Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Sinds het “stoppen” per 1 januari 2018 met het vervoer van mensen met verward gedrag door de politie, zijn het aantal als psychiatrie gelabelde ambulanceritten met ruim 25% toegenomen. Deze op basis van werkdiagnose / specialisme gelabelde ritten kennen echter ook een vervuiling, daar er niet altijd daadwerkelijk sprake is van psychiatrische problematiek.

 

Analyse van alle uitgevoerde ambulanceritten met werkdiagnose / specialisme psychiatrie heeft duidelijk gemaakt dat er in 39% daadwerkelijk sprake is van psychiatrische / psychische nood en problematiek. In alle andere gevallen is veelal sprake van angst / paniek ten gevolge van (acute) somatische problematiek.

 

In het jaar 2019 zijn de regionale werkprocessen m.b.t. triage, toestroom naar passende zorg en vervoer binnen de regio Rotterdam-Rijnmond en Zuid Holland Zuid nader aangescherpt binnen het in deze regio’s gezamenlijk fungerende bestuurlijk overleg. Tevens wordt er in de regio’s geëxperimenteerd met aanvullend en alternatief vervoer, waarbij in Rotterdam - Rijnmond ook de zogenaamde medium care ambulance ingezet gaat worden. Dit met name in situaties na beoordeling. Het is interessant te bezien welke effecten t.o.v. het jaar 2018 plaatvinden.

 

Definitieve inrichting van het vervoer van personen met verward gedrag zal ook afhankelijk zijn van de uitkomsten van de adviesaanvraag "bekostiging vervoer met psychiatrische hulpverlening" zoals deze door de Staatssecretaris van VWS is neergelegd bij de Nederlandse Zorgautoriteit.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Met betrekking tot de 1924 ritten gelden als belangrijkste bevindingen:

• Ruim 63% is uitgegeven als spoedrit,

• in 17 % van de gevallen heeft er geen vervoer plaatsgevonden.

• In 74% was de patiënt reeds in zorg binnen een GGZ setting

• De ambulance wordt vooral ingezet als de patiënt zich in de thuissituatie bevindt (52%).

• In slechts 10% van de incidenten bevond de patiënt zich in de openbare ruimte. Het ligt in de rede dan in het jaar 2018 in deze gevallen nog veelvuldig vervoer door de politie heeft plaatsgevonden.

• De patiënten zijn voor het overgrote deel, te weten 73% naar een beoordelingslocatie / GGZ instelling vervoerd.

• In 3% van de ritten is de patiënt naar een algemeen ziekenhuis vervoerd ipv naar een GGZ instelling met als reden dat er geen directe bestemming binnen de GGZ beschikbaar was.

• Minder dat 1% werd een patiënt naar een politiebureau gebracht, en in 8% van de ritten werd de patiënt vanuit een politiebureau opgehaald.

• Sedatie heeft in 7% van de vervoersbewegingen plaatsgevonden, fixatie in 4%.

• Naasten hebben in 4% tijdens het vervoer meegereden. In 18% van de gevallen is er sprake geweest van politiebegeleiding tijdens het vervoer.

• De bestemmingslocatie van de patiënt bevond zich in 7% van de gevallen buiten de eigen regio.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Er bestaat onvoldoende duidelijkheid over de omvang van de groep mensen met verward gedrag en de groep mensen die georganiseerd vervoer nodig heeft. Het is daarom van belang om meer inzicht te krijgen in de aantallen per doelgroep die georganiseerd vervoer nodig heeft. Dit leidt tot meer helderheid over de kosteneffectiviteit van verschillende vormen van vervoer met psychiatrische hulpverlening.

 

Het betreft vervoer van en zorg voor mensen met verward gedrag als gevolg van één of een combinatie van de volgende oorzaken:

 

- Een psychiatrische stoornis of ychiatrische klachten.

- Mensen met een (licht) verstandelijke beperking.

- Een somatische aandoening, al dan niet in combinatie met een psychiatrische stoornis zoals bijvoorbeeld dementie, diabetes, delier, etc.

 

 

Met betrekking tot de inzet van ambulancezorg ten aanzien van de acute psychiatrie worden vier vervoersmomenten onderscheiden:

 

1. Vervoer vóór beoordeling, bijvoorbeeld naar een beoordelingslocatie (er heeft nog geen psychiatrische/somatische beoordeling plaatsgevonden).

2. Vervoer ná beoordeling, bijvoorbeeld naar een instelling vanuit huis of vanuit een beoordelingslocatie of van een beoordelingslocatie naar huis.

3. Vervoer terug naar een instelling van een ongeoorloofd afwezige persoon met een rechterlijke machtiging (RM).

4. Vervoer tussen instellingen.

 

Het betreft in alle gevallen uitsluitend vervoer met een ambulance indicatie op basis van de Zorgverzekeringswet.

 

Met het project ‘Monitoring en registratie RAV-ritten acute psychiatrie’ wordt voor de regio Rotterdam-Rijnmond (door AmbulanceZorg Rotterdam-Rijnmond) en voor de regio Zuid Holland Zuid (door de RAV Zuid Holland Zuid) invulling aan het helder in kaart brengen van vervoersstromen en behoefte binnen het domein van de ambulancezorg in relatie tot de bovenstaande doelgroep.

Op basis van deze inzichten kan op adequate wijze een antwoord worden gegeven op de vraag of differentiatie van vervoer rondom de acute psychiatrie nodig en /of mogelijk is, of dat deze met de huidige mensen en middelen kan worden gerealiseerd.

 

Zo kan afhankelijk van de situatie bijvoorbeeld een ALS-ambulance (Advanced Life Support) worden ingezet, maar ook een rapid responder of een zorgambulance zijn mogelijkheden. Deze zorgambulance wordt bemenst door een zorgbegeleider, maar dit zou ook een Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige kunnen zijn (ook wel psycholance genoemd). De inzet van een voertuig is afhankelijk van onder andere de situatie maar bijvoorbeeld ook van de intensiteit van de benodigde inzet.

 

 

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website