Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Achtergrond/ Beleidsrelevantie:

Vrouwen van 35 jaar en ouder hebben in vergelijking met jongere vrouwen een verminderde kans op een doorgaande zwangerschap bij in vitro fertilisatie (IVF) en intracytoplasmatische sperma injectie (ICSI) behandelingen. Een mogelijke oorzaak is het feit dat meer dan de helft van morfologisch normale embryo's numerieke chromosoomafwijkingen vertonen die leiden tot vroege embryonale dood, verhindering van implantatie of betrokken zijn bij spontane abortus. Bij de huidige IVF-procedure worden embryo's op basis van morfologie geselecteerd, waardoor het mogelijk is dat ook chromosomaal afwijkende embryo’s worden teruggeplaatst. Met behulp van fluorescentie in situ hybridisatie (FISH) op gebiopteerde blastomeren van het embryo is het al enige tijd mogelijk om numerieke chromosoomafwijkingen op te sporen om daarna die embryo’s terug te kunnen plaatsen waarbij de onderzochte numerieke chromosoomafwijkingen zijn uitgesloten. Deze techniek wordt Preïmplantatie Genetische Screening (PGS) genoemd. Er bestaan echter nog steeds twijfels of routinegebruik van PGS bij patiënten van 35 jaar en ouder daadwerkelijk leidt tot een substantieel verhoogde kans op een doorgaande zwangerschap en of die verbetering in redelijke verhouding staat tot de verwachte meerkosten.

 

Doel:

Het doel van dit onderzoek was na te gaan of IVF/ICSI met PGS bij patiënten van 35 jaar en ouder kosten-effectief is in vergelijking met IVF/ICSI zonder PGS.

 

Onderzoeksvraag:

Wat is de effectiviteit en wat zijn de kosten van IVF/ICSI met terugplaatsing van embryo’s na selectie via PGS, in vergelijkig met IVF/ICSI zonder PGS?

 

Studie-opzet:

Een dubbelblind gerandomiseerd multi-center klinisch onderzoek bij patiënten van 35 jaar en ouder die IVF/ICSI ondergaan en die worden toegewezen aan of een IVF/ICSI behandeling zonder PGS, dat wil zeggen selectie van embryo’s gebaseerd op morfologie, dan wel aan een IVF/ICSI behandeling met PGS, dat wil zeggen selectie van embryo’s gebaseerd op chromosomale samenstelling.

De primaire uitkomstmaat is het percentage patiënten met een doorgaande zwangerschap (gedefinieerd als een vitale zwangerschap voorbij 12 weken zwangerschapsduur).

 

Resultaten, klinisch:

In totaal werden 408 vrouwen gerandomiseerd, 206 van hen werden werden gerandomiseerd voor IVF/ICSI met PGS en 202 werden gerandomiseerd voor IVF/ICSI zonder PGS. Zij ondergingen 836 IVF/ICSI cycli (434 cycli met PGS en 402 cycli zonder PGS). Het percentage doorgaande zwangerschappen was significant lager na IVF/ICSI met PGS dan na IVF/ICSI zonder PGS (52 van de 206 vrouwen (25%) versus 74 van de 202 vrouwen (37%); relatief risico 0,69, 95% betrouwbaarheidsinterval 0,51-0,93).

Het percentage biochemische zwangerschappen, klinische zwangerschappen en het percentage vrouwen met een levend geboren kind was ook significant lager na IVF/ICSI met PGS dan na IVF/ICSI zonder PGS.

 

Resultaten, economisch:

De totale kosten per doorgaande zwangerschap werden berekend op € 39.778,84 na IVF/ICSI met PGS versus

€ 1.918,46 na IVF/ICSI zonder PGS.

 

Conclusies:

IVF/ICSI met PGS bij vrouwen van 35 jaar en ouder, leidt tot een significant lager percentage doorgaande zwangerschappen, biochemische zwangerschappen,klinische zwangerschappen en vrouwen met een levend geboren kind in vergelijking met IVF/ICSI zonder PGS. Daarnaast is IVF/ICSI met PGS een duurdere behandeling. De kosten per doorgaande zwangerschap zijn bijna twee keer zo hoog als na IVF/ICSI zonder PGS.

 

Aanbevelingen:

PGS dient niet routinematig te worden toegepast bij vrouwen van 35 jaar of ouder die een indicatie tot IVF/ICSI hebben.

Er dient kwalitatief goed onderzoek gedaan worden naar de effectiviteit van PGS voor andere indicaties waarvoor PGS momenteel wordt toegepast (herhaalde miskramen, herhaald IVF falen, ernstige mannelijke factor) en voor subgroepen van vrouwen van 35 jaar en ouder.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Onderzoeksvraag:

Wat is de effectiviteit en wat zijn de kosten van IVF/ICSI met terugplaatsing van embryo’s na selectie via PGS, in vergelijkig met IVF/ICSI zonder PGS?

 

Realisatie doelstelling en vraagstelling:

In de studie moesten 372 vrouwen worden geincludeerd om de vraagstelling betrouwbaar te kunnen beantwoorden. Uiteindelijk hebben wij 408 vrouwen geincludeerd in onze studie. Hiermee hebben wij dus onze doelstelling wat betreft de inclusie ruimschoots gehaald.

 

Het is in zes van behandel cycli niet mogelijk geweest PGS toe te passen in verband met logistieke dan wel technische problemen. Het is niet nodig geweest het protocol tussentijds aan te pasen.

 

Het is gelukt de vraagstelling zowel wat betreft de effectiviteit als wat betreft de kosten te beantwoorden.

 

Gebruikte methode:

Een dubbelblind gerandomiseerd multi-center klinisch onderzoek bij patiënten van 35 jaar en ouder die IVF/ICSI ondergaan en die worden toegewezen aan of een IVF/ICSI behandeling zonder PGS, dat wil zeggen selectie van embryo’s gebaseerd op morfologie, dan wel aan een IVF/ICSI behandeling met PGS, dat wil zeggen selectie van embryo’s gebaseerd op chromosomale samenstelling.

 

Resultaten, klinisch:

Vier honderd en acht gerandomiseerde vrouwen (206 werden gerandomiseerd voor IVF/ICSI met PGS en 202 werden gerandomiseerd voor IVF/ICSI zonder PGS), ondergingen 836 IVF/ICSI cycli (434 cycli met PGS en 402 cycli zonder PGS). Het percentage doorgaande zwangerschappen was significant lager na IVF/ICSI met PGS dan na IVF/ICSI zonder PGS (52 van de 206 vrouwen (25%) versus 74 van de 202 vrouwen (37%); relatief risico (RR) 0,69, 95% betrouwbaarheidsinterval 0,51-0,93).

Het percentage biochemische zwangerschappen, klinische zwangerschappen en het percentage vrouwen met een levend geboren kind was ook significant lager na IVF/ICSI met PGS dan na IVF/ICSI zonder PGS.

Het percentage biochemische zwangerschappen was 39% na IVF/ICSI met PGS versus 52% na IVF/ICSI zonder PGS (RR: 0.75, 95% betrouwbaarheidsinterval 0.60-0.93).

Het percentage klinische zwangerschappen was 30% na IVF/ICSI met PGS versus 44% na IVF/ICSI zonder PGS(RR: 0.68, 95% betrouwbaarheidsinterval 0.52-0.88).

Het percentage vrouwen met een levend geboren kind was 24% na IVF/ICSI met PGS versus 35% na IVF/ICSI zonder PGS(RR: 0.68, 95% betrouwbaarheidsinterval 0.50-0.92).

 

Resultaten, economisch:

De totale kosten per doorgaande zwangerschap werden berekend op € 39.778,84 na IVF/ICSI met PGS versus

€ 21.918,46 na IVF/ICSI zonder PGS.

 

Conclusie:

De resultaten van dit onderzoek geven duidelijk aan dat IVF/ICSI met PGS bij vrouwen van 35 jaar en ouder, tot een significant lager percentage doorgaande zwangerschappen, klinische zwangerschappen en vrouwen met een levend geboren kind leidt in vergelijking met IVF/ICSI zonder PGS. Daarnaast is IVF/ICSI met PGS een duurdere behandeling. De kosten per doorgaande zwangerschap zijn bijna twee keer zo hoog als na IVF/ICSI zonder PGS. De doelstelling van het onderzoek is hiermee gerealiseerd met extreem relevante resulaten voor de klinische praktijk.

 

Nieuwe inzichten:

Wereldwijd wordt PGS op grote schaal toegepast met als doel zwangerschapskansen te vergroten. In sommige centra wordt PGS zelfs als routine behandeling aangeboden. Nu is voor het eerst onontkoombaar aangetoond dat PGS niet leidt tot een verbetering van zwangerschapskansen bij vrouwen van 35 jaar en ouder, maar juist tot een verslechtering. De resultaten van dit onderzoek geven dan ook geen aanleiding tot het routinematig toepassen van PGS bij deze doelgroep.

 

Aanbevelingen:

PGS dient niet als routinematig te worden toegepast bij vrouwen van 35 jaar of ouder die een indicatie tot IVF/ICSI hebben.

 

Er dient kwalitatief goed onderzoek gedaan te worden naar de effectiviteit van PGS voor andere indicaties waarvoor PGS momenteel wordt toegepast (herhaalde miskramen, herhaald IVF falen, ernstige mannelijke factor)en voor subgroepen van vrouwen van 35 jaar en ouder.

 

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Achtergrond/ Beleidsrelevantie:Vrouwen van 35 jaar en ouder hebben in vergelijking met jongere vrouwen een verminderde kans op een doorgaande zwangerschap bij in vitro fertilisatie (IVF) behandelingen. Een mogelijke oorzaak is het feit dat meer dan de helft van morfologisch normale embryo's numerieke chromosoomafwijkingen vertonen die leiden tot vroege embryonale dood, verhindering van implantatie of betrokken zijn bij spontane abortus. Bij de huidige IVF-procedure worden embryo's alleen op basis van morfologie geselecteerd, waardoor het mogelijk is dat ook chromosomaal afwijkende embryo's worden teruggeplaatst. Met behulp van fluorescentie in situ hybridisatie (FISH) op gebiopteerde blastomeren van het embryo is het al enige tijd mogelijk om numerieke chromosoomafwijkingen op te sporen om daarna die embryo's terug te kunnen plaatsen waarbij de onderzochte numerieke chromosoomafwijkingen zijn uitgesloten. Deze techniek wordt Preïmplantatie Genetische Screening (PGS) genoemd. Er bestaan op dit moment echter nog steeds twijfels of routinegebruik van PGS bij patiënten van 35 jaar en ouder daadwerkelijk leidt tot een substantieel verhoogde kans op een doorgaande zwangerschap en of die verbetering in redelijke verhouding staat tot de verwachte meerkosten. Doel:Het doel van dit onderzoek is na te gaan of IVF met PGS bij patiënten van 35 jaar en ouder kosten-effectief is in vergelijking met IVF zonder PGS. Onderzoeksvraag:Wat is de effectiviteit en wat zijn de kosten van IVF met terugplaatsing van embryo's na selectie via PGS, in vergelijkig met IVF zonder PGS?

Studie-opzet:Een gerandomiseerd multi-center klinisch onderzoek. Studiepopulatie/ databronnen:Patiënten van 35 jaar en ouder die IVF ondergaan. Interventie:Patiënten worden toegewezen aan of een IVF behandeling zonder PGS, dat wil zeggen selectie van embryo's alleen gebaseerd op morfologie, dan wel aan een IVF behandeling met PGS, dat wil zeggen selectie van embryo's gebaseerd op chromosomale samenstelling. Na selectie worden maximaal 2 embryo's teruggeplaatst, conform de richtlijnen van ESHRE. In beide armen worden maximaal 3 cycli aangeboden. Uitkomstmaten:De primaire uitkomstmaat is het percentage patiënten met een doorgaande zwangerschap. Secundaire uitkomstmaten zijn de implantatiegraad per geselecteerd embryo, percentage klinische zwangerschappen, tijd tot zwangerschap, zwangerschapsuitkomst. Power/ data-analyse:Het huidige cumulatieve doorgaande zwangerschapspercentage in deze patiëntengroep in het AMC is 40% per patiënt na 3 cycli. Om een verbetering tot 55% cumulatieve doorgaande zwangerschappen per patiënt aan te tonen, met een power van minimaal 80% en een alfa van 5%, zijn per groep 186 patiënten nodig. Economische evaluatie:De economische evaluatie betreft een kosten-effectiviteitsanalyse vanuit maatschappelijk perspectief, waarbij de kosten van zowel de IVF als de PGS worden berekend en als uitkomstmaat voor effectiviteit het percentage patiënten met een doorgaande zwangerschap wordt genomen. Tijdschema:1e jaar: ontwikkelen Case Record Form (CRF) en database, inclusie patiënten. 2e jaar: inclusie patiënten3e jaar: inclusie patiënten, data analyse, publicaties, eindverslag, voorstel tot eventuele implementatie.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website