Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Uit de resultaten van de TTOP-sBCC trial bleek dat imiquimod (Aldara®) en 5-fluorouracil creme (Efudix® creme, 5FU) beiden kosten-effectievere behandelingen waren dan Photodynamische therapie (PDT). De totale kosten voor imiquimod (Aldara®) en 5-fluourouracil (Efudix®) waren lager dan behandeling met fotodynamische therapie (MAL-PDT). Voor imiquimod bedroeg dit verschil € 154,00 en voor 5FU € 292,00. Het grotere verschil in kosten van 5FU werd voor een belangrijk deel getriggerd door de zeer lage prijs van de crème. Vanuit kosten-effectiviteitsoogpunt was daarom de conclusie dat op 12 maanden follow-up beide crèmes een alternatief konden zijn voor MAL-PDT maar 5-FU een grotere besparing in kosten zou opleveren. Inmiddels is op basis van de 3-jaar follow-up gegevens (nog niet gepubliceerd ) gebleken dat imiquimod nog steeds superieur en 5-FU (Efudix®) niet slechter is dan MAL-PDT.

 

Het ultieme doel van de VIMP was het vervangen van photodynamische therapie (PDT) als eerste keus behandeling van het superficieel basaalcelcarcinoom (BCC) door behandeling met crèmes. Op termijn zouden minder dan 20% van de patiënten nog behandeld moeten worden met PDT.

 

Uit de geraadpleegde bronnen (DIS database en GIP database) zou kunnen blijken dat er een daling is opgetreden in het gebruik van PDT en een stijging van het gebruik vand e cremes. Echter, omdat de creme behandelingen niet alleen geïndiceerd zijn voor het superficieel BCC maar ook bij de diagnose Actinische keratose voorgeschreven worden en de GIP data base niet is gekoppeld aan een DOT, is het niet mogelijk om dit gedetailleerder in kaart te brengen.

 

Alle geplande activiteiten ten behoeve van de implementatie zijn uitgevoerd. De resultaten werden op diverse nationale en internationale symposia gepresenteerd. De multidisciplinaire richtlijn BCC is aangepast: PDT wordt alleen nog aanbevolen bij een verwachte lage compliance van patiënten die noodzakelijk is bij het smeren met een van de crèmes. In het kader van Verstandig Kiezen zijn zogenaamde ‘Do Not’s’ geformuleerd (zie bijlage). Er werd patiëntenvoorlichting gemaakt die beschikbaar wordt gesteld via diverse websites.

 

De conclusie van de business case was dat de financiële winst die gevonden werd in de kosteneffectiviteitsstudie van de TTOP trial, in de praktijk niet kan worden gehaald vanwege de huidige DOT structuur.(zie bijlage) Zolang een biopt met of zonder excisie eenzelfde DOT product oplevert, is de prijs voor een behandeling met imiquimod hoger dan de kosten. Het aanpassen van de huidige DOT 14 ‘maligne dermatosen’ waarbij er een aparte DOT komt voor het diagnostisch biopt en een aparte DOT voor de therapeutische excisie, zou tot een grotere kostenbesparing kunnen leiden.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

2.1. Realisatie doelstelling

Omschrijf in hoeverre de doelstelling gerealiseerd is

Het ultieme doel van de VIMP was het vervangen van photodynamische therapie (PDT) als eerste keus behandeling van het superficieel basaalcelcarcinoom (BCC) door behandeling met crèmes. Op termijn zouden minder dan 20% van de patiënten nog behandeld moeten worden met PDT.

 

Om dit doel te evalueren werd gebruikt gemaakt van een tweetal bronnen. De DIS database laat zien dat het aantal patiënten behandeld met PDT is afgenomen van 5.287 in 2012 (database voor 90% gevuld), 4640 in 2013 (database voor 90% gevuld) naar 3.658 in 2014 (database voor 75% gevuld). De GIP database laat zien dat het aantal gebruikers van imiquimod constant is gebleven, 9.043 in 2013 en 9.057 in 2014, maar dat het gebruik van 5-fluorouracil (FU)) is gestegen van 34.315 in 2013 naar 38.437 in 2014. Uit deze cijfers zou je kunnen aflezen dat er inderdaad een transitie heeft plaatsgevonden. Echter, omdat beide behandelingen niet alleen geïndiceerd zijn voor het superficieel BCC maar ook bij de diagnose Actinische keratose voorgeschreven worden, is het niet mogelijk om dit gedetailleerder in kaart te brengen.

 

Er werd in februari 2014 een enquête uitgezet onder dermatologen (i.o). Dit was nog voor aanpassing van de richtlijn en was bedoeld als nulmeting. Helaas heeft nog minder dan 1/3 van alle artsen gereageerd. Hierdoor komt de representativiteit in gevaar. Omdat de publicatie van de resultaten een jaar eerder is verschenen en Achmea al restricties op het gebruik van PDT had opgelegd leek deze enquête daarom ook niet geschikt als nulmeting. Er werd geen tweede enquête meer uitgezet. ( zie ook onder implementatie activiteiten bij audit).

 

2.2. Rapportage resultaten

Vermeld de behaalde resultaten

Alle geplande activiteiten ten behoeve van de implementatie zijn uitgevoerd. De resultaten werden op diverse nationale en internationale symposia gepresenteerd. De multidisciplinaire richtlijn BCC is aangepast: PDT wordt alleen nog aanbevolen bij een verwachte lage compliance van patiënten die noodzakelijk is bij het smeren met een van de crèmes. In het kader van Verstandig Kiezen zijn zogenaamde ‘Do Not’s’ geformuleerd (zie bijlage). Een Business Case is geschreven (zie bijlage). Er werd patiëntenvoorlichting gemaakt die beschikbaar wordt gesteld via diverse websites.

 

2.3. Beschrijf hoe het VIMP-geld heeft bijgedragen aan de verspreiding en implementatie van de resultaten van het oorspronkelijke project

Gestructureerde en geplande activiteiten zijn uitgevoerd door Nicole Kelleners (voorzitter richtlijn BCC) en junior onderzoeker Kiki Frencken. (Zie activiteiten overzicht)

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Voor de behandeling van het primair superficieel basaalcelcarcinoom (BCC) is fotodynamische therapie (PDT) de meest gebruikte interventie in Nederland en wordt in de richtlijn Basaalcelcarcinoom (2007) als eerste keus behandeling genoemd. In onze trial onderzochten wij of de behandeling met een tweetal crèmes die de patient zelf thuis kan aanbrengen (Imiquimod 5%creme (Aldara®) en 5-fluorouracil (5FU) Efudix®) even effectief zijn als PDT. In dat geval zou dit gepaard gaan met een grote kostenreductie.

Uit onze trial blijkt dat Imiquimod effectiever en 5FU net zo effectief is als PDT. Beide behandelingen zijn kosten-effectieve behandelingen vergeleken met PDT. 5FU is een goedkopere behandeling dan imiquimod. Wanneer de eerste keus behandeling niet meer PDT zou zijn maar 5FU, dan gaat dit gepaard met een jaarlijkse kostenbesparing van 3 miljoen euro in Nederland. Wanneer PDT wordt vervangen door imiquimod gaat dit nog steeds gepaard met een kostenreductie van 2 miljoen euro per jaar in Nederland. Het doel van deze VIMP is dan ook de verspeiding van dit resultaat en het vervangen van PDT als eerste keus behandeling van het superficieel BCC in Nederland.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website