Verslagen

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Het doel van het voorgestelde onderzoek is de effecten van een diagnostische interventie door een DagOnderzoek Centrum PsychoGeriatrie (DOC-PG) op de ervaren gezondheid en het gebruik van gezondheidszorgvoorzieningen te vergelijken met diagnostiek verricht door huisarts alleen of door één van de betrokken afdelingen ('care as-usual'). De hypothese is dat een geïntegreerde, multidisciplinaire diagnostiek door een DOC- PG leidt tot een betere ervaren gezondheidstoestand en een doelmatiger inzet van gezondheidszorgvoorzieningen. Het DOC-PG omvat een onderzoek van de patiënt en diens begeleider in twee dagdelen. Tijdens het eerste dagdeel wordt een algemeen lichamelijk- en geriatrisch onderzoek verricht door de klinisch geriater. In het tweede dagdeel wordt een onderzoek naar de status mentalis (CAMDEX, MMSE en evaluatie gedragsmatig functioneren) volgens het model van de geheugenpoli van het azM uitgevoerd. Tevens vindt evaluatie aan huis plaats door de SPV-er van de RIAGG. De bevindingen worden in een wekelijks overleg tussen de betrokken disciplines besproken, op grond waarvan diagnose wordt gesteld en en een advies voor behandeling aan de huisarts wordt gegeven. In eerdere buitenlands onderzoeken is aangetoond dat een voorziening als het DOC-PG doelmatig en kostenbesparend is. Gegevens van deze studies kunnen echter niet zonder meer worden toegepast voor de nederlandse situatie, omdat de poortwachter rol van de huisarts hier sterker is, en voorzieningen voor ouderen anders georganiseerd zijn (oa via RIAGG's). Het betreft een prospectief gerandomiseerd onderzoek waarin gedurende één jaar de effecten van het DOC-PG op de kwaliteit van leven, op somatisch en psychisch welbevinden, en op de medische consumptie worden nagegaan. Voorafgaand aan het onderzoek zal onder de huisartsen een enquête worden gehouden waarin gegevens over ervaring, geriatrische affiniteit en leeftijdssamenstelling van de patiëntpopulatie wordt verzameld. Op grond hiervan kan worden gecontroleerd voor deze variabelen. Randomisatie geschiedt vervolgens naar huisartspraktijk. Alle patiënten die gedurende één jaar door de huisarts verdacht worden van een cognitieve stoornis en/of gecombineerd somatisch-psychiatrische problematiek komen voor dit onderzoek in aanmerking. Patiënten uit de twee groepen zullen onderling worden vergeleken op verschillende uitkomstmaten, betreffende kwaliteit van leven (EuroQol-5D), lichamelijk en psychisch functioneren (MOS-36 sf, resp. HONOS-65+), ervaren zorglast voor de verzorger (Screen for Caregiver Burden) en kosten resp gebruik van gezondheidszorgvoorzieningen. Inclusieperiode bedraagt twee jaar, met een jaar follow-up. Aantal beschikbare praktijken per groep bedraagt 45 (in totaal 90). Per praktijk zullen jaarlijks ±10 patiënten voor verwijzing in aanmerking komen. Geschat wordt dat 2/3 van de huisartsen in het onderzoek zal participeren, en dat ±60% van de patiënten hun toestemming tot deelname zullen verlenen. De verschilscore na 12 maanden tussen de interventiegroep en de controlegroep op de EuroQol-5D wordt beschouwd als de primaire uitkomstmaat. Een verschilscore van 10% tussen interventiegroep en controlegroep wordt gezien als klinisch relevant. Onder deze aannames wordt het aantal nieuwe patiënten in de totale onderzoeksperiode berekend op tenminste 216 personen. Het DOC-PG is niet primair gericht op kostenbesparing, omdat sprake kan zijn van 'verborgen' problemen die door consultatie van het DOC-PG aan het licht komen. Wel mag verwacht worden dat een interventie via het DOC-PG kan leiden tot een doelgerichter gebruik van zorgvoorzieningen. Wanneer de doelmatigheid van het DOC-PG is aangetoond, kan een dergelijke voorziening model staan voor de wijze waarop de diagnostiek bij de psychogeriatrische patient elders plaats kan vinden. Daarnaast zal, in het kader van de hta vraagstelling, een nederlandse schaal worden ontwikkeld voor het meten van de activiteiten van de primaire verzorger. Hiermee wordt beoogd de tijd die door deze besteed wordt aan de verzorging van de patiënt te kwantificeren, en de wijze waarop de verzorger die tijd zou hebben willen inzetten (de 'wat-als' vraag) te exploreren.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website