Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In dit project onderzoeken we de relatie tussen stress en gehechtheidsstijl binnen patiënten met een obsessieve-compulsieve stoornis (OCS). OCS is een psychiatrische aandoening die gekenmerkt wordt door dwanggedachten (opdringende, ongewilde gedachten of beelden) en dwanghandelingen (herhalend ritueel gedrag om spanning te verminderen). In een meta-analyse laten we allereerst zien dat OCS sterk gerelateerd is aan zowel angstige als vermijdende (onveilige) gehechtheid, wat aanknopingspunten biedt voor de integratie van cognitieve en op hechting gebaseerde behandelwijzen van OCS. Beeldvormend hersenonderzoek in OCS-patiënten laat vervolgens zien dat acute stress leidt tot verminderde controle op zowel de verwerking van OCS-gerelateerde stimuli als overmatige zelfreflectie/zelftwijfel. Deze resultaten moeten nog in aparte analyses gerelateerd worden aan de verkregen gegevens over hechting, maar geven nu al een indicatie van het belang van stress in de ontstaanswijze en uiting van OCS.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

- Onze meta-analyse laat zien dat het hebben van OCS (of symptomen daarvan) sterk gerelateerd is aan zowel angstige als vermijdende gehechtheid. Dit beidt aanknopingspunten voor de integratie van cognitieve en op hechting gebaseerde behandelwijzen van OCS.

- Als we OCS-patiënten in een acuut stressvolle situatie brengen, zien we met beeldvormend onderzoek tijdens een zogenaamde resting-state scan (met ogen dicht niets doen) dat er (tov gezonde controles) een verhoogde interactie is tussen het hersencircuit wat zich bezig houdt met doelgericht gedrag en het zogenaamde taak-negatieve of defaultnetwerk. En dat de mate van interactie tussen die circuits toeneemt naarmate er meer compulsieve symptomen zijn. Dit suggereert dat compulsief gedrag in OCS-patiënten niet zozeer voortkomt uit overmatig gewoontegedrag, maar eerder uit tekortschietende doelmatige controle op overmatige zelfreflectie/zelftwijfel.

- Als we OCS-patiënten in een acuut stressvolle situatie brengen, zien we met beeldvormend onderzoek tijdens een symptoom-provocatie taak (blootstelling aan OCS-gerelateerde foto’s) dat er (tov gezonde controles) een verminderde activiteit is van de anterior cingulate cortex, een gebied wat zich vooral bezig houdt met emotieregulatie. Dit suggereert dat stress leidt tot een verminderde controle op obsessionele angsten bij OCS-patiënten.

- Als we zowel OCS-patiënten als gezonde controles in een acuut stressvolle situatie brengen, zien we met beeldvormend onderzoek tijdens een emotionele verwerkingstaak (blootstelling aan foto’s van gezichten met een emotioneel negatieve, potentieel dreigende uitdrukking) dat de mensen met een vermijdende gehechtheid een verminderde activiteit van de hippocampus laten zien en mensen met een angstige gehechtheid een vermeerderde activiteit van de hippocampus (trend-level). De hippocampus heeft een belangrijke rol in het genereren van de stress respons. Onze resultaten zijn dan ook een eerste voorzichtige onderbouwing van de veronderstelde relatie tussen gehechtheidsstijl en stress op het niveau van de hersenen.

 

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Ten opzichte van het laatste voortgangsverslag (dd 7-9-2015, goedgekeurd 17-12-2015) en de navolgende mailcorrespondentie met ZonMw (dd 29-2-2016) zijn er geen wijzigingen doorgevoerd in het protocol. De studie inclusie loopt, waarbij de inclusie van patiënten met obsessieve-compulsieve stoornis trager verloopt dan voorzien.

 

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Er zijn vooralsnog geen resultaten te vermelden voor dit project.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Obsessive-compulsive disorder (OCD) is an incapacitating disease characterized by the occurrence of obsessions (unwanted and disturbing intrusive thoughts, images or impulses) and compulsions (repetitive behaviors or mental acts aimed at reducing distress or preventing feared events from occurring) (1). A growing debate related to OCD centers on the question whether it should be conceptualized as an anxiety disorder or a disorder of reward processing and behavioral addiction (2, 3), as both dysfunctions in anxiety-related neurocircuitry (e.g. hyperactivation of amygdala) and fronto-striatal reward-related neurocircuitry (e.g. hypoactivation of nucleus accumbens, NAcc, during reward anticipation and heightened network activity in rest) have been reported within OCD (4, 5). A very recent study contributed to this debate by showing that deep brain stimulation (DBS) of the NAcc in refractory OCD normalized reward anticipation signals in the NAcc, while reducing functional connectivity within the fronto-striatal network (6). We now propose a new neuropsychoanalytic approach that may help to resolve this debate. Neuropsychoanalysis is the cross-fertilization of psychoanalytic thought with neuroscientific experimentation with the ultimate goal of providing new insights into the foundations of psychiatric disease (7). Insecure attachment style is a key psychoanalytic construct that has been especially associated with OCD. Both anxious and avoidant attachment styles, respectively characterized by excessive reassurance seeking out of fear of rejection and distancing oneself from close others out of fear for dependency, have been found to increase vulnerability to OCD by predicting dysfunctional OCD-related beliefs (e.g. overestimation of threat or maladaptive perfectionism) (8). Recent neuroimaging studies on the neural architecture of anxious and avoidant attachment styles in healthy controls have shown that they are respectively related to enhanced processing in threat-related regions (e.g. amygdala), and attenuated activation of reward circuitry (e.g. NAcc) (9).

This generates the hypothesis that the apparent divide in anxiety-related and reward-related neurobiological models of OCD, is explained by differences in insecure attachment style of the respective OCD patient. One can additionally hypothesize that normalization of the dysfunctional neurocircuitry through DBS, is paralleled by a shift towards a more secure attachment orientation. To test these hypotheses, the Department of Psychiatry at the AMC and the Spinoza Center for Neuroimaging join hands with the Netherlands Psychoanalytic Institute (NPI) in a unique functional magnetic resonance imaging (fMRI) study in which two groups of unmedicalized OCD patients (one with a predominantly anxious attachment style and one with a predominantly avoidant attachment style) are subjected to a reward processing task, an emotion/threat processing task, and a resting state run, to see whether the respective attachment style selectively predicts either heightened activation of the amygdala in the emotion/threat task or attenuated activation of the NAcc in the reward task, next to positive/negative correlations with intrinsic connectivity in the threat or reward network during the resting state run. This approach is repeated in DBS-treated OCD patients, to see whether a normalization of brain dynamics in these tasks and during rest is met by a shift towards more secure attachment.

This joint project will importantly advance our understanding of both the neurobiological and psychodynamic models of OCD and thereby aid ongoing therapeutic developments in OCD. Firstly, by providing a neurobiological basis for the recent integration of cognitive and psychodynamic therapeutic approaches to OCD (10, 11), and secondly by promoting the implementation of (relatively simple) pre-treatment psychodynamic assessments (e.g. of attachment style) to guide neurobiological treatments. By fusing psychoanalytic theory with neuroscientific methodology within the context of OCD, this project will additionally make a unique contribution to the emerging field of neuropsychoanalysis by extending it into the realm of specific psychiatric disorders.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website