Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Op 10 december 2019 startten twee WijkGGD’ers in Dinkelland en Tubbergen. Alle mogelijk ketenpartners waren bij de start aanwezig. De focus lag in de eerste periode vooral op het creëren van bekendheid binnen het netwerk en verduidelijken van de rol van de WijkGGD. De partners zoals politie, bemoeizorg, WMO-consulenten en maatschappelijk werk zien inmiddels de meerwaarde. De beide WijkGGD’ers zijn goed geslaagd zich te positioneren.

De beide WijkGGD’ers hebben een geografische verdeling gemaakt, qua aandachtgebied Tubbergen en Dinkelland. Dit loopt synchroon aan de procesmanagers Sociaal Domein en de Politie Tubbergen en Dinkelland. Er zijn korte lijnen en men schakelt elkaar snel in. Zowel de korte lijnen als de geografische indeling hebben eveneens bijgedragen aan het succes.

De eerste resultaten op de interventies zijn hoopgevend. Door de Corona-pandemie hebben de WijkGGD'ers echter een tijd lang niet kunnen doen waar ze goed in zijn. Fysiek contact was niet altijd mogelijk en daar zit juist de sleutel tot succes. De gemeenten Dinkelland en Tubbergen hebben mede daarom de inzet van de WijkGGD verlengd. De resultaten worden blijvend gemonitord.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Realisatie van de doelstellingen van het project:

 

• Doel is dat door snelle signalering en onconventionele oplossingen wordt voorzien in een persoonlijk, passend zorgaanbod voor mensen met verward gedrag, waarmee maatschappelijke onrust, een verdere opeenstapeling en escalatie van problemen in de zorg en veiligheidsketen wordt voorkomen.

 

Met de pilot is een eerste aanzet gemaakt, in feite kwartier gemaakt, voor het behalen van de doelstelling. De inzet vraagt om een langjarige aanpak: een pilotperiode van 8 maanden heeft ons de mogelijkheid geboden om een eerste inzicht te krijgen in de materie. Tevens had Corona effect op de uitvoering van de pilot. Dit zorgde voor een andere manier van werken, veel digitaal in plaats van fysiek. Dit terwijl de kracht, voor het bereiken van de doelstelling, is gelegen in een outreachende (face to face) aanpak. Dit maakt ook dat de kwantitatieve resultaten nog niet veelzeggend zijn. De kwalitatieve resultaten (waardering door betrokken partijen) zijn veel belovend. Op dit moment kunnen we nog niet vaststellen dat daarmee de doelstelling is behaald.

 

Realisatie van de subdoelstellingen

• Met de inzet van de wijk GGD hebben we een beter zicht op verwarde en overspannen personen;

 

We hebben in deze pilotperiode inzicht gekregen in de doelgroep en de aard van de problematiek. Daar waar eerder escalatie optrad en cliënten in de veiligheidsketen terecht kwamen, blijkt op basis van de eerste resultaten dat er vaak veel meer behoefte is aan een zorgtraject. Door de inzet van de Wijk GGD wordt die ombuiging mogelijk gemaakt.

 

• Met de inzet van de wijkGGD hebben we ook de ‘verborgen’ problematiek op het platteland op het gebied van psychische kwetsbaarheid en nood meer zichtbaar;

 

Tot op heden is er geen casuïstiek geweest waarbij er contact is geweest met de ervencoaches.

Er zijn kennismakingsgesprekken geweest met de ervencoaches. De samenwerking werd als zinvol gezien, echter vanuit relatie die de ervencoach opbouwt met cliënten, is men beducht dat de privacy en de vertrouwensband in het geding komt. Dit is een aandachtpunt voor het vervolg. Mogelijk kan dit door een betere uitwisseling van rolverwachtingen verbeterd worden.

 

• We hebben een beter zicht op welke vroegtijdige interventies in de zorgketen verdere escalaties kunnen voorkomen;

 

Geconstateerd wordt dat de wijk-GGD een groot aandeel kan leveren om verergering te voorkomen. Hierbij is het belangrijk dat de politie en wijk-GGD elkaar eenvoudig weten te vinden en dat hierin een natuurlijke samenwerking ontstaat. Die samenwerking wordt door beide partijen als zeer prettig ervaren. De WijkGGD’ers verwijzen regelmatig door naar de zorg maar zijn ook vraagbaak voor de WMO en jeugdconsulenten. Hiermee worden mogelijk escalaties afgewend.

 

• We hebben een beter zicht op welke interventies van politie zijn voorkomen door inzet van de Wijk GGD;

 

Het aantal E33 meldingen is op dit moment nog niet significant gedaald. Daardoor is nu nog niets te zeggen over de interventies die voorkómen zijn. Dit kan toegeschreven worden aan een aantal factoren:

o Er is vooraf geen analyse gemaakt van de ondernomen interventies door de politie n.a.v. de E33-meldingen. Onder de meldingen wordt mogelijk meer geregistreerd dan de casuïstiek die een doorverwijzing naar de Wijk GGD betekenen. Denk aan overlast gevende jongeren.

o De korte looptijd van de pilot maakt het niet mogelijk om een trend te ontdekken;

o De politie geeft aan dat Corona wellicht meer overlast en ander gedrag bij mensen ontlokt;

o Door Corona hebben de WijkGGD’ers niet volop outreachend kunnen werken;

 

• We hebben een versterkt samenwerkingsmodel aan de voorkant van de ene toegang tot het sociale domein en in het verlengde van de casus(triage)tafel;

 

Het samenwerkingsmodel heeft nog onvoldoende vorm gekregen. Er is tijd verloren gegaan door een aantal oorzaken

o De Schakel (één toegang) zou in eerste instantie in juli al geïmplementeerd worden, door Corona heeft dit een stevige vertraging opgelopen waardoor de definitie van rollen ook met betrekking de personen met verward gedrag, op zich heeft laten wachten.

o Het instellen van de casustafels die gepland waren in het voorjaar 2020 hebben daardoor ook aanzienlijke vertraging opgelopen omdat zij ook worden gekoppeld aan de Schakel;

 

• Er worden vastgestelde werkafspraken gemaakt voor een sluitende aanpak voor personen met verward gedrag;

 

Werkafspraken zijn nog in ontwikkeling en worden via de casustafels belegd bij partners op basis van een convenant Zorg en Veiligheid. Regionaal zijn er werkafspraken vastgelegd in het Meldpunt Verward Gedrag en de Streettriage.

 

Voor de resultaten zie bijlage 1

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In de gemeenten Dinkelland en Tubbergen is een toename van meldingen van personen met verward gedrag geconstateerd. Naast ouderdom en dementie kunnen problemen zoals armoede, schulden, relatieproblemen middelenmisbruik maar ook problemen met het houden van een agrarisch bedrijf leiden tot verwardheid, desoriëntatie en escalatie. De politie constateert dat er niet altijd adequate acties genomen kunnen worden. Uit ervaringen met casusbesprekingen aan de zogenaamde casus- of triagetafel waar verschillende partijen aan tafel zaten constateerde men dat escalatie voorkomen had kunnen worden.

De gemeenten Dinkelland en Tubbergen hebben één gezamenlijke ambtelijke organisatie Noaberkracht Dinkelland Tubbergen. Ook is de toegang tot het sociale domein gezamenlijk geregeld. Er is één team ondersteuning en zorg waar WMO- en jeugdconsulenten voor beide gemeenten werken. Er wordt nauw samengewerkt met Wijkracht, Avedan en de Stichting Welzijn Tubbergen Dinkelland. Zij vormen samen de netwerkorganisatie Wij in de Buurt. Het werkgebied voor beide gemeenten strekt zich uit in het noordoosten van Twente en bestrijkt een groot geografisch gebied ( 324 km2 )Het gebied kenmerkt zich door enkele grotere kernen: Denekamp, Ootmarsum, Weerselo en Tubbergen en daarnaast nog 15 kleinere kernen. Het gezamenlijke totale aantal inwoners is 47.504 (2018).

De beide colleges van de gemeenten hebben onlangs ingestemd met de ontwikkeling van één centrale toegang voor het sociaal domein in Noaberkracht. Daar moet deze sluitende aanpak verwarde personen één op één een plek krijgen. In de werkwijze van beide gemeenten wordt zoveel mogelijk synergie gebracht. Zo ook voor de ontwikkelingen in de zorg – en veiligheidsketen. Het primaat voor de Aanpak Personen met Verward Gedrag is, in aansluiting van de regionale afspraken, ondergebracht bij het Sociaal Domein

Uiteindelijk moet de éne toegang ertoe leiden dat problematiek nog eerder gesignaleerd wordt, waardoor een inwoner nog eerder passende ondersteuning ontvangt en er en verschuiving plaats kan vinden van maatwerkvoorzieningen (met indicatie) naar algemene voorzieningen (zonder indicatie). Het uitgangspunt blijft dan ook dat, een algemene voorziening voorliggend is op een maatwerkvoorziening. De Wijk GGD’er sluit heel goed aan bij de visie op de éne toegang.

Daarnaast zijn in het kader van ondersteuning van agrariërs bij het regelen van zaken als asbest, sloop, bedrijfsvoortzetting, financiering ook ErvenCoaches Dinkelland en Tubbergen werkzaam. Op het eerste gezicht lijken deze zaken niets te maken te hebben met de aanpak verwarde personen maar de werkelijkheid is weerbarstiger. Vaak is er sprake van een opeenstapeling van problemen bij de boeren zoals de ‘stille’ armoede en psychische druk die alle regels met zich mee brengen. Dit heeft soms ernstige gevolgen. (E14 meldingen). De ErvenCoach heeft een goede ingang en we willen in de Pilotperiode dat de Wijk-GGD een koppeling maakt met deze ErvenCoach omdat zij samen heel laagdrempelig en vroegtijdig kunnen signaleren.De Ervencoaches fungeren als sparringpartner en wegwijzer voor agrariërs. Zij komen als het ware ‘op het erf’ en zien veel.

De gemeente Dinkelland is ook één van de pilotgemeenten voor de Casus (of Triage)tafels, samen met Enschede en Hof van Twente. De pilot is nog niet volledig beëindigd maar daar is nu al geconstateerd dat er grote behoefte is aan een beter zicht op vroegtijdige signalering van problematiek. Nu nog krijgt de politie te vaak meldingen die bij eerdere signalen ook door de zorgketen opgepakt hadden kunnen worden. Ook is de politie niet bij machte om mensen langdurig te ondersteunen waar dat wel nodig zou kunnen zijn. Daarnaast constateren de procesmanagers, de WMO-consulenten en de jeugdconsulenten te vaak dat wanneer eerder gesignaleerd was, problemen bij mensen niet zo groot hadden hoeven worden of telkens terugkeren.

Hoewel de sociale controle in de kernen groot is in Dinkelland en Tubbergen, kan het ook maar zo zijn dat mensen door de grote afstanden en de afgelegenheid niet zichtbaar zijn. Problemen bij de agrariërs zoals armoede, schulden, relatieproblemen en een opeenstapeling van problemen in de bedrijfsvoering kunnen leiden tot escalatie. Maar ook verwardheid en desoriëntatie ten opzichte van de omringende wereld kunnen lang verborgen blijven. Escalatie is vaak het eerste moment waarop dit zichtbaar wordt. Dit willen we voorkomen door ‘er op af’ te gaan. Daarnaast neemt het aantal verwarde personen door ouderdom eveneens toe en zijn er ook regelmatig meldingen van verwardheid en escalatie door veelvuldig middelengebruik.

De toename van E33-meldingen en soms E14-meldingen bij politie en meldingen in het signaleringsteam en de verborgen plattelandsproblematiek vragen om een extra inzet om daarmee ook zowel de strafketen als de zorgketen te ontlasten.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website