Interview met projectleider

Wat hoop je te bereiken met het project? 

‘Ten eerste hopen we op resultaten die duidelijk maken of en op welke manier traumagerichte interventies effectief zijn, bij kinderen tussen de 8 en 18 jaar, die met één of beide ouders zijn gevlucht.’

‘Die informatie hebben we nog niet terwijl er wereldwijd momenteel meer kinderen gevlucht zijn dan ooit. Verder hoop ik dat de bevindingen aanleiding geven om andere ggz-instellingen in het land hun deuren wijder open te zetten voor deze doelgroep.’ 

‘Met de uitkomsten van het project willen we ook handvatten bieden om traumagerichte interventie aan vluchtelingenkinderen en hun ouders het beste aan te bieden. Zodat vluchtelingenkinderen een goede kans krijgen om zich te ontwikkelen.’ 

Op welke manier worden vluchtelingen betrokken bij het project? 

We betrekken 2 ervaringsdeskundigen bij het project. Zij zijn afkomstig uit Syrië en Eritrea. Beide zijn herkomstlanden van veel vluchtelingen in Nederland.’ 

‘Zij denken mee bij de werving, instrumenten, begeleiding van ouders en toegang tot scholen. Zij zijn onmisbaar, omdat zij de schakel vormen tussen een Nederlands onderzoeksinitiatief en een doelgroep die maar kort in Nederland is.’ 

Waarom vind je het belangrijk dat de (psychosociale) zorg aan vluchtelingen in Nederland wordt verbeterd? 

‘Ondanks het enorme doorzettingsvermogen, de volharding en andere vormen van veerkracht die vluchtelingen aan de dag leggen, denk ik dat zij door de opstapeling van ingrijpende gebeurtenissen extra risico lopen op gezondheidsproblemen.’

‘Dat is niet alleen door ervaringen in het land van herkomst of onderweg maar ook door ervaringen in ons land. De Nederlandse ggz is verder een complex systeem geworden, waarbinnen grote druk op efficiëntie is. Dat bemoeilijkt de toegang voor nieuwkomers, die mogelijk wel bij dezelfde evidence-based behandelingen baat hebben, maar een uitgebreidere of aangepaste toegeleiding nodig hebben.’

‘Dus, om erger te voorkomen, late gevolgen tegen te gaan, en aansluiting bij de Nederlandse samenleving zo optimaal mogelijk te laten zijn, denk ik dat het ontzettend belangrijk is dat we de zorg verbeteren.’

Waar zou volgens jou meer aandacht aan moeten worden besteed als het gaat om hulp en zorg voor vluchtelingen?

‘Voor mij is dat de erkenning van de drijfveren van vluchtelingen om in Nederland hun kinderen op te voeden, en hier een nieuw bestaan op te bouwen.’ 

‘Hoewel er natuurlijk onderlinge verschillen zijn, maken de meeste vluchtelingen die ik ken, grote indruk op mij vanwege hun veerkracht. Ondanks soms gruwelijke ervaringen met geweld in het recente verleden, dragen zij Nederland een warm hart toe en is er hen veel aan gelegen een steentje aan de samenleving bij te kunnen dragen.’ 

 

Dit project is onderdeel van het ZonMw-programma Zorg voor vluchtelingen. Een 4-jarig innovatief programma gericht op het verbeteren van de psychosociale zorg en ondersteuning aan statushouders in Nederland en het uitbreiden van de kennis over deze zorg en ondersteuning.

Onderzoeks- en praktijkprojecten

Veel vluchtelingen in Nederland ervaren psychische problemen en/of hebben een trauma opgelopen. Daarom financieren de Stichting tot Steun VCVGZ en ZonMw gezamenlijk 4 onderzoeksprojecten en 8 praktijkprojecten gericht op het verbeteren van psychosociale zorg en ondersteuning aan statushouders.

Bekijk alle projecten

   

Even bijpraten met Trudy Mooren

juni 2019

Trudy Mooren is projectleider van het project ‘Traumagerichte interventies (EMDR en KIDNET) voor vluchtelingenkinderen: een gerandomiseerd multi-site onderzoek (KIEM). ‘We hopen op resultaten die duidelijk maken of en op welke manier traumagerichte interventies effectief zijn, bij kinderen tussen de 8 en 18 jaar, die met één of beide ouders zijn gevlucht’.

  

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website