Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Dit project sluit aan bij een ander project: 171203003. Met dit project wordt een promotie mogelijk gemaakt.

Artrose van de heup en knie zijn de meest voorkomende aandoeningen van het bewegingsapparaat. De jaarlijkse incidentie van artrose is 27.000 en 39.000 voor respectievelijk de heup en de knie, de prevalentie van heupartrose is 238.000 en die van

knieartrose 312.000. Het absolute aantal patiënten met heup- en knieartrose stijgt door toename van het aantal ouderen en mensen met overgewicht. (Inter)nationale richtlijnen voor de behandeling van heup- en knieartrose geven aan dat chirurgische interventie pas dient te

worden overwogen bij onvoldoende resultaat van conservatieve behandelmogelijkheden. Totale heup- en knieoperaties moeten zo lang mogelijk worden uitgesteld omdat bij operaties op relatief jonge leeftijd het aantal patiënten dat aan een revisieoperatie of zelfs een re-revisie toekomt (gemiddelde levensduur prothese is 20 jaar; 15-20% van patiënten met totale knie behoeft revisie binnen 15 jaar) zal toenemen. Revisieoperaties zijn aanzienlijk complexer dan

primaire operaties. Conservatieve interventies zijn o.a. adequate pijnmedicatie, oefentherapie,

aanpassingen en hulpmiddelen en gewichtsverlies. Optimalisatie van de conservatieve behandeling in de orthopedische praktijk is noodzakelijk, omdat bij het grootste deel (81%) van de patiënten met heup- of knieartrose die naar de orthopedisch chirurg worden verwezen nog niet alle conservatieve behandelmogelijkheden zijn benut.

 

In dit project is een actieve implementatiestrategie ontwikkeld om het gebruik van conservatieve behandelstrategieën voor artrose patiënten in de orthopedische praktijk te optimaliseren. De ontwikkelde strategie richt zich op het optimaliseren van het voorschrijven van dieetadvisering en fysiotherapie, omdat een analyse van het huidige gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden in de orthopedische praktijk bij heup en knie artrose voor deze behandelingen het grootse verbeterpotentieel liet zien. De ontwikkelde strategie bestaat uit: educatie voor orthopedisch chirurgen, het faciliteren van contacten tussen diëtisten, fysiotherapeuten en orthopedisch chirurgen en het opzetten van obesitasspreekuren.

 

Voor de ontwikkeling van deze strategie zijn de volgende stappen genomen: (1) Vragenlijstonderzoek onder orthopedisch chirurgen en patiënten voor de analyse van het huidige gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden in de orthopedische praktijk, (2) Interviews en vragenlijstonderzoek onder professionals en patiënten voor het exploreren en kwantificeren van bevorderende en belemmerende factoren voor het gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden, (3) Ontwikkeling van een maatwerk implementatiestrategie op basis van de resultaten van stap 1 en 2, gebruik makende van de principes van de intervention mapping approach van Bartholomew et al.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Deze studie laat zien dat de meeste conservatieve behandelmethode worden gebruikt in de dagelijkse praktijk. Echter, slechts 6% van de patiënten en 10% van de orthopedisch chirurgen rapporteerden dat zij de combinatie van alle aanbevolen behandelingen gebruiken. Dieetadvisering en fysiotherapie worden het vaakste niet voorgeschreven door orthopedisch chirurgen. Slechts 28% van de orthopedisch chirurgen aan dat zij dieetadvisering zouden voorschrijven wanneer patiënten dit nog niet in hun zorgtraject hadden gehad. Voor fysiotherapie was dit 54% van de orthopedisch chirurgen.

In deze studie bleek het voorschrijven van deze therapieën samen te hangen met diverse belemmerende en bevorderende factoren zoals het bestaan van korte communicatielijnen met een diëtist, het bestaan van duidelijke afspraken met fysiotherapeuten en diëtisten over verwijscriteria en behandelingen, en een kennislacune over de effectiviteit van deze behandelingen. Op basis van deze kennis over het gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden in de orthopedische praktijk en de factoren die dit gebruik beïnvloeden, is een strategie ontwikkeld om het gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden te optimaliseren, bestaande uit: educatie voor orthopedisch chirurgen, het faciliteren van contacten tussen diëtisten, fysiotherapeuten en orthopedisch chirurgen en het opzetten van obesitasspreekuren. De ontwikkelde strategie richt zich op het optimaliseren van het voorschrijven van dieetadvisering en fysiotherapie, omdat een analyse van het huidige gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden in de orthopedische praktijk bij heup en knie artrose voor deze behandelingen het grootse verbeterpotentieel liet zien.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

ACHTERGROND EN RELEVANTIE

Het promotietraject sluit aan bij het gehonoreerde project Designing a strategy to implement a cost-effective blood transfusion policy for elective orthopaedic hip- and knee arthroplasties (ZonMW DO-IMP 17120300) van de LUMC implementatiefellow Leti van Bodegom-Vos. Het richt zich op implementatie en de-implementatieproblematiek in de behandeling van artrose van heup en knie in de orthopedische praktijk. Implementatieonderzoek heeft zich tot nu toe voornamelijk beziggehouden met implementatieprocessen. Onduidelijk is of de theoretische frameworks die gebruikt worden om bevorderende en belemmerende factoren voor implementatieprocessen te analyseren ook toepasbaar zijn bij de-implementatieprocessen. Een vergelijking van een analyse van zowel een implementatie- als een de-implementatieprobleem binnen eenzelfde setting (orthopedie) kan hierin meer inzicht geven.

 

Artrose van de heup en knie komen bij 238.000 en respectievelijk 312.000 mensen in Nederland voor en leiden jaarlijks tot ongeveer 15.000 totale knieoperaties en 20.000 totale heupoperaties. De de-implementatieproblematiek heeft betrekking op het bloedmanagement bij totale heup- en knieoperaties. Erytropoëtine (EPO) en bloedbesparende maatregelen worden in de praktijk nog veelvuldig toegepast, ondanks dat bewezen is dat zij niet kosten-effectief zijn. De implementatieproblematiek heeft betrekking op de suboptimale toepassing van conservatieve maatregelen in het traject voor en na een totale heup- of knieoperatie bij patiënten met heup- of knieartrose die verwezen zijn naar de orthopedisch chirurg.

 

VRAAGSTELLINGEN GEHELE PROMOTIETRAJECT

1.Waaruit bestaat een actieve implementatiestrategie, gebaseerd op een analyse van bevorderende en belemmerende factoren, voor de de-implementatie van EPO en bloedbesparende maatregelen bij totale heup- en knieoperaties in de orthopedische praktijk?

 

2. Waaruit bestaat een actieve implementatiestrategie, gebaseerd op een analyse van bevorderende en belemmerende factoren, voor de toepassing van een stapsgewijze, conservatieve behandelstrategie in de orthopedische praktijk?

 

3. Wat zijn de overeenkomsten en verschillen tussen de bevorderende en belemmerende factoren rondom het bovengenoemde implementatie- en de-implementatieprobleem?

 

De beantwoording van vraag 3 leidt tot een checklist van bevorderende en belemmerende factoren voor implementatie en de-implementatie in de orthopedische praktijk. In vervolgonderzoek kan worden nagegaan of deze ook bruikbaar is binnen andere settings. In vervolgprojecten kan daarnaast worden onderzocht wat de kosten-effectiviteit is van de ontwikkelde (de)implementatiestrategieën in de orthopedische praktijk.

 

METHODE AAN TE VRAGEN PROJECT

Het aan te vragen project richt zich op vraagstellingen 2 en 3 en bestaat uit 4 stappen:

a)Analyse huidige zorgpraktijk ten aanzien van het gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden bij artrosepatiënten in de tweede lijn. Hiertoe zal literatuur- en dossieronderzoek worden uitgevoerd onder een representatieve steekproef van minimaal 20 patiënten van verschillende ziekenhuizen, om te identificeren waar in het zorgtraject (bij welke professionals) verbetermogelijkheden voor de conservatieve behandeling liggen;

(b) Bekende bevorderende en belemmerende factoren uit literatuuronderzoek en de eerdere probleemanalyse zullen worden geverifieerd in semi-gestructureerde interviews met elk 10 behandelaars van artrosepatiënten waarvan in fase a. is gebleken dat conservatieve behandeling suboptimaal of juist maximaal is geweest en 5 patiënten. Vervolgens vindt vragenlijstonderzoek plaats onder een representatieve groep (n=200) van orthopeden en andere betrokken zorgprofessionals (o.a. huisartsen) om het relatieve belang van de gevonden bevorderende en belemmerende factoren voor het optimale gebruik van conservatieve behandelmogelijkheden vast te stellen;

(c) (Door)ontwikkeling van een strategie voor de implementatie van de stapsgewijze behandelstrategie voor artrose patiënten gericht op de tweede lijn op basis van stap a en b. Hierbij zal de intervention mapping approach van Bartholomew8 worden gebruikt. d). Vervolgens worden overeenkomsten en verschillen tussen de bevorderende en belemmerende factoren rondom het bovengenoemde implementatie- en de-implementatieprobleem vastgesteld, wordt bepaald of de bestaande frameworks toereikend zijn voor probleemanalyses van zowel implementatie- als de-implementatieproblematiek, en wordt een checklist van bevorderende en belemmerende factoren voor implementatie en de-implementatie in de orthopedische praktijk. In vervolgonderzoek kan worden nagegaan of deze checklist ook bruikbaar is binnen andere settings in de gezondheidszorg. In vervolgprojecten kan daarnaast worden onderzocht wat de kosten-effectiviteit is van deze (de)implementatie strategieën in de orthopedische praktijk.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website