Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

- implementatiedoelstelling/vraagstelling:

Doel van het project is om de effectiviteit, de kosten en de haalbaarheid na te gaan van een 'maximale', innovatieve patiënt-gerichte & professional-gerichte strategie (in vergelijking met een 'minimale' strategie van audit & feedback) voor implementatie van het richtlijnenprogramma met betrekking tot ‘Subfertiliteit’ van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie (NVOG) in Nederlandse ziekenhuizen.

- opzet & studiepopulatie:

Aan de geclusterde, gerandomiseerde, gecontroleerde studie nemen 16 ziekenhuizen deel (8 voor de 'controle' en 8 voor de 'innovatieve' strategie), en 1499 patiënten met fertiliteitsproblemen. De studie bestaat uit een 1) effectevaluatie (bepaling van de effecten van 'maximale', innovatieve patiënt- en professional-gerichte strategie in vergelijking met een 'minimale' strategie van 'audit & feedback' op richtlijnadherentie d.m.v. medisch dossieronderzoek en vragenlijstonderzoek onder patiënten), een 2) procesevaluatie (bepaling van de ervaringen van professionals en patiënten met beide strategieën d.m.v. vragenlijstonderzoek) en een 3) economische evaluatie (bepaling van de kosten van beide strategieën).

- interventie & implementatie strategieën:

Het NVOG-richtlijnenprogramma ‘Subfertiliteit’ wordt geïmplementeerd met 2 verschillende strategieën. Een 'maximale', innovatieve, patiënt- en professional-gerichtestrategie, bestaat uit educatie van patiënten op het gebied van de NVOG-richtlijnen en van behandelaren op het gebied van shared decision making, tools voor behandelaren om goede voorlichting te faciliteren en audit & schriftelijke feedback, plus discussie van deze feedback tijdens een feedbackbijeenkomst. De 'minimale' strategie bestaat uit alleen 'audit & written feedback'.

- uitkomstmaten:

De effecten van beide strategieën op de adherentie aan het richtlijnenprogramma worden afgemeten aan een set van 39 indicatoren. Deze indicatoren betreffen het medisch professioneel handelen, de organisatie van zorg en de informatievoorziening aan de patiënt. De indicatorenset is ontwikkeld door een expertpanel aan de hand van de 9 richtlijnen uit het subfertiliteit richtlijnenprogramma van de NVOG en het hoofdstuk inzake ‘IVF’ uit het Modelreglement Embryowet van het CBO.

Voor de procesevaluatie worden de ervaringen van professionals en de patiënten met de verschillende elementen van de implementatiestrategieën meegenomen.

- power-/data-analyse: Om een 15% verschil in richtlijn adherentie tussen de 2 strategieën te kunnen aantonen, met een alpha=0.05, power=0.80 and icc=0,15, zijn 1290 paren met fertiliteitsproblemen nodig.

Met een multilevel regression analyse wordt de effectiviteit van beide strategieën geëvalueerd.

- kostenevaluatie:

De kosten van de twee strategieën worden gemeten vanuit het gezondheidszorg perspectief. De kostprijs van het implementatie proces wordt geschat m.b.v. een Activity Based Costing (ABC) benadering. De effectiviteit wordt bepaald door de mate van richtlijnadherentie gemeten met bovengenoemde indicatorenset.

- oorspronkelijke tijdsplanning: Voorbereidingsfase (maand 1-7), implementatie studie: effectevaluatie (voormeting: maand 7-14; nameting: 22-30), procesevaluatie (maand 20-30), economische evaluatie (maand 7-30) analyse en verslaglegging (maand 31-36).

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

ONDERZOEKSVRAGEN:

De doelstelling van de studie was om te onderzoeken wat de meest kosten-effectieve strategie was om het NVOG richtlijnprogramma subfertiliteit te implementeren.

De hoofdvraagstellingen waren:

1. Wat is de effectiviteit van een innovatieve, maximale, patiënt- en professional gerichte strategie in vergelijking met een minimale strategie van audit & feedback, voor implementatie van het NVOG richtlijnprogramma subfertiliteit?

2. Wat is de bruikbaarheid van beide strategieën?

3. Wat zijn de kosten van beide strategieën?

 

Deelvragen bij vraagstelling 1 waren:

1.1 In welke mate was het mogelijk om een valide set van kwaliteitsindicatoren te ontwikkelen voor het meten van de fertiliteitszorg?

1.2 Wat is de huidige kwaliteit van de informatievoorziening aan fertiliteitspatiënten en wat zijn de determinanten ervan?

1.3 Hoe tevreden zijn patiënten met de huidige fertiliteitszorg, wat zijn hun ervaringen en wat zijn determinanten voor beide aspecten?

 

METHODE:

Een geclusterde gerandomiseerde en gecontroleerde trial is uitgevoerd om de effectiviteit, bruikbaarheid en kosten van de 2 strategieën te vergelijken. Om de effectiviteit te kunnen bepalen, werd systematisch een set van 39 kwaliteitsindicatoren voor fertiliteitszorg ontwikkeld en gevalideerd. De set bevatte indicatoren op het gebied van de medische, organisatorische en relationele (m.n. informatievoorziening) kwaliteit.

 

RESULTEN:

Aan de voormeting, waarin zowel de kwaliteit van de indicatorset als de huidige kwaliteit van de Nederlandse fertiliteitszorg werd gemeten, namen 16 ziekenhuizen en 1499 (56%) patiënten deel. measurability, improvement potential, applicability)

Met betrekking tot de kwaliteitscriteria als meetbaarheid, verbeterpotentieel en toepasbaarheid vonden we dat alle indicatoren meetbaar waren d.m.v. dossieronderzoek of met vragenlijsten. Ook aan de voldeed het merendeel van de indicatoren.

In de huidige zorg studie bleek dat adherentie aan de indicatoren sterk varieerde per ziekenhuis, per richtlijn en per individuele indicator. Over het algemeen was de adherentie laag: 14 van de 39 indicatoren scoorden onder de 50% adherentie. De variatie tussen ziekenhuizen was voor sommige indicatoren zelfs 100%; er was dus voldoende ruimte voor verbetering.

 

De effectiviteit van de innovatieve, maximale, patiënt- en professional gerichte strategie in vergelijking met een minimale strategie van audit & feedback voor implementatie van het NVOG richtlijnprogramma subfertiliteit gaf geen grote verschillen te zien. Voor slechts 3 indicatoren was er een significant verschil in effectiviteit van de maximale strategie t.o.v. de minimale. De extra activiteiten in the maximal strategie hadden dus geen groot effect op de verbetering van de richtlijnadherentie. Maar van de andere kant, the extra kosten van de maximale strategie waren ook laag: ca. 1.80 euro per paar.

 

De procesevaluatie op patiëntenniveau toonde aan dat meer dan 80% van de patiënten die de patiëntenfolders ontvingen (waarin de subfertiliteitsrichtlijnen vertaald waren op patiëntenniveau), ze daadwerkelijk hadden gelezen. Bijna alle patiënten (> 90%) vonden de folders begrijpelijk, waardeerden ze en vonden dat ze hun kennis over de behandeling verhoogden. Vijftg procent vond ook dat de folders hun kennis over de richtlijnen had verhoogd. Een meerderheid meldde ook effectiviteit van de folders m.b.t. arts-patiënt communicatie over de behandeling.

 

De resultaten van de deelvraagstelling waren dat het inderdaad mogelijk was om een set indicatoren te ontwikkelen die valide was voor het meten van de kwaliteit van de fertiliteitszorg. Daarnaast bleek de informatievoorzien aan subfertiliteitspatiënten nog erg matig te zijn. Een belangrijke determinant voor goede informatievoorziening was het gebruik van checklists.

Ook gaf deze studie ons inzicht in determinanten voor patiëntenervaringen en –tevredenheid. Verder onderzoek is nodig naar de rol van case-mix correctie bij het interpreteren van surveys naar patiëntenervaringen, omdat zowel patient als ziekenhuiskenmerken grote invloed hadden op de wijze waarop patiëntervaringen werden gewaardeerd.

 

CONCLUSIE/DISCUSSIE:

Onze resultaten zijn relevant voor de gynaecologische praktijk. De indicatorset kan door de NVOG gebruikt worden door de set te linken aan hun richtlijnen programma. De patiëntenfolders kunnen overgedragen worden naar de patiëntenvereniging Freya. Zij kunnen ze verder distribueren, bijvoorbeeld via hun website. Echter, op dit moment geven de resultaten nog geen aanleiding om één van de twee strategieën op grote schaal uit te voeren om het NVOG richtlijn programma te implementeren. De vraag is of de verschillende elementen van de strategieën niet werken of niet goed/voldoende zijn gebruikt. Met onze procesdata kunnen we hiertoe aanvullende analyses doen (relatie leggen tussen gebruik van de tools en de effectiviteit ervan in de verschillende ziekenhuizen). Deze analyse wordt binnenkort uitgevoerd.

 

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

- implementatiedoelstelling/vraagstelling:

Doel van het project is om de effectiviteit, de kosten en de haalbaarheid na te gaan van een innovatieve patiënt-gerichte strategie (in vergelijking met een 'controle' strategie) voor implementatie van het richtlijnenprogramma met betrekking tot ‘Subfertiliteit’ van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie (NVOG) in Nederlandse ziekenhuizen.

 

- opzet & studiepopulatie:

Aan de geclusterde, gerandomiseerde, gecontroleerde studie nemen 16 ziekenhuizen deel (8 voor de 'controle' en 8 voor de 'innovatieve' strategie), en 1412 patiënten met fertiliteitsproblemen. De studie bestaat uit een 1) effectevaluatie (bepaling van de effecten van innovatieve patiënt-gerichte strategie in vergelijking met een 'controle' strategie van 'audit & feedback' op richtlijnadherentie), een 2) procesevaluatie (bepaling van de haalbaarheid van/ervaringen met beide strategieën) en een 3) economische evaluatie (bepaling van de kosten van beide strategieën).

 

- interventie & implementatie strategieën:

Het NVOG-richtlijnenprogramma ‘Subfertiliteit’ wordt geïmplementeerd met 2 verschillende strategieën: een innovatieve patiënt-gerichte strategie, bestaande uit educatie van patiënten en behandelaren en audit & feedback, en een 'controle' strategie bestaande uit alleen 'audit & feedback'.

 

- uitkomstmaten:

De effecten van beide strategieën op de adherentie aan het richtlijnenprogramma worden afgemeten aan een set van 39 indicatoren. Deze indicatoren betreffen het medisch professioneel handelen, de organisatie van zorg en de informatievoorziening aan de patiënt. De indicatorenset is ontwikkeld door een expertpanel aan de hand van de 9 richtlijnen uit het subfertiliteit richtlijnenprogramma van de NVOG en het hoofdstuk inzake ‘IVF’ uit het Modelreglement Embryowet van het CBO. Tevens worden uitkomstindicatoren als zwangerschap (bijvoorbeeld één- of meerling) meegenomen evenals indicatoren m.b.t. de efficiëntie zoals geconsumeerde volumina van zorg en kosten van de verschillende elementen van de 2 implementatiestrategieën.

 

- power-/data-analyse:

Om een 15% verschil in richtlijn adherentie tussen de 2 strategieën te kunnen aantonen, met een alpha=0.05, power=0.80 and icc=0,15, zijn 1290 paren met fertiliteitsproblemen nodig. Met een multilevel regression analyse wordt de effectiviteit van beide strategieën geëvalueerd en worden succesdeterminanten bepaald.

 

- economische evaluatie:

De kosteneffectiviteit van de twee strategieën wordt vergeleken vanuit het gezondheidszorg perspectief. De kostprijs van het implementatie proces wordt geschat m.b.v. een Activity Based Costing (ABC) benadering. De effectiviteit wordt bepaald door de mate van richtlijnadherentie gemeten met bovengenoemde indicatorenset.

 

- oorspronkelijke tijdsplanning:

Voorbereidingsfase (maand 1-7), implementatie studie: effectevaluatie (voormeting: maand 7-14; nameting: 22-30), procesevaluatie (maand 20-30), economische evaluatie (maand 7-30) analyse en verslaglegging (maand 31-36).

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Er is een set van 39 indicatoren ontwikkeld op het gebied van het medisch professioneel handelen, de organisatie van zorg en de informatievoorziening aan de patiënt. Er werd een voormeting verricht in 16 klinieken waarvan de resultaten naar de behandelaren zijn teruggekoppeld. Er bleek een grote variatie in 'handelen volgens de indicatoren' tussen de verschillende ziekenhuizen, richtlijnen en indicatoren. Zo scoorden de ziekenhuizen gemiddeld bij 14 van de 39 indicatoren onder de 50%. Dit betekent dat er veel ruimte is voor verbetering van de subfertiliteitszorg in Nederland.

 

Wanneer we kijken naar de 'adherence scores' per richtlijn, zagen we dat de richtlijn 'indicaties voor IVF-behandeling' de hoogste scores had; het gemiddelde over de 16 ziekenhuizen was 86%. De laagste scores werden gevonden bij de richtlijn 'oriënterend fertiliteitsonderzoek', met een gemiddelde van 43%. Deze richtlijn werd op de voet gevolgd door de richtlijn ’anovulatie en kinderwens’, met een gemiddelde score van 44% 'adherence'. Dit impliceert dat met name de implementatie van deze twee richtlijnen hoge prioriteit heeft. Met betrekking tot de indicatoren die betrekking hadden op de randvoorwaarden voor het leveren van goede fertiliteitszorg (structuurindicatoren), zagen we dat beide indicatoren ('elke afdeling dient jaarlijks zijn IUI resultaten te evalueren' en 'IVF-Laboratoria dienen CCKL geaccrediteerd te zijn') een score hadden van 100%. Dit betekent dat de benodigde infrastructuur voor het leveren van een goede kwaliteit van subfertiliteitszorg gewaarborgd is in alle deelnemende ziekenhuizen.

 

Om de subfertiliteitszorg te verbeteren heeft de onderzoeker foldermateriaal voor patiënten ontwikkeld. In deze folders, ontwikkeld in samenwerking met de NVOG (beroepsvereniging gynaecologen) en Freya (patiëntenvereniging voor patiënten met vruchtbaarheidsproblemen), stonden de belangrijkste aanbevelingen uit de richtlijn vermeld. Dit betrof die aanbevelingen die de basis vormden van de 39 ontwikkelde indicatoren. Deze folders zijn inmiddels geimplementeerd in de 8 interventie ziekenhuizen. Tevens ontwikkelde de onderzoeker voor de behandelaren in de interventiegroep een schriftelijke instructie over shared decision making en hulpmaterialen voor het geven van goede voorlichting.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

. implementation objective(s) / research question(s):

The project aims to assess the effectiveness, costs and feasibility of an innovative patient-directed strategy (developed in accordance with the barriers found in the previous ZonMw study) to implement the NVOG guideline programme on subfertility compared to a 'control' strategy of 'audit & feedback'.

 

. design & study population(s):

The study is a clustered randomized controlled trial, including 12 hospitals (6 hospitals for the innovative patient-directed strategy and 6 for the 'control' strategy). The study consists of an effectevaluation including 43 professionals and 1290 patients with subfertility problems, a procesevaluation and an economic evaluation.

 

. intervention & implementation activities:

To implement the NVOG guideline programme on subfertility an innovative patient-directed strategy (including patient and professional education and audit & feedback) is compared to a 'control' strategy of 'audit & feedback'.

 

. outcome measures and process indicators:

1) an indicator set with about 27 performance indicators (i.e. process indicators) for the subfertility guideline programme, developed by an expert panel; 2) indicators on the organisational and relational quality domain, extracted by the expertpanel; 3) outcome indicators as pregnancies (single or multiple) and ovarian hyperstimulation syndrome (OHSS); 4) indicators on cost-efficacy.

 

power/data analysis:

To detect a difference of 15% in guideline adherence between the two strategies, alpha=0.05, a two-sided testing, power=0.80 and icc=0,15, we need 1290 couples and 43 professionals. Multilevel regression analyses will be performed to evaluate the effectiveness of both strategies and to identify determinants of succes.

 

. economic evaluation:

The cost-effectiveness of the two strategies will be compared with a health care perspective. The input of resources will be assessed by collecting volumes of consumed resources and multiplying these by the price of each resource unit; the implementation process and consequently costs will be estimated by an Activity Based Costing (ABC) approach. The output will be determined by the level of adherence to the subfertility guideline programme.

 

. time schedule:

Preparation phase (month 1-7), implementation study: effectevaluation (month 7-30), procesevaluation (month 21-30), economic evaluation (month 7-20), analyses and reporting (month 31-36).

 

 

. implementatiedoelstelling / vraagstelling:

In het project wordt de kosteneffectiviteit en haalbaarheid nagegaan van een innovatieve patient-gerichte strategie (ontwikkeld naar aanleiding van de barrieres gevonden in onze vorige ZonMw studie) om het NVOG richtlijnenprogramma met betrekking tot subfertiliteit te implementeren in vergelijking met een 'controle' strategie van 'audit & feedback'.

 

. opzet & studiepopulatie:

Aan de geclusterde, gerandomiseerde, gecontroleerde studie nemen 12 ziekenhuizen deel (6 voor de 'controle' en 6 voor de 'innovatieve' strategie). De studie bestaat uit een effectevaluatie waarin 43 professionals en 1290 patienten met fertiliteitsproblemen participeren, een procesevaluatie en een economische evaluatie.

 

. interventie & implementatie strategieën:

Het NVOG richtlijn programma m.b.t. subfertiliteit wordt geimplementeerd met 2 verschillende strategieen: een innovatieve patient-gerichte strategie (including patienten en professional educatie en audit & feedback) en een 'controle' strategie bestaande uit alleen 'audit & feedback'.

 

. uitkomstmaten en procesindicatoren:

1) een indicator set met ongeveer 27 indicatoren m.b.t. het handelen volgens de richtlijnen uit het subfertiliteit richtlijnen programma, ontwikkeld door een expert panel; 2) indicatoren op het gebied van de organisationele en relationele kwaliteit, ontwikkeld door een expert panel; 3) uitkomst indicatoren als zwangerschap (een- of meerling); 4) indicatoren m.b.t. de efficientie.

 

. power-/data-analyse:

Om een 15% verschil in richtlijn adherentie tussen de 2 strategieen te kunnen aantonen, met en alpha=0.05, power=0.80 and icc=0,15, zijn 1290 paren met fertiliteitsproblemen en 43 professionals nodig. Met een multilevel regression analyse wordt de effectiviteit van beide strategieen geevalueerd en worden succesdeterminanten bepaald.

 

. Economische evaluatie:

De kosteneffectiviteit van de twee strategieen wordt vergeleken vanuit het gezondheidszorg perspectief. De input zal worden bepaald door het verzamelen van gegevens m.b.t. de volumina van zorg; deze worden vermenigvuldigd met de prijs van elke eenheid; de kosten van het implementatie proces worden geschat m.b.v. een Activity Based Costing (ABC) benadering. De output is de mate van richtlijn adherentie.

 

. Tijdsplanning:

Voorbereidingsfase (maand 1-7), implementatie studie: effectevaluatie (maand 7-30), procesevaluatie (maand 21-30), economische evaluatie (maand 7-30) analyse en verslaglegging (maand 31-36)

 

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website