen we snel in kaart voor welke geneesmiddelen de tumor toch gevoelig blijkt te zijn, zonder de kinderen onnodig te belasten.’

Van terugkijken naar vooruitkijken

Molenaar: ‘Dit soort studies was tot nu toe een kwestie van terugkijken. Een kind is behandeld en je onderzoekt achteraf of mini-tumoren van zijn of haar weefsel ook reageren op andere middelen. Nu gaan we vooruit kijken naar wat je een kind kunt geven. Er zijn 180 verschillende medicijnen en die kunnen we in heel korte tijd allemaal uittesten op die mini-tumoren. In drie jaar tijd willen we daarmee serieuze resultaten neerzetten.’ Het project is stevig ingebed in een internationaal netwerk. ‘We werken samen met collega’s in Duitsland, Engeland en Frankrijk. Als het gaat om personalised medicine zijn wij als centrum niet het grootste in Europa, maar we hebben wel de meeste samples voor onderzoek beschikbaar. Juist omdat de getallen zo klein zijn, kom je alleen verder als je internationaal goed samenwerkt. En dan zo dat de resultaten ook goed met elkaar te vergelijken zijn.’

Lastig te financieren

Langenberg en Molenaar zijn blij met de financiering uit het programma Personalised Medicine van ZonMw. ‘Het is lastig om voor dit soort breed opgezet onderzoek voldoende funding vanuit de farmaceutische industrie te realiseren. Ook dat is weer omdat de groep te klein is. Ze zijn wel aangehaakt, want personalised medicine is een cruciale ontwikkeling in de geneeskunde waarin zij ook een grote rol spelen. Maar als je wilt wat wij willen, dus inclusief het implementeren van je resultaten in de kliniek, kun je niet zonder een bijdrage uit publieke middelen.’

Het ZonMw-onderzoeksprogramma Personalised Medicine (onderdeel van Goed Gebruik Geneesmiddelen) heeft als doel het genereren van bewijslast die de doelmatige implementatie van Personalised Medicine in de Nederlandse gezondheidszorg ondersteunt. Het doel van de subsidieoproep 'Ontwikkeling voorspellende diagnostiek' is het ontwikkelen van voorspellende diagnostische tools waarmee op voorhand kan worden voorspeld of patiënten goed op de behandeling met een geneesmiddel zullen reageren. De patiënt kan zo worden ontzien van bijwerkingen van behandelingen die niet aanslaan. Daarnaast kunnen dure geneesmiddelen doelmatiger en gerichter worden ingezet.


Tekst: Marc van Bijsterveldt
Beeld: Prinses Máxima Centrum

Meer informatie:

]]>
news-3589 Thu, 07 Feb 2019 14:59:06 +0100 Behalve vragen over privacy roepen biobanken ook nieuwe ethische kwesties op https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/behalve-vragen-over-privacy-roepen-biobanken-ook-nieuwe-ethische-kwesties-op/ Een artikel in Medicines beschrijft de wet die in België is ingegaan om specifieke ethische kwesties rondom biobanken goed te regelen. Anders dan in België heeft Nederland niet één specifieke wet bedoeld voor biobanken. Wel is nu bijna een jaar de ELSI Servicedesk actief om onderzoekers te ondersteunen met het oplossen van dit soort kwesties. ELSI staat voor Ethical, Legal en Societal Implications. Veel biobankonderzoek heeft gevoelige kanten zoals het waarborgen van de privacy van patiënten of de vraag wat onderzoekers moeten doen met belangrijke nevenbevindingen. Daarentegen kan grootschalig biobankonderzoek grote veranderingen teweeg brengen in therapieën voor diverse aandoeningen en het effect ervan enorm vergroten. Beide aspecten zijn uiteindelijk van groot belang voor patiënten.

Lees het artikel in Medicines hier.

De ELSI Servicedesk geeft gratis adviezen aan onderzoekers in Nederland die met een ELSI-vraag zitten. De adviezen worden via de site ook met de hele onderzoeksgemeenschap gedeeld. Kijk voor meer informatie op www.elsi.health-ri.nl of kijk op Hoe werkt de ELSI Servicedesk?

 

]]>
news-3583 Wed, 06 Feb 2019 10:00:00 +0100 RVS brengt verkennend advies uit over intrede kunstmatige intelligentie in de zorg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/rvs-brengt-verkennend-advies-uit-over-intrede-kunstmatige-intelligentie-in-de-zorg/ Data-analyse met behulp van kunstmatige intelligentie biedt de gezondheidszorg veel nieuwe mogelijkheden. De beloftes gaan ver: ziektes zullen eerder worden opgespoord, diagnoses worden beter op de persoon toegesneden, en meer ziektes zullen worden voorkomen. Kunstmatige intelligentie biedt daarnaast ook de mogelijkheid om de wijze van beslissen uit te breiden: naast de zorgprofessional en de patiënt is er nu ook de computer met (voorspellende) informatie. De RVS heeft een verkennend advies uitgebracht over deze thematiek. >Lees het nieuwsbericht op de website van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving

]]>