Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Verstoorde slaap is een grote risicofactor voor het ontwikkelen van depressie. In de afgelopen 10 jaar zijn een aantal neurobiologische mechanismes ontdekt die er op wijzen dat slaap helpt bij het verwerken van emotionele ervaringen, een idee dat al terug gaat naar Freud. Dit onderzoek gaat in op de rol van verstoorde slaap bij problemen met de verwerking van emotionele ervaringen. Wij vonden een minder goede emotionele verwerking bij mensen met verbrokkelde droomslaap. De gebrekkige verwerking resulteert vervolgens weer in hyperreactiviteit. Zulke hyperreactiviteit is ook kenmerkend voor post-traumatische stress stoornis (PTSS) en depressie. Een goede nachtrust zou wel eens essentieel kunnen zijn voor een voorspoedig therapeutisch beloop. Met behulp van hersenscans (fMRI) en metingen van de elektrische activiteit van het brein tijdens slaap (EEG) proberen we te begrijpen hoe slaap nu precies van invloed is op de hersencircuits van emotie. En, belangrijker nog, wat er mis gaat bij de vele mensen met chronische slapeloosheid, waarbij verbrokkelde droomslaap karakteristiek is. De verkregen inzichten kunnen mogelijk aanwijzingen geven voor het ontwikkelen van interventies om hun grote risico op depressie en PTSS te verminderen.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Slapeloosheid vergroot het risico op angst, post-traumatische stress stoornis (PTSS) en depressie. Slaap helpt bij het verwerken van emotionele ervaringen. Dit project onderzocht hoe slapeloosheid de verwerking van emotionele ervaringen belemmert. Wij vonden een minder goede emotieverwerking bij mensen met verbrokkelde droomslaap. De gebrekkige verwerking leidt tot hypergevoeligheid en gespannenheid. Dit gevoel is ook kenmerkend voor angst, PTSS en depressie. Een goede nachtrust is essentieel voor een voorspoedig herstel hiervan. Via hersenscans (fMRI) en metingen van de elektrische activiteit van het brein (EEG) begrijpen we nu hoe slaap van invloed is op de hersencircuits van emotie. En, belangrijker nog, wat er mis gaat bij de vele mensen met chronische slapeloosheid, waarbij verbrokkelde droomslaap karakteristiek is. De verkregen inzichten geven aanwijzingen voor het ontwikkelen van interventies om hun grote risico op angst, PTSS en depressie te verminderen.

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Verstoorde slaap is een grote risicofactor voor het ontwikkelen van depressie. In de afgelopen 10 jaar zijn een aantal neurobiologische mechanismes ontdekt die er op wijzen dat slaap helpt bij het verwerken van emotionele ervaringen, een idee dat al terug gaat naar Freud. Dit onderzoek gaat in op de rol van verstoorde slaap bij problemen met de verwerking van emotionele ervaringen. Wij vonden een minder goede emotionele verwerking bij mensen met verbrokkelde droomslaap. De gebrekkige verwerking resulteert vervolgens weer in hyperreactiviteit. Zulke hyperreactiviteit is ook kenmerkend voor post-traumatische stress stoornis (PTSS) en depressie. Een goede nachtrust zou wel eens essentieel kunnen zijn voor een voorspoedig therapeutisch beloop. Met behulp van hersenscans (fMRI) en metingen van de elektrische activiteit van het brein tijdens slaap (EEG) proberen we te begrijpen hoe slaap nu precies van invloed is op de hersencircuits van emotie. En, belangrijker nog, wat er mis gaat bij de vele mensen met chronische slapeloosheid, waarbij verbrokkelde droomslaap karakteristiek is. De verkregen inzichten kunnen mogelijk aanwijzingen geven voor het ontwikkelen van interventies om hun grote risico op depressie en PTSS te verminderen.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Rapid Eye Movement (REM) slaap - het deel van de slaap, dat de meest levendige dromen ondersteunt - speelt een rol bij het verwerken van emoties. Eerder onderzoek keek alleen naar basale emoties zoals angst, vaak met gebruik van minder alledaagse plaatjes, bijvoorbeeld van een spin of een pistool. Het huidige project kijkt voor het eerst naar de rol van REM slaap bij het verwerken van zelfbewuste emoties, die meer relevant zijn in psychopathologie en psychotherapie. Het onderzoek bestaat uit vier protocollen. Protocol 1 betreft een grootschalig internet onderzoek over schaamte en hyperarousal bij mensen slapeloosheid. Twaalfhonderd deelnemers vulden vragenlijsten in. Opmerkelijk was 47,4% van de associatie tussen variabelen die REM slaap en hyperarousal beoogden te meten, gemedieerd werd door gebrekkig verwerken van emoties. Een artikel is ingediend en beoordeeld door PNAS, en is momenteel in revisie. Protocol 2 is ook een internet onderzoek naar de rol van slaap bij het verbeteren van een nieuw geïnduceerde beschamende ervaring. In dit protocol werd schaamte geïnduceerd, en gekeken hoe slapelozen en goede slapers verschillen in verwerking er van over perioden met en zonder slaap. Opmerkelijk was dat de gefragmenteerde REM slaap die typisch is voor slapelozen juist averechts werkt bij het verwerken van emoties. Protocol 3 en 4 maken gebruik van hersenscans (fMRI) en het meten van elektrische activiteit van het brein tijdens slaap. Deze protocollen worden op dit moment uitgevoerd.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Ever since Freud's seminal work 'Die Traumdeutung’, the incorporation and repression of emotional daytime waking experiences in subsequent dreams has continued to inspire psychoanalysts. Confirming psychological theories, recent neuroscientific studies indeed show that rapid eye movement (REM) sleep – the part of sleep that supports the most vivid dreams - aids the resolution of emotional conflict. On the one hand, REM sleep contributes to the more robust persistence over time of emotional relative to neutral memories. Remarkably, REM sleep at the same time contributes to the fact that, normally, the later recall of these memories is not associated with anywhere near the same magnitude of subjective or autonomic arousal, or amygdala activation. This indicates that REM sleep simultaneously promotes the ‘cognitive’ memory of an emotional event, while ameliorating the emotional response it elicits when remembered. As to the brain mechanisms involved, numerous studies support the idea that brain activity during daytime waking experiences is reactivated during sleep, and that the unique neurobiological brain state that is present during REM sleep is conductive to unwrapping memories from their possibly disruptive emotional tone, while preserving their likely important cognitive content.

Unfortunately, virtually all of the recent neuroimaging and performance studies that support the importance of REM sleep in the regulation of emotional memories focused on the regulation of basic emotions such as fear, anger and happiness. This makes it awkward to generalize findings to psychoanalytic practice, where also the self-conscious emotions that are of major relevance. The class of self-conscious emotions includes pride, shame, guilt, embarrassment and humiliation. Of these, shame may the most painful emotion, as well as the one that may impede therapeutic progress more than any other emotion. The first two major aims of the present project therefore, are to elucidate brain mechanisms involved in shame, and the role of REM sleep in the regulation of shame and modulation of its underlying brain mechanisms. By including an unprecedented multimodal measurement approach, we will be able to simultaneously assess the autonomic, neuroendocrine and central nervous system correlates of shame. Its modulation by REM sleep will not only be studied in observational approaches but, importantly, also by controlled manipulations of shameful experiences, of their timing relative to sleep, and of the probability of reactivation of these experience during subsequent REM sleep.

In addition to elucidating the brain mechanisms involved in shame and the role of REM sleep in unwrapping shameful memories from their emotional connotation, the project will moreover address how shortcomings in this mechanism can be of relevance for clinical psychoanalytic practice. According to the model, disturbed REM sleep could result in an accumulation of the number of even trivial, everyday stimuli and contexts that, just because they were once tagged with an emotional experience, will continue to elicit emotional arousal; including the concomitant signs of arousal in the autonomic, neuroendocrine and central nervous system. Indeed, for some other, basic and externally induced emotions, it has been shown that sleep deprivation induces a ‘hyperlimbic’ state of enhanced responding to, as well as in anticipation of negative emotional memories. The resulting hyperaroused state appears identical the more chronic hyperarousal that is characteristic of many psychological distressed people that seek help in psychoanalytic practice. The present project will investigate the contribution of chronically disturbed REM sleep to the condition of hyperarousal. These are both characteristics of chronic insomnia, which thus provides a more amenable model for the more severe and less prevalent conditions with disrupted REM sleep and hyperarousal, such as posttraumatic stress disorder and depression.

The project integrates web-based assessment and manipulation on relatively large samples, with in-depth studies that apply the most advanced tools for human systems neuroscience presently available, including transcranial magnetic stimulation and combined high-density electroencephalography and functional magnetic resonance imaging. This extensive approach, as well as combining psychoanalytic and neuroscientific expertise are expected to yield important new insights in the brain mechanisms of emotion regulation, of both fundamental and clinical relevance.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website