Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Momenteel worden vrouwen met een dreigende vroeggeboorte voor 32 weken zwangerschasduur overgeplaatst naar een perinatologisch centrum. Deze vrouwen worden behandeld met corticosteroiden (om de foetale longrijpheid te verbeteren) en weeënremmers (om de bevalling uit te stellen). In de laatste jaren zijn meta-analyses verschenen waaruit blijkt dat zowel testen op foetaal fibronectine als meting van de cervixlengte betrouwbare voorspellers van vroeggeboorte zijn. Het gebruik van een van deze testen (of van hun combinatie) zou onnodige behandeling kunnen voorkomen en kosten kunnen reduceren. De APOSTEL-1 studie onderzoekt of de fibronectinetest en/of cervixlengtemeting onnodige behandeling van vrouwen met vermeend dreigende vroeggeboorte kan voorkomen, en of het gebruik van deze testen kosten kan reduceren. De fibronectinetest en de cervixlengte zal bepaald worden in een cohort zwangeren uit alle perinatale centra in Nederland met een amenorroeduur tussen de 24 en 34 weken met dreigende vroeggeboorte en staande vliezen. Vrouwen met een negatieve fibronectinetest en een cervix tussen 10-30 mm zullen dubbelblind gerandomiseerd worden tussen weeenremming met nifedipine en placebo. De primaire uitkomst is een bevalling binnen 7 dagen. Secundaire uitkomsten zijn neonatale mortaliteit en morbiditeit en kosten.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Tussen december 2009 en december 2011 zijn bij zijn bij 661 vrouwen met een dreigende vroeggeboorte een fibronectinetest en de cervixlengte bepaald. Er waren 173 vrouwen met een cervixlengte tussen de 10-30 mm en een negatieve fibronectinetest. Van deze vrouwen zijn er 73 gerandomiseerd; 37 vrouwen hebben de weeënremmer nifedipine gekregen en 72 placebo. In de nifedipine groep bevielen 3 (8,1%) vrouwen binnen 7 dagen en 1 (2,8%) vrouw in de placebo groep. De secundaire uitkomsten lieten zien dat 3 vrouwen in de nifedipine groep een zeer slechte zwangerschapsuitkomst hadden waaronder één neonatale sterfte. Geen enkele vrouw in de placebogroep had een zeer slechte zwangerschapsuitkomst. Hieruit blijkt dat placebo geen minder goed alternatief is dan nifedipine. Daarbij liet ook de kosteneffectiviteitsanalyse liet zien dat het gebruik van de fibronectinetest voor vrouwen met een dreigende vroeggeboorte kostenbesparend kan zijn, zonder slechtere neonatale gezondheidsuitkomsten.

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Momenteel worden vrouwen met een dreigende vroeggeboorte voor 32 weken zwangerschasduur overgeplaatst naar een perinatologisch centrum. Deze vrouwen worden behandeld met corticosteroiden (om de foetale longrijpheid te verbeteren) en weeënremmers (om de bevalling uit te stellen). In de laatste jaren zijn meta-analyses verschenen waaruit blijkt dat zowel testen op foetaal fibronectine (Fn) als meting van de cervixlengte (CL) betrouwbare voorspellers van vroeggeboorte zijn. Het gebruik van een van deze testen (of van hun combinatie) zou onnodige behandeling kunnen voorkomen en kosten kunnen reduceren. De APOSTEL-1 studie onderzoekt of of testen voor Fn en/of CL meting onnodige behandeling van vrouwen met vermeend dreigende vroeggeboorte kan voorkomen, en of het gebruik van deze testen kosten kan reduceren. De fibronectinetest en de cervixlengte zal bepaald worden in een cohort zwangeren uit alle perinatale centra in Nederland met een amenorroeduur tussen de 24 en 34 weken met dreigende vroeggeboorte en staande vliezen. Vrouwen met een negatieve fibronectinetest en een cervix tussen 10-30 mm zullen dubbelblind gerandomiseerd worden tussen weeenremming met nifedipine en placebo. De primaire uitkomst is een bevalling binnen 7 dagen. Secundaire uitkomsten zijn neonatale mortaliteit, neonatale morbiditeit, maternale morbiditeit (bijwerkingen van tocolysis), kosten en patienten preferenties.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Op 17 december 2009 zijn is de eerste APOSTEL-1 deelnemer geincludeerd en gerandomiseerd. Momenteel zijn er 454 vrouwen geincludeerd in het cohort, 68% van het beoogde cohortaantal. Van deze vrouwen zijn er 55 gerandomiseerd, 25% van het beoogde randomisatieaantal. De benodigde inclusies van het cohort zullen eind 2011 of begin 2012 voltooid worden.

De studie-opzet van de APOSTEL -1 studie is gepresenteerd op European Surgical User Group Meeting on (Brussel, oktober 2008), op de Spinoza Chair Symposium Prenatal Screening in the Netherlands.(Amsterdam, maart 2010) en op de Regionale Onderwijsbijeenkomst Obstetrie en Gynaecologie Cluster Rotterdam (Maart 2010, Rotterdam). Het studieprotocol is gepubliceerd als peer-reviewed artikel in BMC Pregnancy Childbirth (2009;9:38).

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

PROBLEM: Fibronectin is an accurate predictor for the occurrence of preterm birth among women with threatened preterm labour. In The Netherlands, at present all women with threatened preterm labour are transferred to one in 10 perinatal centres, where they are treated with tocolytics and corticosteroids. The use of fibronectin might be a cost-effective strategy to prevent unnecessary treatment.

 

AIM: To assess whether testing for fibronectin is a cost-effective strategy that prevents unnecessary treatment in women with threatened preterm labour.

 

DESIGN: Multicenter randomized clinical trial embedded in a cohort study.

 

PATIENTS: Patients who are referred to a perinatal centre for spontaneous threatened preterm labour without ruptured membranes.

 

INTERVENTIONS: All patients will receive corticosteroids. All patients will be tested for fibronectin and have cervical length measurement at admission. Patients with a positive fibronectin test will be treated with tocolysis. Those with negative fibronectin result will be randomised to tocolysis with nifedepin or to placebo.

 

OUTCOME MEASURES: The primary outcome measure will be number of days to delivery, truncated at 7 days. Secondary outcome measures will be neonatal mortality and morbidity, complications of tocolytics as well as costs. The analysis will be according to the intention to treat principle.

 

SAMPLE SIZE: We need two groups of 110 women to assess whether the number of patients in the low risk group undelivered within 7 days will stay below 15% without tocolysis. As in our pilot study one third women had a negative fibronectin, we need to include a cohort of 660 women with threatened preterm labour.

 

ECONOMIC EVALUATION: The trial results will be combined with data from the prognostic cohort in a model. The average costs and effects of test with fibronectin strategy will be compared using the “treat all” strategy as the reference. Strategies with cervical length measurements will also be assessed. Long term outcomes will be evaluated using modelling.

 

STUDY DURATION: 36 months

 

 

PROBLEEM: Momenteel worden vrouwen met een dreigende vroeggeboorte voor 32 weken zwangerschasduur overgeplaatst naar een perinatologisch centrum. Deze vrouwen worden behandeld met corticosteroiden (om de foetale longrijpheid te verbeteren) en weeënremmers (om de bevalling uit te

stellen). In de laatste jaren zijn meta-analyses verschenen waaruit blijkt dat zowel testen op foetaal

fibronectine (Fn) als meting van de cervixlengte (CL) betrouwbare voorspellers van vroeggeboorte zijn.

Het gebruik van een van deze testen (of van hun combinatie) zou onnodige behandeling kunnen voorkomen en kosten kunnen reduceren.

 

DOELSTELLING: Onderzoeken of testen voor Fn en/of CL meting onnodige behandeling van vrouwen met vermeend dreigende vroeggeboorte kan voorkomen, en of het gebruik van deze testen kosten kan reduceren.

 

PATIENTEN: Zwangeren met een amenorroeduur < 32 weken en staande vliezen met dreigende vroeggeboorte.

 

INTERVENTIES: Alle patienten zullen een meting van CL en Fn krijgen bij opname. Patienten met een cervix korter dan 10mm en/of positieve fibronectine test zullen behandeld worden met weeënremmers, terwijl bij patienten met een cervix tussen 10mm en 30mm en een negatieve Fn bepaling zullen gerandomiseerd worden voor weeënremming met atosiban of placebo. Alle patienten krijgen corticosteroïden.

 

PRIMAIRE UITKOMST MAAT: Bevalling binnen 7 dagen.

 

SAMPLE SIZE BEREKENING: Er zijn twee groepen van 110 vrouwen nodig om te beoordelen of het aantal vrouwen dat niet binnen 7 dagen zal bevallen in de laag risico groep ook zonder tocolytica onder de 15% zal blijven. Omdat volgens de literatuur ongeveer 30% van de patienten in deze laag risico groep bleek te zitten, is een cohort van 660 vrouwen nodig om de vraag te beoordelen.

 

ANALYSE: De gerandomiseerde studie zal geëvaluaeerd worden volgens het intention to treat principe. De resultaten van deze trial worden gecombineerd met een diagnostische cohort studie. Kosten en effecten van verschillende strategieën zullen berekend worden.

 

STUDY DUUR: 36 maanden

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website