ZonMw nieuws https://www.zonmw.nl/ Het laatste nieuws van ZonMw nl-nl Fri, 14 Dec 2018 00:04:43 +0100 Fri, 14 Dec 2018 00:04:43 +0100 TYPO3 news-3353 Thu, 13 Dec 2018 14:29:05 +0100 Tips voor onderzoekers: sekse en gender integreren in onderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tips-voor-onderzoekers-sekse-en-gender-integreren-in-onderzoek/ Om iedereen even goede zorg te kunnen bieden, moet de gezondheidszorg rekening houden met verschillen die er zijn tussen mensen. Een voorbeeld daarvan zijn de verschillen tussen mannen en vrouwen. Voor subsidieaanvragers hebben we daarom tips en tools verzameld over hoe in gezondheidsonderzoek goed aandacht te besteden aan deze verschillen. Aandacht voor verschillen tussen mannen en vrouwen in gezondheidsonderzoek komt de kwaliteit van onderzoek ten goede. Zo weet je bijvoorbeeld beter of mannen en vrouwen dezelfde risico’s lopen op een ziekte en of een behandeling goed aansluit bij zowel mannen als vrouwen. Daarbij maken we onderscheid tussen sekse en gender.

Sekse

Sekse verwijst naar een set van biologische eigenschappen van mensen en dieren. Het wordt vooral geassocieerd met fysieke en fysiologische kenmerken, waaronder chromosomen, gen-expressie, hormoonniveaus en -functies, en reproductieve/seksuele anatomie. Sekse wordt over het algemeen onderverdeeld in man of vrouw, maar er is een variatie in de biologische eigenschappen die sekse omvatten en hoe die aspecten tot uiting komen.

Gender

Gender verwijst naar de sociaal geconstrueerde rollen, gedrag, uitingen en identiteiten van meisjes, vrouwen, jongens, mannen en genderdiverse mensen. Het beïnvloedt hoe mensen zichzelf en anderen zien, hoe zij zich gedragen en met elkaar omgaan, en de verdeling van macht en middelen in een samenleving. Gender wordt over het algemeen neergezet als een binair concept (mannelijk en vrouwelijk), maar er is een grote verscheidenheid in hoe individuele mensen en groepen gender begrijpen, ervaren en uiten.

Tips

Om onderzoekers te ondersteunen met het meenemen van man-vrouwverschillen in hun onderzoeksvraag, hebben we tips en tools verzameld op deze pagina: www.zonmw.nl/faqgender. Je vindt hier onder andere informatie over de relevantie van sekse en gender, en hoe het mee te nemen in de probleemstelling en bij het maken van een plan van aanpak. Meer informatie over gender bij ZonMw: www.zonmw.nl/gender

Bron infographic: Canadian Institutes of Health Research

]]>
news-3347 Thu, 13 Dec 2018 11:01:15 +0100 Internationale programma commissie Microplastics & Health rond https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-programma-commissie-microplastics-health-rond/ ZonMw presenteert met trots de internationale programma commissie van Microplastics & Health. De commissie zal de 22 onderzoeksvoorstellen die bij de huidige subsidieoproep zijn binnen komen evalueren op basis van de onafhankelijke referent oordelen en het wederhoor van de aanvragers. Het algemene doel van de subsidieoproep is om inzicht te krijgen in de mogelijke gezondheidsrisico’s en de biologische mechanismen die mogelijk betrokken zijn wanneer mensen worden blootgesteld aan kleine plastic deeltjes via orale of inhalatieroutes. Om dit te bereiken hebben de deelnemers binnen de onderzoeksgroepen hun krachten gebundeld en willen ze samenwerken in multidisciplinaire, vaak internationale groepen.

De commissie

De Microplastics & Health subsidieoproep beslaat een nieuw onderzoeksgebied en heeft het overgrote deel van de Nederlandse onderzoekers op dit gebied weten te bereiken. Mede hierom moest de programma commissie voornamelijk gebaseerd worden op buitenlandse experts. Slechts twee van de in totaal negen leden zijn gestationeerd in Nederland. De andere zeven leden zijn afkomstig uit Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk, België en Duitsland. De voorzitter van de commissie is Aalt Bast, decaan Campus Venlo (Maastricht University). De focus van de commissie is voornamelijk toxicologie en deels milieu inclusief microplastics en microbiologie. Meer informatie over de leden en hun expertise leest u hier.

Meer informatie

Bron afbeelding: Chesapeake Bay Program - Will Parson

]]>
news-3344 Thu, 13 Dec 2018 09:17:03 +0100 Een nieuw Europees programma voor onderzoek aan zeldzame ziekten start in 2019 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/een-nieuw-europees-programma-voor-onderzoek-aan-zeldzame-ziekten-start-in-2019/ ZonMw is een van de partners in het nieuwe European Joint Programme on Rare Diseases (EJP RD) dat start vanaf 1 januari 2019. De EC heeft op 6 december 2018 dit nieuwe programma aangekondigd: Dit programma omvat een nieuw onderzoekconsortium dat bestaat uit meer dan 130 onderzoekfinancieringsorganisaties, universiteiten, onderzoekorganisaties, Europese onderzoek infrastructuren, ziekenhuizen en patiëntenorganisaties uit 35 landen (27 EU lidstaten, zeven geassocieerde landen en Canada). Het programma duurt vijf jaar en heeft een budget van 100 miljoen euro, waarvan 55 miljoen uit het Horizon 2020 programma van de Europese Commissie komt.

Het doel van het EJP RD is om nieuwe behandelingen en diagnostische tools te ontwikkelen die patiënten met een zeldzame aandoening bereiken. Het EJP RD ondersteunt de doelstellingen van het International Rare Diseases Research Consortium (IRDiRC). Het EJP RD is deels een opvolger van het Europese ERA-Net onderzoekprogramma E-Rare, maar omvat ook andere activiteiten. Een voorbeeld hiervan is het opzetten van een virtueel platform om toegang tot  informatie over zeldzame ziekten en onderzoekgegevens te geven. Een ander voorbeeld is het opzetten van diensten om uitwisseling te optimaliseren van informatie en kennis tussen onderzoek en klinische praktijk. De Europese Reference Networks nemen deel aan de EJP RD zodat er verbindingen zijn met de expertise centra voor zeldzame ziekten in meer dan 300 ziekenhuizen in Europa.

Het Franse instituut INSERM coördineert dit nieuwe programma. Verschillende Nederlandse partners nemen deel aan het EJP RD. Naast ZonMw ook de universitair medische centra uit Amsterdam, Groningen, Leiden, Nijmegen, Rotterdam en de Universiteit van Maastricht.

Meer informatie

]]>
news-2044 Tue, 11 Dec 2018 10:30:00 +0100 Save the date: Consultatiebijeenkomst over de implementatie van Plan S https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/save-the-date-consultatiebijeenkomst-over-de-implementatie-van-plan-s/ Op 31 januari organiseren NWO en ZonMw met medewerking van de KNAW en de VSNU een consultatiebijeenkomst over de implementatie van Plan S. Sinds de bekendmaking van Plan S in september 2018 is er discussie over de vraag hoe de Nederlandse wetenschap het beste de overstap naar Open Access kan maken. De discussies worden gevoerd door betrokken wetenschappers, die vaak de doelstelling van Open Access steunen, maar zich ook zorgen maken over de uitwerking van Plan S om dat te bereiken. Op dit moment voert cOAlition S, een internationale groep van onderzoeksfinanciers waaronder NWO, een consultatietraject over de verdere implementatie van Plan S. Als onderdeel van dit traject willen NWO en ZonMw met wetenschappers en andere belanghebbenden in gesprek gaan over de recent door cOAlition S bekend gemaakte richtlijnen. De input van deze bijeenkomst wordt vervolgens meegenomen als onderdeel van het Europese consultatietraject.

Tijdens de consultatiebijeenkomst komen sprekers aan het woord die zowel de kansen als de zorgen rondom Plan S belichten. Daarnaast krijgen de deelnemers ruimte om hun feedback te geven en te discussiëren over wat volgens hen belangrijke aandachtspunten zijn.

Programma

Het programma wordt op dit moment nog verder uitgewerkt en zal binnenkort bekend gemaakt worden.

Datum en locatie

Datum: 31 januari 2019 van 12.30 tot 17.30 uur. Inloop (inclusief lunch) vanaf 11.30 uur. De bijeenkomst wordt om 17.30 uur afgesloten met een borrel.
Locatie: Polargebied Media Plaza, Utrecht
Voertaal: Nederlands

Aanmelden

Aanmelden kan via https://www.lyyti.in/Conferentie_open_access_3922
U ontvangt na aanmelding het programma

 

]]>
news-3316 Thu, 06 Dec 2018 10:00:00 +0100 Beroepsgroepen eerstelijnszorg bieden 9 kennisagenda’s aan https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/beroepsgroepen-eerstelijnszorg-bieden-9-kennisagendas-aan/ Op woensdag 5 december ontving drs. Marije Beens, directeur en plaatsvervangend directeur generaal Curatieve Zorg van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de kennisagenda’s van 9 beroepsverenigingen uit de eerstelijnszorg en het onderzoekskader paramedische zorg. De beroepsverenigingen van diëtisten, ergotherapeuten, fysiotherapeuten, huidtherapeuten, huisartsen, logopedisten, oefentherapeuten, podotherapeuten en wijkverpleging hebben ieder een kennisagenda ontwikkeld waarin staat aan welke kennis behoefte is om de kwaliteit van zorg te kunnen verbeteren. De beroepsgroepen zijn bereid om elkaar te versterken in kennisontwikkeling en verkennen hoe zij overlappende kennisvraagstukken gezamenlijk kunnen gaan oppakken. 

Om goede zorg te kunnen bieden, is actuele kennis nodig over effectiviteit, doelmatigheid en impact van zorg. Want hoe weet je of de zorg die je als professional levert de juiste zorg is en van goede kwaliteit? Kennis draagt bij aan de continue verbetering van kwaliteit van zorg. 

Kennisagenda’s

ZonMw financiert gezondheidsonderzoek en wil praktijkgericht onderzoek laten doen dat aansluit bij de kennisbehoeften van het veld. Kennisagenda’s maken inzichtelijk welke onderzoeksonderwerpen zorgprofessionals, patiënten en andere relevante betrokkenen belangrijk vinden. In de kennisagenda’s staat aan welke kennis behoefte is, welke kennis al beschikbaar is en wat de prioritering is van de kennisvragen per beroepsgroep. Bijvoorbeeld op het gebied van preventie, technologie & innovatie en (kosten)effectiviteit. Ze bieden een leidraad voor toekomstig wetenschappelijk onderzoek. Relevante partijen, waaronder patiënten, zijn bij de ontwikkeling betrokken geweest. 

Onderzoekskader paramedische zorg

In aanvulling op de afzonderlijke kennisagenda’s hebben paramedische beroepsgroepen aan de hand van patiënt journeys, samen met patiënten en professionals de toegevoegde waarde van paramedische zorg voor de patiënt geïnventariseerd en expliciet gemaakt. Kennishiaten uit de kennisagenda’s en knelpunten uit het project patiënt journey zijn samengebracht in het onderzoekskader paramedische zorg. Het onderzoekskader biedt de basis voor zowel onderzoek als samenwerking in de dagelijkse praktijk. Dit paramedisch onderzoekskader kan wellicht verbreed worden naar wijkverpleging en huisartsen.

De juiste zorg voor de juiste patiënt op de juiste plek

Het ministerie van VWS zet in op ‘de juiste zorg op de juiste plek’. De organisatie van zorg en ondersteuning is sterk gefragmenteerd, terwijl mensen baat hebben bij meer integrale zorg. Wanneer we zorg leveren willen we dit, waar mogelijk, ook dichter bij de mensen thuis of zelfs thuis organiseren. De professionals in de eerste lijn spelen hierbij gezamenlijk en in afstemming met elkaar een cruciale rol. Samenwerking in de eerstelijnszorg tussen professionals is vereist voor een goed functionerende keten waarbinnen de patiënt centraal staat. Het samenwerken op het gebied van kennisontwikkeling in de eerstelijnszorg sluit hier goed bij aan.

Marije Beens: ' Laat je daarbij leiden door de behoefte van de patiënt'

Hoe nu verder?

De beroepsgroepen gaan beginnen met de geformuleerde kennislacunes/kennisvragen uit hun eigen onderzoeksprogramma’s. De separate kennisagenda’s en het onderzoekskader vormen een goede basis om te zoeken naar overlap tussen de agenda’s in thema’s en doelgroepen. Een voorbeeld is het thema preventie of (kosten)effectieve interventies bij (kwetsbare) ouderen en mensen met lage gezondheidsvaardigheden/lage Sociaal Economische Status (SES). 

ZonMw gebruikt de kennisagenda’s bij het opstellen van nieuwe onderzoeksprogramma’s en is blij met de bereidheid van de 9 beroepsverenigingen om elkaar te willen versterken in kennisontwikkeling door gezamenlijk met overlappende thema’s en doelgroepen uit de kennisagenda’s aan de slag te gaan. 

Meer informatie

Kennisagenda wijkverpleging factsheet
Kennisagenda wijkverpleging raamwerk

Kennis centraal, functioneren optimaal: een kader voor het meerjarig onderzoeksprogramma paramedische zorg

]]>
news-3303 Tue, 04 Dec 2018 15:46:00 +0100 Nieuwe subsidieoproepen Zwangerschap en geboorte https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-subsidieoproepen-zwangerschap-en-geboorte/ Binnen het programma Zwangerschap en geboorte II zijn 2 nieuwe subsidieoproepen opengesteld. Tot 12 maart 2019 kunt u een onderzoeksvoorstel indienen. Met uw onderzoek levert u een bijdrage aan de verbetering van de kwaliteit van integrale geboortezorg, prenatale of neonatale screening. Subsidieoproep: Verbeteren kwaliteit integrale geboortezorg

Het doel van deze subsidieoproep is het bevorderen van de perinatale en maternale gezondheid in het algemeen en het terugdringen van verschillen in perinatale en maternale gezondheid in het bijzonder.

Subsidieoproep: Prenatale screening en neonatale screening

Het doel van deze subsidieoproep is bij te dragen aan het optimaliseren van de prenatale screening of neonatale screening in Nederland.

Kijk voor meer informatie over het programma Zwangerschap en geboorte op de programma pagina.

Let op: ZonMw is overgestapt naar een ander digitaal indiensysteem, ‘Mijn ZonMw’. Aanvragen kunnen uitsluitend en conform de richtlijnen worden ingediend via Mijn ZonMw, zie hier voor meer informatie.

 

]]>
news-3306 Tue, 04 Dec 2018 09:12:58 +0100 Innovatieve ideeën in de sport beloond met Nationale Sportinnovator Prijs 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/innovatieve-ideeen-in-de-sport-beloond-met-nationale-sportinnovator-prijs-2018/ Tijdens de Meet & Matchmiddag voor bedrijven en Sportinnovator Centra op 4 december 2018 heeft het Topteam Sport vijf innovaties beloond met de Nationale Sportinnovator Prijs 2018. Zij ontvangen van Sportinnovator een totaalbedrag van €216.065 om hun innovatie te ontwikkelen tot een concreet product dat sporters beter gaat ondersteunen op mentaal vlak. Uit 39 voorstellen zijn vijf innovaties gekozen door een jury bestaande uit een delegatie van het Topteam Sport en experts uit het veld. Het thema van de Nationale Sportinnovator Prijs 2018 was “Mind Your Fitness’, waarmee op zoek is gegaan naar revolutionaire ideeën die potentieel van grote waarde zijn voor de mentale fitheid van top- en breedtesporters. De winnende innovaties blinken uit in hun grote impact voor de sport. “Met deze innovaties kunnen we sporters optimaal ondersteunen,” aldus juryvoorzitter Martin Olde Weghuis.

Prijswinnaars

De prijswinnaars van de NSP 2018 zijn:
(kijk ook het YouTube filmpje)

  • Scan voor een optimaal trainingsklimaat
    Scan die inzicht geeft in het ervaren en gewenste trainingsklimaat door trainers en sporters.
  • Body Project NL – (W)eet wat je doet
    Preventieprogramma met tot doel het aanleren en bestendigen van gezond (prestatie)gedrag en het streven naar een gezondheidsideaal.
  • Leeftijdsadequate motivatie toolbox voor topturnen
    Motivatie toolbox waarmee coaches beter inzicht krijgen in (individuele) motivatie.
  • ABS: Altijd Blijven Sporten!
    App waarmee evenementorganisatoren, gemeenten en sportclubs sporters kunnen motiveren om actief te blijven met de kracht van online sociale netwerken.
  • CATO – de coach die nooit slaapt
    Chatbot die sporters helpt bij hun mentale herstel.

Dit zijn dé innovaties die niet alleen topsporters optimaal ondersteunen bij hun sportprestaties, maar ook eraan bijdragen dat breedtesporters en (nog) niet-sportende mensen voldoende en met plezier blijven bewegen.

De Nationale Sportinnovator Prijs is uitgereikt tijdens een Meet & Matchmiddag voor bedrijven, georganiseerd vanuit het Topteam Sport. Doel van deze middag was de ruim 200 aanwezigen vanuit het bedrijfsleven en de sportwereld te laten kennismaken met de wereld van sportinnovatie.

Over de Nationale Sportinnovator Prijs

Om nieuwe innovaties in de (top)sport te stimuleren wordt sinds 2015 de Nationale Sportinnovator Prijs uitgereikt. Het heeft ieder jaar een andere thema.

Sportinnovator is een initiatief van Topteam Sport en ZonMw in opdracht van het Ministerie van VWS. Het doel van dit programma is het rendement van kennis en innovatie in de sport te vergroten. Daarbij worden naast de wetenschap en de sport ook nadrukkelijk het bedrijfsleven en overheden betrokken. Door stimulering van deze samenwerking komen nieuwe sportinnovaties tot stand. Zo wordt een bijdrage geleverd aan meer en betere prestaties in de topsport, een hogere sportdeelname en een actieve leefstijl. Voor meer informatie: www.sportinnovator.nl 

]]>
news-3302 Mon, 03 Dec 2018 15:29:17 +0100 Mediator 32: Jeugdinrichtingen betrekken ouders bij behandeling https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/mediator-32-jeugdinrichtingen-betrekken-ouders-bij-behandeling/ Gedetineerde jongeren en hun gezinnen hebben er baat bij als ouders betrokken zijn bij de behandeling. Dat heeft ook na de detentie effect. Daarover gaat het hoofdartikel van Mediator 32, het online magazine van ZonMw. Daarnaast staat deze editie vol met nog meer interessante artikelen:

  • Mensen die na een CVA een app inzetten om samen met hun partner oefeningen te doen, voelen zich daar beiden beter bij.
  • Claudi Bockting ontwikkelde terugvalpreventie voor depressies: ‘Het is niet klaar als iemand weer is opgeknapt’.
  • Onderzoekers van het Radboudumc hebben de vaccinatie van bloedcelkankerpatiënten verbeterd.
  • Hoe kunnen mensen gezond aan het werk blijven? De ‘Werk als waarde’-aanpak legt de nadruk op zingeving.
  • De Parel: Mensen met migratieachtergrond beter begeleiden in de palliatieve fase.In Buitengaats vertelt epidemioloog Sanne Peters over de academische bubbels Oxford en Cambridge.
  • In de column geeft Bert Stavenuiter een inkijkje in de beoordeling van subsidievoorstellen bij ZonMw.

Gratis abonnement

Naast de achtergrondartikelen staat in elke editie van Mediator een selectie van afgeronde projecten. Het abonnement van de digitale Mediator is gratis. Op de abonneerpagina vult u uw e-mailadres in en vinkt u Mediator aan. Bij elke nieuwe editie ontvangt u een attendering.

Meer informatie

•    Mediator 32
•    Abonneren op Mediator

 

]]>
news-3287 Wed, 28 Nov 2018 13:51:16 +0100 Minister de Jonge (VWS) opent tour van Kennisagenda Jeugd langs ministeries https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/minister-de-jonge-vws-opent-tour-van-kennisagenda-jeugd-langs-ministeries/ Op woensdag 28 november 2018 is de Kennisagenda Jeugd aangeboden aan minister de Jonge van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De Kennisagenda Jeugd is het resultaat van een unieke samenwerking. De domeinen ontwikkeling, opvoeding en onderwijs, die tot nu toe veelal los van elkaar werkten, worden uitgedaagd om belangrijke kennisvraagstukken over kinderen en jongeren gezamenlijk op te pakken. De aanbieding werd, namens de Taskforce Jeugd gedaan door Judi Mesman en Monique Volman, boegbeelden van de NWA-route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs. De Kennisagenda wordt de komende periode feestelijk overhandigd aan vertegenwoordigers van de verschillende ministeries die bij de totstandkoming van de Kennisagenda betrokken zijn geweest.

Kennisagenda uitwerking van route Jeugd van NWA

De Kennisagenda Jeugd is een uitwerking van de route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs van de Nationale Wetenschapsagenda (NWA). De agenda beschrijft de thema’s waarover meer onderzoek vereist is om de kennis over de ontwikkeling van de jeugd, over de opvoeding en over het onderwijs te vergroten. Het gaat dan om de thema’s leren en ontwikkelen in verschillende contexten, diversiteit en (on)gelijkheid en normativiteit van opvoeding en onderwijs. U vindt de Kennisagenda hier .

Veel partijen én jongeren betrokken bij totstandkoming Kennisagenda

Het doel van de Kennisagenda is om deze thema’s concreet te maken en daarmee wetenschappers, beleidsmakers en professionals in het jeugddomein handvatten te geven om over de grenzen van hun eigen domein heen te kijken en samen nieuwe kennis over de jeugd te ontwikkelen. Mede daarom zijn bij de totstandkoming van de Kennisagenda een groot aantal partijen op het gebied van ontwikkeling, opvoeding en onderwijs betrokken evenals de ministeries van Justitie en Veiligheid (J&V), Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW), Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Wat de Kennisagenda uniek maakt is dat niet alleen professionals zijn bevraagd maar juist ook ouders en jongeren. Het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) heeft in samenwerking met andere onderdelen van NWO en ZonMw de Taskforce ondersteund bij de totstandkoming van de Kennisagenda.

NWA biedt kansen

De verschillende thema’s uit de Kennisagenda Jeugd hangen met elkaar samen, vullen elkaar aan of overlappen elkaar. Deze zouden dan ook niet los van elkaar onderzocht moeten worden. Hier liggen kansen voor onderzoekers om samen met collega’s uit andere domeinen en disciplines grootschalig onderzoek op te zetten. De verschillende calls van de NWA  bieden hier mogelijkheden voor.

Aandacht voor goede organisatie en inrichting jeugdhulp en onderwijs

Minister de Jonge uit zijn waardering voor de totstandkoming van de Kennisagenda Jeugd. In gesprek lichtten Mesman en Volman toe waarom is gekozen voor de drie thema’s. Hierop kan toekomstig onderzoek voor belangrijke doorbraken en innovatieve ontwikkelingen zorgen. De minister vraagt in aanvulling op deze thema’s aandacht voor kennis over een goede organisatie en inrichting van o.a. jeugdhulp en onderwijs. De Jonge nodigt het onderzoeksveld uit hier ook oog voor te hebben.

Meer weten?

 

Fotografie en video Studio Oostrum

 

]]>
news-3279 Tue, 27 Nov 2018 09:48:13 +0100 COAlition S maakt richtlijnen voor implementatie Plan S bekend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/coalition-s-maakt-richtlijnen-voor-implementatie-plan-s-bekend/ Op maandag 26 november presenteerde cOAlition S richtlijnen voor de implementatie van Plan S. Met dit plan wordt vanaf 2020 de overstap naar volledig Open Access gemaakt voor alle wetenschappelijke publicaties die tot stand zijn gekomen met publieke middelen. De implementatierichtlijnen zijn een verdere uitwerking van de in september bekend gemaakte ambities van Plan S. Ze geven meer helderheid over de eisen en voorwaarden die gesteld worden aan het open access publiceren vanaf 2020 en aan de wijze van implementatie. Het document geeft ook antwoord op een aantal vragen en reacties die sinds de lancering van Plan S zijn gerezen.

Drie routes

Plan S bepaalt dat vanaf 2020 alle publicaties die voortkomen uit financiering van de betrokken onderzoeksfinanciers direct open access beschikbaar moeten zijn. Volgens de nu bekend gemaakte richtlijnen kan dit op drie manieren (routes):

  • Publicatie in volledig Open Access-tijdschriften of Open Access platforms
  • Het zonder embargo en met behoud van copyright voor wetenschappers deponeren van de finale of tenminste de geaccepteerde auteursversie van een artikel in een repository
  • Publicatie in ‘hybride’ tijdschriften, op voorwaarde dat daar het soort contracten onderligt dat de VSNU namens de gezamenlijke universiteiten met de uitgevers sluit.

Voor elk van deze drie routes gelden specifieke voorwaarden die in het gepubliceerde Guidance-document nader worden toegelicht.

Openbare consultatie

Vanaf 27 november 2018 tot 1 februari 2019 is het mogelijk om te reageren op de bekend gemaakte implementatierichtlijnen. Uiteraard is het ook mogelijk om vragen te stellen of extra toelichting te krijgen op specifieke punten. Reacties kunnen tot 17.00 uur op 1 februari 2019 ingezonden worden via de website van cOAlition S.

Meer informatie

 

Bron: NWO

 

]]>
news-3267 Mon, 26 Nov 2018 09:07:45 +0100 VSNU, NWO, NFU en ZonMw geven impuls aan verandering in het waarderen en belonen onderzoekers https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/vsnu-nwo-nfu-en-zonmw-geven-impuls-aan-verandering-in-het-waarderen-en-belonen-onderzoekers/ NWO, VSNU, NFU en ZonMw onderzoeken in 2019 hoe – in dialoog met het wetenschappelijk veld – het belonen en waarderen van onderzoekers kan worden vernieuwd. Want vernieuwing is nodig: voor talentontwikkeling, voor de transitie naar Open Science, voor aantrekkelijk werkgeverschap van kennisinstituten en voor het realiseren van maatschappelijke impact met onderzoek en onderwijs. Stappen gezet

VSNU, NWO,  NFU en ZonMw hebben de afgelopen tijd al stappen gezet die bijdragen aan het vernieuwen van de manier waarop onderzoekers beloond en gewaardeerd worden. Denk bijvoorbeeld aan de doorontwikkeling van het protocol voor onderzoeksevaluaties (SEP), de invoering van de inbeddingsgarantie door NWO en ZonMw en de gezamenlijke inspanningen in het kader van het Nationaal Plan Open Science.

Blijven vernieuwen

In 2019 blijven VSNU, NWO, NFU en ZonMw werken aan de vernieuwingen die al zijn ingezet. Het komende jaar staan verschillende activiteiten op het programma waarin de organisaties nadrukkelijk de samenwerking zoeken met onderzoekers zelf. Zo zorgen de samenwerkende organisaties ervoor dat eind 2019 duidelijk is welke veranderingen in de belonings- en waarderingssystematiek van onderzoekers doorgevoerd worden.       

Wilt u weten welke activiteiten dit zijn?

Lees dan het hele statement

]]>
news-3263 Fri, 23 Nov 2018 08:22:59 +0100 Sportinnovator - Subsidieoproep voor bedrijven geopend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportinnovator-subsidieoproep-voor-bedrijven-geopend/ Het naar de markt brengen van innovatieve producten in de sport, brengt voor ondernemers risico’s met zich mee. Vooraf worden vaak grote investeringen gevraagd, terwijl de baten nog achterblijven en de kans op succes niet zeker is. Het Topteam Sport wil met het programma Sportinnovator de ontwikkeling van innovaties stimuleren, zodat het bedrijfsleven met succes de stap naar de markt kan maken. Daarom is een subsidieoproep voor bedrijven geopend. Met de subsidieoproep voor bedrijven wil het Topteam Sport een aantal grote innovatieprojecten in de sport stimuleren. Het gaat daarbij om innovatieprojecten die de potentie hebben om zich in maximaal twee jaar zover door te ontwikkelen dat marktintroductie in zicht komt.

Wie komen in aanmerking voor de subsidieoproep voor bedrijven?

Deze oproep staat open voor een consortium van partijen met expertises die elkaar aanvullen. De verschillende partijen leveren samen de kennis en kunde die nodig is voor het innovatieproject. Binnen het samenwerkingsverband zijn bedrijven de hoofdaanvrager. De volgende partijen moeten in ieder geval binnen het samenwerkingsverband vertegenwoordigd zijn:

  • Een of meerdere bedrijven
  • Minimaal een kennisinstelling
  • Vertegenwoordiging vanuit de doelgroep

Thema’s subsidieoproep

De focus voor de subsidieoproep voor bedrijven ligt op de volgende drie thema’s:

  • Bewegen: gericht op technologische innovaties (o.a. games) om inactieve doelgroepen in beweging te krijgen,
  • Materialen : gericht op methoden die bijdragen aan duurzame sportaccommodaties,
  • Voeding: gericht op het verbeteren van uithoudingsvermogen en herstel van topsporters.

Opzet van de subsidieoproep

De subsidieronde bestaat uit twee fasen. In fase 1 kan een haalbaarheidsstudie worden uitgevoerd. Aanvragen hiervoor kunnen tot 8 januari 2019 worden ingediend. In fase 2 krijgen de meest kansrijke projecten uit fase 1 de mogelijkheid om de innovatie in een of twee jaar door te ontwikkelen met behulp van industrieel onderzoek en/of experimentele ontwikkeling.

Hoeveel subsidie kan ik aanvragen?  

  • Fase 1
    In fase 1 kan maximaal 30.000,- euro worden aangevraagd voor het uitvoeren van een haalbaarheidsstudie (minimaal 50% cofinanciering). Er is 300.000 euro beschikbaar.
  • Fase 2
    Voor fase 2 kan maximaal 750.000 euro worden aangevraagd op een maximaal budget van 3 miljoen euro.

Samenwerking Sportinnovator-centrum

Samenwerking met een Sportinnovator-centrum in het consortium wordt door het Topteam Sport als een meerwaarde gezien. In een Sportinnovator-centrum werken partijen uit de sport, wetenschap, bedrijfsleven en overheden structureel samen. Sportinnovator-centra beschikken daarom over een relevant netwerk en kunnen de verbinding maken naar de sportpraktijk en de wetenschap. Daarnaast bieden sommige centra een uitgebreide test- of meetomgeving (‘Living Lab’) en kunnen zij een rol spelen in het verder verspreiden van opgedane kennis en ervaring binnen het project.

Informatiebijeenkomst 4 december

Op 4 december 2018 vindt een informatiebijeenkomst plaats over de subsidieoproep en is er een Meet- en Matchmiddag voor bedrijven en Sportinnovator-centra in het Philips-stadion in Eindhoven. U kunt zich hier daarvoor aanmelden.

Meer informatie

NB: er zijn twee wijzigingen in de subsidieoproep ten opzichte van de vooraankondiging van de oproep op deze site. Deze verandering zit in de hoogte van de beschikbare subsidiebedragen en in een aanscherping van het thema materialen.

 

]]>
news-3259 Thu, 22 Nov 2018 10:58:21 +0100 Vijf winnaars van energieneutrale sportprojecten kunnen aan de slag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/vijf-winnaars-van-energieneutrale-sportprojecten-kunnen-aan-de-slag/ Op 20 november zijn de winnaars van de Innovation Challenge Energieneutrale Sportaccommodaties 2018 van VWS bekendgemaakt. Vijf vooruitstrevende en innovatieve ideeën rondom energiebesparing en –opwekking zijn door de startups en MKB-ers gepresenteerd aan het Topteam Sport, dat dit initiatief ondersteunt vanuit het programma Sportinnovator. De winnaars Jellarious, Kuneverda, HoCoSto, StoredEnergy en Techniek in Tuinbouw, kregen de prijs van 100.000 euro overhandigd van de Directeur Generaal Volksgezondheid Angelique Berg en voorzitter van het Topteam Sport Harry van Dorenmalen.

De indieners van de ideeën zijn:

  • Jellarious (zonnetapijt, dit is een zonnepaneel dat over het kunstgrasveld rolt wanneer er niet gesport wordt)
  • Kuneverda (luchtdrukbatterij, opgewekte energie uit zonnepanelen kan worden opgeslagen)
  • HoCoSto (warmteopslag, in combinatie met zonnecollectoren kan een sportcomplex zelfstandig warmte opwekken)
  • StoredEnergy (opslag van energie uit zonnepanelen op daken van sportverenigingen)
  • Techniek in Tuinbouw (energieopwekking vanuit tuinbouw naar het sportveld toe met een oprolbaar zonnepaneel over kunstgrasvelden)

Minister Bruno Bruins: “Het is mooi dat het recent gesloten sportakkoord zo in de praktijk wordt gebracht door deze vijf initiatieven, op deze manier worden sportaccommodaties ook daadwerkelijk duurzamer en klaar gemaakt voor de energietransitie”.

De winnende innovaties richten zich op de uitdagingen voor sportaccommodaties met betrekking tot energiebesparing. Als voorbeeld kunnen kunstgrasvelden helpen bij het opwekken van energie en sportaccommodaties aardgasvrij gemaakt worden door energie- en warmteopslag.

Steun voor sportsector in haar energietransitie

Met deze Innovation Challenge en de subsidieoproep van Sportinnovator voor bedrijven die 22 november live gaat, willen het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het Topteam Sport innovatie in de sportsector stimuleren en bevorderen.

]]>
news-3256 Thu, 22 Nov 2018 09:13:15 +0100 Nieuwe wijk-GGD’ers aan de slag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-wijk-ggders-aan-de-slag/ 9 gemeenten gaan aan de slag met de implementatie van een wijk-GGD’er. Zij krijgen hiervoor financiële middelen vanuit ZonMw en worden begeleid door het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV). De begeleiding van het CVV is onder meer gericht op het creëren van bestuurlijke betrokkenheid, het maken van werkafspraken met relevante ketenpartners en de daadwerkelijke installatie van de wijk-GGD’er. Wat is een wijk-GGD'er ook alweer?

De wijk-GGD’er is een zorgprofessional die op lokaal niveau de zorg- en veiligheidsketen aan elkaar verbindt. Op deze wijze probeert hij of zij te voorkomen dat een persoon met verward gedrag zichzelf of anderen schade berokkent. De wijk-GGD’er staat dan ook te boek als een verbindingsofficier in dit krachtenveld die in staat is om inzicht en overzicht te creëren. Vorig jaar zijn al 13 gemeenten met deze inmiddels beproefde methode gestart. Nu volgen er dus 9 nieuwe gemeenten.

De gemeenten op een rij

Een wijk-GGD’er, wijk-ggz’er, consultent mentale gezondheid en een trochpakker. Allemaal termen die laten zien dat de wijk-GGD’er een mooie interventie is waar ruimte is voor gemeenten om het te vertalen naar de eigen specifieke behoefte. De volgende gemeenten gaan hier het komend jaar mee aan de slag:

  • Smallingerland
  • Leiderdorp
  • Etten-Leur
  • Meierijstad
  • Stichtse Vecht
  • Dongen
  • Nieuwegein
  • Hilvarenbeek
  • Achtkarspelen

Wilt u ook aan de slag met een wijk-GGD’er?

In 2019 volgen nog 2 subsidierondes voor implementatie van de wijk-GGD’er. De eerstvolgende subsidieoproep staat vanaf 4 december open met als deadline 7 februari 2019 om 14.00 uur. Op donderdag 10 januari vindt van 12.30 tot 15.30 uur een informatiebijeenkomst plaats in Utrecht. Houd de website in de gaten voor het laatste nieuws hierover.

Blijf op de hoogte

Wilt u op de hoogte blijven van deze subsidieoproep en andere ontwikkelingen? Meld u dan aan voor de nieuwsbrief geestelijke gezondheid en volg ons op LinkedIn.

Meer informatie

 

 

]]>
news-3252 Wed, 21 Nov 2018 13:54:33 +0100 Online applicatie Myinlife helpt om zorg rond mensen met dementie te faciliteren https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/online-applicatie-myinlife-helpt-om-zorg-rond-mensen-met-dementie-te-faciliteren/ Mantelzorgers van mensen met dementie hebben een risico om overbelast te worden en in een sociaal isolement te raken. Myinlife is een online applicatie die is ontwikkeld voor mensen met dementie en hun mantelzorgers om mensen uit het sociale netwerk met elkaar te verbinden en vraag en aanbod van hulp af te stemmen. In een project van het ZonMw-programma Memorabel, voerde de Universiteit van Maastricht een effectevaluatie uit. Hieruit blijkt dat het gebruik van Myinlife in vergelijking met de controlegroep niet leidt tot een significante toename in sociale steun en gevoelens van competentie bij mantelzorgers, maar dat het door mantelzorgers wel wordt gezien als bruikbaar online hulpmiddel om de zorg te faciliteren. Naast de coördinatie van zorg vergoot het betrokkenheid, openheid en positieve interactie binnen het sociale netwerk. Myinlife is op landelijk niveau geïmplementeerd door Alzheimer Nederland om een bredere doelgroep te bereiken.

Meer informatie

]]>
news-3222 Thu, 15 Nov 2018 14:40:43 +0100 Professionals zetten zich samen in tegen antibioticaresistentie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/professionals-zetten-zich-samen-in-tegen-antibioticaresistentie/ Het RIVM, ZonMw en het ministerie van VWS organiseerden op 14 november een conferentie over antibioticaresistentie. Onderzoekers, beleidsmakers en praktijkprofessionals praatten over het thema ‘Van onderzoek naar praktijk en beleid. Wat kan jij er mee?!’. Bewustzijn vergroten

De week van 12 tot 19 november staat in het teken van het vergroten van het bewustzijn van antibioticaresistentie. Nederland doet het goed als het gaat om antibioticaresistentie. Niet elk land doet het even goed in Europa; er zijn tussen de landen verschillen gemeten. Om te voorkomen dat mensen overlijden aan een nu nog onschuldige infectie is het bijvoorbeeld nodig dat antibiotica alleen worden voorgeschreven als het ook echt nodig is. Daarnaast is handhygiëne belangrijk om de verspreiding van resistente bacteriën te voorkomen. Voorgaande werd benadrukt door Bruno Bruins, de minister voor Medische Zorg en Sport, die de conferentie met een videoboodschap opende. 
De conferentie stond  in het teken om het nóg beter met elkaar te doen. Want antimicrobiële resistentie is een urgent, groeiend en wereldwijd probleem dat vraagt om een multidisciplinaire aanpak vanuit onderzoek, beleid en praktijk. Betrokkenen uit heel Nederland kwamen daarom deze middag bij elkaar.

Onderzoek

Jeroen Geurts, voorzitter van ZonMw, overhandigde tijdens de bijeenkomst de evaluatie van het ZonMw-programma Priority Medicines Antimicrobiële Resistentie aan VWS. Het vanuit dit programma gefinancierde onderzoek leverde veel kennis op. Deze kennis wordt verder gebracht, in de praktijk en in vervolgonderzoek. Deze kennis draagt bij aan het zorgvuldig gebruik van bestaande middelen, aan de ontwikkeling van nieuwe middelen en methoden, richtlijnen en beleid en het in kaart brengen van potentiële risico’s van antimicrobiële resistentie. Nederland is een internationale voortrekker op dit onderwerp: vasthouden en uitbouwen!

Beleid en praktijk

Jaap van Dissel, directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding van het RIVM , gaf een overzicht over resistente bacteriën in Nederland. Waar komen ze voor en wat is de impact daarvan?. Mariken van der Lubben, programmamanager Antibioticaresistentie van het RIVM, ging in op de nationale aanpak tegen antibioticaresistentie in Nederland. Verder stonden tijdens de conferentie 3 thema’s centraal: Welke resultaten zijn er? Hoe komen we nu van data naar implementatie? Wie moet nu waarmee aan de slag? De onderwerpen van de overige sprekers en interactieve sessies gingen dan ook over deze thema's.


Zo praatte Marlies Hulscher, hoogleraar Kwaliteit van Zorg voor infectie- en ontstekingsziekten en werkzaam bij Raboudumc en IQ healthcare, de deelnemers bij over de laatste stand van zaken over implementatie(onderzoek). Zij sprak over de kloof tussen weten wat we moeten doen en wat we daadwerkelijk doen in de dagelijkse praktijk. Het beïnvloeden van gedrag is complexer dan veelal wordt aangenomen. Soms werkt iets en soms niet. Daarom is het zo belangrijk dat gedragswetenschappers betrokken worden de bij implementatie van onderzoeksresultaten uit het bèta-veld. Daarbij is het essentieel dat we gedrag zowel top-down als bottum-up proberen te beïnvloeden. Bijvoorbeeld het gedrag bij handhygiëne; een voorbeeld dat vandaag veelvoudig werd genoemd vanwege zijn relatie met antibioticaresistentie.

Open science is een manier om de kennis over antibioticaresistente goed te kunnen verspreiden. Maar open science kent nog uitdagingen. Pieter van Boheemen, onderzoeker bij het Rathenau Instituut, vertelde de aanwezigen of je voor Open Science moed nodig hebt of dat je het gewoon moet doen. Hij nam ons mee in de nationale en internationale wereld waarin het toegankelijk zijn van onderzoeksdata steeds belangrijker wordt. En waar de uitdagingen liggen voor beleid, onderzoek en praktijk.

Aan de slag

Gezien de opkomst en de reacties was het een geslaagde conferentie. Het gaf professionals uit onderzoek, beleid en praktijk handvatten om binnen en buiten hun organisaties de beheersing van antimicrobiële resistentie te continueren en hierover met elkaar van gedachten te wisselen. Binnenkort is een verslag van de conferentie beschikbaar via de websites van RIVM en ZonMw.

Meer informatie

 

]]>
news-3188 Wed, 14 Nov 2018 15:13:00 +0100 OPERA: grote trial brengt veilig afbouwen antidepressiva dichterbij https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/opera-grote-trial-brengt-veilig-afbouwen-antidepressiva-dichterbij/ Veel mensen met een depressie hebben baat bij antidepressiva. Maar kun je er ook veilig mee stoppen als het weer beter gaat? Hoe zit het met de risico’s op terugval? En wat is een verstandig afbouwtraject? Hiernaar is nog amper gedegen onderzoek gedaan. De OPERA-studie brengt daar verandering in. prof. dr. Brenda Penninx, hoogleraar psychiatrische epidemiologie (Amsterdam UMC, locatie VUmc)

In Nederland gebruiken ruim 150.000 mensen met een depressie langer dan een jaar antidepressiva. Veel patiënten hebben er baat bij, maar langdurig gebruik heeft soms ook nadelen. Gebruikers willen weten hoe lang ze antidepressiva moeten gebruiken. Het probleem is dat niet duidelijk is wat de beste vervolgstappen zijn na de start van een behandeling. Kan iedereen na enige tijd weer veilig stoppen? En volgens welk schema dan? Hoe zit het met het risico op terugval, en wie loopt dat risico vooral? Met de OPERA-studie (zie kader) start begin 2019, gefinancierd vanuit het het ZonMw-programma Goed Gebruik Geneesmiddelen een breed gedragen, grote trial. De studie moet behandelaars en patiënten handvatten gaan bieden voor veilig afbouwen.

Risicovol zelf stoppen

Projectleider is prof. dr. Brenda Penninx, hoogleraar psychiatrische epidemiologie (Amsterdam UMC, locatie VUmc). Ze noemt het publieke én professionele debat over antidepressiva ‘emotioneel beladen’, met felle voor- en tegenstanders. De effectiviteit van de middelen is onbetwist, zegt Penninx, maar over het meest adequate gebruik zijn nog veel vragen. ‘Patiënten ervaren met name het langdurig gebruik als negatief. Veel mensen willen het liefst stoppen als het ze beter gaat. Maar het ontbreekt aan evidentie bij wie je veilig kunt afbouwen nadat de depressie vermindert, en op welk moment.’ Nogal wat huisartsen en psychiaters blijven toch maar herhaalrecepten uitschrijven. Of patiënten stoppen juist op eigen gelegenheid, zonder goed overleg met hun behandelaars. Met als gevolg dat ze soms weer terugvallen in een depressie.

‘OPERA sluit goed aan bij de dagelijkse behandelpraktijk bij depressie’
‘De richtlijnen voldoen prima voor het starten van antidepressiva, maar over veilig afbouwen is te weinig kennis beschikbaar. Daarom zijn er vooral veel meningen over wat goed is of niet. Zolang een patiënt niet klaagt, hebben veel dokters de neiging gewoon weer een herhaalrecept te geven. OPERA gaat helpen om de patiënt beter persoonsgericht te adviseren over doorgaan of juist afbouwen. Mooi is ook dat de zogeheten buiten-trialpopulatie wordt gevolgd, dus de mensen die niet in de studie worden ingeloot. Hoe doen zij het in de praktijk? OPERA wordt al een pragmatische trial, maar zo sluiten de uitkomsten straks nog beter aan bij de dagelijkse praktijk.’
Prof. dr. Pim Assendelft, hoogleraar huisartsgeneeskunde, Radboudumc

Reëler beeld patiënten

Penninx: ‘We gaan kijken wat in de behandelpraktijk de kans is op terugval bij afbouwen. Maakt het uit of mensen voordat ze gaan afbouwen lang of minder lang antidepressiva gebruiken? Wat is het beste moment om te stoppen, en verschilt dat misschien per patiëntgroep?’ Omdat bij huidige gebruikers het voortraject mogelijk sterk van invloed is, volgt OPERA een geheel nieuwe groep patiënten die net zijn begonnen met antidepressiva. De deelnemers die een stabiele verbetering van hun depressie laten zien, worden per loting verdeeld in twee groepen. Eén groep gaat relatief snel afbouwen, de andere doet dit pas later in het jaar. Een deel van de deelnemers komt straks uit ggz-instellingen, maar de meesten uit de huisartsenpraktijk, aldus Penninx. Daar worden antidepressiva veelal voorgeschreven, en het is volgens haar de plek waar je afbouw zou moeten bespreken. ‘Eerder onderzoek is vooral gedaan bij de zwaarste groep met een depressie, vaak binnen specialistische centra. OPERA moet een reëler beeld geven over de hele breedte van de dagelijkse behandelpraktijk.’

‘Deze studie gaat pionieren op relevant terrein: hoe kun je veilig stoppen?’
‘Zijn antidepressiva gevaarlijk? Dat is wel de perceptie bij een deel van het publiek. Mensen lijken voor óf tegen. Voor sommige mensen zijn antidepressiva echt levensreddend, maar anderen hebben er geen baat bij. In de geneeskunde is het probleem dat we veel weten van starten met medicatie, maar nog heel weinig van veilig stoppen. Dat geldt voor veel meer geneesmiddelen dan antidepressiva. OPERA gaat wat dat betreft echt pionieren op een heel relevant terrein, op zoek naar gedegen bewijs voor een beter stopbeleid. Cruciaal is de betrokkenheid van huisartsen én psychiaters, en van andere relevante partijen. Zo kunnen de resultaten straks ook echt landen in de praktijk.’
Dr. mr. Christiaan Vinkers, psychiater en onderzoeker, Amsterdam UMC, locatie VUmc

Hele veld vertegenwoordigd

De studie wordt zeer breed gedragen, van de relevante beroepsgroepen in eerste en tweede lijn tot patiëntenorganisaties. Ook doen er meerdere academische centra (uit Leiden, Groningen, Rotterdam en Nijmegen) aan mee. Dit brede consortium vertegenwoordigt het hele veld, zodat de kennis straks beter te implementeren is en de behandelpraktijk daadwerkelijk met de resultaten kan worden verbeterd. Penninx: ‘Naast het volgen van patiënten in hun gebruik en de effecten op hun depressie, houden we rekening met patiëntervaringen. Ook de kwaliteit van de arts-patiëntrelatie kan immers een rol spelen bij het wel of niet succesvol afbouwen.’ Bovendien investeren de onderzoekers veel in het ‘teruggeven’ van resultaten, zegt Penninx. ‘Wat we vinden, delen we niet alleen met wetenschappers en professionals, maar ook met patiëntenverenigingen. Op www.opera-project.nl willen we naast resultaten ook ruimte geven voor verhalen van patiënten.’

‘Het onderzoek levert bouwstenen op voor individueel advies bij depressie’
‘Mensen beginnen op een vaak niet zo heel strakke indicatie met antidepressiva. En gaan daar vervolgens als vanzelf mee door. Er is nogal wat oneigenlijk gebruik, zou je kunnen zeggen. Veel patiënten willen het liefst stoppen, maar niemand weet goed hoe dat het beste kan. Dat maakt mensen onrustig. In mijn eigen praktijk merk ik dat stoppen een intensieve begeleiding vergt. Maar je hebt als arts geen handvatten in de vorm van duidelijke evidentie over wat nu het beste stoptraject is. Daar gaat OPERA veel in verbeteren. Ik verwacht dat we goede bouwstenen zullen vinden om patiënten beter een individueel advies te kunnen geven.’
Prof. dr. Mattijs Numans, hoogleraar huisartsgeneeskunde, LUMC, tevens praktiserend huisarts

Gepersonaliseerde behandeling

Penninx hoopt dat OPERA gaat bijdragen aan een meer gepersonaliseerde behandeling. ‘We weten dat depressie voor sommige mensen een chronische ziekte is, waarbij langdurig antidepressivagebruik nodig is. Maar dat geldt zeker niet voor iedereen. Het mooiste zou zijn als we uiteindelijk scherpe patiëntprofielen kunnen schetsen. Zodat we beter kunnen voorspellen wie er baat heeft bij langdurig gebruik en bij wie afbouwen heel goed mogelijk is.’

OPERA (Netherlands study of Optimal, PERsonalized Antidepressant use) is een gerandomiseerde placebo-gecontroleerde studie naar de korte- en langetermijneffecten van vroege afbouw van antidepressiva versus latere afbouw. Van een groep van 2.000 patiënten die antidepressiva gebruiken, worden er 400 gevolgd in hun afbouwproces. Kijk op www.opera-project.nl voor de samenstelling van het consortium en de adviesgroep. De studie loopt tussen 2019 en 2025 en wordt met € 2,9 miljoen gesubsidieerd door ZonMw.

Meer informatie


Tekst: Marc van Bijsterveldt

]]>
news-3211 Tue, 13 Nov 2018 14:11:19 +0100 Wat kunt u met ons antimicrobiële resistentie-onderzoek in beleid en praktijk? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-kunt-u-met-ons-antimicrobiele-resistentie-onderzoek-in-beleid-en-praktijk/ Door ons gefinancierd onderzoek heeft veel wetenschappelijk bewezen kennis opgeleverd op het gebied van antimicrobiële resistentie. Dit blijkt uit de evaluatie van het ZonMw-programma Priority Medicines Antimicrobiële Resistentie (AMR). Deze kennis draagt bij aan het zorgvuldig gebruik van bestaande middelen, aan de ontwikkeling van nieuwe middelen en methoden, richtlijnen en beleid en het in kaart brengen van potentiële risico’s. Evaluatie en pas op de plaats

Midden in de World Antibiotic Awareness Week 2018 organiseren we samen met RIVM en VWS de conferentie ‘Antibioticaresistentie; Van onderzoek naar praktijk en beleid. Wat kan jij er mee?!’ Aan VWS bieden we de zelfevaluatie en externe evaluatie aan. De conclusies en aanbevelingen uit deze evaluaties zijn niet compleet zonder een pas op de plaats van het ZonMw-programma Antibioticaresistentie (ABR) en de Joint Programming Initiative on Antimicrobial Resistance (JPIAMR). In dit internationale verband voor wetenschappelijke samenwerking en onderzoekscapaciteit participeren we namens Nederland.

Antibioticateams (A-teams) in ziekenhuizen

Een afgerond AMR-project van Amsterdam UMC (locatie AMC) heeft ertoe bijgedragen dat antibioticateams (A-teams) landelijk in ziekenhuizen worden ingezet. Deze zetten in op zorgvuldige beleidsvorming rond antibioticagebruik in ziekenhuizen. Dit project heeft grote maatschappelijke impact.

Varkensneus remt MRSA

In een lopend multidisciplinair ABR-project van de Universiteit Utrecht wordt met hightech moleculaire technieken gekeken of de overdracht van MRSA via varkensneuzen naar mensen beperkt kan worden. Een veelbelovend project dat mogelijk ingangen biedt om in de toekomst mensen te beschermen tegen MRSA.

Mestverwerking en antibioticaresistentie

RIVM onderzoekt samen met internationale partners wat de risico’s van de uitstoot van antibioticaresistentie uit mest zijn voor de bevolking. En in hoeverre mestverwerkingstechnieken de verspreiding van antibioticaresistentie kunnen verminderen.

Urgentie

We pakken antimicrobiële resistentie aan om te voorkomen dat mensen overlijden aan een nu nog onschuldige infectieziekte zoals een blaasontsteking of darminfectie. Antimicrobiële resistentie is een urgent, groeiend en wereldwijd probleem dat vraagt om een snelle, internationale en multidisciplinaire aanpak vanuit onderzoek, beleid en praktijk.

Toekomst

De externe-evaluatiecommissie raadt ZonMw aan het brede karakter van onderzoek naar antimicrobiële resistentie voort te zetten waarbij internationale samenwerking wordt gestimuleerd. Nederland kan als koploper op het gebied van resistentieproblematiek over de grenzen heen veel bieden en ophalen. Met onderzoek en implementatie dragen we bij aan een One-Health-aanpak voor het ontstaan en de verspreiding van antimicrobiële resistentie bij mens, dier en in het milieu. Het continueren van onderzoek over alle aspecten naar antimicrobiële resistentie is daarbij essentieel.

Continuering onderzoek

Het is onzeker hoe de financiering van onderzoek naar antimicrobiële resistentie nationaal en internationaal op efficiënte wijze gecontinueerd wordt. Met de huidige kwaliteit en beschikbaarheid van onderzoekers kunnen we meer betekenen voor het ontwikkelen en verspreiden van kennis over antimicrobiële resistentie. We zetten ons daarvoor in door de met dit programma versterkte samenwerking tussen de veterinaire en humane geneeskunde continueren. De toepassing van kennis bevorderen we door de samenwerking met onder andere ABR-zorgnetwerken en A-teams te intensiveren.

Meer informatie

 

 

 

 

]]>
news-3192 Thu, 08 Nov 2018 07:00:00 +0100 Sportonderzoek in beeld https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportonderzoek-in-beeld/ Welke kennis zit verscholen in de slimme sporthal? Hoe geef je een pedagogisch sportklimaat vorm? Wat betekent bewegen als medicijn voor artsen en patiënten? En hoe kunnen topsporters goed presteren bij extreme weersomstandigheden? Vragen waar de onderzoekers zich over buigen in de projecten van het Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen. In beeld gebracht in 4 films. Aan de hand van een aantal vragen zetten de onderzoekers hun plannen uiteen voor de komende 2 jaar. U wordt op locatie meegenomen in wat onderzocht wordt, met wie en wat ze hopen te bereiken.

Tipje van de sluier

U maakt kennis met Kids First dat zich richt op het creëren van een pedagogisch sportklimaat. In Thermo Tokyo gaat het om het minimaliseren van prestatieverlies en zorgen dat topsporters op een veilige manier maximaal kunnen presteren in een warm en vochtig Tokyo tijdens de Olympische Spelen van 2020. In Smart Sports Exercises draait het om nieuwe vormen van zaaltraining. De projectleider en betrokken sporters vertellen over de ‘slimme sporthal’ bij volleybalteams van verschillende niveaus. En in PIE=M (Physicians Implement Exercise is Medicine) belicht het onderzoek naar waarom beweging als medicijn nog niet ingevoerd wordt, waar artsen daarbij tegenaan lopen en de mogelijke oplossingen.

Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen

Het doel van het programma is het versterken van het multidisciplinair (top)sport- en beweegonderzoek en het stimuleren van het gebruik van de opbrengsten van onderzoek.
Financiers zijn het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), het Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA en NOC*NSF.

Bekijk de films

Meer informatie

 

]]>
news-3185 Wed, 07 Nov 2018 21:00:00 +0100 ZonMw Parel voor Pharos-project ‘In gesprek over leven en dood’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/parelprojecten/parel-voor-pharos-project-in-gesprek-over-leven-en-dood/ De naderende dood is in veel culturen een groot taboe. De directe manier waarop daar in Nederland over gesproken wordt, stuit bij mensen met een migratieachtergrond op onbegrip. ‘In gesprek over leven en dood’ van Pharos levert nieuwe inzichten op én concrete materialen om het anders te doen. news-3191 Wed, 07 Nov 2018 14:08:16 +0100 Webinar ‘Subsidieoproep Langlopend cohortonderzoek ggz’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/webinar-subsidieoproep-langlopend-cohortonderzoek-ggz/ Wilt u meer informatie over de verwachte subsidieoproep voor langlopend cohortonderzoek ggz? Neem donderdag 29 november 2018 van 11.00 tot 12.00 uur deel aan onze webinar. Tijdens deze webinar krijgt u meer informatie over de subsidieronde en is er de gelegenheid vragen te stellen. Online informatiebijeenkomst

Voorheen werden vanuit het Onderzoeksprogramma GGz informatiebijeenkomsten georganiseerd om meer informatie over de subsidieoproepen te verstrekken. Om u de tijd van het reizen te besparen is besloten om dit keer een ‘online informatiebijeenkomst’ ofwel een webinar te organiseren. Gedurende de webinar krijgt u aan de hand van een presentatie meer informatie over de subsidieoproep ‘Langlopend cohortonderzoek naar vroege herkenning en gepersonaliseerde zorg in de geestelijke gezondheidszorg’. Bovendien is er de mogelijkheid om via de chatfunctie vragen te stellen aan het programmateam. 

Aanmelden voor webinar

Via deze link kunt u zich aanmelden voor de webinar, vul uw naam en e-mailadres in en druk op aanmelden. U ontvangt na aanmelding een bevestiging met meer informatie in uw mailbox. 

Meer informatie

Heeft u vragen naar aanleiding van dit bericht, dan kunt u contact opnemen met het secretariaat van het Onderzoeksprogramma GGz via ggz@zonmw.nl of +31 70 349 52 79. 

Blijf op de hoogte

Wilt u op de hoogte blijven van deze subsidieoproep en andere ontwikkelingen? Meld u dan aan voor de nieuwsbrief geestelijke gezondheid en volg ons op LinkedIn

]]>
news-3173 Thu, 01 Nov 2018 11:15:00 +0100 Subsidieronde Sport en Bewegen geopend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieronde-sport-en-bewegen-geopend/ Heeft u concrete onderzoeksvragen over bijvoorbeeld bewegen en vitaliteit, de kansen die sport biedt om maatschappelijke problemen aan te pakken of op het gebied van technologie en data voor betere sportprestaties? Dan nodigt ZonMw u van harte uit om projectideeën (oftewel verkorte subsidieaanvragen) in te dienen in deze tweede subsidieronde binnen het onderzoeksprogramma Sport en Bewegen. In deze subsidieronde waarin samenwerking tussen onderzoek en praktijk centraal staat, is in totaal 4.500.000 euro beschikbaar. Het aan te vragen bedrag per project is maximaal 750.000 euro. Daarnaast is het van belang om grote multidisciplinaire samenwerkingsverbanden te vormen en moet cofinanciering van ministens 30% gerealiseerd worden. De duur van de onderzoeksprojecten is 4 jaar.
De exacte voorwaarden leest u in de subsidieoproep. Hieronder alvast een aantal aandachtspunten.

Focus

De focus ligt op de volgende thema’s:

  • Beter presteren
  • Een leven lang bewegen
  • De waarde(n) van sport
  • Data science in relatie tot sport- en beweegonderzoek

Het is de bedoeling dat u op ten minste een van deze thema’s indient en indien mogelijk big data als dwarsdoorsnijdend thema inzet.

Massa

Om meer massa in sportonderzoek te realiseren stimuleren we grote multidisciplinaire samenwerkingsverbanden te vormen voor deze ronde. Een samenwerkingsverband bestaat minimaal uit:

  • Een universiteit of umc
  • Een hogeschool
  • Een sport- of zorgorganisatie
  • Een bedrijf, lokale/regionale overheid en/of een andere maatschappelijke organisatie

De mate waarin het onderzoeksvoorstel een antwoord geeft op de vragen en behoeften van de eindgebruikers speelt een belangrijke rol bij de beoordeling.

Informatiebijeenkomst

Op 13 november a.s. organiseren we een informatiebijeenkomst voor u over de oproep met de voorwaarden en de criteria. Ook is er gelegenheid tot het stellen van vragen. De bijeenkomst vindt plaats bij ZonMw in Den Haag (Laan van Nieuw Oost-Indië 334).
Interesse? Meldt u aan door een e-mail met uw contactgegevens te sturen naar sportonderzoek@zonmw.nl

Meer informatie

 

]]>
news-3176 Thu, 01 Nov 2018 09:29:47 +0100 Mijn ZonMw: Nieuw digitaal loket voor subsidieaanvragen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/mijn-zonmw-nieuw-digitaal-loket-voor-subsidieaanvragen/ ZonMw heeft een nieuw digitaal loket: Mijn ZonMw. Met Mijn ZonMw kunt u als indiener uw projectideeën en subsidieaanvragen indienen en volgen. Ook kunt u tijdens de looptijd van uw project veel zaken rondom uw project regelen. Commissieleden en referenten gaan voor het beoordelen van voorstellen ook gebruik maken van Mijn ZonMw. Mijn ZonMw is de vervanger van ProjectNet. Vanwege een overgangsfase van ProjectNet naar Mijn ZonMw, werkt ZonMw tijdelijk met beide systemen.

Welk systeem kiest u:

  • Wilt u een nieuwe aanvraag indienen? In de subsidieoproep staat vermeld via welk digitaal loket u uw projectidee of subsidieaanvraag indient;
  • Als u een lopend of afgerond project heeft, kiest u alléén voor Mijn ZonMw indien u hier bericht over heeft ontvangen. Anders kiest u voor ProjectNet. Als u het verzoek krijgt een voortgangs- of eindverslag in te dienen, staat hier duidelijk in voor welk systeem u kiest.

Indienen bij de programma’s Veni (subsidieoproep open op 1 november 2018) en Zwangerschap en Geboorte 2 (subsidieoproep open begin december 2018) gaat nu via het nieuwe digitale loket: Mijn ZonMw.

]]>
news-3151 Wed, 31 Oct 2018 10:00:00 +0100 Moniek Pieters en Edwin Maalderink toegetreden tot bestuur https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/moniek-pieters-en-edwin-maalderink-toegetreden-tot-bestuur/ Moniek Pieters en Edwin Maalderink zijn benoemd als bestuurslid van ZonMw. Richard Janssen en Marjolein Verstappen hebben per 1 oktober 2018 het ZonMw bestuur verlaten. De bestuursleden zijn benoemd door minister de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en de Raad van Bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).  Moniek Pieters

Pieters studeerde Levensmiddelentechnologie in Wageningen en promoveerde bij de vakgroep Biofarmacie aan de Rijksuniversiteit Leiden. Zij startte in 1993 bij het RIVM als onderzoeker in de risicobeoordeling van stoffen en ontwikkelde zich verder via diverse managementfuncties. In 2006 werd zij benoemd tot directeur Volksgezondheid en Zorg bij het RIVM en was onder andere verantwoordelijk voor de Volksgezondheid Toekomstverkenning (VTV) en de nieuw opgerichte Centra voor Bevolkingsonderzoek en Gezond Leven. Sinds 2013 is Moniek directeur Publieke Gezondheid in Gelderland-Zuid en verantwoordelijk voor de GGD en de GHOR in de regio.

Edwin Maalderink

Maalderink deed zijn studie bedrijfswetenschappen aan de Radboud universiteit in Nijmegen. Edwin Maalderink heeft o.a. gewerkt als financieel directeur bij Radboudumc en Medisch Spectrum Twente. Ook heeft hij bij verschillende zorgorganisaties veranderingstrajecten aangestuurd op het gebied van besturing, bedrijfsvoering en organisatieinrichting. Hij is nu lid van de Raad van Bestuur bij Gelre ziekenhuizen. Edwin neemt van Richard Janssen de portefeuille financiën over.

Dank

We bedanken Richard Janssen en Marjolein Verstappen voor hun jarenlange inzet.

]]>
news-3166 Mon, 29 Oct 2018 13:15:15 +0100 Nieuwe epilepsiemelder herkent overgrote deel van ernstige nachtelijke aanvallen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-epilepsiemelder-herkent-overgrote-deel-van-ernstige-nachtelijke-aanvallen/ Een hightech armband, ontwikkeld door wetenschappers samenwerkend in het Nederlandse ‘Tele-epilepsie Consortium’, ontdekt 85 procent van alle ernstige nachtelijke epilepsieaanvallen. Dat is een veel betere score dan elke andere nu beschikbare technologie. De betrokken onderzoekers denken dan ook dat het aantal onverwachte nachtelijke sterfgevallen bij epilepsiepatiënten kan afnemen dankzij hun armband. Ze publiceren hun resultaten deze week in het wetenschappelijke journal Neurology. SUDEP, sudden unexpected death in epilepsy, is een belangrijke doodsoorzaak bij epilepsiepatiënten. Bij patiënten met een verstandelijke beperking en onbehandelbare epilepsie, zo’n 10.000 van de 120.000 epilepsiepatiënten in Nederland, is de kans zelfs 20 procent dat ze ooit hieraan overlijden. Alhoewel er meerdere technieken zijn om patiënten ’s nachts te monitoren, worden veel aanvallen nu nog over het hoofd gezien.

Onderzoekers van het consortium hebben daarom een armbandje ontwikkeld, dat twee essentiële kenmerken van ernstige aanvallen herkent: een afwijkende hartslag, en schokkende bewegingen van de patiënt. Het armbandje stuurt in die gevallen draadloos een alarmsignaal aan verzorgers of verplegenden.

Nightwatch

Het onderzoeksteam beproefde de armband, met de naam Nightwatch, bij 28 epilepsiepatiënten met een verstandelijke beperking, over gemiddeld 65 nachten per patiënt. De armband mocht alleen een alarmsignaal afgeven bij ernstige aanvallen. De patiënten werden ook gefilmd, om te controleren of er mogelijk aanvallen waren die de Nightwatch over het hoofd zag. Uit die vergelijking blijkt dat het armbandje 85 procent van alle ernstige aanvallen signaleerde, wat een bijzonder hoge score is.

Ter vergelijking werd tegelijkertijd getest met de huidige detectiestandaard, een bedsensor die reageert op trillingen. Deze signaleerde slechts 21 procent van de ernstige aanvallen. Gemiddeld bleef de bedsensor dan ook eens per 4 nachten per patiënt onterecht stil. De Nightwatch daarentegen miste gemiddeld maar eens in de 25 nachten een ernstige aanval per patiënt. Verder bleken de patiënten weinig hinder van de armband te ondervinden en ook het verzorgend personeel was positief over het gebruik ervan.

Deze resultaten laten zien dat de armband goed werkt, vertelt onderzoeksleider prof.dr. Johan Arends, neuroloog bij Kempenhaeghe en hoogleraar aan de TU Eindhoven. De Nightwatch kan nu breed ingezet gaan worden bij volwassenen, zowel in instellingen als in de thuissituatie. Arends verwacht dat het aantal gevallen van SUDEP hierdoor met 2/3 kan afnemen, met de kanttekening dat dit ook afhangt van hoe snel en adequaat zorgverleners of mantelzorgers reageren op de alarmeringen. Bij wereldwijde toepassing kan het tienduizenden levens redden.

Samenwerking

Arends hoopt dat de goede resultaten ertoe leiden dat de Nightwatch wordt opgenomen in het basispakket van de Nederlandse zorgverzekering. In het Tele-epilepsie Consortium werken de volgende partijen samen: Expertisecentrum Kempenhaeghe, Technische Universiteit Eindhoven, Stichting Epilepsie Instellingen Nederland (SEIN), UMC Utrecht, het Epilepsiefonds, patiëntvertegenwoordigers en Livassured. Dit bedrijf is opgericht om de Nightwatch op de markt te brengen en werkt sinds 2014 mee aan het onderzoek.

De Nightwatch is een initiatief van Kempenhaeghe en de TU Eindhoven. Aan de ontwikkeling ervan is een kleine twintig jaar gewerkt. Het principe ervan is gebaseerd op een idee van Johan Arends en enkele collega’s.

Waar de Nightwatch nu nog aparte alarmen genereert op basis van de twee sensoren (hartslagsensor en bewegingssensor), is het Tele-epilepsie Consortium al aan het onderzoeken hoe die twee intelligent samenwerken kunnen om tot nog betere alarmering te komen. Ook werkt het consortium aan verbetering van alarmering op basis van geluid en video, wat in de toekomst gecombineerd kan worden met alarmering via de armband. Verder wil men in de toekomst de interpretatie van de signalen patiëntspecifiek maken.

Bron artikel: TU/e

Meer informatie

Dit project is medegefinancierd door het ZonMw Programma Translationeel onderzoek, de topsector Life Sciences & Health (LSH) en het Epilepsiefonds.

]]>
news-3161 Mon, 29 Oct 2018 11:01:23 +0100 Uitnodiging nominaties voor Willy van Heumenprijs! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/uitnodiging-nominaties-voor-willy-van-heumenprijs/ Het Willy van Heumenfonds gaat in 2019 opnieuw de Willy van Heumenprijs toekennen. De prijs is vastgesteld op € 15.000. In aanmerking komen wetenschappers/onderzoekers die in de afgelopen 2 jaar een afgerond onderzoek hebben gepubliceerd waarmee een substantiële bijdrage is geleverd aan het vervangen, verminderen of verfijnen van dierproeven (3V’S).

Nominaties

Nomineer uzelf of een ander. Heeft u de perfecte kandidaat voor ogen, lever dan vóór 1 februari 2019 uw nominatie via e-mail MKMD@zonmw.nl aan bij het Meer Kennis met Minder Dieren (MKMD) programmateam van ZonMw.

Procedure

Van elke kandidaat ontvangen wij graag een cv van maximaal 2 kantjes A4 plus een motivering van maximaal 350 woorden. De motivering dient te onderbouwen wat de bijdrage of de impact van het gepubliceerde onderzoek is voor de 3V’s. Ook dient de publicatie te worden mee gezonden. Uit alle inzendingen stelt het ZonMw-bureau, samen met de programmacommissie van MKMD, een shortlist van kandidaten op. De wetenschappelijke adviesraad van het Willy van Heumenfonds doet vervolgens een voordracht aan het bestuur van de stichting dat de winnaar aanwijst en deze daarvan schriftelijk op de hoogte stelt. De winnaar wordt in de loop van 2019 bekend gemaakt.

Informatie

]]>
news-3158 Mon, 29 Oct 2018 08:47:00 +0100 Off Road: vijftien innovatieve projecten voor doorbraken in medisch- of gezondheidsonderzoek van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/off-road-vijftien-innovatieve-projecten-voor-doorbraken-in-medisch-of-gezondheidsonderzoek-van-sta/ ZonMw geeft 15 jonge getalenteerde onderzoekers de kans nieuwe inzichten en onverwachte doorbraken in medisch en/of gezondheidsonderzoek te realiseren. Zij mogen 1 tot 1,5 jaar lang hun idee of hypothese verder onderzoeken met hun experimentele project. De projecten dragen bij aan de doelstellingen van het programma Off Road. Gehonoreerde projecten

De gehonoreerde projecten in het programma Off Road lopen uiteen van alternatieve behandeling van schimmelinfecties tot nieuwe therapie voor eczeem, en van herkenning van het gemuteerde eiwit dat verantwoordelijk is voor de ziekte van Huntington tot een ‘barometer’ die mensen kan waarschuwen als ze dreigen weer depressief te worden. Hieronder een overzicht van de 15 projecten.

  • Dr. E. (Eveline) Snelders (Wageningen Universiteit) - Using genetic parasites as an antifungal treatment
  • Dr. J.G.C. (Coen) van Hasselt (Universiteit Leiden) - Collateral sensitivity-based antibiotic dose regimens to treat resistant bacterial infections
  • Dr. P.B. (Puck) van Kasteren (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) - RSV-specific antibodies: good from far, but far from good?
  • Dr. R.J.H. (Rutger) Maas (Radboudumc) - The application of induced pluripotent stem cells to predict return of the same kidney disease after transplantation
  • Dr. E. (Eskeatnaf ) Mulugeta (Erasmus MC) - Multi-omics approach to simultaneously quantify transcripts, proteins, and genome-wide binding sites of proteins in single cells
  • Dr. C. (Catarina ) Osorio (Erasmus MC) - Purkinje cell intrinsic activity in the development of cerebellar microcircuitries and function
  • Dr. Ing E.H.J. (Ellen) van den Bogaard (Radboudumc) - Op de huid gezeten
  • Dr. M.P.C. (Monique) Mulder (Leids Universitair Medisch Centrum) - Deciphering the role of the ubiquitin proteasome system in Huntington Disease
  • Dr. E. (Evelien) Snippe (UMC Groningen) - The depression barometer: foreseeing a relapse before it Happens
  • Dr. M.G. (Govind) Pai (Amsterdam UMC) - Formule 1 therapie: vliegen kankercellen uit de bocht als ze extra gas geven?
  • Dr. V. (Vincent) Portero (Amsterdam UMC) - Nutriphysiology: preventing cardiac arrhythmias and sudden cardiac death through dietary restrictions
  • Dr. E.H.J. (Elke) Krekels (Leiden Academic Centre for Drug Research) - Saving neonates with sepsis: fishing experiments for new therapies!
  • Dr. L. (Laurens) Witter (Vrije Universiteit Amsterdam) - Transfecting single neurons with rabies virus to obtain a detailed description of the rodent and human connectomes
  • Dr. M.J. (Matthijs) Janssen (Rijnstate Ziekenhuis) - Kidney transport proteins – the holy grail of toxin removal
  • Dr. G.J. (Gerbrand) van der Heden van Noort (Leids Universitair Medisch Centrum) - Novel antibiotics to target Legionella pneumophila

Laagdrempelig

Bijzonder aan deze Off Road subsidie is dat het gaat om het onconventionele idee. Er is geen vooronderzoek vereist en eerdere prestaties van de onderzoeker spelen nauwelijks een rol. Uiteraard moet de onderzoeker wel aangeven hoe hij of zij tot het idee is gekomen, wat het doel is en helder beschrijven op welke manier hij of zij het onderzoek opgezet heeft. Het gaat bij Off Road om fundamenteel onderzoek dat aan het begin zit van de ontwikkeling van nieuwe kennis, wat zich buiten de huidige onderzoekslijnen bevindt.

Programmadoel

Doel van het programma Off Road is om jonge onderzoekers uit te dagen nieuwe inzichten en onverwachte doorbraken te bewerkstellingen. We hopen dat enkele van deze experimentele onderzoeken resulteren in baanbrekende ontdekkingen. We begrijpen dat het gaat om risicovol onderzoek waarbij het eindresultaat niet te voorspellen is. Dat is een gegeven bij onderzoek aan de start van de ontwikkeling van nieuwe kennis. ZonMw accepteert dit risico om enerzijds jonge onderzoekers uit te dagen en anderzijds doorbraken mogelijk te maken.

Meer informatie

]]>
news-3155 Fri, 26 Oct 2018 10:07:35 +0200 Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) versterkt onderzoeksprogramma Microplastics & Health https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/ministerie-van-infrastructuur-en-waterstaat-iw-versterkt-onderzoeksprogramma-microplastics-heal/ Het ministerie van I&W levert een financiële bijdrage aan het net opgestarte onderzoeksprogramma Microplastics & Health. Dit programma is geïnitieerd vanuit ZonMw in samenwerking met de Topsector Water, Topsector Life Sciences & Health en het Gieskes-Strijbis Fonds. In dit programma worden projecten gefinancierd naar gezondheidsrisico’s van micro- en nanoplastics. Er is steeds meer bekend over het voorkomen van kleine plastic deeltjes in de oceanen, rivieren, bodem en lucht. De herkomst van deze kleine plastic deeltjes is variabel. Bronnen van kleine plastic deeltjes komen bijvoorbeeld door het verval en verwering van plastic zwerfafval, of door microplastics aan cosmetica toe te voegen, door microvezels die loskomen bij het wassen van synthetische kleding of door slijtage van autobanden. De effecten op het zeeleven (mariene milieu) worden al enigszins duidelijk uit wetenschappelijk onderzoek. Op basis van dit onderzoek worden door wetenschappers zorgen geuit over mogelijke gezondheidseffecten op de mens als micro- en nanoplastics terechtkomen in ons eten, drinken en de lucht.

Doorbraakprojecten

Het ZonMw onderzoeksprogramma Microplastics & Health gaat door middel van het financieren van kortlopende doorbraakprojecten hier meer duidelijkheid over geven. Dit is een nieuw onderzoeksterrein waarin projecten de mogelijk toxische effecten van kleine plastic deeltjes op cel- en orgaanniveau bij mensen bestuderen. Een deel van de kennis die nodig is voor dit nieuwe onderzoeksterrein bevindt zich in het buitenland. Daarom wordt vanuit het subsidieprogramma internationale samenwerking met verschillende disciplines gestimuleerd.

De subsidieoproep is net gesloten en alle aanvragen worden behandeld. Naar verwachting zal begin 2019 door een internationale commissie besloten worden welke projecten gehonoreerd worden. Met de aanvullende bijdrage van het ministerie van I&W kunnen vier extra projecten starten, waardoor er nu maximaal 14 projecten in totaal gefinancierd kunnen worden. De impact van het programma wordt hiermee aanzienlijk vergroot.

Meer informatie:

Programmapagina Microplastics & Health
 

]]>
news-3149 Thu, 25 Oct 2018 11:07:03 +0200 'Open Science' kan impact en waarde gezondheidsonderzoek vergroten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/open-science-kan-impact-en-waarde-gezondheidsonderzoek-vergroten/ Relevantere onderzoeksvragen, meer openheid over onderzoek dat niets oplevert, toegang tot onderzoeksdata, resultaten toegankelijk publiceren, meer betrokkenheid van burgers – dit alles, en meer, is Open Science. Wetenschappers en beleidsmakers spraken erover bij ZonMw tijdens een netwerkbijeenkomst op vrijdag 21 september 2018. 'Er is al veel vooruitgang geboekt, nu wordt het tijd voor vervolgstappen', concludeerde dagvoorzitter Barbara van der Linden van ZonMw.

De drie pijlers van Open Science

Zoals prof. dr. Karel Luyben, nationaal coördinator Open Science, uitlegde tijdens de netwerkbijeenkomst, heeft Open Science drie belangrijke pijlers: Open Access, FAIR data en 'citizen science'. Open Access betekent publiceren in bladen die vrij toegankelijk zijn voor iedereen. Nu zit een aanzienlijk deel van de wetenschappelijke publicaties nog achter een betaalmuur. Voor  universiteiten zijn de abonnementen een enorme kostenpost. Patiënten, maar ook hulpverleners die niet bij een universiteit werken kunnen er niet gratis bij. En dat terwijl het meeste (gezondheids)onderzoek met belastinggeld gedaan wordt. Gelukkig is er een groeiende beweging voor Open Access. ZonMw steunt het Europese Plan S, dat een keiharde deadline stelde: vanaf 1 januari 2020 moeten alle publicaties uit gesubsidieerd onderzoek Open Access zijn.
En dan de data, de ruwe uitkomsten van onderzoek. Vanwege de transparantie, maar ook omdat data vaak opnieuw te gebruiken zijn voor andere studies, moeten zij FAIR worden opgeslagen. De Engelse afkorting staat voor Findable (vindbaar), Accessible (toegankelijk), Interoperable (interoperabel) en Reusable (opnieuw te gebruiken). Bij ZonMw is het allang een beleidspeerpunt, onder de titel Toegang tot Data. En ook de betrokkenheid van burgers en patiënten staat bij ZonMw hoog in het vaandel.

Coalition of the willing

Op de netwerkbijeenkomst bespraken de aanwezigen wat er gedaan kan worden om Open Science verder te helpen. Er zijn bijvoorbeeld in de komende jaren in Europa tienduizenden datamanagers nodig, die in staat zijn om onderzoeksdata FAIR te ontsluiten. Ook moet er nog veel veranderen in de manier waarop wetenschappers geëvalueerd worden. Nu kijkt men nog vrijwel uitsluitend naar publicaties in toptijdschriften van wetenschappelijke uitgevers (die vaak niet Open Access zijn), het is de bedoeling dat in de toekomst ook de maatschappelijke impact wordt meegenomen en dat men meer rekening houdt met het feit dat wetenschap in de 21e eeuw vooral teamwork is. Om de benodigde veranderingen in gang te zetten en de bijbehorende problemen op te lossen is een 'coalition of the willing' nodig. Het enthousiasme op de netwerkbijeenkomst maakte duidelijk dat de aanwezigen daar in elk geval tot die coalitie behoren.

Meer informatie

]]>
news-3138 Tue, 23 Oct 2018 10:00:00 +0200 9 subsidieaanvragen voor wijk-GGD’er https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/9-subsidieaanvragen-voor-wijk-ggder/ Een wijk-GGD’er blijkt in de praktijk een uitstekende verbindingsofficier. Begin oktober hebben 9 gemeenten subsidie aangevraagd voor de invoering van een wijk-GGD’er in hun gemeente. In totaal is voor 20 gemeenten subsidie beschikbaar voor de periode 2018-2019. Ondersteuning door het CCV

Bij een subsidietoekenning ontvangen de gemeenten naast de subsidie ook een ondersteuningstraject van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV). CCV-adviseur Gisèle Bool: ‘We zijn blij dat zoveel gemeenten al in deze subsidieronde mee willen en kunnen doen en een subsidieaanvraag hebben ingediend. We zijn nu druk bezig met de voorbereidingen voor de eerste bijeenkomst op 27 november 2018. Daarin gaan de deelnemende gemeenten nader kennismaken en aan de slag met de handvatten voor monitoren/evalueren.’

Beoordeling

Maar voordat de gemeenten aan de slag kunnen, worden eerst de subsidieaanvragen beoordeeld. Elsemiek Hoogwout, programmasecretaris bij ZonMw vertelt: ‘Voor toekenning moeten gemeenten aan een aantal randvoorwaarden voldoen. Een beoordelingscommissie bekijkt onder meer of er commitment binnen een gemeente is voor een goede verbinding tussen veiligheid en zorg, of doelen SMART-geformuleerd zijn en of ervaringsdeskundigen deelnemen aan de projectgroep. Half november ontvangen de gemeenten bericht of ze subsidie toegekend krijgen.’

Ook aan de slag?

Wilt u in uw gemeente ook een wijk-GGD’er invoeren? In februari en juni 2019 volgen nog 2 instapmomenten om subsidie aan te vragen. In totaal is er subsidie beschikbaar voor 20 gemeenten.

Je begint nooit bij nul 

Beleidsmedewerker Marjolijn Agterberg van de gemeente Veenendaal raadt andere gemeenten van harte een wijkfunctionaris (of wijk-GGD’er) aan. ‘Realiseer je dat je nooit bij nul begint. De functionaris legt vooral betere verbindingen tussen wat er al is. En vult de hiaten die je vervolgens vanzelf tegenkomt.’ Veenendaal voerde vorig jaar de werkwijze met de Wijk-GGD’er in. Meer weten over de aanpak in Veenendaal? Lees het interview met Marjolijn Agterberg en wijkfunctionaris Pieter de Vries.  

Meer informatie

]]>
news-3133 Mon, 22 Oct 2018 10:50:44 +0200 Gezond dieet voor duurzame voeding https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gezond-dieet-voor-duurzame-voeding/ Houdt u zich bezig met voeding en gezondheid? U kunt zich nu inschrijven voor de 5e internationale conferentie van het Joint Programming Initiative ‘A Healthy Diet for a Healthy Life’ (JPI HDHL) dat op 20 februari 2019 in Brussel plaatsvindt. De conferentie staat in het teken van ‘Diet as leverage point towards a healthy and sustainable food system’. Verschillende stakeholders vanuit beleid, onderzoek en industrie op het gebied van voeding en gezondheid zijn welkom om over de stand van zaken van voedingsonderzoek te discussiëren en de blik op de toekomst te richten.

Duurzaam voedselsysteem

Op dit congres komt het vergroten van de impact van onderzoek en innovaties in voeding, gezondheid en fysieke activiteit aan bod. Dat staat in het teken van het tegengaan van voedingsgerelateerde ziekten. Belangrijk hierbij zijn maatschappelijke veranderingen zoals het effect van voedselproductie en consumptie op biodiversiteit en klimaatverandering, en vice versa. Een duurzame en veilige toekomst van ons voedselsysteem is een grote uitdaging. JPI HDHL stelt dat dieet één van de belangrijkste aanknopingspunten is op de weg naar een gezond en duurzaam voedselsysteem.

Nog veel meer op de agenda

Naast een duurzaam voedselsysteem, wordt nog veel meer behandeld tijdens de 5e JPI HDHL conferentie. Zo zal bijvoorbeeld een expert panel ingaan op de vraag waarom voedingsonderzoek relatief weinig subsidie ontvangt, hoe dit verbeterd kan worden en hoe beleid, onderzoek en innovatie beter kunnen samenwerken.

Meer informatie en inschrijven

 

]]>
news-3102 Thu, 18 Oct 2018 16:08:00 +0200 Leefstijl als medicijn https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/leefstijl-als-medicijn/ Naast de toepassing in preventie van aandoeningen, wordt steeds meer duidelijk dat leefstijl ook effectief is als medicijn tegen sommige ziekten zoals diabetes type 2. Het ‘medicijn’ kan bijvoorbeeld zijn: het aanpassen van een eetpatroon of in beweging komen. ZonMw investeert in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) al jaren substantieel in onderzoek naar leefstijl. Inmiddels is ook bekend dat VWS volgend jaar € 1 miljoen extra beschikbaar stelt voor onderzoek naar leefstijlgeneeskunde via het programma Translationeel onderzoek.

Leefstijl bij ZonMw

Veel onderzoek is gericht op preventie bijvoorbeeld over roken, overgewicht en sport en bewegen. Ook is er aandacht voor preventie in de zorg. Op verzoek van VWS heeft ZonMw een Kennissynthese Voeding als behandeling van een (chronische) lichamelijke ziekte (2017) laten uitvoeren.

Translationeel onderzoek

Binnen dit type onderzoek (versnelling van de overgang van de preklinische fase naar vroeg-klinisch onderzoek in de mens) is aandacht voor ‘Personalised Medicine’, duurzame gezondheidszorg en verbetering van kwaliteit van leven. Op deze thema’s verwachten we dat er met gebruik van leefstijlinterventies grote winst behaald kan worden. Onderzoeken als ‘De zoete inval: zijn versuikerde eiwitten in voeding betrokken bij het ontstaan van type 2 diabetes?’ van Prof Schalkwijk (UM) en ‘Innovatieve koude-acclimatisatie therapie voor de behandeling van Type 2Diabetes’ van Prof. Dr. van Marken Lichtenbelt (MUMC) zullen hier een bijdrage aanleveren. Beide projecten worden gezamenlijk gefinancierd door ZonMw en het Diabetesfonds.

Doelmatigheidsonderzoek

Welke behandelwijze geeft het beste resultaat tegen welke kosten? Ook binnen het programma DoelmatigheidsOnderzoek is ruimte voor onderzoek op het terrein van zorggerelateerde preventie. Dit gaat over onderzoek naar zorg die op weg is naar het verzekerde pakket (ZvW en WLZ). Een voorwaarde voor dit onderzoek is dat het een interventie betreft die uitontwikkeld is. Het gaat hier bijvoorbeeld over ‘lopen als medicijn’ bij etalagebenen.

Meer informatie

]]>
news-3125 Thu, 18 Oct 2018 12:01:23 +0200 Multidisciplinair onderzoek nodig voor beheersing gevolgen klimaatverandering https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/multidisciplinair-onderzoek-nodig-voor-beheersing-gevolgen-klimaatverandering/ Klimaatverandering heeft op veel verschillende terreinen gevolgen voor onze samenleving: van landbouw tot gezondheid, van watervoorziening en -veiligheid tot migratie en openbaar bestuur. Het veranderende klimaat betekent ook voor de wetenschap een grote uitdaging, waarbij onderlinge samenhang en samenwerking van partijen binnen en buiten de wetenschap essentieel is. Dat bleek tijdens de Climate Challenge Workshop van NWO en ZonMw op woensdag 10 oktober, waarbij wetenschappers en beleidsmakers uit verschillende vakgebieden met elkaar in gesprek gingen over deze grote uitdagingen voor de toekomst.

Urgentie van aandacht voor klimaat

Toevallig bleek de conferentie gepland in de week waarin de Verenigde Naties het nieuwste IPCC-rapport over klimaatverandering publiceerden, waarin de Nederlandse rechter oordeelde dat de overheid meer moet doen om klimaatverandering terug te dringen en waarin de Nobelprijs voor de economie onder meer werd toegekend aan prof. dr. William Nordhaus, die economische modellen voor oorzaken en aanpak van klimaatverandering ontwikkelde. Het belang en de urgentie van het klimaat stonden dan ook niet ter discussie.

Samenwerken over de grenzen van disciplines

NWO-voorzitter prof. dr. Stan Gielen besprak in zijn openingswoord het belang van samenhang. De aanpak van klimaatverandering en de gevolgen ervan is niet een kwestie van een NWO en ZonMw-subsidie meer of minder, maar vraagt om brede aandacht van vrijwel alle wetenschapsgebieden. Universiteiten en andere kennisinstellingen, overheden en bedrijven moeten volgens hem over de grenzen van disciplines heen gaan samenwerken. Ook voor de financiering is volgens Stan Gielen de inbreng van diverse partijen nodig. De Nederlandse Klimaatgezant Marcel Beukeboom verzekerde de aanwezigen dat er inmiddels goed geluisterd wordt naar de aanbevelingen van wetenschappers en waarschuwde voor de gevaren van verkokering. Hij verwees ook naar de Sustainable Development Goals en de inspanningen die hiervoor in Nederland en in mondiaal perspectief voor nodig zijn.

Creatieve oplossingen nodig

De nadruk van de workshop lag op het uitwisselen van ideeën, aan de hand van een aantal thema's. In deze levendige discussies werd duidelijk hoe complex het probleem is maar ook hoe vergelijkbaar processen, oplossingen en effecten daarvan in verschillende gebieden zoals Spitsbergen en Afrika kunnen zijn. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat steden vergroenen, maar daardoor kan wel de kans op allergieën (bijvoorbeeld hooikoorts) groter worden. De vertaalslag van wetenschap naar beleid van landelijke en lokale overheden vraagt om creatieve oplossingen. En op veel terreinen zijn er nog onvoldoende betrouwbare gegevens, bijvoorbeeld over zeespiegelstijging, de effecten van hittestress op de volksgezondheid en de gevolgen van extreme weersomstandigheden. Kortom, het veranderende klimaat betekent ook voor de wetenschap een grote uitdaging, waarbij onderlinge samenhang en samenwerking van partijen binnen en buiten de wetenschap essentieel is.

(bron: NWO)

]]>
news-3122 Wed, 17 Oct 2018 15:25:02 +0200 39 innovatieve ideeën strijden om Nationale Sportinnovator Prijs 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/39-innovatieve-ideeen-strijden-om-nationale-sportinnovator-prijs-2018/ De deadline van 4 oktober van de Nationale Sportinnovator Prijs 2018 is inmiddels verstreken. 39 innovatieve ideeën in de sport werden ingediend bij ZonMw. Nu buigt een jury zich over deze bijna 40 aanvragen. De jury bestaat uit vertegenwoordigers uit de sport, het bedrijfsleven en de wetenschap. De NSP 2018 heeft als thema ‘Mind Your Fitness’. Inzicht in de relatie tussen mentale aspecten en sportprestaties is nodig om topsporters optimaal te ondersteunen en om mensen voldoende en met plezier (blijvend) te laten bewegen. Welke innovaties helpen topsporters om beter om te gaan met mentale aspecten als stress en teleurstelling, het behoud van concentratie en het omgaan met blessures? Welke innovaties zorgen ervoor dat mensen bewust en onbewust verleid worden tot meer bewegen en vergroten de motivatie? De beste innovaties ontvangen de Nationale Sportinnovator Prijs 2018.

De verscheidenheid van de aanvragen is groot. Sommige innovaties richten zich op kinderen, anderen helpen juist ouderen in beweging te krijgen. Er zijn innovaties die de topsporter bedienen, maar ook ideeën om de breedtesporter of de motorische beperkte sporter meer aan het bewegen te krijgen. Sommigen aanvragen bedienen zich van Virtual Reality, andere hebben een meer analoge aanpak. ‘Motivatie’, ‘mentale weerbaarheid’ en ‘preventie’ zijn woorden die vaak terugkomen in de aanvragen. 

Voor de Nationale Sportinnovator Prijs 2018 is in totaal €250.000 beschikbaar. Per innovatie wordt maximaal €50.000 toegekend. Deze bedragen worden ter beschikking gesteld om de innovatie verder uit te werken tot een werkend en getest prototype, proces of werkwijze, of om deze op te schalen. In totaal vroegen de indieners van de innovatie ideeën ruim €1,76 miljoen aan.

Op 4 december worden de winnaars bekend gemaakt.

Sportinnovator

Het doel van Sportinnovator is het rendement van kennis en innovatie in de sport te vergroten, niet alleen voor de sport maar ook voor de wetenschap, economie en maatschappij. Zo wordt een bijdrage geleverd aan meer en betere prestaties in de topsport, een hogere sportdeelname en een actieve leefstijl. Om innovaties in de sport te stimuleren organiseert ZonMw, in opdracht van het Topteam Sport, jaarlijks de Nationale Sportinnovator Prijs. Kijk voor meer informatie op de pagina subsidies van Sportinnovator.

]]>
news-3143 Wed, 17 Oct 2018 11:21:00 +0200 Subsidieoproep Evaluatie cursus Mental Health First Aid https://www.zonmw.nl/nl/subsidies/openstaande-subsidieoproepen/detail/item/evaluatie-cursus-mental-health-first-aid/ U kunt subsidie aanvragen voor de evaluatie van de cursus Mental Health First Aid (MHFA) om meer inzicht te verkrijgen in de succesfactoren, faalfactoren en de ervaren effecten van MHFA. news-3142 Wed, 17 Oct 2018 11:18:00 +0200 Subsidieoproep Evaluatie en doorontwikkeling Crisiskaart/Hulpkaart https://www.zonmw.nl/nl/subsidies/openstaande-subsidieoproepen/detail/item/evaluatie-en-doorontwikkeling-crisiskaarthulpkaart/ Kennisinstellingen kunnen samen met een organisatie voor de doorontwikkeling van de Hulpkaart subsidie aanvragen voor de evaluatie van de Crisiskaart/Hulpkaart én de doorontwikkeling van de Hulpkaart. Beide onderdelen moeten dus in de subsidieaanvraag worden uitgewerkt. news-2789 Wed, 17 Oct 2018 09:15:00 +0200 Extra verspreidingsimpuls resultaten sportonderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/extra-verspreidingsimpuls-resultaten-sportonderzoek/ Binnen het Onderzoeksprogramma Sport zijn 25 onderzoeksprojecten onlangs afgerond of lopen op dit moment ten einde. Hieruit zijn prachtige resultaten voortgekomen. Ook bij het Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderwijs SIA zijn mooie resultaten behaald met sportonderzoek. Hoe zorgen we ervoor dat deze resultaten nog beter beschikbaar zijn voor de eindgebruikers? 22 projecten ontvingen hiervoor een extra impuls om hun resultaten te verspreiden en borgen. Projectleiders van de (bijna) afgeronde projecten van het Onderzoeksprogramma Sport 2013-2016 en van sportprojecten gefinancierd door SIA konden een aanvraag indienen voor een extra verspreidingsimpuls, een zogenaamd Verspreidings- en implementatie-impuls (VIMP). Het doel van deze extra impuls is het beter beschikbaar maken van de ontwikkelde kennis en innovaties voor de eindgebruikers. Denk bijvoorbeeld aan (top)sporters, patiënten en beleidsmakers. Tijdens de uitvoer van de projecten is ook al ingezet op kennisverspreiding. Met deze impuls krijgen de projecten een extra zetje om onderzoeksresultaten naar de praktijk te brengen. 17 projecten maken hier gebruik van.

Filmpjes

De andere 5 projecten kozen ervoor om hun resultaten vast te laten leggen met een filmpje. Deze filmpjes worden gebruikt om de resultaten van het onderzoek verder te verspreiden. Nieuwsgierig? Eind november verschijnen de filmpjes op onze website!

Enkele voorbeelden

Het project ‘Park-in-shape’ onderzocht de effecten van thuis sporten voor mensen met Parkinson. Met de extra impuls wordt een event georganiseerd voor parkinsonpatiënten en mensen uit hun omgeving. Doel hiervan is de resultaten met de patiënten te delen. Ook is er een interactief gedeelte waar parkinsonpatiënten kennis kunnen maken met verschillende sportmogelijkheden.
Een ander voorbeeld is het door SIA gefinancierde project ‘Performing Artist Health Monitor (PAHM)’, een online systeem waarmee dansers hun fysieke en mentale gezondheid monitoren. Met de extra impuls start een pilot bij Het Nationale Ballet. Daarnaast wordt de kennis uit de wetenschappelijke artikelen met infographics beter toegankelijk gemaakt voor dansers, medische staf en artistieke leiding.

Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen

Het budget voor deze verspreidingsimpuls en de filmpjes is beschikbaar gesteld vanuit het Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen 2017-2020. Een van de speerpunten van dit programma is om de resultaten van afgerond sport- en beweegonderzoek goed te verspreiden en in te voeren in de praktijk.
Financiers zijn het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), het Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA en NOC*NSF.

Meer informatie

]]>
news-3107 Mon, 15 Oct 2018 08:57:27 +0200 Gewijzigde koers NWO voor ERA-netten en JPIs https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gewijzigde-koers-nwo-voor-era-netten-en-jpis/ NWO zal met eigen middelen geen nieuwe financiële verplichtingen aangaan wat betreft gezamenlijke calls via ERA-netten en JPIs. De voornaamste reden is dat NWO in haar nieuwe strategisch plan (2019-2022) inzet op nieuwe vormen van internationale samenwerking. NWO zal bijvoorbeeld via het principe van Money Follows Cooperation de grenzen wegnemen en bottom-up internationale samenwerking faciliteren in al het door de tweede geldstroom gefinancierde onderzoek. NWO is in gesprek met andere financiers om dit principe wederzijds toe te passen.

NWO blijft uiteraard wel samenwerken met zusterorganisaties in de relevante internationale netwerken van onderzoeksfinanciers. Ook kan NWO in opdracht van bijvoorbeeld ministeries programma’s in internationaal verband uitvoeren. Overigens zal NWO in de komende tijd wél met eigen middelen participeren in de diverse transnationale calls in ERA-netten en JPI’s waarvoor NWO reeds eerder toezeggingen heeft gedaan aan samenwerkende partners in Nederland en zusterorganisaties.

ZonMw

ZonMw blijft wel ERA-netten en JPIs financieren. Alle vier gezondheid gerelateerde JPIs en veel van de ERA-netten die ZonMw uitvoert worden gefinancierd in opdracht van het ministerie van VWS en soms in combinatie met een ander ministerie, zoals LNV, EZK en SZW of andere partijen zoals de gezondheidsfondsen. Voor deze JPIs en voor (toekomstige) ERA-netten die linken aan onderwerpen waarbij ZonMw een (opdracht)relatie heeft met een ministerie verandert er daarom niets.

Meer informatie

]]>
news-3104 Fri, 12 Oct 2018 11:31:24 +0200 Miniscule vuurtoren brengt niertumor in beeld https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/miniscule-vuurtoren-brengt-niertumor-in-beeld/ Regelmatig worden kleine niertumoren operatief verwijderd, terwijl achteraf blijkt dat ze goedaardig zijn. Met een nieuwe techniek, gebaseerd op laserlicht, is het mogelijk dat onderscheid direct te maken. Ook bij sommige andere tumorsoorten lijkt dit een adequate vorm van diagnostiek. Steeds vaker worden kleine niertumoren bij toeval ontdekt tijdens een CT- of MRI-scan van de buik. De vraag is dan of zo’n tumor goed- of kwaadaardig is, om te weten of een operatie of bevriezing via cryoablatie noodzakelijk is. De bestaande diagnostiek is echter niet afdoende, vertelt Martijn de Bruin. Hij werkt als onderzoeker op de afdelingen urologie en Biomecial Engineering and Physics van het Amsterdam UMC. `Met een lange naald wordt dan een stukje weefsel uit de tumor gehaald voor analyse door de patholoog. Maar als je tijdens het nemen van zo’n biopt de tumor mist of in het centrum raakt, waarbij je voornamelijk met dode cellen te maken hebt, dan weet je nog steeds niet wat voor soort tumor het is. Dit komt toch in 20 procent van de gevallen voor.’

OCT

De Bruin heeft samen met collega’s een nieuwe techniek ontwikkeld, die direct uitsluitsel geeft zonder tussenkomst van een patholoog. Dit werd mede mogelijk gemaakt door subsidie van ZonMw vanuit het Programma Translationeel Onderzoek. De techniek is gebaseerd op de zogenaamde Optische Coherentie Tomografie (OCT), legt De Bruin uit. `De patiënt moet op zijn of haar zij liggen, zodat de nier tegen de onderkant van de huid wordt gedrukt. De interventieradioloog en de uroloog brengen dan onder geleiding van echo een holle naald in de tumor. Door die naald voeren ze een optische fiber in, die beelden maakt van de tumor. Blijkt deze kwaadaardig, dan kan in de toekomst via andere naalden de tumor meteen worden bevroren.’

De Amsterdamse onderzoeker vergelijkt de fiber met een vuurtoren. Op de tip zit een spiegeltje dat het laserlicht in een hoek van 90 graden afbuigt. Doordat de fiber 1600 omwentelingen per minuut maakt en gecontroleerd met een motortje 10 millimeter per seconde naar buiten wordt getrokken, ontstaat er een 3D-afbeelding van het omliggende weefsel. De Bruin: `We gebruiken infrarood laserlicht. Dat dringt een beetje het weefsel in. Natuurlijk wil je ook weten waar de reflectie vandaan komt. Vanwege de hoge snelheid van licht kun je geen tijdsmetingen doen zoals bij echogeluid. Daarom splitsen we het laserlicht in twee bundels: een reflecteert via het spiegeltje en de andere vanuit het weefsel. Door het verschil in reflectie te meten, kunnen we de diepte bepalen.’

Chaotische reflectie

Het mooie van laserlicht is volgens De Bruin dat het niet alleen een beeld geeft van het tumorweefsel, maar ook of het goed- of kwaadaardig is. `Bij gezond weefsel kaatst het licht in een regelmatig patroon terug. Kankercellen hebben veel meer celkernen en organellen omdat ze veel actiever zijn. Die onderdelen verstrooien het licht in een chaotische structuur.’ Door nog meer patiënten te onderzoeken, wil De Bruin kijken of het mogelijk is te bepalen hoe agressief een tumor is, wat belangrijk is voor het bepalen van de behandeling. `Bovendien kijken we of we OCT kunnen inzetten bij prostaat- en longkanker. Normaal moet je bij deze tumoren eveneens biopten nemen. Het zou natuurlijk fantastisch zijn als je ook hierbij op een veel minder invasieve en effectievere manier een diagnose kunt stellen.’

Tekst: John Ekkelboom

Meer informatie

  • ZonMw, SGF en de gezondheidfondsen vinden dat translationeel onderzoek noodzakelijk is om veelbelovende behandelmethoden bij de patiënt te krijgen. Door de krachten te bundelen kunnen beschikbare middelen efficiënter worden ingezet. Dit project is medegefinancierd door het KWF.
  • ZonMw thema Translationeel onderzoek
  • ZonMw Programma Translationeel Onderzoek

 

 

]]>
news-3103 Thu, 11 Oct 2018 15:49:45 +0200 Binnenkort nieuwe subsidieronde Sport en Bewegen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/binnenkort-nieuwe-subsidieronde-sport-en-bewegen/ In november opent de subsidieronde Sport en Bewegen 2018. Dit is de tweede subsidieronde van het Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen. In deze ronde staat samenwerking tussen onderzoek en praktijk centraal. Alvast een tipje van de sluier: in totaal is 4.500.000 euro voor deze subsidieronde beschikbaar. Het aan te vragen bedrag per project is maximaal 750.000 euro. Daarnaast is het van belang om grote multidisciplinaire samenwerkingsverbanden te vormen en moet cofinanciering van ministens 30% gerealiseerd worden. De duur van de onderzoeksprojecten is 4 jaar.
Op de volgende thema’s kunt u voorstellen indienen:

  • Beter presteren
  • Een leven lang bewegen
  • De waarde(n) van sport
  • Data science in relatie tot sport- en beweegonderzoek

De exacte voorwaarden leest u t.z.t. in de subsidieoproep.

Bekendmaking

Naar verwachting opent de subsidieronde in de eerste helft van november. We maken dat bekend op www.zonmw.nl en via social media. Dus, houd de website in de gaten.
Heeft u voor die tijd vragen, stel ze dan gerust via sportonderzoek@zonmw.nl.

Informatiebijeenkomst

Kort na opening van de oproep organiseren we een informatiebijeenkomst voor u. Daar krijgt u informatie over de oproep met de voorwaarden en de criteria en is er gelegenheid tot het stellen van vragen. De bijeenkomst vindt plaats bij ZonMw in Den Haag (Laan van Nieuw Oost-Indië 334).  Houd de agenda van ZonMw in de gaten voor de exacte datum of stuur bij interesse een e-mail naar sportonderzoek@zonmw.nl met het onderwerp ‘Belangstelling informatiebijeenkomst’.

Meer informatie

 

]]>
news-3099 Thu, 11 Oct 2018 07:00:00 +0200 Gemeenten en zorgverzekeraars werken samen aan integraal zorg- en ondersteuningsaanbod https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gemeenten-en-zorgverzekeraars-werken-samen-aan-integraal-zorg-en-ondersteuningsaanbod/ Omdat de ondersteuning en zorg voor mensen met verward gedrag zowel door gemeenten als zorgverzekeraars gefinancierd wordt, is samenwerking tussen beide partijen van cruciaal belang. In september zijn 2 nieuwe projecten gestart waarin gemeenten, zorgverzekeraars en zorgaanbieders samenwerken aan een integraal zorg- en ondersteuningsaanbod. Wie volgt? Gebiedsteams in Utrecht

Het organiseren van gelijktijdige zorg en ondersteuning is niet altijd eenvoudig. In Utrecht (stad) is in proeftuinen reeds ervaring op gedaan met een integrale werkwijze. De ervaringen die hiermee zijn opgedaan, zijn positief. De ZonMw-subsidie wordt ingezet om in Utrecht de gebiedsteams die integrale zorg bieden, door te ontwikkelen. In een interview vertellen Marga Vink (gemeente Utrecht) en Peter van Zuidam (Zilveren Kruis) hoe zij dit hebben aangepakt.

Digitaal communicatieplatform

In Apeldoorn wordt gewerkt aan een digitaal communicatieplatform voor de cliënt, naasten/mantelzorgers, betrokken zorgprofessionals, professionals in het sociaal domein en eventuele ervaringsdeskundigen. Met dit platform wordt meer structuur gegeven aan het samenspel van betrokkenen rondom een persoon met verward gedrag. Voor dit platform zijn afspraken gemaakt met de zorgverzekeraar.

Ook aan de slag?

Wilt u ook aan de slag met een integraal aanbod van zorg en begeleiding voor mensen met verward gedrag? Vraag dan voor 18 december 2018, 14.00 uur subsidie aan.

Meer informatie

]]>
news-3096 Wed, 10 Oct 2018 11:50:13 +0200 12 oktober: Wereldreumadag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/12-oktober-wereldreumadag/ Op 12 oktober is het Wereldreumadag. In Nederland hebben ruim 2 miljoen mensen een vorm van reuma. Reumapatiënten willen volwaardig meedoen in de maatschappij, maar de omgeving heeft niet altijd door welke extra inspanning zij hiervoor moeten leveren. We zetten ons in voor betere geneesmiddelen en behandelingen voor mensen met reuma en dat doen we door onderzoek te faciliteren. Op onze speciale pagina rondom reuma zijn deze projecten verzameld en beschreven.
> Naar de Reumapagina

]]>
news-3083 Thu, 04 Oct 2018 17:52:23 +0200 Mediator 31: ‘Medicijnteksten zijn complexer dan we denken’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/mediator-31-medicijnteksten-zijn-complexer-dan-we-denken/ Ogenschijnlijk eenduidige medicijnteksten als ‘2x daags 2 capsules’ zijn voor veel mensen lastig te begrijpen. Sander Borgsteede en Ekram Maghroudi van Health Base ontdekten hoe het beter kan. Naast dit projectresultaat staat deze editie weer vol met interessante artikelen over uiteenlopende onderwerpen.

  • Twan de Vries ontwikkelde een manier om hartspiercellen te vermenigvuldigen. Zijn vinding kan het aantal benodigde proefdieren sterk verminderen.
  • De Nederlandse eicelbanken werken op ethisch verantwoorde manier, blijkt uit onderzoek. Zorgen over onvrijwillige donatie lijken onnodig.
  • Een plek om jezelf te zijn met dementie: ontmoetingscentra maken internationaal furore
  • Effectieve preventie vergt oog voor man-vrouwverschillen in lichaam, drijfveren en leefpatronen
  • Kankermedicijn pas inschakelen in de tumor: aangepaste bacterie maakt geneesmiddel ter plaatse actief
  • De ‘gecombineerde leefstijlinterventie’ komt in 2019 in de zorgverzekering. Terecht, vinden deskundigen Ien van de Goor en Stef Kremers.
  • Veel wetenschappers werken enige tijd in den vreemde. Wat valt ze daar op? Deze keer: Kroatische Helena Kosec, sociaal wetenschapper bij Pharos.
  • Open Access, ofwel vrije toegang tot wetenschappelijke kennis, roept nieuwe vragen op. Daarop moet snel antwoord komen, stelt Eduard Klasen in zijn column.

Gratis abonnement
Naast de achtergrondartikelen staat in elke editie van Mediator een selectie van afgeronde projecten.  Het abonnement van de digitale Mediator is gratis. Op de abonneerpagina vult u uw e-mailadres in en vinkt u Mediator aan. Bij elke nieuwe editie ontvangt u een attendering.

Meer informatie

]]>
news-3062 Thu, 04 Oct 2018 15:00:00 +0200 Vooraankondiging subsidieronde langlopend ggz-onderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/vooraankondiging-subsidieronde-langlopend-ggz-onderzoek/ In het Hoofdlijnenakkoord Geestelijke Gezondheidszorg is aangekondigd dat het Onderzoeksprogramma GGz naar verwachting voor de periode 2019-2022 wordt voortgezet. Daarom publiceert het onderzoeksprogramma in november 2018 een subsidieoproep voor langlopend ggz-onderzoek onder voorbehoud van financiering. Onderzoekers en professionals kunnen financiering aanvragen voor langlopend cohortonderzoek (naar verwachting 6-8 jaar) gericht op vroege herkenning en behandeling en gepersonaliseerde zorg in de ggz. In totaal wordt naar verwachting € 6 miljoen beschikbaar gesteld voor deze subsidieoproep, waarmee ongeveer 4 onderzoeksprojecten van € 1,5 miljoen worden gefinancierd.

Inhoudelijke prioriteiten

U kunt subsidie aanvragen voor longitudinaal cohortonderzoek naar vroege herkenning en behandeling en gepersonaliseerde zorg in de ggz. Hierbij kan gedacht worden aan het gunstig beïnvloeden van het ziektebeloop, goed kunnen leven met psychische problemen, herstel en terugvalpreventie. Uit de subsidieaanvraag moet duidelijk worden dat voor het beantwoorden van de vraag langlopend cohortonderzoek de beste methode is.

De veldpartijen betrokken bij het Hoofdlijnenakkoord Geestelijke Gezondheidszorg zijn verzocht mogelijke prioriteiten aan te dragen voor aankomende subsidieoproepen. Deze prioriteiten worden wellicht ook verwerkt in de subsidieoproep voor langlopend onderzoek.

Onder voorbehoud van financiering

De subsidieoproep wordt – onder voorbehoud van de toezegging van de financiering – in november 2018 gepubliceerd op de website van ZonMw. De deadline voor het indienen van projectideeën is 10 januari 2019, 14.00 uur. De projecten kunnen, in geval van honorering, eind 2019 van start.

Meer informatie

Binnenkort volgt meer informatie over het vervolg van het Onderzoeksprogramma GGz. Heeft u vragen over dit bericht dan kunt u contact opnemen met het secretariaat van het Onderzoeksprogramma GGz via ggz@zonmw.nl of 070 349 52 79.

Blijf op de hoogte

Wilt u op de hoogte blijven van deze subsidieoproep en andere ontwikkelingen? Meld u dan aan voor de nieuwsbrief geestelijke gezondheid en volg ons op LinkedIn. Of kijk op www.zonmw.nl/opggz.

]]>
news-3077 Thu, 04 Oct 2018 11:29:00 +0200 Tweede subsidieronde Actieonderzoek Innovatieve Zorg opengesteld https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tweede-subsidieronde-actieonderzoek-innovatieve-zorg-opengesteld/ Vandaag is de oproep voor de tweede subsidieronde van het programma Kwaliteit van Zorg: Actieonderzoek Innovatieve Zorg opengesteld. Net zoals bij de eerste oproep wordt in het programma naar oplossingen gezocht voor uitdagingen op het gebied van de organisatie van zorg. Doel is dat innovaties beter aansluiten bij de behoeften van de patiënt en professional in de zorg, waardoor de kwaliteit van de zorg verbetert. Wie kan aanvragen?

De hoofdaanvrager is verbonden aan een zorgorganisatie, waarin innovatieve processen van zorg reeds plaatsvinden (bijvoorbeeld in de vorm van pilots). De bestuursverantwoordelijke ondersteunt de aanvraag.

Verder zijn er naast de hoofdaanvrager andere relevante stakeholders medeaanvrager. Deze zijn betrokken bij de zorginnovatie en werkzaam buiten de organisatie van de hoofdaanvrager. Daarbij valt te denken aan zorgaanbieders, patiënten die direct met de zorg te maken hebben, onderzoekers van een kennisinstelling of zorgverzekeraars vanwege bekostigingsvraagstukken.

Wat zijn de voorwaarden?

Voor deze ronde is in totaal € 900.000 beschikbaar, voor 3 tot 5 projecten. De looptijd van het project is maximaal 18 maanden.

Voor de voorwaarden wordt u verwezen naar de oproep in de subsidiekalender.

Hoe kan subsidie aangevraagd worden?

Tot uiterlijk 15 november 2018 voor 14.00 uur kunt u een projectidee indienen. Bij een positieve beoordeling van de programmacommissie nodigt ZonMw u uit om een gedetailleerde subsidieaanvraag op te stellen en in te dienen. De deadline voor het indienen van een uitgewerkte subsidieaanvraag is 2 april 2019 om 14:00 uur. De volledige subsidieoproep en criteria leest u in de subsidiekalender van ZonMw.

Meer weten?

]]>
news-3073 Wed, 03 Oct 2018 08:43:26 +0200 ZonMw Open Competitie: TOP-subsidies met optionele investeringsmodule https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-open-competitie-top-subsidies-met-optionele-investeringsmodule/ Begin 2019 start de ZonMw Open Competitie. Dit nieuwe financieringsinstrument vervangt de TOP-subsidies en Investeringen Middelgroot, in lijn met de door NWO breed ingezette harmonisatie en vereenvoudiging van financieringsinstrumenten. Het oogmerk is ruimte te creëren voor innovatieve (grensverleggende) wetenschap van excellente kwaliteit in combinatie met investeringen in middelgrote wetenschappelijke infrastructuur en apparatuur.

Beschikbaar budget

De maximaal aan te vragen subsidie is € 750.000 plus een optionele extra investeringsmodule van € 100.000 – 250.000. Het budget voor de subsidieronde in 2019 is € 9.200.000.

Doel ZonMw Open Competitie

Met een subsidie van € 750.000 kunnen excellente onderzoeksgroepen hun onderzoekslijnen vernieuwen voor wat betreft inhoud én samenwerking. Het oogmerk is ruimte creëren voor een vernieuwende samenwerking die leidt tot innovatieve (grensverleggende) wetenschap van uitzonderlijke kwaliteit op het terrein van gezondheidsonderzoek.

Modulaire opbouw

De ZonMw Open Competitie bestaat uit aan te vragen financiële modules. Modules zijn bijvoorbeeld Personeel, Materieel krediet, Investeringen en mogelijk ook Internationalisering.

Investeringsmodule

In de ZonMw Open Competitie is een extra subsidie mogelijk voor het aanvragen van middelgrote infrastructuur via de investeringsmodule. De Investeringssubsidie bedraagt minimaal € 100.000 en maximaal € 250.000, voor financiering van een investering zoals apparatuur. Matching van de eventuele extra investering is verplicht.

Meer informatie

De voorbereiding van de subsidieronde van 2019 is in volle gang. Het streven is de subsidieoproep in januari 2019 open te stellen voor het indienen van een projectidee. Mocht u toch al vragen hebben, neemt u dan contact op met Peter Arentsen, per e-mail opencompetitie@zonmw.nl of telefonisch 070 349 52 88.

]]>
news-3064 Tue, 02 Oct 2018 08:53:46 +0200 Nieuwe test spoort ziekmakende darmbacteriën razendsnel op https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-test-spoort-ziekmakende-darmbacterien-razendsnel-op/ Een nieuwe non-invasieve test, ontwikkeld door Nederlandse onderzoekers, kan binnen vijf uur de samenstelling van de gehele darmflora in kaart brengen. Daarmee wordt het mogelijk iedere patiënt met een inflammatoire darmziekte persoonsgericht te behandelen en het effect ervan in de tijd te volgen. Patiënten met de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa hebben een genetische aanleg voor deze veelvoorkomende inflammatoire darmziekten. Waardoor zo’n ziekte wordt uitgelokt, is nog steeds niet bekend, vertelt Paul Savelkoul. Hij is hoogleraar medische microbiologie aan zowel de Universiteit Maastricht als het VU medisch centrum. `Wat wel duidelijk is, is dat bij een opflakkering van de ziekte bacteriën een essentiële rol spelen. De darmflora raakt dan helemaal van slag. Bepaalde bacteriën krijgen de overhand, waardoor er een ontsteking ontstaat in de darmwand. Die ontsteking wordt dan bijvoorbeeld bestreden met antibiotica. In ernstige gevallen is het zelfs noodzakelijk een stuk darmwand operatief te verwijderen.’

Lengte DNA-fragment

Groot probleem volgens Savelkoul is dat er nooit adequate microbiologische diagnostiek voorhanden is geweest om inzicht te krijgen in die ontspoorde darmflora. `Microbiologische diagnostiek, zoals bij veel andere infecties gebeurt, is voor de darmflora niet mogelijk. Van veel darmbacteriën weten we niet eens hoe we die moeten kweken. We zijn daarom op zoek gegaan naar een effectievere vorm van DNA-diagnostiek.’ Eind jaren negentig van de vorige eeuw leidde deze speurtocht naar een interessante ontdekking. Het viel de hoogleraar op dat de lengte van een bepaald stukje DNA in het genoom van bacteriën bij iedere soort verschillend is. Dat maakte de weg open om aan de hand van die DNA-stukjes bacteriën te identificeren.

Mede dankzij subsidie vanuit het Programma Translationeel Onderzoek van ZonMw hebben Savelkoul en zijn collega medisch microbioloog Dries Budding op basis van die vondst de zogenaamde ISpro-test ontwikkeld. Hierbij worden via PCR – polymerasekettingreactie – specifiek de DNA-fragmenten, die zo kenmerkend zijn voor iedere bacteriesoort, vermenigvuldigd. Daarna is het mogelijk die stukjes te analyseren. Savelkoul: `Zo kunnen we alle darmbacteriën van een patiënt via lengtescheiding identificeren. Binnen vijf uur weet je welke bacteriën in het darmmonster aanwezig zijn. De piekjes op het beeldscherm geven tevens de relatieve hoeveelheden ervan aan. Hoe hoger een piek, hoe meer van die soort in de darmen zit.’

Open systeem

Met deze test, die nu verder wordt geperfectioneerd en waarschijnlijk binnen enkele jaren beschikbaar komt voor de kliniek, is het volgens Savelkoul mogelijk alle ongeveer duizend bekende darmbacteriesoorten tegelijkertijd in beeld te brengen. `Deze test is uniek in de wereld. Het bijzondere is dat het een open systeem is. We vinden zo ook soorten die we nog niet kennen omdat we ze niet kunnen kweken.’ Voor de patiënt zijn er grote voordelen, vervolgt de onderzoeker. `Het is niet meer nodig om een stukje darmweefsel af te nemen. Een beetje ontlasting is voldoende. Tijdens controles kun je bij iedere patiënt de ideale individuele darmflora bepalen op het moment dat de ziekte rustig is. Dreigt de ontsteking op te flakkeren, dan kun je vroegtijdig ingrijpen en kijken of een gerichte behandeling aanslaat en de ideale darmflora terugkeert.’

tekst: John Ekkelboom

Meer informatie

 

]]>
news-3051 Thu, 27 Sep 2018 11:31:00 +0200 ZonMw-bestuur en programmacommissie bedanken het Schakelteam Personen met Verward Gedrag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-bestuur-en-programmacommissie-bedanken-het-schakelteam-personen-met-verward-gedrag/ Het schakelteam heeft samen met het kernteam landelijk veel in beweging gebracht en opmerkelijke resultaten behaald. Dankzij hun inzet is in gemeenten en regio’s vooruitgang geboekt in het realiseren van een goed werkende aanpak. Actieprogramma blijft zich inzetten

De komende 2 jaar blijft het actieprogramma blijft zich inzetten voor hetzelfde doel. Dit doen we door het openstellen van nieuwe subsidierondes voor regionale praktijkprojecten, een inclusieve samenleving en kennisontwikkeling. Daarnaast worden goede voorbeelden van interventies en aanpakken verspreid en onderbouwd met onderzoek.

Informatieplein

Wilt u weten welke subsidiemogelijkheid past bij uw project voor betere hulp aan mensen met verward gedrag en hun omgeving? Kom dan naar ons informatieplein op 4 oktober. 

Meer informatie

]]>
news-3043 Wed, 26 Sep 2018 16:00:00 +0200 DoelmatigheidsOnderzoek leidt tot betere en betaalbare zorg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/doelmatigheidsonderzoek-leidt-tot-betere-en-betaalbare-zorg/ ZonMw directeur Henk Smid overhandigde op 26 september jl. de evaluatie van het programma DoelmatigheidsOnderzoek 2006 – 2017 aan drs. B.E. van den Dungen, directeur-generaal curatieve zorg van het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport. Conclusies

Uit de evaluatie, uitgevoerd door SiRM (Strategies in Regulated Markets), blijkt dat het programma ruim 7.500 levensjaren in volledige gezondheid heeft opgeleverd. De behaalde geschatte netto opbrengsten zijn € 1,1 miljard. Het betreft de gezondheidswinst en monetaire opbrengsten van 24 door SiRM geselecteerde high-potential projecten, gesubsidieerd door het programma DoelmatigheidsOnderzoek. € 480 miljoen van de netto opbrengsten zijn kostenbesparingen, waarvan € 280 miljoen op zorgkosten en de overige € 200 miljoen op maatschappelijke kosten. Van den Dungen: 'We doen iets wat goed is voor patiënten en het levert nog geld op ook.' Circa 30% van de onderzoeksresultaten is in een richtlijn terechtgekomen en driekwart van de onderzoeken leidde tot een publicatie waarvan circa 90% in internationale tijdschriften, vooral in tijdschriften die tot de top 25% van hun vakgebied behoren.

Aanbevelingen

Een belangrijke uitkomst van de evaluatie is dat de implementatie van de resultaten van onderzoek deels tot stand is gekomen maar dat de impact nóg groter kan zijn. De aanbeveling is dat het Zorginstituut, beroepsgroepen, zorgverzekeraars, patiëntenorganisaties in gezamenlijkheid een actievere rol gaan spelen bij de implementatie van onderzoeksuitkomsten in de praktijk.

In het Hoofdlijnenakkoord MSZ 2019-2022 hebben partijen recent met elkaar afgesproken de zogenoemde kwaliteits(verbeter)cyclus voor goede en betaalbare zorg te willen versnellen en verbeteren, juist met als doelstelling om de implementatie te verbeteren. ZonMw realiseert zich dat zij hier onderdeel van uitmaakt en ziet daarbij ook het belang om met de stakeholders versnelling van de kwaliteitscyclus tot stand te brengen. Het bevorderen van de implementatie van de beschikbare onderzoeksresultaten om te komen tot zowel een duurzaam kennisecosysteem als gepast gebruik van zorg maakt daar onderdeel van uit.

Over het programma DoelmatigheidsOnderzoek

Om gepast gebruik van zorg te stimuleren investeert het ministerie van VWS sinds 1999 in het ZonMw programma DoelmatigheidsOnderzoek. Het programma heeft als doel maatschappelijk relevante en kwalitatief hoogstaande kennis te genereren over de doelmatigheid van nieuwe en bestaande medische diagnostiek en behandelinterventies. Om de doelmatigheid, ofwel kosteneffectiviteit, te bepalen wordt altijd een weging gemaakt van de kosten en de effecten. Bij nieuwe interventies richt het onderzoek zich in eerste instantie op de vraag of de interventie effectief is. Vervolgens wordt de kosteneffectiviteit verder bekeken. Bij reeds toegepaste interventies ligt de nadruk op het (verder) onderzoeken van de kosteneffectiviteit. Speciale aandacht is er voor kennisontwikkeling op het gebied van zorgevaluatie naar interventies die binnen de zorgpraktijk al standaard worden toegepast maar waarbij vragen zijn over de effectiviteit  en doelmatigheid. DO stimuleert tevens het gebruik van kennis over de doelmatigheid van interventies in de dagelijkse zorgpraktijk. De maatschappelijke relevantie van onderzoeksvragen wordt bevorderd door samenwerking met  partijen uit onderzoek, praktijk en beleid vanaf de opzet van de subsidieoproep tot de uitvoering en (toepassing van) de resultaten van de onderzoeken. Op deze wijze wordt gestimuleerd dat de kennis over de doelmatigheid van interventies bruikbaar is voor de Nederlandse gezondheidszorg.

Meer informatie

]]>
news-3044 Wed, 26 Sep 2018 11:17:29 +0200 Twee miljoen voor doorbraak diabetes type 2 onderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/twee-miljoen-voor-doorbraak-diabetes-type-2-onderzoek/ Amersfoort, 26 september 2018 – Het Diabetes Fonds en ZonMw financieren gezamenlijk 2 miljoen euro in het programma Diabetes II Doorbraakprojecten. Het programma biedt onderzoekers de mogelijkheid om nieuwe ideeën voor de oplossing van diabetes type 2 in korte tijd te bewijzen. Om ze daarna uitgebreid te kunnen onderzoeken. Centraal staat hierbij: wat gaat hét verschil maken bij het voorkomen en stoppen van diabetes type 2? Ruim 1,1 miljoen Nederlanders hebben diabetes type 2 en dit zal de komende jaren alleen maar toenemen. De gevolgen van deze aandoening zijn groot, mede door het risico op ingrijpende complicaties. Onderzoek heeft al veel kennis opgeleverd over de achterliggende mechanismen, maar er is nog geen oplossing om diabetes type 2 te stoppen.

Diabetes II Doorbraakprogramma

ZonMw en het Diabetes Fonds combineren hun expertise en starten vandaag met het programma. Daarmee kan een volgende stap gezet worden om diabetes type 2 terug te dringen. Dit programma is uniek, want het stimuleert wetenschappers hun ideeën te toetsen met mogelijk baanbrekende oplossingen.

20 gehonoreerde projecten

Er starten 20 onderzoeksprojecten binnen het programma Diabetes II Doorbraakprojecten. Deze projecten hebben betrekking op één of meerdere van de volgende onderwerpen: veroudering, biomarkers, datasets, gezonde leefstijl, risicogroepen, insulineongevoeligheid, zwangerschapsdiabetes, laag sociaal economische klasse en kinderen met diabetes type 2. De projecten die gehonoreerd zijn, zijn kortlopende pilotprojecten met een maximale duur van een jaar. Meer informatie over de 20 projecten vindt u op onze programmapagina Partnership Diabetes.

Over het Diabetes Fonds

Het Diabetes Fonds vindt dat iedereen een gezond leven verdient, zonder diabetes en de complicaties ervan. Daarom wil het Diabetes Fonds Nederland gezonder maken en diabetes genezen. Enerzijds door wetenschappelijk onderzoek te financieren naar betere behandelingen, genezing en complicaties van diabetes type 1 en type 2. Anderzijds door de gezonde keuze makkelijker te maken. Voor meer informatie over diabetes kunt u terecht op de website van het Diabetes Fonds www.diabetesfonds.nl.

Over ZonMw

ZonMw financiert gezondheidsonderzoek én stimuleert het gebruik van de ontwikkelde kennis. Daarmee draagt ZonMw bij aan het verbeteren van de zorg en gezondheid. Met allerlei subsidieprogramma’s wordt de totale innovatiecyclus gestimuleerd. Van fundamenteel onderzoek tot implementatie van nieuwe behandelingen, preventieve interventies of verbeteringen in de structuur van de gezondheidszorg.

Meer informatie

Voor meer informatie of interviewverzoeken neem contact op met:
Tatiana Pijnenburg op telefoonnummer 06 551 06 395 of via t.pijnenburg@diabetesfonds.nl of met Danique van der Gaauw op telefoonnummer 070 3495311 of via gaauw@zonmw.nl.

- Programmapagina Partnership Diabetes Fonds

 

 

]]>
news-3037 Tue, 25 Sep 2018 13:53:46 +0200 Sterfgevallen longkanker voorkomen door screening met CT https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sterfgevallen-longkanker-voorkomen-door-screening-met-ct/ Nederlandse onderzoekers presenteerden op het Wereld Longkanker Congres in Toronto resultaten van het proefbevolkingsonderzoek naar longkanker (NELSON studie), gefinancierd door ZonMw. De studie heeft aangetoond dat een CT-scan van de longen longkanker in een veel gunstiger stadium ontdekt. Hierdoor wordt het risico om aan deze ziekte te overlijden met bijna 26% verlaagd. Wetenschappers uit Nederland, België en Denemarken verrichten sinds 2003 onderzoek naar de mogelijkheden om een kosteneffectieve screening uit te voeren naar longkanker. Het doel is om vast te stellen of screenen op longkanker in een hoog risico groep leidt tot een afname in longkankersterfte van 25% of meer, wat de effecten zijn op de kwaliteit van leven en op het stoppen met roken en wat de kosteneffectiviteit van longkankerscreening is.

Bevolkingsonderzoek

De afronding van deze studie wordt eind 2018 verwacht. Resultaten uit de studie worden voorgelegd aan het ministerie van VWS, de Gezondheidsraad en het RIVM. Deze kunnen onderbouwing vormen voor het wel of niet invoeren van een toekomstige screening op longkanker bij hoog risicogroepen.

Meer informatie:

 

]]>
news-3040 Tue, 25 Sep 2018 13:46:06 +0200 Onderzoek eicelbanken in Nederland aangeboden aan Tweede Kamer https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-eicelbanken-in-nederland-aangeboden-aan-tweede-kamer/ Op 25 september heeft de minister van VWS Hugo de Jonge middels een Kamerbrief het rapport ‘Ethisch verantwoorde organisatie van eiceldonatie via eicelbanken in Nederland’ aan de Tweede Kamer aangeboden. Uit de studie blijkt dat eiceldonatie via de Nederlandse eicelbanken op een ethisch verantwoorde manier gebeurt. Dit onderzoek naar eiceldonatie via eicelbanken in Nederland is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VWS en gefinancierd door ZonMw uit het programma Ethiek en Gezondheid. De resultaten van het rapport geven weer dat de eiceldonatie op ethisch verantwoorde wijze gebeurt.

Op basis van het onderzoek zijn aanbevelingen geformuleerd over vergoeding van donatie en selectie van donoren en ontvangers. In de Kamerbrief roept minister De Jonge de beroepsgroepen op om op basis van het voorliggend onderzoek tot overeenstemming te komen over een eventuele herziening van de huidige praktijk, met behoud van zorgvuldigheid.

Persbericht UMC Utrecht

Nederlandse eiceldonatie ethisch verantwoord

Vrouwen doneren hun eicellen daadwerkelijk vrijwillig aan Nederlandse eicelbanken, blijkt uit onderzoek. De oprichting van drie Nederlandse eicelbanken wakkerde een politiek maatschappelijke discussie aan. Er waren onder andere zorgen of de vergoeding van 900 euro een te grote rol zou spelen in het afstaan van eicellen. > Lees verder persbericht van UMC Utrecht

Meer informatie

Rapport 'Ethisch verantwoorde organisatie van eiceldonatie via eicelbanken in Nederland'

 

]]>
news-3028 Fri, 21 Sep 2018 13:05:27 +0200 Positieve tussentijdse procesevaluatie Onderzoeksprogramma GGz https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/positieve-tussentijdse-procesevaluatie-onderzoeksprogramma-ggz/ Het Onderzoeksprogramma GGz is een tienjarig innovatief programma. Het programma is gestart in 2016 en zit inmiddels in het derde jaar. Om te kijken of het programma goed op koers ligt is een tussentijdse procesevaluatie uitgevoerd. De tussentijdse evaluatie is uitgevoerd door het onafhankelijke beleidsbureau Medical Point of View. De nadruk van de tussentijdse evaluatie lag op verantwoording van het proces, het verkrijgen van input over inhoudelijke prioriteiten en de resultaten van het programma tot nu toe. Voor de evaluatie is informatie verzameld en geanalyseerd over het aantal rondes, de verstrekte subsidies, uitputting van de middelen etc. Daarnaast hebben interviews plaatsgevonden met de opstellers van de onderzoekersagenda ‘de juiste behandeling op het juiste moment’ (2016) en de programmacommissie. 

Uit de tussentijdse evaluatie blijkt onder andere dat de beoordelingsprocedures zorg zijn verlopen, de ervaringen met het MIND cliëntenpanel positief zijn en er voldoende aandacht is geweest voor de inhoudelijke prioriteit ‘depressie bij jonge vrouwen en adolescenten’. De tussentijdse evaluatie geeft ook aanbevelingen ten aanzien van het proces, de inhoud en de toekomst van het programma. Hierbij kan gedacht worden aan het aanscherpen van subsidieoproepen om hiermee de kwaliteit van de subsidieaanvragen te verhogen en evalueren van de programmacommissie. De conclusies en aanbevelingen worden opgepakt bij de verdere uitvoering van het programma. 

Meer informatie

]]>
news-3009 Tue, 18 Sep 2018 08:08:25 +0200 Nieuwe subsidiemogelijkheden rondom verward gedrag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-subsidiemogelijkheden-rondom-verward-gedrag/ Werkt u aan een lokale, goed werkende aanpak voor mensen met verward gedrag en hun omgeving? Maak dan gebruik van onze subsidiemogelijkheden.
U kunt vanaf 18 september 2018 subsidie aanvragen voor:

  • Regionale praktijkprojecten
    Subsidie voor regionale praktijkprojecten gericht op de implementatie van 1 of meerdere bouwstenen voor een goed werkende aanpak voor mensen met verward gedrag en hun omgeving. De deadline voor het aanvragen van subsidie is 30 oktober 2018, 14.00 uur.  
  • Integraal aanbod van zorg en begeleiding 
    Startsubsidies en uitvoeringssubsidies voor het opzetten en/of de organisatie van integrale zorg en ondersteuning voor mensen met verward gedrag (jongeren of volwassenen). Samenwerking tussen zorgverzekeraars en gemeenten staat centraal. Deadline: 18 december 2018, 14.00 uur.
  • Training ggz expertise voor gemeentelijke hulpverleners 
    Om professionals in het gemeentelijk domein vaardiger te maken in bijvoorbeeld de signalering en ondersteuning van mensen met psychische problemen, een licht verstandelijke beperking (lvb) en/of multi-problematiek, kunnen gemeenten bij ZonMw financiering aanvragen voor een trainingsplan op maat.

Daarnaast kunt u ook nog steeds subsidie aanvragen voor de implementatie van een wijk-GGD’er in uw gemeente of voor een project gericht op gepast vervoer. Bekijk het volledige overzicht van subsidiemogelijkheden rondom verward gedrag op onze website. Heeft u vragen? Neem dan contact met ons op via 070 349 50 40 of avg@zonmw.nl.

Schakel een expert in

Heeft u behoefte aan extra expertise of begeleiding bij uw vraagstuk? Schakel met behulp van een subsidievoucher een expert in van de Vliegende Brigade +. Op onze website vind u een overzicht van de experts. U kunt de subsidievoucher op elk gewenst moment aanvragen.

Kom naar ons informatieplein op 4 oktober!

Wilt u weten welke subsidie(s) bij uw projectidee passen? Kom donderdagmiddag 4 oktober naar ons informatieplein in Utrecht. Wij denken u graag met u mee.

Blijf op de hoogte

Wilt u op de hoogte blijven van subsidiemogelijkheden en andere ontwikkelingen? Abonneer u dan op onze nieuwsbrief geestelijke gezondheid en volg ons op LinkedIn.

Meer informatie

]]>
news-2992 Thu, 13 Sep 2018 10:35:10 +0200 ZonMw draagt bij aan ‘Kansrijke start’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-draagt-bij-aan-kansrijke-start/ Kinderen een kansrijke start geven! Dát is het doel van het actieprogramma Kansrijke Start. Het ministerie van VWS, gemeenten, partijen uit de geboortezorg en de jeugdgezondheidszorg (JGZ) slaan de handen ineen om de kinderen van vandaag en de volwassenen van morgen een betere kans te bieden op een gezond leven. ZonMw draagt met verschillende programma’s bij aan dit actieprogramma. Preconceptiezorg

In het actieprogramma wordt o.a. aandacht besteed aan het voorbereiden van aanstaande kwetsbare ouders met hun zwangerschap. Binnen het programma Zwangerschap en geboorte zijn 7 onderzoeksprojecten afgerond die kennis en handvatten op dit vlak bieden.
Bekijk hier de projectresultaten

Ouderschap en opvoeding

Ook na de zwangerschap is er ruimte voor het ondersteunen van ouders. Voor een optimale ontwikkeling en hechting van het kind is het welbevinden van de ouders een cruciale factor. Door ouders de ruimte te geven om in hun ouderschap te groeien en waar nodig hen hierin te ondersteunen, bevorderen we een positieve opvoeding.
Lees hier welke projecten bijdragen aan krachtig ouderschap.

Onbedoelde (tiener)zwangerschappen

Daarnaast investeert VWS de komende jaren in een nieuwe aanpak voor het voorkomen van en begeleiden bij onbedoelde (tiener)zwangerschappen. Als onderdeel hiervan zet ZonMw zich de komende tijd in om een onderzoeks- en verbeterprogramma op te stellen. Daarnaast heeft ZonMw een project gefinancierd waarin wordt onderzocht hoe het programma Nu Niet Zwanger zo goed mogelijk kan worden opgezet. Nu niet zwanger is een programma waarin hulpverleners met kwetsbare (potentiële) ouders in gesprek gaan. Samen bespreken zij de kinderwens, seksualiteit en het gebruik van anticonceptie. Deze persoonlijke aanpak helpt ouders in moeilijke situaties om bewuste keuzes te maken en kunnen ongeplande en ongewenste zwangerschappen worden voorkomen.

Meer informatie

 

]]>
news-2972 Wed, 12 Sep 2018 20:00:00 +0200 Onderscheidingen voor wetenschappelijke excellentie en maatschappelijke impact https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderscheidingen-voor-wetenschappelijke-excellentie-en-maatschappelijke-impact/ 6 toponderzoekers ontvingen vandaag een NWO-Spinozapremie en de -Stevinpremie uit handen van minister Van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Celbioloog Anna Akhmanova nam vandaag een Spinozapremie in ontvangst en viroloog Marion Koopmans kreeg een Stevinpremie. Beide wetenschappers doen onderzoek met subsidie van ZonMw. Uitreiking 

De Spinoza- en de Stevinpremies zijn de hoogste onderscheidingen in de Nederlandse wetenschap. Tijdens de uitreiking vertelden de laureaten wat hun onderzoek inhoudt en waar ze de onderzoekspremie van 2,5 miljoen euro voor willen inzetten. 

 

Stevinpremie voor Marion Koopmans

Prof. dr. Marion Koopmans is hoogleraar virologie aan het Erasmus MC in Rotterdam. Haar onderzoek richt zich op de overdracht van virussen van dieren op mensen (zoönosen) en op grootschalige verspreiding tussen mensen (uitbraken en pandemieën). Het creëren van wereldwijde netwerken om infectieziekten systematisch en grootschalig te bestrijden, vormt een rode draad in het werk van Koopmans. Marion Koopmans verwacht grote impact met haar onderzoek: ‘Ik wil ervoor zorgen dat we in de toekomst samen beter voorbereid zijn op nieuwe infecties. Dan kunnen we proactief – en niet reactief - handelen, omdat we eerder uitbraken op het spoor zijn.’ 

Spinozapremie voor Anna Akhmanova

Kennis van hoe gezonde cellen functioneren, helpt ons te begrijpen wat er op celniveau misgaat bij ziekten zoals de ziekte van Alzheimer, ALS en kanker. Prof. dr. Anna Akhmanova, hoogleraar cellulaire dynamica aan de Universiteit Utrecht, is wereldwijd een van de meest vooraanstaande experts op het gebied van de celbiologie van het cytoskelet. Akhmanova heeft een aantal baanbrekende ontdekkingen gedaan die laten zien waar het cytoskelet precies voor is en welke mechanismen aan de functies van dit cytoskelet ten grondslag liggen.

Wat is het verschil tussen de Stevin- en Spinozapremie?

Dit jaar ontvangen 2 onderzoekers voor het eerst de Stevinpremie. Bij de Spinoza- en de Stevinpremie staat de kwaliteit van de onderzoeker voorop. Bij de Spinozapremie ligt de nadruk op het wetenschappelijke werk en fundamentele vraagstukken. De Stevinpremie honoreert vooral de maatschappelijke impact van onderzoek. 

 

Meer informatie

]]>
news-2985 Wed, 12 Sep 2018 14:48:19 +0200 Onderzoekers, artsen en financiers bundelen krachten in Dutch CardioVascular Alliance https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoekers-artsen-en-financiers-bundelen-krachten-in-dutch-cardiovascular-alliance/ Overvallen worden door een hartinfarct of een beroerte behoort over ruim 10 jaar tot het verleden. Die ambitie stelt de Dutch CardioVascular Alliance (DCVA) zich, een nieuw samenwerkingsverband van twaalf organisaties, wetenschappers en zorgprofessionals op het gebied van hart- en vaatonderzoek. ZonMw is één van deze twaalf organisaties. De DCVA werd woensdag 12 september 2018 feestelijk gelanceerd tijdens een presentatie in het Muntgebouw in Utrecht. De bundeling van krachten op landelijk niveau moet ertoe leiden dat we hart- en vaatziekten eerder kunnen opsporen, oplossingen sneller ontwikkelen én naar de patiënt brengen en evalueren. Het gezamenlijke doel is om de ziektelast in 2030 met een kwart te verminderen.

Omvang van het probleem: 106 doden per dag

Op dit moment telt Nederland circa 1.4 miljoen hart- en vaatpatiënten. Als gevolg van de vergrijzing, een veranderde levensstijl en diabetes stijgt dit aantal tussen nu en 2030 naar verwachting tot 1.9 miljoen. Dat betekent dat één op de zeven volwassenen een hart- of vaataandoening heeft, meer mensen vroegtijdig sterven en levens worden beperkt. Naast de impact die dit heeft op de patiënt en zijn of haar omgeving, leidt dit ook tot aanzienlijk hogere zorgkosten.

Vroegdiagnostiek topprioriteit

Betere vroegdiagnostiek is een van de topprioriteiten van de DCVA. Daarbij gaat het om nieuwe of verbeterde tests, innovatieve diagnostische instrumenten en optimaal gebruik maken van gegevens die mensen zelf verzamelen. Om dit doel te bereiken, verwacht de DCVA de komende tien jaar minimaal 1 miljard euro nodig te hebben voor onderzoek, valorisatie en implementatie. De twaalf partners gaan intensief samenwerken om deze benodigde menskracht en middelen bij elkaar te brengen, met elkaar én met nieuwe partners.

Samenwerking in allianties

Onderzoekgroepen van alle universiteiten en ziekenhuizen werken samen in allianties en krijgen van de partners ondersteuning bij het versnellen van de valorisatie en implementatie. Dit zorgt ervoor dat oplossingen eerder bij de patiënt komen. Ook is er aandacht voor talentontwikkeling, zodat er ook in de toekomst toponderzoekers zijn, en wordt de onderzoeks-infrastructuur in Nederland verbeterd. De organisaties bouwen bijvoorbeeld aan een sterk datanetwerk, dat het delen en hergebruik van hartweefsels en data voor vervolgonderzoek mogelijk maakt.

Meer informatie over de DCVA vindt u op hun website.


]]>
news-2978 Wed, 12 Sep 2018 09:37:46 +0200 Sportimpuls 2018 projecten van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportimpuls-2018-projecten-van-start/ De 145 toegekende Sportimpuls projecten zijn akkoord gegaan met de ZonMw-subsidievoorwaarden en kunnen starten. Vanaf nu zijn de lijsten beschikbaar met de Sportimpuls projecten die de komende 2 jaar aan de slag gaan om meer mensen aan het sporten en bewegen te krijgen en te houden. De projecten zijn gerangschikt op titel, gemeente, interventie en doelgroep. In totaal gaat het om 52 reguliere Sportimpulsprojecten, 62 projecten uit de regeling Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten en 31 projecten uit de regeling Sportimpuls Kinderen sportief op gewicht. Begin juli kregen de aanvragers van ZonMw te horen of hun Sportimpuls aanvraag was gehonoreerd. Op 1 september gingen ze van start met de uitvoering.

Meer informatie

Sport en Bewegen in de Buurt

De Sportimpuls maakt deel uit van het VWS-programma Sport en Bewegen in de Buurt. Met de Sportimpuls worden lokale sport- en beweegaanbieders twee jaar lang financieel ondersteund bij het opzetten van activiteiten om meer mensen te laten sporten en bewegen.

]]>
news-2958 Fri, 07 Sep 2018 11:30:00 +0200 Oproep voor onderzoek naar 'voltooid leven' https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/oproep-voor-onderzoek-naar-voltooid-leven/ ZonMw heeft een subsidieoproep geplaatst voor een onderzoek naar de omvang en omstandigheden van de groep mensen die hun leven als voltooid beschouwen. Dit onderzoek wordt al aangekondigd in het regeerakkoord en in de Nota Medische Ethiek die minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) voor de zomer aan de Tweede Kamer stuurde. De deadline voor deze subsidieoproep is 17 oktober 2018. Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw wordt er een maatschappelijk debat gevoerd over mensen die hulp willen bij zelfdoding omdat zij hun leven als voltooid beschouwen. Begin 2016 kwam de commissie Schnabel met haar eindrapport 'Voltooid leven – over hulp bij zelfdoding aan mensen die hun leven voltooid achten'. Dat rapport is onder meer gebaseerd op eerdere wetenschappelijke studies, gebundeld in de ZonMw kennissynthese 'Ouderen en het zelfgekozen levenseinde'.

Belangrijke kennis ontbreekt

De minister stelt in de Nota Medische Ethiek vast dat er voor een zorgvuldige afweging nog belangrijke kennis ontbreekt: 'Hoewel er dus diverse onderzoeken zijn uitgevoerd en er veel maatschappelijk debat plaatsvindt, ontbreekt het voor dit kabinet op onderdelen aan voldoende informatie om weloverwogen en transparant een richting te kunnen kiezen.' Het onderzoek dat nu via ZonMw in gang gezet wordt, moet in deze kennisbehoefte voorzien

Grootte van de groep

De commissie Schnabel ging er vanuit dat de meeste mensen die hun leven als voltooid beschouwen en daarom hulp wensen bij zelfdoding, een beroep kunnen doen op de euthanasiewet. Het betreft immers veelal oude mensen, bij wie vaak sprake is van een stapeling van medische klachten – en dat is in principe voldoende grond voor euthanasie.

Omdat er nooit specifiek naar gezocht is, is nog onduidelijk hoe groot de groep mensen is die, in de formulering van de subsidieoproep 'hun leven als voltooid beschouwen en die als gevolg daarvan een persisterende doodswens hebben die buiten de reikwijdte van de bestaande euthanasiewetgeving lijkt te vallen.' Ook is er nog te weinig bekend over de omstandigheden en achtergronden van deze mensen.

Actieve doodswens

De Nota Medische Ethiek benoemt twee groepen mensen met zo'n persisterende doodswens omdat ze hun leven als voltooid beschouwen. Deze twee groepen komen ook terug  in de vraagstelling van de subsidieoproep. Allereerst gaat het om mensen met een 'actieve doodswens': zij zijn bereid om in actie te komen of actief hulp te zoeken om hun leven te (laten) beëindigen. De minister vervolgt: 'Daarnaast heb ik mij verstaan met de initiatiefneemster, mevrouw Dijkstra. Op haar verzoek zal, aanvullend aan het genoemde onderzoek, ook de omvang en omstandigheden worden onderzocht van de groep mensen die hun leven als voltooid beschouwen en als gevolg daarvan een persisterende stervenswens hebben, maar nog niet klaar zijn om daar actief vervolg aan te geven.'

Over de subsidieoproep

Groepen of consortia van onderzoekers die mee willen doen aan dit onderzoek, kunnen tot 17 oktober 2018 een voorstel indienen. Deze voorstellen worden beoordeeld door een begeleidingscommissie onder voorzitterschap van sociaal geneeskundige en voormalig inspecteur-generaal van de Inspectie voor de Gezondheidszorg prof. dr. Gerrit van der Wal. De overige commissieleden zijn: prof. dr. Inez de Beaufort (Medische Ethiek Erasmus MC Rotterdam), prof. dr. Govert den Harthogh (Ethiek, Universiteit van Amsterdam), prof. dr. Johan Legemaate (Gezondheidsrecht,  Universiteit van Amsterdam), Laurent de Vries (bestuurder Viattence) en dr. Sara Dekking (waarnemer ministerie van VWS). De uitkomsten van het onderzoek moeten eind volgend jaar bij de begeleidingscommissie liggen.

Contactpersoon

Voor vragen kunt u contact opnemen met Martijn da Costa (+31 70 349 50 87 of voltooidleven@zonmw.nl).

Meer informatie

]]>
news-2957 Thu, 06 Sep 2018 14:58:45 +0200 e-healthweek 2019 - en nú naar de praktijk https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/e-healthweek-2019-en-nu-naar-de-praktijk/ Na het succes van de vorige twee edities wordt van 21 t/m 26 januari 2019 voor de derde keer de nationale e-healthweek (EHW19) georganiseerd. Doel van deze campagneweek is om het brede publiek te laten zien en ervaren hoe mensen door de inzet van e-health langer gezond (thuis) kunnen leven. De focus van deze editie ligt op de empowerment van patienten, burgers en zorgverleners om e-health daadwerkelijk te gebruiken. Tijdens de eerdere edities van de e-healthweek bleek dat er veel belangstelling is voor e-health, maar dat men er ook graag mee aan de slag wil. In de e-healthweek zullen zorgpartners uit heel Nederland weer een week lang de deuren openen, zodat mensen zelf de mogelijkheden van e-health kunnen ontdekken én leren hoe ze ermee aan de slag kunnen. De e-healthweek richt zich zowel op patienten en burgers als op zorgprofessionals.

Meedoen als partner

Net als in eerdere jaren is het succes van de e-healthweek sterk afhankelijk van de activiteiten die partners organiseren. Alle zorgorganisaties en mensen in en om de zorg  worden opgeroepen om weer mee te doen. Evenementen zijn bijvoorbeeld rondleidingen, dialogen, masterclasses, workshops of het zelf ervaren. Een overzicht van de activiteiten van 2019 is binnenkort te vinden op www.ehealthweek.net.

ZonMw doet mee

Naast andere partijen zoals VWS, Zorg van Nu en Health Holland draagt ook ZonMw inhoudelijk en financieel bij aan deze editie van de e-healthweek. ZonMw stimuleert onderzoek naar e-health toepassingen en draagt daarmee bij aan de implementatie van e-health in de praktijk.

Meer informatie

Het aanmelden van activiteiten kan via de website www.ehealthweek.net Hier is ook meer informatie over de week zelf te vinden.

Zie ook het persbericht van ECP | Platform voor de InformatieSamenleving

]]>
news-2951 Wed, 05 Sep 2018 17:35:10 +0200 Gemeenten aan de slag met preventie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gemeenten-aan-de-slag-met-preventie/ In oktober starten 6 lokale samenwerkingsverbanden van o.a. gemeenten, GGD’en, Academische Werkplaatsen Publieke Gezondheid en Werkplaatsen Sociaal Domein met subsidie van ZonMw. Zij gaan in hun regio aan de slag met het ontwikkelen en uitvoeren van preventief gezondheidsbeleid. Hierbij maken zij gebruik van interventies uit de interventiedatabase ‘Gezond en Actief Leven’. Deze interventies zijn getoetst op kwaliteit, uitvoerbaarheid en effectiviteit.

Leerkring

De verschillende samenwerkingsverbanden nemen bovendien deel aan een overkoepelende leerkring om de uitwisseling tussen de verschillende samenwerkingsverbanden te stimuleren. De kennisuitwisseling betreft zowel wetenschappelijke kennis als praktijkervaringen. De projecten hebben een looptijd van 4 jaar.

De 6 samenwerkingsverbanden

Samen Leren voor Gezond Gewicht in Rivierenland

In de regio Rivierenland werkt het samenwerkingsverband aan het ontwerpen en uitvoeren van een goed plan Gezond Gewicht voor iedere deelnemende gemeente. Co-creatie met inwoners en professionals is hierbij van belang. Meer informatie over dit samenwerkingsverband.

Ouderen sterker maken: fysiek en sociaal. Vitaal ouder worden in Rijnmond en Drechtsteden, een preventieve en integrale aanpak

In dit project ligt de focus op preventie en versterken van gezondheid, gezondheidsvaardigheden en sociaal welbevinden van ouderen. Door middel van een lerende aanpak en kennisuitwisseling wordt samen met verschillende partners in de regio Rijnmond en Drechtsteden gezocht naar effectieve interventies. Meer informatie over dit samenwerkingsverband.

Aan de slag met preventie in de Drentse gemeenten

De Drentse gemeenten zetten stevig in op een integrale aanpak van preventie gericht op de gezondheid van hun inwoners. Hierbij werken zij samen met GGD Drenthe, SportDrenthe, CMO STAMM, de Werkplaats Sociaal Domein Noord en de Academische Werkplaats Publieke Gezondheid Noord-Nederland. Meer informatie over dit samenwerkingsverband.

Wijzer in de Wijk, inwoners gezond en wel door samen te werken aan een effectieve integrale aanpak

De Gemeentes Leiden, Den Haag en Alphen aan den Rijn stellen in co-creatie met inwoners en lokale partners een integrale wijkgerichte gezondheidsaanpak op en voeren die uit om gezondheidsachterstanden terug te dringen. Meer informatie over dit samenwerkingsverband.

Bruggen naar Gezond Gewicht in Zaanstreek-Waterland

De gemeenten Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Wormerland en Zaanstad werken aan versterking van hun integrale gezondheidsbeleid gericht op gezond gewicht. Samen met GGD Zaanstreek-Waterland, Academische werkplaats Jeugd & Gezondheid VUmc, werkplaats Sociaal domein A’dam, Huisartsenzorg ZW en VU A’dam werken ze de komende vier jaar aan een gezonde leefomgeving voor een gezonde jeugd. Meer informatie over dit samenwerkingsverband.

Samen in beweging met kwetsbare bewoners

Het doel van dit project is om kwetsbare groepen te stimuleren mee te doen in de lokale gemeenschap. Het gaat om o.a. ouderen, mensen met psychiatrische problematiek en mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Het samenwerkingsverband zet in op integraal gemeentelijk beleid en goede afstemming tussen partijen die begeleiding, zorg- en hulpverlening bieden. Meer informatie over dit samenwerkingsverband

Meer informatie


]]>
news-2935 Tue, 04 Sep 2018 09:30:00 +0200 Internationale coalitie wil versnelling Open Access https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-coalitie-wil-versnelling-open-access/ Vanaf 1 januari 2020 zijn resultaten van onderzoek voor iedereen beschikbaar in Open Access tijdschriften en Open Access platforms. Dit is de kern van het plan dat vandaag door de cOAlition S, een internationale groep van onderzoeksfinanciers, waaronder NWO en ZonMw, bekend wordt gemaakt. Het doel is versnelling van de transitie naar Open Access. Het initiatief voor het versnellingsplan werd genomen door Robert-Jan Smits, special envoy Open Access bij de Europese Commissie. En wordt onderschreven door een brede coalitie van nationale en Europese onderzoeksfinanciers uit Frankrijk, Groot-Brittannië, Zweden, Noorwegen, Oostenrijk, Ierland, Luxemburg, Polen, Slovenië en Nederland. De Europese Commissie geeft aan het plan van harte te ondersteunen. Ook de European Research Council (ERC) onderschrijft het plan.

Betaalmuur

Met dit gezamenlijke initiatief wordt de internationale druk op de uitgevers opgevoerd om hun business model definitief om te gooien en Open Access over de volle breedte mogelijk te maken. Stan Gielen, voorzitter NWO: ‘Wetenschap hoort niet achter een betaalmuur, maar moet voor iedereen vrij toegankelijk zijn.’  Jeroen Geurts, voorzitter ZonMw: ‘Bij gezondheidsonderzoek hebben we ook te maken met patiënten en zorgprofessionals. Vrije toegang tot onderzoeksresultaten is voor deze groepen belangrijk.’ Naast NWO en ZonMw onderschrijven ook de VSNU, de KNAW en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap het belang van de stappen die nu gezet worden.

Full Open Access in de praktijk

Belangrijkste consequentie van het plan is dat alle publicaties die voortkomen uit financiering van NWO, ZonMw en de andere onderzoeksfinanciers per 1 januari 2020 gepubliceerd moeten worden in volledig Open Access tijdschriften. Het publiceren in hybride tijdschriften die volgens het oude abonnementenmodel werken maar wel de mogelijkheid bieden om artikelen Open Access te maken, wordt gedurende een overgangsperiode van 2 jaar toegestaan tot eind 2021. Wel op voorwaarde dat daar het soort contracten onderligt dat de VSNU namens de gezamenlijke universiteiten met de uitgevers sluit. In disciplines waar onvoldoende mogelijkheden tot Open Access bestaan, zullen de organisaties initiatieven nemen en steunen zodat die mogelijkheden ook daar ontstaan. ‘De universiteiten zijn verheugd met deze maatregel, het is een duidelijke steun voor de onderhandelingen die wij met de uitgevers hierover voeren,’ aldus VSNU-voorzitter Pieter Duisenberg.

Meer informatie:

  • Nieuwsbericht + Plan S van NWO
  • Over Open Access op onze website
  • Voor informatie over Open Access publiceren kunnen onderzoekers de website van VSNU raadplegen .
  • In het eerder verschenen nieuwsbericht over het VWS-advies over Open Access publiceren in de gezondheidszorg 
  • in het eerder verschenen nieuwsbericht over de aanbieding van het Nationaal Plan Open Science


]]>
news-2927 Wed, 29 Aug 2018 10:23:02 +0200 Consortia Maak ruimte voor gezondheid van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/consortia-maak-ruimte-voor-gezondheid-van-start/ Begin september starten 8 consortia met een samenwerking gericht op inzicht, kennis en handvatten over een gezonde leefomgeving voor iedereen. Onder het mom van ‘samen staan wij sterker’ bundelen professionals uit diverse vakgebieden vanuit kennis, beleid en praktijk hun krachten. Zo leveren zij een bijdrage aan het beter inrichten van de leefomgeving voor de toekomst. Samenwerking en diversiteit

Eén van de belangrijkste doelen van de consortia Maak ruimte voor gezondheid is het creëren van een goede samenwerking tussen diverse partijen uit het fysieke, sociale en gezondheidsdomein. Hierdoor zetten de consortiumleden in op vernieuwende en stabiele samenwerkingsverbanden. Daarnaast zijn de deelnemende partijen actief in verschillende werkvelden en kijken zij zowel op lokaal als regionaal niveau naar problemen en mogelijkheden in de leefomgeving van mensen. In hun aanpak en werkgebied door heel Nederland laten de consortia die van start gaan een grote diversiteit zien.

Onderzoeksthema’s

De thema’s zijn ook divers: zo gaat een consortium werken aan de vraag hoe een groene leefomgeving kan bijdragen aan het verkleinen van gezondheidsverschillen en een ander aan een gezonde inrichting van een moderne, nog te bouwen ‘wijk van de toekomst’. Andere consortia richten zich o.a. op ondersteuning van gemeenten bij de vormgeving van omgevingsbeleid inclusief gezondheid of de inrichting van de leefomgeving meer in het algemeen.

Fase 1: opstellen kennisagenda

De consortia starten begin september met de eerste fase: het opstellen van een kennisagenda. In deze fase doen zij literatuuronderzoek en gaan zij met partners, stakeholders en bewoners in gesprek. Ook zetten de onderzoekers bijvoorbeeld mini-pilots op. Het resultaat zal begin 2019 gebundeld worden in een kennisagenda. Deze kennisagenda helpt de onderzoekers om concrete vragen op te stellen voor fase 2. In deze fase gaan  de consortiumpartners de kennisvragen in de praktijk verder uitwerken, zodat de burgers uiteindelijk in een gezonde leefomgeving kunnen wonen.

Meer informatie

]]>
news-2907 Tue, 28 Aug 2018 00:00:00 +0200 Tweede subsidieronde Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd opengesteld https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tweede-subsidieronde-actieprogramma-maatschappelijke-diensttijd-opengesteld/ Vandaag is de oproep voor de tweede subsidieronde van het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd opengesteld. Net zoals bij de eerste oproep biedt het actieprogramma de mogelijkheid om aan de hand van proeftuinen te experimenteren met de invulling van de maatschappelijke diensttijd. De proeftuinen kunnen experimenteren met diverse aspecten, zoals omvang van de diensttijd, invulling van de diensttijd, vergoeding voor jongeren, of het stimuleren van de inclusie van verschillende groepen jongeren.

De focus in deze oproep ligt op proeftuinen die zich richten op het bevorderen van sociale cohesie en op proeftuinen die zich richten op een specifieke groep jongeren of sector. Laat uiterlijk 21 september 2018 voor 12.00 uur weten dat u interesse heeft. De deadline voor de subsidieaanvraag is 9 oktober 2018 om 12.00 uur. 

Wat is maatschappelijke diensttijd?

Met maatschappelijke diensttijd leveren jongeren op vrijwillige basis een bijdrage aan de samenleving. Staatsecretaris Blokhuis wil vanaf zomer 2019 deze maatschappelijke diensttijd voor jongeren invoeren. Doel: de maatschappelijke impact van jongeren  verhogen door te investeren in hun inzet en ontwikkeling van hun talenten. Het programma richt zich ook op jongeren die nog niet of nauwelijks maatschappelijk actief zijn. Jongeren geven zelf aan dat de maatschappelijke diensttijd vrijwillig, flexibel en passend moet zijn; ze doen mee om nieuwe skills en ervaringen op te doen.

Wie kan aanvragen?

Organisaties met een goed idee kunnen financiële ondersteuning aanvragen. Binnen het actieprogramma wordt in proeftuinen gewerkt aan goede voorbeelden voor de maatschappelijke diensttijd. Organisaties hebben aantoonbaar ervaring in het organiseren van maatschappelijke activiteiten en projecten met jongeren.

Wat zijn de voorwaarden?

De proeftuinen moeten en stevige omvang en bereik hebben, dat wil zeggen landelijk, regionaal of grootstedelijk. Daarnaast moet in de proeftuin het hele proces van werven, matchen, begeleiden en uitvoeren van de maatschappelijke inzet doorlopen worden. Per proeftuin kan een subsidie van minimaal € 100.000 euro en maximaal € 500.000 euro aangevraagd worden. De looptijd van de proeftuin is maximaal 18 maanden. 

Hoe kan er subsidie aangevraagd worden?

Maak uiterlijk 21 september 2018 voor 12.00 duidelijk dat u interesse heeft door het vooraanmeldingsformulier in te vullen. U ontvangt dan een link waarmee u uw aanvraag kunt indienen. Subsidieaanvragen die niet aangemeld zijn, worden niet in behandeling genomen. De deadline voor het indienen van de subsidieaanvraag is 9 oktober 2018 om 12.00 uur. De volledige subsidieoproep en criteria leest u in de subsidiekalender van ZonMw.

Informatiebijeenkomst op 5 september

Benieuwd naar meer informatie over het actieprogramma en de subsidieoproep? Meld u dan aan voor de informatiebijeenkomst op woensdag 5 september van 09.30 tot 12.30 of van 13.30 tot 16.30 bij ZonMw in Den Haag. Deze bijeenkomst wordt gefilmd en daarnaast wordt er een verslag gemaakt dat diezelfde week nog wordt gepubliceerd.

Waarom het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd?

Met dit programma bevordert ZonMw dat iedere jongere de mogelijkheid krijgt om via maatschappelijke projecten en activiteiten bij te dragen aan een sterke en betrokken samenleving. Ook jongeren die nu nog niet maatschappelijk actief zijn. Het doel van het actieprogramma is om vanuit de praktijk te leren wat werkt. Het ministerie van VWS heeft € 25 miljoen subsidiemiddelen in 2018 beschikbaar gesteld voor het actieprogramma. Dit jaar zet ZonMw twee subsidieronden uit.

Meer weten?

]]>
news-2897 Thu, 23 Aug 2018 15:42:00 +0200 Subsidie voor betere psychosociale zorg en ondersteuning aan statushouders https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidie-voor-betere-psychosociale-zorg-en-ondersteuning-aan-statushouders/ De psychische gezondheid van vluchtelingen in Nederland is vaak lager dan die van de algemene bevolking. Met het nieuwe programma Zorg voor vluchtelingen wil ZonMw de psychosociale zorg en ondersteuning aan statushouders in Nederland verbeteren en de kennis over hierover uitbreiden.
Het 4-jarige innovatieve programma Zorg voor vluchtelingen richt zich uitsluitend op vluchtelingen met een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd asiel (Type III) verkregen op of na 1 januari 2013. Er is subsidie beschikbaar voor 2 soorten projecten:

  1. Onderzoeksprojecten naar gespecialiseerde (vroege) detectie en interventie / behandeling. Denk hierbij aan: screeningsinstrumenten, effectiviteit van interventies en organisatie van zorg en ondersteuning.
  2. Praktijkprojecten gericht op het versterken van de positie en de regie van statushouders.

Daarnaast focust het programma op een aantal specifieke doelgroepen onder de statushouders:

  • Jongeren (tot 18 jaar).
  • Ouderen.
  • Mensen met een (mogelijke) langdurige zorg- en ondersteuningsbehoefte. 
  • Statushouders met ziektebeelden die een verhoogd veiligheidsrisico (voor zichzelf of zijn omgeving) meebrengen. 

Subsidieoproep

De eerste subsidieoproep voor zowel onderzoeks- als praktijkprojecten staat nu online. De deadline voor het aanvragen van subsidie is 18 oktober 2018 om 14.00 uur.

Budget

In het programma worden activiteiten en middelen gebundeld om de zorg en ondersteuning aan statushouders in Nederland te verbeteren. Het totale budget voor het programma is vooralsnog € 1,9 miljoen voor de eerste 2 jaar. Het budget voor de eerste subsidieronde is bijeen gebracht door het ZonMw-Onderzoeksprogramma GGz, Stichting tot Steun VCVGZ en het ZonMw-programma Langdurige Zorg en ondersteuning.

Meer informatie

]]>
news-2892 Thu, 23 Aug 2018 10:00:00 +0200 Sportimpuls lokaal geborgd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportimpuls-lokaal-geborgd/ “De Sportimpuls heeft een beweging in de goede richting in gang gezet”. Het ontstaan van nieuwe samenwerkingsverbanden, nieuw sport- en beweegaanbod en het bereiken van nieuwe doelgroepen waren zonder de Sportimpuls niet van de grond gekomen. Daarnaast is met de Sportimpuls kennis en ervaring opgedaan met het opzetten en uitvoeren van een project. Zo rapporteren ondervraagde projectleiders in het onderzoek naar de borging van Sportimpuls projecten die in 2014 zijn gestart. Het onderzoek is in opdracht van ZonMw uitgevoerd door het Mulier Instituut, in navolging op het onderzoek van 2017 waarin projecten uit 2012 en 2013 zijn bevraagd. Met de Sportimpuls worden lokale sport- en beweegaanbieders twee jaar lang financieel ondersteund bij het opzetten van activiteiten om meer mensen te laten sporten en bewegen. In 2014 is de Sportimpuls uitgebreid naar drie regelingen: Sportimpuls, Sportimpuls Kinderen Sportief op gewicht (KSG) en Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten (JiLiB). Dit jaar zijn 177 projecten gestart. De online enquête, die is uitgezet onder hoofdaanvragers, is door 114 van hen ingevuld (respons 64%). Daarnaast zijn ook verdiepende interviews gehouden met projectleiders en is een non-respons analyse uitgevoerd.

Sport- en beweegactiviteiten grotendeels voortgezet

De bevraagde projecten zijn inmiddels zo’n 2 jaar verder sinds beëindiging van de subsidie. Bij 89% van de projecten worden de sport- en beweegactiviteiten die zijn opgezet nu nog in zijn geheel of gedeeltelijk uitgevoerd. Dit is vergelijkbaar met het percentage van het onderzoek uit 2017. Wel is het percentage projecten dat de activiteiten gedeeltelijk heeft voortgezet (51%) groter dan in het onderzoek van 2017. Een tekort aan deelnemers en een gebrek aan financiële middelen, zowel bij de uitvoerende organisaties als de doelgroep, worden als belangrijkste redenen voor het (deels) stoppen van de activiteiten genoemd. Bij de KSG-projecten is het aandeel projecten waarbij alle activiteiten zijn gestopt het hoogst.

Wat zijn de opbrengsten?

De hoofdaanvragers en projectleiders benoemden de volgende opbrengsten uit de sportimpulsprojecten:

  • Structurele sport- en beweegactiviteiten
  • Uitbreiding van samenwerkingsverbanden
  • Borging van kennis en expertise
  • Scholing van mensen die vervolgens activiteiten kunnen organiseren

Het percentage van de deelnemers dat uiteindelijk structureel (wekelijks) blijft sporten en bewegen varieert tussen projecten en is bij de JiLiB-projecten lager dan bij de reguliere projecten en KSG-projecten. Begeleiding van deelnemers naar passend vervolgaanbod, bijvoorbeeld door de buurtsportcoach, is van positieve invloed op het aantal deelnemers dat doorstroomt. De mate waarin kinderen doorstromen naar vervolgaanbod is ook erg afhankelijk van de ouders.

Samenwerking versterkt

Met name de samenwerking met de gemeente, andere sportverenigingen en de buurtsportcoach is versterkt. De lijnen tussen de organisaties zijn korter geworden, waardoor het mogelijk wordt om in een andere context samen te werken. Een win-winsituatie voor betrokken partijen en gezamenlijke doelen zijn voorbeelden van factoren die een succesvolle samenwerking bevorderen.

Borging in de toekomst

Om Sportimpulsprojecten die nog lopen of die nog moeten beginnen in de toekomst nog beter te kunnen borgen is het belangrijk dat de projecten meer vraaggericht werken bij het opzetten of verwijzen naar (vervolg)aanbod. Ook moet de financiële borging vanaf de start van het project al een aandachtspunt zijn. Het begeleiden van deelnemers naar structureel vervolgaanbod en het meer betrekken van ouders bij het sporten en bewegen van hun kind(eren) zijn factoren die de kans op succesvolle borging vergroten.

Meer informatie


]]>
news-2788 Wed, 22 Aug 2018 09:27:00 +0200 Onderzoek naar overdracht resistentie tussen mens en vee https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-overdracht-resistentie-tussen-mens-en-vee/ Deze zomer starten 5 onderzoeken naar antibioticagebruik in de veehouderij en effecten voor mensen en vee. Onderbouwing verminderen antibioticagebruik bij vee

De Universiteit Utrecht is een onderzoek gestart naar de benodigde biosecurity, vaccinatiegraad en acties op de boerderij om te komen tot een verminderd antibioticumgebruik bij kippen, kalveren en varkens in Nederland.

Varkensneus remt MRSA

Met hightech moleculaire technieken wordt gekeken of bacteriën die van nature bij varkens in de neus voorkomen, de groei van MRSA kunnen remmen. Dit project van de Universiteit Utrecht heeft een interdisciplinaire aanpak. Artsen, onderzoekers, dierenartsen en veehouders werken gezamenlijk aan het beperken van de overdracht van MRSA van varkens naar mensen.

Betere implementatie veterinaire richtlijnen antibioticagebruik

In een interventiestudie van de Universiteit Utrecht en Wageningen University & Research wordt getoetst of de implementatie van de veterinaire richtlijnen voor landbouwhuisdierenartsen te verbeteren is. Het doel van deze interdisciplinaire studie is het verder reduceren van het antibioticagebruik op een verantwoorde manier.

Vroege detectie via een blauwdruk

Universiteit Utrecht ontwikkelt een blauwdruk voor detectie van nieuwe typen antibioticaresistentie in de veehouderij. Vroege opsporing kan voorkómen dat deze nieuwe typen in de veehouderij wijdverbreid raken en een mogelijke bron voor overdracht naar de mens worden.

Mestverwerking en antibioticaresistentie

Het RIVM onderzoekt samen met internationale partners wat de risico’s van de uitstoot van antibioticaresistentie uit mest zijn voor de bevolking. In hoeverre kunnen mestverwerkingstechnieken antibioticaresistentie verminderen?

Interdisciplinair onderzoek

De genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit het programma Antibioticaresistentie en JPI AMR. Deze onderzoeken richten zich alle op de relatie tussen mens, dier en milieu (‘One Health’).

Meer informatie

]]>
news-2891 Tue, 21 Aug 2018 16:27:50 +0200 Nieuw onderzoek in de strijd tegen roken https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuw-onderzoek-in-de-strijd-tegen-roken/ Het komende half jaar gaan 4 consortia van start met nieuwe onderzoeken over tabaksontmoediging. Deze onderzoeksinstellingen, praktijkinstellingen en andere partijen ontwikkelen samen kennis over de beste manier om mensen te ondersteunen. Deze kennis draagt bij aan de volksgezondheid in het algemeen en de Rookvrije Generatie in het bijzonder. ZonMw heeft in samenwerking met de Hartstichting, KWF Kankerbestrijding en het Longfonds in 2017 een subsidieronde voor onderzoek naar tabaksontmoediging opgezet. De focus ligt op effect- of implementatieonderzoek naar het gebruik en beter bereik van bestaande interventies bij een bepaalde doelgroep of de algemene bevolking.

De volgende onderzoeken gaan van start:

  • Rookvrije sportclubs voor een rookvrije generatie
    Dit project omvat een doorontwikkeling en implementatie van het stappenplan van de Nederlandse Hartstichting om sportclubs rookvrij te maken en zo jongeren te ontmoedigen om te beginnen met roken.
  • Versterking van de Nederlandse anti-rook infrastructuur
    De essentie van het onderzoek is het versterken van de begeleiding vanuit de huisartspraktijk van patiënten die willen stoppen met roken.
  • Samen stoppen met roken!
    Doel van het onderzoek is om de Trimbos-richtlijn te verbeteren in de zorg voor zwangere vrouwen met een lage sociaaleconomische status die tijdens of na hun zwangerschap roken.
  • Financiële prikkels voor succesvolle stoppen met roken training op het werk
    Deze implementatiestudie onderzoekt hoe een stoppen-met-rokentraining op de werkplek in combinatie met financiële beloningen verspreid kan worden binnen Nederlandse bedrijven. Deze interventie blijkt namelijk effectief om rokers met een lage sociaaleconomische status te helpen stoppen met roken.

Onderzoeksoproep tabaksontmoedigingsbeleid gezondheidsfondsen

Op 13 september gaat de Onderzoeksoproep Tabaksontmoedigingsbeleid open. Deze onderzoeksoproep wordt georganiseerd door enkele gezondheidsfondsen. Het doel van de oproep is om bij te dragen aan een Rookvrije Generatie.

De fondsen organiseren een matchmakersbijeenkomst op donderdag 13 september (17:00 – 20:00) bestemd voor onderzoekers, kennisspecialisten en beleidsmedewerkers. Aanmelden kan nog t/m 2 september.

Meer informatie


]]>
news-2848 Thu, 09 Aug 2018 11:10:00 +0200 Wat kan een wijk-GGD’er betekenen voor uw gemeente? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-kan-een-wijk-ggder-betekenen-voor-uw-gemeente/ Een wijk-GGD’er blijkt in de praktijk een uitstekende verbindingsofficier. In een interview vertellen wijkfunctionaris Pieter de Vries en beleidsmedewerker Marjolijn Agterberg over hun ervaringen in Veenendaal. Wilt u een wijk-GGD'er of wijkfunctionaris aanstellen in uw gemeente? Kom dan op 13 september naar de aftrapbijeenkomst in Utrecht en vraag voor 4 oktober subsidie aan.
Het concept van de wijk-GGD’er is intussen in 13 gemeenten succesvol uitgerold. Een wijk-GGD’er – of wijkfunctionaris – werkt op het snijvlak van veiligheid en zorg en verbindt deze domeinen, zodat maatwerk mogelijk wordt. Hij of zij kent de huisarts, heeft contact met de supermarkteigenaar en legt lijntjes met politie en woningbouwcorporatie. In een vroeg stadium bepaalt de wijk-GGD’er samen met (zorg)ketenpartners welke aanpak en zorg iemand nodig heeft.

Grijp uw kans

Gemeenten hebben nu opnieuw de mogelijkheid om met hun samenwerkingspartners subsidie en ondersteuning aan te vragen voor de implementatie en borging van een wijk-GGD’er of wijkfunctionaris (deadline 4 oktober 2018, 14.00 uur). De ondersteuning door het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) richt zich onder meer op het creëren van bestuurlijke betrokkenheid, het maken van werkafspraken met relevante ketenpartners en de daadwerkelijke installatie van de wijk-GGD’er. Wilt u hier meer over weten? Kom dan 13 september naar de aftrapbijeenkomst in Utrecht en bekijk de subsidieoproep.

Betere verbindingen tussen wat er al is

Beleidsmedewerker Marjolijn Agterberg van de gemeente Veenendaal raadt andere gemeenten van harte een wijkfunctionaris (of wijk-GGD’er) aan. ‘Realiseer je dat je nooit bij nul begint. De functionaris legt vooral betere verbindingen tussen wat er al is. En vult de hiaten die je vervolgens vanzelf tegenkomt.’ Wijkfunctionaris Pieter de Vries beveelt collega-hulpverleners in het land zeker een functie aan als regionale verbinder. ’Het is mooi werk om mensen te kunnen helpen. Je zit bovendien veel dichter op het beleid.’ Zo kun je samen met de gemeente de situatie voor kwetsbare mensen in de wijk structureel helpen verbeteren. Wilt u meer weten over de aanpak in Veenendaal? Lees het interview met Marjolijn en Pieter.

Meer informatie

]]>
news-2854 Wed, 08 Aug 2018 15:08:07 +0200 Verrijk de zorg met kunst: win de Elisabeth van Thüringenprijs https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/verrijk-de-zorg-met-kunst-win-de-elisabeth-van-thueringenprijs/ Met een prijs stimuleert de Stichting Elisabeth van Thüringenfonds kunstprojecten in de gezondheidszorg. ZonMw-directeur Henk Smid is jurylid en roept kunstenaars op om met inzendingen te komen die de zorg verrijken. Tot 31 augustus kunt u uw project samen met een zorginstelling insturen. De Stichting Elisabeth van Thüringenfonds van het Spaarne Gasthuis reikt dit jaar een prijs van € 50.000 uit voor een kunstproject in de gezondheidszorg dat nog moet worden gerealiseerd.

Waarom is kunst in de zorg belangrijk?

‘Er komen steeds meer aanwijzingen dat omgevingsfactoren niet alleen van belang zijn voor je welzijn, maar mogelijk ook effect kunnen hebben op je gezondheid. Zoals bijvoorbeeld muziek luisteren tijdens een operatie. Er zijn aanwijzingen dat de patiënt sneller het ziekenhuis kan verlaten en minder pijnstilling nodig heeft naderhand. Dat zou niet alleen prettiger voor de patiënt zijn, maar kan ook tot een kostenbesparing leiden.
Het is enorm belangrijk om geld vrij te maken voor onderzoek naar het effect van kunst in de zorg. Het kan ertoe leiden dat de zorg efficiënter wordt. Gelukkig is er steeds meer oog voor de waarde van kunst voor de gezondheid en het welzijn. Of het nu participatieve kunst is, of een schilderij aan een muur, het prikkelt de hersenen. Dat is bewezen in de hersenwetenschap’, aldus Henk Smid.

Wat is Stichting Elisabeth van Thüringenfonds?

De Stichting komt voort uit het meer dan 400 jaar oude Elisabeth’s of Groote Gasthuis in Haarlem, het voormalige gemeentelijk ziekenhuis en is opgericht om de kunstcollectie van het ziekenhuis en het vermogen dat aan de kunstcollectie is gerelateerd te beheren.
De Stichting heeft mede tot doel het bevorderen van bijzondere prestaties op het gebied van gezondheidszorg en cultuur. Hiertoe stelt de Stichting driejaarlijks de Elisabeth van Thüringenprijs beschikbaar.

Meer informatie

]]>
news-2851 Wed, 08 Aug 2018 14:14:00 +0200 34 nieuwe projecten over verward gedrag van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/34-nieuwe-projecten-over-verward-gedrag-van-start/ In de zomer van 2018 hebben 34 regionale projecten subsidie gekregen om de hulp aan mensen met verward gedrag te verbeteren. Deze subsidies komen uit de 6e subsidieronde van het ZonMw-actieprogramma over verward gedrag. In totaal zijn er inmiddels al meer dan 200 praktijkprojecten gestart.
28 projecten zijn gericht op het in de praktijk toepassen van 1 of meer van de 9 bouwstenen voor een lokale, sluitende aanpak voor mensen met verward gedrag en hun omgeving. 6 projecten hebben een startsubsidie gekregen voor het opstellen van een plan van aanpak en het opzetten van een samenwerkingsverband. De projecten gaan uiterlijk 1 september van start.

Nieuwe subsidiemogelijkheden

Wilt u ook aan de slag met betere ondersteuning, opvang en zorg voor mensen met verward gedrag en hun omgeving? Dan komt u wellicht in aanmerking voor subsidie. Bekijk de nieuwe subsidiemogelijkheden op onze website. Wilt u meer weten over de subsidiemogelijkheden? Kom dan donderdagmiddag 4 oktober naar ons informatieplein in Utrecht.

Blijf op de hoogte

Wilt u op de hoogte blijven van subsidieoproepen, maar ook van projectresultaten en andere ontwikkelingen? Abonneer u dan op onze nieuwsbrief Geestelijke gezondheid en/of volg ons op LinkedIn.

Meer informatie

]]>
news-2849 Tue, 07 Aug 2018 10:33:05 +0200 Meniscusscheur: operatie of fysiotherapie? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/meniscusscheur-operatie-of-fysiotherapie/ De resultaten van een door ZonMw gefinancierd onderzoek laten zien dat een fysiotherapie behandeling niet minder effectief is bij patiënten met knieklachten dan een meniscusoperatie, waarbij een deel van de meniscus wordt verwijderd. Dit levert een kostenbesparing op van gemiddeld 2.000 euro per patiënt. Behandeling

Veel mensen tussen de 45 en 70 jaar met knieklachten hebben een scheur in hun meniscus, de schokdemper van de knie. Tot op heden is weinig onderzoek verricht naar de verschillende behandelingen voor patiënten met een meniscusscheur. Naar schatting worden elk jaar 18.000 mensen van 50 jaar en ouder verwezen voor een meniscusoperatie. In dit onderzoek is een meniscusoperatie, de huidige standaard behandeling, vergeleken met een fysiotherapie behandeling.

Kostenbesparing

Nadat patiënten 2 jaar gevolgd zijn is gebleken dat fysiotherapie niet minder effectief is dan een meniscusoperatie bij patiënten tussen de 45 en 70 jaar met een meniscusscheur. Er is geen aantoonbaar verschil tussen de groepen gevonden in de ontwikkeling van artrose. De totale kosten per patiënt zijn, vanuit een maatschappelijk perspectief gezien, gemiddeld 2.000 euro lager voor de groep die fysiotherapie kreeg.

Implementatie

Fysiotherapie is een goede optie als eerste keuze in de behandeling van patiënten met een meniscusscheur. Op basis van dit onderzoek wordt een implementatiestrategie ontwikkeld om de resultaten te implementeren in Nederland.

Meer informatie

]]>
news-2843 Mon, 06 Aug 2018 11:54:02 +0200 Langer nagenieten van de vakantie? Liever niet met een soa! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/langer-nagenieten-van-de-vakantie-liever-niet-met-een-soa/ Veel jongeren hebben tijdens hun vakantie onbeschermde seks. Bij onbeschermde seks is de kans op een seksueel overdraagbare aandoening groot. In Nederland alleen al lopen jaarlijks ruim 100.000 mensen een soa op. Vanuit het preventieprogramma is ingezet op onderzoek naar screening op infectieziekten zoals soa’s. SoaSeksCheck: jongeren doelmatiger en gerichter bereiken

In dit onderzoek is de SoaSeksCheck ontwikkeld. Een webapplicatie om jongeren, die een potentieel hoog risico lopen op een soa, gerichter te bereiken en indien nodig door te sturen naar een aanbieder van betrouwbare soa-zorg. De SoaSeksCheck bestaat uit een chatbot (geautomatiseerde gesprekspartner) waar vragen rondom seksualiteit en het risico op soa gesteld konden worden. Op die manier kon de risicogroep tijdig worden opgespoord en doorgeleid worden tot behandeling.

Daarnaast kregen jongeren de mogelijkheid om via de elektronische agendamodule een afspraak in te plannen bij de soa poli. Ook werd er in de webapplicatie feitelijke informatie gegeven over soa’s en zwangerschap waarbij de anonimiteit van de jongeren ten alle tijden wordt gewaarborgd. De resultaten suggereren dat de SoaSeksCheck het bereik en doorgeleiding van hoog-risico jongeren in een urbane setting met een niet-Nederlandse afkomst kan verbeteren en dat de applicatie bijdraagt aan effectiever soa testbeleid.

Een gewaarschuwd mens…

In dit project is de website www.partnerwaarschuwing.nl succesvol geïmplementeerd. Mensen met een soa kunnen via deze site hun sekspartners waarschuwen. Overdracht van een soa kan gebeuren zonder dat partners weten dat zij een soa hebben. Een onbehandelde soa kan grote gevolgen hebben. Zo kan gonorroe leiden tot onvruchtbaarheid bij vrouwen en bijbalontstekingen bij mannen.

Waarschuwen van een sekspartner kan op verschillende manieren, persoonlijk of via de telefoon. Met een sms of een WhatsAppbericht of via de waarschuwingsmodule van partnerwaarschuwing.nl.
Het is ook mogelijk anoniem te waarschuwen via de website. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de code die bij de soa uitslag is ontvangen. Er wordt vervolgens anoniem een bericht naar de te waarschuwen sekspartner verstuurd.

Alle GGD’en gebruiken de website

Inmiddels gebruiken de soa-poli’s van alle GGD’en de website. Een kleine 400 huisartsenpraktijken hebben een inlogaccount en kunnen codes meegeven aan hun patiënten. De helft van de hiv-behandelcentra heeft tenminste één hiv-consulent die codes kan meegeven. Ten slotte is de site via andere websites gepromoot onder mensen die een soa hebben, bijvoorbeeld via thuisarts.nl. Vooral via soaaids.nl zijn veel bezoekers naar de site gekomen.

Grensverleggend onderzoek

ZonMw stimuleert kennisontwikkeling over gezondheidsonderzoek en zorginnovaties. De genoemde onderzoeken SoaSeksCheck en Partnerwaarschuwing.nl worden gefinancierd vanuit het Preventie deelprogramma Vroege Opsporing.

Meer informatie

]]>
news-2842 Fri, 03 Aug 2018 16:36:26 +0200 In memoriam: Hannie van Leeuwen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/in-memoriam-hannie-van-leeuwen/ Op 2 augustus 2018 ontvingen wij het verdrietige bericht dat Hannie van Leeuwen op 92-jarige leeftijd is overleden. Na haar politieke carrière trad zij in 2008 op 82-jarige leeftijd toe tot de ZonMw–commissie van het Nationaal Programma Ouderenzorg (NPO). Zij was daarmee de mascotte en de ambassadeur van dit programma. Hannie van Leeuwen was een aanwinst voor de commissie van het NPO. Ze combineerde haar grote kennis over het ouderenbeleid, door de jaren heen met gezag opgebouwd tijdens haar politieke carrière, met een enorme betrokkenheid voor ouderen in een kwetsbare positie. Altijd weer vroeg zij aandacht voor de ouderen die het minder hadden. Zij was dan ook een voorstander dat het ouderenbeleid dichter naar de burgers werd gebracht.

‘Niet over ons zonder ons’

Hannie was van mening dat ouderen inspraak moesten hebben bij projecten, ontwikkelingen en onderzoek dat over ouderen ging. En niet alleen inspraak, ze moesten volgens haar ook meepraten en de uitkomsten mee evalueren. Die visie is van grote waarde geweest in het werk van het Nationaal Programma Ouderenzorg.

Hannie droeg haar visie actief uit. Als de hooggeleerden, professionals en onderzoekers vergeten waren om de ouderen zelf te raadplegen, dan wees Hannie hen daar steeds fijntjes op. Het motto van het ouderenpanel van het geriatrische netwerk Nijmegen ’niet over ons zonder ons’ had haar lijfspreuk kunnen zijn.

Niet voor niets was Hannie ook de motor achter het deelproject ‘Krachtig cliëntenperspectief’, waarin gepropageerd werd dat er naar ouderen zélf geluisterd moest worden en dat ouderen met respect bejegend moesten worden. Dit resulteerde in een handboek. Ook werden ouderen in dit project met hulp van de ouderenbonden getraind in het opkomen voor het belang van de ouderen zelf.

Het NPO

Tijdens de jaren van het NPO hield Hannie regelmatig goed bezochte lezingen voor ouderen over de onderwerpen die haar bezighielden. Dit kostte haar met de jaren steeds meer moeite, maar zoals ze me toevertrouwde: het gaf haar ook energie.

Hannie was er vanaf het begin tot het einde bij. Bij de start van het programma in april 2008 nam Hannie van de toenmalige staatsecretaris Bussemaker de cheque voor het NPO van 88 miljoen in ontvangst, waarmee de start van het programma was bezegeld. Ook bij de officiële afsluiting van het NPO op de jaarconferentie ‘Een nieuwe generatie ouderen(zorg)’ in november 2016 was zij van de partij. Ze deelde in het dankwoord van staatssecretaris Van Rijn en nam een boeket bloemen in ontvangst. Daarna volgt een periode waarin het NPO de laatste zaken afrondt en de overgang naar het nieuwe programma Langdurige Zorg en Ondersteuning maakt.

Interview

Wij hoopten dat Hannie aanwezig zou zijn bij het definitieve afsluiting van het NPO op 12 september 2018. Dat mag niet zo zijn. Gelukkig zal ze er toch ‘bij zijn’, want afgelopen juni stemde zij toe tot een interview, over haar jaren bij het NPO en over haar opvattingen. Dat interview zou op 12 september vertoond worden tijdens de afsluiting van het programma, maar in verband met haar overlijden kunt u dit interview nu al bekijken.

Een tijd geleden werd aan Leidse ouderen van 85+ gevraagd wat zij de belangrijkste factoren vinden voor succesvol ouder worden. Voor hen waren dat sociale contacten en iets voor een ander betekenen. Hannie was daar het levende voorbeeld van. Wij zullen haar zeer missen.

Namens alle betrokkenen bij het Nationaal Programma Ouderenzorg,
Betty Meyboom, voorzitter programmacommissie NPO

]]>
news-2792 Thu, 02 Aug 2018 13:30:00 +0200 Sportblessurepreventie: 6 nieuwe projecten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportblessurepreventie-6-nieuwe-projecten/ Eind dit jaar starten 6 nieuwe projecten die zich richten op het voorkomen van sportblessures. De projecten zijn gefinancierd uit de tweede en laatste open subsidieronde binnen het programma Sportblessurepreventie. ZonMw ontving 16 aanvragen voor de subsidieronde Sportblessurepreventie 2018. Van deze zijn 6 projecten gehonoreerd. Deze projecten starten eind dit jaar en duren 2 jaar. De projecten richten zich op het testen van het effect van een interventie en/of na invoering op het succes van implementatie. Waar nodig worden interventies eerst doorontwikkeld. Dit gebeurt samen met praktijkpartners zoals sportbonden, sportverenigingen en organisatoren van sportevenementen.

We stellen de 6 projecten graag aan u voor:

  • Warming-up programma’s bij volleybal en hockey. De eerder effectief gebleken programma’s ‘VolleyVeilig’ en ‘Warming-up Hockey’ bestaan uit een aantal warming-up oefeningen en zijn beschikbaar via een app en website. Voor de landelijke implementatie van deze interventies wordt een plan opgesteld, uitgevoerd en geëvalueerd.
  • Minder blessures in het jeugdvolleybal. ‘VolleyVeilig’ is ontwikkeld voor volwassenen. In dit project wordt het effect van dit programma getest bij de jeugd van 10 tot 16 jaar. Coaches geven iedere week de blessures door, zodat het effect van de oefeningen voor de jeugd gemeten wordt.
  • Rode kaart voor voetbalblessures. Het internationaal ontwikkelde ‘11+ programma’ dat blessures voorkomt in het voetbal, wordt vertaald naar de Nederlandse context. Vervolgens wordt een implementatieplan ontwikkeld en vindt na invoering een evaluatie plaats.
  • 10 stappen tegen hardloopblessures. Het doel van het programma ‘10 steps 2 outrun injuries’ is het voorkomen van blessures bij recreatieve hardlopers door online adviezen en oefeningen te geven. Rondom een hardloopevenement wordt het effect getest.
  • Implementatie van RunFitCheck. Op basis van de eigen fysieke capaciteit en het gestelde doel geeft ‘RunFitCheck’ trainingsadvies op maat. Het stimuleert preventief gedrag (denk aan het doen van een goede warming-up) bij beginnende hardlopers. De interventie wordt ingevoerd en geëvalueerd.
  • Blessurevermindering in het judo. Het internationale programma ‘Judo 9+’ dat oefeningen bevat om spieren sterker te maken en een betere balans te krijgen, wordt vertaald naar de Nederlandse context. Als het effect ervan positief is worden stappen gezet om de interventie landelijk in te voeren.

Programma Sportblessurepreventie

De aanleiding voor het programma Sportblessurepreventie is de stijging van het aantal nieuwe sportblessures in Nederland. In 2013 liepen sporters in Nederland naar schatting 4,5 miljoen sportblessures op. De kans op het ontstaan van een nieuwe sportblessure is tussen 2008 en 2014 met maar liefst 14% gestegen. Daarom is eind 2015 het programma Sportblessurepreventie van start gegaan. Het doel van het programma is om met het ontwikkelen en toepassen van kennis en interventies bij te dragen aan het verlagen van het aantal nieuwe sportblessures. Dit zorgt voor een hogere sportparticipatie, meer sportplezier en voor minder aan sportblessures gerelateerde kosten voor de maatschappij.

Kennis delen

De komende periode worden de resultaten van de projecten die vanuit de eerste subsidieronde van start zijn gegaan verder verspreid. Onder andere op het symposium Sportblessurepreventie van VeiligheidNL (8 november, Amsterdam) en op het Sportmedische Wetenschappelijk Jaarcongres van de VSG (28-30 november, Ermelo). De projecten die vanuit de tweede subsidieronde zijn gehonoreerd starten eind dit jaar en worden eind 2020 afgerond.

Meer informatie


]]>
news-2819 Wed, 01 Aug 2018 13:20:28 +0200 Meer maatregelen tegen lachgas https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/meer-maatregelen-tegen-lachgas/ Ruim de helft van het uitgaanspubliek tussen de 15 en 35 jaar heeft wel eens lachgas geïnhaleerd. Lachgas heeft een onschuldig imago en wordt soms al op jeugdige leeftijd gebruikt door jongeren die weinig of geen ervaring hebben met alcohol, roken of drugs. Maar gebruikers rapporteren wel degelijk een rits aan negatieve gezondheidseffecten. Deze bevindingen komen uit het rapport ‘Roes met een luchtje’ van het Trimbos-instituut en het Bonger Instituut dat door ZonMw is gefinancierd. De aanbevelingen uit het rapport zijn breed overgenomen door de overheid en de praktijk.

Betere voorlichting en beperkte verkoop

Deze aanbevelingen hebben geresulteerd in meer maatregelen tegen het gebruik van lachgas. Zoals het beter stroomlijnen van voorlichting richting de jongeren en hun ouders. Ook ontmoedigen leveranciers de verkoop aan jongeren en krijgen scholen en ouders binnenkort meer voorlichting over de schadelijkheid van het inhaleren van lachgas.

Nieuwe campagne

Het Trimbos instituut heeft een nieuwe campagne gelanceerd om ouders, uitgaanspubliek en gemeenten te bereiken. De campagne beschikt onder andere over de informatieve video ‘5 dingen die je als ouder moet weten over lachgas’. Aankomend schooljaar wordt de preventie van lachgasgebruik opgenomen in het preventiepakket ‘De gezonde school en genotmiddelen’, dat kinderen waarschuwt voor alcohol, roken en drugs.

Meer informatie

]]>
news-2798 Fri, 27 Jul 2018 09:02:49 +0200 Kunt u nog wel lekker zwemmen deze zomer? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kunt-u-nog-wel-lekker-zwemmen-deze-zomer/ Als het warmer wordt en de zomer vordert, is het steeds aantrekkelijker om een lekkere duik te nemen in natuurwater. Maar is dit wel zo’n goed idee? Wat zwemt er met u mee? Darmbacterie kopje onder

Darminfecties bij mensen worden o.a. veroorzaakt door de bacterie Campylobacter. De bacterie verspreidt zich meestal van landbouwhuisdieren naar mensen. De bacterie komt ook voor bij wilde vogels en in oppervlaktewater. De bijdrage van deze bronnen aan humane infectie is grotendeels onbekend.
 
Het RIVM onderzoekt met verschillende partners de oorsprong en verspreiding van Campylobacter in het milieu. Het onderzoek leidt tot acties die ondernomen kunnen worden om het verspreiden van de bacterie via het milieu te voorkomen.

Een slok afvalwater

U kunt bijvoorbeeld blauwalg tegenkomen in het zwemwater. De blauwalg is een cyanobacterie, die in de zomer zeer giftige stoffen produceert. Het komt vaak voor dat op de plekken waar blauwalg is een zwemverbod van kracht is. Wanneer er te veel stikstof en fosfor in het oppervlaktewater aanwezig zijn kan dit zorgen voor een overmatige groei van algen en cyanobacteriën. Dit is herkenbaar aan de groene drab die dan op het water drijft. Wanneer de algen en cyanobacteriën vervolgens afsterven ontstaan er zuurstoftekort in het water.

Recent was in het nieuws dat waterschappen mensen afraden te zwemmen in oppervlaktewater vanwege de explosieve groei van blauwalgen.

In ons oppervlaktewater wordt gereinigd huishoudelijk afvalwater geloosd. Huishoudelijk afvalwater is er in verschillende varianten; ‘Zwart water’ is het water dat we wegspoelen na een uitgebreid toiletbezoek. Dit water is het meest vervuilde water. ‘Grijs water’ is afvalwater dat afkomstig is van bad, douche, keuken en (afwas) machine. Grijs water is minder vervuild maar wordt wel meer geproduceerd. Dit afvalwater wordt gereinigd en vervolgens weer in oppervlaktewater geloosd.

Resistente bacteriën

Mensen spoelen regelmatig hun overgebleven medicijnen door het toilet. Deze medicijnresten kunnen grotendeels uit het rioolwater worden gefilterd, maar een deel komt toch in het oppervlaktewater terecht. Dit is slecht voor ons milieu en voor het waterleven. Zo kunnen antidepressiva zorgen voor een gedragsverandering bij kleine waterkreeftjes en vissen.
 
Mensen en dieren scheiden resistente bacteriën uit met de ontlasting en die bereiken via het riool de afvalwaterzuivering. Afvalwaterzuiveringen kunnen het aantal resistente bacteriën, resistentiegenen en resten van antibiotica deels verminderen, maar niet volledig.

Mensen die zwemmen in oppervlaktewater waarin gezuiverd afvalwater wordt geloosd, kunnen deze resistente bacteriën mogelijk binnenkrijgen. De gevolgen hiervan voor de gezondheid moeten nog onderzocht worden.
 
Het RIVM onderzoekt in hoeverre het mogelijk is om resistente darmbacteriën binnen te krijgen door te zwemmen in  oppervlaktewater. Zij zoeken deelnemers voor een zwemmersstudie.

Grensverleggend onderzoek

ZonMw stimuleert kennisontwikkeling over gezondheidsonderzoek en zorginnovaties. Het genoemde onderzoek van de Campylobacter wordt gefinancierd vanuit het programma Non-alimentaire zoönosen. Non-alimentaire zoönosen zijn infecties die van dieren overgedragen worden aan de mens, buiten de voedselketen om.

Meer informatie

Wilt u weten waar u veilig kunt zwemmen deze zomer? Op Zwemwater.nl vindt u meer informatie over de waterkwaliteit van het zwemwater in Nederland. Heeft u een specifieke vraag? Dan kunt u bellen met de zwemwatertelefoon in uw provincie.

Hieronder vindt u een lijst met links naar achtergrondinformatie over de onderzoeken uit dit artikel:

]]>
news-2797 Fri, 27 Jul 2018 07:00:00 +0200 Projecten eerste subsidieronde Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd gehonoreerd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/projecten-eerste-subsidieronde-actieprogramma-maatschappelijke-diensttijd-gehonoreerd/ Vandaag is bekendgemaakt dat 38 proeftuinen van het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd binnenkort van start mogen gaan. Deze projecten zijn gehonoreerd vanuit de eerste subsidieronde en zullen zo’n 13.000 jongeren stimuleren zich vrijwillig in te zetten voor andere mensen en goede doelen, die wel een steuntje in de rug kunnen gebruiken. Proeftuinen

Er zit veel diversiteit in de gehonoreerde proeftuinen. Jongeren kunnen aan de slag in de zorg, sport of cultuur, op het platteland en zelfs op zee. Een van de projecten is van de Reddingsbrigade. Als lifeguard, trainer of instructeur worden jongeren opgeleid en dragen ze verantwoordelijkheid. De jongeren krijgen de mogelijkheid om na hun diensttijd met een EHBO- en internationaal erkend lifeguarddiploma de deur uit te lopen, of om langer te blijven. Bij een ander project organiseren jongeren door het hele land diners op het platteland, waardoor jongeren uit de stad en jonge boeren met elkaar in contact komen. Maar ook inzet binnen een maatjesproject en als vrijwilliger aan de slag gaan bij mensen thuis behoort binnen de proeftuinen tot de mogelijkheden. 

Alle proeftuinen hebben met elkaar gemeen dat jongeren zich inzetten voor een ander en zo hun eigen talenten ontdekken en ontwikkelen. Jongeren leren bij de gekozen projecten nieuwe vaardigheden, maar ook zeker wat ze leuk vinden om te doen. Een aantal proeftuinen richten zich op jongeren zonder diploma of jongeren die moeilijk een baan kunnen vinden. Met de maatschappelijke diensttijd worden zij met passende begeleiding in staat gesteld te ontdekken waar hun talenten liggen en deze te benutten. 

In het zonnetje gezet

Staatssecretaris Paul Blokhuis heeft alle gehonoreerde proeftuinen via een videoboodschap gefeliciteerd en wenst ze, mede namens ZonMw veel succes met het realiseren van de proeftuinen. 

“Felicitaties aan alle organisaties die de komende maanden gaan pionieren voor de maatschappelijke diensttijd”, zegt staatssecretaris van VWS Paul Blokhuis. “De bedoeling van maatschappelijke diensttijd is dat jongeren uit alle sociale lagen zich kunnen inzetten voor andere mensen en goede doelen, die wel een steuntje in de rug kunnen gebruiken. Het is vooral iets voor jongeren zelf, om kennis en praktische ervaring op te doen, maar ook om in contact te komen met andere jongeren en ouderen die ze normaal gesproken niet dagelijks tegen het lijf lopen. Dit kan eraan bijdragen dat iedereen de kans krijgt om mee te doen. Ik heb er vertrouwen in dat de gekozen projecten de samenleving en zeker ook de levens van jongeren die meedoen, op een positieve manier gaan beïnvloeden.”

Een aantal veelbelovende projecten zijn vandaag extra in het zonnetje gezet. Zij worden verrast met een bezoek van een delegatie van het ministerie van VWS, ZonMw en jongeren die betrokken waren bij de honorering van de projecten. 

Het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd

Met de maatschappelijke diensttijd wil het kabinet bevorderen dat iedere jongere de mogelijkheid krijgt om via maatschappelijke projecten en activiteiten bij te dragen aan een sterke en betrokken samenleving. De diensttijd is breed toegankelijk voor alle jongeren. Het doel is om de maatschappelijke diensttijd zo vorm te geven dat het ook jongeren aantrekt die nu nog niet maatschappelijk actief zijn en/of jongeren stimuleert om dat nog meer te doen. Het doel van het ZonMw-actieprogramma is om in proeftuinen te experimenteren met het organiseren en uitvoeren van de maatschappelijke diensttijd.  Om zo vanuit de praktijk te leren wat werkt en op basis daarvan de maatschappelijke diensttijd vorm te geven. 

Binnenkort nieuwe subsidiemogelijkheden

Heeft u ook een goed idee, maar de eerste ronde gemist? Eind augustus gaat de tweede subsidieronde van het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd open. De deadline voor het indienen van een subsidieaanvraag is 9 oktober 2018, maar maak voor 21 september uw interesse kenbaar. Op woensdag 5 september organiseren we een informatiebijeenkomst waarin we de subsidieoproep en de procedures om een aanvraag in te dienen nader toelichten en uw vragen beantwoorden. Daarvoor kunt u zich hier aanmelden. Abonneer u ook op onze nieuwsbrief jeugd om op de hoogte te blijven. 

Meer weten?

]]>
news-2783 Mon, 23 Jul 2018 16:11:37 +0200 Mediator 30: Slaaptandarts ontwikkelt diagnostisch hulpmiddel https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/mediator-30-slaaptandarts-ontwikkelt-diagnostisch-hulpmiddel/ Bij sommige mensen slijt het gebit te snel. Dat kan komen door nachtelijk tandenknarsen, maar hoeft niet. Tandarts Michiel Allessie ontwikkelde een app die ’s nachts dat malende geluid registreert. Een groot Amerikaans bedrijf heeft de vinding opgekocht en de bedenker gevraagd te helpen bij de verdere ontwikkeling. Naast dit projectresultaat staat deze editie weer vol met interessante artikelen over uiteenlopende onderwerpen.

  • Ambassadeurstrajecten wijkverpleegkundigen en verzorgenden in de wijk: ‘We hebben veel meer lef gekregen’
  • Werken aan goed buurmanschap: netwerk in de buurt als antwoord op ‘verward gedrag’
  • Drie instrumenten om proefdierleed te verminderen
  • Een e-learning over gendersensitieve zorg moet artsen in opleiding en praktiserende artsen bewust maken van verschillen tussen mannen en vrouwen.
  • Het digitale magazine 5 jaar sportonderzoek laat zien dat sterker onderzoek naar sport en bewegen niet alleen goed nieuws is voor topsporters.
  • Bevolkingsonderzoek naar kanker: twee opinies.
  • Veel wetenschappers werken enige tijd in den vreemde. Wat valt ze daar op? Deze keer: Arne Nieuwenhuys, onderzoeker en universitair docent aan de Universiteit van Auckland
  • Column Sjaak de Gouw: 'Zet een bestuurskundige bij ieder projectteam'

Gratis abonnement
Naast de achtergrondartikelen staat in elke editie van Mediator een selectie van afgeronde projecten. Maar ook speciaal voor Mediator geselecteerd nieuws. Het abonnement van de digitale Mediator is gratis. Op de abonneerpagina vult u uw e-mailadres in en vinkt u Mediator aan. Bij elke nieuwe editie ontvangt u een attendering.

Meer informatie

]]>
news-2779 Mon, 23 Jul 2018 15:01:00 +0200 Startende wetenschapstalenten naar buitenlandse topinstituten met Rubicon https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/startende-wetenschapstalenten-naar-buitenlandse-topinstituten-met-rubicon/ 20 onlangs gepromoveerde onderzoekers gaan onderzoek doen aan buitenlandse onderzoeksinstellingen met een Rubiconfinanciering van NWO, 4 daarvan vallen onder het werkterrein van ZonMw. Het programma Rubicon is bedoeld om jonge, veelbelovende wetenschappers de mogelijkheid te geven internationale onderzoekservaring op te doen. Ze onderzoeken onder andere het glazen plafond in de wetenschap voor vrouwen en minderheden, de invloed van meertaligheid op de hersenontwikkeling, dengue en de evolutie van virusepidemieën

De 4 ZonMw gehonoreerde projecten:

Ontstoken darmen en vers bloed

M.Sc, V. (Vincent) van Unen (M), Leids Universitair Medisch Centrum. Verenigde Staten, Stanford Universiteit, School van Geneeskunde, Afdeling Microbiologie en Immunologie, 24 maanden
Ons afweersysteem beschermt ons tegen infecties maar kan ook moeilijk te behandelen darmziekten veroorzaken. In dit onderzoeksproject zal de onderzoeker bestuderen waarom het afweersysteem ontspoort en hoe dit in bloed kan worden gemeten zodat betere diagnose en therapie ontwikkeld kan worden.

Een betere stofwisseling in oude bloedvaten

Dr. K. (Kosta) Theodorou (m), Universiteit Maastricht, Duitsland, Goethe University Frankfurt, Institute of Cardiovascular Regeneration, 24 maanden
Veroudering vermindert de functie van bloedvaten, met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten als gevolg. De onderzoeker zal nagaan of de stofwisseling van oude bloedvat cellen hersteld kan worden om het verhoogd risico op hart- en vaatziekten te verminderen.

Mensen en muggen vs het denguevirus

Dr. M.A (Mayra) Diosa-Toro (v), Rijksuniversiteit Groningen, Singapore, National University of Singapore, Duke-NUS Medical School, 24 maanden.
Miljoenen mensen worden door muggen gebeten, waarvan velen een ziekte genaamd knokkelkoorts krijgen. Dit komt omdat de cellen in ons lichaam het denguevirus niet kunnen doden. De onderzoeker gaat bestuderen hoe dit virus ontkomt aan het antivirale arsenaal van onze cellen.

Je hoeft het niet alleen te doen: hoe vaccins en je microbioom je afweersysteem ondersteunen

Dr. S.E. (Sanne) de Jong (V), Leids Universitair Medisch Centrum, Verenigde Staten, Stanford Universiteit, Instituut voor Immuniteit, Transplantatie en Infectie, 24 maanden
Waarom werkt een vaccin beter bij de een dan de ander? Het doel van dit onderzoek is om rol van zowel verschillende afweerceltypen als van darmbacteriën hierin vast te stellen.

Meer informatie

 

Bron: NWO

]]>
news-2773 Thu, 19 Jul 2018 09:00:00 +0200 Onderzoek helpt in de strijd tegen hiv en aids https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-helpt-in-de-strijd-tegen-hiv-en-aids/ Onderzoek levert kennis op over de transmissie, het ziekteverloop en de preventie van hiv. Het recente besluit van VWS om PrEP te verstrekken, is daar mede op gebaseerd. PrEP

Recent heeft VWS bekend gemaakt dat preventieve hiv-remmers (PrEP) binnen een onderzoekssetting voor 5 jaar worden verstrekt aan de hoogrisicogroep van mannen die seks hebben met mannen (MSM). GGD-regio's organiseren de verstrekking en bijbehorende 3-maandelijkse medische zorg voor PrEP-gebruikers. Uit onderzoek van GGD Amsterdam bleek PrEP kosteneffectief. Wel bleek dat bij PrEP-gebruikers het condoomgebruik afnam. Gelukkig bleef het aantal soa’s stabiel.

Elske Hoornenborg, projectleider van het AMPrEP-project van GGD Amsterdam: “Laagdrempelige beschikbaarheid van PrEP levert een zeer belangrijke bijdrage aan het stoppen van hiv-transmissie in Nederland.”

Louise van Deth, directeur Aidsfonds-Soa Aids Nederland: “Wij dringen al jaren aan om PrEP in Nederland te vergoeden. PrEP is simpelweg kostenbesparend omdat je met het voorkomen van nieuwe infecties ook de kosten van levenslange behandeling van hiv voorkomt.”

Onderzoek naar geneesmiddel

Onderzoekers van het Amsterdam UMC deden onlangs een belangrijke ontdekking in de zoektocht naar een geneesmiddel naar aids. De Langerhanscellen spelen een belangrijke rol als poortwachter. Zij kunnen voorkomen dat hiv het lichaam binnendringt. Dit onderzoek is een vervolg op door ZonMw gefinancierd Vici-onderzoek van deze onderzoeker.

Therapiefalen

Onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Utrecht en de Universiteit Utrecht werken samen met de Ndlovu Care Group, een hiv-kliniek in Zuid-Afrika, in het ITREMA-project. Zij bestuderen of een intensieve controlestrategie met zelf ontwikkelde innovatieve technologie eerder/vroeger therapiefalen kan opsporen en leidt tot kostenbesparing. Tevens onderzoeken zij hoe sociaaleconomische factoren bijdragen aan therapiefalen.

Seksueel risicogedrag

Met dit project onderzoeken het RIVM en GGD Amsterdam hoe seksueel risicogedrag verandert in de levensloop van MSM. Als de veranderingen in risicogedrag op een kortere tijdschaal plaatsvinden, zien de onderzoekers een grotere impact op hiv-verspreiding. Hiv-verspreiding kan beperkt worden wanneer veel MSM met hoog risicogedrag PrEP gebruiken.

Subsidiemogelijkheden

Wij stimuleren kennisontwikkeling over preventie, diagnostiek en behandeling van hiv. Dat doen we door gezondheidsonderzoek te financieren. Een overzicht van de subsidiemogelijkheden voor onderzoek naar hiv en aids vind u op onze website. De in dit nieuwsbericht genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit de programma’s Infectieziektebestrijding, Vici, Antimicrobiële resistentie en TOP-subsidies.

Internationale conferentie

Op de 22e internationale aids-conferentie in Amsterdam spreken 18.000 internationale onderzoekers, zorgprofessionals en beleidsmakers met elkaar over hiv-preventie en de wereldwijde strijd tegen aids.

Meer informatie

]]>
news-2762 Mon, 16 Jul 2018 14:50:22 +0200 NWO-Veni van 250.000 euro voor 154 onderzoekers https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nwo-veni-van-250000-euro-voor-154-onderzoekers/ De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft 154 veelbelovende jonge wetenschappers een Veni-financiering van maximaal 250.000 euro toegekend, 23 daarvan vallen onder het ZonMw werkterrein. Hiermee kunnen de laureaten gedurende drie jaar hun eigen onderzoeksideeën verder ontwikkelen. De Veni-laureaten gaan onder andere onderzoek doen aan de wisselwerking van hersengebieden bij autisme, de gevolgen van Chinese overnames van Europese bedrijven, de rol van dieren in een circulair voedselsysteem en hoe stamcellen van de patiënt gebruikt kunnen worden om mini-levers te maken die de menselijke lever kunnen vervangen en zo uiteindelijk leverpatiënten kunnen helpen.

De Veni wordt jaarlijks door NWO toegekend. In totaal dienden in deze Veni-ronde 1115 onderzoekers een ontvankelijk onderzoeksvoorstel in voor financiering. Daarvan zijn er nu 154 gehonoreerd. Dat komt neer op een honoreringspercentage van 14%. De aanvragen werden door middel van peer review beoordeeld door externe deskundigen uit de betreffende vakgebieden. Met deze Veni-ronde is een totaalbedrag van 38,4 miljoen euro gemoeid.

Vernieuwingsimpuls

Veni maakt, samen met Vidi en Vici, onderdeel uit van de Vernieuwingsimpuls van NWO. Veni is gericht op excellente onderzoekers die onlangs gepromoveerd zijn. Binnen de Vernieuwingsimpuls zijn onderzoekers vrij om hun eigen onderwerp voor financiering in te dienen. Op deze manier stimuleert NWO nieuwsgierigheidsgedreven en vernieuwend onderzoek. NWO selecteert onderzoekers op basis van de kwaliteit van de onderzoeker, het innovatieve karakter van het onderzoek, de verwachte wetenschappelijke impact van het onderzoeksvoorstel en mogelijkheden voor kennisbenutting.

Videoserie: Veni-laureaten 2017 blikken terug op afgelopen onderzoeksjaar

Ieder jaar helpt NWO jonge onderzoekers hun ideeën om te zetten in actie. Onderzoekers Lynn Boschloo (Vrije Universiteit Amsterdam), Laurien Crump-Gabreëls (Universiteit Utrecht), Said Rodriguez (NWO-instituut AMOLF) en Sonja de Vries (Wageningen University & Research) ontvingen vorig jaar al een Veni. Zij blikken in onderstaande videoreeks terug op het afgelopen onderzoeksjaar.  

Meer informatie

Bron: NWO

 

]]>
news-2756 Fri, 13 Jul 2018 10:57:43 +0200 Positieve evaluatie programma Zwangerschap en geboorte https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/positieve-evaluatie-programma-zwangerschap-en-geboorte/ De evaluatiecommissie is positief over de uitvoering en opbrengsten van het programma Zwangerschap en geboorte I (2011 - 2016). Zij vindt het zeer aannemelijk dat de kennis uit het programma bijdraagt aan het verbeteren van de zorg voor moeder en kind. De evaluatie is op 9 juli 2018 aangeboden aan het ministerie van VWS. Met het programma Zwangerschap en geboorte I is een landelijke kennisinfrastructuur opgezet. Er zijn 9 regionale consortia opgericht, waarin professionals in de geboortezorg samen werken aan zorg en onderzoek. Daarnaast is er veel kennis ontwikkeld over hoe de geboortezorg in de regio geoptimaliseerd kan worden.

Wilt u meer weten over de resultaten?

In het online magazine www.zgresultaten.nl leest u meer over de resultaten van het programma Zwangerschap en geboorte. Hier komen onder andere de successen van de consortia en kennis op het gebied van preventie, samenwerken en organisatie van zorg aan bod. 

Preconceptiezorg wint terrein

Daarnaast zijn er binnen het programma Zwangerschap en geboorte 7 onderzoeksprojecten afgerond die bijdragen aan meer kennis en tools over het voorbereiden van een gezonde zwangerschap. Deze projecten over preconceptiezorg zijn gebundeld op de website: www.zonmw.nl/preconceptie 

Programma Zwangerschap en geboorte II  

Momenteel is het vervolgprogramma Zwangerschap en geboorte ll al volop in uitvoering.
Naast aandacht voor de onderwerpen preventie, zorg en organisatie van zorg, is er in het programma nu ook ruimte voor pre- en neonatale screening.

Meer informatie:


]]>
news-2752 Thu, 12 Jul 2018 13:34:38 +0200 Neemt u een teek mee terug van uw zomervakantie? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/neemt-u-een-teek-mee-terug-van-uw-zomervakantie/ De kans is niet heel groot maar teken kunnen ziekten veroorzaken met vervelende gevolgen. Zorg er dus voor dat u geen lyme of andere ziekten die teken overdragen, als souvenir mee terug neemt. Lymeziekte

De meest voorkomende tekenoverdraagbare ziekte in Nederland is de ziekte van Lyme. Jaarlijks lopen mensen meer dan een miljoen tekenbeten op. Hierdoor krijgen 27.000 mensen lymeziekte. Daarvan houden 1000 tot 2500 mensen langdurig klachten, ook na behandeling; zonder dat bekend is hoe dat komt. Patiëntenorganisaties, onderzoekers, beleidsmakers, bedrijven en zorgprofessionals hebben met elkaar in 2016 een actieplan opgesteld over lymeziekte. Een aantal onderzoeksonderwerpen is opgenomen in projecten. Met deze projecten van het RIVM, het Amsterdam UMC en het Radboudumc worden diagnostische testen gevalideerd. Ook willen de onderzoekers inzicht krijgen hoe de Borrelia-bacterie in de patiënt afweerreacties overleeft. En hopen de onderzoekers meer kennis te krijgen over het verloop van lyme bij volwassenen en kinderen.

Tekenhersen(vlies)ontsteking

Een minder vaak voorkomende maar ook ernstige ziekte die via teken wordt overgedragen, is tekenhersen(vlies)ontsteking. Ook wel encefalitis,TBE of FSME genoemd. Wageningen University & Research is samen met Artemis One Health een project gestart om het risico op het vóórkomen en het verspreiden van deze ziekten in Nederland beter in kaart te brengen.

Andere tekenoverdraagbare aandoeningen

Naast de verwekker van lymeziekte en tekenhersen(vlies)ontsteking dragen teken in Nederland  andere (mogelijke) ziekteverwekkers. Onderzoekers van het Amsterdam UMC/UvA brengen andere tekenoverdraagbare aandoeningen in kaart. Ook verbeteren zij diagnostische tests om deze verwekkers aan te tonen.

Tekenkoorts

Naast de verwekker van lymeziekte zijn teken in Nederland regelmatig besmet met verschillende andere bacteriën, parasieten en virussen. Onderzoekers van het Amsterdam UMC zijn in samenwerking met het RIVM bezig andere tekenoverdraagbare aandoeningen in kaart te brengen. Ook verbeteren zij diagnostische tests om deze verwekkers aan te tonen.

Preventie van tekenoverdraagbare aandoeningen

Recent was in het nieuws dat deze zomer veel teken worden verwacht. Ga dus goed voorbereid op vakantie:

  • kijk op www.tekenradar.nl voor recente meldingen van tekenbeten en lyme in Nederland
  • neem een tekenkaart of -tang mee om een teek te verwijderen
  • gebruik DEET

Meedoen aan onderzoek

Een tekenbeet of lyme kunt u melden via tekenradar.nl. Onderzoekers zijn ook op zoek naar mensen met koorts (> 38 °C) na een tekenbeet. Hebt u koorts, ontwikkeld tot maximaal 4 weken na een tekenbeet, dan kunt u dit ook melden via tekenradar.nl.

Grensverleggend onderzoek

ZonMw stimuleert kennisontwikkeling over preventie, diagnostiek en behandeling van deze tekenoverdraagbare ziekten. De genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit het programma Non-alimentaire zoönosen. Non-alimentaire zoönosen zijn infectieziekten die van dieren overgedragen worden aan de mens, buiten de voedselketen om. Dit is ook mogelijk via dragers (vectoren) of via de omgeving. Vectoroverdraagbare ziekten zijn ziekten die door tussenkomst van bijvoorbeeld een mug of een teek (de vector) van het ene dier naar een ander, of naar een mens, worden overgedragen.

Meer informatie

]]>
news-2731 Tue, 10 Jul 2018 10:10:07 +0200 Neelie Kroes en Hester den Ruijter bij Jinek: het vrouwenhart https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/neelie-kroes-en-hester-den-ruijter-bij-jinek-het-vrouwenhart/ Dagelijks sterven 57 vrouwen aan hart- en vaatziekten. Tijdens de uitzending van Jinek Live van 9 juli zijn er dus 2 vrouwen overleden aan de gevolgen van hart- en vaatziekten, berekende Eva Jinek. Onderzoeker Hester den Ruijter en Neelie Kroes vroegen tijdens de liveshow aandacht voor het vrouwenhart en de noodzaak van meer onderzoek.

‘Er is een behoorlijke kennisachterstand over het vrouwenhart’, vertelt Den Ruijter. Hart- en vaatziekten zijn echter de belangrijkste doodsoorzaak bij vrouwen. Waarom zijn hartproblemen bij vrouwen moeilijker te herkennen? ‘Dat komt omdat we minder vrouwen hebben bestudeerd in wetenschappelijk onderzoek. Vrouwen hebben vaak meerdere aandoeningen en worden daardoor uitgesloten van onderzoek. Ook zijn ze vaak ouder dan mannen als ze klachten krijgen, waardoor ze buiten de onderzochte leeftijdscategorie vallen.’

Kroes als proefpersoon

Neelie Kroes, voormalig Europees Commissaris en tegenwoordig voorzitter van beleidsadviesraad van Uber, deed als proefpersoon mee aan onderzoek van Den Ruijter om meer aandacht te vragen voor het vrouwenhart. Onder meer omdat haar secretaresse met hartklachten kampte die werden aangezien voor vroege overgangsklachten.

Richtlijnen

Artsen werken via richtlijnen, die kunnen veranderen als er nieuwe wetenschappelijke inzichten zijn opgedaan, legt Den Ruijter uit. Daarom is het belangrijk dat de kennisachterstand over hart- en vaatziekten bij vrouwen wordt ingehaald, zodat deze richtlijnen kunnen worden aangepast.

Bewustwording

 Naast meer geld voor wetenschappelijk onderzoek, pleit Kroes voor meer voorlichting, zowel bij de bevolking als artsen. ‘We moeten ons niet met een kluitje in het riet laten sturen, en artsen moeten vervolgens goed ingaan op de klachten waarmee vrouwen bij hun terechtkomen. Daarvoor is een bewustwordingsslag nodig,’ aldus Kroes.

Kijk de uitzending van Jinek Live terug. Het interview start rond 23.25

Meer informatie

]]>
news-2734 Tue, 10 Jul 2018 00:00:00 +0200 Programma Langdurige Zorg en Ondersteuning van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/programma-langdurige-zorg-en-ondersteuning-van-start/ Het programma Langdurige Zorg en Ondersteuning (2018-2021) is van start. Het ministerie van VWS heeft ZonMw hiervoor de opdracht gegeven. Met dit programma bouwt ZonMw de komende jaren samen met relevante stakeholders verder aan een duurzame kennisbasis voor langdurige zorg en ondersteuning. En wordt de vorming en ontwikkeling van lerende netwerken voor integrale zorg en ondersteuning aan thuiswonende ouderen gefaciliteerd. Maatschappelijke ontwikkelingen en een toenemende complexiteit van zorgvragen in de langdurige zorg en ondersteuning vragen om een duurzame kennisontwikkeling vanuit de praktijk en meer integrale samenwerking. Hieraan wordt, de komende vier jaar, door het nieuwe programma gewerkt met als doel dat meer mensen met hun beperkingen kunnen leven zoals zij dat graag willen.

Cliënten, kennisinfrastructuur, netwerken integrale zorg en ondersteuning én praktijkgericht onderzoek zijn de kernelementen van het Programma Langdurige Zorg en Ondersteuning.

Doelstellingen

Het programma heeft twee doelstellingen:

  1. Het versterken en ontwikkelen van de wetenschappelijke kennis in de langdurige zorg en ondersteuning en het verspreiden van deze kennis naar de zorg en ondersteuningsrelatie, ter bevordering van de kwaliteit van de zorg en een duurzame kennisinfrastructuur.
  2. Het faciliteren van het opzetten, doorontwikkelen en bestendigen van lerende netwerken integrale zorg en ondersteuning rondom thuiswonende ouderen ten einde deze ouderen in staat te stellen op een goede en veilige manier langer thuis te wonen.

Subsidieoproepen

Het Programma Langdurige Zorg en Ondersteuning zal de komende jaren subsidieoproepen uitzetten rondom de doelgroepen ‘zeer kwetsbare mensen’ en ‘mensen die vanuit meerdere domeinen langdurige zorg en/of ondersteuning nodig hebben’. Ouderen hebben in dit programma een specifieke plek op basis van de nauwe samenwerking met het programma Langer Thuis van het Pact voor de Ouderenzorg. De prioritering van de onderzoeksthema’s wordt in samenspraak met cliënten, professionals en andere partijen in de langdurige zorg bepaald, getoetst en gedurende de looptijd waar nodig aangescherpt.

Meer informatie

Wilt u op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen rondom dit nieuwe programma? Via onze programmapagina houden we u op de hoogte. Ook via de nieuwsbrief Ouderen en de nieuwsbrief Gehandicapten en Chronisch zieken delen we met regelmaat nieuws over de voortgang van het programma.

 

]]>
news-2691 Fri, 06 Jul 2018 08:00:00 +0200 Laatste ronde Sportimpuls: 145 projecten in de startblokken https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/laatste-ronde-sportimpuls-145-projecten-in-de-startblokken/ Bij de allereerste ronde van Sportimpuls in 2012 ontving ZonMw nog meer dan 900 subsidieaanvragen. In 2018 is de 7e en laatste ronde open gegaan. Dit jaar ontving ZonMw in totaal 223 aanvragen. Op 1 september 2018 klinkt het startschot voor de 145 projecten die hun uiterste best gaan doen om mensen in beweging te krijgen. De verdeling van de gehonoreerde projecten binnen de verschillende regelingen is:

  • 52 in de ‘reguliere’ Sportimpuls;
  • 62 voor Sportimpuls Jeugd in Lage Inkomensbuurten;
  • 31 voor Sportimpuls Kinderen Sportief op Gewicht.

Binnen de regelingen ‘Jeugd in Lage Inkomensbuurten’ en ‘Kinderen Sportief op Gewicht’ konden alle aanvragen die passend waren binnen de regeling en kwalitatief ‘voldoende’ scoorde, gehonoreerd worden. Bij de reguliere Sportimpuls zijn alle aanvragen gehonoreerd die passend zijn binnen de regeling en op kwaliteit minimaal ‘goed’ hebben gescoord.
De vorig jaar ingestelde cofinanciering blijft voor alle drie de regelingen ongewijzigd; projecten zijn verplicht minimaal 15% van de projectkosten zelf bij te dragen.

Kwetsbare groepen

De reguliere Sportimpuls richt zich in deze ronde specifiek op de kwetsbare doelgroepen: mensen met een beperking, mensen met een chronische ziekte en ouderen.

Hoe en wat ronde 2018

Waar gaan de projecten van start? Hoe is de spreiding? Welke interventies van de Menukaart zijn gekozen? Op deze informatie moet u helaas nog even wachten. Zodra alle gehonoreerde projecten officieel akkoord zijn gegaan met de subsidievoorwaarden van ZonMw, wordt de complete lijst met projecten vrijgegeven via de social mediakanalen van ZonMw en Sport en bewegen in de buurt. De verwachting is dat deze informatie half oktober beschikbaar komt.

Sport en Bewegen in de buurt

De Sportimpuls maakt deel uit van het VWS-programma Sport en Bewegen in de Buurt (www.sportindebuurt.nl). Met de Sportimpuls worden lokale sport- en beweegaanbieders twee jaar lang financieel ondersteund bij het opzetten van activiteiten om meer mensen te laten sporten en bewegen.

Meer informatie

]]>
news-2710 Thu, 05 Jul 2018 11:26:27 +0200 Take-off: 4 Life Sciences projecten gehonoreerd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/take-off-4-life-sciences-projecten-gehonoreerd/ Voor de subsidieoproep vroegefasetrajecten binnen het Take-off programma hebben vier Life Science projecten in de voorjaarsronde financiering ontvangen. Deze vier aanvragen zijn allemaal fase 1 studies – ook wel haalbaarheidsstudies. De vier projecten zijn:

  • Betaalbare RNA diagnostiek ter voorspelling van prognose van kankerpatiënten Hoofdaanvrager: Dr. W.P.J. Leenders, Radboud Universiteit Nijmegen
  • BiomACS: Biomaterial Advanced Cell ScreeningHoofdaanvrager: Dr. P. van Rijn, Rijksuniversiteit Groningen
  • Cyclomics: ultra-sensitive mutation detection in liquid biopsies
    Hoofdaanvrager: Dr. ir. J. de Ridder, Universiteit Utrecht
  • VQuest: Toetsen en leren met volumetrische radiologische beelden
    Hoofdaanvrager: Dr. ir. K.L. Vincken, UMC Utrecht

Take-off

Take-off is een programma voor het stimuleren en ondersteunen van bedrijvigheid en ondernemerschap vanuit de wetenschap. Per jaar is er een voorjaar- en een najaarsronde die openstaat voor starters. Deze open subsidierondes bieden financieringsmogelijkheden voor ondernemende onderzoekers aan NWO-erkende onderzoeksinstituten, hbo-instellingen en onderzoekers gebruikmakend van kennis van TO2-instellingen.

Nieuwe subsidieronde geopend

Heeft u een onderzoeksproject dat u wil indienen bij Take-off? De najaarsronde van Take-off 2018 is geopend met uitzondering van de najaarsronde Take-off hbo fase 1, deze opent in september:

Meer informatie:

]]>
news-2705 Thu, 05 Jul 2018 09:03:21 +0200 Aankondiging tweede subsidieronde Maatschappelijke Diensttijd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/aankondiging-tweede-subsidieronde-maatschappelijke-diensttijd/ Zoals aangekondigd gaat de tweede subsidieronde van het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd nog dit jaar open. De deadline voor het indienen van uw subsidieaanvraag is op dinsdag 9 oktober 2018. Waar moeten de projecten aan voldoen? 

Binnen het programma wordt in proeftuinen geëxperimenteerd met het organiseren en uitvoeren van de maatschappelijke diensttijd. De resultaten die binnen deze proeftuinen tot stand komen bieden aanknopingspunten om de maatschappelijke diensttijd verder in te richten.

Waar in deze oproep accenten op worden gelegd is op dit moment nog niet duidelijk. De volledige subsidieoproep en criteria voor de projectvoorstellen leest u eind augustus in de subsidiekalender van ZonMw.

Hoe dient u uw subsidieaanvraag in? 

Via onze website kunt u zich aanmelden om een subsidieaanvraag in te dienen. Om uw interesse kenbaar te maken, dient u uiterlijk vrijdag 21 september 2018 het formulier in te dienen om u aan te melden. Op de website zal een link naar het formulier worden opgenomen. Subsidieaanvragen die niet aangemeld zijn, worden niet in behandeling genomen. De deadline voor het indienen van de subsidieaanvraag is dinsdag 9 oktober 2018, 12.00 uur. 

Informatiebijeenkomst

Op woensdag 5 september organiseert ZonMw een informatiebijeenkomst waarin we de subsidieoproep en de procedures om een aanvraag in te dienen nader toelichten en uw vragen beantwoorden. Abonneer u op onze nieuwsbrief jeugd, zodat u zich op tijd kunt aanmelden.

Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd

Met dit programma bevordert ZonMw dat iedere jongere de mogelijkheid krijgt om via maatschappelijke projecten en activiteiten bij te dragen aan een sterke en betrokken samenleving. Ook jongeren die nu nog niet maatschappelijk actief zijn. Het doel van het actieprogramma is om vanuit de praktijk te leren wat werkt.

Meer weten?

]]>
news-2704 Wed, 04 Jul 2018 15:54:03 +0200 Subsidieoproep Microplastics & Health: onderzoek naar de gezondheidseffecten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieoproep-microplastics-health-onderzoek-naar-de-gezondheidseffecten/ De subsidieoproep Microplastics & Health staat online! In deze oproep worden kortlopende onderzoeksprojecten naar gezondheidseffecten van micro- en nanoplastics gefinancierd. Bron foto: Will Parson - Chesapeake Bay Program

Bronnen van micro- en nanoplastics

Plastic afval vervuilt wereldwijd oceanen, rivieren, bodem en lucht. Grote stukken plastic afval valt uiteen en breekt op in steeds kleinere plastic deeltjes die uiteindelijk micro of nano formaat hebben. Aan cosmetica producten worden soms microplastics toegevoegd die helaas niet volledig gezuiverd kunnen worden uit afvalwater na gebruik van die producten. Ook komen er bij het wassen van synthetische kleding microplastic vezels vrij die in het afvalwater belanden. Een andere bron van micro- en nanoplastics is bandenslijtsel wat op de weg ontstaat. Het resultaat is een diverse mix van kleine plastic deeltjes die nauwelijks afbreekbaar zijn in het milieu. Deze deeltjes kunnen van onder af in de voedselketen komen via bijvoorbeeld filteraars zoals mosselen en oesters, die micro- en nanoplastics uit de oceaan opnemen. Mensen kunnen ook in contact komen met microplastics door  per ongeluk tandpasta met microplastics in te slikken, of  door het inademen van met micro- en nanoplastics vervuilde lucht.

Doel van de subsidie

Het doel van de subsidieoproep is om inzicht te verkrijgen in de mogelijke interactie en effecten van kleine plastic deeltjes op cel- en orgaanniveau bij mensen. Laboratorium technieken met orgaanmodellen van onder meer long en darm zijn kansrijk voor dit type onderzoek, net als de microvarianten daarop, de zogenaamde organs-on-a chip.
Bijkomend doel is om in de projecten innovatieve meetmethoden voor micro- en nanoplastics in humane weefsels (door) te ontwikkelen. De verwachting is dat deze kortlopende projecten tot een proof of concept komen en inzicht geven in wat mogelijke risico’s zijn van humane blootstelling via inademen of inslikken van micro- en nanoplastics.

Internationale projectvoorstellen

Micro- en nanoplastics komen wereldwijd voor. Het onderzoeksgebied naar de effecten van die deeltjes op humane gezondheid staat nog in de kinderschoenen, internationale krachtenbundeling is dan ook essentieel om snel vooruitgang te boeken. Binnen de onderzoeksprojecten wordt internationale samenwerking aangemoedigd met extra budget. Onderzoeksprojecten binnen deze subsidieoproep moeten zich richten op de echte plastic deeltjes uit het milieu die onregelmatig van vorm zijn en sterk variabel zijn wat betreft grootte en chemische samenstelling.

Interesse?

Heeft u een idee voor een onderzoeksvoorstel naar de mogelijke gezondheidseffecten van micro- of nanoplastics en wilt u bij ZonMw een aanvraag doen? In de subsidieoproep vindt u meer informatie over de doelen en voorwaarden waar projectvoorstellen aan moeten voldoen.

Deadline van de oproep is 20 september 2018!

]]>
news-2693 Tue, 03 Jul 2018 14:19:47 +0200 Veel aandacht voor eerste evaluatie Jeugdwet https://www.universiteitleiden.nl/nieuws/2018/07/veel-aandacht-voor-eerste-evaluatie-jeugdwet Op donderdag 28 juni heeft de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden een juridisch congres naar aanleiding van de Eerste evaluatie Jeugdwet georganiseerd. Op deze dag werden de juridische uitkomsten van de wetsevaluatie Jeugdwet nader toegelicht en bediscussieerd. Uit het grote aantal deelnemers aan deze dag blijkt de betrokkenheid van professionals uit het werkveld bij de uitvoering van de Jeugdwet.  

]]>
news-2683 Mon, 02 Jul 2018 11:10:07 +0200 Genomineerden Medische Inspirator prijs 2018 bekend! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/genomineerden-medische-inspirator-prijs-2018-bekend/ Twee onderzoeksprojecten waarin onderzoekers en patiënten samenwerken, gaan strijden om de Medische Inspirator prijs. De genomineerde projecten voor dit jaar zijn:

  • PLEASE 5+: langetermijnuitkomsten van chronische lymeziekten-geassocieerde klachten: determinanten voor een diagnostisch model met aanvullende behandeling - Drs. K. Niks (patiëntvertegenwoordiger Lymevereniging), Dr. Ir. D Uitdenbogerd (patiëntvertegenwoordiger stichting Tekenbeetziekten) en Prof. dr. Bj. Kullberg (Radboudumc).
  • Haal meer uit vriendschap: de online vriendschapscursus -  L.Gaasbeek (ouderenorganisatie Gouden Dagen) en Msc T. Bouwman (VU Amsterdam).

Dit jaar waren er drie categorieën waarin onderzoeksgroepen op konden indienen: Zelfredzaamheid ouderen, Lyme en Regeneratieve geneeskunde & vroege diagnostiek voor reuma. Uit elke categorie is één groep genomineerd. Binnen de categorie Regeneratieve geneeskunde & vroege diagnostiek zijn geen aanvragen binnengekomen. Daarom strijden dit jaar twee in plaats van drie groepen om de felbegeerde prijs.

Vraaggericht onderzoek stimuleren

Sinds dit jaar werkt de Medische Inspirator prijs samen met patiëntenorganisaties (of cliëntenvertegenwoordigers) gelieerd aan de partner ZonMw programma’s. Omdat patiëntenorganisaties goed zicht hebben op de producten waar patiënten behoefte aan hebben, is het belangrijk dat zij worden betrokken bij onderzoek. De aanvraag verliep dit jaar via van te voren geselecteerde patiëntenorganisaties op het gebied van Zelfmanagement ouderen, Lyme en Regeneratieve geneeskunde & vroege diagnostiek bij reuma. Onderzoekers konden contact opnemen met de betreffende patiëntenorganisatie en samen konden zij de onderzoeksprojecten aandragen bij ZonMw.

Medische Inspirator prijs

De Medische Inspirator is een prijs voor de meest inspirerende samenwerkingsverband tussen patiënt en onderzoeker. Elk jaar wordt er door een onafhankelijke jury van experts, de genomineerden geselecteerd waarbij er ook gekeken wordt naar patiëntparticipatie. Deze onderzoeksgroepen worden begeleid in het opnemen van een promotievideo welke gebruikt wordt tijdens een vier weken-durende campagne periode. Voor deze Medische Inspirator prijs start de campagne op 14 januari 2019. Tijdens deze campagneperiode kan het algemeen publiek stemmen op de meest inspirerende samenwerking.

Meer informatie


 

]]>
news-2679 Mon, 02 Jul 2018 07:00:00 +0200 Grijp uw kans: nieuwe ronde implementatie wijk-GGD’er https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/grijp-uw-kans-nieuwe-ronde-implementatie-wijk-ggder/ Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) begeleidt opnieuw 20 gemeenten bij de invoering van een wijk GGD’er. Op donderdag 13 september 2018 vindt een aftrapbijeenkomst plaats bij het CCV.
Leonie Aarsen, adviseur bij het CCV en procesbegeleider voor de lokale implementatie van de wijk-GGD’er: ‘Vorig jaar begeleidden we al 13 gemeenten. Elke gemeente deed dat op de manier die bij haar lokale (zorg)structuur paste. We werken onder andere met stappenplannen, waarbinnen gemeenten veel ruimte hebben om het proces op hun eigen manier vorm te geven’. Ook in dit nieuwe traject kan een gemeente een subsidie ontvangen van € 20.000, aan te vragen bij ZonMw na de aftrapbijeenkomst.

Goed werkende aanpak

Gemeenten hebben de opgave om een goed werkende aanpak voor mensen met verward gedrag te hebben. Dit doen zij natuurlijk niet alleen. Zij werken met vele lokale en regionale partijen samen om gepaste zorg en ondersteuning te bieden in een vorm die recht doet aan de persoon met verward gedrag, aan het (familie)netwerk, omwonenden en aan het zoveel mogelijk voorkomen en beperken van (onnodig) leed en escalaties. Een wijk-GGD’er blijkt in de praktijk een uitstekende verbindingsofficier in dit krachtenveld. Hij/zij is bovendien in staat om inzicht en overzicht te creëren  bij het opstellen van een goed werkende aanpak, waarbij in dit geval de nadruk ligt op de preventieve kant. 

ZonMw-actieprogramma

Met het Actieprogramma lokale initiatieven voor mensen met Verward Gedrag (AVG) draagt ZonMw bij aan een goed werkende aanpak voor ondersteuning, opvang en zorg voor mensen met verward gedrag en hun omgeving. U kunt bij het actieprogramma subsidie aanvragen voor projecten of specifieke, kortlopende activiteiten die bijdragen aan een betere hulp voor mensen met verward gedrag. Er zijn diverse subsidiemogelijkheden beschikbaar, uiteenlopend van startsubsidies tot uitvoeringssubsidies tot subsidies voor het inhuren van expertise.

Interesse?

Heeft u interesse in het invoeren van een wijk-GGD'er of wilt u meer weten? Neem contact op met Gisèle Bool (CCV) via 06 133 50 105. Of laat uw naam achter op het online formulier; dan neemt het CCV binnen 2 werkdagen contact met u op.

Meer informatie

]]>
news-2670 Thu, 28 Jun 2018 16:17:17 +0200 Succesvol ondernemen in Duitsland; zorg dat je de Duitse taal spreekt! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/succesvol-ondernemen-in-duitsland-zorg-dat-je-de-duitse-taal-spreekt/ Maandag 25 juni 2018 werd door het ZonMw programma MKB in Europa in samenwerking met RVO en het Netherlands Business Support Office (NBSO) Stuttgart een evenement georganiseerd over ondernemen in Duitsland. Samen met drie ondernemers die de stap naar ondernemen in Duitsland al hebben gezet, vertelde het NBSO Stuttgart over hoe men onderneemt in Duitsland. Mirjam Mulder van het NBSO Stuttgart opende de middag met informatie over hoe de zorgsector in Duitsland eruit ziet. In Duitsland is dezelfde vergrijzingsontwikkeling gaande als in Nederland. Dit zorgt voor uitdagingen in de zorgsector. Naar verwachting is in 2060 de helft van de Duitse bevolking 65+ wat stijgende zorgkosten tot gevolg heeft. Ondanks dat Nederland en Duitsland buurlanden zijn en op het eerste gezicht veel op elkaar lijken, verschilt er toch het een en ander. In Duitsland zijn er veel meer privé klinieken en worden openbare ziekenhuizen hier door opgekocht. Dit komt deels door het gebrek aan investeringsmiddelen van openbare ziekenhuizen. Naast een duidelijke schets van de Duitse zorgmarkt en welke verschillende aanbieders er zijn, werd er ook aandacht besteed aan de manier van ondernemen in Duitsland – welke cultuur er heerst. Duitsland is een relatief traditioneel land waarbij zichtbaarheid en continuïteit belangrijk zijn. Daarnaast moet je het Unique Selling Point (USP) van je product duidelijk over kunnen brengen, Duitsers zijn kritisch en op zoek naar de beste kwaliteit.

Ervaringen

Tijdens de bijeenkomst werd ook het podium geboden aan drie ondernemers die al in Duitsland zaken doen. Deze vertelden welke stappen zij hebben gezet om in Duitsland voet aan de grond te krijgen. Dit leverde veel praktische tips op. Henk Hoppentocht van IMS Medical gaf aan dat zijn weg naar Duitsland begon bij de eindgebruiker. Door zichtbaar te zijn op Duitse beurzen en het bestaansrecht van zijn product duidelijk te maken bij de eindgebruiker heeft hij zich kunnen vestigen in Duitsland.

Marco Essed van TelePsy vertelde tegen welke barrières hij aanliep. Zo was de afstand een probleem. Voor hem ontstond het dilemma waarbij hij in Nederland wou blijven wonen, maar tegelijkertijd ook actief wou zijn in Duitsland. Daarnaast gaf hij aan dat Duitsers conservatiever zijn als het gaat om het delen van data. Ze zijn huiverig om medische gegevens online op te slaan en hechten veel waarde aan privacy. Dit kan de ontwikkeling van bijvoorbeeld eHealth producten vertragen.

De derde en laatste ondernemer, Jan Carel Teding van Berkhout van DOVIDEQ heeft weer een andere weg naar Duitsland afgelegd dan de andere twee ondernemers. Hij heeft vooral gewerkt met distribiteurs. Dit zijn mensen in het land zelf die voor jou connecties leggen en je product verkopen. Hierdoor kon hij in Nederland gevestigd blijven en toch zijn producten ook in Duitsland verkopen.

Alle drie de ondernemers hebben een andere weg afgelegd en alle drie zijn ze succesvol op de Duitse markt. Ondanks de verschillende routes noemden ze alle drie dat het beheersen van de Duitse taal erg belangrijk is wanneer iemand in Duitsland wil ondernemen.

Subsidiemogelijkheden

Aan het eind van de bijeenkomst gaf Tonnie Rijkers van RVO nog een korte voorlichting over Europese subsidiemogelijkheden voor ondernemers. Voor veel van deze subsidiemogelijkheden is samenwerking met andere Europese partijen vereist. Daarnaast hebben Task Force Health Care en Zorg voor Innoveren (Zvi) zich voorgesteld. Beide partijen kunnen ondernemers ondersteunen. Zo heeft Zvi een kennisbank onderwerp internationalisering waarin veel informatie en ervaringen zijn verzameld van ondernemers die internationaal actief zijn.

De middag werd afgesloten met een borrel waar ondernemers konden netwerken en ervaringen uitwisselen. De volgende informatiebijeenkomst gaat over nationale en internationale bekostiging van innovaties en is in november. Wanneer en waar deze bijeenkomst precies plaats vindt is nog niet bekend. Houd hiervoor de agendapagina van MKB in Europa in de gaten.

Meer informatie:


]]>
news-2635 Tue, 26 Jun 2018 09:47:00 +0200 Nationale Wetenschapsagenda: Wie kan er indienen? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nationale-wetenschapsagenda-wie-kan-er-indienen/ Eind mei zijn er twee NWO calls gepubliceerd voor de uitvoering van de Nationale Wetenschapsagenda. De call Onderzoek op Routes door Consortia en een call voor Matchmaking-bijeenkomsten. Wie kan hiervoor precies indienen? Onderzoek op Routes door Consortia

Samengestelde meerjarige consortia worden via de 25 NWA-routes gestimuleerd om kennis voor wetenschappelijke doorbraken voor maatschappelijke opgaven te ontwikkelen. Voor deze call kunnen aanvragen ingediend worden door een consortium. Er worden drie categorieën van deelnemers aan een consortium onderscheiden: hoofdaanvrager, medeaanvrager en cofinanciers.

Hoofdaanvrager

De hoofdaanvrager dient namens het consortium de aanvraag in. Onderzoekers van de volgende instellingen kunnen als hoofdaanvrager optreden: Nederlandse universiteiten, universitaire medische centra, KNAW- en NWO-instituten, hogescholen en TO2-instellingen. Ook onderzoekers van het Nederlands Kanker Instituut, het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek te Nijmegen, de Dubble-bundellijn bij de ESRF te Grenoble, NCB Naturalis, ARCNL en Prinses Maxima Centrum kunnen aanvragen indienen. De hoofdaanvrager mag per ronde slechts 1 aanvraag indienen. Hij/zij kan daarnaast maximaal 1 keer als medeaanvrager deelnemen aan een ander consortium.

Wie kan er optreden als medeaanvrager?

Onderzoekers van organisaties die voldoen aan de volgende drie voorwaarden kunnen optreden als medeaanvrager: De organisatie is gevestigd in Nederland, heeft een publieke taak en is onafhankelijk in de uitvoering van onderzoek, heeft geen winstoogmerk anders dan ten behoeve van het doen van verder onderzoek.

  • Organisaties met een publieke taak
    In de juridische literatuur wordt aan het begrip publieke taak een ruime uitleg gegeven: (kennis)instellingen die overheidstaken verrichten oefenen een publieke taak uit ongeacht de rechtsvorm van de instelling. Hierbij wordt gekeken naar de wijze van financiering (uit rijkskas) en naar allerlei andere factoren (lagere regelgeving, statuten, subsidiebesluiten, beleidsnota’s en zelfs feitelijke gedragingen). Privaatrechtelijke organisaties die publieke taken uitvoeren, worden ook wel hybride organisaties genoemd.
    Zorginstellingen, onderwijsinstellingen en welzijnsinstellingen zijn hier voorbeelden van.
    Of de organisatie waaraan de medeaanvrager is verbonden een publieke taak heeft, komt aan de orde bij de beoordeling van de ontvankelijkheid van een aanvraag. In het licht van de bedoeling van de NWA ligt een ruime uitleg van het begrip ‘publieke taak’ voor de hand. In geval van twijfel zou door NWO aan de medeaanvrager kunnen worden gevraagd om een nadere specificatie/toelichting/bewijs van zijn ‘publieke taak’.
    U kunt bij twijfel over de publieke taak ook even contact opnemen met het programmasecretariaat via nwa-orc@nwo.nl.
  • Rijksinstellingen en planbureaus
    Rijkskennisinstellingen en drie planbureau kunnen ook medeaanvrager zijn. Een lijst van het RKI-netwerk vindt u op de website van het KNMI.

Een medeaanvrager mag per ronde slechts 2 keer als medeaanvrager deelnemen aan een consortium.

Consortium partners

Het opnemen van maatschappelijke partijen in het consortium wordt aanbevolen, omdat onderzoeksvoorstellen onder meer beoordeeld worden op de mate van betrokkenheid van maatschappelijke partijen. Daarnaast wordt er een verplichte cofinanciering van 10% gehanteerd die geleverd dient te worden door publieke en/of private consortiumpartners die geen subsidie ontvangen. ‘Maatschappelijke partijen’ is hier een breed begrip, dat ook overheden en het bedrijfsleven kan omvatten.
Alleen onderzoekers afkomstig uit organisaties zonder winstoogmerk kunnen optreden als hoofd- of medeaanvrager en dus subsidie ontvangen. Private partijen kunnen wel als partner aan het consortium deelnemen en hierbij cofinanciering leveren, in cash dan wel in kind.

Oproep voor Matchmakingbijeenkomsten

Om de consortia te kunnen vormen kan er ingediend worden voor de call Matchmakingsbijeenkomsten.
Onderzoekers verbonden aan de volgende kennisinstellingen kunnen voor deze oproep aanvragen indienen: Nederlandse universiteiten; Universitaire medische centra; KNAW- en NWO-instituten; Hogescholen, zoals bedoeld in artikel 1.8 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW); TO2-instellingen ; het Nederlands Kanker Instituut; het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek te Nijmegen; onderzoekers van de Dubble-bundellijn bij de ESRF te Grenoble; NCB Naturalis; Advanced Research Centre for NanoLithography (ARCNL); Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie.

Meer informatie

De deadline voor het indienen voor de call NWA-ORC is 11 september 2018. Voor de Matchmaking call kan doorlopend worden ingediend. Op dinsdag 26 juni organiseert NWO van 15.30-16.30 uur een webinar over het onderzoeksprogramma. Meer informatie hierover op: www.nwo.nl/nwa.
Kijk voor alle voorwaarden en meer informatie op:

]]>
news-2637 Mon, 25 Jun 2018 11:08:11 +0200 Subsidieoproep: Breng kennis man-vrouwverschillen in praktijk https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieoproep-breng-kennis-man-vrouwverschillen-in-praktijk/ Mannen en vrouwen verschillen van elkaar op biologisch, psychologisch, sociaal en cultureel vlak. Hoe zorg je ervoor dat kennis over deze verschillen wordt gebruikt in de dagelijkse zorgpraktijk? Vraag nu subsidie aan voor implementatie.

Binnen de diverse thema’s van het programma Gender en Gezondheid is steeds meer kennis beschikbaar over sekse- en genderverschillen. Deze kennis verspreidt zich niet vanzelf, maar moet worden geïmplementeerd: bewust activiteiten inzetten om evicence based beleid en gendersensitieve zorg in praktijk te brengen.

De oproep ‘Gender en gezondheid – implementatieronde I’ nodigt onderzoekers, beleidsmakers en zorgprofessionals uit gezamenlijk gebruik te maken van nieuwe en bestaande kennis over man-vrouwverschillen in gezondheid en zorg. 

Meer informatie

]]>
news-2627 Thu, 21 Jun 2018 09:02:12 +0200 Alleen straffen helpt verdachten met een licht verstandelijke beperking niet verder https://publicaties.zonmw.nl/actieprogramma-verward-gedrag/#c24158 Van de in Nederland aangehouden verdachten heeft naar schatting 30% een licht verstandelijke beperking. Kan samenwerking tussen politie, maatschappelijk werk en de gemeente problemen voorkomen? In Zeeland start een pilot om dat uit te zoeken.  

]]>
news-2613 Mon, 18 Jun 2018 15:44:43 +0200 Prenatale screening met NIPT: resultaten na 1 jaar https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/prenatale-screening-met-nipt-resultaten-na-1-jaar/ Zwangeren in Nederland kiezen vaker voor de NIPT (Niet Invasieve Prenatale Test) dan voor de combinatietest. Daarbij test de Nederlandse NIPT nauwkeuriger dan eerder werd verwacht. Dit zijn de resultaten na het eerste jaar van de TRIDENT-2 studie. Voorkeur voor NIPT

De NIPT is een testmethode waarbij het bloed van de zwangere wordt gebruikt om te testen of er bij het ongeboren kind aanwijzingen zijn voor down-, edwards of patausyndroom. De NIPT wordt sinds 1 april 2017 in het kader van de TRIDENT-2 studie aangeboden naast de combinatietest. Dit betekent dat de zwangere alléén kan kiezen voor de NIPT als ze meedoet aan de studie.
Tot nu toe heeft 42% procent gekozen voor de NIPT, dit gaat om ongeveer 73.000 vrouwen. Vóór de introductie van deze niet invasieve test deed 34% van de zwangeren de combinatietest. In het eerste jaar van de introductie van de nieuwe test tijdens de TRIDENT-2 studie koos 3% van de vrouwen voor de combinatietest.

NIPT nauwkeuriger dan verwacht

Uit het eerste jaar onderzoek blijkt dat, na een afwijkende NIPT uitslag, de kans dat er echt sprake is van het down-, patau- of edwardsyndroom, hoger is dan verwacht. Dit betekent dat de Nederlandse NIPT nauwkeuriger test dan op basis van eerdere studies werd verwacht.
Na een afwijkende NIPT is altijd vervolgonderzoek nodig om vast te stellen of het ongeboren kind de aandoening heeft. Met een vlokkentest of vruchtwaterpunctie kan zekerheid worden gegeven.

De NIPT in onderzoeksverband: TRIDENT-2 studie

In Nederland hebben zwangere vrouwen en hun partners de keuze of ze wel of geen prenatale screening willen. Zij worden goed geïnformeerd over de mogelijke keuzes. Als zwangeren willen deelnemen aan prenatale screening kunnen zij kiezen tussen de al bestaande combinatietest en de NIPT.
De aanbieding van de NIPT is onderdeel van de TRIDENT-2 studie. In deze studie wordt onderzocht wat de beste manier is om het aanbod van NIPT in te richten. Daarnaast kijkt de studie naar de uitvoering in de dagelijkse praktijk. Alle stappen, van de counseling aan zwangere vrouwen en de test die gedaan wordt in het laboratorium tot aan de zwangerschapsuitkomsten, zullen worden bekeken. Ook wordt onderzocht welke keuzes zwangere vrouwen maken m.b.t. deze prenatale screening en wat hun ervaringen met de NIPT zijn.

Meer informatie

ZonMw Projecten over NIPT

]]>
news-2604 Fri, 15 Jun 2018 12:21:56 +0200 Wat neem jij deze zomer mee terug van je buitenlandse vakantie? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-neem-jij-deze-zomer-mee-terug-van-je-buitenlandse-vakantie/ Mensen reizen steeds meer. Infectieziekten kunnen door reizigers mee naar Nederland genomen worden en daar verder verspreid worden. Hondsdolheid, darminfecties en virusinfecties overgedragen door muggen, zijn onderwerpen van enkele onderzoeksprojecten bij ZonMw. Gezondheidsklachten door reizen

RIVM is het TIARA-onderzoek gestart om snel zicht te krijgen op het risico op import van virussen. Reizigers worden gevraagd met een app bij te houden of ze gezondheidsklachten krijgen. Bij een mogelijke infectie wordt onderzocht of in hun bloed het virus aanwezig is van zika, dengue, chikunguya of gele koorts. Muggen kunnen deze virussen overdragen op mensen.

Import van virussen via muggen

Het Erasmus MC en Wageningen University & Research onderzoeken het ziekterisico voor patiënten en de kans op verspreiding van het zikavirus in Nederland. Dit virus wordt door steekmuggen overgedragen op mensen. Sinds eind 2015 is er een grootschalige uitbraak in Zuid- en Midden-Amerika en in het Caribisch gebied. Gewoonlijk laat een infectie met dit virus milde symptomen zien maar het kan ook leiden tot een ernstiger ziektebeeld.

Op 15 juni 2018 is bekendgemaakt dat Marion Koopmans, betrokken bij dit onderzoek, 1 van de 2 Stevinlaureaten van NWO is.

Hondsdolheid op reis

LUMC wil met een niet-inferioriteitsonderzoek aantonen dat 1 inenting tegen hondsdolheid (rabiës) voldoende is. Hondsdolheid is een dodelijke infectieziekte van mens en dier. De ziekte komt het meeste voor in Azië en Afrika. Hondsdolheid bij reizigers is zeldzaam. Reizigers worden wel geregeld in het buitenland gebeten. Inenten voorkomt behandeling. Vanwege kosten en te weinig tijd voor de gebruikelijke 2 of 3 inentingen worden niet alle reizigers voor vertrek tegen hondsdolheid ingeënt.

In een ander onderzoek beogen RIVM, GGD Hart voor Brabant, GGD Regio Utrecht, Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) en LUMC de richtlijn reizigersadvies rabiës aan te vullen. In de richtlijn wordt beter uitgewerkt voor wie rabiësvaccinatie geïndiceerd is. Dit gebeurt op basis van de in dit onderzoek geïdentificeerde risicogroepen en kosteneffectiviteit van (vaccinatie-)zorg.

Recent was hondsdolheid in het nieuws vanwege een wereldwijd onderzoek dat LUMC start.

Reizende resistentie

Nederlanders reizen steeds meer naar verre bestemmingen waar relatief veel resistente bacteriën voorkomen. Uit de COMBAT-studie van Maastricht Universitair Medisch Centrum+ blijkt dat 1/3 van de 2001 onderzochte Nederlanders multiresistente darmbacteriën mee naar huis neemt. Gemiddeld hield men deze ‘import-bacteriën’ 30 dagen bij zich. Ook verspreidden de bacteriën ook onder niet-reizende huisgenoten. Resistente bacteriën zijn bacteriën die resistent zijn tegen gebruikelijke antibiotica.

Grensverleggend onderzoek

De genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit het programma Non-alimentaire zoönosen en het programma Antibioticaresistentie. Non-alimentaire zoönosen zijn infecties die van dieren overgedragen worden aan de mens, buiten de voedselketen om. Dit is ook mogelijk via dragers (vectoren) of via de omgeving. Vectorovergedragen ziekten zijn ziekten die door tussenkomst van bijvoorbeeld een insect (de vector) van het ene dier naar een ander, of naar een mens, worden overgedragen. Voorbeelden van een vector zijn knutten, muggen en teken.

Meer informatie

]]>
news-2603 Fri, 15 Jun 2018 12:15:00 +0200 Zes onderzoekers beloond met hoogste onderscheidingen in de Nederlandse wetenschap https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zes-onderzoekers-beloond-met-hoogste-onderscheidingen-in-de-nederlandse-wetenschap/ Vandaag maakte NWO-voorzitter Stan Gielen bekend dat prof. dr. Anna Akhmanova, prof. dr. Marileen Dogterom, prof. dr. Carsten de Dreu en prof. dr. John van der Oost de NWO-Spinozapremie ontvangen, en prof. dr. Beatrice de Graaf en prof. dr. Marion Koopmans de NWO-Stevinpremie. De Spinoza- en de Stevinpremies zijn de hoogste onderscheidingen in de Nederlandse wetenschap. De laureaten krijgen elk 2,5 miljoen euro, te besteden aan wetenschappelijk onderzoek en activiteiten met betrekking tot kennisbenutting. De onderzoekers ontvangen de premie voor hun uitmuntende, baanbrekende en inspirerende werk. Sinds 1995 reikt NWO de Spinozapremie jaarlijks uit aan maximaal 4 wetenschappers die tot de internationale top van hun vakgebied behoren. De NWO-Stevinpremie, jaarlijks bestemd voor maximaal 2 (teams van) onderzoekers, wordt dit jaar voor het eerst uitgereikt. Bij beide premies staat de kwaliteit van de onderzoeker voorop; waar bij de Spinozapremie de nadruk ligt op het wetenschappelijke werk en fundamentele vraagstukken, honoreert de Stevinpremie in de eerste plaats de maatschappelijke impact.

Belangrijke onderzoekers voor ZonMw

Prof. dr. Anna Akhmanova en prof. dr. Marion Koopmans doen beide onder andere onderzoek dat ZonMw financiert.

]]>
news-2596 Thu, 14 Jun 2018 12:15:07 +0200 RIVM en VU onderzoeken verschillen tussen mannen en vrouwen in veroudering https://www.rivm.nl/Documenten_en_publicaties/Algemeen_Actueel/Nieuwsberichten/2018/RIVM_en_VU_onderzoeken_verschillen_tussen_mannen_en_vrouwen_in_veroudering Gezond ouder worden en tot op hoge leeftijd een zelfstandig leven leiden is niet vanzelfsprekend. In veel Westerse landen leven vrouwen langer dan mannen, maar met meer ongezonde levensjaren. Het is nog grotendeels onbekend wanneer verschillen tussen mannen en vrouwen in veroudering ontstaan en welke leefstijlfactoren daarbij een rol spelen. Het RIVM en de VU gaan onderzoek doen met subsidie van Kennisprogramma Gender en Gezondheid.  

]]>
news-2595 Thu, 14 Jun 2018 11:49:29 +0200 PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein: hoe gemeenten het waarmaken https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/praktijkvoorbeeldenparade-sociaal-domein-hoe-gemeenten-het-waarmaken/ Gemeenten werken samen met maatschappelijke organisaties en inwoners aan een samenleving waarin iedereen naar vermogen kan en mag meedoen. Dit transformatiedoel vraagt om lokale, innovatieve en integrale manieren van werken. Maar wat is er al bereikt? Om dit te ontdekken organiseert ZonMw in samenwerking met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Werkplaatsen Sociaal Domein de PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein. Wat is de PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein?

Tijdens drie regionale dagen krijgen gemeenten en hun maatschappelijke partners een podium om aan elkaar te laten zien wat bereikt hebben op het gebied van de transformatie in het sociaal domein. Op deze dagen kunt u workshops en inspiratiesessies volgen om meer inzicht te krijgen in onder andere:

  • Wat lukt wel en wat niet?
  • Welke innovaties zijn succesvol?
  • Wat is er al waargemaakt?
  • Hoe wordt het waargemaakt?
  • Wat merken inwoners van de inspanningen?

Naar welke oplossingen bent u op zoek? Wat kan er in uw gemeente nog beter? Onderzoek tijdens de parade hoe andere gemeenten zaken aanpakken en raak geïnspireerd door de vele voorbeelden uit de praktijk.

Programma

Deelnemers kunnen per bijeenkomst kiezen uit ruim 30 sessies, die verdeeld zijn over 3 rondes. De rondes vinden plaats in verschillende paviljoens met diverse werkvormen. In ieder paviljoen gaat het er anders aan toe: bij de een spreekt er een topper, dan is er weer een praktische training, u kunt luisteren naar een persoonlijk verhaal of deelnemen aan een actieve presentatie.

Data & locaties

De parade vindt plaats op:

  • maandag 24 september in de Van Nelle Fabriek in Rotterdam;
  • maandag 1 oktober 2018 in het Evoluon in Eindhoven;
  • maandag 8 oktober in de Nieuwe Buitensociëteit in Zwolle.

Meer informatie?

]]>
news-2580 Wed, 13 Jun 2018 12:00:00 +0200 Structurele financiering voor kennisontwikkeling ouderenzorg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/structurele-financiering-voor-kennisontwikkeling-ouderenzorg/ Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft besloten om de zes Samenwerkende Academische Netwerken Ouderenzorg (SANO) structurele financiering te verlenen.

De zes netwerken hebben jaren een bewezen substantieel aandeel in de wetenschappelijke kennisontwikkeling in de langdurige ouderenzorg, denk hierbij aan het niet meer vastbinden van ouderen in verpleeghuizen. De aanvullende structurele financiering, uitgevoerd door ZonMw, levert naar verwachting nieuwe kennis op over bijvoorbeeld effecten van innovaties in de organisatie van de ouderenzorg, slimme aansluitingen op de arbeidsmarkt en verdere verbetering van de kwaliteit van de verpleeghuiszorg. Deze nieuwe kennis komt landelijk beschikbaar voor alle verpleeghuizen in Nederland.

Zes academische netwerken ouderenzorg

Nederland telt zes academische netwerken ouderenzorg die al jarenlang wetenschappelijk onderzoek uitvoeren in de verpleeghuiszorg en thuiszorg. De netwerken zijn een gezamenlijk initiatief van zes universiteiten van Maastricht, Nijmegen, Tilburg, Leiden, Amsterdam (VUmc), Groningen en de betrokken verpleeghuizen. In de netwerken werken onderzoekers, zorgverleners, ouderen en hun mantelzorgers, beleidsmakers en docenten van het WO, HBO en MBO samen aan concrete thema’s, zoals het verbeteren van pijnbeoordeling bij mensen met dementie, het versterken van de inbreng van verpleeghuisbewoners en hun verwanten, het voorkomen van onvrijwillige zorg en het door ontwikkelen en optimaliseren van geriatrische revalidatiezorg. Zo heeft onderzoek in de netwerken ertoe geleid dat de toepassing van vrijheidsbeperkende maatregelen in verpleeghuizen sterk is gereduceerd en dat onbegrepen gedrag bij mensen met dementie adequaat wordt aangepakt door zorgverleners.

Structurele gelden

Om de slagkracht van deze Academische Netwerken Ouderenzorg te vergroten heeft het ministerie van VWS besloten de zes netwerken te co-financieren met structurele gelden die oplopen en vanaf 2020 €700.000 bedragen per netwerk per jaar. Dat houdt bijvoorbeeld in dat meer vaste onderzoeksmedewerkers aan universiteiten kunnen worden aangesteld en ook dat meer duobanen binnen de netwerken kunnen worden ingesteld. In die duobanen werken onderzoekers van universiteiten deels in een zorgorganisatie en zijn zorgverleners zoals verpleegkundigen, paramedici, psychologen en artsen deels werkzaam bij een universiteit, HBO- of MBO-organisatie. In het verlengde daarvan kan meer onderzoek worden gedaan naar thema’s die zorgverleners en ouderen zelf belangrijk vinden en wordt ook meteen gestart met het toepassen van nieuwe kennis in de praktijk.

Versterken kennisinfrastructuur

Met de structurele financiering wordt de bestaande kennisinfrastructuur dus versterkt. Hierdoor kunnen de netwerken een forse impuls geven aan het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek, in nauwe samenwerking met de zorgpraktijk en het onderwijs. Dit is belangrijk omdat door deze kennisontwikkeling de kwaliteit van zorg voor en kwaliteit van leven van ouderen in een kwetsbare positie kan worden verbeterd. Daarnaast kan de verpleeghuiszorg hiermee duurzaam verbeteren en vernieuwen.

Meer over onderzoek in ouderenzorg

]]>
news-2574 Tue, 12 Jun 2018 09:00:00 +0200 Sportonderzoek verbindt: 5 jaar resultaten op een rij https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportonderzoek-verbindt-5-jaar-resultaten-op-een-rij/ In een dynamisch digitaal magazine zijn de resultaten gebundeld van 5 jaar sportonderzoek binnen het Onderzoeksprogramma Sport. De focus ligt op resultaten en opbrengsten voor de (sport)praktijk. Het magazine is 11 juni 2018 aangeboden aan de opdrachtgevers VWS, NOC*NSF, SIA en aan het veld van sport en bewegen tijdens de afrondende bijeenkomst in Amersfoort. In het onderzoeksprogramma, dat door NWO en ZonMw gezamenlijk is uitgevoerd, hebben 25 projecten veel kennis en bruikbare producten en innovaties opgeleverd. Stuurgroepvoorzitter Cathy van Beek: ‘Het Onderzoeksprogramma Sport heeft de afgelopen 5 jaar mooie resultaten opgeleverd. Er staat inmiddels een stevige infrastructuur voor sportonderzoek. En wetenschap en praktijk weten elkaar veel beter te vinden.’

Enkele voorbeelden

Slaap is één van de belangrijkste herstelmechanismen van het menselijk lichaam. Voor topsporters is goede slaap dus essentieel voor hun prestaties. Een project vond antwoord op vragen als hoeveel en hoe goed slapen topsporters eigenlijk? En wat helpt om eventuele slaapproblemen te verbeteren?
Een ander voorbeeld is vrouwenvoetbal. Dat is de snelst groeiende sport ter wereld, óók in Nederland. Een project zocht antwoord op vragen als wat betekent deze ontwikkeling voor de emancipatie van vrouwen? En hoe kunnen voetballende meiden serieuzer genomen worden?
In weer een andere werd onderzocht hoe jongeren met een motorische ontwikkelingsstoornissen volop mee kunnen doen aan sport en spel. Want voor deze kinderen is sporten niet vanzelfsprekend.
Naast de projectresultaten staat het magazine boordevol columns, onder andere van topsporter Marit Bouwmeester, interviews met topsporters zoals Anna van der Breggen, facts en figures en nog veel meer.
Nieuwsgierig? Bekijk de rijke inhoud van het digitale magazine 5 jaar sportonderzoek. Resultaten en opbrengsten voor de praktijk

Onderzoeksprogramma Sport

Het programma dat van 2012-2017 liep had tot doel om het wetenschappelijk onderzoek op het terrein van (top)sport en bewegen te versterken en zodoende kwalitatief hoogwaardige en duurzame kennis op te bouwen en die kennis in te zetten voor de praktijk.
Drie thema’s van onderzoek stonden centraal:

  • Presteren: het optimaliseren van (top)sportprestaties en bevorderen van innovaties;
  • Meedoen: sportparticipatie en de betekenis daarvan voor de samenleving;
  • Vitaal: het bevorderen van vitaliteit en gezondheid door sportief bewegen.

Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen 2017-2020

Inmiddels is er ook een nieuw onderzoeksprogramma sport en bewegen voor de periode 2017 tot 2020 gestart en komt ook aan bod in het digitale magazine. Dit programma biedt net als de Nationale Wetenschapsagenda (o.a. vanuit de NWA-route sport en bewegen) ook voor de komende periode volop kansen voor onderzoek op het terrein van sport en bewegen.

Meer informatie


]]>
news-2569 Thu, 07 Jun 2018 14:02:45 +0200 Openbare onderzoeksdata in de strijd tegen ebola https://www.nwo.nl/actueel/nieuws/2018/06/openbare-onderzoeksdata-in-de-strijd-tegen-ebola.html Openbare publicaties van resultaten over ebola helpen de infectieziekte te bestrijden. Samen met NWO steunt ZonMw de internationale oproep van het Wellcome Trust om publicaties en onderzoeksresultaten openbaar te maken.  

]]>
news-2568 Thu, 07 Jun 2018 13:56:13 +0200 Lvb-scholing voor professionals in het veiligheidsdomein https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/geestelijke-gezondheid-ggz/programmas/project-detail/actieprogramma-lokale-initiatieven-mensen-met-verward-gedrag/zie-en-begrijp-je-mijlvb-scholing-voor-professionals-in-het-veligheidsdomein-en-sociale-domein-in/t/interview-met-projectleider-2/ Waarom is lvb-scholing voor professionals in het veiligheidsdomein en sociale domein zo belangrijk? Karen Schipper legt uit waarom en hoe zij hiermee aan de slag gaat in het project ‘Zie en begrijp je mij?'.  

]]>
news-2561 Tue, 05 Jun 2018 14:41:11 +0200 Start projecten adult stamcelonderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/start-projecten-adult-stamcelonderzoek/ Eind april vond een bijeenkomst plaats voor de recent gestarte projecten in het ZonMw programma Translationeel Adult Stamcelonderzoek. Het gaat om 5 Game Changer en 4 Bench to Bedside projecten. Alle projecten bevinden zich in een gebied waar Nederland sterk in is, namelijk stamcelonderzoek en gentherapie. Tijdens de bijeenkomst maakten de verschillende projectleiders kennis met elkaar en zijn een aantal belangrijke inzichten gedeeld. Er is een pilot studie uitgevoerd naar een vroege Medical Technology Assessment (MTA) voor de Bench-to-Bedside projecten. In een MTA wordt onderzocht hoe de kosten en impact van een nieuw product of een nieuwe techniek zich verhouden ten opzichte van bestaande behandeling. Gedurende het project komen data beschikbaar waarmee de MTA aangevuld kan worden. De vragen in de MTA helpen bij het nadenken over de juiste stappen voor de ontwikkeling van het product en implementatie. Een goede exercitie is om het eindproduct in gedachte te nemen en vervolgens de voorgaande stappen om het eindproduct te bereiken in beeld te brengen.

Datastewardship

Een datamanagement plan is binnen elk project een vereiste. Hierbij gaat het om de verifieerbaarheid en herbruikbaarheid van onderliggende data aan het eind van het project. De data moet uiteindelijk FAIR zijn – Findable, Accessible, Interoperable en Reusable.  FAIR data is niet alleen belangrijk voor derden, maar ook voor de onderzoeker en onderzoeksgroep zelf. Tijdens de bijeenkomst zijn praktische aanwijzingen voor het doen van goed data stewardship gegeven, welke expertise daarvoor nodig is, en wat er allemaal in een data stewardship plan kan staan.

Gebruikerscommissie

Elk project stelt een gebruikerscommissie samen waarin verschillende stakeholders betrokken zijn bij de voortgang en uiteindelijk implementatie van het project. Een gebruikerscommissie bevat bij voorkeur expertise op het gebied van regelgeving, productontwikkeling, ethische aspecten en de aandoening waar de therapie voor ontwikkeld wordt. De ervaring die de deelnemers meebrengen kan helpen bij het oplossen van knelpunten, het in kaart brengen van het vervolgtraject voor een eventueel product en het rekruteren van patiënten. Zo wordt de kans dat het product of de techniek de patiënt bereikt groter.

Meer informatie

]]>
news-2558 Tue, 05 Jun 2018 12:54:28 +0200 Samenwerken rondom verward gedrag: ‘Een expert maakt het onderlinge gesprek makkelijker’ https://publicaties.zonmw.nl/actieprogramma-verward-gedrag/#c23459 In passende hulp en ondersteuning bij verward gedrag heeft alles met alles te maken. Het vervoer, de beoordeling, de overdracht van de ene hulpverlener naar de andere. De afstemming tussen alle betrokken partijen is soms niet zo eenvoudig. 7 Midden-Limburgse gemeenten kregen hulp vanuit de Vliegende Brigade +.  

]]>
news-2555 Tue, 05 Jun 2018 11:11:45 +0200 De lange weg naar gentherapie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/de-lange-weg-naar-gentherapie/ Translationele onderzoeken zijn vaak projecten van lange adem. Zo ook de studie van het AMC naar gentherapie voor patiënten met de zeldzame leverziekte Crigler-Najjar. Mede dankzij subsidies, onder meer van ZonMw, kunnen nu na ruim tien jaar en veel doorzettingsvermogen de eerste klinische trials van start gaan. Tekst: John Ekkelboom

Afhankelijk van de ernst van hun aandoening moeten patiënten met de ziekte van Crigler-Najjar dagelijks vijf tot maar liefst twaalf uur vrijwel naakt in een soort zonnebank met fel blauw licht slapen. Door dat licht wordt de giftige gele kleurstof bilirubine in hun bloed omgezet in een isomeer dat het lichaam wel kan afscheiden. Bilirubine komt vrij bij de afbraak van rode bloedcellen, die een levensduur hebben van enkele weken. Normaal breekt het enzym UGT1A1 in de lever dit afvalproduct af, maar patiënten met Crigler-Najjar missen dat eiwit. Het gevolg is een stapeling van bilirubine, die kan leiden tot ernstige hersenschade en uiteindelijk de dood. Een riskante levertransplantatie is het enige alternatief voor de zeer belastende lichttherapie.

De zeldzame leverziekte komt wereldwijd naar schatting bij één op de miljoen mensen voor. Nederland telt ongeveer 25 patiënten, voor wie een aparte Najjar-stichting is opgericht. Op verzoek en met subsidie van deze patiëntenvereniging startte het AMC in 1991 een onderzoek naar de genetische achtergrond van de aandoening. Moleculair-bioloog Piter Bosma van het Tytgat Instituut van dit Amsterdamse ziekenhuis, vertelt dat gentherapie destijds een hype was. `Toen werd ook al meteen gedacht aan zo’n behandeling voor deze doelgroep. Wij hebben uiteindelijk het verantwoordelijke gemuteerde gen gevonden, maar de techniek was nog niet rijp om ook daadwerkelijk gentherapie te ontwikkelen.’

Proefdiertraject herhalen

Inmiddels heeft die techniek volgens Bosma enorme sprongen gemaakt. Om alsnog aan gentherapie voor Crigler-Najjar te kunnen werken, vroeg hij in 2007 subsidie aan bij ZonMw. Die aanvraag werd gehonoreerd vanuit het programma Translationeel Gentherapeutisch Onderzoek voor de duur van zes jaar. Dit heeft geleid tot een behandeling die binnenkort bij Crigler Najjar-patiënten uit diverse landen wordt getest. Aan deze klinische studie gingen wel de nodige hobbels vooraf. De onderzoekers hadden een vector ontwikkeld die een goede kopie van het gen voor UGT1A1 naar de lever zou moeten transporteren. Bosma: `Die vector bestaat uit een virus waaruit we alle DNA hebben verwijderd. De virale mantel, waarin we het gewenste gen plaatsen, is dus totaal onschadelijk. We hebben deze gentherapie uitgebreid getest bij Gunn-ratten, die van nature dezelfde leverziekte hebben. De behandeling was zeer effectief. Echter vanwege nieuw inzicht moesten we met een andere vector aan de slag en het uitgebreide proefdiertraject herhalen.’

Dat nieuwe inzicht kwam vanuit een lopend Engels onderzoek naar gentherapie bij hemofiliepatiënten. Door een gemuteerd gen hebben deze mensen een tekort aan een bepaalde stollingsfactor. De Engelse onderzoekers gebruiken eveneens een vector om een gezonde kopie van het gen in de lever te brengen, legt Bosma uit. `Uit de eerste resultaten van die studie bleek dat een tienmaal zo hoge dosering – in vergelijking met de hoeveelheid die wij voor ogen hadden - ook veilig is. Een hogere dosering heeft uiteraard veel meer kans van slagen. Dat is essentieel omdat je de toediening slechts één keer kunt doen. Het lichaam ziet de vector toch als een virus en gaat daartegen antilichamen maken. Een tweede dosering heeft dan geen kans van slagen meer.’  Voor een tienmaal hogere dosering was meer vector nodig. Verhoging van de productie van de gebruikte vector bleek helaas niet mogelijk. Bosma: `We waren genoodzaakt een nieuwe vector te ontwerpen, waarmee dat wel zou lukken. We moesten daardoor weer helemaal hetzelfde traject doorlopen om de werkzaamheid en veiligheid ervan aan te tonen. Dit resulteerde in jaren vertraging. Na het indienen van de testrapporten kregen we toestemming van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek – de CCMO – om met een klinische trial te beginnen.’

Databank patiënten

Bosma benadrukt dat het zonder ZonMw niet was gelukt om al die stappen te zetten. Om extra financiële speelruimte tijdens het langdurende traject te creëren, heeft hij tevens steun van en samenwerking met Franse en Italiaanse Crigler Najjar-patiëntenverenigingen en -onderzoeksgroepen gezocht. `Die samenwerking was ook nodig om een klinische trial te kunnen doen. Het gaat immers om een zeer zeldzame ziekte. Ook andere landen hebben we daarna benaderd. We hebben nu een databank met de gegevens van 120 patiënten uit Nederland, Frankrijk, Italië, de Verenigde Staten, Zweden, Tunesië en Noorwegen.’

Aangezien de vector nu ook is goedgekeurd volgens de regelgeving voor genetisch gemodificeerde organismen, kan de klinische studie van start gaan. De eerste patiënten van de in totaal zeventien worden na de zomer behandeld, weet Bosma. `Het is zowel een fase I, II als III-onderzoek. Groepsgewijs gaan we naar een steeds hogere dosering om te kijken welke optimaal en nog steeds veilig is. Daarnaast starten we een onderzoek met Europese Horizon 2020-subsidie naar de mogelijkheid om de antilichamen tegen de vector uit het bloed te filteren. Als dat lukt, kunnen we ondergedoseerde patiënten, bij wie de gentherapie onvoldoende effect heeft, toch opnieuw behandelen.’

]]>
news-2545 Fri, 01 Jun 2018 14:54:00 +0200 Drie nieuwe bestuursleden https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/drie-nieuwe-bestuursleden/ Annelien Bredenoord, Cisca Wijmenga en Huibert Pols zijn benoemd als bestuurslid van ZonMw. Zij vullen de vacatures op die al geruime tijd in het bestuur bestonden. De bestuursleden zijn officieel voor 4 jaar benoemd door minister de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en de Raad van Bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). 

Annelien Bredenoord

Prof. dr. Annelien Bredenoord is werkzaam als onderzoeker bij het Julius Centrum van het Universitair Medisch Centrum Utrecht. In februari 2017 is ze benoemd als hoogleraar Ethiek van Biomedische wetenschappen van het UMC Utrecht, waar zij bestudeert hoe innovaties in de (bio)medische wetenschappen en nieuwe biomedische technologie, zoals genetica, stamcelonderzoek, voortplantingstechnologie, Big Data en biobanken, op een ethisch verantwoorde wijze vertaald kunnen worden naar patiëntenzorg en de maatschappij. In 2014 is zij geïnstalleerd als lid van de Jonge Akademie van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Zij adviseert in binnen- en buitenlandse commissies over medisch-ethisch beleid. Sinds 9 juni 2015 is zij daarnaast lid van de Eerste Kamer.

Cisca Wijmenga

Prof. dr. Cisca Wijmenga is hoogleraar Medische Genetica aan de Rijksuniversiteit Groningen en het Universitair Medisch Centrum Groningen. In 2012 werd ze benoemd tot lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. In 2015 was ze een van de vier winnaars van de Spinozapremie, de hoogste Nederlandse onderscheiding voor academici die werkzaam zijn in Nederland. Ze is nationaal, maar ook wereldwijd een van de meest vooraanstaande onderzoekers op het gebied van complexe genetica. Wijmenga doet in het bijzonder onderzoek naar de genetische risicofactoren die een rol spelen bij coeliakie (glutenintolerantie), een chronische darmaandoening. Ze identificeerde de risicogenen voor deze ziekte en ontwikkelde een betrouwbare, eenvoudige en goedkope methode om op deze risicogenen te testen. Met deze test kunnen patiënten en artsen preventief handelen en vroegtijdig beginnen met behandeling.

Huibert Pols

Prof. dr. Huibert Pols is hoogleraar Inwendige geneeskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Op 1 oktober 2006 werd hij decaan van de faculteit der Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen en vicevoorzitter van de Raad van bestuur van Erasmus MC. Zijn benoeming tot rector magnificus volgde in 2013 en loopt tot en met 15 juni 2018. Pols geniet als wetenschapper en bestuurder nationale en internationale faam in de interne geneeskunde.

]]>
news-2547 Fri, 01 Jun 2018 12:00:00 +0200 NWO-Vidi van 800.000 euro voor 86 onderzoekers https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nwo-vidi-van-800000-euro-voor-86-onderzoekers/ De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft 86 ervaren onderzoekers een Vidi-financiering van 800.000 euro toegekend, 15 hiervan vallen onder het werkterrein van ZonMw. De Vidi-onderzoeker kan met een maximaal subsidiebedrag van € 800.000,- één of meer onderzoekers aanstellen, om daarmee een krachtige impuls te geven aan zijn of haar onderzoekcarrière.

De laureaten gaan met het geldbedrag onder andere onderzoeken hoe het brein complexe geluiden verwerkt en hoe je computers efficiënt kan laten rekenen aan reusachtige hoeveelheden data en ingewikkelde modellen. Ook zal met de Vidi een toolbox worden ontwikkeld waarin eenvoudig duizenden verschillende therapieën kunnen worden getest met een enkel experiment - met als uiteindelijk doel osteoporose te behandelen, en wordt een computersysteem ontwikkeld om menigtes te managen tijdens grootschalige evenementen.

Vidi-laureaten aan het woord

Onderzoekers Frances Handoko-de Man (VUmc), Pieter Schwabe (Radboud Universiteit Nijmegen), Jacco van Sterkenburg (Erasmus Universiteit Rotterdam) en Marvin Tanenbaum (Hubrecht Institute) vertellen in deze videoreeks over hun droom voor de toekomst en waar ze hun Vidi voor gaan inzetten.

Meer informatie

 

 

]]>
news-2551 Fri, 01 Jun 2018 09:43:52 +0200 Onderzoeker Marie-José van Tol ontvangt de Heineken Young Scientists Award 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoeker-marie-jose-van-tol-ontvangt-de-heineken-young-scientists-award-2018/ Marie-José van Tol (37) heeft de Heineken Young Scientists Award 2018 in het domein Social Sciences ontvangen voor haar onderzoek naar de vele factoren die bijdragen aan het ontstaan van depressies en andere psychiatrische aandoeningen. De Heineken Young Scientists Awards zijn een belangrijke aanmoedigingsprijs voor getalenteerde jonge onderzoekers die als voorbeeld kunnen dienen voor andere jonge onderzoekers en wetenschappers. De Heineken Young Scientists Awards maken deel uit van de tweejaarlijkse Heinekenprijzen voor Wetenschap en Kunst (in totaal 10 prijzen). De award ceremonie vindt op 27 september 2018 plaats in het Muziekgebouw aan ‘t IJ in Amsterdam. De jury noemt Marie-José van Tol een getalenteerd, creatief en gedreven onderzoeker die niet alleen vele disciplines combineert, maar ook in andere opzichten een verbinder is. Zo is ze een van de oprichters en op dit moment voorzitter van de Young Academy Groningen.

Over Marie-José van Tol

Marie-José van Tol is universitair docent en onderzoeker aan de sectie neuropsychologie van de afdeling neurowetenschappen van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Van Tol studeerde klinische en gezondheidspsychologie aan de Universiteit Utrecht. In 2011 promoveerde ze aan de Universiteit Leiden op een proefschrift over MRI-onderzoek bij patiënten met depressie of angststoornissen.

Het onderzoek

Het onderzoek van Marie-José van Tol richt zich op het ontrafelen van de vele factoren die mensen kwetsbaar maken voor depressies, angststoornissen, suïcidaliteit, schizofrenie en andere ingrijpende psychiatrische aandoeningen. Haar werk is bij uitstek interdisciplinair: ze combineert kennis en methoden uit velden zoals klinische psychiatrie, neuropsychologie, cognitieve psychologie, neuroradiologie en neurowetenschappen.

Van Tol betrekt een breed spectrum aan invloeden in haar zoektocht naar de achtergrond van psychische kwetsbaarheden. Zo neemt ze ook de aanwezigheid van andere psychiatrische aandoeningen, het beloop van de ziekte, effecten van behandelingen, erfelijke risico’s, persoonlijkheidsfactoren en vroege trauma’s in haar analyses mee. In haar onderzoek maakt ze gebruik van innovatieve neuro-imaging-technieken en analysemethoden.

Subsidie

Vanuit ZonMw ontvangt zij subsidie voor 2 projecten:

  • Een persoonsgebonden Veni-subsidie voor het project 'Boosting Resilience for Relapse: individual prediction and understanding of preventive-treatment success for lowering the risk for relapse in major depression'

Bron: KNAW

]]>
news-2549 Fri, 01 Jun 2018 08:29:00 +0200 GIZ-methodiek erkend als theoretisch goed onderbouwd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/giz-methodiek-erkend-als-theoretisch-goed-onderbouwd/ De GIZ-methodiek (Gezamenlijk Inschatten van Zorgbehoeften) is door de erkenningscommissie nu officieel erkend als theoretisch goed onderbouwd. Met de GIZ-methodiek breng je snel de sterke kanten en ontwikkel- en zorgbehoeften van een kind of gezin in kaart. Samen met ouders, jeugdigen en andere professionals. Zo kom je tijdig tot passende ondersteuning en wordt de eigen kracht versterkt. De erkenningscommissie vindt de GIZ-methodiek een bruikbare, toepasbare en zinvolle methodiek, en relevant voor JGZ- en jeugdzorgprofessionals om in hun ‘gereedschapskist’ te hebben. De grote meerwaarde van de GIZ-methodiek is volgens de commissie de mogelijkheden die deze tool biedt om tot een professionele probleeminventarisatie te komen ofwel het shared decision making. Ook vindt de commissie dat de interventie goed uitvoerbaar is.

Over de GIZ-methodiek

De GIZ is ontwikkeld binnen de Academische Werkplaats Samen voor de Jeugd. Door samenwerking tussen onderzoeker met praktijk en het betrekken van de cliënten is deze gebaseerd op wetenschappelijke en professionele inzichten én afgestemd op behoeften van ouders, jeugdigen en professionals.

De methodiek helpt professionals samen met ouders en jeugdigen te bepalen hoe het gaat en wat nodig is. Dit door middel van een gestructureerd en motiverend gesprek en uitnodigende leeftijdsspecifieke schema's.

De methodiek past binnen het werkproces van alle professionals uit het brede sociale jeugddomein. Binnen de methodiek is ruimte voor focus op reventieve of aanvullende zorg. Hierdoor kan je de GIZ-methodiek toepassen binnen de jeugdgezondheidszorg, maar ook binnen andere disciplines waar bijvoorbeeld al een hulpvraag bekend is. Ook professionals uit het onderwijs en de kinderpalliatieve zorg passen de methodiek toe.

De GIZ onderzocht

Om de GIZ verder te onderbouwen en door te ontwikkelen wordt onderzoek gedaan. Zo wordt de effectiviteit van de GIZ onderzocht bij ouders met kinderen van 0 tot 12 jaar. En wordt een digitale GIZ ontwikkeld en getest. Ook wordt de GIZ aangepast om hem toepasbaar te maken in de kraamzorg.

Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd

In het ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd zetten 13 (regionale) academische werkplaatsen zich in voor betere jeugdhulp. De Academische Werkplaats Samen voor de Jeugd is één van deze werkplaatsen. Deze werkplaatsen verbinden met een regionale kennisinfrastructuur de werelden van praktijk, beleid, onderzoek en onderwijs, met structurele inbreng van ouders en jongeren. Zo brengen academische werkplaatsen kennis samen voor de transformatie in de jeugdsector.

Meer weten?

Meer weten over de GIZ-methodiek of wil je de GIZ-methodiek binnen uw organisatie implementeren? Bezoek dan voor een nadere beschrijving en onderbouwing van de GIZ-methodiek de Database loket gezond leven, de GIZ-website en interventiebibliotheek of neem contact op met Natascha Hensen (NCJ), nhensen@ncj.nl.

Bron: NCJ
 

]]>
news-2531 Fri, 01 Jun 2018 07:19:00 +0200 Onderzoek naar voeding en psychische gezondheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-voeding-en-psychische-gezondheid/ Wat is de relatie tussen voeding en psychische gezondheid? En kan voeding de behandeling van psychiatrische patiënten ondersteunen? Op deze vragen proberen onderzoekers van NUTRIM School of Nutrition and Translational Research in Metabolism, Maastricht University een antwoord te krijgen.
Zij ontvangen subsidie van ZonMw om een kennissynthese uit te voeren naar de relatie tussen voeding en psychische gezondheid. De kennissynthese is gericht op de rol van voeding in de behandeling van psychiatrische patiënten gedurende de gehele lifespan.

De kennissynthese zal voor het einde van het jaar (de eerste) resultaten opleveren. De resultaten van deze kennissynthese worden aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aangeboden en kunnen leiden tot een plan voor vervolgonderzoek.

Meer informatie

]]>
news-2543 Thu, 31 May 2018 12:29:34 +0200 Zorgen over proefpersoon-informatie, infrastructuur en toekomstbestendigheid bij evaluatie WMO https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zorgen-over-proefpersoon-informatie-infrastructuur-en-toekomstbestendigheid-bij-evaluatie-wmo/ In 2017 werd de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen (WMO) voor de derde keer geëvalueerd. Hoofddoel van de WMO is het bieden van voldoende bescherming aan proefpersonen tegen risico’s en bezwaren van deelname aan wetenschappelijk onderzoek zonder de vooruitgang van de medische wetenschap onnodig te belemmeren. Uit het evaluatieonderzoek komt naar voren dat zich bij de algemene werking van de WMO geen grote problemen voordoen. Met deze conclusie wordt de lijn doorgetrokken die ook in de vorige 2 wetsevaluaties (2004 en 2012) naar voren kwam. Wel worden op basis van het evaluatieonderzoek 32 aanbevelingen gedaan. Daarvan zijn degene die betrekking hebben op de ‘infrastructuur’, in het bijzonder de toerusting en financiering van de medisch-ethische toetsingscommissies (METC’s) en de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek CCMO, het meest urgent.

Schriftelijke informatie proefpersonen ongeschikt

De schriftelijke informatie die proefpersonen uitgereikt krijgen voordat ze toestemming geven, is ongeschikt om potentiële onderzoeksdeelnemers goed te kunnen informeren. Dit is één van de meest opvallende aanbevelingen. De informatie is vaak veel te lang en het taalniveau te hoog. De onderzoekers bevelen onder andere aan dat de toetsingscommissies er (nog) beter op toezien dat de WMO op dit punt wordt nageleefd.

Onduidelijkheid rond reikwijdte

Een ander probleem is dat de vorige evaluaties van de WMO geen verandering hebben kunnen brengen in de problemen rond de reikwijdte van de WMO: valt bijvoorbeeld het biobankonderzoek (langdurige bewaring van lichaamsmateriaal voor toekomstige onderzoeksprojecten) onder de wet? Op korte termijn is de oplossing voor dit probleem gelegen in het opstellen van richtlijnen door de CCMO. Op de lange termijn mogelijk in de uitbreiding van de reikwijdte van de WMO tot andere vormen van medisch-wetenschappelijk onderzoek.

Toetsingssysteem onder druk

Een knelpunt van geheel andere orde is dat sprake blijkt van een toenemende werkdruk op de toetsingscommissies en hun secretariaten. Dit roept de vraag op of er wel voldoende menskracht en middelen zijn om het toetsingssysteem draaiende te houden. Over het toezicht op de naleving van de WMO wordt geconstateerd dat de 2 toezichthouders op de uitvoering van de wet – de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en de CCMO – niet optimaal vorm geven aan hun toezichthoudende taak. Bij het toezicht door de IGJ gaat het met name om het toezicht op de CCMO, bij de CCMO gaat het om het toezicht op de METC’s.

Toekomstbestendigheid

Door het opvolgen van de aanbevelingen kan het functioneren van de WMO nog verder verbeteren. Maar door veranderingen in het medisch-wetenschappelijk onderzoek, zoals een toename van onderzoek met gegevens en lichaamsmateriaal, én de ontwikkelingen op het terrein van de EU-regelgeving, is er reden tot zorg over de toekomstbestendigheid van de wet en het huidige toetsingssysteem. In de evaluatie rijst alles bijeengenomen het beeld op van een systeem dat zich steeds moeizamer laat aanpassen aan die ontwikkelingen. De wetgever zou er daarom goed aan doen onderzoek te starten naar de houdbaarheid van het toetsingssysteem op de lange termijn.

Het evaluatieonderzoek

Het evaluatieonderzoek richt zich niet alleen op de algemene werking van de wet, maar ook op een aantal deelthema’s. Die betreffen de reikwijdte van de wet, het informed consent-vereiste, het functioneren van de medisch-ethische toetsingscommissies (METC’s), de proefpersonenverzekering en het toezicht op de naleving van de wet. De wetsevaluatie is uitgezet en begeleid door ZonMw in opdracht van het ministerie van VWS. De wetsevaluatie is uitgevoerd door een multidisciplinaire onderzoekgroep van de afdeling Sociale Geneeskunde van het AMC/UvA, de afdeling Medische Ethiek van het Erasmus MC en Pro Facto.

Meer weten?

•    Publicatie Derde evaluatie Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen
•    ZonMw-project Derde evaluatie van de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen
•    ZonMw-programma Evaluatie Regelgeving

]]>
news-2540 Wed, 30 May 2018 12:48:05 +0200 35 nieuwe projecten over verward gedrag van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/35-nieuwe-projecten-over-verward-gedrag-van-start/ In het voorjaar van 2018 hebben 35 regionale praktijkprojecten subsidie gekregen om de hulp aan mensen met verward gedrag en hun omgeving te verbeteren. Deze subsidies komen uit de 5e subsidieronde van het ZonMw-actieprogramma over verward gedrag. In totaal zijn er inmiddels al meer dan 100 praktijkprojecten gestart.
De projecten zijn gericht op het in de praktijk toepassen van 1 of meer van de 9 bouwstenen voor een lokale, goed werkende aanpak voor mensen met verward gedrag. Van de 35 projecten zijn:

  • 8 projecten gericht op het toepassen van alle bouwstenen (een sluitende aanpak)
  • 27 projecten gericht op het in de praktijk brengen van één of enkele bouwst(e)en(en)

De projecten zijn allemaal uiterlijk begin mei van start gegaan.

Subsidiemogelijkheden en informatiebijeenkomst

Wilt u ook aan de slag met een betere ondersteuning, opvang en zorg voor mensen met verward gedrag en hun omgeving? Dan komt u wellicht in aanmerking voor subsidie. Bekijk de subsidiemogelijkheden op onze website. Wilt u meer weten over de subsidiemogelijkheden? Kom dan donderdag 7 juni naar de informatiebijeenkomst in Utrecht.   

Meer informatie

]]>
news-2534 Tue, 29 May 2018 12:36:34 +0200 Campagne: migraine is een hoofdzaak https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/campagne-migraine-is-een-hoofdzaak/ Migraine komt veel vaker voor dan we denken en heeft veel meer impact op het dagelijks leven van mensen dan we beseffen. Onderzoekers Gisela Terwindt en Antoinette Maassen van den Brink waren te gast bij Koffietijd om te vertellen over hun onderzoek naar de invloed van hormonen op migraine.

Vrouwen hebben vaker last van migraine dan mannen. Dit verschil openbaart zich in de puberteit, is op het hoogtepunt bij vrouwen in de dertig en vermindert na de overgang. Tijdens de menstruatie hebben veel vrouwen last van migraineaanvallen, maar tijdens de zwangerschap weer minder. ‘Heel veel redenen om aan die hormonen te denken’, vertelt Maassen van den Brink, farmacoloog en onderzoeker bij 2 projecten over migraine en hormonen binnen het Kennisprogramma Gender en Gezondheid. 

Bekijk het fragment.

Samen met Gisela Terwindt, neuroloog, onderzoekt zij de invloed van hormonen op migraine. Door te kijken naar hormoonspiegels bij vrouwen en het werkingsmechanisme van geslachtshormonen, hopen de onderzoekers beter begrip te krijgen van de invloed van hormonen op migraine bij vrouwen, en in de toekomst deze kennis te kunnen inzetten voor het ontwikkelen van medicatie tegen deze aandoening. 

#Migraineiseenhoofdzaak

WOMEN Inc. lanceert op 29 mei de campagne ‘Migraine is een hoofdzaak’. Op www.migraineiseenhoofdzaak.nl kunt u meer lezen over feiten en cijfers rond migraine en de migraine-test doen. Wist u bijvoorbeeld dat dagelijks 70.000 Nederlanders een migraineaanval hebben? 

]]>
news-2532 Tue, 29 May 2018 11:01:24 +0200 Evaluatie ZonMw aangeboden aan Kamer https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/evaluatie-zonmw-aangeboden-aan-kamer/ Minister De Jonge (VWS) heeft de Eerste en Tweede Kamer zijn reactie op de externe evaluatie van ZonMw over de periode 2010-2015 aangeboden.

In deze brief gaat de minister in op de inhoud en de uitkomsten van de evaluatie. Ook zijn de reacties van het Bestuur van ZonMw en de Raad van Bestuur van NWO erin opgenomen. We zijn blij met het compliment dat de minister geeft in zijn beleidsreactie. “De evaluatie van ZonMw laat zien dat ZonMw een doeltreffende en doelmatige organisatie is die zowel nationaal als internationaal één van de koplopers is in het financieren en stimuleren van onderzoek en innovatie. Daarnaast blijkt uit de evaluatie dat de aanbevelingen uit de vorige evaluatie zijn opgepakt.“

We gaan graag aan de slag met de genoemde aanbevelingen om de zorg en preventie in Nederland verder te verbeteren.

]]>
news-2523 Mon, 28 May 2018 14:09:16 +0200 Samenwerking binnen TopZorg: ‘de synergie zoeken én elkaar iets gunnen’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/samenwerking-binnen-topzorg-de-synergie-zoeken-en-elkaar-iets-gunnen/ Samenwerking is een belangrijke pijler onder het Zonmw-programma TopZorg, waarin zeer specialistische zorg gecombineerd wordt met wetenschappelijk onderzoek in drie niet-academische ziekenhuizen. Dat de samenwerking tussen deze drie ziekenhuizen, universitaire medische centra en andere kennisinstellingen tot wederzijds voordeel leidt, blijkt uit interviews met sleutelfiguren in de vandaag verschenen digitale publicatie. Cardioloog prof. dr. Lucas Boersma, werkzaam in het St Antonius ziekenhuis Utrecht/Nieuwegein én hoogleraar in het AMC in Amsterdam pleit ervoor dat topklinische ziekenhuizen en umc’s meer nog dan nu de synergie gaan zoeken ‘en elkaar wat gunnen’. Dr. ir. Koen Vermeer, directeur van het onderzoeksinstituut van Het Oogziekenhuis: ‘Wij zijn een mooie proeftuin voor innovaties door onze focus op één specialisme en door de grote aantallen patiënten die wij behandelen.’ En Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis Tilburg (ETZ) en Tilburg University ondertekenden op 7 mei een overeenkomst om nóg nauwer te gaan samenwerken. In de digitale publicatie zijn hiervan mooie voorbeelden te vinden. Neurochirurg en programmacommissielid prof. dr. Wilco Peul hoopt dan ook dat ZonMw in de toekomst steeds meer subsidieaanvragen uit algemene ziekenhuizen krijgt.

Meer over samenwerking binnen TopZorg, leest u in de digitale publicatie: TopZorg: samenwerking TopZorg ziekenhuizen en academische instellingen.

]]>
news-2521 Mon, 28 May 2018 09:37:44 +0200 Fonds van ruim 100 miljoen voor veelbelovende zorg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/fonds-van-ruim-100-miljoen-voor-veelbelovende-zorg/ Veelbelovende behandelingen, medische technologie en geneesmiddelen sneller beschikbaar voor de patiënt: dat is het doel van een fonds dat minister Bruno Bruins (Medische Zorg) op 24 mei presenteerde. De minister stelt voor het fonds 105 miljoen euro beschikbaar. Met dit geld worden ontwikkelaars van nieuwe zorgideeën geholpen bij het opzetten en uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek. Subsidieregeling veelbelovende zorg

Het totale bedrag komt ten goede aan drie regelingen. De eerste regeling is een subsidieregeling speciaal bedoeld voor nieuwe behandelingen, hulpmiddelen en medische technologie die over het algemeen al tot de markt zijn toegelaten, maar nog niet vergoed worden. Voordat een nieuwe vorm van zorg vergoed kan worden vanuit het basispakket is bewijs nodig dat het ook een meerwaarde heeft ten opzichte van bestaande behandelingen. Dergelijk onderzoek is vaak kostbaar, vergt veel expertise en duurt meerdere jaren. Met het geld dat Bruins hiervoor beschikbaar stelt kunnen ontwikkelaars zoals MKB’ers, ziekenhuizen en onderzoekers dit onderzoek betalen en worden de gemaakte zorgkosten tijdens het onderzoek gedekt. Ook krijgen zij professionele hulp bij de opzet van het onderzoek.

Voorwaardelijke toelating laagdrempeliger

De regeling gaat in op 1 januari 2019 en komt in de plaats van de huidige regeling van voorwaardelijke toelating die sinds 2012 bestaat. De regels om in aanmerking te komen voor voorwaardelijke toelating bleken in de praktijk te lastig, waardoor er weinig gebruik van werd gemaakt. In overleg met zorgpartijen is besloten een nieuwe en  laagdrempeligere regeling te maken. Van de nieuwe regeling zal naar verwachting vier tot vijf keer meer gebruik gemaakt gaan worden. Doordat de regeling eenvoudiger is wordt ook de totale voorbereidings- en onderzoekstijd die nodig is teruggebracht van ongeveer 6 naar ongeveer 4 jaar.

Geneesmiddelen en evaluatie van bestaande zorg

Naast de subsidieregeling voor behandelingen en medische technologie werkt Bruins ook aan een vergelijkbare regeling voor geneesmiddelen. Vanwege onder andere de verschillen in geldende regelgeving voor geneesmiddelen wordt hiervoor een aparte regeling in het leven geroepen. Deze regeling wordt de komende periode uitgewerkt en zal voor het einde van het jaar gepresenteerd worden. Datzelfde geldt voor de regeling die bedoeld is om bestaande zorgvormen te evalueren en te kijken of ze echt zo goed werken als we denken. Ook in het onderhandelaarsakkoord medisch specialistische zorg is afgesproken om bestaande zorg actiever te gaan evalueren.   

Lees het volledige bericht op de website van de Rijksoverheid.

]]>
news-2520 Fri, 25 May 2018 17:10:17 +0200 25.000 euro voor winnaars Bio Art & Design Award 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/25000-euro-voor-winnaars-bio-art-design-award-2018/ De biokunstenaars Amanda Baum en Rose Leahy (duo), Yiyun Chen en Ani Liu zijn op vrijdag 25 mei uitgeroepen tot de winnaars van de Bio Art & Design Award 2018 (BAD Award). De jury koos deze kunstenaars en designers uit twaalf teams van samenwerkende internationale kunstenaars, ontwerpers en wetenschappers. Met de geldprijs van 25.000 euro brengen de winnaars het komende jaar hun biokunstproject tot uitvoer. Voor de uitvoering van elk BAD Award-project wordt nauw samengewerkt met een Nederlandse onderzoeksinstelling. De deelnemers konden rekenen op een groot publiek voor de presentaties over hun kunstproject in kunstcentrum Stroom Den Haag. De internationale jury, onder leiding van voorzitter William Myers (schrijver en curator, Verenigde Staten), was onder de indruk van de verschillen in inhoud en aanpak van de teams. Myers: ‘De benaderingen om deze projecten te realiseren waren indrukwekkend divers, van sculptuur en theater tot 3D-printen en een geheel nieuwe beeldtaal van iconen. Dit wijst op zeer zorgvuldig en creatief werk van de deelnemers en een streven naar originaliteit.’ Rode draad door de presentaties vormden onderwerpen als de definiëring van de mens, het leven in de zee, hoe artificial intelligence, de mens en ecosystemen zich in de toekomst tot elkaar verhouden, en de relatie tussen techniek en ziekte.

De Engelse Amanda Baum en Rose Leahy onderzoeken het verleden, het heden en het toekomstige leven op aarde vanuit een microbieel perspectief. In antwoord op de verhalen van het Antropoceen gaan Baum en Leahy met de prijs ‘microbioceen’ uitwerken om te laten zien hoe alternatieve toekomsten geconstrueerd worden door werelden te verweven met microben. Dit doen zij in samenwerking met onderzoekers van het NIOZ (Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee). De Chinese Yiyun Chen gaat met de prijs een horizontale leefstudio ontwerpen en bouwen, om daar vervolgens een maand horizontaal in te leven en werken. Met dit ‘leven in bed’  bootst ze  onze hedendaagse levensstijl binnenshuis en de 24-uurscultuur na. Dit doet zij in samenwerking met het Department of Nutrition and Movement Sciences NUTRIM van de Maastricht University. Ani Liu uit de Verenigde Staten onderzoekt met haar werk hoe technologische innovaties de mens in staat stellen zichzelf te herontwerpen. Met de prijs en in samenwerking met onderzoekers van de afdeling Radiologie van het AMC Amsterdam maakt zij een reeks kunstwerken die laat zien hoe technologie ons beïnvloedt, met focus op het verkennen van de relatie tussen ons lichaam als materie en als data.

De winnende kunstwerken worden vanaf eind november 2018 tentoongesteld bij MU, centrum voor visuele cultuur in Eindhoven.

De jury over de winnaars

Zie bijlage voor de laudatio ’s van de jury over de drie winnaars van de BAD Award 2018 (Engels).

Achtergrond BAD Award

De BAD Award is een jaarlijkse internationale competitie. Het doel is kunstenaars en ontwerpers die maximaal vijf jaar geleden afgestudeerd zijn te laten experimenteren met biokunst en -design en het verleggen van de grenzen van kunst en wetenschap. De BAD Award 2018 is een initiatief van NWO, ZonMw, kunstruimte MU en BioArt Laboratories. De prijs vormt een stimulans voor de snel groeiende groep jonge creatieven die zich in hun werk richten op verkenningen van de nieuwe mogelijkheden die de levenswetenschappen bieden. De jury van de BAD Award 2018 bestond uit:

  • William Myers, curator en schrijver (Verenigde Staten/Nederland), voorzitter van de jury
  • Manon Parry, universitair docent Publieksgeschiedenis, Universiteit van Amsterdam (Nederland)
  • Karen Verschooren, curator en hoofd Tentoonstellingen bij STUK Arts Centre Leuven (België)
  • Isaac Monté, kunstenaar en oud-winnaar BAD Award (België, Nederland)
  • Han Wösten, hoogleraar Microbiologie, Onderwijsdirecteur Biologie en Biosciences Universiteit Utrecht (Nederland)
  • Koert van Mensvoort, kunstenaar, filosoof, wetenschapper en oprichter Next Nature Network (Nederland)

Meer informatie

Foto: © Jenny van Bremen

 

]]>
news-2518 Fri, 25 May 2018 13:15:35 +0200 Zes nieuwe honoreringen Programma Translationeel Onderzoek 2 – Netwerksubsidies https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zes-nieuwe-honoreringen-programma-translationeel-onderzoek-2-netwerksubsidies/ Binnen het Programma Translationeel Onderzoek 2 is een doorlopende subsidie beschikbaar gesteld om netwerkvorming te bevorderen, onderzoek en innovaties te stimuleren, (technologische) kennis m.b.t. translationeel onderzoek te vergroten en participatie van jonge onderzoekers te bevorderen. Het Programma Translationeel onderzoek heeft als doel de overgang van preklinisch naar vroeg-klinisch onderzoek in de mens te versnellen. Op deze manier kan kennis uit wetenschappelijk onderzoek voor de patiënt eerder tot concrete verbeteringen leiden en de zorgkosten verlagen. Binnen dit programma is een deel van het budget gereserveerd om Nederlandse onderzoekers en clinici te stimuleren om meer (inter)nationale samenwerkingen aan te gaan. Aanvragen voor subsidie kunnen in vier categorieën worden gedaan: een reisbeurs, geld voor een workshop/symposium, een communicatie voucher of een participatie voucher. Meer informatie leest u in de subsidieoproep.

Nieuwe honoreringen

Begin 2018 hebben binnen één van de vier categorieën zes projecten financiering ontvangen:

  • 2nd international meeting on systems medicine
    Het doel van deze aanvraag is om een congres te organiseren over systems medicine. Systems medicine is een aanpak naar meer persoonsgerichte zorg en vraagt om gebied overstijgende samenwerking tussen onder andere clinici, biologen, modellers, bioinformatica, genetici en farmacologen. Tijdens dit congres zullen de nieuwste technieken en toepassingen besproken worden met als doel ‘big data’ optimaal te implementeren voor de beste klinische zorg en onderzoek.
  • Bezoek aan het lab van het National Eye Institute - National Institutes of Health (NEI-NIH in Bethesda, Washington)
    Het aangevraagde budget zal gebruikt worden voor een bezoek aan het NEI-NIH. Dit instituut is een van de top instituten in de Verenigde Staten die het onderzoek naar verschillende oogziektes, waaronder retinale degeneratieve ziektes, steunen door middel van subsidies, training en het onderzoek wat ter plaatse plaatsvindt. Ze hebben vooral veel patiënt georiënteerd onderzoek. Ze lopen voorop bij de ontwikkeling van therapieën met gebruik van stamceltechnologie. De kennis en de skills die daar opgedaan worden, kunnen voor het eigen onderzoek goed toegepast worden.
  • Development of COSMIN website and database for systematic reviews of outcome measurement instruments
    Het aangevraagde budget zal worden aangewend om de internationaal georiënteerde COSMIN (COnsensus-based Standards for the selection of health Measurement INstruments) website, database van systematische reviews en meetinstrumenten te vernieuwen. Hierdoor worden COSMIN tools beter toegankelijk voor (klinische) onderzoekers.
  • Leren leven met pijn (communicatiestrategie experimenteel en toegepast pijnonderzoek)
    Het doel van deze aanvraag is om zowel mensen met (chronische) pijn als mensen in hun directe omgeving correcte informatie over pijn ter beschikking te stellen. De subsidie wordt ingezet om (wetenschappelijke) kennis over pijn in lekentaal te vertalen met als doel de kennis over pijn te verbeteren, de impact van pijn te verminderen en informatie over behandelmogelijkheden aan te reiken.Via blogs, vlogs, instant messaging (Twitter) en educatieve films zal de informatie verspreid worden.
  • Quantitative imaging in Magnetic Resonance for personalized medicine 
    Het budget wordt gebruikt voor een werkbezoek om de samenwerking tussen University Hospital Network-Princess Margaret Hospital in Toronto (Canada) en MAASTRO vorm te geven. Het doel van de samenwerking is om op basis van radiomics bij MRI-scans van cervix-en rectumcarcinoom patiënten, klinische predictiemodellen te kunnen ontwikkelen.
  • Translating Genomics in Health Services: Research visit Victorian Comprehensive Cancer Centre, Melbourne, Australia
    Aan de Universiteit Twente is onderzoek gedaan naar methodologische vraagstukken rondom oncologische modeleertechnieken. De University of Melbourne en het Victorian Comprehensive Cancer Centre zijn koploper in het verzamelen van patiëntdata. Een onderzoeksbezoek vanuit Nederland zal samenwerking tussen deze drie partijen verder mogelijk maken.

Zelf subsidie aanvragen

Heeft u zelf een onderzoeksproject en wilt u ook subsidieaanvragen voor een reisbeurs, workshop/symposium, een communicatie of een participatie voucher? Ga naar de subsidieoproep Programma Translationeel Onderzoek 2 – Netwerksubsidies voor meer informatie.

]]>
news-2510 Thu, 24 May 2018 10:21:52 +0200 Eenzaamheid ouderen stabiel https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/eenzaamheid-ouderen-stabiel/ 10% van de ouderen in Nederland is eenzaam. Volgens de Nivel participatiemonitor (2008-2016) is dit aantal de afgelopen tien jaar stabiel gebleven. Resultaten participatiemonitor

Hoewel het percentage eenzame ouderen de afgelopen tien jaar stabiel is gebleven, is het aantal eenzame ouderen wel toegenomen. Dit komt door het toenemende aantal ouderen in Nederland. Uit de resultaten van het Nivel blijkt dat ouderen tot 75 jaar goed kunnen participeren in de samenleving, dit geldt ook voor ouderen met een lichamelijke beperking. De eenzaamheid onder deze groep is vergelijkbaar met ouderen in de algemene bevolking, namelijk 12%. Volgens het Nivel ligt vooral bij de groep ouderen boven de 85 jaar de knelpunten. Ondanks deze verwachting kunnen er geen harde uitspraken worden gedaan over deze groep omdat ze ondervertegenwoordigd is bij de respondenten.

Pact voor de Ouderenzorg

In maart van dit jaar sloot minister De Jonge (Volksgezondheid Welzijn en Sport) samen met 35 andere partijen een Pact voor de Ouderenzorg. Met dit Pact vragen de deelnemende partijen aandacht voor eenzaamheid bij ouderen. Door het stijgende aantal ouderen is het belangrijk om eenzaamheid vroeg te signaleren en te doorbreken. Daarnaast komt het Pact in actie voor goede zorg, om ondersteuning thuis te organiseren en de kwaliteit van de verpleeghuiszorg te verbeteren.
De participatiemonitor van Nivel kan aan de doelstellingen van het Pact voor de Ouderenzorg bijdragen. Sinds 2008 worden de mate van participatie en de behoeftes rondom deelname in de samenleving gemeten. Deze gegevens kunnen gebruikt worden om eenzaamheid onder ouderen in kaar te brengen.

Create health

Een van de focuspunten binnen het subsidieprogramma Create Health van ZonMw is om eenzaamheid bij kwetsbare ouderen te voorkomen. De resultaten van de participatiemonitor en de behoefte aan een Pact voor de Ouderenzorg, laten zien dat dat onderzoek naar actief en gezond ouder worden belangrijk en nodig is.

Meer informatie


]]>
news-2508 Thu, 24 May 2018 07:00:00 +0200 Deel anti-pestprogramma’s effectief https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/deel-anti-pestprogrammas-effectief/ Iedereen is ervan doordrongen dat pesten onwenselijk is. De consequenties voor kinderen die op school gepest worden, zijn bijzonder negatief: van slechte schoolprestaties tot psychische klachten als depressiviteit, klachten die kunnen aanhouden tot ver in de volwassenheid. Met tientallen programma’s proberen scholen pesten terug te dringen. Maar of kinderen zelf aangeven dat zij door deze programma’s echt minder gepest worden, was nauwelijks wetenschappelijk onderzocht. Tot nu.
Hoogleraar Ontwikkelingspsychologie Bram Orobio de Castro van de Universiteit Utrecht heeft samen met collega’s van de Rijksuniversiteit Groningen, de Radboud Universiteit Nijmegen, de Vrije Universiteit Amsterdam, de Erasmus Universiteit Rotterdam en het Trimbos Instituut tien anti-pestprogramma’s getoetst op effectiviteit. Dat deden zij met financiering van het ministerie van OCW via het NRO. In hun eindrapport ‘Wat werkt tegen pesten?’ concluderen de onderzoekers dat 4 programma’s pesten daadwerkelijk terugdringen.

Vraag het aan het kind

In hun onderzoek bevroegen Orobio de Castro en zijn collega’s kinderen zelf naar pesten en gepest worden. ‘Dat werkte verhelderend. Leerlingen bleken meer gepest te worden dan gedacht. Meer ook dan dat zij vertelden aan leerkrachten en ouders. Ongeveer 1 op de 14 kinderen wordt meerdere keren per week gepest. Een derde van deze kinderen geeft aan dit aan niemand verteld te hebben, terwijl 79% van deze kinderen al meerdere schooljaren wordt gepest. Dat geeft aan dat de kinderen zelf bevragen essentieel is om pestgedrag op scholen in kaart te brengen.’

De effectieve programma’s

Programma’s die in het primair onderwijs binnen een schooljaar pesten verminderen, zijn PRIMA, KiVa en, voor de jongste kinderen op de basisschool, Taakspel. ‘Dit zijn zogenoemde universele programma’s, anti-pestprogramma’s die bedoeld zijn voor de hele klas.’ De Utrechtse hoogleraar en zijn collega’s keken ook naar 2 programma’s die zich niet op de hele klas, maar juist op individuele kinderen richten. Dan blijkt Alles Kidzzz bijzonder goed te werken.

Programma niet verplichten, bevragen van leerlingen wel

Orobio de Castro adviseert het ministerie van OCW in het eindrapport om anti-pestprogramma’s niet verplicht te maken voor alle scholen. ‘Op sommige scholen is er geen noodzaak om aan de slag te gaan met zo’n programma, simpelweg omdat er niet gepest wordt. Dat haalt ook meteen het idee dat pesten op school er “nu eenmaal een beetje bij hoort” finaal onderuit.’ De Utrechtse hoogleraar stelt dat het bevragen van leerlingen over pesten wel verplicht moet worden gehouden. ‘Want als er wél gepest wordt, dan weten vooral de leerlingen dat. En dan is er dus wat aan te doen: dat maakt dit onderzoek duidelijk.’

In dat laatste geval adviseert Orobio de Castro scholen om een van de effectieve, universele anti-pestprogramma’s te gebruiken. ‘Eventueel, bij grote problemen met individuele leerlingen, aangevuld met het individuele programma Alles Kidzzz. En kijk een jaar na invoering of het pesten inderdaad verminderd is, ook weer door dit aan de leerlingen zélf te vragen.’

ZonMw en Pesten en weerbaarheid

ZonMw laat onderzoek doen naar verschillende manieren om kinderen weerbaarder te maken en pro-sociaal gedrag te bevorderen. Via de themapagina Pesten en weerbaarheid vindt u meer informatie over de onderzoeken naar de effectief bevonden anti-pestprogramma’s. Ook vindt u meer informatie over onderzoeksprojecten die momenteel lopen om kinderen weerbaarder te maken en pestgedrag aan te pakken.

Meer weten?

 
Bron: Universiteit Utrecht


]]>
news-2499 Tue, 22 May 2018 15:53:13 +0200 Positieve gezondheid in de praktijk https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/positieve-gezondheid-in-de-praktijk-3/ Concrete producten, nieuwe samenwerkingsvormen en kennis op gebied van werkvormen zijn de opbrengsten van 21 projecten over Positieve gezondheid. Dat maakt de voucherregeling Positieve gezondheid een succes, concludeert bureau Bartels, in de evaluatie van de regeling. Met de voucherregeling wilde ZonMw het concept Positieve gezondheid voor de praktijk en beleid in de publieke gezondheid toepasbaar maken. Via de voucherregeling werden samenwerkingsverbanden met een ‘Pledge’ (= samenwerkingsafspraken) in het kader van Alles is gezondheid in staat gesteld om tools, instrumenten en werkmethoden te ontwikkelen. Centraal in de projecten stond een integrale aanpak die samenwerking tussen de verschillende sectoren stimuleert en die bijdraagt aan de gezondheid van de burger.

Producten en kennis

Via de projecten zijn concrete producten tot stand gekomen om Positieve gezondheid in de praktijk vorm te geven. Denk aan handboeken/handleidingen/stappenplannen, gesprekstools, doorontwikkelde interventies, app, toolboxen en concrete samenwerkingsafspraken. Daarnaast zijn ook inzichten opgedaan over het benutten van de werkvormen. Vooral het voeren van een open gesprek en het in beeld brengen en meenemen van de behoeften van doelgroepen over beleid en ondersteuning blijken goed te werken.

Samenwerking

Uit het rapport blijkt dat de projecten een mooie impuls hebben gegeven aan samenwerking. Naast de gestelde eisen vooraf aan samenwerking tussen een pledgehouder, kennisinstelling en gemeente zijn verschillende nieuwe samenwerkingsnetwerken ontstaan. Zo droegen ook nieuwe type organisaties bij zoals een woningcorporatie, trainingsorganisaties, het bedrijfsleven, netwerkorganisaties en een organisatie voor natuureducatie. De samenwerking werd als heel positief ervaren, het concept Positieve gezondheid heeft als gemeenschappelijk gedachtengoed hieraan bijgedragen, ook was er grote betrokkenheid en eigenaarschap bij de verschillende partijen en heeft het multidisciplinaire karakter geleid tot nieuwe inzichten en ideeën.

Investering

De vouchers hebben gefungeerd als motor om een nieuw concept in de praktijk te kunnen brengen die anders niet tot stand was gekomen.  Daarnaast hebben de projecten tot een verdubbeling in middelen geleid voor doorontwikkeling van Positieve gezondheid in bijdragen in 'kind en in cash', een mooi resultaat.  

Kennisverspreiding

Gezien de korte projectduur, lag de focus op ontwikkelen of testen van instrumenten/interventies voor een specifieke groep professionals of een specifieke doelgroep. Voor het (op grotere schaal) toepassen of het voor een bredere doelgroep passend maken van een instrument/interventie is binnen de projectperiode vaak geen ruimte geweest. Het bereik en daarmee de invloed van de voucherregeling op de publieke gezondheid is hierdoor tot op heden nog beperkt. In alle projecten bestaan plannen om de projecten voort te zetten en/of een vervolg te geven. In ruim de helft van de projecten (57%) zijn deze activiteiten reeds gestart.

Positieve gezondheid als beweging

Positieve gezondheid wordt beschreven als een methode en als een beweging. Dit levert ook verschillende producten op. De ontwikkelvouchers hebben Positieve gezondheid vooral als beweging gestimuleerd. De kracht hiervan is dat lokaal maatwerk kon worden gerealiseerd en het eigenaarschap lokaal is belegd. Er ligt de uitdaging om vanuit lokale werkwijzen ook effecten van de werkwijzen op gezondheid van burgers te volgen/vergelijken.

Meer informatie

•    Rapport evaluatie voucherregeling Positieve gezondheid
•    Projecten voucherregeling Positieve gezondheid
•    Het thema Preventie
•    Positieve Gezondheid bij ZonMw



]]>
news-2492 Tue, 22 May 2018 11:35:43 +0200 GLOBE-studie: meer inzicht in oorzaken van (on)gezond gedrag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/globe-studie-meer-inzicht-in-oorzaken-van-ongezond-gedrag/ Is er een relatie tussen sociaaleconomische verschillen en gezond gedrag? Resultaten uit ZonMw onderzoek naar de oorzaken van sociaaleconomische verschillen in roken, voeding en lichaamsbeweging lieten zien dat er meer speelt dan alleen 'kennis over' of 'geld voor' gezond gedrag. Het doel van het onderzoek was beter te begrijpen welke overwegingen en welke omgevingsfactoren leiden tot sociaaleconomische verschillen in (on)gezond gedrag. Deze studie werd uitgevoerd in het kader van het GLOBE-onderzoek (www.globe-study.nl), een langlopend onderzoek waarbij mensen bijna 25 jaar zijn gevolgd in hun gezondheidsgedrag. Om deze verschillen te verkleinen zijn effectieve maatregelen nodig. Om deze te ontwikkelen was er behoefte aan meer inzicht in onderliggende oorzaken van zowel gezond als ongezond gedrag. Voor twee oorzaken werden nieuwe aanwijzingen gevonden: financiële stress en de sociaal-culturele omgeving.

Financiële stress

Uit het onderzoek is gebleken dat verschillen in gezond en ongezond gedrag niet uitsluitend het gevolg zijn van vrije individuele keuzes. Allerlei omgevingsfactoren vormen de basis voor, of beïnvloeden deze keuzes. Ongezond gedrag is bijvoorbeeld gerelateerd aan financiële stress, onafhankelijk van het inkomensniveau. Hiermee omgaan kost veel aandacht en energie. Dit belemmert mensen mogelijk in het maken van de gezonde keuze: mensen met veel financiële stress vertoonden vaker ongezond gedrag, ook nadat rekening was gehouden met hun inkomen.

Sociaal-culturele omgeving

Daarnaast bleek dat de sociaal-culturele omgeving sterk bijdraagt aan sociaaleconomische verschillen in gezond gedrag. In de huidige maatschappij wordt een gezonde leefstijl vaak door mensen uit hogere sociaaleconomische groepen gebruikt als middel om zichzelf te onderscheiden van anderen. Deze culturele betekenis van gezond  gedrag draagt  bij aan sociaaleconomische verschillen in voeding en beweging.

Vervolgonderzoek

De resultaten van het onderzoek worden ondermeer gebruikt in vervolgonderzoek, waarin wordt bestudeerd of hulp bij het oplossen van schulden en andere problemen die leiden tot stress, ook leidt tot gezonder gedrag.

Meer informatie:

]]>
news-2438 Tue, 22 May 2018 10:40:00 +0200 Onderzoekers antibioticaresistentie werken aan maatschappelijke impact https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoekers-antibioticaresistentie-werken-aan-maatschappelijke-impact/ Projectleiders in het ZonMw-programma Antimicrobiële Resistentie (AMR) zijn zich bewust van het maatschappelijk belang van hun onderzoek en werken aan de maatschappelijke impact van hun onderzoeksresultaten. Die conclusie is te trekken uit een verkennend onderzoek, waarin ook gezocht werd naar de beste manier om de maatschappelijke impact in kaart te brengen van 3 ZonMw-programma's die gericht zijn op infectieziekten. 7 thema’s voor impact

Maatschappelijke impact is voor ZonMw van groot belang bij de evaluatie van programma's. In het beleidsplan 2016-2020 is het een belangrijk thema. Onderzoek kan op verschillende manieren impact hebben op de samenleving. Als resultaten verspreid en geïmplementeerd worden, of een plaats krijgen in een richtlijn, is heel duidelijk aanwijsbaar wat de maatschappelijke impact is. Dat geldt ook als eindgebruikers (bijvoorbeeld professionals, patiënten, beleidsmakers) met de resultaten aan de slag kunnen. De impact van een onderzoeksproject kan soms minder gemakkelijk aanwijsbaar zijn, bijvoorbeeld als het een stap is op weg naar toepasbare kennis, of bijdraagt aan een kennisinfrastructuur zoals een academische werkplaats. Het is voorlopig nog zoeken naar het ideale meetinstrument om maatschappelijke impact van projecten en programma's te meten. In deze verkennende studie werden 7  thema's benoemd die kunnen helpen om maatschappelijke impact in kaart te brengen:  uitkomstproducten, eindgebruiker, verspreiding en implementatie, borging, kennisinfrastructuur, samenwerking en kennisketen.

Maatschappelijke toepassing resultaten resistentie-onderzoek

Uit de verkenning blijkt dat het AMR-programma sterk gericht is op de praktijk waarin de resultaten worden toegepast. Antibioticaresistentie is een belangrijk maatschappelijk probleem en onderzoekers in dat veld zijn zich daarvan bewust. Zij verspreidden hun resultaten niet alleen via de vakliteratuur, maar ook onder eindgebruikers, bijvoorbeeld door symposia te organiseren of betrokken te zijn bij de ontwikkeling van richtlijnen. Een project leverde bijvoorbeeld een set generieke kwaliteitsindicatoren op voor de toepassing van antibiotica in ziekenhuizen. In een ander project is een testkit ontwikkeld waarmee multiresistente tuberculose sneller kan worden aangetoond. Het AMR-programma is heel divers, met meer op innovatie gerichte projecten en toepassingsgerichte projecten. Sommige resultaten hebben direct consequenties  voor de praktijk in ziekenhuizen, in de veeteelt of in de diagnostiek van infectieziekten. Andere projecten vormen een opstapje naar vervolgonderzoek, bijvoorbeeld voor de ontwikkeling van nieuwe antibiotica. Het systematisch navragen van de maatschappelijke impact is volgens ZonMw van belang omdat het onderzoekers ook stimuleert om na te denken over de maatschappelijke toepassing van hun resultaten.

Impact bij ZonMw

Ook op andere gebieden dan infectieziektebestrijding is ZonMw bezig met het versterken van impact. Het is 1 van de 6 hoofdlijnen in het beleidsplan 2016-2020.

Meer informatie

]]>
news-2435 Tue, 22 May 2018 08:00:00 +0200 6 tips voor datamanagement van infectieziekten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/6-tips-voor-datamanagement-van-infectieziekten/ Het delen en hergebruiken van bestaande data binnen wetenschap en samenleving versnelt kennisontwikkeling en innovatie. Dus onderzoeker, ga de uitdaging aan en gebruik de 6 tips voor het maken van een minimale dataset (MDS) voor infectieziekten. Sterke onderzoeksdatainfrastructuur in het infectieziektenveld

Datamanagement in afzonderlijke onderzoeksprojecten zorgt ervoor dat data herbruikbaar zijn. Tijdens de projectleidersbijeenkomst van de ZonMw-programma’s Infectieziektebestrijding en Antibioticaresistentie spraken 50 onderzoekers, datamanagers en andere betrokkenen bij infectieziekten over de mogelijkheden van een programmabrede strategie voor het (her)gebruik van data. Het is de uitdaging om beschikking te krijgen over databestanden en collecties uit alle 3 ‘One Health’-domeinen (humaan, veterinair en milieu) uit onderzoek en praktijk, deze te kunnen koppelen en in te zetten in onderzoeksprojecten.

Tip 1: Maak eens een minimale dataset

De 1e tip komt van Jochem van Hal (I Logos): Doe je voordeel met de bestaande datasets zoals bijvoorbeeld de TOPICS-MDS. Dit is een landelijke database, waarin de dataverzameling van 53 onderzoeksprojecten van het Nationaal Programma Ouderenzorg van ZonMw een basisset bevat die voor alle projecten dezelfde is. Deze MDS (onder andere geslacht, leeftijd, gezondheidsproblemen binnen de doelgroep, geneesmiddelengebruik) is beschikbaar gemaakt voor andere onderzoekers. Probeer eens een set van 20 data te maken. Begin klein, met het koppelen van datasets. Hij hoopt dat de techneut, de subsidieverstrekker en de onderzoeker elkaar vinden en de handen ineen slaan.

Tip 2: Begin met de ‘why’?

Een MDS kan een integraal model zijn voor dataverzameling over infectieziekten. Hoe start je met het aanleggen en in stand houden van een MDS en het hergebruik ervan? Jochem van Hal raadt aan te beginnen met het formuleren van de ‘why’. Dat kan een maatschappelijk vraagstuk zijn. Laat onderzoekers/zorgprofessionals, techneuten en juristen samen kijken naar de doelstelling en hoe een MDS kan bijdragen aan onderzoek naar de oplossing van het vraagstuk. De bedoeling van de MDS is om een sterke onderzoeksdatainfrastructuur te krijgen met data uit verschillende domeinen die onderling zijn te koppelen en uitwisselbaar zijn.

Tip 3: Zorg voor multidisciplinaire samenwerking

Begin met samenwerken op een klein aantal gemeenschappelijke data. Analyseer hoe nuttig het is en hoeveel uitbereiding nodig is. De conclusie zal zijn: ook al was het begin niet perfect, je bent al wel begonnen. Voor het maken van een dataset heb je een jurist, een techneut op gebied van data en een zorgprofessional nodig. Zorg ervoor dat deze professionals elkaar regelmatig ontmoeten tijdens het proces.

Tip 4: Regel informed consent goed vooraf

Het vooraf regelen van informed consent is belangrijk zodat je datasets kunt en mag koppelen. Door verschillende datasets te koppelen, wordt onderzoek verrijkt. Regel vooraf goed je informed consent als je na onderzoek meer met je data wilt doen. Een heldere communicatie over het doel van het onderzoek (de ‘why’) is belangrijk daarbij.

Tip 5: Welke data?

Met een specifieke vraag en doelstelling maak je meer kans om een bestaande dataset te mogen gebruiken. Specificeer welke data nodig zijn en waarom. Dit werkt beter dan te zeggen “geef mij alle data maar”. Maak je vraag beperkt zodat de ander de risico’s goed kan inschatten. Dit vergroot de kans dat je data mag gebruiken. Volgens Björn Eussen (Braber) werkt ‘single entry’ en ‘multiple use’ goed.

Tip 6: Gebruik ervaringen uit andere sectoren

Marc Bonten (UMC Utrecht) merkt dat data uit de zorg langzaamaan toegankelijk worden. Met het oog op ‘One Health’ is het interessant of er ook data uit de veterinaire en milieusector beschikbaar komen. Hij adviseert de deelnemers te leren van de ervaringen in de verzekeringswereld en de bancaire wereld. Daar weet men al langer dat data goud zijn.

Hoe nu verder?

Dagvoorzitter Sjaak de Gouw (voorzitter ZonMw-programmacommissies Infectieziektebestrijding en Antibioticaresistentie) vat samen dat de deelnemers aan de bijeenkomst data delen en datamanagement een ingewikkeld maar erg interessant onderwerp vinden. En dat het nieuwe mogelijkheden biedt voor onderzoek. ZonMw wil innovatief onderzoek naar infectieziekten kunnen financieren door onderzoekers optimaal gebruik te laten maken van de datainfrastructuur die er is voor dit brede onderzoeksveld. Een subdoel is te inventariseren wat de behoefte is van onderzoekers aan hergebruik van data en mogelijkheden voor koppelingen. Daarvoor gaat ZonMw een overzicht maken van databestanden in de projecten van de infectieziektenprogramma’s, evenals nieuwe methoden (data science) en faciliteiten (onderzoeksdatainfrastructuur) om bijvoorbeeld koppelingen tussen databestanden te maken (interoperabiliteit) en secundaire analyses uit te voeren. Vervolgens gaat ZonMw na wat gedaan kan en moet worden om de datainfrastructuur te versterken.

Meer informatie

]]>
news-2488 Fri, 18 May 2018 09:48:03 +0200 Kom naar de informatie- en netwerkbijeenkomst NWA-route Jeugd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kom-naar-de-informatie-en-netwerkbijeenkomst-nwa-route-jeugd/ Op 24 mei wordt de eerste NWA-brede call gepubliceerd, waarin het mogelijk is om onderzoeksvoorstellen in te dienen. Tijdens de feestelijke lancering van het NWA programma was de boodschap duidelijk: durf grote vragen aan te pakken en doe het samen. Om dit te vergemakkelijken voor het thema jeugd is er een informatie- en netwerkbijeenkomst van de route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs op 7 juni in de Jaarbeurs MeetUp in Utrecht. De bijeenkomst is voor iedereen die geïnteresseerd is in het doen van onderzoek in het jeugdveld: van onderwijs tot jeugdzorg, en van gelijke kansen tot opvoeding. Onderzoekers, maar zeker ook praktijkprofessionals die geïnteresseerd zijn in deelname aan onderzoek zijn welkom.

NWA programmering

Op 24 mei wordt de call for proposals gepubliceerd op nwo.nl/nwa. Tijdens de bijeenkomst volgt een korte toelichting, maar is er vooral veel ruimte voor vragen. Specifieke vragen over de call kunt u ook stellen via nwa@nwo.nl. Binnen het NWA programma is ruimte voor grote aanvragen, zowel in middelen als in consortium. Het beschikbare budget voor de NWA is 70 M€ in 2018, 108 M€ in 2019, 130 M€ in 2020. Dit is bestemd voor fundamenteel, toegepast en praktijkgericht onderzoek. Het onderzoek moet passen binnen één of meerdere van de 25 NWA-routes, interdisciplinair van karakter zijn en leiden tot wetenschappelijke en maatschappelijke ‘doorbraken’.

Meer weten en aanmelden?

Meer informatie, bijvoorbeeld over de thema's, het programma en aanmelden, vindt u in het agenda-item. Voor vragen over deze bijeenkomst, de route Jeugd en de kennisagenda Jeugd: info@nro.nl

]]>
news-2484 Thu, 17 May 2018 11:40:30 +0200 De Kracht van Depressie: onderzoek naar ervaringskennis en de inzet ervaringsdeskundigheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/de-kracht-van-depressie-onderzoek-naar-ervaringskennis-en-de-inzet-ervaringsdeskundigheid/ Mensen met een depressie laten profiteren van ervaringskennis van andere patiënten. Zorgen dat klinische behandeling en de inzet van ervaringsdeskundigheid elkaar versterken: dat is het doel van het onderzoek ‘De kracht van depressie’, dat in maart van start is gegaan. Dit onderzoek is een unieke samenwerking tussen het Expertisecentrum Depressie van TopGGz-instelling Pro Persona en de landelijke patiëntenorganisatie de Depressie Vereniging. In oktober ontvingen zij samen een subsidie vanuit het ZonMw-Onderzoeksprogramma GGz. Het onderzoek sluit sterk aan bij actuele maatschappelijke trends: depressie is een hot item. Denk aan de recente campagne over depressie onder jongeren. Ook zijn eigen regie, participeren en zorg voor elkaar veel besproken thema’s.

Uniek onderzoek voorziet in behoefte

Tot op heden is nauwelijks onderzoek gedaan naar ervaringskennis en de inzet van ervaringsdeskundigheid voor mensen met een depressie. Bestuurslid van de landelijke Depressie Vereniging Gabriëlle Verbeek, benadrukt het belang hiervan: ’Onder mensen met depressie bestaat grote behoefte aan uitwisseling van ervaringen. Ons aantal ledenaantal stijgt. Mensen met depressie hebben behoefte aan een plek waar zij persoonlijke ervaringen kunnen delen. Dat blijkt voor hen een belangrijke aanvulling op het reguliere behandelaanbod.’.

Module over ervaringskennis en digitale applicatie

Door het interviewen van leden van de Depressie Vereniging krijgen de onderzoekers veel informatie. Junior onderzoeker Dorien Smit: ‘Met de interviews hopen we erachter te komen hoe mensen met depressie geleerd hebben met hun situatie om te gaan, hoe ze de weg naar herstel ervaren en hoe je ervaringskennis op een goede manier kunt delen. De resultaten worden gebruikt om een instrument te ontwikkelen voor het gebruik van ervaringskennis in de behandelpraktijk. Daarnaast ontwikkelen we een digitale applicatie, die bestaande informatie over ervaringskennis algemeen toegankelijk maakt voor mensen met depressie.’. 

TOPGGz: innovatie en onderzoek

Het onderzoek vindt plaats onder de vlag van de onderzoeksafdeling van het Expertisecentrum Depressie, gevestigd in Nijmegen. Het Expertisecentrum is er voor cliënten met een chronische of therapieresistente depressie. Het Expertisecentrum heeft sinds februari 2016 het keurmerk TOPGGz. TOPGGz is zeer gespecialiseerde patiëntenzorg, in combinatie met wetenschappelijk onderzoek, innovatieve behandeling en kennisverspreiding.

Interesse of deelname

Bij interesse in het project of vragen over deelname, kan contact opgenomen worden met junior onderzoeker Dorien Smit, via de.kracht.van.depressie@propersona.nl.

Meer informatie

Project De kracht van depressie. Inzet van ervaringskennis en deskundigheid en zelfmanagement bij chronische depressies.

Bron: Pro Persona

]]>
news-2481 Thu, 17 May 2018 08:29:00 +0200 Internet consultatie voor nieuwe subsidieoproep Microplastics & Health https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internet-consultatie-voor-nieuwe-subsidieoproep-microplastics-health/ ZonMw stelt binnenkort een nieuwe subsidieoproep open voor onderzoek naar de effecten van micro- en nanoplastics op onze gezondheid. In aanloop naar deze subsidieoproep is het mogelijk om feedback te geven op de subsidieoproep via een online internet consultatie. Plastic afval vervuilt de oceanen, rivieren, bodem en lucht. Grote stukken plastic afval vallen uiteen en breken op in kleine plastic deeltjes – de microplastics en zeer kleine nanoplastics. Deze doorgaande vervuiling van het water dreigt een gevaar te vormen voor het water als een schone drinkenbron. Kleine plastic deeltjes kunnen geconsumeerd worden door ze per ongeluk door te slikken, doordat ze voorkomen in tandpasta, door het eten van vervuild zee voedsel (vooral door filteraars zoals mosselen en oesters) of zelfs door vervuilde lucht in te ademen.

Microplastics & Health

Het programma Microplastics & Health heeft als doel om inzicht te verkrijgen in de mogelijke interactie en effecten van kleine plastic deeltjes op cel- en orgaanniveau bij mensen. Daarnaast is het doel om in de projecten innovatieve meetmethoden (door) te ontwikkelen en preliminaire resultaten te genereren waarop vervolgonderzoek gebaseerd kan worden.

ZonMw organiseert hierom een subsidieoproep voor onderzoeksvoorstellen over microplastics en gezondheid. Het programma Microplastics & Health is een cross-over tussen de topsectoren Life Sciences & Health en Water en wordt in samenwerking met NWO georganiseerd.  Private cofinanciering wordt geleverd door het Gieskes Strijbisfonds.

Internet consultatie

In oploop naar het openstellen van de subsidieoproep, is het mogelijk om feedback te geven op de conceptversie van de subsidieoproep door een open internet consultatie. Dit is mogelijk tot 30 mei 2018.

Om deel te nemen aan de internet consultatie en om aan te geven of u opzoek bent naar een onderzoekpartner, gaat u naar het online formulier voor de internet consultatie.

Meer informatie

]]>
news-2466 Tue, 15 May 2018 11:39:27 +0200 Onderzoeksprogramma Nationale Wetenschapsagenda van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoeksprogramma-nationale-wetenschapsagenda-van-start/ Onderzoekers en maatschappelijke partners kunnen vanaf 24 mei onderzoeksvoorstellen indienen bij het NWO programma Nationale Wetenschapsagenda. Via de 25 routes van de Nationale Wetenschapsagenda wordt kennis ontwikkeld voor wetenschappelijke doorbraken en maatschappelijke opgaven. Het onderzoeksprogramma is gericht op alle disciplines en op de gehele keten van fundamenteel, toegepast en praktijkgericht onderzoek. Samenwerking

Breed samengestelde multidisciplinaire consortia kunnen onderzoek indienen dat past binnen een of meerdere van de NWA-routes. Onderzoekers aan universiteiten werken hierin samen met partners uit de (publieke) kennisketen, maatschappelijke partners en partners uit het bedrijfsleven.

Budget

Voor dit programma is door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap 70 miljoen euro beschikbaar gesteld. Dit loopt op tot € 108 miljoen in 2019 en € 130 miljoen vanaf 2020. Voor de eerste financieringsronde in 2018 is € 52,2 miljoen gereserveerd.

Tijdpad

De eerste subsidieoproep van het programma is op 24 mei gepubliceerd. Na de zomer is de deadline voor het indienen van een vooraanmelding. De deadline voor de uitgewerkte aanvragen is aan het einde van 2018. Een tweede financieringsronde wordt in het voorjaar van 2019 verwacht.

Routes

De bijna 12.000 vragen die de Nederlandse bevolking heeft gesteld aan de wetenschap zijn uitgewerkt tot de 25 routes van de Nationale Wetenschapsagenda. De routes bestrijken onderwerpen van nanorevolutie en kunst, tot smart industry en gezondheidsonderzoek, preventie en behandeling.

Meer informatie


]]>
news-2461 Mon, 14 May 2018 13:35:49 +0200 Kwaliteitsverbetering door supervisie met video feedback https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kwaliteitsverbetering-door-supervisie-met-video-feedback/ Leidt supervisie met beelden tot een betere kwaliteit van de uitvoering van jeugd interventies? Hulpverleners namen beelden op van hun gesprekken met cliënten. Zij kregen hierop feedback volgens een speciaal ontwikkelde methode van video-feedback. Deze vorm van ondersteuning zorgde voor hogere kwaliteit van de uitvoering van de interventies. Uitvoering effectieve interventies  

Er is veel kennis over effectieve interventies voor jeugdigen en ouders met opgroei- en opvoedproblemen. Ook al is het effect van veel interventies in onderzoek aangetoond, de resultaten in de dagelijkse praktijk zijn vaak minder gunstig. De kwaliteit van de uitvoering (behandelintegriteit) kan hierbij een rol spelen. Daarom is het belangrijk om meer kennis te hebben over het stimuleren van deze algemeen werkzame factor. Veel effectief bewezen programma’s hebben een ondersteuningsstructuur opgezet. Hierdoor is een omgeving gecreëerd waarin beroepsbeoefenaren kunnen leren op de werkvloer.

Ondersteuning door supervisie

In dit project is een vorm van ondersteuning ontwikkeld en toegepast bij 3 interventies in de dagelijkse praktijk van jeugdhulp en jeugdbescherming. Er zijn verschillende handvatten ontwikkeld en gebruikt om supervisie te geven. De supervisie heeft geleid tot betekenisvolle verbetering in de kwaliteit van de uitvoering. Professionals én supervisoren zijn positief over deze ondersteuningsvorm. De kwaliteit, het zelfvertrouwen en werkplezier van de deelnemende professionals ging omhoog.

De handreikingen

De handreikingen zijn door het Nederlands Jeugdinstituut opgenomen in het kennisdossier professionalisering jeugdhulp en jeugdbescherming. En ze zijn te vinden op de website van de Hogeschool van Amsterdam.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet. Het project ‘Effectieve reflectie: handvat voor kwaliteitsbewaking in de zorg voor jeugd’ is vanuit dit programma mogelijk gemaakt.

Meer weten?

]]>
news-2454 Wed, 09 May 2018 15:06:21 +0200 Veel interesse in onderzoek in de geestelijke gezondheidszorg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/veel-interesse-in-onderzoek-in-de-geestelijke-gezondheidszorg/ Onderzoekers en praktijkprofessionals hebben 83 projectideeën ingediend voor onderzoek naar vroege herkenning en gepersonaliseerde zorg in de ggz en 88 aanvragen gedaan voor praktijk- of postdocfellowships. In totaal kunnen ongeveer 13 projecten worden gehonoreerd.
Het grote aantal aanvragen laat zien dat er veel interesse is in innovatief onderzoek op het gebied van vroege herkenning en behandeling en gepersonaliseerde zorg. De komende maanden worden de projectideeën door de programmacommissie en het MIND-cliëntenpanel beoordeeld. In juni wordt vervolgens besloten welke onderzoekers en praktijkprofessionals uitgenodigd worden om een uitgewerkte subsidieaanvraag te schrijven. In december 2018 wordt een besluit genomen over de honorering van de uitgewerkte subsidieaanvragen. De gehonoreerde projecten gaan januari 2019 van start.

Vroege herkenning en gepersonaliseerde zorg

De subsidieoproep vroege herkenning en gepersonaliseerde zorg is gericht op onderzoek naar het gerichter inzetten van reeds bestaande behandelingen of het meer gepersonaliseerd aanbieden van een behandeling. Het onderzoek moet antwoord geven op de vraag voor wie en onder welke condities een bepaalde behandeling het meest effectief en efficiënt is om hiermee vroege herkenning en behandeling (incl. preventie van terugval en verergering) en gepersonaliseerde zorg mogelijk te maken.

Praktijk- of postdocfellowships

De subsidieoproep praktijk- of fellowships is gericht op innovatief, creatief en grensverleggend onderzoek in de geestelijke gezondheid. Met de persoonsgebonden subsidies voor onderzoekers en professionals willen we (onderzoeks)ideeën met grote (potentiële) wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact en met meerwaarde ten opzichte van de huidige Nederlandse geestelijke gezondheidszorg stimuleren.

Meer informatie


]]>
news-2452 Wed, 09 May 2018 11:53:19 +0200 Medische Inspirator prijs werkt dit jaar samen met patiëntenorganisaties https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/medische-inspirator-prijs-werkt-dit-jaar-samen-met-patientenorganisaties/ Inschrijving voor de Medische Inspirator prijs 2018 is geopend! De Medische Inspirator prijs is een aanmoedigingsprijs voor duurzame samenwerkingsverbanden tussen patiënten en onderzoeksgroepen en waar mogelijk met zorgverleners en het bedrijfsleven. De samenwerking is bedoeld om vraaggericht onderzoek naar die producten waar patiënten behoefte aan hebben te versnellen. Omdat patiëntenorganisaties meer zicht hebben op de onderzoeksprioriteiten van medische producten van de patiënt, kunnen onderzoekers met hen samen een aanvraag indienen. Indienen kan tot 29 mei.

Samenwerken met patiëntenorganisaties

Dit jaar zijn er in samenwerking met ZonMw programma’s drie categorieën opgesteld. Binnen deze categorieën kunt u terecht bij de volgende patiëntenorganisaties:

Valt uw onderzoek binnen één van de drie categorieën en willen u en uw onderzoekgroep zich aanmelden voor de Medische Inspirator prijs? Dan kunt u direct contact opnemen met een van de drie patiëntenorganisaties. Zij hebben dit jaar de mogelijkheid om onderzoeksgroepen bij ons aan te dragen. Vervolgens krijgen deze onderzoekers van ons een uitnodiging om een aanvraag in te dienen.  Meer informatie over de voorwaarden van de Medische Inspirator prijs 2018 of voor de contactgegevens van de betreffende patiëntenorganisatie is in de oproep te vinden.  

De Medische Inspirator prijs

Sinds 2015 wordt de Medische Inspirator prijs uitgereikt aan de meest inspirerende samenwerking tussen patiënten en onderzoekers. Op onze pagina leest u meer over de genomineerden en winnaars van 2017. Elk jaar worden er door ZonMw drie categorieën geselecteerd waar de onderzoeken betrekking op moeten hebben. Deze categorieën komen voort uit ZonMw subsidieprogramma’s. Vervolgens nomineert een onafhankelijke jury uit de aanmeldingen drie onderzoeksprojecten. Deze drie genomineerden worden door ZonMw begeleid in het opnemen van een promotievideo waarin zij kort laten zien waarom hun samenwerkingsverband het meest inspirerend is en wat het onderzoek inhoudt. Uiteindelijk mag het Nederlands publiek tijdens een campagneperiode van een maand stemmen op één van de drie projecten. De winnaar ontvangt een prijs van €75.000 en nummer twee en drie ontvangen €50.000 en €25.000. Het prijzengeld mogen zij besteden aan het onderzoek.

Meer informatie

]]>
news-2427 Wed, 02 May 2018 19:28:46 +0200 Onderzoeksplaatsen beschikbaar voor wetenschappers met een vluchtelingenstatus https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoeksplaatsen-beschikbaar-voor-wetenschappers-met-een-vluchtelingenstatus/ Wetenschappers die hun vaderland ontvlucht zijn en in Nederland hun wetenschappelijke carrière willen voortzetten hebben de mogelijkheid om een eenjarige aanstelling te krijgen. Via het nieuwe pilotprogramma Vluchtelingen in de wetenschap maakt NWO de financiering hiervan mogelijk. De wetenschappers moeten een masterdiploma hebben of reeds gepromoveerd zijn en daarnaast in het bezit zijn van een vluchtelingenstatus in Nederland. De pilot is ontwikkeld in samenspraak met De Jonge Akademie, de KNAW en de Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF. Projectleiders van reeds gestarte onderzoeksprojecten (NWO of ZonMw) kunnen een aanvraag indienen.

Voortzetten wetenschappelijke carrière

Sigmund Freud en Albert Einstein. Deze belangrijke wetenschappers hebben gemeen dat ze noodgedwongen uit hun land van oorsprong moesten vluchten. In een ander land vonden ze een veilige haven waar ze hun onderzoek konden opbouwen of voortzetten. Ook nu zijn er wetenschappers die als vluchteling in Nederland verblijven. Het voortzetten van hun wetenschappelijke carrière is niet vanzelfsprekend omdat ze tegen obstakels aanlopen zoals taal, een andere werkcultuur of beperkte ruimte om een netwerk op te bouwen.

Indienen vanaf 17 mei, deadline op 13 september

Een projectleider van een lopend onderzoeksproject dat reeds gefinancierd wordt door NWO of ZonMw kan de aanvraag indienen. Hiermee vraagt de projectleider extra financiering voor de eenjarige aanstelling van een junior of senior onderzoeker met een aantoonbare vluchtelingenstatus (verblijfsvergunning voor bepaalde tijd asiel (Type III) verkregen op of na 1 januari 2013). In totaal is een budget van €750.000 beschikbaar voor de pilot, waarmee 8 - 15 aanvragen gehonoreerd kunnen worden. 

Belangstelling?

Kandidaten kunnen hun interesse voor de oproep bekend maken door een interesseformulier in te vullen. Deze gegevens worden gedeeld met de instellingen en geïnteresseerden in de oproep om te kunnen zoeken naar geschikte kandidaten voor lopende onderzoeksprojecten of projectleiders. Daarnaast bent u van harte welkom op de informatiebijeenkomst op 2 juni vanaf 14:00 uur in Utrecht. Kandidaten - zowel vluchtelingen met een wetenschappelijke achtergrond als projectleiders van een lopend onderzoeksproject – krijgen daar meer informatie over de nieuwe oproep en de betrokken organisaties.

Meer informatie


]]>
news-2425 Wed, 02 May 2018 10:32:44 +0200 Goede Voorbeelden film 'Ik blijf een poosje bij je zitten' https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/goede-voorbeelden-film-ik-blijf-een-poosje-bij-je-zitten/ Een ontroerend en waargebeurd verhaal over Ton, die leukemie heeft en niet lang meer zal leven. Zijn moeder en hijzelf maken dan allebei een belangrijke keuze. Ze worden ondersteund door Gerla, een verzorgende in de thuiszorg. Die stemt af met andere zorgverleners en maakt gebruik van instrumenten van de Goede Voorbeelden palliatieve zorg. De film is een best practice interdisciplinaire palliatieve- en terminale zorg zoals die thuis, in een verpleeghuis of in een hospice kan plaatsvinden. Hij past goed in het nieuwe kwaliteitskader palliatieve zorg.

Vrij beschikbaar

De film is een initiatief van de Netwerken Palliatieve Zorg Utrecht stad en Zuidoost-Utrecht en mede mogelijk gemaakt door ZonMw, Hogeschool Utrecht, ROC Midden-Nederland en 31 netwerken palliatieve zorg in het land. Er is een korte (11 min.) en een lange versie (15 min.); de laatste bevat een toelichting over de gebruikte instrumenten. De film is vrij beschikbaar.

Op YouTube staan de lange versie en de korte versie van de film. Meer informatie en instructiefilmpjes van de Goede Voorbeelden afzonderlijk zijn te vinden op de website van IKNL.

Film roept veel reacties op

Als je gebruikmaakt van de film op een zorgbijeenkomst of in het onderwijs, zorg dan dat hij is ingebed in een groter geheel, zodat er een gesprek over kan plaatsvinden. De film maakt indruk en roept altijd reacties op. Wil je laten weten waarvoor je de film hebt gebruikt? Graag naar m.wanders@careyn.nl. Op aanvraag is hij ook als download beschikbaar.

Een lopend vuurtje

Bekendmaking van de film wordt ondersteund met op een lopend vuurtje-campagne social media Twitter en LinkedIn in mei-juni 2018. Wil je helpen door te delen en/of te retweeten? Zie hieronder links naar de accounts van de film.

https://twitter.com/palliatief_film https://www.linkedin.com/feed/update/urn:li:activity:6396980127787470848/

Meer informatie

Margriet Wanders, m.wanders@careyn.nl
Netwerk Palliatieve Zorg Utrecht stad en Zuidoost-Utrecht

De film is een resultaat uit het Palliantie-project Film Goede Voorbeelden Palliatieve zorg

]]>
news-2418 Tue, 01 May 2018 12:04:36 +0200 Informatie- en netwerkbijeenkomst NWA-call route Jeugd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/informatie-en-netwerkbijeenkomst-nwa-call-route-jeugd/ Houd 7 juni 2018 alvast vrij in uw agenda! NWO zal namelijk nog dit jaar een programmaronde starten rondom de Nationale Wetenschapsagenda. In 2018 is daarvoor 70 miljoen euro extra beschikbaar, oplopend tot 108 miljoen in 2019 en 130 miljoen vanaf 2020. Daarom is er een informatie- en netwerkbijeenkomst voor de route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs over deze komende NWA-brede call. Deze bijeenkomst is voor alle partijen op het gebied van jeugd. Meer informatie volgt half mei. Voor wie

Iedereen die geïnteresseerd is in het doen van onderzoek in het jeugdveld: van onderwijs tot jeugdzorg, van gelijke kansen tot opvoeding. Onderzoekers, maar zeker ook praktijkprofessionals die geïnteresseerd zijn in deelname aan onderzoek zijn welkom.

Informatiebijeenkomst 7 juni 2018

De informatiebijeenkomst vindt plaats in Utrecht van 14.30 – 17.00 uur. Tijdens de bijeenkomst wordt ingegaan op de NWA-brede call waarin het is mogelijk om grote onderzoeksvoorstellen in te dienen.  Ook worden de belangrijkste thema’s uit de kennisagenda Jeugd besproken. Daarnaast is er uitgebreid de mogelijkheid om te netwerken. Vanaf half mei kunt u zich inschrijven via de NRO-website.

Programma Nationale Wetenschapsagenda

Binnen het NWA programma is ruimte voor grote aanvragen, zowel in middelen als in consortium. Om deze reden is er tijdens de bijeenkomst ruimte om te netwerken.

Het beschikbare budget voor de NWA is 70 M€ in 2018, 108 M€ in 2019, 130 M€ in 2020. Dit is bestemd voor fundamenteel, toegepast en praktijkgericht onderzoek. Het onderzoek moet passen binnen één of meerdere van de 25 NWA-routes, interdisciplinair van karakter zijn en leiden tot wetenschappelijke en maatschappelijke ‘doorbraken’.

Route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs

In de route Jeugd staat het kind centraal. Met een breed scala aan onderzoeks-, praktijk- en beleidspartners wordt op dit moment de kennisagenda Jeugd opgesteld. Ook de jeugd zelf en ouders worden betrokken. De belangrijkste thema’s uit de kennisagenda worden tijdens de bijeenkomst gepresenteerd.

Meer informatie

 

]]>
news-2413 Tue, 01 May 2018 08:46:00 +0200 Domeinoverstijgend samenwerken aan verward gedrag in het onderwijs https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/domeinoverstijgend-samenwerken-aan-verward-gedrag-in-het-onderwijs/ Dit najaar starten 13 projecten met het verbinden van het zorg-, welzijns- en veiligheidsdomein in het onderwijs voor professionals die te maken hebben met mensen met verward gedrag. In alle projecten staat het perspectief van ervaringsdeskundigen centraal en hebben ze een expliciete rol.
In de praktijk kunnen professionals uit het zorg-, welzijns- en/of veiligheidsdomein allemaal te maken krijgen met mensen die verward gedrag laten zien. Omgaan met verward gedrag gaat over goed contact tussen mensen. Voorwaarde hiervoor is een goede samenwerking tussen het zorg-, welzijns- en veiligheidsdomein, tussen opleidingen en opleidingsniveaus én natuurlijk samenwerking met de mensen die verward gedrag vertonen en hun omgeving. De leefwereld van mensen die verward gedrag vertonen, moet daarbij altijd centraal staan. Daarom is het belangrijk dat opleidingsinstellingen aandacht besteden aan rolarticulatie en hun studenten leren om voorbij de grenzen van hun eigen domein te (durven) kijken.

Mbo, hbo en bij-/nascholing

De projecten zijn gericht op het mbo en hbo of op bij- en nascholingsprogramma’s. Zo wordt bijvoorbeeld aan de Hogeschool Rotterdam een minor ontwikkeld voor de opleidingen Social Work, Verpleegkunde, Sociaal Juridische Dienstverlening, hbo-Recht en Integrale Veiligheid waarin studenten leren interprofessioneel samen te werken rondom mensen met verward gedrag.

Expertmeeting

De projecten worden gefinancierd door het Actieprogramma lokale initiatieven voor mensen met verward gedrag. In juni 2017 heeft een expertmeeting plaats gevonden waarin verschillende stakeholders, zoals het Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA en het Sectoraal Advies College - Hoger Gezondheidszorg Onderwijs (SAC – HGZO), hebben gebrainstormd over de invulling van de subsidieronde. Het verslag van deze bijeenkomst kunt u online nalezen.

Meer informatie

]]>
news-2391 Tue, 01 May 2018 08:00:00 +0200 Nieuw programma voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties: Voor elkaar! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuw-programma-voor-patienten-en-gehandicaptenorganisaties-voor-elkaar/ Wij gaan samen met alle patiënten- en gehandicaptenorganisaties een nieuw subsidieprogramma vormgeven gebaseerd op bereik en impact. Uit dialoogbijeenkomsten met het veld is gebleken dat het systeem van vouchers voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties onvoldoende werkt.

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft ons gevraagd een samenhangend programma voor projectsubsidies vorm te geven gebaseerd op bereik en impact. Dit doen wij samen met u. Doel is het versterken van de positie van de patiënt.

Het gaat om projectsubsidies voor aandoeningsoverstijgende doelen. Er zullen in de periode 2019-2022 diverse subsidierondes op maat worden opengesteld.

Nieuw is dat ook andere organisatievormen/netwerken/platforms en kleinere organisaties mee kunnen doen. Let op: het gaat in dit programma niet om zorg- of welzijnsorganisaties. Instellingssubsidies blijven lopen via DUS-I van het ministerie van VWS.

Bereik en impact

Bereik en impact, vormen samen met ‘aandoeningsoverstijgend’, kwaliteit en relevantie de criteria waaraan voorstellen voor projecten zullen worden getoetst. Hiermee wordt het eerdere criterium van de vouchers, dat was gebaseerd op ledenaantallen, losgelaten.

Samen het programma vormgeven

Voordat het programma start, gaat ZonMw samen met patiënten- en gehandicaptenorganisaties het programma vormgeven. Om welke onderwerpen gaat het en wat heeft prioriteit. Ook formuleren we gezamenlijk een eerste definitie van ‘bereik en impact’. Bij bepalen van de thema's wordt aangesloten bij de uitkomsten van de eerdere dialoogbijeenkomsten.

Projectsubsidies 2019-2022

ZonMw vertaalt het gezamenlijk opgestelde programma naar diverse subsidierondes in de periode 2019-2022. Voor deze rondes zullen eenvoudige, korte en begrijpelijke procedures gelden. Hierbij kunnen aanvragers ondersteuning van PGOsupport krijgen. Naar verwachting zal in het najaar 2018 de eerste subsidieronde worden opengesteld.

Onderzoek

Gedurende de 4 jaar waarin met de nieuwe projectsubsidies wordt gewerkt (2019-2022), worden twee onderzoeken uitgevoerd.

Een onderzoek bekijkt aan de hand van de ervaringen in de projecten hoe bereik en impact moeten worden gedefinieerd om projectvoorstellen en de projectresultaten in de toekomst te kunnen beoordelen. De uitkomsten vormen de basis voor het nieuwe beleidskader van VWS voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties. 

En ander onderzoek brengt in kaart  welke (nieuwe) vormen van patiënten- en gehandicaptenorganisaties, -platforms en netwerken er zijn en hoe deze hun doelen bereiken.

Enquête, deadline 22 mei

De eerste activiteit om in kaart te brengen hoe het programma vorm moet krijgen, is een enquête voor vertegenwoordigers van organisaties, platforms en netwerken voor patiënten- en gehandicapten.

De deadline voor het invullen van de enquête is inmiddels verstreken.

Contact

Wilt u als vertegenwoordiger van patiënten- en gehandicaptenorganisaties contact met ons opnemen? Dat kan via participatie@zonmw.nl (graag naam, organisatie, functie, e-mail en telefoonnummer vermelden)

Meer informatie

]]>
news-2393 Wed, 25 Apr 2018 08:25:00 +0200 Lichaamsgeur verhoogt aantrekkelijkheid malaria-infectie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/lichaamsgeur-verhoogt-aantrekkelijkheid-malaria-infectie/ Een malaria-infectie bij kinderen maakt hen aantrekkelijker voor malariamuggen. Dit blijkt uit onderzoek van de Wageningen University & Research. Malariaparasieten beïnvloeden de aantrekkelijkheid van hun gastheren (de mens) zodat de kans op overdracht van de parasiet verhoogd wordt. Zo zorgen de parasieten zelf voor hun overdracht. Aantrekkelijk via geur

In Kenia zijn kinderen die op natuurlijke wijze met malaria besmet waren, onderzocht op hun aantrekkelijkheid voor malariamuggen. Hun lichaamsgeuren werden verzameld en chemisch analytisch onderzocht via gaschromatografie-massaspectrometrie. Geurstoffen die duidelijk in grotere hoeveelheden aanwezig waren dan bij gezonde kinderen, werden onderzocht op
aantrekkelijkheid voor muggen.

Hoe vindt een malariamug haar donor?

In het onderzoeksproject is onderzocht of malariaparasieten in de mens signaalstoffen produceren die door de malariamug gebruikt worden om haar bloeddonor te vinden. Gezonde volwassen vrijwilligers zijn met malariaparasieten geïnfecteerd. Vervolgens zijn een aantal dagen na infectie hun geurstoffen opgevangen en onderzocht op chemische samenstelling. Bij gebleken infectie, werden de vrijwilligers direct behandeld met antimalariamedicatie.Verandering in lichaamsgeur
Een malaria-infectie bij volwassenen veroorzaakt veranderingen in de lichaamsgeurproductie,
waardoor muggen soms aangetrokken of afgestoten worden. Een natuurlijke malaria-infectie bij Afrikaanse kinderen maakt de kinderen significant meer aantrekkelijk, in het bijzonder als seksuele stadia van de parasiet aanwezig zijn. Van geïnfecteerde kinderen bleken 7 chemische
verbindingen uit hun lichaamsgeuren verantwoordelijk voor de sterk verhoogde aantrekking door muggen.

Stap dichter bij malariabestrijding

De nieuwe bevindingen geven extra mogelijkheden om malaria te bestrijden. Er is nu meer kennis over de besmettingsroute van de parasiet. Dat schept ook mogelijkheden om in die keten in te grijpen. Volgens de onderzoekers kan nu diagnostische apparatuur worden ontwikkeld, zonder dat de arts bloed hoeft te prikken. Dat is sneller en kindvriendelijker.

Meer informatie

]]>
news-2347 Tue, 24 Apr 2018 16:25:00 +0200 Masterclass voor ZonMw-projectleiders ‘Realiseren van structurele bekostiging van innovatieve ouderenzorg’ op 5 juni 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/masterclass-voor-zonmw-projectleiders-realiseren-van-structurele-bekostiging-van-innovatieve-oude/ Wat gebeurt er eigenlijk met de innovaties nadat de projectsubsidie is afgelopen? Hoe zorg je dat de innovatie structureel wordt gefinancierd door bijvoorbeeld een zorgverzekeraar?

Veel zorgvernieuwing komt met projectsubsidies tot stand. Maar een structurele bekostiging van de innovatie is vaak een stuk lastiger te realiseren. ZonMw heeft daarom ZorgmarktAdvies gevraagd een stappenplan te ontwikkelen voor het verkrijgen van structurele financiering voor innovaties in de ouderenzorg. Het stappenplan van ZorgmarktAdvies is een hulpmiddel om zicht te krijgen op wetten, regels en mogelijkheden rond zorgbekostiging. 

Het stappenplan richt zich concreet op de volgende partijen:
1. Projectleiders van innovatieve projecten in de ouderenzorg
2. Financiers van innovatieve ouderenzorg: zorgverzekeraars, zorgkantoren en gemeenten

Masterclass 

Op dinsdag 5 juni 2018 organiseert ZorgmarktAdvies in samenwerking met ZonMw de masterclass: ‘Realiseren van structurele bekostiging van innovatieve ouderenzorg’

De masterclass bestaat uit: 

  • het verkennen van de mogelijkheden voor het realiseren van structurele bekostiging
  • het leren van best practices
  • het onderling uitwisselen van ervaringen
  • het gezamenlijk oplossen van concrete, door de deelnemers aangedragen knelpunten

De masterclass is bedoeld voor projectleiders van ZonMw. Deelname is gratis en er geldt een maximum van 15 deelnemers. Aanmelden kan via deze link.

]]>
news-2323 Mon, 23 Apr 2018 09:44:00 +0200 ZonMw en VSBfonds stoppen met Nationale Zorgvernieuwingsprijs https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-en-vsbfonds-stoppen-met-nationale-zorgvernieuwingsprijs/ Na tien succesvolle jaren stoppen ZonMw en VSBfonds met de Nationale Zorgvernieuwingsprijs. Elke twee jaar was er de mogelijkheid om een goed idee voor betere zorg en welzijn in te sturen en daarmee de prijs van € 75.000 te winnen. De mogelijkheid om financiering aan te vragen voor vernieuwende ideeën bestaat nog steeds, maar dan in een andere vorm.

Reden

De Nationale Zorgvernieuwingsprijs had als doel vernieuwende ideeën in zorg en welzijn mogelijk te maken. In de loop der jaren zijn er andere gezondheidsprijzen bijgekomen die eveneens in dat doel voorzien. Nu de Nationale Zorgvernieuwingsprijs niet meer goed past bij het aangescherpte donatiebeleid van VSBfonds, is het een goed moment om met de Nationale Zorgvernieuwingsprijs te stoppen. 

Dank

Wij bedanken alle zorgvernieuwers voor alle prachtige en inspirerende ideeën die zij door de jaren heen hebben ingediend. Ook bedanken we de deskundige vakjury’s en de fondsen die met hun geld en advies zoveel mogelijk inzendingen verder wilden brengen. De Nationale Zorgvernieuwingsprijs hielp op tal van manieren de ideeën op weg van mensen die dichtbij de zorg staan, zoals patiënten, zorgverleners en mantelzorgers. Dat leverde veel en vooral ook veelbelovende ideeën op voor betere zorg en welzijn. We zijn er trots op dat de prijs zoveel mensen heeft weten uit te dagen. 

Geld vinden voor uw idee?

De Nationale Zorgvernieuwingsprijs stopt, maar we blijven investeren in de kracht van een goed idee!

VSBfonds ondersteunt initiatieven die bijdragen aan een samenleving waarin iedereen actief meedoet, zich betrokken voelt en de kans heeft persoonlijk en maatschappelijk te groeien. Voor informatie over een aanvraag doen voor uw project gaat u naar vsbfonds.nl

ZonMw stimuleert met allerlei subsidieprogramma’s de totale innovatiecyclus. Van fundamenteel onderzoek tot implementatie van nieuwe behandelingen, preventieve interventies of verbeteringen in de structuur van de gezondheidszorg. Voor informatie over subsidie gaat u naar de subsidiekalender

Wie wonnen eerder de prijs?

Elke twee jaar is de Nationale Zorgvernieuwingsprijs uitgereikt. De winnaars van de afgelopen jaren waren: 

2016

Thema: Zorg voor welzijn van oudere migranten
Bekroond: Gezonde Taal! voor oudere migranten
Inzender: Taal doet meer

2014

Thema: Zorgen voor elkaar
Bekroond: Ervaringsmaatjes voor jonge mantelzorgers
Inzender: SIZ Twente 

2012

Thema: Goed je te ontmoeten
Bekroond: Nieuwe techniek voor communicatie ALS-patiënten
Inzender: Radboud Universiteit Nijmegen

2010 

Thema: Aandeel in elkaars kracht
Bekroond: 24-uurszorg van medestudenten in studentenwoningen
Inzender: Stichting Wiel & Deal

2008 

Thema: Verlichte ideeën
Bekroond: Spraaktherapie via internet voor mensen met neurologisch letsel
Inzender: Sint Maartenskliniek in Nijmegen

]]>
news-2387 Mon, 23 Apr 2018 08:34:50 +0200 Bijeenkomst start programma Nationale Wetenschapsagenda https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/bijeenkomst-start-programma-nationale-wetenschapsagenda/ Op dinsdagmiddag 8 mei organiseert NWO in samenwerking met het ministerie van OCW een feestelijke bijeenkomst om de start van het nieuwe onderzoeksprogramma voor de Nationale Wetenschapsagenda te markeren. De bijeenkomst vindt plaats van 14.30-16.30 uur in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. Tijdens de bijeenkomst worden de aanwezigen over de opzet van het nieuwe onderzoeksprogramma geïnformeerd en kijken we gezamenlijk uit naar de toekomst van de Nationale Wetenschapsagenda.

Meer informatie: www.nwo.nl

]]>
news-2383 Thu, 19 Apr 2018 15:26:52 +0200 Succesvolle kick-off van IMDI 2.0 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/succesvolle-kick-off-van-imdi-20/ Woensdag 18 april vond de IMDI 2.0 kick-off plaats in Utrecht. Tijdens deze middag presenteerde Hans Rietman, voorzitter van de stuurgroep IMDI 2.0, het vervolg van het IMDI subsidieprogramma. Daarnaast is Cor Spreeuwenberg als voorzitter van initiatiefgroep IMDI door Henk Smid, directeur ZonMw, bedankt voor zijn inzet hulp bij het opzetten van IMDI 2.0. Tijdens de Kick-off bijeenkomst hebben zowel de drie net gehonoreerde projecten als zeven lopende projecten uit de Centre’s of Research Excellence (CoRE’s) zich gepresenteerd. Dit gaf een mooie impressie van wat er tot nu toe met IMDI is bereikt en welke ontwikkelingen er nog gaan komen.

Naast de diverse IMDI projecten heeft ook Maatschappelijk Verantwoord Innoveren (MVI) zich gepresenteerd als samenwerkingspartner voor IMDI 2.0. Dit is een programma vanuit NWO wat focust op hoe verantwoorde innovaties op een breed draagvlak kunnen rekenen. Al in een vroeg stadium brengt MVI ethische en maatschappelijke aspecten van (technologische) innovaties in kaart zodat er in het ontwerpproces rekening mee gehouden kan worden.

Het programma werd afgesloten met een prikkelende zaaldiscussie aan de hand van stellingen. Het panel bestaande uit Rebecca Abma (Hartstichting), Henk Jansen (Indes), Jeroen Kemperman (Zilveren Kruis) en Sjaak van der Pouw (Siemens Healthineers), inspireerde elkaar en de zaal met scherpe antwoorden. De stellingen gingen vooral over de rol van technologische ontwikkelingen in de toekomstige zorgvraag. Het was een mooie afsluiter van een geslaagde kick-off bijeenkomst.

Aanleiding IMDI 2.0

In 2016 heeft een internationale commissie het IMDI programma geëvalueerd. De belangrijkste conclusie is dat met weinig middelen veel is bereikt. Een aandachtspunt was de implementatie van de innovaties. IMDI 2.0 is erop gericht om de evaluatiepunten van de internationale commissie te realiseren. Hans Rietman heeft als voorzitter van de nieuwe stuurgroep kort verteld wat de plannen zijn voor het vernieuwde IMDI programma.

Meer informatie

]]>
news-2368 Tue, 17 Apr 2018 11:08:19 +0200 Meer ondersteuning voor kwetsbare jongeren https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-volksgezondheid-welzijn-en-sport/nieuws/2018/04/16/kabinet-meer-ondersteuning-voor-kwetsbare-jongeren Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft het programma ‘Zorg voor de jeugd’ gelanceerd. In dit actieprogramma wordt een nieuw kennisontwikkelingsprogramma ‘Wat werkt in de zorg voor jeugd’ aangekondigd. De komende tijd werkt ZonMw, in samenspraak met betrokkenen en het ministerie, de kaders voor dit nieuwe programma uit. Het programma start naar verwachting 1 januari 2019.  

]]>
news-2357 Mon, 16 Apr 2018 14:10:25 +0200 Tweede informatiebijeenkomst subsidieronde Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tweede-informatiebijeenkomst-subsidieronde-actieprogramma-maatschappelijke-diensttijd/ ZonMw organiseert een tweede informatiebijeenkomst voor de subsidieronde van het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd. De eerste informatiebijeenkomst is inmiddels vol. Wilt u meer informatie over het programma en de subsidieoproep? Meld u dan uiterlijk 20 april 2018 aan voor deze extra bijeenkomst. Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd

VWS heeft ZonMw gevraagd om een Actieprogramma op te zetten om te experimenteren met het organiseren en uitvoeren van de maatschappelijke diensttijd. Met het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd bevorderen we dat iedere jongere de mogelijkheid krijgt om via maatschappelijke activiteiten bij te dragen aan een sterke samenleving. Daarbij krijgen jongeren ruimte, waardering en ondersteuning om zichzelf te ontplooien en talenten te ontwikkelen. En organisaties krijgen ruimte en ondersteuning in het ontwikkelen van aanvullende en nieuwe activiteiten van en met de talenten van jongeren. De 1e subsidieoproep ging 10 april 2018 open. De deadline voor het indienen van een subsidieaanvraag voor de 1e ronde is op dinsdag 22 mei 2018 om 12.00 uur.

Informatiebijeenkomst

Tijdens de informatiebijeenkomst lichten we de subsidieoproep, de begroting en ProjectNet toe en beantwoorden we uw vragen. Deze tweede informatiebijeenkomst is bedoeld voor (potentiële) subsidieaanvragers. De bijeenkomst vindt plaats op woensdag 25 april van 13.30 tot 16.30 uur in Den Haag (inloop vanaf 13.00 uur).

Wie kan aanvragen?

Eén of meerdere organisaties zonder winstoogmerk die een maatschappelijk doel nastreven en waarbinnen aantoonbaar expertise aanwezig is op het gebied van werven, matchen, het bieden van een passend aanbod en het begeleiden van jongeren worden uitgenodigd om een subsidieaanvraag in te dienen. Bij deze organisatie(s) is reeds sprake van vrijwillige maatschappelijke inzet (van jongeren). Organisaties met winstoogmerk zijn uitgesloten van het aanvragen van subsidie, maar mogen wel onderdeel uitmaken van de proeftuin, mits zij hiermee geen economisch gewin nastreven.

Kosten en inschrijving

Deelname aan de informatiebijeenkomst is gratis, maar inschrijven is verplicht. U kunt zich tot uiterlijk vrijdag 20 april 2018 inschrijven door een e-mail te sturen naar amd@zonmw.nl met:

  • uw voornaam en achternaam
  • uw e-mailadres
  • naam van uw organisatie

Meer informatie

]]>
news-2341 Thu, 12 Apr 2018 08:15:00 +0200 Openstelling subsidieoproep Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/openstelling-subsidieoproep-actieprogramma-maatschappelijke-diensttijd/ Wilt u iedere jongere de kans geven om maatschappelijk betrokken zijn? Het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd bij ZonMw biedt mogelijkheden om een proeftuin te starten en te experimenteren met de invulling van maatschappelijke diensttijd. Laat uiterlijk 1 mei per mail weten of u interesse heeft. Deze eerste subsidieronde staat open voor maatschappelijk organisaties die willen experimenteren met maatschappelijke diensttijd. Voor 2018 is er € 20 miljoen beschikbaar. Wat is maatschappelijke diensttijd?

Met maatschappelijke diensttijd leveren jongeren op vrijwillige basis een bijdrage aan de maatschappij. Staatsecretaris Blokhuis wil vanaf zomer 2019 deze maatschappelijke diensttijd voor jongeren invoeren. Doel: optimaal de kans bieden om betrokken te zijn bij de samenleving en talenten te ontwikkelen. Het programma richt zich ook op jongeren die nog niet of nauwelijks maatschappelijk actief zijn. Jongeren geven zelf aan dat de maatschappelijke diensttijd vrijwillig, flexibel en passend moet zijn. Ze doen het om nieuwe skills en ervaringen op te doen.

Wie kan aanvragen?

Maatschappelijke organisaties met een goed idee kunnen vanaf vandaag financiële ondersteuning aanvragen. Binnen het programma gaat in proeftuinen gewerkt worden aan goede voorbeelden voor de maatschappelijke diensttijd. De proeftuinen hebben een stevige omvang en bereik. Ze worden gevormd door organisaties die aantoonbaar ervaring hebben in het organiseren van maatschappelijke activiteiten en projecten, samen met jongeren.

Hoe kan er aangevraagd worden?

Maak uiterlijk 1 mei 2018 om 12.00 uur per mail (amd@zonmw.nl )duidelijk dat u interesse heeft. Subsidieaanvragen die niet aangemeld zijn, worden niet in behandeling genomen. De deadline voor het indienen van de subsidieaanvraag is 22 mei 2018 om 12.00 uur. De volledige subsidieoproep  en criteria leest u in de subsidiekalender van ZonMw .

Informatiebijeenkomst op 25 april 2018

Benieuwd naar meer informatie over het actieprogramma en de subsidieoproep? Meld u dan aan voor de informatiebijeenkomst op woensdag 25 april van 9.30 tot 12.30 uur in Den Haag. Van deze bijeenkomst wordt een verslag gemaakt dat die zelfde week nog wordt gepubliceerd.

Waarom dit actieprogramma

Met dit programma bevordert ZonMw dat iedere jongere de mogelijkheid krijgt om via maatschappelijke projecten en activiteiten bij te dragen aan een sterke en betrokken samenleving. Ook jongeren die nu nog niet maatschappelijk actief zijn. Het doel van het actieprogramma is om vanuit de praktijk te leren wat werkt. Het ministerie van VWS heeft € 20 miljoen subsidiemiddelen beschikbaar gesteld voor het actieprogramma. Dit jaar zet ZonMw 2 subsidieronden uit.

Meer weten?


]]>
news-2337 Wed, 11 Apr 2018 14:30:00 +0200 Subsidie voor inschakelen experts aanpak verward gedrag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidie-voor-inschakelen-experts-aanpak-verward-gedrag/ Werkt u met uw partners aan een goed werkende aanpak voor mensen met verward gedrag, maar komt u er alleen niet uit? Schakel dan met behulp van subsidievoucher een expert in van de Vliegende Brigade +. De Vliegende Brigade + bestaat uit een team van experts (en organisaties) met kennis van onderdelen of bouwstenen van de aanpak voor mensen met verward gedrag. U kunt eenvoudig een aanvraag indienen voor een voucher van maximaal € 10.000,- waarmee u een expert van de Vliegende Brigade + kunt bekostigen. In totaal is € 1.000.000,- beschikbaar gesteld voor de vouchers van de Vliegende Brigade +. 

Waar kunt u de experts voor inzetten?

De experts van de Vliegende Brigade + kunnen’ u en uw samenwerkingspartners op verschillende manieren ondersteunen:

  • Ondersteuning en begeleiding om afspraken te stimuleren, te versnellen en implementatie te bevorderen of te realiseren in het kader van een passende aanpak voor mensen met verward gedrag. 
  • Benutting van alles wat al in de regio in gang is gezet, en bij het borgen van datgene dat nog moet worden ontwikkeld. 
  • Begeleiding van borgingsafspraken door de betrokken partijen, waaronder het ondersteunen van de organisatie- en governance structuur.

Op zonmw.nl/vouchersvliegendebrigade vindt u het aanvraagformulier, een overzicht van de experts van de Vliegende Brigade + en meer informatie over de vouchers. 

Meer informatie

]]>
news-2331 Mon, 09 Apr 2018 14:13:10 +0200 ‘Samen voor betere geboortezorg’: resultaten programma Zwangerschap en geboorte https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/samen-voor-betere-geboortezorg-resultaten-programma-zwangerschap-en-geboorte/ Betere samenwerking in multidisciplinaire consortia in de geboortezorg, preventie, betere zorg voor kwetsbare zwangeren en organisatie van zorg. Zomaar een greep uit de resultaten van het eerste ZonMw-programma Zwangerschap en geboorte. Op 9 april is het e-magazine ‘Samen voor betere geboortezorg’ gelanceerd. Het magazine biedt een mooi overzicht van de multidisciplinaire projecten die binnen de 9 consortia zijn uitgevoerd. Allemaal dragen ze bij aan een gezonde moeder, een gezonde zwangerschap en een gezond kind.

Resultaten

Tijdens de duur van het programma (2011 – 2017) zijn er 48 projecten gestart, waarbij samenwerking centraal stond. In dit programma zijn er in de afgelopen jaren 9 multidisciplinaire consortia gevormd, waardoor een landelijke kennisinfrastructuur is gerealiseerd. Alle onderzoeksprojecten uit het programma zijn multidisciplinair uitgevoerd. Met de kennis uit deze onderzoeksprojecten wordt er een bijdrage geleverd aan het verbeteren van de gezondheid van moeder en kind.

Kwetsbare zwangeren

Een groep die extra aandacht kreeg binnen het programma Zwangerschap en geboorte waren kwetsbare zwangeren. Deze groep heeft een verhoogde kans op perinatale sterfte. Verschillende consortia hebben projecten uitgezet om kwetsbare zwangeren tijdig op te sporen en betere zorg te bieden.

Multidisciplinaire overdracht van zorg

De communicatie tussen verloskundigen, gynaecologen en andere professionals in de geboortezorg tijdens overdrachtsmomenten kan beter. Soms begrijpen professionals elkaar niet, hebben zij verschillende verwachtingen of ontbreekt de tijd voor een goede overdracht. Om de overdracht van zorg soepeler te laten verlopen zijn er multidisciplinaire teamtrainingen ontwikkeld die met behulp van gestructureerde informatieoverdracht kunnen bijdragen aan veilige zorg. In het e-magazine zijn enkele projecten op dit gebied uitgelicht.

Meer informatie

]]>
news-2330 Mon, 09 Apr 2018 11:08:11 +0200 Projectleiders Create Health zijn elkaars stakeholders https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/projectleiders-create-health-zijn-elkaars-stakeholders/ Donderdag 5 april kwamen de projectleiders en vertegenwoordigers van de consortia van de tien gehonoreerde Create Health projecten voor het eerst bijeen voor een workshop ‘Stakeholdermanagement in het licht van projectmanagement in consortia’ onder leiding van Tim Colijn. Commissievoorzitter Betty Meyboom opende de bijeenkomst, waarna elke projectleider kort zijn of haar project via een pitch aan de andere deelnemers toelichtte. Meteen werd duidelijk dat de projecten diverse raakvlakken hebben, waardoor het tussentijds met elkaar in contact zijn over bevindingen en uitwisselen van kennis al spontaan door de projectleiders werd geïnitieerd. Uiteraard faciliteert ZonMw hier graag in. Houdt voor actueel nieuws rondom de projecten de Create Health programmapagina in de gaten

Wat maakt het managen van projecten in een consortium ingewikkeld?

De projectleider heeft te maken met verschillende belangen in het project, moet tijdens de looptijd van het project de stakeholders aangehaakt houden en zorgen dat ze met elkaar blijven werken aan hetzelfde gemeenschappelijke doel. Dit terwijl er vaak sprake is van andere visies, taalgebruik en verschillende werkwijzen. Duidelijke werkafspraken, rolverdeling en steun van je stakeholders dragen bij aan een effectief projectverloop. Effectieve betrokkenheid van mensen en het delen van kennis is het meest belangrijk aan het begin van een project.

Wie zijn stakeholders?

Maar wie zijn dan je stakeholders? Wat vinden zij belangrijk en waar hebben ze invloed op?
De stakeholders zijn alle personen die betrokken zijn bij je project. Zij hebben allen een belang in het project en beïnvloeden middelen, mensen en kennis. Vraag je ook af wat jouw stakeholder nodig heeft om succesvol te zijn. Een goede stakeholder analyse aan het begin van je project zorgt dat je de stakeholders op de juiste wijze betrokken houdt bij je project. Realiseer je dat niet ieders belangen hetzelfde zijn in een project en pas je communicatie daar op aan. Zorg dat je stakeholders niet verrast worden. Zo heeft je project meer kans van slagen.

Leerzame workshop

De deelnemers gaven aan dat ze het een leerzame workshop vonden. Deze helpt bij het bewustzijn creëren over de verschillende stakeholders en scherpt de benadering van de stakeholders aan. Ook het stuk over het maken van een communicatieplan hielp mee aan de bewustwording bij de projectleiders dat regelmatig tijdens de looptijd van het project communiceren essentieel is in stakeholdermanagement.

Volgende bijeenkomst

Op 27 september is een bijeenkomst voor de officiële kick-off van de projecten, hiervoor wordt ook de achterban van de projecten uitgenodigd. Houd deze datum alvast vrij en kijk tot die tijd voor meer informatie over de projecten en het programma Create Health op de programmapagina.

]]>
news-2320 Thu, 05 Apr 2018 16:41:00 +0200 Kind centraal in route Jeugd NWA https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kind-centraal-in-route-jeugd-nwa/ In de route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs staat de jeugd in al haar contexten centraal. Door de jeugd als speerpunt te nemen, investeren we binnen de NWA in nieuw onderzoek. Onderzoek dat in samenhang kan bijdragen aan een gezonde, veilige, en rechtvaardige samenleving voor een nieuwe generatie.

De 21e eeuw plaatst ons voor uitdagingen op het gebied van technologie, internet, relaties, etnisch-religieuze diversiteit, werkgelegenheid, duurzaamheid, verstedelijking en globalisering. Dit vraagt een nieuwe kijk op de manier waarop wij onze jeugd voorbereiden op hun toekomst.

Game-changers

Wat hebben kinderen en jongeren nodig aan opvoeding, onderwijs en begeleiding zodat zij nu en in de toekomst positief kunnen bijdragen aan de samenleving in de 21ste eeuw? Dat is het centrale vraagstuk binnen deze route, uitgewerkt in 3 samenhangende game-changers: ‘Leren en ontwikkelen in verschillende contexten’, ‘Diversiteit en ongelijkheid’ en ‘Normativiteit van opvoeding en onderwijs’.

Startimpuls – project Gelijke Kansen

Voor het thema Jongeren in een veerkrachtige samenleving heeft OCW budget vrijgemaakt in de vorm van een startimpuls. De bijdrage die de route Jeugd in ontwikkeling, opvoeding en onderwijs levert aan deze Startimpuls is het project ‘Gelijke kansen voor een diverse jeugd’. Met ingang van 2018 doet een breed samengesteld consortium binnen dit project onderzoek naar kansen(on)gelijkheid onder jongeren. Het consortium kijkt naar de processen en mechanismen die hierbij een rol spelen. Zoals de toenemende diversiteit in de schoolklas, de opkomst van schaduwonderwijs, samenwerking tussen onderwijs en jeugdzorg, de mogelijkheden van wijkteams in de jeugdhulpverlening en van de jeugdgezondheidszorg bij een stapeling van risicogedrag.

Kennisagenda Jeugd

Voor een stevig, verankerd onderzoeksprogramma met maatschappelijke impact is een toespitsing en prioritering nodig van onderzoeksthema's. Daarom wordt er gewerkt aan een kennisagenda Jeugd. In deze kennisagenda worden de belangrijkste wetenschappelijke en maatschappelijke vraagstukken uitgewerkt. En wordt onderbouwd wat we al wel en niet weten. Bij het opstellen van de kennisagenda worden professionals uit beleid, praktijk en wetenschap, en ouders en jongeren zelf betrokken.

Taskforce Jeugd

De verdere uitwerking van de route valt onder de verantwoordelijkheid van de Taskforce Jeugd. Deze bestaat uit vertegenwoordigers vanuit de wetenschap, het beleid, de praktijk en ouders en jongeren.

Boegbeelden en organisatie

Boegbeelden van deze route zijn Judi Mesman (Universiteit Leiden) en Monique Volman (Universiteit van Amsterdam). Organiserend trekker is het NRO, in samenwerking met NWO en ZonMw.

]]>
news-2317 Thu, 05 Apr 2018 14:00:00 +0200 Investeren in onderzoek naar voeding, gezondheid en duurzaamheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/investeren-in-onderzoek-naar-voeding-gezondheid-en-duurzaamheid/ Vandaag is het Deltaplan Voedingsonderzoek aangeboden aan de directeuren van de ministeries van VWS, EZK en LNV. Het Deltaplan biedt het kader van de thema’s en kennisvragen waar Nederland op zou moeten inzetten om te komen tot baanbrekende innovaties. Innovaties die leiden tot een gezond en duurzaam voedselaanbod dat daadwerkelijk gegeten wordt door de consument. Het Deltaplan Voedingsonderzoek is een initiatief van ZonMw en TiFN (Topinstituut Food & Nutrition) gesteund door de NL stuurgroep JPI HDHL. De vragen die spelen zijn: op welke onderwerpen zetten we de komende jaren in en waarom? Welke disciplines hebben we hiervoor nodig? Waar liggen onze competenties? En hoe maken we optimaal gebruik van de kennis en middelen die (inter)nationaal beschikbaar zijn?

De directeuren Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie (VWS) Charles Wijnker, Topsectoren en Industriebeleid (EZK) David Pappie en Agro& Natuurkennis (LNV) Michel Berkelmans beaamden het belang van het investeren in onderzoek naar voeding, gezondheid en duurzaamheid.

Waarom een Deltaplan Voedingsonderzoek?

Investeren in onderzoek naar voeding, gezondheid en duurzaamheid is noodzakelijk om tot oplossingen en innovaties te komen voor de maatschappelijke uitdagingen waar we voorstaan:

  • stijgende zorgkosten: de bevolking veroudert en steeds meer mensen hebben een of meer chronische ziektes zoals overgewicht, diabetes of hart en vaatziekten;
  • druk voedselproductie op het milieu: groei wereldbevolking, dus moet meer voedsel geproduceerd worden.

Het Deltaplan Voedingsonderzoek biedt het kader aan op welke thema’s en kennisvragen Nederland zou moeten inzetten en waarop doorbraken te verwachten zijn. Het plan pleit voor een betere regie op voedingsonderzoek in Nederland. Meer samenhangend en geïntegreerd onderzoeksbeleid is nodig voor het vergroten van de impact van voedingsonderzoek.

De 3 hoofdthema’s van het Deltaplan

  1. Duurzaam voedsel, duurzame voeding
    Nederland moet investeren in de ontwikkeling van een wegingskader waarmee (ingrediënten van) voedingsmiddelen langs de gecombineerde duurzaamheids- en gezondheidsmeetlat te leggen zijn. Ook onderzoek naar hoe we bodem, water en grondstoffen optimaal kunnen gebruiken moet prioriteit krijgen evenals het vergroten van het aanbod van gezonde en duurzame producten.
  2. Voeding en gedrag
    Er is meer kennis nodig over de omgeving en individu: hoe kan de gezonde en duurzame keuze vanzelfsprekend gemaakt worden? Deze kennis en inzichten over de determinanten die voedselkeuze en eetgedrag moet door vertaald worden naar effectieve interventies en beleidsmaatregelen. Daarbij is het van belang om te onderzoeken hoe (bestaande) interventies elkaar kunnen versterken.
  3. Voeding en gezondheid
    Het Deltaplan Voedingsonderzoek pleit ervoor het hele spectrum van preventie tot en met behandeling mee te nemen in onderzoek naar voeding en gezondheid. Hierbij is meer kennis nodig over de effecten en werkingsmechanismen van voeding bij de preventie en behandeling van ziekten. Dit vraagt om grootschalig lange termijn interventieonderzoek en fundamentele studies. Ook de meerwaarde van een voeding op maat aanpak ten opzichte van algemene voedingsrichtlijnen verdient onderzoek.

Meer informatie


]]>
news-2322 Thu, 05 Apr 2018 13:57:02 +0200 Oplossing tegen antibiotica resistentie door IMPULS project? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/oplossing-tegen-antibiotica-resistentie-door-impuls-project/ Door het toenemende gebruik van antibiotica raken bacteriën in ons lichaam langzaam resistent. Dit is een groot probleem omdat zonder werkende antibiotica mensen kunnen overlijden aan infecties die normaal goed te behandelen zijn. Jaarlijks sterven er nu al 700.000 mensen aan infecties vanwege antibiotica resistentie. De verwachting is dat dit aantal zal toenemen tot 10 miljoen mensen in 2050. In het LUMC werkt immunoloog Peter Nibbering aan een nieuw medicijn wat het probleem rondom de antibiotica resistentie op zou moeten lossen. Dit nieuwe medicijn kan naar verwachting wel resistente bacteriën uitroeien. Het medicijn bestaat uit antibacteriële peptiden en is eigenlijk een nieuwe vorm van antibiotica. Wereldwijd is er veel belangstelling voor dit onderzoek. Het medicijn dat Peter Nibbering en zijn onderzoeksteam ontwikkelen lijkt op de moleculen die het lichaam zelf gebruikt om infecties weg te werken. Nibbering en zijn team hebben voor het nieuwe medicijn deze lichaamseigen moleculen gemodificeerd. Deze gemodificeerde moleculen werken compleet anders dan antibiotica, vandaar dat dit medicijn antibiotica resistente bacteriën wel kan uitroeien.

De onderzoeksresultaten tot nu toe zijn veelbelovend. Het medicijn laat goede resultaten zien tijdens de preklinische fase, de volgende stap is om het op mensen te testen. Dit zal aan het eind van 2018 gebeuren. Wanneer ook uit deze onderzoeksfase goede resultaten komen dan is de kans groot dat dit middel uiteindelijk op de markt gebracht zal worden. Implementatie van het medicijn zal na positieve testresultaten op mensen, waarschijnlijk nog 4 tot 5 jaar duren.

Peter Nibbering’s onderzoek naar een nieuw medicijn tegen resistente bacteriën heeft in 2014 subsidie ontvangen uit het IMPULS programma van de topsector Life Sciences and Health (LSH) in samenwerking met ZonMw. IMPULS is een éénmalig-programma wat valorisatie van kennis wil stimuleren door academia, gezondheidsfondsen en het bedrijfsleven in translationeel onderzoek samen te laten werken. Naast het onderzoek van Peter Nibbering hebben in 2014 nog negen andere projecten financiering ontvangen.

Meer informatie

]]>
news-2309 Thu, 29 Mar 2018 15:22:13 +0200 Sport en Bewegen: 4 nieuwe projecten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sport-en-bewegen-4-nieuwe-projecten/ Deze zomer starten 4 nieuwe onderzoeken binnen het onderzoeksprogramma Sport en Bewegen. De projecten passen binnen de thema’s van de Kennisagenda Sport en Bewegen en richten zich op beter presteren, een leven lang bewegen en de waarde(n) van sport. Ook werd deze week bekend dat het onderzoeksprogramma Sport en Bewegen wordt voortgezet tot en met 2020 waardoor er weer meer kansen komen voor nieuwe projecten. We ontvingen 19 subsidieaanvragen in de subsidieronde die in het najaar van 2017 sloot. De 4 gehonoreerde projecten starten in de zomer van 2018 en duren 2 jaar. De onderzoeken worden uitgevoerd door samenwerkingsverbanden bestaande uit in ieder geval hbo, wo en sportorganisaties. Binnen de samenwerkingsverbanden zijn verschillende disciplines aangesloten, waaronder data science.
We stellen de 4 projecten graag aan u voor:

Kids First, towards a pedagogical sport climate

Jeugdsport draagt bij aan een aantal positieve aspecten zoals zelfvertrouwen. Helaas komt bijvoorbeeld ook pesten of intimidatie op sportverenigingen voor. Om de waarde van jeugdsport te vergroten en probleemgedrag te verminderen moet er een pedagogisch klimaat gecreëerd worden. Een pedagogisch sportklimaat zet het kind centraal en focust op plezier, positieve coaching en sociale veiligheid. De vraag is hoe sportverenigingen een pedagogisch sportklimaat tot stand kunnen brengen. Het doel van dit onderzoek is het ontwerpen en invoeren van een hulpkader om een pedagogisch sportklimaat op clubniveau te realiseren. Het project wordt uitgevoerd bij 8 voetbal- en hockeyverenigingen in vier gemeenten (Zwolle, Arnhem, Utrecht en Rotterdam) met sporters tussen de 12 en 15 jaar. Het vernieuwende van dit project is dat standaard manieren van informatieverzameling zoals vragenlijsten gecombineerd worden met nieuwe manieren zoals bewegingssensoren en social media. Het onderzoek wordt uitgevoerd door hogeschool Windesheim (Zwolle), in samenwerking met Hanzehogeschool Groningen, Haagse Hogeschool, Universiteit van Amsterdam, Universiteit Leiden, Mulier Instituut, Kennispraktijk, NOC*NSF, KNHB en KNVB.

PIE=M

PIE=M staat voor Physicians Implement Exercise is Medicine (artsen voeren beweging als medicijn in). Een inactieve leefstijl vergroot de kans op het optreden en verergeren van heel veel chronische ziekten: daarvoor is ruim voldoende wetenschappelijk bewijs beschikbaar. Verrassend genoeg wordt met dat gegeven nog maar heel weinig gedaan in de spreekkamer van de dokter: beweging als medicijn heeft nog geen plek in de algemene routine van de ziekenhuiszorg. Dit project onderzoekt waarom beweging als medicijn nog niet ingevoerd wordt en waar artsen daarbij tegenaan lopen. Het doel van het project is vervolgens het ontwikkelen van een tool dat op basis van big data een gepersonaliseerd beweegadvies genereert, waarmee het toepassen van beweging als medicijn makkelijker wordt en meer in de praktijk wordt gebracht. Het onderzoek wordt uitgevoerd door en bij twee ziekenhuizen, UMCG (Groningen) en VUmc (Amsterdam), in samenwerking met een groot netwerk van partners: de Hanzehogeschool Groningen, het Huis voor de Sport Groningen, de gemeente Groningen, het Amsterdam Institute of Sport Science, het Amsterdam Public Health Institute, Lifelines en het Kenniscentrum Sport.

Thermo Tokyo: Beat the Heat

In de zomer van 2020 vinden de Olympische en Paralympische Spelen in Tokyo plaats. De temperatuur ligt dan boven de 30°C en de luchtvochtigheid is hoog. Deze omstandigheden zorgen voor verminderde sportprestaties en potentiële gezondheidsproblemen. Het doel van dit project is het minimaliseren van prestatieverlies en zorgen dat topsporters op een veilige manier maximaal kunnen presteren in een warm en vochtig Tokyo. Om dit te bereiken wordt een persoonlijk hitte-profiel van iedere sporter opgesteld. Hierdoor is het mogelijk gepersonaliseerde koelstrategieën en warmteacclimatie toe te passen. De uitkomsten van dit onderzoek zijn niet alleen van belang voor topsporters, maar bijvoorbeeld ook voor militairen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door het Radboudumc, in samenwerking met onder andere de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, Vrije Universiteit, Technische Universiteit Delft en NOC*NSF.

Smart Sports Exercises

In dit project worden nieuwe vormen van zaaltraining geïntroduceerd. Dit wordt gedaan in een ‘slimme sporthal’. Zo heeft het speelveld een interactieve vloer waarop beelden weergegeven kunnen worden. Daarnaast beschikt de vloer over onopvallende druksensoren. Een daarbij ontwikkeld trainingssysteem biedt op maat gemaakte, interactieve oefeningen. Het gedrag en de prestaties van de individuen en het team kunnen direct teruggegeven worden. De oefeningen kunnen daardoor gelijk aangepast worden. De modellen worden verder ontwikkeld door herhaaldelijk versies van het systeem te evalueren. Dit wordt gedaan bij volleybalteams van verschillende niveaus, binnen de sport en het bewegingsonderwijs. Het onderzoek wordt uitgevoerd door Universiteit Twente in samenwerking met onder andere Hogeschool Windesheim Zwolle, Sportservice Veenendaal, InnoSportLab Sport en Beweeg! en LedGo.

Onderzoeksprogramma Sport 2018-2020

Ook in de periode 2018-2020 worden subsidies verstrekt aan onderzoeksprojecten op het gebied van Sport en Bewegen. VWS heeft stelt daarvoor 5,1 miljoen euro beschikbaar. Samen met mede-financiers NOC*NSF, het Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA en de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, domein Exacte en Natuurwetenschappen (NWO/ENW) voert ZonMw dit programma in opdracht van VWS uit. Minimaal 6,5 miljoen euro is beschikbaar voor het nieuwe programma.

Meer informatie


]]>
news-2307 Wed, 28 Mar 2018 15:07:12 +0200 Zijn we al FAIR? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zijn-we-al-fair/ Maandag 26 maart werd in samenwerking met het Dutch Techcentre for Life Sciences (DTL) een FAIR data event georganiseerd voor de gehonoreerde projecten uit de vierde subsidieronde van het programma Enabling Technologies Hotels (ETH). Op deze middag zijn verschillende sprekers aan het woord geweest over het nut en de noodzaak van FAIR data. Ook zijn er ervaringen gedeeld met de zaal over het FAIR maken van onderzoeksdata. Deze bijeenkomst met een opkomst van ruim 100 deelnemers, was de plenaire inleiding voor ééndaagse hands-on workshops die later dit jaar zullen volgen. In mei en juni van dit jaar zal DTL workshops organiseren waarbij gehonoreerde projecten uit hetzelfde technologiegebied bij elkaar geplaatst zullen worden. Deze workshops vinden plaats op locatie bij de Technology Hotels. Dit zijn expertgroepen die high-end technologieën en de daaraan gerelateerde expertise en infrastructuur aan onderzoekers aanbieden die deze faciliteiten bij hun eigen instituut niet hebben. In de ééndaagse workshops gaan de onderzoekers kijken hoe FAIR datasets zijn, hoe ze de juiste metadata eraan kunnen koppelen en hoe er naar een dataset toe gewerkt kan worden die volgens de FAIR principes is ingericht. Op de plenaire sessie van maandag 26 maart is hiervoor een uitstekende basis gelegd!

Data Management Plan

Sinds 2016 vraagt ZonMw aan toegekende projecten om een Data Management Plan (DMP) in te leveren. In zo’n plan moeten onderzoekers aangeven hoe ze hun datasets Findable Accessible Interoperable en Resuable (FAIR) maken. Datasets die in het programma ETH ontstaan zijn vaak groot en complex. Met de FAIR data training hopen ZonMw en DTL dat onderzoekers beter in staat zullen zijn om hun dataset FAIR te maken.


Meer informatie over data FAIR maken vindt u op de pagina Toegang tot Data.

]]>
news-2290 Mon, 26 Mar 2018 11:23:20 +0200 Informatiebijeenkomst subsidieronde Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/informatiebijeenkomst-subsidieronde-actieprogramma-maatschappelijke-diensttijd/ Uiterlijk half april 2018 gaat naar verwachting de eerste subsidieronde voor het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd open. Wilt u meer informatie over het programma en de subsidieoproep? Meld u dan aan voor de informatiebijeenkomst. Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd

VWS heeft ZonMw gevraagd om een Actieprogramma op te zetten om te experimenteren met het organiseren en uitvoeren van de maatschappelijke diensttijd. Met het Actieprogramma Maatschappelijke Diensttijd bevorderen we dat iedere jongere de mogelijkheid krijgt om via maatschappelijke activiteiten bij te dragen aan een sterke samenleving. Daarbij krijgen jongeren ruimte, waardering en ondersteuning om zichzelf te ontplooien en talenten te ontwikkelen. En organisaties krijgen ruimte en ondersteuning in het ontwikkelen van aanvullende en nieuwe activiteiten van en met de talenten van jongeren.

De 1e subsidieoproep gaat naar verwachting in de week van 9 april 2018 open. De deadline voor het indienen van een subsidieaanvraag voor de 1e ronde is gepland op dinsdag 22 mei 2018 om 12.00 uur.

Informatiebijeenkomst

Tijdens de informatiebijeenkomst lichten we de subsidieoproep en de begroting toe en beantwoorden we uw vragen. De informatiebijeenkomst is bedoeld voor (potentiële) subsidieaanvragers. De bijeenkomst vindt plaats op woensdag 25 april van 9.30 tot 12.30 uur in Den Haag (inloop vanaf 9.00 uur).

Wie kan aanvragen?

Eén of meerdere organisaties zonder winstoogmerk die een maatschappelijk doel nastreven en waarbinnen aantoonbaar expertise aanwezig is op het gebied van werven, matchen, het bieden van een passend aanbod en het begeleiden van jongeren worden uitgenodigd om een subsidieaanvraag in te dienen. Bij deze organisatie(s) is reeds sprake van vrijwillige maatschappelijke inzet (van jongeren). Organisaties met winstoogmerk zijn uitgesloten van het aanvragen van subsidie, maar mogen wel onderdeel uitmaken van de proeftuin, mits zij hiermee geen economisch gewin nastreven.

Kosten en inschrijving

Deelname aan de informatiebijeenkomst is gratis, maar inschrijven is verplicht. U kunt zich inschrijven door een e-mail te sturen naar amd@zonmw.nl met:

  • uw voornaam en achternaam
  • uw e-mailadres
  • naam van uw organisatie

Let op: er is een beperkt aantal plaatsen beschikbaar. Wees er dus snel bij!

Meer informatie

  • Wilt u op de hoogte blijven van subsidierondes, onderzoeksresultaten en ontwikkelingen? Abonneer u dan op onze nieuwsbrief Jeugd.
  • Heeft u vragen? Neem dan contact met ons op via amd@zonmw.nl of 070 349 52 45.



]]>
news-2277 Thu, 22 Mar 2018 14:00:00 +0100 Kennisagenda’s gezondheid aangeboden aan bewindslieden OCW en VWS https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kennisagendas-gezondheid-aangeboden-aan-bewindslieden-ocw-en-vws/ Vandaag hebben minister Ingrid van Engelshoven (OCW) en staatssecretaris Paul Blokhuis (VWS) drie kennisagenda’s in ontvangst genomen uit handen van NFU-voorzitter Ernst Kuipers. Deze kennisagenda’s zijn een uitwerking van een deel van de publieksvragen aan de Nationale Wetenschapsagenda (NWA) op het gebied van gezondheid. Ze beschrijven hoe het kennisveld met innovatief wetenschappelijk onderzoek oplossingen en wetenschappelijke doorbraken kan vinden voor de grote maatschappelijke uitdagingen van deze tijd: hoe houden we de samenleving gezond en innoveren we met wetenschappelijk onderzoek de gezondheidszorg? Routes vanuit de NWA

De NWA is gebaseerd op meer dan 11.700 vragen vanuit de samenleving, die zijn  gecategoriseerd in 25 actuele maatschappelijke vraagstukken: de routes. Wetenschap en maatschappij gaan daarin samen op zoek naar oplossingen voor deze vraagstukken. Een groot deel van de vragen aan de NWA ging over gezondheid. Brede coalities van experts zijn op basis van die vragen wetenschappelijke proposities aan het ontwikkelen, bijvoorbeeld op het terrein van digitale samenleving, hersenen en cognitie, sport en bewegen of big data. Vandaag is een mijlpaal voor drie coalities die op hun terrein een kennisagenda presenteren:

Unieke samenwerking

Voor deze drie kennisagenda’s heeft een coalitie van experts afkomstig uit verschillende organisaties de publieksvragen vertaald naar belangrijke thema’s voor toekomstig gezondheidsonderzoek. In de coalitie waren onder meer universitair medische centra, universiteiten, hogescholen, gezondheidsfondsen, patiëntenorganisaties, TO2-instellingen en het bedrijfsleven vertegenwoordigd. ZonMw en de Nederlandse Federatie voor Universitair Medische Centra (NFU) hebben de totstandkoming van de drie kennisagenda’s gecoördineerd.

Kansen

De kennisagenda’s beschrijven met welke nieuwe wetenschappelijke benaderingen de vragen kunnen worden beantwoord.  Zo biedt wetenschappelijk onderzoek  kansen voor preventie, het voorkomen van ziekte en het bevorderen van gezondheid. Bij chronische ziekten wordt vaker echt herstel mogelijk, in plaats van alleen het aanpakken van symptomen. En door beter te kijken naar verschillen tussen mensen kunnen behandelingen veel gerichter worden ingezet, met meer succes en minder bijwerkingen. Bovendien versterken de  thema's van de kennisagenda’s elkaar: kennis over de verschillen tussen mensen kan ook gebruikt worden voor preventie. Technieken uit de regeneratieve geneeskunde bieden kansen voor behandeling op maat.

Nu investeren

Nu is het moment om stevig te investeren in de wetenschappelijke vraagstukken op het terrein van gezondheid, in onderzoekers en in de technologie die ze nodig hebben, maar ook in onderwijs, opleidingen en in het toepassen van nieuwe kennis uit dit onderzoek. Het is een investering die zichzelf zal terugverdienen, zowel in harde euro's - gezonde mensen doen minder beroep op de zorg - als in kwaliteit van leven, van de zorg en van onze samenleving als geheel.

Meer informatie

]]>
news-2284 Wed, 21 Mar 2018 16:27:15 +0100 Start actiegerichte evaluatie ‘Alles is gezondheid…’ (2018-2021) https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/start-actiegerichte-evaluatie-alles-is-gezondheid-2018-2021/ De Universiteit Maastricht gaat de maatschappelijke beweging ‘Alles is gezondheid…’ in 2018-2021 onderzoeken. Het gaat om een gericht vervolg op een eerdere evaluatie van ‘Alles is gezondheid…’. Op 14 september 2017 berichtte de toenmalige minister van VWS aan de Tweede Kamer dat er ook vervolgonderzoek komt via ZonMw. De evaluatie van de nieuwe periode wordt uitgebreid met actiegericht leren.
Mede door een bestuurlijk-organisatorische evaluatie van de eerste periode 2014-2017 is het programma 'Alles is gezondheid...' verlengd met vijf jaar tot en met 2021. Het ministerie van VWS komt op grotere afstand te staan, en vraagt nu om een actiegerichte, lerende evaluatie op basis van twee leervragen, die zijn vertaald naar de volgende onderzoeksvragen:

  • Hoe kunnen de partners (inclusief overheid), de Programmaraad en het Programmabureau van ‘Alles is Gezondheid…’ de activiteiten en opbrengsten uit de pledges borgen en verduurzamen, en tegelijkertijd de voortgang van de maatschappelijke beweging en sociale innovaties voor de gezondheid bevorderen?
  • Hoe kan de relatie tussen de maatschappelijke beweging en gezondheid worden geoperationaliseerd en onderzocht, en welke inzichten levert dit op over de mate waarin de beweging een bijdrage levert aan de programmadoelen?

Alles is gezondheid

Alles is gezondheid... is het onderdeel van het Nationaal Programma Preventie, waarin partijen afspraken maken om gezamenlijk acties te ondernemen, die een beweging op gang brengen. Een beweging die leidt tot een gezonder en vitaler Nederland.

Meer informatie


]]>
news-2275 Wed, 21 Mar 2018 11:32:00 +0100 Praktisch programma helpt jongeren met een licht verstandelijke beperking https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/praktisch-programma-helpt-jongeren-met-een-licht-verstandelijke-beperking/ ‘Jij bent Okay’ lijkt een waardevolle toevoeging te zijn op het bestaande behandelaanbod voor jongeren met een licht verstandelijke beperking die ouders hebben met psychische en/of verslavingsproblematiek. Uit effectonderzoek bleken jongeren 3 maanden na het volgen van het programma minder gedragsproblemen te hebben dan jongeren die het programma niet volgden. Hulpverleners vinden ‘Jij bent Okay’ een praktisch programma, waarmee ze direct aan de slag kunnen. Zij vinden dat het goed aan sluit bij de behoeften en belevingswereld van jongeren en ouders.

Effectonderzoek

In het onderzoek kregen 31 jongeren en 26 ouders ‘Jij bent Okay’ aangeboden bovenop de gebruikelijke behandeling. Het resultaat is vergeleken met 24 jongeren en 17 ouders die alleen de gebruikelijke behandeling kregen. Jongeren bleken 3 maanden na het volgen van ‘Jij bent Okay’ minder gedragsproblemen te hebben dan jongeren die het programma niet volgden. Ouders hadden 3 maanden na het programma minder toegeeflijk opvoedgedrag in vergelijking met ouders die het programma niet hadden gevolgd; ze negeren hun kind minder en reageren meer adequaat. 

Vervolgonderzoek

Om verdere conclusies te kunnen trekken is vervolgonderzoek noodzakelijk. Het programma komt voor andere (LVB)organisaties beschikbaar, zodat vervolgonderzoek in de praktijk mogelijk gemaakt wordt.

Het programma ‘Jij bent Okay’

‘Jij bent Okay’ is een competentieprogramma voor jongeren met een licht verstandelijke beperking en gedragsproblemen en hun ouders met psychische en/of verslavingsproblemen (KOPP/KVO).
Het doel is om internaliserende en externaliserende problemen van jongeren te verminderen en competentiegevoelens bij jongeren en ouders te vergroten. Het programma bestaat uit een groepsinterventie voor jongeren en een begeleide online zelfhulpcursus voor ouders. ‘Jij bent Okay’ is in afstemming met jongeren en ouders ontwikkeld door een werkgroep van professionals van een orthopedagogisch behandelcentrum binnen Pluryn. Basis voor het programma zijn evidence based interventies voor normaalbegaafde jongeren en ouders.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet. Dit project is tot stand gekomen met financiering vanuit dit programma.

Meer informatie

]]>
news-2272 Tue, 20 Mar 2018 07:45:00 +0100 Referenten gezocht voor Sportblessurepreventie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/referenten-gezocht-voor-sportblessurepreventie/ Eind april sluit de subsidieoproep Sportblessurepreventie 2018. Voor de beoordeling van de subsidieaanvragen zijn we op zoek naar referenten. Bent u onderzoeker of bent u werkzaam in de praktijk van sport en bewegen en heeft u daarnaast onderzoekservaring op het gebied van sportblessurepreventie of aanpalende vakgebieden? Meld u dan nu aan als referent! Om de kwaliteit van onderzoek in Nederland te waarborgen werken we met referenten. Dit zijn experts in hun vakgebied, meestal onderzoekers verbonden aan kennisinstellingen, die een beoordeling geven aan subsidieaanvragen. Op deze manier dragen we met zijn allen de verantwoordelijkheid en wordt er kwalitatief goed onderzoek uitgevoerd in Nederland.

Wat wordt van u verwacht?

Een referent beoordeelt subsidieaanvragen met behulp van vastgestelde criteria voor kwaliteit en relevantie. Om referent te zijn in deze subsidieronde verwachten wij dat u in de periode van 7 tot 22 mei in de gelegenheid bent om in ieder geval 1 en maximaal 3 aanvragen te beoordelen. U heeft ongeveer 4 uur nodig om een aanvraag te beoordelen. Houdt u er rekening mee dat de aanvragen in het Engels zijn opgesteld. Voor het beoordeling van subsidieaanvragen ontvangt u geen vergoeding.

Voorwaarden

We zoeken referenten met kennis over sportblessurepreventie. U mag ook in de praktijk van sport en bewegen werkzaam zijn en eerder onderzoekservaring hebben opgedaan. De onderzoekservaring moet opgedaan zijn op het gebied van sportblessurepreventie of hieraan gelieerde vakgebieden. Denk bijvoorbeeld aan (sport)fysiotherapie, inspanningsfysiologie, bewegingswetenschappen, etc. De besluitvorming kan alleen objectief en transparant verlopen als belangenverstrengeling of schijn daarvan wordt voorkomen. We gaan ervan uit dat onze referenten in staat zijn een onafhankelijk oordeel te geven over de aanvraag die we voorleggen en dat de aanvragen strikt vertrouwelijk worden behandeld. Dit houdt in ieder geval in dat als u zich als referent beschikbaar stelt, niet zelf ook direct betrokken bent bij één van de aanvragen die wordt ingediend in de subsidieronde. Kijk voor verdere informatie over betrokkenheid op de pagina Integriteit en belangenverstrengeling (kopje Betrokkenheid).

Meer informatie

]]>
news-2263 Thu, 15 Mar 2018 16:45:50 +0100 ZonMw Parel voor afweerreactie tegen asbestkanker https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-parel-voor-afweerreactie-tegen-asbestkanker/ Op 15 maart 2018 kreeg longarts prof. dr. Joachim Aerts uit Rotterdam de ZonMw Parel voor zijn werk aan het ontwikkelen van immunotherapie tegen asbestkanker. Zijn team slaagde erin om bij patiënten een afweerreactie tegen de tumor op gang te brengen. Het is de eerste stap op weg naar een effectieve behandeling van deze nu nog fatale vorm van kanker.

Ons afweersysteem kan afwijkende cellen zoals kankercellen herkennen en uitschakelen. Maar veel tumoren zijn in staat om aan die afweer te ontsnappen. Dat geldt ook voor de kanker van de longvliezen (mesothelioom) die meestal wordt veroorzaakt door asbest. Om alsnog een afweerreactie tegen mesothelioom op gang te brengen, gebruikten de Rotterdamse onderzoekers gekweekte tumorcellen. Afwijkende eiwitten uit de fijngemaakte kankercellen zetten het afweersysteem op het spoor van de tumor.

Voor de behandeling haalt men eerst een groot aantal speciale 'verkennercellen' (antigeenpresenterende cellen) uit het bloed van de patiënt. Deze worden in het laboratorium in contact gebracht met de fijngemaakte tumorcellen en daarna weer ingespoten bij de patiënt. Door deze aanpak bleek in de meeste gevallen een afweerreactie tegen de asbestkanker op gang te komen. Het onderzoeksproject werd gefinancierd door ZonMw en KWF Kankerbestrijding.

De Rotterdammers hebben een nieuw bedrijf opgericht, Amphera, dat deze behandeling verder gaat ontwikkelen. Binnenkort gaat met subsidie van de Europese Unie een grote klinische studie van start in Frankrijk, België en Nederland. Hopelijk zal dat onderzoek aantonen dat de nieuwe behandeling beter werkt dan de gebruikelijke behandeling van mesothelioom, waarbij de meeste patiënten niet langer dan een jaar te leven hebben.

Meer informatie:

]]>
news-2262 Thu, 15 Mar 2018 16:43:36 +0100 Winnaars bekend match making award Nederlandse Vereniging voor Gen- & Celtherapie (NVGCT) https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/winnaars-bekend-match-making-award-nederlandse-vereniging-voor-gen-celtherapie-nvgct/ Op de voorjaarsvergadering van de NVGTC op 16 maart 2018 hebben Shweta Mahajan en Iris Dautzenberg samen de match making award gewonnen. Deze prijs is mogelijk gemaakt door ZonMw. Door te speeddaten konden PhD studenten en post-docs in korte tijd een match op onderzoeksgebied zoeken. Bij een goede match konden de deelnemers gezamenlijk een onderzoeksvoorstel schrijven over een mogelijke samenwerking. Het winnende speeddate koppel heeft 5000 euro gewonnen om samen op reis te gaan naar een internationaal gen/cel therapie congres naar keuze. Op de voorjaarsvergadering van 2019 krijgt het koppel spreektijd om de resultaten van het onderzoek te presenteren.

]]>
news-2254 Tue, 13 Mar 2018 18:39:38 +0100 Nieuw onderzoek naar werk en gezondheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuw-onderzoek-naar-werk-en-gezondheid/ Hoe bevorderen we de gezondheid van werknemers met een lage sociaaleconomische positie? En hoe zit dit precies in elkaar, wat is effectief, voor wie en waarom? Dat zijn de vragen waar onderzoekers een antwoord op zoeken in 20 nieuwe projecten over gezondheid en werk. De focus van de projecten is nieuwe interventies ontwikkelen om de gezondheid van werknemers te bevorderen, bestaande interventies aanpassen en onderzoek naar de effectiviteit van interventies. Onderzoekers werken hierin nauw samen met de arbeidsorganisaties om een actief gezondheidsbeleid en kennisverspreiding te stimuleren. Daarnaast worden er ook verdiepende data analyses gedaan waarbij naar nieuwe verbanden wordt gezocht tussen leefstijl, gezondheidsgedrag en de werksituatie.

Aanpakken

In samenspraak met de werknemers worden interventies (door)ontwikkeld om de gezondheid van werknemers te verbeteren en om het gebruik van de interventies te vergroten. Ook wil men met verschillende interventies gezonde eetgewoonten stimuleren op het werk en is er aandacht voor interventies speciaal voor werknemers met chronische ziekten.

Start en looptijd

Uiterlijk 1 juni 2018 gaan de projecten van start. De looptijd van de projecten varieert tussen de 18 en 48 maanden. In 2019 worden de eerste resultaten verwacht.

Werk(en) is gezond

Werk(en) is gezond is een van de 5 deelprogramma’s van het 5e Preventieprogramma, en levert kennis op die bijdraagt aan de doelstellingen van het Nationaal Programma Preventie (NPP). Het onderzoek richt zich op het stimuleren van gezondheid op de werkplek, met specifieke aandacht voor werkenden met een lage sociaaleconomische positie al dan niet met een chronische aandoening.

Meer informatie

]]>
news-2252 Tue, 13 Mar 2018 14:34:14 +0100 Gezocht! Praktijkvoorbeelden in het sociaal domein https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gezocht-praktijkvoorbeelden-in-het-sociaal-domein/ Tijdens de PraktijkVoorbeeldenParade in het najaar van 2018 laten gemeenten en hun maatschappelijke partners aan elkaar zien wat zij waarmaken van de transformatie in het sociaal domein. Om te inspireren en geïnspireerd te raken. Wat is er in uw gemeente geslaagd? Wat kan beter? Laat het zien! Indienen kan tot 15 april. Transformatie sociaal domein

Gemeenten werken samen met maatschappelijke organisaties en inwoners aan een samenleving waarin iedereen naar vermogen kan en mag meedoen. Dit transformatiedoel vraagt om lokale, innovatieve en integrale manieren van werken. Maar wat maken we eigenlijk al waar?  

PraktijkVoorbeeldenParade

De VNG organiseert in samenwerking met de Werkplaatsen Sociaal Domein en ZonMw voor de eerste keer de PraktijkVoorbeeldenParade Sociaal Domein.

  • Wat is er in uw gemeente geslaagd?
  • Waar bent u trots op?
  • Naar welke oplossingen bent u nog op zoek?
  • Wat kan er in uw gemeente nog beter?
  • Wat merken inwoners ervan?

Interactie staat centraal: onderzoek samen met andere gemeenten hoe zaken aangepakt worden en leer van de vele voorbeelden uit de praktijk.

Oproep voor sessies

Wilt u uw praktijkvoorbeeld een podium bieden en een sessie organiseren? Meld u dan aan via het inschrijfformulier. Dit kan tot 15 april 24.00 uur. Een speciale selectiecommissie maakt een keuze uit alle inschrijvingen. Het inschrijfformulier, de criteria en mogelijke thema's en werkvormen vindt u in de uitnodiging onder ‘Meer informatie’.

Data & locaties

De parade vindt plaats op:

  • maandag 24 september in de Van Nelle Fabriek in Rotterdam,
  • maandag 1 oktober 2018 in het Evoluon in Eindhoven en op
  • maandag 8 oktober in de Nieuwe Buitensociëteit in Zwolle.

Meer informatie


]]>
news-2251 Tue, 13 Mar 2018 12:06:37 +0100 Projectresultaat uit Take-off in het nieuws bij NOS https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/projectresultaat-uit-take-off-in-het-nieuws-bij-nos/ Prolira is één van de organisaties die in 2015 binnen het Take-Off fase 2 vroegefasetrajecten, subsidie heeft ontvangen. Samen met het UMC Utrecht heeft Prolira een scan ontwikkeld – De Deltascan - waarbij direct een delirium herkend kan worden. Deze scan is vorige week door het UMC Utrecht voor het eerst in gebruik genomen. Voorheen waren dure hersenscans of subjectieve vragenlijsten nodig om een delirium te herkennen, nu wordt met gebruik van deze scan binnen een minuut via hersenactiviteit en electroden gemeten of de patiënt aan een delirium lijdt.

Wat is een delirium?

Een delirium – of delier – is een plotselinge optredende verwardheid door een lichamelijke oorzaak, zoals een infectie. Deze verwardheid kan zich uiten in onrustig zijn, concentratieproblemen, slapeloosheid en frequente hallucinaties. Het is belangrijk dat een delirium (vroegtijdig) herkend wordt om het ongemak voor de patiënt te verkleinen. Daarnaast kan een vroegtijdige diagnose een lang ziekenhuisverblijf voorkomen. Wanneer een delirium niet gediagnostiseerd wordt kan het op de lange termijn dementie of zelfs kans op vroegtijdig overlijden tot gevolg hebben.

Rutger van Merkerk, CEO van Prolira, heeft tijdens de laatste editie van de ZonMw Publiek-private samenwerking dag: Innovatie door co-creatie een presentatie gegeven over deze Deltascan. Tijdens zijn presentatie heeft hij onder andere meer verteld over de verschillende financieringsmogelijkheden die hij heeft gebruikt, waaronder publiek-private samenwerkingen.

Meer informatie


]]>
news-2240 Fri, 09 Mar 2018 11:10:18 +0100 Bijeenkomst subsidie oproep Aan de slag met preventie in uw gemeente https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/bijeenkomst-subsidie-oproep-aan-de-slag-met-preventie-in-uw-gemeente/ De deadline voor het indienen van een subsidieaanvraag is 1 mei 2018, 14:00 uur. Om potentiele indieners uitleg te geven over de subsidieoproep en te inspireren met tips en tools voor gezondheidsbevordering in hun gemeente, organiseerde ZonMw op 5 maart jl. een bijeenkomst.  

De belangstelling was groot: de zaal in Seats2Meet Utrecht was tot de laatste plek bezet met deelnemers vanuit gemeenten, GGD’en, kennisinstellingen en lokale en regionale (zorg)partners.  Onderaan dit nieuwsbericht kunt u de presentaties vast downloaden. Binnenkort publiceren we een uitgebreid verslag over de bijeenkomst. 

Gebruik wat werkt!

Dat is 1 van de conclusies van deze dag. Wanneer u in uw gemeente wilt werken aan preventie en gezondheidsbevordering, dan hoeven u en uw zorgpartners het wiel niet (helemaal) zelf uit te vinden. Om uw beleid uit te voeren zijn al veel erkende interventies, gevalideerde tools en inspirerende praktijkvoorbeelden beschikbaar. Maak hier gebruik van! Ilse Storm van het RIVM leidde de deelnemers in haar presentatie langs een aantal handige bestaande middelen.

In een paneldiscussie kwamen vervolgens meerdere partijen aan het woord die relevante tips en ervaringen deelden met betrekking tot de voorwaarden van deze subsidieoproep. Tot slot gaf ZonMw in haar presentatie een toelichting op de inhoud van de subsidieoproep en de ZonMw procedures.

Meer informatie

De presentaties die gehouden zijn op deze dag kunt u hieronder downloaden.

]]>
news-2239 Fri, 09 Mar 2018 10:37:42 +0100 Tien projecten Create Health van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tien-projecten-create-health-van-start/ Voor de subsidieoproep ‘Kennisbasis e-health voor gezond en actief ouder worden’ hebben tien aanvragen definitieve honoreringen ontvangen. Deze subsidieoproep valt binnen het programma Create Health.  

Alle gehonoreerde projecten starten met het ontwikkelen van fundamentele kennis, de zogenaamde kennisbouwstenen. Deze liggen ten grondslag aan de ontwikkeling of verbetering van implementatie van e-health toepassingen. De e-health toepassingen zijn belangrijk en bedoeld om het dagelijks functioneren van de ouder wordende mens te ondersteunen. Zowel voor nu als in de nabije toekomst.

De projecten richten zich op verschillende soorten e-health toepassingen en zijn verspreid over de drie thema’s van Create Health:

  1. Thuiszorg en zelfmanagement; langer zelfstandig met dementie.
  2. Preventie overgewicht; voorkomen van overgewicht d.m.v. leefstijlbeïnvloeding.
  3. Preventie eenzaamheid; voorkomen van eenzaamheid bij kwetsbare ouderen.

De resultaten van de projecten zullen breed toepasbaar zijn op onder andere de creatieve industrie en op de gezondheidszorg en welzijn. Hieronder een overzicht van de projectleiders en titels van de tien gehonoreerde projecten:

  • Dr. P.M.E. van Gorp - Gamification for Overweight prevention and Active Lifestyle (GOAL)
  • Dr. L.M.A. Braakman-Jansen - Unobtrusive Sensing technologies to monitor and coach elderly with dementia: Track, Trace and Trigger!
  • Dr. T.J.L. van Rompay - Growing Roots: Connecting Elderly through Virtual Nature Spaces
  • Prof. dr. E. de Vet - How to design Persuasive E-health Agents for Coaching Older adults towards dietary behavior change (PACO)?
  • Drs. S.T.M. Peek - Dementia Dynamics in Design (DDD)
  • Dr. G. Kenning - Everyday Sounds of Dementia
  • Dr. A. van Grieken - Support QUality-care for Elderly using Ambient Living Environment Data (SQUEALED): an EHealth application to support care providers of independent living elderly persons.
  • Dr. J. van ‘t Veer - A theoretical framework for the design of persuasive technology to support communication and needs-articulation of people with dementia.
  • Dr. V.T. Visch - Healthy Storytelling for eHealth: Storytelling as a persuasive eHealth element to motivate people with low literacy skills for obesity prevention.
  • Dr. N.A. Romero Herrera - Mixed methods for monitoring food intake: Towards a new generation of ehealth prevention apps.

De publiekssamenvattingen van de tien projecten komen binnenkort op de programmapagina van Create Health te staan. Hier kunt u ook meer informatie over het programma zelf lezen.

]]>
news-2237 Thu, 08 Mar 2018 13:21:26 +0100 Ervaringsdeskundigen van partnergeweld werken met Radboudumc aan app https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/ervaringsdeskundigen-van-partnergeweld-werken-met-radboudumc-aan-app/ Eén op de 3 vrouwen in Nederland is ooit slachtoffer van een vorm van partnergeweld. Deze vrouwelijke slachtoffers hebben een hoger risico op depressie, angststoornissen en andere psychische en (onverklaarde) lichamelijke klachten. Samen met ervaringsdeskundigen werkt Sabine Oertelt-Prigione momenteel aan een online interventie, de app SAFE, die ervoor moet zorgen de drempel om hulp te zoeken te verlagen.

Er zijn verschillende vormen van partnergeweld: fysiek, psychisch, seksueel en economisch. Dit is een wereldwijd maatschappelijk- en gezondheidsprobleem. Het Radboudumc heeft een afdeling Eerstelijnsgeneeskunde Gender&Women’s Health, waar Oertelt werkzaam is. Het doel van SAFE is onder andere om symptomen van angst en depressie te verminderen en de ervaren steun en daadkracht te vergroten. 

Hulp vragen

‘Voor vrouwen die slachtoffer zijn van partnergeweld is het vaak erg moeilijk hierover te praten. Omdat ze bang zijn voor de consequenties als hun (ex-)partner erachter komt, of omdat ze denken dat hun situatie niet ernstig genoeg is. De stap om naar een instantie of huisarts te gaan is daardoor groot. eHealth kan voor hen een laagdrempelige hulpvorm bieden,’ vertelt Oertelt. 

Daarvoor ontwikkelt zij nu samen met projectleider Karin van Rosmalen en promoventda Nicole van Gelder de app SAFE: een zelfhulpinterventie ter ondersteuning voor vrouwen die te maken hebben (gehad) met partnergeweld.
‘Wanneer vrouwen geen directe hulp durven zoeken, kunnen ze via Google of informatiewebsites alsnog bij SAFE terechtkomen. Ook via flyers en posters in wachtkamers van bijvoorbeeld de huisarts kunnen vrouwen van SAFE op de hoogte raken.’

Onderzoekstraject

Om ervoor te zorgen dat de app patiëntgericht is en aansluit bij de behoeften van de slachtoffers, werken onderzoekers, experts en ervaringsdeskundigen samen. Het project opgedeeld in 3 delen.

  1. De ontwikkeling van SAFE met input van interviews en focusgroepen
  2. Een randomized controlled trial met SAFE
  3. Procesevaluatie van SAFE
]]>
news-2234 Wed, 07 Mar 2018 11:01:48 +0100 6 projecten gehonoreerd voor preventie of reductie van antibioticaresistentie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/6-projecten-gehonoreerd-voor-preventie-of-reductie-van-antibioticaresistentie/ Dit voorjaar starten 6 onderzoeken die bijdragen aan de preventie of reductie van antibioticaresistentie. Op 5 september 2017 ontving ZonMw 27 uitgewerkte aanvragen voor de subsidieoproep van Antibiotica Resistentie. Van deze aanvragen hebben 6 projecten honorering ontvangen. Onderzoeksgebieden

De startende projecten hebben een focus op de volgende onderzoeksgebieden:

  • mechanismen voor het verkrijgen en/of overdragen van antibioticaresistentie. Daarbij worden verschillende omgevingen, bijvoorbeeld patiënten, ziekenhuizen, boerderijen en het milieu betrokken
  • ontwikkeling en gebruik van adequate diagnostische middelen
  • optimalisering van dosering en verantwoord gebruik van antibiotica

De looptijd van de projecten varieert tussen de 28 en 48 maanden. De 1e resultaten worden in 2020 verwacht.

Gehonoreerde projecten:

  • Prescription of Antibiotics in pRimary CAre; a focus on immigrant communities in Rotterdam (PARCA)
    Het Erasmus MC en de GGD Rotterdam-Rijnmond gaan samen met Pharos onderzoek doen in lage SES (sociaal economische status) wijken in Rotterdam. Het promotieproject heeft als doel het terugbrengen van het onjuist voorschrijven van antibiotica door huisartsen in Rotterdam, met een focus op patiënten met een migrantenachtergrond.
  • CIAOCIAO! Comparative Impact Assessment of Options to Curtail Inessential Antimicrobials On-farm
    Volksgezondheidsrisico's van antimicrobieel gebruik bij vee komen door resistente bacteriën die via dieren of voedsel bij de mens of zijn omgeving terechtkomen. Dit project bepaald de impact van bio-veiligheid, vaccinatie en veehouderijen op antimicrobieel gebruik-reductie in drie grote diergroepen in Nederland. Het project geeft inzicht in de impact en haalbaarheid van de huidige opties en zal richtinggevend zijn voor het te ontwikkelen beleid om antimicrobieel gebruik op het bedrijf te verminderen en zo AMR te verminderen.
  • MRSA-PREVENT: Control of MRSA in the pig nasal microbiome to prevent transmission to humans
    Varkensbedrijven fungeren als een reservoir van vee-geassocieerde methicilline-resistente Staphylococcus aureus (LA-MRSA). Door blootstelling aan dieren en stof lopen landarbeiders het risico om LA-MRSA te krijgen. In dit project werkt een interdisciplinaire groep samen met een industriële partner en varkenshouders om bacteriesoorten te identificeren die concurreren met LA-MRSA voor de productie van een microflora die kan worden toegediend aan varkens voor modulatie van de nasale microbiome. De uitkomst van dit project zal een nieuwe interventieprocedure zijn gebaseerd op het beschermen van de biggen voor colonisatie met LA-MRSA door concurrerende uitsluiting.
  • BEWARE : Blueprint for Early Warning of Antimicrobial Resistance Emergence in animals
    Het doel van BEWARE is om een blauwdruk te ontwikkelen voor het detecteren van opkomende AMR bij vee wanneer het aantal getroffen landbouwbedrijven nog steeds laag is. Deze blauwdruk voor vroege waarschuwingen is uniek omdat deze rekening houdt met de meest waarschijnlijke routes voor introductie, de overdracht van AMR tussen dieren en tussen bedrijven en de diagnostische kwaliteit van de gebruikte test. Hoewel de blauwdruk van toepassing zal zijn op alle AMR's en diersectoren, zal BEWARE zich richten op carbapenemase producerende Enterobacteriaceae (CPE) in vleeskalveren, varkens en slachtkuikens
  • VET-ENHANCE Veterinary guidelines to support antimicrobial stewardship: enhancing implementation through behavioural interventions
    Dit project identificeert kritische factoren en belemmeringen voor de goedkeuring en implementatie van veterinaire richtlijnen en ontwikkelt vervolgens een implementatiestrategie die zal worden getest in een interventiestudie. Hiermee beoogt het project de goedkeuring en naleving van AMU-richtlijnen door dierenartsen en boeren te bevorderen.
  • Protecting Pyrazinamide (PZA) and fluoroquinolones (FLQ) for successful multi drug resistant tuberculosis (MDR-TB) treatment
    Tuberculose is een van de meest dodelijke infectieziekte ter wereld en Europa is het centrum van een groeiende epidemie van MDR-tbc. Het gebruik van antibiotica selecteert resistentie. Om de selectie van geneesmiddelresistentie te begrijpen en te voorkomen of op zijn minst te vertragen, is het noodzakelijk om te begrijpen hoe weerstandsmechanismen worden geselecteerd.

Gezondheidsbescherming

Dit programma maakt samen met de programma’s Infectieziektebestrijding, Non-alimentaire Zoönosen en Lyme deel uit van het cluster Gezondheidsbescherming bij ZonMw.

Meer informatie

]]>
news-2231 Tue, 06 Mar 2018 19:44:27 +0100 Positieve psychologie biedt een nieuwe invalshoek voor zelfmanagement https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/positieve-psychologie-biedt-een-nieuwe-invalshoek-voor-zelfmanagement/ In de brochure 'Mens bovenal' wordt op toegankelijke wijze de waarde van de positieve psychologie voor zelfmanagement bij chronische lichamelijke aandoeningen beschreven. De brochure is gebaseerd op de kennissynthese die de Universiteit Twente schreef in opdracht van ZonMw. Kennissynthese

Uit onderzoek naar zelfmanagement door mensen met chronische lichamelijke aandoeningen blijkt dat met name de fysieke aspecten ervan aandacht krijgen. Maar deze mensen hebben vaak ook te kampen met mentale en sociale aspecten van het leven met zo’n aandoening. ZonMw gaf de Universiteit Twente de opdracht  om een kennissynthese uit te voeren naar de toegevoegde waarde die de positieve psychologie kan bieden bij zelfmanagement.

Positieve psychologie

Positieve psychologie is een relatief nieuwe denkrichting in de psychologie, die op zoek gaat naar de condities waaronder mensen, privé of op het werk, tot bloei kunnen komen, talenten kunnen benutten en nieuwe bronnen van kracht en veerkracht kunnen aanboren. Deze sluit goed aan bij de bredere kijk op gezondheid, die ZonMw omarmt. Interventies die gebaseerd zijn op de positieve psychologie (PPI’s) kunnen van meerwaarde zijn voor zelfmanagement bij mensen met chronische lichamelijke aandoeningen, blijkt uit de kennissynthese. Ze kunnen bijdragen aan het vinden van een betere balans tussen ‘kwetsbaarheid’ en ‘kracht’.  De wetenschappelijke onderbouwing en de verdere vertaling van de beschikbare kennis naar handelingsperspectieven voor zorgprofessionals en patiënten vraagt om verdere uitwerking en draagvlak.

Verder in gesprek

De komende periode gaan de onderzoekers van de Universiteit Twente en ZonMw in gesprek over de inhoud van de brochure met Iederin en Patiëntenfederatie Nederland en het werkveld van onderzoekers en zorgprofessionals. Ook tijdens het congres ‘Positieve psychologie’ op 9 maart 2018 kan in de workshop ‘Vitaal en gezond met een chronische aandoening’ van Christina Bode, een van de auteurs van de kennissynthese, van gedachten gewisseld worden.

Meer informatie

]]>
news-2228 Tue, 06 Mar 2018 09:05:33 +0100 ZonMw en het Diabetes Fonds willen samen diabetes type 2 stoppen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-en-het-diabetes-fonds-willen-samen-diabetes-type-2-stoppen/ ZonMw en het Diabetes Fonds hebben een gezamenlijk programma opgesteld wat moet bijdragen aan oplossingen om diabetes type 2 te stoppen. Maandag 5 maart hebben Henk Smid, directeur van ZonMw, en Hanneke Dessing, directeur van het Diabetes Fonds, de samenwerking ondertekend. Hanneke Dessing: ‘Ik ben trots op deze samenwerking van twee organisaties die zich intensief inzetten om met onderzoek voortgang te boeken in de behandeling en genezing van diabetes. Met dit geld kunnen we echte stappen maken richting oplossingen voor diabetes type 2.’

Henk Smid: ‘Het Diabetes Fonds en ZonMw geven met hun samenwerking een belangrijk signaal aan het veld af, namelijk dat zij samen het grensverleggend onderzoek naar diabetes type 2 een impuls willen geven.’

Diabetes II Doorbraakprogramma

Ruim 1,1 miljoen Nederlanders hebben diabetes type 2 en dit zal de komende jaren alleen maar toenemen. De gevolgen van deze aandoening zijn groot, mede door het risico op ingrijpende complicaties.

Onderzoek heeft al veel kennis opgeleverd over de achterliggende mechanismen, maar er is nog geen oplossing om diabetes type 2 te stoppen. ZonMw en het Diabetes Fonds hebben daarom samen een programma uitgezet om onderzoek te financieren. Daarmee kan een volgende stap gezet worden om diabetes type 2 terug te dringen.

Het Diabetes II Doorbraakprogramma biedt onderzoekers de mogelijkheid om nieuwe ideeën voor oplossingen voor diabetes type 2 in korte tijd te bewijzen. Om ze daarna uitgebreid te kunnen onderzoeken. Centraal staat hierbij: wat gaat hét verschil maken bij het voorkomen en stoppen van diabetes type 2?

Meer informatie


]]>
news-2211 Wed, 28 Feb 2018 00:00:00 +0100 NWO voert inbeddingsgarantie in voor Veni- en Vidi-financiering https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nwo-voert-inbeddingsgarantie-in-voor-veni-en-vidi-financiering/ Met ingang van de komende aanvraagrondes voor Veni- en Vidi-financiering vraagt NWO kandidaten om een zogeheten 'inbeddingsgarantie'. Dat wil zeggen dat onderzoekers alleen nog met steun van hun beoogde onderzoeksinstelling aanvragen voor Veni en Vidi kunnen indienen. Deze maatregel vloeit voort uit de eerder door NWO aangekondigde maatregelen om de aanvraagdruk te verminderen en de afspraken die NWO daarover maakte met de VSNU. De verwachting is dat dit zal leiden tot minder aanvragen en een betere aansluiting bij het personeelsbeleid van de onderzoeksinstellingen. De Veni en Vidi maken deel uit van de Vernieuwingsimpuls van NWO: persoonsgebonden financiering aan talentvolle onderzoekers.

Meer informatie

]]>
news-2212 Wed, 28 Feb 2018 00:00:00 +0100 Vooraanmelding in komende Veni-ronde sociale en geesteswetenschappen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/vooraanmelding-in-komende-veni-ronde-sociale-en-geesteswetenschappen/ Het NWO-domein Sociale en Geesteswetenschappen (SGW) zal in de komende Veni-ronde bij wijze van proef een vooraanmeldingsfase inlassen. Het doel van deze maatregel is om aanvragers tijd, en dus ook geld, te besparen en de kwaliteit van de beoordeling verder te verhogen. Alle kandidaten voor de komende Veni-ronde binnen de sociale en geesteswetenschappen dienen uiterlijk 28 augustus 2018 een vooraanmelding in te sturen. Die vooraanmelding bestaat uit een CV en een beknopt onderzoeksidee. Daarnaast overleggen de kandidaten een bewijs van steun van de beoogde onderzoeksinstelling (‘inbeddingsgarantie’).

Meer informatie

]]>
news-2213 Wed, 28 Feb 2018 00:00:00 +0100 28 februari: Zeldzame Ziektendag of International Rare Disease Day https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/28-februari-zeldzame-ziektendag-of-international-rare-disease-day/ Zeldzame ziekten hebben grote impact op diverse aspecten van het leven, zowel op fysiek als ook op psychisch en maatschappelijk vlak. Er zijn naar schatting meer dan 1 miljoen mensen in Nederland die zelf lijden aan of via een gezinslid betrokken zijn bij zeldzame ziekten. Door kleine en verspreide patiëntpopulaties is internationale samenwerking bij onderzoek naar zeldzame ziekten van essentieel belang zodat vroegtijdige diagnose en geschikte zorg en therapieën ontwikkeld kunnen worden.
Jaarlijks op de laatste dag van februari wordt er aandacht gevraagd voor zeldzame ziektes en de gevolgen daarvan voor patiënten.

Meer informatie

]]>
news-2209 Tue, 27 Feb 2018 11:35:55 +0100 Opbrengst van Sportimpuls 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/opbrengst-van-sportimpuls-2018/ De Sportimpulsronde 2018 levert 223 aanvragen op. Tot 22 februari 2018 konden sport- en beweegaanbieders een subsidieaanvraag indienen voor de drie regelingen: Sportimpuls, Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten en Sportimpuls Kinderen sportief op gewicht. De verdeling hiervan is 88 aanvragen voor Sportimpuls, 93 aanvragen voor Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten en 42 aanvragen voor Sportimpuls Kinderen sportief op gewicht.
Opvallend is dat het aantal reguliere Sportimpuls aanvragen ten opzichte van 2017 nagenoeg gelijk is gebleven. ‘Dit is opmerkelijk omdat de regeling deze ronde alleen was opengesteld voor de kwetsbare doelgroepen mensen met een beperking, chronisch zieken en ouderen’, zegt programmasecretaris Annemieke Bekkers.

Hoe verder?

De subsidieaanvragen worden in de komende periode beoordeeld. Eerst worden ze gecontroleerd op ontvankelijkheid. Hierbij wordt alleen gekeken of de aanvraag compleet en volgens de regels is ingediend. Vervolgens gaat een groep onafhankelijke referenten de aanvragen beoordelen op relevantie en kwaliteit. Alleen de allerbeste aanvragen kunnen gehonoreerd worden passend binnen het beschikbare budget. Begin juli krijgen de aanvragers bericht of hun aanvraag is gehonoreerd en op 1 september starten de projecten.

Sport en Bewegen in de Buurt

De Sportimpuls maakt deel uit van het VWS-programma Sport en Bewegen in de Buurt en biedt lokale sport- en beweegaanbieders de kans om mensen aan het sporten en bewegen te krijgen en te houden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van succesvol sport- en beweegaanbod (interventies) van de Menukaart Sportimpuls. Het is van belang dat het sportaanbod aansluit bij de vraag van de doelgroep, aanvullend is op de bestaande situatie in de buurt en dat wordt samengewerkt met lokale organisaties.

Meer weten over Sportimpuls?

Wilt u op de hoogte blijven van ontwikkelingen binnen de Sportimpuls? Meld u aan voor de nieuwsbrief van Sport en Bewegen in de Buurt


]]>
news-2207 Tue, 27 Feb 2018 08:41:17 +0100 Wet inzake bloedvoorziening doelmatig en effectief https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wet-inzake-bloedvoorziening-doelmatig-en-effectief/ De Wet inzake bloedvoorziening (Wibv) is voor de derde keer geëvalueerd. Deze wet heeft als doel de kwaliteit, de veiligheid en de beschikbaarheid van bloed en bloedproducten in Nederland te regelen en geeft daartoe systeem- en organisatieregels. De wetsevaluatie is uitgevoerd door Pro Facto en de sectie Gezondheidsrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit in opdracht van ZonMw.

Doelmatig en effectief

Uit de evaluatie blijkt dat de wet doelmatig en effectief is. Er zijn een aantal specifieke thema’s onderzocht waar sinds het laatste evaluatieonderzoek (in 2008) in de uitvoeringspraktijk vragen over waren gerezen. Zo is de relatie tussen de Wibv en diverse aanpalende wetten waaronder de Geneesmiddelenwet en algemene zorgkwaliteitswetgeving in deze evaluatie geanalyseerd.

Aanbevelingen

Vragen over de reikwijdte van de Wibv zijn juridisch en empirisch onderzocht. Het onderzoek heeft enkele onwenselijke neveneffecten en kritische punten aan het licht gebracht waar acht aanbevelingen over zijn gedaan.

Over de Wibv

De Wet inzake bloedvoorziening (Wibv) is een uitwerking van de Europese Bloedrichtlijn en de daarop gebaseerde aanvullende regelingen. De Wibv is een organisatiewet die de uitgangspunten voor en de structuur van de bloedvoorziening in Nederland regelt tot en met de aflevering van het bloedproduct aan de afnemer, doorgaans een ziekenhuis.

Meer informatie


]]>
news-2205 Fri, 23 Feb 2018 16:10:22 +0100 Drie projecten gehonoreerd uit de IMDI subsidieoproep 2017 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/drie-projecten-gehonoreerd-uit-de-imdi-subsidieoproep-2017/ Op 3 oktober ontving ZonMw acht aanvragen voor de IMDI subsidieoproep 2017: Technology for a sustainable healthcare. Het is een subsidieoproep die specifiek op de bestaande IMDI Centres of Reasearch Excellence (CoREs) is toegepast en erop gericht is om innovaties verder te ontwikkelen. Van de acht aanvragen hebben drie projecten honorering ontvangen. Het eerste project gaat over een E-manager voor chronische ziekten (CCTR). Deze E-manager helpt patiënten en zorgproffesionals om tijdens het consult de lasten van de ziekten te visualiseren en te meten, en om persoonlijke doelen op te stellen die volledig bij de behoeften van de patiënt aansluiten. Daarnaast motiveert en helpt het patiënten in hun dagelijks leven om deze doelen na te streven door op maat gemaakte e-coaching aan te bieden die overeen komt met de gedragstoestand, karakter en mogelijkheden van de patiënten.

Het tweede project is ‘Sensing in Surgery’ (NIMIT). Er worden drie nieuwe operatie instrumenten ontwikkeld, welke de chirurg zullen helpen om het zachte weefsel accurater te ontleden. Daarnaast zal onnodige weefselschade, tumor verspreiding en pijn afnemen. Het Sensing in Surgery programma is erop gericht om de krachten te bundelen door bestaande zacht weefsel detectie technologie in de klinieken te brengen en om chirurgen extra detectie mogelijkheden te bieden zodat weefsel schade, incomplete tumor verwijdering en pijn voor een groot deel verminderd kan worden.

Het derde en laatste project heet B3CARE (CMI-NEN). Het project richt zich op de vooruitgang in het technology readiness level (TRL) van geïntegreerde B3 screening met tenminste twee niveaus. De B3 bestaat uit long kanker, chronische obstructieve longziekten (COPD) en hart- en vaatziekten (CVD). Het is de verwachting dat deze drie ziekten voor de meeste doden zullen zorgen tegen 2050. Vroege opsporing en preventie zijn cruciaal om de lasten van deze ziekten terug te dringen. Daarom ontwikkelt B3CARE een grote, hoogwaardige biobank met beeldvormingsdata om daarmee biomarkerreferentiewaarden te verschaffen en B3 biomarkers te valideren. Dit zal zorgen voor een onschatbare hulpbron voor de versnelde ontwikkeling en implementatie van B3 beeld biomarkers en computergestuurde beslissingsondersteuning.  

]]>
news-2199 Thu, 22 Feb 2018 15:08:23 +0100 Begeleiding van kinderen bij scheiding helpt https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/begeleiding-van-kinderen-bij-scheiding-helpt/ Kinderen die een (echt)scheiding meemaken, hebben daar vaak last van. In 2015-2017 heeft een evaluatie plaatsgevonden van Dappere Dino’s. Hieruit blijkt dat dit groepsprogramma succesvol preventieve steun biedt aan 6- tot 8-jarige scheidingskinderen. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de ‘Alles is gezondheid’-pledge van Jeugdformaat en TNO. Dappere Dino’s

De training is bedoeld om kinderen beter om te laten gaan met de veranderingen tijdens en na de scheiding. Onderzoekers van TNO volgden in samenwerking met praktijkpartners 108 kinderen die deelnamen aan het programma. Waar kinderen voorafgaand aan de training ongeveer een 6,5 kregen als cijfer voor hun welzijn, is dit na de training gestegen tot 7,5. Ook bleken er na deelname minder emotionele problemen en gedragsproblemen te zijn. Leeftijdsgenoten die de training niet volgden, lieten geen veranderingen zien. 

Veilige omgeving

Kinderen zien de groep als een veilige plaats om hun gevoelens te bespreken. Daarbij waren ouders heel enthousiast over Dappere Dino’s als training voor hun kind. Ze waardeerden de veilige omgeving waar kinderen contact hebben met lotgenoten en het op speelse manier oefenen met vaardigheden.

Parel

TNO ontving voor een pilotonderzoek naar Dappere Dino’s van ZonMw in 2013 een Parel onderscheiding. Inmiddels is Dappere Dino’s erkend als theoretisch goed onderbouwd door de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut.

Het Nationaal Programma Preventie (NPP)

Vanuit het vijfde programma preventie (PP5) dragen wij bij aan kennisontwikkeling voor het onderdeel ‘Alles is gezondheid….’ van het Nationaal Programma Preventie (NPP). Alles is gezondheid is het onderdeel van het NPP waarin partijen afspraken maken om gezamenlijk acties te ondernemen. De afspraken, ook wel pledges, zijn bedoeld om een beweging op gang te brengen die leidt tot een gezonder en vitaler Nederland. In totaal heeft ZonMw bij 9 pledges onderzoeken uitgezet. Meer over de pledges en de betrokkenheid van ZonMw bij Alles is gezondheid.

Meer informatie

•    Over het onderzoek naar de pledge Dappere Dino’s: Project Dappere Dino's, Factsheet Dappere Dino’s
•    Meer over Dappere Dino’s op de website van TNO
•    Pledge Jeugdformaat en TNO via Alles is gezondheid
•    Over het thema (Vecht) scheiding
•    Wegwijzer preventief aanbod kind en scheiding

]]>
news-2196 Wed, 21 Feb 2018 16:09:48 +0100 Onderzoek naar onzekerheden nieuwe techniek borstkankerscreening https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-onzekerheden-nieuwe-techniek-borstkankerscreening/ Tomosynthese is een innovatie in het opsporen van borstkanker. De techniek maakt het mogelijk om via 3D opnames te maken van de borst in verschillende posities. Voordat het besluit tot invoering van tomosynthese kan worden genomen, moet er voldoende bewijs zijn dat deze techniek een meerwaarde heeft voor de bestaande screening. Twee onderzoeken brengen de onzekerheden rondom de techniek in kaart.

Onzekerheden rond tomosynthese

Binnenkort start een onderzoek waarin met gebruik van Value of Information (VOI) analyse alle onzekerheden over de tomosynthese in kaart worden gebracht en gekwantificeerd. Op basis van de resultaten kunnen beleidsmakers beslissen welke onzekerheden acceptabel zijn. Of welke onzekerheden verminderd moeten worden, bijvoorbeeld door het uitvoeren van aanvullend onderzoek, voordat een uiteindelijke beslissing over de invoering genomen kan worden.
Het tweede onderzoek evalueert de waarde van de inzet van een Value of Information analyse binnen de besluitvorming rondom innovatie van bestaande bevolkingsonderzoeken.

ZonMw en preventie borstkanker

ZonMw financiert onderzoek naar het optimaliseren van de preventie van borstkanker via het deelprogramma Vroege Opsporing van het Preventieprogramma. Veelal gaat het om onderzoek dat op termijn nieuwe toepassingsmogelijkheden biedt. Dankzij het bevolkingsonderzoek borstkanker sterven ongeveer 800 vrouwen per jaar minder aan borstkanker. Het huidige bevolkingsonderzoek bestaat ruim 25 jaar en heeft zich bewezen als een effectief programmatisch bevolkingsonderzoek.

Meer informatie

]]>
news-2195 Wed, 21 Feb 2018 15:51:43 +0100 Praat mee over een nieuwe preventiekoers https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/praat-mee-over-een-nieuwe-preventiekoers/ Hoe gezond zijn we in 2040? Met welke nieuwe factoren moeten we rekening houden? En wat kunnen wij daar aan doen, wat zijn thema’s die volgens u de hoogste prioriteit moeten krijgen in de komende jaren preventie? Heeft u uitdagingen waar u alleen niet uitkomt en die op te lossen zijn met kennis? U bent van harte welkom om mee te praten in de ZonMw-RIVM sessie Langer gezond leven: werk mee aan een nieuwe preventiekoers. Zien we elkaar 10 april op hét congres voor de volksgezondheid (NCVGZ)? Langer gezond leven op het NCVGZ

Naast de sessie over de nieuwe preventiekoers biedt ‘Langer gezond leven’ meer:

  • Winst met een gezonde start
  • Een gezonde leefstijl: hoe houd je het vol?
  • BeterOud
  • Werk mee aan een nieuwe preventiekoers
  • Beleef het zelf!

Winst met een gezonde start

Gezond zwanger worden en gezond zwanger zijn, levert gezondheidswinst en maatschappelijke winst op. Ook voor gemeenten! Aandacht voor preventie al voor de geboorte kan de gezondheid van de jeugd en toekomstige volwassenen bevorderen en hun vraag naar zorg verminderen. Om dit doel te bereiken is samenwerking nodig tussen gemeentelijke professionals en professionals uit de geboortezorg. In deze sessie krijgt u zicht op de winst voor gemeenten als zij zich actief richten op (kwetsbare) zwangeren. En we bieden u  handvatten om de samenwerking tussen gemeenten en professionals uit  de geboortezorg te vergemakkelijken.

Een gezonde leefstijl: hoe houd je het vol?

Kunnen we onszelf en elkaar stimuleren om gezond gedrag vol te houden? Hoe dan? Wat komt daar bij kijken en wat is er al ontwikkeld dat we hiervoor kunnen inzetten? Nudge-adviseurs, tools om gezond gedrag vol te houden en onderzoek naar inzet van beloning komen aan bod. U gaat naar huis met nieuwe ideeën hoe u volwassenen inspireert en motiveert om gezond gedrag vol te houden.

BeterOud?

'Zelf actief blijven, bij blijven, zin geven aan je leven. Volgens mij is dat het belangrijkste bij goed oud worden, ' zegt Gonny de Vries (80). Tientallen ouderen hebben zich de afgelopen jaren gebogen over de wat ouderen zelf belangrijk vinden als het gaat over wonen, zorg en welzijn.  Deze vragen zijn verwerkt in een instrument:  een waardevolle, onmisbare inspiratiebron en praktisch handvat voor iedereen die zich bezighoudt met preventie bij ouderen. Op 10 april geven ouderen van BeterOud een toelichting op dit instrument en waardevolle projecten. Speciale aandacht wordt gegeven aan het voorbeeldproject ‘Is alles besproken voor Nu Zo en Later?’ dat gericht is op oudere migranten.

Werk mee aan een nieuwe preventiekoers 

Hoe gezond zijn we in 2040? Met welke nieuwe factoren moeten we rekening houden? En wat kunnen wij daar aan doen, wat zijn thema’s die volgens u de hoogste prioriteit moeten krijgen in de komende jaren preventie? Heeft u uitdagingen waar u alleen niet uitkomt en die op te lossen zijn met kennis? U bent van harte welkom om mee te praten in de ZonMw-RIVM sessie Langer gezond leven: werk mee aan een nieuwe preventiekoers. Zien we elkaar 10 april op hét congres voor de volksgezondheid (NCVGZ)?

Beleef het zelf

Preventie is hot. Een preventie-akkoord is in de maak, zorgverzekeraars zien steeds meer de winst van preventie, en preventie op maat is in aantocht. Maar wat levert preventie daadwerkelijk op? Winnen we met preventie de strijd tegen overgewicht? Hoe kan ik resultaten van preventieonderzoek inzetten in mijn dagelijkse werk? In deze sessie beleeft u de uitkomsten van  een aantal onderzoeken op een manier die u niet snel vergeet. U gaat naar huis met een “goodie bag” vol inspiratie.

Meer informatie

]]>
news-2193 Wed, 21 Feb 2018 10:57:17 +0100 Kennis delen en risicoprofilering: projectleiders Vroege opsporing bijeen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kennis-delen-en-risicoprofilering-projectleiders-vroege-opsporing-bijeen/ Leren van elkaar, hulp bieden en ervaringen uitwisselen stonden centraal tijdens de projectleidersbijeenkomst Vroege opsporing (16 feb). In de ochtend ging het over gebruik van data in de verschillende onderzoeken en hoe implementatie planmatig te organiseren is. Jozé Braspenning (voorzitter van de commissie Vroege Opsporing) begeleidde de dag. ’s Middags discussieerde een grotere groep deelnemers over risicoprofilering. Arjan Lock, medisch adviseur bij het RIVM-CvB hield een presentatie over de vraag: hoe houdt het Centrum voor Bevolkingsonderzoek (CvB) de bevolkingsonderzoeken up-to-date? Vervolgens gaven 7 onderzoekers met projecten op het gebied van risicoprofilering, Nynke de Jong (RIVM-CvB) en Leo van Rossum (Gezondheidsraad) een pitch over risicoprofilering.

Risicoprofilering in het bevolkingsonderzoek

In de huidige bevolkingsonderzoeken is risicoprofilering op leeftijd ingevoerd en sinds kort is bij het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker screening op aanwezigheid van het HPV-virus bijgekomen. Maar hoever kunnen we gaan met het invoeren van risicoprofilering in het bevolkingsonderzoek? Hoe zou de ideale screeningswereld er over 10 jaar uit moeten zien? Misschien ontvangen mensen dan wel een persoonlijk budget om zelf keuzes te maken wat men aan preventie en screening wil doen. Risico hierbij is wel dat de hoge opkomst verloren gaat en screening duurder wordt. Confectie is goedkoper dan maatwerk.

Wat zijn de aandachtspunten van risicoprofilering?

Tijdens de discussie viel een aantal risico’s op. We lichten een aantal discussiepunten uit: 

  • Risicoprofilering valt of staat met hoe goed je kunt voorspellen, er moet wel een duidelijk onderscheidend effect zijn tussen verschillende groepen.
  • De situatie nu (iedereen ontvangt dezelfde screening) lijkt eerlijk, maar mensen met een lager risico hebben een grotere kans op nadelen van screening dan op de voordelen ervan. Het is pas eerlijk als de uitkomsten gelijk worden gesteld. Dit houdt in dat het gevolg van risicoprofilering zowel intensiveren voor sommige mensen, als minder intensiveren voor andere mensen moet zijn. Aan de andere kant kan het aanbieden van minder screening leiden tot problemen met het draagvlak.
  • Indien er minder gescreend wordt, moet er een goed landelijk netwerk zijn en is een innovatieve methode nodig om een risico-assessment te maken en te monitoren.
  • Bij risicoprofilering is er altijd een afkapwaarde. Hoe vertel je aan mensen welk risicoprofiel zij hebben en dat zij wel/niet in aanmerking komen voor screening, zelfs als hun waarde net buiten de afkapwaarde valt?
  • Wanneer we meer naar maatwerk screening toegaan, is de kans groter dat laaggeletterden niet meer komen. Bij borstkankeronderzoek bereik je die vrouwen juist doordat bijvoorbeeld ook de buurvrouw gaat.

Presentaties

Stand van zaken Vroege Opsporing
Implementatie; modellen en strategieën
Implementatie bij het project Kennisdisseminatie en landelijke introductie web-based getailorde HPV-voorlichting
Pitch Risicoprofilering RIVM-CvB
Pitch Risicoprofilering Gezondheidsraad
De presentatie van Arjan Lock over Professionalisering CvB komt niet online

Meer informatie

]]>
news-2190 Tue, 20 Feb 2018 22:00:18 +0100 Start onderzoek preventie van infectieziekten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/start-onderzoek-preventie-van-infectieziekten/ Nieuw onderzoek draagt bij aan de vermindering van het aantal zieke mensen door infectieziekten. Dit voorjaar starten 9 onderzoeken naar onder andere kinkhoestvaccinatie, seksueel risicogedrag en een app om urineweginfecties te voorkomen. Deze onderzoeksprojecten zijn gehonoreerd bij de laatste subsidieronde van het programma Infectieziektebestrijding 2014-2017. Vaccinatieparadox

Patiënten met een gestoord immuunsysteem lopen een verhoogd risico op infectieziekten. Tegen een aantal infectieziekten is bescherming mogelijk door vaccinaties. Vaccinaties werken echter minder goed bij een gestoord immuunsysteem. Een paradox dus: vaccinaties zijn het minst werkzaam zijn bij die groep mensen die er het meeste baat bij zou hebben. Een langlopende studie onderzoekt hoe vaccinaties tegen 2 belangrijke en potentieel dodelijke infectieziekten optimaal kunnen worden ingezet in deze kwetsbare populatie. Het gaat om de virusziekte hepatitis A en bacteriële infecties veroorzaakt door de pneumokokkenbacterie. AMC werkt in dit onderzoek samen met RIVM, St. Antonius Ziekenhuis en University College Roosevelt.

Een ander langlopend onderzoek analyseert onder welke voorwaarden een ethisch verantwoord vaccinatiebeleid, gericht op externe effecten, gerechtvaardigd is. Ook wordt onderzocht wanneer gezondheidsautoriteiten gerechtigd zijn om dergelijke vaccinaties routinematig, overtuigend of anderszins proactief uit te voeren. Wageningen University, in samenwerking met RIVM en WHO, voert dit onderzoek uit.

Op zoek naar de optimale kinkhoestvaccinstrategie

Te vroeg geboren baby’s (prematuren) lopen het grootste risico op ernstige kinkhoest die leidt tot langdurige ziekenhuisopname. Daarom worden aanstaande moeders in veel landen gevaccineerd tegen kinkhoest in het 3e trimester van de zwangerschap. Er zijn aanwijzingen dat het vaccineren van vrouwen in dat stadium van de zwangerschap mogelijk te laat is voor voldoende overdracht van antilichamen voor deze prematuren. Een langlopend project onderzoekt het optimale vaccinatieschema. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door RIVM in samenwerking met UMC Utrecht.

TNO werkt samen met Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), RIVM en University Maastricht aan een ander langlopend onderzoek naar maternale kinkhoestvaccinatie. Een groot aantal zwangere vrouwen heeft moeite met beslissen of ze wel of niet voor de maternale kinkhoestvaccinatie moeten kiezen. Dit project onderzoekt welke manier van communiceren het beste aansluit bij hun twijfels. Is dat gepersonaliseerde online communicatie en/of informatiebijeenkomsten in groepsverband?

Hepatitis C en hiv bij MSM

Er is dringend behoefte aan effectieve interventies gericht op het verminderen van risicogedrag. Zo kunnen re-infecties van hepatitis C bij mannen die seks hebben met mannen (MSM), worden voorkomen. Een langlopende studie evalueert het effect van 2 innovatieve interventies en de combinatie ervan op het risicogedrag bij MSM. GGD Amsterdam werkt voor dit project samen met AMC, Aids Fonds – Soa Aids Nederland, OLVG en UMC Utrecht.

Een ander onderzoek richt zich op hiv bij MSM. Hoe vallen veranderingen in risicovol seksueel gedrag samen met veranderingen in risicoperceptie bij MSM? Hoe zijn verschillen tussen risicogedrag en risicoperceptie gerelateerd aan het risico op een hiv-infectie? UMC Utrecht en GGD Amsterdam werken samen in dit onderzoek.

Infectiepreventiemaatregelen

Radboudumc, Icare Thuiszorg, Thuiszorg Pantein, en Verian Thuiszorg onderzoeken hoe de infectiepreventiemaatregelen in de Nederlandse thuiszorg er uitzien en hoe we die kunnen verbeteren.

LUMC, in samenwerking met AMC en Universiteit Leiden voeren een onderzoeksproject uit om de vraag te beantwoorden of een smartphone-applicatie onnodig (langdurig) gebruik van katheters voorkomt en daarmee katheter-geassocieerde urineweginfecties.

Salmonella

Zijn herhaalde milde Salmonella-infecties gerelateerd aan het risico op darmkanker? Deze studie wordt uitgevoerd door het RIVM.

Programma Infectieziektebestrijding

Preventie van infectieziekten in de openbare gezondheidszorg is de focus in het programma Infectieziektebestrijding 2014-2017. Onderzoek moet bijdragen aan het verminderen van het aantal zieke mensen door infectieziekten. Recent zijn 9 subsidieaanvragen gehonoreerd:

  • 4 korte projecten van 18 tot 24 maanden
  • 5 langer lopende projecten van 36 tot 48 maanden

Voor deze ronde waren 58 projectideeën ingediend. Deze hebben geleid tot 19 volledige subsidieaanvragen, waarvoor nu 9 zijn gehonoreerd. De 1e resultaten verwachten we in 2020.

Aan deze 2e subsidieronde ging een eerdere ronde vooraf. De 6 gehonoreerde projecten van  die 1e ronde zijn in 2014 gestart.

Waarom moeten we infectieziekten bestrijden?

Infectieziekten vormen een blijvend risico voor de volksgezondheid. Zij veroorzaken soms een ernstige ziektelast bij voorheen gezonde mensen. Mensen met een verminderde weerstand hebben een grotere kans op infectieziekten. De actualiteit leert dat infectieziekten onze voortdurende aandacht verdienen omdat opduikende pathogenen de volksgezondheid blijven bedreigen. Deze kunnen een nieuwe epidemie veroorzaken.

Gezondheidsbescherming

Het programma Infectieziektebestrijding maakt, samen met de programma’s Non-alimentaire zoönosen, Antibioticaresistentie en Lyme, deel uit van het cluster Gezondheidsbescherming bij ZonMw.

Meer informatie

]]>
news-2188 Mon, 19 Feb 2018 13:37:46 +0100 'Heb je je handen gewassen?' https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/heb-je-je-handen-gewassen/ Hoe vaak hebben je ouders je als kind deze vraag niet gesteld? Heel vaak. En dat is niet voor niets. Want handenwassen zorgt ervoor dat virussen en bacteriën zich minder snel verspreiden. Vanaf vandaag kun je in een interactieve RIVM/ZonMw-expositie in CORPUS ‘reis door de mens’ oefenen met de handenwas-game (Bactemon) en de handenscanner. Daarmee leer je als  bezoeker je handen op de juiste manier te wassen. Ook in de strijd tegen antibioticaresistentie is handhygiëne van groot belang. Minister Bruno Bruins opende deze week de expositie.

Bacteriën en virussen zijn overal. Je kunt er soms ziek van worden. De meeste van deze ziekteverwekkers worden via de handen verspreid. Door regelmatig je handen te wassen met water en zeep verklein je de kans dat jij of iemand in je omgeving ziek wordt.

Bactemon en handenscanner

Het RIVM presenteert samen met ZonMw en Corpus voor het eerst een expositie waarin kinderen en hun ouders op een interactieve manier kunnen leren over handhygiëne. De Bactemon game maakt gebruik van innovatieve technieken voor een optimale spelbeleving: was je handen in een magische spiegel in de badkamer. Met de handenscanner kun je testen of je ze goed gewassen hebt.

Samenwerkingsproject

Deze interactieve expositie is tot stand gekomen in samenwerking met ZonMw (medefinancierder van de expositie). Hiernaast hebben Games for Health (ontwikkelaar handenwas-game), Radboudumc en diverse centra binnen het RIVM bijgedragen aan deze expositie. Dit is een voorbeeld van een van de vele gezondheidsgerelateerde onderwerpen waarmee het RIVM zich bezighoudt. Zoals bijvoorbeeld ook voedselveiligheid en straling.

Meer informatie

]]>
news-2123 Thu, 15 Feb 2018 09:55:00 +0100 Behandeling negatieve symptomen psychose https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/behandeling-negatieve-symptomen-psychose/ Cognitieve gedragstherapie helpt mensen met schizofrenie na een eerste psychose niet beter bij het oppakken van hun leven dan de gangbare Vroege Interventie Psychose-behandeling. Dat toonde een ZonMw-doelmatigheidsonderzoek aan. Toch pleit prof.dr. Lieuwe de Haan, hoogleraar psychotische stoornissen in het AMC, er níet voor deze therapievorm voor schizofrenie af te schrijven. Verward gedrag, wanen en hallucinaties van mensen met schizofrenie vallen op en kunnen bedreigend overkomen. Juist die symptomen geven de urgentie van behandeling aan. Maar volgens psychiater Lieuwe de Haan zijn de zogenoemde ‘negatieve symptomen’, waar een derde tot de helft van de schizofreniepatiënten mee kampt, veel ingrijpender voor hun kwaliteit van leven. ‘Met negatieve symptomen bedoelen we het ontbreken van normaal aanwezig gedrag. Mensen zijn dan teruggetrokken, hebben minder motivatie, zijn vlak. Er zit weinig leven in. Het probleem is dat die symptomen vaak lang aanhouden en zeer invaliderend zijn. Ze leveren veel meer hinder voor het functioneren op dan wanen en hallucinaties. Mensen zitten stil thuis, gaan niet naar school of naar hun werk. Politici maken zich er niet zo druk om, want deze verschijnselen geven geen overlast.’

Snel en intensief aanpakken

Lieuwe de Haan rekent snel voor om hoeveel personen het gaat. ‘Naar schatting voldoet 0,7 % van de mensen in Nederland aan de diagnose schizofrenie. De helft tot een derde heeft hinderlijke negatieve symptomen: dat is dan 0,2 tot 0,3 % van de bevolking: 35.000 tot 52.000 mensen.’ Gelukkig is de door De Haan gesignaleerde politieke desinteresse in negatieve symptomen niet overgeslagen naar de behandeling. ‘De laatste 15 jaar is de standaardbehandeling na een eerste psychose bij schizofrenie zowel gericht op het snel en intensief aanpakken van de psychotische klachten als op het stimuleren van het gebruikelijke functioneren en het aanpakken van eventuele verslavingen of depressie.’

Mensen uitdagen

Ondanks deze Vroege Interventie Psychose-behandeling blijven de negatieve symptomen hardnekkig. Daarom was een vrij recent Amerikaans onderzoek aanleiding om te kijken of cognitieve gedragstherapie  (CGT) in deze vroege fase van de ziekte er beter in slaagt deze aan te pakken. ‘Het idee is altijd geweest dat negatieve symptomen ontstaan door de aandoening, er zou bij schizofrenie iets ‘stuk’ gaan, de levendigheid verlaat de mensen. Maar Aaron Beck, de grondlegger van CGT heeft voor chronische schizofreniepatiënten een therapie ontwikkeld gebaseerd op het idee dat zij ook gedempt raken door verlies aan zelfvertrouwen, waardoor ze niet meer durven te experimenteren. Juist daar is de CGT op gericht: mensen uitdagen dat gedachten van ‘niet kunnen’ niet waar hoeven te zijn, dat iets uitproberen niet altijd op een mislukking hoeft uit te draaien, dat dingen soms ook gewoon weer gaan.’

Half blind

De resultaten van Beck’s studie naar CGT bij chronische schizofreniepatiënten met negatieve symptomen waren dusdanig positief dat Lieuwe de Haan en collega’s wilden weten of er in de vroegste fase van de ziekte meer succes mee te behalen zou zijn. De doelmatigheidsstudie, waarvan De Haan projectleider was, is uitgevoerd in meerdere behandelcentra onder uiteindelijk 99 jonge schizofreniepatiënten die recent een eerste psychose hadden doorgemaakt. De ene helft kreeg de gebruikelijke intensieve behandeling, de andere helft CGT. De studie was gerandomiseerd en half blind: behandelaars en patiënten wisten uiteraard welke behandeling zij ondergingen, maar de onderzoekers die de data analyseerden en interpreteerden niet.

Eerst beter

De resultaten gaven te zien dat beide groepen vooruit gingen. De groep die CGT kreeg, functioneerde eerst wat beter, terwijl ook de negatieve symptomen significant minder voorkwamen. ‘Het aanvankelijke effect was echter na 6 maanden niet meer aantoonbaar. De extra behandeling heeft geen duidelijke meerwaarde, boven op een intensieve vroege interventie psychosebehandeling moesten we concluderen. We hadden graag gezien dat de mensen méér verbeterden!’

Ga door met stimuleren

Toch beveelt de projectleider niet aan deze therapievorm bij het vuilnis te zetten. ‘Patiënten die geen intensieve behandeling krijgen, bijvoorbeeld doordat ze de ziekte al langer hebben, kunnen er wellicht wél baat bij hebben. Dat moeten we opnieuw onderzoeken onder mensen die inmiddels echt gedemoraliseerd zijn. Nu is mijn advies alleen om CGT gericht op negatieve symptomen niet bij een eerste episode van schizofrenie aan te bieden. Ga wel door met het stimuleren van mensen om naar het werk of naar school te gaan en contacten te onderhouden met vrienden.’

Verklaring

De verklaring voor de teleurstellende onderzoeksresultaten zoekt De Haan in de kwaliteit van de intensieve standaardbehandeling in Nederlandse GGZ. ‘In de VS, waar Aaron Beck zijn onderzoek deed, is de standaardzorg waarmee de CGT werd vergeleken echt waardeloos. Gelukkig hebben we in Nederland nog goede zorg, al staat die onder druk, want steeds meer zorg gaat naar mensen met minder ernstige symptomen.’

Overredingskracht

Een studie onder mensen met schizofrenie en negatieve symptomen is geen sinecure. De speciaal getrainde therapeuten hadden vaak al hun overredingskracht nodig om de deelnemers alle groeps- en individuele sessies te laten volgen. ‘Uit de aard van hun problematiek zijn deze mensen niet zo gemotiveerd. Het heeft heel veel moeite gekost. Ik vind het heel bijzonder dat de therapeuten, patiënten en onderzoekers er helemaal voor zijn gegaan. Dat was prettig, goed en stimulerend. We hadden alleen gehoopt op meer effect.’

Meer informatie

]]>
news-2172 Tue, 13 Feb 2018 16:06:05 +0100 Griepvaccinatie leidt niet tot minder huisartsbezoeken bij kinderen met medisch risico https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/griepvaccinatie-leidt-niet-tot-minder-huisartsbezoeken-bij-kinderen-met-medisch-risico/ Uit onderzoek blijkt dat de jaarlijkse griepvaccinatie voor kinderen met een medisch risico niet leidt tot een vermindering van huisartsbezoeken voor luchtwegklachten tijdens het griepseizoen. Gevaccineerd of niet: even vaak naar de huisarts

Onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU) hebben  onderzocht of, en hoe, de effectiviteit van de griepvaccinatie bij kinderen met een hoogrisico-aandoening verandert bij herhaalde griepvaccinatie. Voorbeelden van hoogrisico-aandoeningen zijn astma, COPD, hart- en vaatziekten en nierziekten. Er waren namelijk aanwijzingen dat bij herhaaldelijk jaarlijkse griepvaccinatie de effectiviteit op langere termijn afneemt. Herhaalde griepvaccinatie bleek geen negatief effect te hebben op effectiviteit. Griepvaccinatie leidde ook niet tot een vermindering van huisartsbezoeken voor luchtwegklachten tijdens het griepseizoen.

Kosteneffectiviteit niet aangetoond

Daarnaast hebben de onderzoekers een kosteneffectiviteitsanalyse gedaan voor het huidige griepvaccinatieprogramma bij kinderen met een hoogrisico-aandoening. Ze hebben aangenomen dat griepvaccinatie niet beschermt tegen milde tot matige griepinfecties. Op basis van onderzoek uit andere landen beschermt het wel tegen ernstige griepinfecties die leiden tot ziekenhuisopname en sterfte. Met deze aannames bleek dat het griepvaccinatieprogramma zeer waarschijnlijk niet kosteneffectief is.

Nader onderzoek nodig

Er is veel onzekerheid over het aantal door griep veroorzaakte ziekenhuisopnames en sterfgevallen onder hoogrisicokinderen. Daarnaast is het onduidelijk hoe groot het aantal verloren levensjaren is bij sterfte door influenza (griep) aangezien het veelal kinderen betreft met een beperkte levensverwachting. Op dit moment is er onvoldoende bewijs om het huidige beleid te kunnen verdedigen. Betere cijfers zijn nodig over de door griep veroorzaakte ziekenhuisopnames en sterfte onder hoogrisicokinderen. Daarnaast is nader onderzoek nodig om te achterhalen hoe het effect van griepvaccinatie afhangt van ziekte-ernst en welke mechanismen hiervoor verantwoordelijk zijn.

Het griepvaccinatieprogramma

Influenza (griep) is een belangrijke oorzaak van luchtweginfecties en complicaties. De Nederlandse richtlijn adviseert jaarlijkse influenzavaccinatie voor mensen van alle leeftijden met een hoogrisico-aandoening zoals chronische luchtweginfecties, hart- en vaatziekten, stofwisseling- en nierziekten. Ook voor de bijna 10% kinderen met een hoogrisico-aandoening wordt jaarlijkse griepvaccinatie volgens de Nederlandse richtlijn geadviseerd.

Infectieziektebestrijding

Dit project wordt gefinancierd vanuit het programma Infectieziektebestrijding 2014-2017. Preventie van infectieziekten in de openbare gezondheidszorg is de focus in dit programma. Onderzoek moet bijdragen aan het verminderen van het aantal zieke mensen door infectieziekten. Dit programma maakt samen met de programma’s Non-alimentaire zoönosen, Antibioticaresistentie en Lyme deel uit van het cluster Gezondheidsbescherming bij ZonMw.

Meer informatie


]]>
news-2167 Tue, 13 Feb 2018 12:49:24 +0100 Download de app voor het raadplegen van JGZ-richtlijnen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/download-de-app-voor-het-raadplegen-van-jgz-richtlijnen/ Het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ) lanceert de app ‘JGZ-richtlijnen’ voor professionals in de Jeugdgezondheidszorg (JGZ). De app biedt snelle toegang tot aanbevelingen van alle 29 wetenschappelijk onderbouwde JGZ-richtlijnen. De gratis app is vanaf vandaag te downloaden voor iOS en Android.

De app JGZ-richtlijnen:

  • Biedt snelle toegang tot alle JGZ-richtlijnen
  • Bevat een uitgebreide zoekfunctie
  • Brengt de belangrijkste aanbevelingen per richtlijn snel in kaart
  • Houd je op de hoogte van ontwikkelingen rondom de JGZ-richtlijnen
  • Maakt het mogelijk een eigen profiel aan te maken met voorkeursinstellingen
  • Biedt de mogelijkheid direct feedback te geven op de richtlijnen of op de app
  • Biedt naast aanbevelingen ook overzichtskaarten, publicaties, folders en links

JGZ-richtlijnen

De JGZ maakt steeds meer gebruik van wetenschappelijk onderbouwde richtlijnen. Deze leveren een belangrijke bijdrage aan het vakmanschap van de JGZ. Sinds 2012 ondersteunt het NCJ de implementatie van JGZ-richtlijnen met subsidie van ZonMw, deze app is hier ook onderdeel van. Bij het ontwikkelen van de app is feedback van JGZ-professionals gebruikt om de functionaliteiten aan te sluiten op hun behoeften, zoals de zoekfunctie en toevoeging van handige bijlagen en links.

Meer weten over richtlijnen en de onderbouwing ervan? Ga naar de website van het NCJ. 

Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018

Dit project maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Richtlijnen Jeugdgezondheidszorg 2013-2018. Het programma heeft tot doel om de kwaliteit van de uitvoering van het basistakenpakket jeugdgezondheidszorg te verbeteren door de ontwikkeling en herziening van JGZ-richtlijnen, samenwerkingsrichtlijnen met andere sectoren en producten ter ondersteuning van de implementatie. Hiermee worden professionals uitgerust met kennis en vaardigheden om hun werk goed te kunnen doen, draagt het programma bij aan uniformering van de beroepsbeoefening en aan kwaliteitsverbetering van en kwaliteitsborging in JGZ-organisaties. Het programma draagt zo bij aan de fysieke, psychische en sociale gezondheid van kinderen in Nederland en aan de ondersteuning van ouders in de opvoeding. 

]]>
news-2130 Wed, 07 Feb 2018 10:57:00 +0100 Gezocht: uw praktijkvraag over dementie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gezocht-uw-praktijkvraag-over-dementie/ ZonMw nodigt organisaties voor en door mensen met dementie en onderzoekers uit om samen een projectidee in te dienen. U kunt subsidie aanvragen voor projecten die zich richten op praktijkproblemen rondom het welzijn van en de zorg en ondersteuning voor mensen met dementie, hun mantelzorgers of professionals. Heeft uw als medewerker van bijvoorbeeld een zorg- of welzijnsorganisatie, dagbesteding of  respijtzorg, of als vertegenwoordiger van een gemeente of burgerinitiatief gericht op een dementievriendelijke samenleving een goed idee om het welzijn van mensen met dementie of hun naasten te verbeteren? Maak uw idee dan kenbaar en onderzoek samen met een kennisorganisatie uw praktijkvraag!

Bedrag

De subsidie die aangevraagd kan worden bij ZonMw bedraagt maximaal € 200.000,- voor een project met een looptijd van maximaal 24 maanden. Voor deze subsidieronde is € 1.000.000,- gereserveerd.

In de subsidieoproep leest u hoe u uw projectidee kunt indienen.

Hulp of ondersteuning nodig?  Kom naar de matchmakingsbijeenkomst op 6 maart

Graag wil ZonMw praktijkorganisaties met een vraag helpen om hun idee om te zetten in een praktijkproject. Op 6 maart 2018 organiseert ZonMw daarom een ‘matchmakingbijeenkomst’. Tijdens deze bijeenkomst ontmoet u onderzoekers uit het dementieveld waarmee u samen een aanvraag kunt indienen. Tijdens deze bijeenkomst wordt ook de subsidieoproep nader toegelicht en is er de mogelijkheid om vragen te stellen over de oproep en het indienen van een projectidee.

Wanneer: dinsdag 6 maart 2017  
Tijd: van 14.30 tot 17.00 uur
Waar: ZonMw, Laan van NOI 334, Den Haag

Meer informatie

]]>
news-2134 Wed, 07 Feb 2018 09:17:39 +0100 Factsheets Sportimpuls ronde 2017 online https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/factsheets-sportimpuls-ronde-2017-online/ Benieuwd naar weetjes over de rondes Sportimpuls, Sportimpuls Kinderen Sportief op Gewicht (KSG) en Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten (Jilib) 2017? Op de website van ZonMw zijn nu factsheets te vinden met onder andere gegevens over de verdeling qua leeftijd, doelgroep, aanbod en setting, de gebruikte interventies van de Menukaart Sportimpuls en nog veel meer. Sportimpuls regelingen

De Sportimpuls stimuleert mensen die niet of weinig bewegen of dreigen te stoppen met sporten en bewegen, om fysiek in beweging te komen.
KSG is er specifiek voor kinderen van 0 tot 18 jaar met (risico op) overgewicht en obesitas die niet of te weinig bewegen. Doel is om hen te stimuleren gebruik te maken van een passend sport- en beweegaanbod en dat zij dat blijven doen als onderdeel van een gezonde(re) leefstijl.
Jilib is bestemd voor jeugd tot en met 21 jaar in lage inkomensbuurten. Doel is om de jeugd die weinig kansen heeft lid te worden van een sportvereniging in hun eigen buurt blijvend fysiek in beweging te brengen. Daarbij telt de behoefte van de doelgroep, worden de ouders betrokken en is aansluiten bij het armoedebeleid van de gemeente van belang.

Sport en bewegen in de buurt

De Sportimpuls maakt deel uit van het VWS-programma Sport en Bewegen in de Buurt en biedt lokale sport- en beweegaanbieders de kans om mensen aan het sporten en bewegen te krijgen en te houden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van succesvol sport- en beweegaanbod (interventies) van de Menukaart Sportimpuls. Het is van belang dat het sportaanbod aansluit bij de vraag van de doelgroep, aanvullend is op de bestaande situatie in de buurt en dat wordt samengewerkt met lokale organisaties.

Meer informatie


]]>
news-2117 Tue, 06 Feb 2018 09:00:00 +0100 Internationale subsidieronde voeding & epigenetica geopend! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-subsidieronde-voeding-epigenetica-geopend/ Vanaf 6 februari 2018 kunt u een transnationaal onderzoeksvoorstel indienen op het gebied van voeding en epigenetica. Omdat Nederland hieraan deelneemt kunnen ook Nederlandse onderzoekers in dienen. Doel van de subsidieoproep is meer inzicht verkrijgen in de relatie tussen voeding en epigenetica en het effect daarvan op humane gezondheid. De deadline is 12 april 2018. Het is nog onvoldoende duidelijk hoe leefstijlfactoren, waaronder voeding, onze gezondheid en het ontstaan van ziektes precies beïnvloeden. Waarom ontwikkelen sommige mensen een bepaalde ziekte en anderen niet? De omgeving waarin we leven speelt hierin een belangrijke rol, maar ook genetische kenmerken zijn van belang. Epigenetica bestudeert de expressie van genen en kijkt hierbij ook naar de invloed van omgevingskenmerken. In deze subsidieronde ligt de focus op de relatie tussen voeding en het epigenoom en het effect hiervan op gezondheid.

Internationale samenwerking

De internationale subsidieronde ‘Nutrition & the Epigenome’ wordt uitgevoerd door het Joint Programming Initiative, Healthy Diet for a Healthy Life (JPI HDHL). De 9 deelnemende landen, allen aangesloten bij het JPI HDHL, stellen samen ruim 8 miljoen euro beschikbaar. Nederland draagt hier €900.000 euro aan bij.

Meer informatie

]]>
news-2122 Mon, 05 Feb 2018 10:45:00 +0100 Oncode Institute: samen kanker te slim af https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/oncode-institute-samen-kanker-te-slim-af/ Vandaag opent koningin Máxima het virtuele Oncode Institute. Hier kraken 560 academische onderzoekera de code van kanker om het verschil te maken voor patiënten. ZonMw draagt vanuit het programma Oncode voor de komende 5 jaar ruim € 22 miljoen bij aan Oncode Institute. Deze middelen zijn afkomstig van het ministerie van VWS, het ministerie van OCW en NWO. Met het programma Oncode beoogt ZonMw, middels Oncode Institute, de huidige voorloperrol van Nederland op het gebied van fundamenteel oncologisch onderzoek te versterken en een belangrijke bijdrage te leveren aan de toekomstige ontwikkeling van betere én betaalbare behandelstrategieën voor kanker.

Oncode Institute

Oncode Institute is een onafhankelijk instituut dat 560 Nederlandse toponderzoekers van 9 verschillende instituten binnen het fundamenteel oncologisch onderzoek samen brengt met één gezamenlijke visie, missie en strategie. Om kanker te slim af te zijn, wil Oncode Institute het ontstaan en verloop van de ziekte veel beter begrijpen op moleculair niveau. Ontwikkelingen in de oncologie kunnen effectiever worden gerealiseerd wanneer uitstekend onderzoek gecombineerd wordt met een excellente valorisatiestrategie. Om nieuwe behandelmethoden zo snel mogelijk in de kliniek te krijgen, stelt Oncode Institute daarom een team van valorisatie-experts aan. Juist deze stap moet de kwaliteit van leven van patiënten verbeteren en zelfs levens redden.

Meer informatie

 

]]>
news-2095 Tue, 30 Jan 2018 12:00:00 +0100 Extra inspanningen nodig om ambities Jeugdwet te realiseren https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/extra-inspanningen-nodig-om-ambities-jeugdwet-te-realiseren/ De Eerste evaluatie Jeugdwet laat zien dat de beoogde transformatie naar een effectiever jeugdstelsel nog niet is gerealiseerd. Er is meer tijd nodig om de doelen van de Jeugdwet te bereiken. De evaluatie levert een agenda op voor een gezamenlijke aanpak door gemeenten, zorgaanbieders en cliënten om de transformatie verder te brengen. Knelpunten cliënten

Drie jaar na de invoering van de Jeugdwet blijkt het voor lang niet alle ouders en jeugdigen eenvoudig om de jeugdhulp te krijgen die nodig is. Volgens bijna één op de drie ouders in het onderzoek heeft dat zelfs veel moeite gekost. Dit geldt vooral voor gezinnen in een kwetsbare positie. Over de feitelijke hulp zijn cliënten over het algemeen tevreden. De onderzoekers pleiten onder andere voor een betere informatievoorziening waardoor cliënten hun weg naar jeugdhulp beter kunnen vinden en extra aandacht voor gezinnen in een kwetsbare positie. Daarbij is niet alleen een rol weggelegd voor gemeenten maar ook voor huisartsen, scholen en jeugdgezondheidszorg.

Passende zorg

Ook laat de evaluatie zien dat gemeenten nog onvoldoende toekomen aan het leggen van de verbinding tussen de jeugdhulp met andere domeinen, zoals de schuldhulpverlening, het onderwijs of de Wmo. Dat gemeenten die verbindingen zouden leggen was één van de belangrijkste overwegingen achter de decentralisatie.

Diversiteit lokale teams

De Jeugdwet biedt ruimte voor diversiteit in de lokale uitvoering waardoor gemeenten en zorgaanbieders beter kunnen aansluiten bij de vragen van burgers. Lokale teams zoals wijkteams, buurtteams of wijknetwerken, hebben in vrijwel alle gemeenten een cruciale rol gekregen bij het realiseren van de doelen van de Jeugdwet. In de evaluatie wordt geconstateerd dat er grote verschillen zijn tussen deze teams. Sommige teams verwijzen alleen door, sommige teams bestaan vooral uit specialisten, terwijl andere teams veel breder zijn samengesteld. Er zijn zorgen over de expertise van professionals in de lokale teams, met name bij complexe problemen. De onderzoekers bevelen aan dat lokale teams direct hulp kunnen bieden en daarvoor beschikken over professionaliteit in de breedte en specialistische expertise. Daarbij is er ruimte om bij de organisatie hiervan rekening te houden met de lokale context.

Administratieve lasten beperken ruimte professionals

De gemeentelijke beleidsvrijheid heeft geleid tot een grote diversiteit in de uitvoering van het jeugdbeleid. Dit heeft als neveneffect dat professionals zich geconfronteerd zien met een grote variëteit aan regelingen. Dat vraagt veel tijd, leidt tot een toename van administratieve lasten en perkt de ruimte in om zorg op maat te bieden. Er moet gezocht worden naar mogelijkheden om meer ruimte aan de professional te laten, zonder daarbij de gemeentelijke beleidsvrijheid in te perken.

Realiseren van de ambities van de Jeugdwet

Wat in het algemeen ontbreekt is een gedeelde visie op passende zorg waarin de diversiteit van hulpvragers en hulpvragen wordt erkend en benoemd. Een dergelijke visie is richtinggevend voor de gezamenlijke inspanningen om meer samenhang en samenwerking in de uitvoering van het jeugdbeleid te realiseren.

Rechtsbescherming

Uit de juridische analyse blijkt dat rechtsbescherming bij jeugdhulp nog tekortschiet. Aanbestedingsregels maar ook de spanning tussen gegevensuitwisseling en het recht op privacy bemoeilijken de samenwerking en samenhang in de jeugdhulp. Het verdient aanbeveling te onderzoeken hoe de afspraken hierover kunnen bijdragen aan de samenwerking binnen het sociaal domein en de samenhang in het stelsel.

Er worden geen aanbevelingen gedaan om de Jeugdwet te veranderen. Dit zijn de belangrijkste conclusies van de Eerste evaluatie Jeugdwet die vandaag is aangeboden aan de ministeries van VWS, JenV en aan de VNG.  

Over de evaluatie

De evaluatie is uitgezet en begeleid door ZonMw in opdracht van de ministeries van VWS en JenV. De evaluatie is gebaseerd op bestaand onderzoek en enquêtes onder gemeenten, zorgaanbieders en ouders. De uitvoering lag bij een samenwerkingsverband van zeven organisaties: het Nivel, het Nederlands Jeugdinstituut, de Universiteit Leiden, Stichting Alexander, het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en Academische Werkplaatsen Jeugd verbonden aan de Universitair Medisch Centrum Groningen en de Tilburg University.

Meer informatie

 

]]>
news-2084 Tue, 30 Jan 2018 09:23:00 +0100 Subsidieronde Sportblessurepreventie is geopend! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieronde-sportblessurepreventie-is-geopend/ Vanaf vandaag kunt u een subsidieaanvraag indienen in het programma Sportblessurepreventie. In deze subsidieronde staat onder meer kennisontwikkeling over de effectiviteit en implementatie van interventies gericht op het voorkomen van blessures in de breedtesport centraal. De deadline is 26 april 2018. Sporten en bewegen is gezond, maar helaas lopen veel sporters blessures op. Dit leidt weer tot uitval en ziekteverzuim met soms hoog oplopende ziektekosten. Het aantal nieuwe sportblessures in Nederland is tussen 2008 en 2014 met 14 procent gestegen. In 2013 werden maar liefst 4,5 miljoen sportblessures opgelopen. Het programma Sportblessurepreventie wil nieuwe sportblessures voorkomen. In de eerste subsidieronde in 2015 zijn de eerste stappen hiervoor gezet met 7 projecten waarin interventies zijn (door)ontwikkeld en het effect ervan is gemeten.

Focus

De focus van deze tweede subsidieronde ligt vooral op onderzoek naar en de implementatie van al effectief gebleken interventies. Verder kan subsidie worden aangevraagd voor onderzoek naar de effectiviteit van bestaande interventies. Wanneer nodig kan ook de doorontwikkeling van bestaande interventies onderdeel zijn van de aanvraag. Samenwerking tussen kennisinstellingen en organisaties uit de sportpraktijk is verplicht.
Om zoveel mogelijk blessures te voorkomen ligt de focus in het ZonMw-programma op de preventie van blessures in de breedtesport. Verder heeft de preventie van veel voorkomende en ernstige blessures prioriteit, met name binnen sporten waarin veel blessures voorkomen. Dat zijn: voetbal, hardlopen, fitness, volleybal en tennis.

Budget en looptijd

Binnen deze ronde is 1.400.000 euro beschikbaar. Per project kan maximaal 200.000,- euro worden aangevraagd. Cofinanciering van ten minste 30% van de totale projectkosten is verplicht. We streven ernaar minimaal 7 projecten te honoreren met een maximale looptijd van 2 jaar.

Informatiebijeenkomst

Wilt u meer weten over de subsidieoproep Sportblessurepreventie 2018? Kom dan naar de informatiebijeenkomst op 5 maart a.s. bij ZonMw in Den Haag.

Meer informatie

Heeft u nog vragen? Mail ons: sportonderzoek@zonmw.nl

]]>
news-2078 Mon, 29 Jan 2018 09:11:00 +0100 Bevorderen kwaliteit kinderopvang: 7 nieuwe projecten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/bevorderen-kwaliteit-kinderopvang-7-nieuwe-projecten/ ZonMw kent 2 miljoen euro subsidie toe aan 7 nieuwe projecten. Onderzoekers werken hierin nauw samen met de praktijk van de kinderopvang om erachter te komen wat werkt en wat niet (en waarom en hoe). Verhogen van de kwaliteit van de babyopvang, professionalisering van medewerkers in de kinderopvang en het in kaart brengen van effecten van kinderopvang op de ontwikkeling van kinderen is de focus van deze projecten.

Zo onderzoekt één project een interventie om de overgang van thuis naar kinderopvang voor baby’s soepeler te laten verlopen. Sensitief opvoeden van pedagogisch medewerkers, stressreductie en welbevinden van baby’s staan hierbij centraal. Een ander project draait om de vraag hoe het pedagogisch gebruik van de groene buitenruimte van de kinderopvang verbeterd kan worden. Daarbij wordt ook de invloed hiervan op het welzijn van kinderen meegenomen.
Een derde voorbeeld is een project dat zich richt op het herkennen en stimuleren van positieve eigenschappen (deugden) bij kinderen.

Start en looptijd

Uiterlijk 1 mei 2018 gaan de projecten van start. Eén project loopt 18 maanden en de overige 6 projecten hebben een langere looptijd van maximaal 36 maanden.

Programma Kwaliteit Kinderopvang

De projecten worden gefinancierd uit het programma Kwaliteit Kinderopvang. Opdrachtgever van het programma is het ministerie van SZW. Met de honorering van de 7 projecten is het budget van het programma volledig uitgezet.

Meer informatie


]]>
news-2076 Thu, 25 Jan 2018 11:36:00 +0100 Kamerbrief over evaluatie programma Goed Gebruik Geneesmiddelen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kamerbrief-over-evaluatie-programma-goed-gebruik-geneesmiddelen/ Minister Bruins van het ministerie van VWS heeft op 24 januari 2018 de Tweede Kamer middels een Kamerbrief geïnformeerd over de evaluaties van de onderzoeksprogramma's Goed Gebruik Geneesmiddelen en Health Technology Assessment, beide van ZonMw. Ook geeft hij in de kamerbrief een reactie op de uitkomsten van de evaluaties. De minister geeft aan dat het onderzoeksprogramma GGG goed loopt. ZonMw heeft een goede structuur neergezet voor geneesmiddelenonderzoek waar het verder op kan bouwen. Het onderzoeksprogramma zorgt ervoor dat er onderzoek gedaan wordt om de behandeling met medicijnen te verbeteren. GGG richt zich dus op het verbeteren van het gebruik van geneesmiddelen in de dagelijkse zorg. De uitkomsten van dit type onderzoek leiden er toe dat de patiënt beter en gerichter met geneesmiddelen behandeld wordt.

Minister Bruins: 'Ik zie dat het onderzoeksprogramma GGG goed loopt. Komende maanden zal ik met ZonMw in gesprek gaan over de continuering en inrichting van het programma Goed Gebruik Geneesmiddelen.'


In 2012 is dit programma bij ZonMw gestart. Uit de evaluatie blijkt dat er gedurende deze jaren veel werk is verzet en dat er veel klinisch relevante kennis is opgedaan. Ook is de kennisinfrastructuur rondom geneesmiddelengebruik duidelijk verbeterd. De evaluatiecommissie geeft aan dat een evaluatie vijf jaar na start van een programma te snel is om veranderingen en verbeteringen in harde uitkomstmaten te kwantificeren. Wel wordt aangegeven dat verschillende onderzoeksprojecten een mogelijke impact op kostenbesparing hebben – als de opgedane kennis in het onderzoek in de praktijk wordt toegepast.
Aanbevelingen van de evaluatiecommissie richten zich op het meer aandacht besteden aan onderzoek op het gebied van polyfarmacie en therapietrouw. De minister zal met ZonMw bespreken hoe deze thema’s in de volgende onderzoeksperiode meer aandacht kan krijgen.

Documenten bij kamerbrief

]]>
news-2077 Thu, 25 Jan 2018 11:30:11 +0100 Evaluatie programma Health Technology Assessment Methodology aangeboden aan Tweede Kamer https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/evaluatie-programma-health-technology-assessment-methodology-aangeboden-aan-tweede-kamer/ Op 24 januari heeft minister Bruins van het ministerie van VWS de Tweede Kamer geïnformeerd over de evaluaties van de onderzoeksprogramma's Goed Gebruik Geneesmiddelen en Health Technology Assessment Methodology, beide van ZonMw. In de kamerbrief geeft hij ook een reactie op de uitkomsten van de evaluaties. Uit de evaluatie blijkt dat het ZonMw-programma Health Technology Assessment Methodology een impuls heeft gegeven aan de verbetering van de methodologie ten aanzien van de beoordeling van geneesmiddelen. Dit heeft ondermeer geleid tot betere beoordelingsprocessen en inzicht in HTA-onderzoek. Health Technology Assessment (HTA) methologie is een verzamelnaam voor evaluatieonderzoek in de gezondheidszorg en dient als instrument ter onderbouwing van de pakkettoelating. De uitkomsten van HTA-onderzoek zijn van belang om de zorg doelmatig te houden. Volgens de begeleidingscommissie is de meerwaarde van het afgeronde programma aangetoond en geeft het advies om dergelijk onderzoek ten behoeve van methodologie van HTA op andere terreinen dan geneesmiddelen uit te voeren.
De minister geeft aan dat het Zorginstituut de partij is die in het kader van pakketbeheer HTA-onderzoek beoordeelt en adviseert. Hij vindt het van belang dat het Zorginstituut aangeeft of er meer onderzoek naar methodologie ontwikkeling nodig is. En zal deze evaluatie met het Zorginstituut en ZonMw bespreken.

Meer informatie

]]>
news-2066 Tue, 23 Jan 2018 12:41:04 +0100 Bruggen bouwen in de traumazorg https://www.etz.nl/Over-ETZ/Nieuws/2018/01/Symposium-Trauma-TopZorg-ETZ In de keten van traumazorg zijn communicatie en samenwerking bepalend. Maar hoe pak je dit aan? Daarover ging het Trauma TopZorg Symposium ‘Bruggen bouwen. Buitengewone traumazorg’, dat donderdag 2 november plaats vond in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis (ETZ) in Tilburg. Ruim 100 professionals luisterden en discussieerden over communicatie met de patiënt en samenwerking in de traumaketen.  

]]>
news-2064 Tue, 23 Jan 2018 10:01:05 +0100 Langer gezond leven op hét congres voor de volksgezondheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/langer-gezond-leven-op-het-congres-voor-de-volksgezondheid/ Op de hoogte blijven van trends en ontwikkelingen over publieke gezondheid? Kom ook op 10 april naar het NCVGZ, hét congres voor de publieke gezondheid, in de Jaarbeurs in Utrecht. Op het NCVGZ verzorgt ZonMw, samen met partners, het onderwerp Langer gezond leven. Waarom? Vraag aan mensen wat ze het belangrijkste vinden voor zichzelf en hun naasten en de overgrote meerderheid antwoordt: leven in goede gezondheid. Een lang, gezond leven is ook van groot belang voor de vitaliteit en veerkracht van onze samenleving als geheel. Een belangrijke maatschappelijk opgave.

Een tipje van de sluier over langer gezond leven…

Wat hebben we voor u in petto op de 10de? We starten zoals u en ik ook ooit begonnen zijn: bij het begin. Wat is de maatschappelijke winst die we kunnen behalen met gezond zwanger worden en zijn? Hoe stimuleren we volwassen een gezonde leefstijl te omarmen en daarna ook vol te houden? Hoe zorgen we ervoor dat iedereen gezond oud wordt?

Samen met u zoeken we antwoorden op deze vragen. Maar ook: hoe zorgen we ervoor dat kennis ontwikkeld wordt die aansluit bij waar de praktijk behoefte aan heeft? En hoe kunnen wij samenwerking stimuleren tussen praktijkprofessionals en onderzoekers, om deze kennis toe te passen?

Public Health proefschriftprijs: doe mee!

De IOSG prijs (voorheen V&W Volksgezondheidprijs) heet vanaf 2018 de Public Health proefschriftprijs. Deze wordt op het NCVGZ 2018 toegekend aan een beginnend onderzoeker. Deze onderzoeker heeft zich op bijzondere wijze verdienstelijk gemaakt bij de wetenschappelijke bestudering van een maatschappelijk probleem. Meedoen? Lever uw manuscript aan voor 10 maart a.s. en kijk voor meer informatie op de website.  

Zelf een bijdrage doen?  

Zoals elk jaar is het mogelijk om zelf een bijdrage te doen. Heeft u ideeën over een bijdrage in een track (passend bij dat betreffende thema) of wilt u uw onderzoek, dienst, project of anders via het open podium presenteren? Uw bijdrage stuurt u vóór 31 januari 2018.

Meer informatie

Bekijk het gehele programma en schrijf u in!

]]>
news-2063 Tue, 23 Jan 2018 08:38:14 +0100 Uitbreiding hielprikscreening: start SONNET studie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/uitbreiding-hielprikscreening-start-sonnet-studie/ De neonatale hielprikscreening wordt uitgebreid met 12 aandoeningen. De uitbreiding gebeurt in fases in de periode 2018 – 2022. Voordat deze aandoeningen definitief toegevoegd kunnen worden aan de hielprik is er aanvullend onderzoek nodig. In april start het eerste onderzoek: de SONNET studie. In de SONNET studie wordt onderzocht hoe SCID kan worden toegevoegd aan de hielprik. SCID staat voor Severe Combined Immunodeficiency en is een ernstige, zeldzame immuundeficiëntie.

Severe Combined Immunodeficiency (SCID)

In Nederland komt deze aandoening voor bij ongeveer 1 op de 40.000 pasgeborenen. Wanneer SCID vroegtijdig wordt ontdekt en behandeld is de kans op genezing groot. Behandeling bestaat uit stamceltransplantatie of, in specifieke typen SCID, enzymtherapie en/of gentherapie.

Over de hielprik

Elk pasgeboren kind ondergaat in de eerste week na de geboorte de hielprik. Enkele druppels bloed uit de hiel van het kind worden onderzocht op een aantal ernstige, zeldzame aangeboren ziektes. Een snelle opsporing van deze ziektes kan schade aan de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van het kind voorkomen of beperken. De meeste ziektes zijn niet te genezen maar wel te behandelen, bijvoorbeeld met medicijnen of een dieet.

Meer informatie 

]]>
news-2062 Mon, 22 Jan 2018 18:34:44 +0100 ZonMw zoekt referenten onderzoek zwangerschap en geboorte https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-zoekt-referenten-onderzoek-zwangerschap-en-geboorte/ Voor de beoordeling van de subsidieaanvragen voor het programma Zwangerschap en geboorte zoekt ZonMw referenten. Bent u onderzoeker in een voor zwangerschap en geboorte relevant vakgebied of heeft u onderstaande expertise en wilt u een aanvraag beoordelen? Meld u dan nu aan als referent! Referenten die wij zoeken voor dit programma hebben expertise op het onderwerp zwangerschap, geboorte, leefstijlpreventie, preconceptiezorg, psychosociale problematiek, organisatie van zorg, shared deciscion making of ICT. Het liefst komen wij ook in contact met buitenlandse referenten. Ook als u iemand kent die deze expertise heeft, horen wij dat graag van u. Let op, kandidaat referenten mogen niet betrokken zijn bij de subsidieaanvragen.

Waarom referenten?

Om de kwaliteit van onderzoek in Nederland te waarborgen werkt ZonMw met referenten. Dit zijn experts in hun vakgebied, meestal onderzoekers verbonden aan kennisinstellingen, die een subsidieaanvraag beoordelen. Op deze manier dragen we met zijn allen de verantwoordelijkheid en wordt er kwalitatief goed onderzoek uitgevoerd in Nederland.

Wat doet een referent?

Een referent beoordeelt subsidieaanvragen met behulp van vastgestelde kwaliteitscriteria. In deze oproep behandelen referenten 1 of 2 aanvragen in de periode van 29 januari tot 14 februari 2018. Geschat wordt dat een beoordeling per aanvraag 4 uur duurt. U ontvangt voor de beoordeling geen vergoeding.

Aanmelden

Wilt u een bijdrage leveren om de kwaliteit van onderzoek over zwangerschap en geboorte in Nederland te kunnen waarborgen? Meld u dan nu aan als referent voor 25 januari as. Weet u iemand die hiervoor geschikt zou kunnen zijn? Stuur dit bericht dan gerust door.

Meer informatie

•    Heeft u een vraag? Mail dan: zwangerschap_en_geboorte@zonmw.nl 
•    ZonMw-thema Zwangerschap en geboorte

]]>
news-2060 Mon, 22 Jan 2018 15:54:28 +0100 Matchmakingbijeenkomst Gezonde leefomgeving belooft vernieuwende samenwerking https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/matchmakingbijeenkomst-gezonde-leefomgeving-belooft-vernieuwende-samenwerking/ Op vrijdag 19 januari j.l. vond de matchmakingbijeenkomst plaats voor de subsidieoproep ‘Maak ruimte voor gezondheid’. Uit alle windrichtingen en vanuit een breed scala aan disciplines kwamen belangstellenden naar ZonMw in Den Haag om potentiële samenwerkingspartners te ontmoeten. Met als doel nieuwe samenwerkingsverbanden te vormen voor onderzoek naar de effecten van de leefomgeving op gezondheid en deelname aan de maatschappij. Na een dag lang aftasten en kennismaken zijn de eerste contacten gelegd. Nieuwe en bestaande consortia kunnen tot 6 maart 2018, 14.00 uur een aanvraag indienen.

Multidisciplinaire samenwerking is belangrijk

In haar welkomstwoord onderstreepte Hetty Linden, voorzitter van de programmacommissie, het belang van multidisciplinaire samenwerking. ‘De inrichting van een gezonde leefomgeving en het onderzoek naar de effecten daarvan is niet een taak die door één partij kan worden opgepakt. Daarvoor is nodig dat kennisinstellingen, beleidsmedewerkers en professionals uit de praktijk vanuit verschillende domeinen hun kennis en krachten bundelen.’

Kennis uit de praktijk

De dag startte met een inleiding over de subsidieoproep en vijf inhoudelijke presentaties van sprekers die in de praktijk al de nodige kennis en ervaring met de gezonde leefomgeving hebben opgedaan:

Meer informatie

Volgende week publiceren we een uitgebreid verslag van deze matchmakingbijeenkomst op de ZonMw pagina Maak ruimte voor gezondheid

]]>
news-2026 Mon, 15 Jan 2018 14:56:02 +0100 Financiering voor innovatieve start-ups – deadline 6 februari https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/financiering-voor-innovatieve-start-ups-deadline-6-februari/ Dien voor 6 februari 2018 uw intentieverklaring in voor de voorjaarsronde van Take-off, het financieringsprogramma voor starters. Academische, hbo en TO2 start-ups kunnen financiering aanvragen voor haalbaarheidsstudies en vroegefasetrajecten (leningen tot maximaal EUR 250.000). Bekijk de financieringsmogelijkheden van Take-off (voorjaar 2018).

Stimuleren van bedrijvigheid

Take-off richt zich op het faciliteren en het stimuleren van bedrijvigheid en ondernemerschap vanuit de Nederlandse universiteiten, door NWO erkende onderzoeksinstituten, hbo- en TO2-instellingen. Het doel is het creëren van innovatieve nieuwe bedrijvigheid die volgt op kennisontwikkeling en -benutting door onderzoekers aan deze kennisinstellingen. Dat kan gaan om product-, proces-, zorg- of diensteninnovatie in de breedste zin van het woord, binnen alle wetenschapsgebieden (bèta/techniek, life sciences en alfa/gamma).

Haalbaarheidsstudies en vroegefasetrajecten

Take-off bestaat uit twee instrumenten: haalbaarheidsstudies (fase 1) en vroegefasetrajecten (fase 2). Met financiering van Take-off- kunnen onderzoekers een haalbaarheidsstudie uitvoeren voor commerciële toepassing van kansrijke innovatieve kennisontwikkelingen bij academische, hbo en TO2-instellingen. Daarnaast is het mogelijk nieuwe bedrijvigheid te starten (start-ups) op basis van de veelbelovende kennisinnovaties vanuit de kennisinstellingen. Deze pas gestarte ondernemingen  van onderzoekers of ondernemers kunnen met Take-off vroegefasetrajecten een lening van maximaal EUR 250.000 aanvragen.

Planning Take-off voorjaar 2018

De planning van Take-off voorjaar 2018 is als volgt:

  • 6 februari 2018 – 14.00 u CET: deadline indienen intentieverklaring
  • 6 maart 2018 – 14.00 u CET: deadline indienen volledige aanvraag
  • 7 mei - 1 juni 2018: periode interviewdagen
  • 25 juni 2018: bekendmaking van het besluit (onder voorbehoud)

Uitvoering

Take-off is een wetenschapsbreed financieringsinstrument van ZonMw en NWO (penvoerder: Toegepaste en Technische Wetenschappen). Het wordt gefinancierd door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Take-off is gericht op het stimuleren van bedrijvigheid en innovatie in de Nederlandse kenniseconomie.

Meer informatie

Voor meer informatie bekijk de Take-off pagina. Bij vragen kunt u een bericht sturen naar Take-off@nwo.nl of bel een van onze Take-off secretarissen (zie website).

]]>
news-2022 Mon, 15 Jan 2018 09:51:36 +0100 ZonMw honoreert 60 projecten in vierde ronde Enabling Technologies Hotels-programma https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-honoreert-60-projecten-in-vierde-ronde-enabling-technologies-hotels-programma/ Het Enabling Technologies Hotels-programma (ETH) biedt onderzoekers de kans gebruik te maken van de hoogwaardige technologische faciliteiten van Nederlandse kennisinstellingen. Dit gebeurt met het ‘Hotel’ concept. Onderzoekers (‘gasten’) die nog geen toegang hebben tot een specifieke high end technologie, kunnen toegang verwerven via een service-gerichte faciliteit (‘Technology Hotel’) in een gezamenlijk onderzoeksproject. Zo kunnen ze hun activiteiten uitbreiden en de gegenereerde data integreren. Het Dutch Techcentre for Life Sciences (DTL) beheert een catalogus van meer dan 130 Technology Hotels: www.dtls.nl/eth.

Vierde ronde

In de vierde ronde van het Enabling Technologies Hotels-programma konden onderzoekers afkomstig van een onderzoeksinstelling en een bedrijf als ‘gasten’ samen met een ‘Hotel’ een aanvraag indienen (Publiek-Private Projecten, PPP). Daarnaast konden onderzoekers die gepromoveerd zijn vanaf het jaar 2009 samen met een ‘Hotel’ een aanvraag indienen (Early Career Scientist-projecten, ECS). ZonMw heeft 164 aanvragen ontvangen, waarvan 87 ECS en 77 PPPprojecten. In elke categorie zijn 30 projecten gehonoreerd. Het honoreringspercentage komt in de categorie ECS op 36% en in de categorie PPP op 39%.

Technologiegebieden

De technologiegebieden van het ETH-programma omvatten bioinformatica, genomics, proteomics, metabolomics en bioimaging. Gehonoreerde projecten duren één jaar en ontvangen een subsidie van maximaal EUR 30.000. Onderstaande diagrammen geven de verdeling weer van de gehonoreerde projecten over de verschillende technologiegebieden.

Het Enabling Technologies Hotels-programma wordt door ZonMw samen met NWO-ENW gefinancierd en is ontwikkeld in nauwe samenwerking met DTL.
Bekijk het overzicht van de gehonoreerde ECS en PPP projecten.

]]>
news-2018 Fri, 12 Jan 2018 11:07:55 +0100 Meer kennis over sociaaleconomische gezondheidsverschillen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/meer-kennis-over-sociaaleconomische-gezondheidsverschillen/ We weten dat het zo is, maar hoe werkt het en welke relatie bestaat er tussen de sociaaleconomische positie van mensen en hun gezondheid? Met welke methoden kunnen we lokale netwerken ontwikkelen en zo gezondheidsachterstanden beperken? Dat weten we nog niet. Deze vragen staan centraal in onderzoek dat kennis moet opleveren ter voorkoming en vermindering van sociaaleconomische gezondheidsverschillen (SEGV). Lokale netwerken

Begin 2018 starten, verspreid over Nederland, 6 onderzoeksgroepen met hun lokale partners. Zij ontwikkelen netwerken voor een effectieve, integrale aanpak. Die aanpak is lokaal en gericht op sociale factoren die van invloed zijn op gezondheid. Denk bijvoorbeeld aan de relatie tussen financiële problemen en gezondheid. Die lokale aanpak bestrijkt dus meer beleidssectoren dan alleen de gezondheidszorg. Met het onderzoek naar de werkzaamheid van hun methoden willen de onderzoeksgroepen bijdragen aan kennis over de onderlinge samenhang tussen al die sectoren en effectieve integrale aanpakken.

Verklarend multidisciplinair onderzoek

Daarnaast starten medio 2018 wetenschappers met 5 verklarende onderzoeken. Zij werken hiervoor nauw samen vanuit hun eigen vakgebied met onderzoekers vanuit andere relevante disciplines en sectoren. Zij onderzoeken de mechanismen, dynamiek en interacties die een rol spelen in de relatie tussen sociaaleconomische positie en gezondheid. Het doel is om op termijn aangrijpingspunten voor beleid te formuleren zodat sociaaleconomische gezondheidsverschillen kunnen worden teruggedrongen.

Aanpak van gezondheidsverschillen

Hoe komt het dat mensen met een zwakkere sociaaleconomische positie een slechtere gezondheid en kortere (gezonde) levensverwachting hebben? In onze samenleving hebben mensen in kwetsbare groepen minder goede vooruitzichten op een lang en gezond leven. Ook hebben zij vaak problemen op andere gebieden (financiën, werk, wonen, relaties). Er wordt gezocht naar een win-winsituatie. Er is samenhang tussen sociale problemen en gezondheid; hoe kunnen we die in positieve zin beïnvloeden en mensen ondersteunen bij een gezonde leefstijl? Dit type onderzoek is nieuw omdat  tot nu toe vooral binnen de sector gezondheidszorg werd gezocht naar oorzaken van gezondheid en ziekten. De integrale aanpak van gezondheidsachterstanden in brede zin is zeer gewenst.

Programma Preventie

De onderzoeken voor lokale netwerken en het verklaren van gezondheidsverschillen passen binnen het 5e programma Preventie. Vertegenwoordigers van gemeenten, academische werkplaatsen Publieke Gezondheid, samenwerkingsverbanden en lokale netwerken hebben 16 subsidieaanvragen ingediend waarvan er 11 gehonoreerd zijn.

Meer informatie

]]>
news-2006 Tue, 09 Jan 2018 09:30:00 +0100 Subsidieronde effecten Gezonde School aanpak geopend! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieronde-effecten-gezonde-school-aanpak-geopend/ Vandaag is de ZonMw-subsidieronde voor evaluatieonderzoek naar de effecten van de Gezonde School-aanpak geopend. Deze oproep levert kennis op over de invloed van de Gezonde School-aanpak op de schoolomgeving, leefstijl en de gezondheid van leerlingen. U kunt tot 20 maart 2018, 14.00 uur een subsidieverzoek indienen. Doel van deze subsidieoproep is inzicht te krijgen in wat werkt en hoe het werkt, werkzame elementen, succes- en knelpunten en randvoorwaarden. Onderzocht worden scholen en GGD’en die werken met (varianten van) de aanpak Gezonde School. De focus daarbij ligt op het evalueren van inhoud, bereik en haalbaarheid van de aanpak en van effecten van de aanpak op schoolniveau en leerlingniveau.
Scholen, GGD’en, JGZ- instellingen en gemeenten kunnen met de resultaten een goed onderbouwde keuze maken voor onderdelen van Gezonde School die passen bij de lokale context en mogelijkheden.

Wie kan aanvragen?

Een samenwerkingsverband tussen één of meerdere onderzoeksorganisaties, meerdere GGD’en en scholen. Een onderzoeksorganisatie met specifieke expertise op dit terrein kan als hoofdaanvrager een projectidee indienen (bijv. een kennisinstelling, universiteit, hogeschool). Samenwerking met scholen en GGD’en is verplicht. We streven naar een goede mix van GGD’en en scholen met verschillende werkwijzen (aansluitend op de lokale/regionale context) met een mooie spreiding over het land.

Budget

In totaal is maximaal € 800.000,- beschikbaar voor één onderzoeksproject met een looptijd van maximaal 48 maanden. Dit bedrag is uitsluitend bedoeld voor de financiering van de uitvoering van het onderzoek. De uitvoering van de Gezonde School aanpak kan niet uit dit budget worden gefinancierd.

Informatiebijeenkomst

Op 8 februari 2018 wordt deze subsidieoproep nader toegelicht. De leden van het landelijke programmateam Gezonde School presenteren de Gezonde School-aanpak. Ook passeren een aantal voorbeelden de revue, worden tips en tricks gedeeld en krijgt u antwoord op uw vragen over de subsidieoproep.

Meer informatie

 

]]>
news-1995 Mon, 08 Jan 2018 10:15:00 +0100 Sportimpuls 2018 opengesteld! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportimpuls-2018-opengesteld/ Bent u een lokale sport- en beweegaanbieder? Dan kunt u tot 22 februari 2018, 14.00 uur bij ZonMw een subsidieaanvraag indienen voor de Sportimpuls 2018. Ook dit jaar zijn drie subsidieoproepen tegelijkertijd opengesteld: Sportimpuls, Sportimpuls Kinderen sportief op gewicht en Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten. Deze drie regelingen richten zich gezamenlijk op de kwetsbare doelgroepen mensen met een beperking, chronisch zieken, ouderen, jeugd uit lage inkomensbuurten en kinderen met overgewicht. Sportimpuls 2018

De Sportimpuls heeft als doel mensen met een beperking, chronisch zieken en ouderen die niet of te weinig bewegen of dreigen te stoppen met hun sport- en beweegactiviteiten te stimuleren om blijvend fysiek in beweging te komen. Dit door gebruik te maken van vraaggestuurd lokaal sport- en beweegaanbod op maat.

Sportimpuls Kinderen sportief op gewicht 2018

Het doel is om kinderen van 0 tot 18 jaar met (risico op) overgewicht en obesitas die niet of te weinig bewegen te stimuleren om gebruik te maken van een passend sport- en beweegaanbod. Daarnaast is het doel dat zij blijven sporten en bewegen als onderdeel van een gezonde(re) leefstijl. Belangrijke elementen in de uitvoering zijn:

  • samenwerking tussen sport en zorg;
  • opvoedingsondersteuning en ouderparticipatie;
  • passend sport- en beweegaanbod.

Sportimpuls Jeugd in lage inkomensbuurten 2018

Deze Sportimpuls richt zich op jeugd tot en met 21 jaar uit lage inkomensbuurten. Doel is om de jeugd die weinig kansen heeft lid te worden van een sportclub, in hun eigen buurt blijvend fysiek in beweging te brengen. Daarbij is het belangrijk om aan te sluiten op het armoedebeleid van de gemeente, rekening te houden met de behoefte van de doelgroep en de ouders te betrekken.

Belangrijkste wijziging

De belangrijkste wijziging is dat de Sportimpuls 2018 zich specifiek richt op de kwetsbare doelgroepen mensen met een beperking, chronisch zieken en ouderen. De definities van deze doelgroepen zijn terug te vinden in de subsidieoproep Sportimpuls 2018.

Het programma

De Sportimpuls biedt lokale sport- en beweegaanbieders de kans om mensen aan het sporten en bewegen te krijgen en te houden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van succesvol sport- en beweegaanbod (interventies) van de Menukaart Sportimpuls. Het is van belang dat het sportaanbod aansluit bij de behoefte van de doelgroep, aanvullend is op de bestaande situatie in de buurt en dat wordt samengewerkt met lokale organisaties. De Sportimpuls maakt deel uit van het VWS-beleidsprogramma Sport en Bewegen in de Buurt.

Subsidieoproepen Sportimpuls 2018

Meer informatie

]]>
news-1984 Thu, 21 Dec 2017 14:10:00 +0100 Subsidie voor gemeente voor inrichten gezondheidsbeleid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidie-voor-gemeente-voor-inrichten-gezondheidsbeleid/ Bent u bezig met gezondheidsbevordering in uw gemeente? Wanneer u wilt werken aan effectief preventief gezondheidsbeleid kunt u bij ZonMw subsidie aanvragen. Het geld is bestemd voor inzet van erkende interventies. Zodat u weet dat uw aanpak effectief is. Wanneer u een erkende interventie inzet, verstevigt u de uitvoering van lokaal gezondheidsbeleid. Het werken met erkende interventies biedt ook handvatten om uw deskundigheid op dit gebied te versterken en uit te breiden.

Integraal gezondheidsbeleid is effectiever

Uitdagingen op het gebied van gezondheid in een gemeente zijn vaak complex. Veel aspecten zoals ruimtelijke ordening, welzijn, inkomen, onderwijs, participatie, milieubeleid en wijkvoorzieningen spelen een rol. Al deze aspecten kunnen een plek krijgen via een integrale benadering. Maar hoe bepaalt u welke interventie u gaat inzetten? Er zijn al veel interventies ontwikkeld en in de praktijk getoetst. Deze subsidieoproep is erop gericht om de toepassing van deze erkende interventies in de praktijk te bevorderen.

Maak gebruik van kennis en ervaring bij de buren

In heel Nederland zijn gemeenten bezig met de inrichting van hun gezondheidsbeleid. U bent niet de enige. Het is dan ook niet nodig om altijd zelf het wiel opnieuw uit te vinden. Kennis en ervaring opgedaan in andere gemeenten en in onderzoek kan voor u nuttig zijn. Doet u mee met deze oproep, dan kunt u heel makkelijk samenwerken met andere gemeenten en onderzoekers. Om in aanmerking te komen voor subsidie kunnen alleen samenwerkingsverbanden een aanvraag doen.

Samenwerkingsverbanden vragen de subsidie aan

Een samenwerkingsverband bestaat in ieder geval uit een Academische Werkplaats Publieke Gezondheid en/of een Werkplaats Sociaal Domein, minimaal drie gemeenten en de betrokken GGD(en). Daarnaast kunnen ook andere partijen deel uitmaken van het samenwerkingsverband. Per samenwerkingsverband kan maximaal € 500.000,- subsidie worden aangevraagd.

Waarom deze subsidie?

De subsidieoproep is gericht op het beter gebruiken van bestaande kennis: gevalideerde meetinstrumenten en erkende interventies. Ook wil ZonMw het samen leren door onderzoeksinstellingen en gemeentelijke uitvoeringspraktijk stimuleren.

Informatiebijeenkomst op 5 maart 2018

Meer weten? ZonMw organiseert op 5 maart 2018 een informatiebijeenkomst in Utrecht. De bijeenkomst duurt van 13.00 – 17.00 uur en vindt plaats bij Seats2meet.

Meer informatie


]]>
news-1987 Thu, 21 Dec 2017 13:46:02 +0100 Investering in psychosociale zorg voor vluchtelingen nog steeds nodig https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/investering-in-psychosociale-zorg-voor-vluchtelingen-nog-steeds-nodig/ Onderzoekers van ARQ en Pharos geven aan dat er verbeteringen in de psychosociale zorg voor vluchtelingen te zien zijn vergeleken met een jaar geleden. Maar er zijn nog steeds investeringen nodig om die zorg naar een goed kwaliteitsniveau te brengen.

ZonMw heeft een update laten maken van het in 2016 verschenen rapport Veerkracht en Vertrouwen dat hierover gaat. Het rapport laat zien dat er kennisvragen zijn rondom epidemiologie en wetenschappelijke onderbouwing van instrumenten en interventies. Daar ligt een taak voor ZonMw, volgens het rapport. 

Verbeterpunten

Daarnaast is versterking nodig van cultuursensitieve expertise, screening en preventieve activiteiten. Het aanbod van GGZ-zorg moet worden vergroot en op het lokale niveau binnen gemeenten moet meer samenhang komen in de hele keten van preventie tot en met gespecialiseerde zorg. 

De stakeholders die aan dit rapport hebben meegedaan raden daarvoor aan het landelijke Ondersteuningsprogramma Gezondheid Statushouders te verlengen en verbreden.

Lees de update: rapport Veerkracht en vertrouwen

]]>
news-1985 Thu, 21 Dec 2017 12:50:11 +0100 Minister Bruins ontvangt evaluatie 5 jaar Goed Gebruik Geneesmiddelen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/minister-bruins-ontvangt-evaluatie-5-jaar-goed-gebruik-geneesmiddelen/ Op 19 december hebben ZonMw directeur Henk Smid en Dick Dees, voorzitter GGG-raad, het evaluatierapport 5 jaar Goed Gebruik Geneesmiddelen (GGG) aangeboden aan minister Bruins voor Medische Zorg (VWS). Het GGG-programma is nu vijf jaar onderweg en werkt sinds 2012 aan het effectiever, veiliger en doelmatiger inzetten van geneesmiddelen.
In deze evaluatie, uitgevoerd door Technopolis, blijkt dat vijf jaar lang lijkt, maar voor een complexe vernieuwing als het verbeteren van geneesmiddelgebruik is het nog maar een korte periode. Bert Leufkens, voorzitter externe evaluatiecommissie: ‘Het is duidelijk dat er veel klinisch relevante kennis is opgedaan. Het GGG-programma heeft een grote impact op de kennisinfrastructuur rondom medicijngebruik. Onderzoekers zoeken elkaar op, agenderen relevante vraagstellingen, ontwikkelen interacties met het zorgveld en werken aan consortia om samen projecten uit te voeren.’ Maar er is ook verdere aandacht gewenst op het gebied van gerichte programmering, verbetering in de eerstelijnszorg - zoals therapietrouw en polyfarmacie -, en op het gebied van implementatie, patiëntenparticipatie en financiering door derden.

5 jaar GGG-programma

Sinds 2012 werkt het ZonMw-programma Goed Gebruik Geneesmiddelen aan het effectiever, veiliger en doelmatiger inzetten van geneesmiddelen. Ruim 140 projecten zijn gehonoreerd, die deels inmiddels zijn afgerond maar meestal nog volop aan de gang zijn. Daarnaast lopen er 170 projecten uit andere in GGG ondergebrachte geneesmiddelenprogramma’s.
Projecten uit het GGG-programma leveren resultaten op waar de patiënt direct baat bij heeft in de vorm van optimale behandeling die past bij de situatie van de patiënt, informatie over veiligheid van een geneesmiddel of een toedieningsvorm die beter bij de patiënt past. Maar ook in de vorm van ondersteuning welk medicijn het beste past bij de wensen van de patiënt. Dat betekent soms de keuze voor een extra of een ander middel omdat dat betere resultaten oplevert, maar het kan ook gaan over het stoppen van behandeling omdat het geen meerwaarde heeft.

De resultaten van het GGG-programma komen tot stand dankzij de inzet van patiënten, onderzoekers, zorgverleners en andere stakeholders die samen werken om een verschil te maken in de dagelijkse praktijk richting het optimaal gebruiken van geneesmiddelen.

Naar aanleiding van de evaluatie is het digitaal magazine: 5 jaar goed gebruik geneesmiddelen: grote impact op de zorg verschenen.

Meer informatie

Evaluatierapport 5 jaar Goed Gebruik Geneesmiddelen

]]>
news-1975 Thu, 21 Dec 2017 12:30:00 +0100 Stimuleringssubsidie Centrum Gezond Leven erkenningstraject https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/stimuleringssubsidie-centrum-gezond-leven-erkenningstraject/ Bent u interventie-eigenaar en wilt u graag uw interventie aanbieden ter beoordeling voor opname in de interventiedatabase Gezond en Actief Leven? Vraag dan nu subsidie aan. U komt in aanmerking voor ondersteuning als uw interventie het doel heeft gezondheid te bevorderen of ziekte te voorkomen. En als uw interventie is ontwikkeld of onderzocht binnen 1 van de volgende ZonMw programma’s: Preventie Programma 3, 4, 5 of Zwangerschap en Geboorte I.

Doel van de oproep

Met deze oproep wil ZonMw een bijdrage leveren aan de bevordering van gezondheid van mensen en  het zo veel mogelijk voorkomen van ziekte. De inzet van erkende interventies kan positief bijdragen aan het behalen van deze doelstellingen. Bij erkende interventies is er inzicht in de kwaliteit, uitvoerbaarheid en effectiviteit.

Interventiedatabase ‘Gezond en Actief Leven’

Vanuit ZonMw-programma’s is veel onderzoek naar interventies gefinancierd. Om de ontsluiting van deze onderzoeksresultaten en het gebruik van effectieve interventies te stimuleren, biedt ZonMw financiële ondersteuning bij het doorlopen van het erkenningstraject van het RIVM Centrum Gezond Leven (CGL). Interventie-eigenaren kunnen financiële ondersteuning krijgen bij het aanbieden en het doorlopen van dit CGL erkenningstraject. De subsidie wordt uitgekeerd als de erkenning is toegekend.

Deadline indiening

Vanaf 21 december kunt u uw aanvraag indienen. Subsidieaanvragen worden beoordeeld op volgorde van binnenkomst.  Nadat uw aanvraag bij ons is binnengekomen ontvangt u de beoordeling binnen 6 weken. De subsidie bedraagt maximaal € 15.000,- per aanvraag (incl. BTW). U dient het gevraagde subsidiebedrag te onderbouwen in uw aanvraag. Het totaal beschikbare budget binnen deze ronde bedraagt € 500.000,-. De looptijd bedraagt maximaal 12 maanden. Indien het volledig beschikbare subsidiebudget binnen deze subsidieronde is toegekend, kunnen er geen nieuwe aanvragen meer toegekend worden. Wij maken dit bekend op de website.

Meer informatie

]]>
news-1983 Thu, 21 Dec 2017 10:55:57 +0100 Digitaal magazine 5 jaar Goed Gebruik Geneesmiddelen: https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/digitaal-magazine-5-jaar-goed-gebruik-geneesmiddelen/ Effectief, veilig en doelmatig gebruik van bestaande geneesmiddelen. Daaraan werkt het GGG-programma van ZonMw, inmiddels al vijf jaar. Het digitale magazine '5 jaar GGG: Onderzoek naar goed gebruik geneesmiddelen’ laat het GGG-programma zien vanuit verschillende perspectieven. Het digitale magazine vertelt de verhalen over wat er komt kijken bij onderzoek dat het gebruik van geneesmiddelen verder kan verbeteren. En over de bijdrage van wetenschappelijk onderzoek aan de dagelijkse praktijk in de Nederlandse gezondheidszorg. Aan de hand van mooie voorbeelden komen projectleiders en stakeholders zelf aan het woord.

Het magazine is ontwikkeld naar aanleiding van de evaluatie die deze week aan minister Bruins voor Medische Zorg (VWS) is aangeboden door ZonMw.

Resultaten waar de patiënt direct baat bij heeft

In het magazine staan enkele thematische artikelen en wordt een overzicht weergegeven van opmerkelijke facts & figures. Daarnaast hebben onder het hoofdstuk ‘Opbrengsten en resultaten’ verschillende projecten in korte schetsen het podium gekregen, ondergebracht in de zeven ‘kamers van het GGG-huis’.  
Alle projecten zoals beschreven in het magazine leveren resultaten op waar de patiënt direct baat bij heeft in de vorm van optimale behandeling die past bij de situatie van de patiënt, informatie over veiligheid van een geneesmiddel of een toedieningsvorm die beter bij de patiënt past. Maar ook in de vorm van ondersteuning welk medicijn het beste past bij de wensen van de patiënt. Dat betekent soms de keuze voor een extra of een ander middel omdat dat betere resultaten oplevert, maar het kan ook gaan over het stoppen van behandeling omdat het geen meerwaarde heeft. De GGG-projecten leveren resultaten op om dit mogelijk te maken.
Voorbeelden hiervan zijn:

5 jaar GGG-programma

Sinds 2012 werkt het ZonMw-programma Goed Gebruik Geneesmiddelen aan het effectiever, veiliger en doelmatiger inzetten van geneesmiddelen. Ruim 140 projecten zijn gehonoreerd, die deels inmiddels zijn afgerond maar meestal nog volop aan de gang zijn. Daarnaast lopen er 170 projecten uit andere in GGG ondergebrachte geneesmiddelenprogramma’s.
Bij het GGG-programma zijn patiënten, onderzoekers, zorgverleners en andere stakeholders betrokken die voor deze resultaten hebben gezorgd en er aan werken een verschil te maken in de dagelijkse praktijk richting het optimaal gebruiken van geneesmiddelen.

Meer informatie

]]>
news-1979 Thu, 21 Dec 2017 08:09:15 +0100 Waarom continuering van HTA-methodologie onderzoek noodzakelijk is https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/waarom-continuering-van-hta-methodologie-onderzoek-noodzakelijk-is/ De gezondheidszorg is voortdurend onderhevig aan het maken van keuzes. Het ZonMw HTA-onderzoeksprogramma bewijst waarde door het bieden van oplossingsrichtingen voor relevante beleidsvragen in de zorg.


Een raadpleging onder stakeholders in het veld, waaronder Zorginstituut Nederland, laat duidelijk zien dat er blijvende behoefte is aan onderzoek naar HTA-methodologie ter beantwoording van relevante beleidsvragen. Dit vraagt om continuering van de onderzoeksfinanciering, nu het lopende HTA methodologie programma afgerond is.

Eindevaluatie

Op 30 november is de ‘Eindevaluatie van het Health Technology Assessment (HTA) methodologie programma ten behoeve van besluitvorming in beleid en praktijk in de zorg’ door ZonMw aangeboden aan drs. Wim de Haart, directie Geneesmiddelen en Medische Technologie bij VWS, tijdens het themasymposium van de Nederlandse Vereniging voor Technology Assessment in de Gezondheidszorg (NVTAG) over HTA-methodologie.

Uit de eindevaluatie komt naar voren dat het programma zijn waarde heeft bewezen en dat de resultaten door het ontwikkelen en verbeteren van instrumenten de eindgebruikers, zoals het ministerie van VWS, Zorginstituut Nederland, zorgprofessionals en zorgverzekeraars, oplossingsrichtingen bieden voor relevante beleidsvragen in de zorg. De resultaten van het programma zijn bijvoorbeeld nadrukkelijk gebruikt in de geactualiseerde richtlijn economische evaluaties, die in 2016 door Zorginstituut Nederland is gepresenteerd. De richtlijn richt zich op interventies in brede zin, dus niet alleen op geneesmiddelen, en speelt een essentiële rol bij het onderbouwen van beslissingen over het al dan niet toelaten van nieuwe interventies tot het verzekerde pakket. Ook heeft het programma gezorgd voor een versterking van de kennisinfrastructuur.

Tijdens de NVTAG meeting werd duidelijk dat de Nederlandse onderzoekers momenteel internationaal tot de top behoren. Om de aansluiting zowel nationaal als internationaal te blijven houden en het liefst voorop te lopen in de ontwikkelingen door het bieden van oplossingsrichtingen voor actuele en toekomstige beleidsvragen in de zorg, is continuering van de onderzoeksfinanciering noodzakelijk.

Opereren op breder terrein 

De internationale commissie die de externe evaluatie van het HTA-methodologieprogramma heeft uitgevoerd ziet de groeiende internationale aandacht en komt met de aanbeveling om het HTA-methodologie programma te continueren. Een raadpleging onder stakeholders in het veld, waaronder Zorginstituut Nederland, laat bovendien duidelijk zien dat er blijvende behoefte is aan dergelijk onderzoek ter beantwoording van relevante beleidsvragen. Wel is het van belang hierbij op een breder terrein te opereren; er spelen bijvoorbeeld ook veel vragen op het terrein van jeugd, ouderenzorg en de geestelijke gezondheidszorg, zoals bleek tijdens het themasymposium. Tevens is het van belang dat het programma aansluit bij lopende nationale en internationale ontwikkelingen, zoals EUnetHTA JA3.

Meer informatie

]]>
news-1973 Tue, 19 Dec 2017 11:08:29 +0100 Onderzoek naar de relatie tussen voeding, darmbacteriën en gezondheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-de-relatie-tussen-voeding-darmbacterien-en-gezondheid/ Begin 2018 starten 11 internationale onderzoeksprojecten om meer inzicht te krijgen in de relatie tussen voeding, het darm-microbioom en gezondheid. De projecten zijn gehonoreerd in een internationale subsidieronde van HDHL INTIMIC, een ERA-NET binnen het JPI HDHL. In de projecten zijn 45 onderzoeksgroepen uit 8 landen vertegenwoordigd. Financiering is afkomstig uit de 8 deelnemende landen, aangevuld met een extra budget vanuit de Europese Commissie. In totaal is ruim 9,5 miljoen euro beschikbaar voor de gehonoreerde projecten met een looptijd van 2 tot 3 jaar.

Voortbouwen op eerder onderzoek

Begin 2017 werd de subsidieronde gelanceerd door 9 deelnemende landen. Van de 66 vooraanmeldingen die werden ingediend, zijn 28 consortia uitgenodigd om een volledige aanvraag in te dienen. Een wetenschappelijk panel met experts in dit veld heeft hiervan 11 projecten aanbevolen voor honorering.
De gehonoreerde onderzoeken bouwen voort op de 6 projecten uit een eerdere gezamenlijke JPI HDHL subsidieronde, Intestinal Microbiomics. Om de impact van de onderzoeksresultaten te vergroten, gaan alle gehonoreerde projecten uit beide subsidierondes deel uitmaken van een kennis platform in dit onderzoeksveld dat later binnen dit ERA-NET wordt opgezet.

Waarom onderzoek naar het microbioom?

Het darm-microbioom is een ecosysteem waarin biljoenen micro-organismen (met name bacteriën) leven en ons helpen om bijvoorbeeld ons eten te verteren. Steeds duidelijker wordt dat de samenstelling van het darm-microbioom metabole processen in het lichaam sterk beïnvloed en daarmee ook het ontstaan en verloop van chronische aandoeningen. De onderliggende mechanismen en de exacte rol die voeding hierin speelt is grotendeels onduidelijk. Dit is de reden dat aangesloten landen binnen het JPI HDHL krachten bundelen om internationaal hoogstaand onderzoek op dit gebied mogelijk te maken.

Nederlandse deelname

Nederland is goed vertegenwoordigd met onderzoeksgroepen van het AMC, TNO en Radboud UMC in 5 van de 11 gehonoreerde projecten. De focusgebieden van deze 5 projecten lopen uiteen van de ontwikkeling van het darm-microbioom bij baby’s tot het darm-microbioom in relatie tot diabetes en darmkanker tot de invloed van een westers en traditioneel dieet op het darm-microbioom.

Meer informatie


]]>
news-1972 Tue, 19 Dec 2017 11:03:19 +0100 Inschrijving Innovatie door co-creatie: ZonMw PPS dag geopend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/inschrijving-innovatie-door-co-creatie-zonmw-pps-dag-geopend/ Op donderdag 15 februari 2018 organiseert ZonMw in samenwerking met Health~Holland, NWO en RVO de 3e editie van de ZonMw Publiek-private samenwerking dag: Innovatie door co-creatie in Utrecht. In het middagprogramma zijn vier thema’s (financieringsvormen, valorisatie, Big Data en MKB in PPS) met elk drie sessies. Tijdens de pauze is een informatiemarkt voor aankomende PPS subsidieoproepen waar vraag en aanbod bijeen komen. Meer informatie over het programma vind je op de website.

Heb je interesse om de middag bij te wonen? Aanmelden kan via onze website. De toegang is gratis, aanmelding vereist. Mocht je nog vragen of opmerkingen hebben dan kan je deze mailen naar pps@zonmw.nl

]]>
news-1970 Tue, 19 Dec 2017 10:00:29 +0100 TopZorg: het perspectief van de patiënt in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/topzorg-het-perspectief-van-de-patient-in-het-elisabeth-tweesteden-ziekenhuis/ Sinds jaar en dag legt het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis de nadruk op de kwaliteit van leven van de patiënt. En op het dagelijks functioneren na de behandeling, bijvoorbeeld bij een hersenaandoening. Tijdens een sitevisit van de begeleidingscommissie werd duidelijk welke impuls TopZorg hieraan geeft. Niet alleen medisch

Binnen het ZonMw-programma TopZorg werkt het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis (ETZ) aan vernieuwing in wetenschappelijk onderzoek en zorg in het neuro- en traumadomein. Het ETZ noemt gezondheid een samenspel tussen lichaam en geest, en kijkt dus niet alleen naar het medische probleem. Het belang hiervan werd duidelijk in focusgroepinterviews, waarin patiënten vertelden over de opvang na een traumabehandeling. Zij bespraken wat goed gaat en waarvan ze last hebben in hun dagelijks leven.

‘Zachtere’ uitkomstmaten

Hoogleraar Jolanda de Vries is als gezondheidszorgpsycholoog nauw betrokken bij het TopZorg-werk van het ETZ. Binnen haar leerstoel aan Tilburg University is ‘kwaliteit van leven’ een aandachtsgebied. Het TopZorg-onderzoek bouwt voort op wat we als ziekenhuis al deden, aldus De Vries: wetenschappelijk onderzoek naar de ‘zachtere’ uitkomsten van zorg. Neurochirurg Geert-Jan Rutten onderstreept het belang daarvan: ‘Vijftien jaar geleden deden we als neurochirurgen al aan nazorg. Medisch kun je iemand vaak uitstekend behandelen, maar na een paar maanden blijken patiënten veel dagelijkse dingen toch niet meer goed te kunnen. Daarmee wil je ze óók helpen. Met TopZorg kunnen we dit aspect van de behandeling veel systematischer uitdiepen.’

Beter voorspellen

Dat helpen kan bijvoorbeeld met de inzet van een zogeheten functionele MRI (fMRI). Neurowetenschappers meten met een MRI-scanner hersenactiviteit, maar in de klinische praktijk worden deze metingen nog maar amper gebruikt. Het ETZ ontwikkelt nieuwe toepassen die zijn gericht op de individuele patiënt. Rutten: ‘Neem mensen die concentratieproblemen ervaren. Wij laten ze onder de scanner een concentratieoefening doen. Door op dat moment de hersenactiviteit te meten, onderzoeken we waar het misgaat bij die patiënt.’ Het ETZ wil predictiemodellen ontwikkelen om beter te kunnen voorspellen welke klachten de patiënt gaat krijgen na de operatie, en welke patiënt baat kan hebben bij specifieke vormen van revalidatie, vervolgt Rutten. ‘De gemeten hersenactiviteit gaat ons binnenkort hopelijk laten zien waar goede kansen op herstel liggen. Als je vervolgens de behandeling vooral daarop richt, is dat beter voor de patiënt én het maakt de zorg doelmatiger.’

Multidisciplinaire nazorg

Begin 2018 opent het ETZ een multidisciplinaire nazorgpoli voor psychosociale en cognitieve problemen, vervolgt De Vries. ‘Neurochirurgie, neurologie, trauma of IC; de patiënten van deze afdelingen kampen met vergelijkbare problemen. In de nazorgpoli bespreken we patiënten in een multidisciplinair overleg, zodat je samen een behandeling op maat kunt bedenken.’ De poli werkt samen met de eerste lijn, zodat patiënten voor hun nazorg niet steeds naar het ETZ hoeven. Ook komen er e-health-toepassingen, bijvoorbeeld een app voor patiënten met een hersentrauma. Rutten vindt het multidisciplinaire karakter van de nazorgpoli cruciaal. De verschillende specialismen kunnen zo van elkaar leren. De Vries noemt nog een ander belangrijk punt: ‘Als juist de dokter jou vraagt waar je problemen mee hebt, krijg je als patiënt het gevoel dat het om meer gaat dan de medische behandeling. En dat je dus ook over andere problemen kunt beginnen.’

TopZorg als vliegwiel

Rutten en De Vries zien de impuls van TopZorg als een vliegwiel. Het wetenschapsbureau van het ETZ is verder geprofessionaliseerd en de onderzoekscultuur is versterkt, zodat promovendi eerder de neiging zullen hebben te blijven. De samenwerking met Tilburg University wordt verder uitgebouwd. En het systematisch onderzoeken van de meerwaarde van een multidisciplinaire aanpak, zo besluit De Vries, zorgt voor een sterkere case voor de zorgverzekeraars. Zodat de focus in de zorg van het ETZ kan blijven liggen op het perspectief van de patiënt.

Thea Vliet Vlieland, bijzonder hoogleraar Doelmatigheid van revalidatieprocessen, in het bijzonder fysiotherapie (LUMC) en lid van de begeleidingscommissie TopZorg, over de sitevisit aan het Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis op 4 december 2017:

‘Het op grotere schaal inzetten van kwalitatieve onderzoeksmethoden in de onderzoeksprogramma’s van het Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis, is heel innovatief. Daardoor ontstaat meer ruimte om goed zicht te krijgen het patiëntenperspectief. Het is belangrijk om patiënten binnen wetenschappelijk onderzoek een stem te geven. Dat maakt het ook mogelijk om goed vast te stellen hoe je maatwerk kunt bieden, bijvoorbeeld in de nazorg. Een grote uitdaging is om de meerwaarde van die gepersonaliseerde aanpak ook in maat en getal uit te drukken. Zijn patiënten daadwerkelijk meer tevreden over de zorg die ze ontvangen? Leidt het aantoonbaar tot een betere kwaliteit van leven? De ervaringen die het ETZ binnen TopZorg opdoet, zijn erg leerzaam voor andere ziekenhuizen. Ik denk met name aan het concept value based healthcare, waar het St. Antonius Ziekenhuis mee bezig is. De organisatie van de zorg rondom ‘waarde’ voor de patiënt, waarbij je uitkomsten van zorg en ervaringen afzet tegen de kosten, is bij uitstek iets waaraan het ETZ heel concreet werkt.’


Tekst: Marc van Bijsterveldt
Beeld: Elisabeth-Tweesteden Ziekenhuis

]]>
news-1963 Mon, 18 Dec 2017 14:04:33 +0100 Ondersteuning van mensen met een licht verstandelijke beperking https://publicaties.zonmw.nl/ondersteuning-van-mensen-met-een-licht-verstandelijke-beperking/ Uit verschillende onderzoeken blijkt dat een grote groep mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) moeite heeft om mee te komen in onze steeds complexer wordende samenleving. Zo zijn zij oververtegenwoordigd in het justitiële domein (42% van de gedetineerden). https://publicaties.zonmw.nl/investeren-in-lokale-hulp-van-mensen-met-een-lvb/

]]>
news-1962 Mon, 18 Dec 2017 13:22:55 +0100 Integriteit bewaken bij praktijkgericht onderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/integriteit-bewaken-bij-praktijkgericht-onderzoek/ Niet alleen op hogescholen, maar ook op HBO moet er aandacht zijn voor wetenschappelijke integriteit. In het ZonMw programma Bevorderen van Verantwoorde Onderzoekspraktijken is hier al aandacht voor. Binnen een van de projecten wordt in kaart gebracht wat het beleid van verschillende instellingen op dit terrein is. Ook willen de onderzoekers inzicht krijgen in de vraag waar onderzoekers zoal tegenaan lopen op het gebied van wetenschappelijke integriteit. Lees het artikel in Science Guide.

]]>
news-1958 Mon, 18 Dec 2017 10:54:11 +0100 Briljante Mislukkingen Award Zorg 2017 uitgereikt https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/briljante-mislukkingen-award-zorg-2017-uitgereikt/ Op de Dag van de Briljante Mislukking, 7 december 2017, reikte Erik Gerritsen, Secretarisgeneraal, ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en ambassadeur van Het Instituut voor Briljante Mislukkingen, de Briljante Mislukkingen Award Zorg 2017 publieksprijs uit aan Bart Knols met de casus ‘Uitroeien gelekoortsmug’. Een jury onder voorzitterschap van prof. Dr. Paul Louis Iske koos de casus Kwikzilver, van Neel Schouten als winnaar uit acht genomineerde casussen. De prijs is vernoemd naar het Instituut en staat voor het leren en delen van projecten die anders lopen dan verwacht.

De publieksprijs werd gewonnen door Bart Knols met zijn case “Voor eens en voor altijd: het uitroeien van de gelekoortsmug op Aruba”: Een project om de gelekoortsmug uit te roeien op Aruba dat niet van de grond kwam. Een belangrijke les voor Bart Knols was dat wat voor jou een prioriteit is lang niet altijd een prioriteit voor anderen hoeft te zijn, al is jouw prioriteit nog zo relevant. Onvoldoende draagvlak en politiek spel zorgden voor een tekort aan financiële middelen voor de uitvoer van het project.

De eerste prijs van de vakjury ging naar de casus ‘Cliëntgerichte zorg in de GGZ vraagt om Kwikzilver’. GGZ in Geest Amsterdam slaagde er niet in om waardevolle inzichten en bevindingen van de succesvolle proeftuin Kwikzilver te implementeren. Resultaat: veel opgedane kennis, waar helaas niks mee is gedaan. Waardoor de beoogde omslag om tot een meer cliëntgerichte zorg te komen niet is gerealiseerd. De vakjury bestond dit jaar uit: Cora Postema (ervaringsdeskundige, ministerie van Leven), Cathy van Beek (Radboud UMC), Henk Smid (directeur ZonMW), Bas Bloem (Parkinson Center Nijmegen), Edwin Bas (GfK), Gelle Klein Ikkink (Ministerie VWS), Michael Rutgers (Longfonds), Mathieu Weggeman (TU Eindhoven), Henk Nies (Vilans) en voorzitter Paul Iske (Het Instituut voor Briljante Mislukkingen).

Het is de vierde keer dat deze zorgaward werd uitgereikt. Met de uitreiking van de award wil het Instituut voor Briljante Mislukkingen in samenwerking met het ministerie van VWS, GfK, Vilans, Federatie Medisch Specialisten en ZonMw een bijdrage leveren aan het innovatieklimaat binnen de sector. “Komend jaar bouwen we ook verder aan een leer- en kennisomgeving rondom briljante mislukkingen: om mensen te stimuleren om nog meer lessen te delen en deze ook daadwerkelijk in de praktijk te brengen” aldus Paul Iske.

Bron: Stichting Instituut voor Briljante Mislukkingen

Meer informatie:

]]>
news-1879 Mon, 18 Dec 2017 07:52:00 +0100 Partydrug 4-FA: gebruikers en gebruik in beeld https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/partydrug-4-fa-gebruikers-en-gebruik-in-beeld/ Voor de meerderheid van de gebruikers van de partydrug 4-fluoramfetamine (4-FA) is zowel de risicoperceptie als het gebruik van dit middel veranderd na de waarschuwingen, negatieve berichtgevingen en het verbod per 25 mei 2017.
Dertig procent van de onderzochte gebruikers gaf aan te zijn gestopt en 29 procent gaf aan het gebruik anderszins te hebben aangepast. Dat blijkt uit het verkennende onderzoek van het Trimbos-instituut en het Bonger-instituut, gefinancierd door ZonMw in opdracht van het ministerie van VWS.

Wat is onderzocht?

Doel van het onderzoek was het verkrijgen van een beeld van 4-FA-gebruikers en de ervaren gezondheidsproblemen. Tevens is nagegaan in hoeverre 4-FA gebruikers hun risico-inschatting en/of gebruik hebben veranderd als gevolg van recente waarschuwingscampagnes. De gegevens zijn onder meer afkomstig van een online survey onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen die 4-FA hebben gebruikt, interviews met professionals en veldwerk onder overwegend lager opgeleide, 4-FA gebruikers op feesten buiten de Randstad, waar vooral ‘hardere’ electronic dance music wordt gedraaid.

Ervaren effecten gebruik en gezondheidsproblemen

De ondervraagde gebruikers verkiezen 4-FA boven ecstasy omdat het middel minder controleverlies veroorzaakt, de effecten minder zichtbaar zijn en de dip daarna minder sterk is. Het euforische gevoel en de stimulerende werking zijn eveneens belangrijke  motieven voor gebruik.
De meeste gebruikers (80 procent) ervaren ook negatieve effecten bij het gebruik van 4-FA. De meest voorkomende klachten zijn slaapproblemen, hoofdpijn en een dip in de dagen na gebruik. Ook hartkloppingen, duizeligheid en hallucinaties komen voor.
Negatieve effecten waren voor tweederde van de gebruikers reden om te minderen met 4-FA; een derde van deze groep stopte helemaal, een kwart minderde en één op de tien gebruikte minder per keer. Gebruikers vinden het moeilijk risicovolle doseringen in te schatten. De gebruiks- en toxische hoeveelheid lijken bovendien dicht bij elkaar te liggen; professionals durven hierdoor ook geen ‘minder risicovolle dosering’ te noemen. 

Zelf-gerapporteerde effecten waarschuwingscampagnes

De waarschuwing en negatieve berichtgeving in de media over risico’s van 4-FA hebben op veel gebruikers indruk gemaakt. Een meerderheid beschouwt de waarschuwing als terecht, betrouwbaar en relevant. Voor tweederde van de gebruikers veranderde de waarschuwing hun risicoperceptie. Dertig procent gaf aan te zijn gestopt en 29 procent had het gebruik anderszins aangepast.
Een kleine groep believers blijft 4-FA gebruiken ondanks verboden, waarschuwingen en gezondheidsproblemen. Zij informeren zich vaak wel, achten zichzelf bewust van de risico’s en nemen deze bewust. Een misvatting die bij hen geadresseerd kan worden is dat ernstige incidenten alleen voorkomen bij overdosering of combinatiegebruik. Door het verbod is mogelijk een 4-FA schaarste ontstaan, waardoor het gebruik (verder) wordt terug gedrongen, maar dit zal de komende tijd moeten blijken.

Meer informatie

]]>
news-1876 Mon, 18 Dec 2017 07:18:00 +0100 Lachgas gemakkelijk verkrijgbaar, maar niet zonder risico’s https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/lachgas-gemakkelijk-verkrijgbaar-maar-niet-zonder-risicos/ De afgelopen jaren gebruiken steeds meer jongeren en jongvolwassenen lachgas als een roesmiddel. Het middel wordt dan geïnhaleerd uit een ballon gevuld met lachgas uit slagroompatronen. Deze patronen zijn eigenlijk bedoeld als drijfgas om er slagroom uit een cilinder mee te kunnen spuiten. Het risico op ernstige acute gezondheidsincidenten is gering, maar negatieve effecten op de gezondheid op de kortere en langere termijn komen wel degelijk voor. Dat blijkt uit het onderzoek "Roes met een luchtje" van het Trimbos-instituut (Utrecht) en het Bonger Instituut (Universiteit van Amsterdam). Het onderzoek is gedaan met financiering van ZonMw in opdracht van het ministerie van VWS.

Wie gebruikt lachgas?

Doel van het onderzoek was het verkrijgen van een beeld van de verschillende gebruikersgroepen van lachgas en inzicht in het problematisch gebruik en de context van gebruik. Veel verschillende doelgroepen gebruiken lachgas: van jonge pubers die nog nooit alcohol of drugs hebben gebruikt tot doorgewinterde uitgaanders die veel ervaring hebben met allerlei roesmiddelen. Het gebruik van lachgas is het hoogst onder jongeren en jongvolwassenen uitgaanders.

Hoe gebruiken jongeren lachgas?

Lachgas wordt meestal samen met anderen gebruikt. Het grootste deel doet het af en toe en gebruikt dan één of een paar ballonnen per persoon. Maar naast deze gelegenheidsgebruikers zijn er ook jongeren met een extremer gebruikspatroon, waarbij in groepsverband heel veel lachgas op een avond wordt gebruikt (‘bingen’). Van degenen die het laatste jaar lachgas hebben gebruikt, doet tussen de tien (bevolking 15 jaar en ouder) en twintig procent (uitgaanders) dit minstens één keer per maand. Degenen die elke maand lachgas gebruiken, nemen op uitgaansdagen gemiddeld meer ballonnen dan degenen die minder vaak gebruiken.

Risico’s en risicoperceptie

Jongeren denken heel verschillend over de gezondheidsrisico’s van lachgas. Vooral jongere gebruikers (van 12-14 jaar), die weinig ervaring met andere middelen hebben, zien lachgas vaak niet als een echte ‘drug’ en vinden dat er nauwelijks risico’s zijn. Anderen, vaak degenen die lachgas wel als een ‘drug’ zien, erkennen dat er risico’s zijn, al nemen zij die lang niet altijd serieus. Het risico op ernstige acute gezondheidsincidenten lijkt gering, maar gebruikers rapporteren wel degelijk negatieve effecten. Tijdens of kort na lachgasgebruik zijn dit met name hoofdpijn, duizeligheid en tintelingen van handen en voeten. Daarna volgen verwardheid, misselijkheid en craving (hunkering om opnieuw te gebruiken). De meest voorkomende zelf-gerapporteerde negatieve gezondheidseffecten op lange termijn zijn: concentratieproblemen, tintelingen, moeheid en duizelingen. Hierbij geldt: hoe vaker en meer lachgas wordt gebruikt, hoe vaker op lange termijn tintelingen, craving en gewenning worden ervaren. Op grond hiervan kan het risico op verslaving niet uitgesloten worden.

Aanbevelingen voor beleid, praktijk en onderzoek

Lachgas heeft bij veel jongeren een positief, onschuldig imago. Houd hier rekening mee in de preventie en voorlichting onder jongeren door met een eerlijke boodschap te komen, afgestemd op de ervaringen van de (jonge) gebruikers, is een van de aanbevelingen. Het meer stroomlijnen van de voorlichting door gemeenten, scholen en professionals is een ander aandachtspunt, net als de brede en gemakkelijke beschikbaarheid. Dat laatste kan worden tegengegaan door het stimuleren van beperkende maatregelen in de detailhandel.

Meer informatie

]]>
news-1939 Wed, 13 Dec 2017 16:00:18 +0100 Werkt Kopstoring? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/werkt-kopstoring/ Kinderen van ouders met psychische - of verslavingsproblemen zijn enthousiast over de online cursus ‘Kopstoring’. Deze kinderen hebben een groot risico om dezelfde problematiek te ontwikkelen als hun ouders. De cursus geeft deelnemers voorlichting en biedt hen de kans om anoniem in contact te komen met lotgenoten. Veel van deze jongeren zijn erg kwetsbaar en durven het onderwerp niet te bespreken in hun directe omgeving. Uit de procesevaluatie bleek dat zowel de jongeren als de uitvoerders positief waren over de cursus. Het lotgenotencontact werkte verlichtend en liet zien dat er meer jongeren zijn die met dezelfde problemen worstelen. De klinische evaluatie liet echter geen significante verbetering in psychische klachten zien, waarschijnlijk  vanwege het lage aantal deelnemers.  

Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen

Uit het onderzoek blijkt dat verouderde medische wetgeving, de huidige bekostiging, de inrichting van de jeugdzorg en methodologische problemen onderzoek naar online interventies ernstig bemoeilijkt. De Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen is niet meegegroeid met nieuwe technologische ontwikkelingen. Drempelverhogend is dat deelnemers toestemming op papier moeten geven voor het gebruik van onderzoeksgegevens, terwijl de interventie geheel online plaatsvindt.

Aanpassing wet

Recent is een aanpassing in de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen doorgevoerd. Dit maakt het includeren van minderjarigen makkelijker. Voorheen was toestemming van (een van) de ouders nodig als een 16- of 17-jarige wilde deelnemen aan wetenschappelijk onderzoek. Dit terwijl deze leeftijdsgroep wel zelfstandig mag beslissen een medische behandeling te ondergaan. Dit zorgde ervoor dat het aantal 16- en 17-jarigen ondervertegenwoordigd was in onderzoek. Inmiddels zijn jongeren vanaf 16 jaar zelfstandig bevoegd te beslissen om deel te nemen aan wetenschappelijk onderzoek.

Mentale gezondheid

Bij ZonMw is aandacht voor vroegtijdige opsporing van psychische aandoeningen. Deze aandoeningen hebben een grote impact op de kwaliteit van leven. Bijzondere aandacht gaat hierbij uit naar kwetsbare groepen zoals jongeren, mantelzorgers en jonge moeders.

Meer informatie


]]>
news-1914 Mon, 11 Dec 2017 15:35:56 +0100 Miljoenenbesparing door korter dragen van steunkous na trombose https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/miljoenenbesparing-door-korter-dragen-van-steunkous-na-trombose/ Bij de helft van alle patiënten die een steunkous dragen om complicaties na een trombosebeen te voorkomen, kan de draagduur zonder gevolgen met anderhalf jaar worden verkort tot zes maanden. Dat is een verlichting voor patiënten en zou alleen al in Nederland een zorgkostenbesparing opleveren van meer dan tien miljoen euro op jaarbasis. The Lancet Haematology publiceerde de resultaten uit dit onderzoek, dat uitgevoerd is door Maastricht UMC+ en gefinancierd door het ZonMw-programma DoelmatigheidsOnderzoek. Post-trombotisch syndroom (PTS) is een bijwerking die kan optreden na een trombose in het been en kan onder meer leiden tot chronische pijn en zwelling. Zonder preventieve maatregelen komt dit bij ongeveer de helft van de patiënten voor. Om de kans op PTS te verlagen, schrijven de huidige richtlijnen voor om twee jaar lang een elastische steunkous te dragen. Dat reduceert de kans op PTS tot ongeveer 20-30 procent. Het dragen van een steunkous kan echter ook tot fysiek ongemakken leiden (met name tijdens warme dagen) en tot verlies van zelfstandigheid in gevallen dat de kous moet worden aan- en uitgetrokken door thuiszorg of mantelzorgers. De Maastrichtse wetenschappers onderzochten of die draagduur niet korter zou kunnen.

Verkorte therapie

Het onderzoek werd uitgevoerd in veertien ziekenhuizen, waarvan twaalf in Nederland en twee in Italië. Daarbij werden 865 patiënten na een trombose willekeurig ingedeeld in twee groepen: de controlegroep (standaard twee jaar lang een steunkous) of de groep waarbij een personaliseerde aanpak werd gekozen. In beide groepen bleek in ongeveer een kwart van de gevallen PTS op te treden. Echter bleek bij meer dan de helft van de patiënten die de gepersonaliseerde aanpak kregen, dat de steunkous na zes maanden overbodig was. Bij nog eens 11 procent kon de steunkous-therapie na een jaar worden stopgezet.

Miljoenenbesparing

iStockiStockHet eerder stopzetten van de therapie bespaart patiënten de ongemakken die het dragen van een steunkous met zich mee kan brengen. Door een gepersonaliseerde aanpak te kiezen kunnen daarnaast miljoenen euro's per jaar worden bespaard. Jaarlijks krijgen in Nederland 25.000 mensen een steunkous na trombose, met een totale kostenpost van 23,5 miljoen euro. Door de draagduur van de steunkous bij de helft van alle patiënten met anderhalf jaar te verkorten kan naar schatting meer dan tien miljoen euro per jaar worden bespaard.

Zinnige zorg

"Hoe de standaardrichtlijn van twee jaar tot stand is gekomen, is eigenlijk niet geheel duidelijk en ook nooit goed onderzocht", zegt hoofdonderzoeker dr. Arina ten Cate. "Daarom hebben wij de handschoen opgepakt. De maatschappij vraagt namelijk om zinnige zorg. Als we de patiënt fysiek ongemak kunnen besparen en de zorgkosten ook nog eens kunnen drukken, dan zijn dat twee vliegen in één klap." In het Maastricht UMC+ wordt de standaard richtlijn van twee jaar draagtijd dan ook niet meer aangehouden, maar wordt de therapie aangepast op de individuele patiënt.

Bron: website Maastricht UMC+

Meer informatie

 

]]>
news-1913 Mon, 11 Dec 2017 15:05:18 +0100 Innovatieve ideeën in de sport beloond met Nationale Sportinnovator Prijs 2017 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/innovatieve-ideeen-in-de-sport-beloond-met-nationale-sportinnovator-prijs-2017/ Tijdens het jaarlijks Sportinnovator Event XL op 11 december 2017 heeft juryvoorzitter en lid van het Topteam Sport Martin Olde Weghuis samen met Directeur-Generaal Volksgezondheid van VWS Angelique Berg zes innovaties beloond met de Nationale Sportinnovator Prijs 2017. Zij ontvangen van Sportinnovator een geldbedrag van in totaal 250.000 euro om hun innovatie door te ontwikkelen tot een concreet product dat onze olympische en paralympische sporters een streepje voor geeft in Tokyo 2020. Uit 36 ingediende voorstellen zijn zes innovaties gekozen door een jury bestaande uit een delegatie van het Topteam Sport en experts uit het veld. Het thema van de Nationale Sportinnovator Prijs 2017 was “Towards Tokyo 2020’, waarmee op zoek is gegaan naar revolutionaire ideeën die potentieel van grote invloed zijn op de sportprestaties van TeamNL. De winnende innovaties blinken uit in hun grote impact voor de (top)sport en komen tegemoet aan een actuele behoefte of vraag van de sporters of coaches/trainers zelf. “Met deze innovaties kunnen we werkelijk het verschil maken tussen goud of zilver”, aldus juryvoorzitter Olde Weghuis.

Prijswinnaars

De prijswinnaars van de NSP 2017 zijn:

Dit zijn dé innovaties die niet alleen topsporters op weg helpen in het leveren van hun ultieme sportprestaties in Tokyo, maar die op termijn ook ten goede komen aan de gezondheidszorg of de maatschappij.

Runner-up de Chill Pill

Naast de zes winnaars is er een zogeheten runner-up benoemd tijdens het Sportinnovator Event XL in het Cars Jeans Stadion in Den Haag. De Chill Pill, een koelingspil ter verbetering van sportprestaties tijdens hitte, ontvangt een financiële impuls van het Topteam Sport om hun potentiële doorbraaktechnologie verder te onderzoeken en te ontwikkelen. 

Focus op samenwerking en betrokkenheid sportbonden

Vanuit het gedachtegoed dat samenwerking tussen verschillende sectoren (sport, wetenschap, bedrijfsleven en overheid) de ontwikkeling tot rendabele innovaties enorm kan versnellen, is door de jury ook gelet op de samenwerkende partijen achter de innovatie. Nog te vaak worden innovaties in isolatie van de bestaande behoefte of vraag in de topsport ontwikkeld. Met deze prijs is het gelukt om sportbonden actief te laten aanhaken bij innovaties in de sport. De grote betrokkenheid van diverse sportbonden bij de winnende innovaties versterkt de potentiële impact van de innovaties. Niet alleen voor de topsporters van Tokyo 2020, maar ook voor de doorvertaling naar de meer recreatieve sporter

Over de Nationale Sportinnovator Prijs

Sportinnovator is een initiatief van Topteam Sport en ZonMw in opdracht van het Ministerie van VWS. Het doel van dit programma is het rendement van kennis en innovatie in de sport te vergroten. Daarbij worden naast de wetenschap en de sport ook nadrukkelijk het bedrijfsleven en overheden betrokken. Door stimulering van deze samenwerking komen nieuwe sportinnovaties tot stand. Zo wordt een bijdrage geleverd aan meer en betere prestaties in de topsport, een hogere sportdeelname en een actieve leefstijl. Om nieuwe innovaties in de (top)sport te stimuleren organiseert ZonMw, in opdracht van het Topteam Sport, jaarlijks de Nationale Sportinnovator Prijs. Voor meer informatie: www.sportinnovator.nl

]]>
news-1902 Mon, 11 Dec 2017 09:00:00 +0100 Effectonderzoek naar de Gezonde School aanpak https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/effectonderzoek-naar-de-gezonde-school-aanpak/ Op 9 januari 2018 opent de ZonMw-subsidieronde voor evaluatieonderzoek naar de effecten van de Gezonde School aanpak. Deze oproep moet kennis opleveren over de invloed van de Gezonde School aanpak op de schoolomgeving, leefstijl en de gezondheid van leerlingen. In een informatiebijeenkomst op 8 februari 2018 wordt deze subsidieoproep nader toegelicht. Naast een toelichting op de subsidieoproep tijdens deze informatiebijeenkomst, presenteren de leden van het landelijke programmateam Gezonde School de Gezonde School aanpak. Ook passeren een aantal voorbeelden de revue, worden tips en tricks gedeeld en krijgt u antwoord op uw vragen over de subsidieoproep.

Wat levert het op?

Doel van deze subsidieoproep is met onderzoek de Gezonde School aanpak te optimaliseren. Inzicht krijgen in wat werkt en hoe het werkt, werkzame elementen, succes- en knelpunten en randvoorwaarden. Onderzocht worden scholen en GGD ’en die werken met (varianten van) de aanpak Gezonde School. De focus daarbij ligt op het evalueren van inhoud, bereik en haalbaarheid van de aanpak en van effecten van de aanpak op schoolniveau en leerlingniveau.
Scholen, GGD’en, JGZ- instellingen en gemeenten kunnen met de resultaten een goed onderbouwde keuze maken voor onderdelen van Gezonde School die passen bij de lokale context en mogelijkheden.

Subsidie

Deze subsidieronde wordt gefinancierd uit het ZonMw-programma Opvoeding en Onderwijs, onderdeel van het vijfde Preventieprogramma. In de subsidieoproep vindt u vanaf 9 januari 2018 informatie over het onderzoeksthema, randvoorwaarden en beoordelingsprocedure. Houd de ZonMw-subsidiekalender in de gaten.

Meer informatie


]]>
news-1903 Thu, 07 Dec 2017 17:01:39 +0100 Het Europese ERA-Net project voor onderzoek aan zeldzame ziekten, heeft de Joint Transnational Call (JTC) 2018 geopend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/het-europese-era-net-project-voor-onderzoek-aan-zeldzame-ziekten-heeft-de-joint-transnational-call/ Op 7 december 2017 heeft E-Rare, het Europese ERA-Net project voor onderzoek aan zeldzame ziekten, de Joint Transnational Call (JTC) 2018 geopend. De titel van deze subsidieronde luidt: 'Transnational research projects on hypothesis-driven use of multi-omic integrated approaches for discovery of disease causes and/or functional validation in the context of rare diseases'. Informatie over oproep

Transnationale onderzoeksvoorstellen dienen betrekking te hebben op ten minste een van de volgende gebieden, die voor deze oproep even belangrijk zijn:

  • Gecombineerde multi-omics benaderingen (bijvoorbeeld epigenomics, transcriptomics, metabolomics, proteomics, etc.) die gen ontdekking gebaseerd op genomics strategieën aanvullen op basis van een duidelijk hypothese;
  • Functionele validatie van klinische of biologische gevolgtrekkingen verkregen uit '-omics' resultaten, b.v. door:
    - ontwikkeling van nieuwe computationele, statistische en experimentele methoden voor analyse en interpretatie van bestaande multi-omic datasets of voor de identificatie van relevante biomarkers;
    - integratie van de reeds verkregen '-omics' resultaten om nieuwe biologische modellen te genereren en te testen;
  • Toepassing van '-omics' benaderingen van zeldzame ziekten waarvan het gen bekend is / de genen bekend zijn om inzicht in ziektepathofysiologie mogelijk te maken;
  • Ontwikkeling en toepassing van concepten en methoden om informatie rond pathogenese van ziektegroepen te verkrijgen die gebruikt kunnen worden als 'blauwdruk' voor het ontdekken van nieuwe ziektegenen en het mechanisme van de pathogenese te begrijpen.

Budget en deadline

Om deelname voor Nederlandse onderzoeksgroepen mogelijk te maken heeft ZonMw een budget van 1,8 miljoen euro beschikbaar gesteld. Nederlandse onderzoeksgroepen kunnen maximaal 250.000 euro aanvragen per project.
De uiterste datum om projectideeën in te dienen bij het E-Rare Call secretariaat is 6 februari 2018.

Meer informatie

Meer informatie over de onderwerpen en aanvullende voorwaarden in de subsidieronde JTC 2018 vindt u op de website van E-Rare.  

Voor meer informatie over de eisen van ZonMw voor Nederlandse onderzoekers, zie onderstaand PDF bestand.

Zoekt u partners met specifieke expertise in binnen- of buitenland?

E-Rare heeft een instrument ontwikkeld om onderzoekers met specifieke expertise rond zeldzame aandoeningen te vinden en samenwerking te stimuleren. Dit instrument 'Looking for collaboration' vindt u op de website www.e-rare.eu (rechter panel).

Download

The Netherlands - national rules E-Rare JTC 2018 (pdf)

 

]]>
news-1893 Thu, 07 Dec 2017 17:00:00 +0100 ZonMw, FNO en Edwin van der Sar Foundation bundelen de krachten voor jongeren met niet-aangeboren hersenletsel https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-fno-en-edwin-van-der-sar-foundation-bundelen-de-krachten-voor-jongeren-met-niet-aangeboren-he/ ZonMw, FNO en de Edwin van der Sar Foundation ondertekenden op woensdag 6 december 2017 een samenwerkingsovereenkomst waarin zij de krachten bundelen om jongeren met niet-aangeboren hersenletsel te stimuleren om deel te nemen aan het arbeidsproces. Met dit gezamenlijk project als voorbeeld willen ze de thematiek ‘drempels voor jongeren met een chronische aandoening bij het toetreden tot de arbeidsmarkt’ agenderen. De groep jongeren met niet-aangeboren hersenletsel heeft door het opgelopen letsel een ander toekomstperspectief gekregen. Zij ervaren onder andere drempels bij het betreden van de arbeidsmarkt, bij opleiding en scholing. ZonMw, FNO en de Edwin van der Sar Foundation willen deze groep een impuls geven om volwaardig mee te kunnen doen in de samenleving. De meerwaarde van dit gezamenlijke project bestaat uit het samenvoegen van de expertise en de netwerken van de drie organisaties.

Jongeren met niet-aangeboren hersenletsel en werk

De samenwerking spitst zich toe op de problemen die jongeren met niet-aangeboren hersenletsel (tot 30 jaar) hebben rond het thema werk.
Doel is:
-    het in kaart brengen van de problemen die de jongeren ervaren en mogelijke oplossingen
-    het inventariseren van de (financiële) rol van gemeenten
-    komen tot een maatschappelijke kosten-batenanalyse.

Het project

Het gezamenlijk project betreft ‘de Class’, waarbij jaarlijks een groep gemotiveerde jongeren met NAH wordt ondersteund bij het afronden van een studie, het opdoen van werkervaring, het vinden van een passende baan én een actief leven. De Edwin van der Sar Foundation wil ‘de Class’ graag verder voortzetten en versterken, met financiële steun en met behulp van wetenschappelijke onderbouwing.
Het project wordt afgerond in februari 2019 met een eindrapport met conclusies en aanbevelingen.

Persoonlijke beweegredenen

Edwin en Annemarie van der Sar hebben aan den lijve ervaren hoe ingrijpend de invloed van een hersenbeschadiging kan zijn, direct na de hersenbloeding van Annemarie in 2009, gedurende haar revalidatie en in het dagelijks leven. Met de Foundation ondersteunen zij mensen met hersenletsel op het gebied van revalidatie, participatie en preventie.

Expertise en netwerk ZonMw

ZonMw ondersteunt dit project vanuit het programma Gewoon Bijzonder, Nationaal Programma Gehandicapten. Gewoon Bijzonder ontwikkelt, verspreidt en past kennis toe om zorg en ondersteuning voor mensen met een verstandelijke beperking, meervoudige beperking of niet-aangeboren hersenletsel te verbeteren. Projecten waarin praktijkgericht onderzoek voorop staat, passen binnen dit programma.

Expertise en netwerk FNO

Het FNO programma Zorg én Perspectief heeft als doel het verkleinen van het verschil in maatschappelijk perspectief tussen jongeren met een chronische aandoening en hun gezonde leeftijdsgenoten. Daartoe ondersteunt FNO projecten die bijdragen aan samenhangende zorg en ontwikkelingsmogelijkheden op het gebied van onderwijs, werk en sport. Ook heeft het programma tot doel om thematiek rond deze groep breed op de politieke en maatschappelijke agenda te zetten.

Ondertekenaars

Edwin van der Sar en Annemarie van der Sar-van Kesteren, oprichters en voorzitter Edwin van der Sar Foundation
Ann Kusters, directeur/bestuurder FNO
Radjesh Manna, directeur Programma’s ZonMw

Meer informatie

]]>
news-1899 Thu, 07 Dec 2017 15:50:32 +0100 Resultaten en adviezen uit de Academische Werkplaats Kindermishandeling https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/resultaten-en-adviezen-uit-de-academische-werkplaats-kindermishandeling/ Wat betekenen de resultaten van het onderzoek van de Academische Werkplaats Kindermishandeling (AWK) voor de (klinische) praktijk? In de recent verschenen publicatie van de werkp laats – de wetenschappelijke resultaten en praktische adviezen - leest u het. De publicatie bevat adviezen voor het ondersteunen en behandelen van kinderen en hun ouders die seksueel misbruik, geweld tussen de ouders of een vechtscheiding hebben meegemaakt. De adviezen zijn bedoeld voor alle professionals die werken met kinderen en hun gezinnen, die te maken hebben met de gevolgen van kindermishandeling. Maar vooral voor hen die werkzaam zijn in de Jeugdhulpverlening en Kinder- en Jeugd Geestelijke Gezondheidszorg.

Over de Academische Werkplaats Kindermishandeling

De AWK streeft naar een multidisciplinaire, intersectorale aanpak van kindermishandeling, onderzoek naar behandelmethoden en overdracht van kennis, door een brug te slaan tussen onderzoek, beleid, opleidingen en praktijk. De publicatie is één van de resultaten van de werkplaats. Meer over deze werkplaats en de resultaten leest u in de digitale publicatie ‘Met elkaar verbonden – de succesformule van de academische werkplaatsen jeugd’.

ZonMw-programma Academische Werkplaatsen (Transformatie) Jeugd

De werkplaats maakt onderdeel uit van het ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Jeugd. Het programma is inmiddels afgerond en heeft een vervolg gekregen in het programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd, waar de werkplaats zich inzet voor de versterking van de samenwerking tussen professionals én met ouders en jongeren.

Meer informatie


]]>
news-1897 Thu, 07 Dec 2017 11:52:00 +0100 Vooraankondiging subsidieoproep AAL https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/vooraankondiging-subsidieoproep-aal/ Begin februari 2018 wordt de nieuwe subsidieoproep voor Active and Assisted Living (AAL) 2018 opengesteld met als titel: 'Smart solutions for ageing well.'

Deze subsidieoproep 2018 verschilt in twee opzichten van eerdere AAL oproepen;

  1. de oproep is open voor samenwerkingsprojecten die ICT-oplossingen ontwikkelen voor gespecificeerde markten:  de ‘private consumentenmarkt’ en de ‘publieke markt’ van welzijn, wonen en zorg. De call definieert dus geen specifieke toepassingsgebieden of doelgroepen (collaborative projects). 
  2. de oproep biedt meer flexibiliteit m.b.t. scope, omvang en duur van de projecten (small collaborative projects).

Meer informatie

  • Vooraankondiging van deze subsidieoproep op de AAL-website. 
  • Op woensdag 31 januari wordt in Brussel een International Infoday & Partnering Event georganiseerd voor de AAL oproep 2018.
  • Op vrijdagmiddag 9 februari organiseert ZonMw een informatiebijeenkomst over de oproep in Den Haag
  • Meer informatie hierover vindt u op de website Active and Assisted Living Programma
  • Meer over het ZonMw-programma Active and Assisted Living (AAL2)

   

]]>
news-1888 Tue, 05 Dec 2017 14:42:52 +0100 Challenge Verpleeghuizen van de Toekomst https://www.waardigheidentrots.nl/actueel/challenge-vws-deel-ervaringen-technologie-verpleeghuis/ Doe mee aan de Challenge Verpleeghuizen van de Toekomst en maak kans op begeleiding bij de implementatie van nieuwe technologie in uw verpleeghuis. Doel is om het werk van de professional aantrekkelijker te maken en de kwaliteit en veiligheid van zorg te vergroten door gebruik van nieuwe technologie. Aanmelden kan vanaf 20 januari 2018 tot en met vrijdag 2 maart 2018.  

]]>
news-1877 Mon, 04 Dec 2017 11:43:09 +0100 Henk Smid reikt Mijn Notitieboek uit aan staatssecretaris Paul Blokhuis https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/subsidie-en-inzichten-voor-gemeenten/henk-smid-reikt-mijn-notitieboek-uit-aan-staatssecretaris-paul-blokhuis/ Tijdens het Festival der Verantwoording reikte ZonMw directeur Henk Smid het boek 'Mijn notitieboek, (onder)Zoek in het sociaal domein' uit aan staatssecretaris Paul Blokhuis.  

]]>
news-1874 Mon, 04 Dec 2017 10:29:55 +0100 Aangeboren hartafwijkingen bij pasgeboren baby’s beter herkennen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/aangeboren-hartafwijkingen-bij-pasgeboren-babys-beter-herkennen/ Een eenvoudige zuurstofmeting bij pasgeboren baby’s maakt het mogelijk om ernstige aangeboren hartafwijkingen eerder op te sporen. De meting kan bovendien gevaarlijke infecties en longproblemen aantonen. Dat blijkt uit onderzoek van het LUMC en AMC onder bijna 24.000 pasgeboren baby’s.
Een zuurstofmeting is goedkoop en non-invasief. Het onderzoek onder 23.996 pasgeboren baby’s toonde aan dat met deze zuurstofmeting 89 procent van alle kinderen met ernstige aangeboren hartafwijkingen kon worden opgespoord. Zonder deze zuurstofmeting zou hooguit 73 procent van deze kinderen tijdig zijn ontdekt. De zuurstofmeting bleek niet alleen nuttig voor het opsporen van hartafwijkingen, maar ook voor het opsporen van infecties en longproblemen. Bij ruim een half procent van de kinderen bleek dat het geval te zijn.

Zuurstofmeting invoeren als standaard?

Alle 13 ziekenhuizen in de regio Leiden-Haarlem-Amsterdam die aan het onderzoek deelnamen, hebben de zuurstofmeting nu standaard ingevoerd. Net als een derde van de 75 deelnemende verloskundigenpraktijken in dezelfde regio. De onderzoekers hopen dat de zuurstofmeting bij pasgeborenen uiteindelijk in heel Nederland zal worden ingevoerd.

Meer informatie

]]>
news-1873 Mon, 04 Dec 2017 08:50:37 +0100 Mijn Notitieboek (onder)Zoektocht in het sociaal domein https://publicaties.zonmw.nl/mijn-notitieboek/ Hoe kun je echte vernieuwing realiseren in de gemeentelijke praktijk van het sociaal domein? En wat kan onderzoek betekenen om praktijk en beleid weer verder te brengen? ‘Mijn notitieboek’ laat zien wat er mogelijk is. news-1869 Thu, 30 Nov 2017 15:41:27 +0100 Risicogroepen èn risicoperiodes belangrijk bij seksueel risicogedrag https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/risicogroepen-en-risicoperiodes-belangrijk-bij-seksueel-risicogedrag/ Uit onderzoek blijkt dat de timing van preventieve interventies, zoals PrEP voor hiv-infecties, verbeterd kan worden als zowel naar de risicogroepen als naar de risicoperiodes wordt gekeken. Making it count

De onderzoekers van het onderzoeksproject ‘Making it count’ vonden 3 verschillende patronen van seksueel risicogedrag in de levensloop van mannen die seks hebben met mannen (MSM). Met deze kennis kan de timing van preventieve interventies verbeterd worden. Door niet alleen te kijken naar risicogroepen zoals MSM, maar ook naar kritieke periodes in hun leven waarin het risico op hiv het hoogst is.

Seksuele carrières

Uit dit onderzoek, waarvoor de gegevens van 815 mannen werd geanalyseerd, kwamen 3 typen seksuele carrières naar voren:

  • laag risico met een kleine stijging over de tijd (90% van de onderzoekspopulatie)
  • dalend hoog risico (6%) met hoogrisicogedrag in de eerste jaren van de seksuele carrière en gevolgd door een daling
  • stijgend hoog risico (3%) met laagrisicogedrag tijdens de eerste jaren van de seksuele carrière en een sterke stijging naar hoog risico daaropvolgend

Onder mannen die een patroon van stijgend hoog risico en dalend hoog risico volgden, kwamen meer hiv-infecties voor dan onder mannen met een laagrisicopatroon. Daarnaast kwam naar voren dat mannen binnen de verschillende typen seksuele carrières niet alleen van elkaar verschilden op het gebied van seksueel risicogedrag, maar ook in leeftijd ten tijde van hun seksuele debuut met een man, het hebben van een vaste relatie en in hun middelengebruik.

Impact van PrEP op hiv-prevalentie

In het onderzoek werden de 3 seksuele carrières opgenomen in een wiskundig model dat de impact van pre-exposure prophylaxe (PrEP) als hiv-preventie op de hiv-prevalentie schat. Het model liet zien dat de hiv-prevalentie het meest verlaagd werd in de hoogrisicogroep en als veel MSM PrEP gebruiken. Deze resultaten werden vervolgens vergeleken met een model zonder seksuele carrières waarin alle MSM een constant risicogedrag van laag, midden en hoog hadden. Daaruit bleek dat op een lange tijdschaal de veranderingen in risicogedrag weinig invloed hadden op hiv-prevalentie.

Seksueel risicogedrag

Seksueel risicogedrag verandert tijdens iemands leven: periodes van hoog- en laagrisicogedrag kunnen elkaar afwisselen (seksuele carrière), bijvoorbeeld een periode van hoog risico na het beëindigen van een vaste relatie. Interventies op het gebied van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) zijn vaak gericht op specifieke risicogroepen zoals MSM, maar niet op specifieke periodes in hun leven. Het richten van interventies op levensfases is belangrijk omdat het niet wenselijk is om pre-exposure prophylaxe (PrEP) als hiv-preventie levenslang te gebruiken.

Meer informatie

]]>
news-1866 Thu, 30 Nov 2017 14:00:00 +0100 Betrokkenheid van commissieleden bij subsidieaanvragen. Hoe zit dit? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/betrokkenheid-van-commissieleden-bij-subsidieaanvragen-hoe-zit-dit/ In de media wordt ten onrechte gesteld dat commissieleden die indirect betrokken zijn geen onderdeel meer mogen uitmaken van de beoordelingscommissie. Graag lichten we het onderscheid in betrokkenheid en onze werkwijze toe. Peer review systeem

Het systeem waarvan ZonMw gebruik maakt, heet een peer review systeem. Dit betekent dat mensen uit het eigen vakgebied het werk/aanvraag van een medevakgenoot beoordelen. Als professional in je vakgebied is het als wetenschapper van ‘levensbelang’ om te netwerken, nationaal en internationaal. Het is dan onvermijdelijk dat je het werk van mensen die je kent af en toe moet beoordelen, zeker als het gaat om een relatief klein onderzoeksgebied waar bijvoorbeeld de Nederlandse context van belang is. 

Betrokkenheid

Indirecte betrokkenheid – je hebt niet meegeschreven aan de aanvraag, maar er is wel een relatie met de aanvrager – is niet altijd te voorkomen. Om die reden zijn programmacommissies breed en divers van samenstelling en bestaan bijvoorbeeld uit wetenschappers, patiënten, zorgprofessionals, beleidsmakers, bestuurders. Ook wordt de indirecte betrokkenheid altijd voorafgaand aan de beoordelingsprocedure in kaart gebracht. Als een commissielid indirect betrokken is bij een aanvraag, dan is hij of zij niet betrokken bij de preadvisering en verlaat hij of zij de vergadering als die aanvraag wordt besproken. Ook wordt het aantal commissieleden dat indirect betrokken is, zoveel mogelijk beperkt. 

Iemand die zelf een aanvraag heeft ingediend of heeft meegeschreven met een aanvraag, directe betrokkenheid volgens de Gedragscode Belangenverstrengeling, is altijd uitgesloten als commissielid van die betreffende subsidieronde. Tot eind 2015 was het in uitzonderingsgevallen toegestaan dat een (mede)aanvrager ook commissielid was bij die betreffende subsidieronde. Dat was conform de Gedragscode Belangenverstrengeling. Een direct betrokken commissielid was echter nooit betrokken bij de preadvisering én is nooit aanwezig geweest bij de bespreking van zijn of haar eigen aanvraag.

Er wordt gesproken over betrokkenheid en belangenverstrengeling. Wat is het verschil? 

ZonMw wil oneigenlijke beïnvloeding van het subsidieproces voorkomen. Om verstrengeling van belangen te kunnen beoordelen, inventariseert ZonMw de betrokkenheid van commissieleden bij de subsidieaanvragen en aanvragers. Hiermee krijgt ZonMw zicht op de belangen van de verschillende commissieleden. ZonMw doet dit door de betrokkenheid van commissieleden met de aanvraag – (mede) opsteller van de aanvraag – of met de aanvrager (relatie persoonlijk, werk of economisch) in kaart te brengen. En op basis daarvan te bepalen of en hoe ze mogen deelnemen aan de het beoordelingsproces.

Meer informatie

Infographic: hoe gaat ZonMw om met betrokkenheid commissieleden?

Infographic: hoe verleent ZonMw subsidie?

]]>
news-1863 Wed, 29 Nov 2017 13:27:48 +0100 België en Nederland investeren samen 6 miljoen euro in klinische studies https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/belgie-en-nederland-investeren-samen-6-miljoen-euro-in-klinische-studies/ Het Belgische Federaal kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) en ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie, hebben op 30 november een overeenkomst getekend om samen 6 miljoen euro te investeren in vergelijkende, praktijkgerichte klinische studies. Het doel van BeNeFIT (Belgium-Netherlands Funding of International Trials) is dat Belgische en Nederlandse instellingen samen niet-commercieel praktijkgericht onderzoek uitvoeren, dat relevant is voor patiënten, zorgverleners en beleidsmakers in beide landen. In januari 2018 zullen het KCE en ZonMw Belgische en Nederlandse onderzoekers uitnodigen om gezamenlijke studievoorstellen in te dienen, en indien geselecteerd, ook uit te voeren.

Gezondheidszorgvragen relevant voor beide landen

De doelmatigheid van bestaande interventies in de gezondheidszorg wordt nog onvoldoende in klinische studies vergeleken (bv. vergelijking tussen medicatie en operatie, of tussen wel en niet opereren). Bovendien is veel onderzoek niet praktijkgericht, waardoor de resultaten niet onmiddellijk bruikbaar zijn in de dagelijkse medische praktijk. Vergelijkende, praktijkgerichte studies dragen bij tot een betere patiëntenzorg en een efficiënter gebruik van publieke middelen. In Nederland financiert de overheid om die reden dergelijke studies via de ZonMw-programma’s Goed Gebruik Geneesmiddelen en DoelmatigheidsOnderzoek. En in België gaf Minister van Volksgezondheid Maggie De Block in het najaar van 2015 de opdracht aan het KCE om een programma voor dergelijke klinische studies op te starten en op te volgen (KCE Trials). 

Maggie De Block, minister van Sociale zaken en Volksgezondheid (België): 'De best mogelijke behandelingen vinden voor de patiënt, dat is een van mijn prioriteiten als minister van Volksgezondheid. In 2015 heb ik daarom een programma rond praktijkgericht klinisch onderzoek gelanceerd in ons land. Met het project BeNeFIT zetten we nu een nieuwe stap in dit verhaal: door de handen in elkaar te slaan met Nederland, vergroten we de schaal en bundelen we onze expertise en middelen. Dat zal ons toelaten om sneller vooruitgang te boeken, in het belang van de patiënt.'

Nu gaan KCE Trials en ZonMw de krachten bundelen onder de benaming BeNeFIT. Vele vragen zijn immers relevant voor de gezondheidszorg in beide landen en door samen te werken kunnen klinische studies sneller en efficiënter worden uitgevoerd. Dit pilotproject biedt onderzoekers, maar ook de financierende overheidsorganisaties, een unieke kans om elkaar te versterken en van elkaar te leren.

Bruno Bruins, minister voor Medische Zorg (Nederland): 'Nederland en België werken al intensief samen op het gebied van geneesmiddelen. De samenwerking op het gebied van onderzoek is een mooie nieuwe stap in onze hechte relatie. Voor beide landen levert de samenwerking veel op. Doordat Belgische en Nederlandse organisaties de handen ineen slaan wordt het onderzoek beter en worden de resultaten waardevoller voor onze samenleving.'

Gezamenlijke oproep tot voorstellen in januari 2018

Naar verwachting in januari 2018 zullen beide organisaties een gemeenschappelijke oproep doen aan Belgische en Nederlandse onderzoekers, voor onderzoeksvoorstellen die relevant zijn voor patiënten, zorgverleners en beleidsmakers uit beide landen. Deze oproep wordt op beide websites geplaatst. Met een budget van maximaal 6 miljoen euro zal BeNeFIT studies financieren met patiënten in beide landen, met een goede geografische spreiding en in België ook een goede spreiding over de twee taalgemeenschappen. 

De definitieve, ook weer gezamenlijke en gecentraliseerde selectie van de ingediende voorstellen, zal in juni 2019 worden bekendgemaakt.

Als u op de hoogte wil worden gehouden van deze oproep, kunt u: 

Meer informatie:

ZonMw:
Stijn Tersmette (+31 70 349 52 60)
Harald Moonen (+31 70 349 53 49)
benefit@zonmw.nl

KCE:
Frank Hulstaert (+32 2 287 33 73)
Leen Verleye     (+32 2 287 33 40)
trials@kce.fgov.be


---------

Bijkomende informatie voor onderzoekers

Welke studies komen in aanmerking voor financiering?

Dit programma focust op ‘comparative effectiveness’ studies die naast de zorg ook de efficiëntie van de gezondheidszorg kunnen verbeteren. ‘Comparative effectiveness’ studies vergelijken twee behandelopties (inclusief placebo of geen behandeling) die al in gebruik zijn in de klinische praktijk voor een indicatie, maar nog onvoldoende rechtstreeks zijn vergeleken (i.e. welke van de twee behandelingsopties werkt het best in de dagelijkse praktijk). Behandelopties zijn niet beperkt tot medicijnen maar omvatten ook bijvoorbeeld psychotherapie, chirurgie, diagnostische testen enz. Voorwaarde is wel dat de bestudeerde interventies in aanmerking kunnen komen voor vergoeding in beide landen.
De primaire opzet van de studie moet niet-commercieel zijn.
Het onderzoek wordt opgezet en uitgevoerd door een samenwerkingsverband van meerdere instellingen, waaraan minimaal twee Belgische en minimaal twee Nederlandse instellingen deelnemen.

Voor deze pilot komt in ieder geval niet in aanmerking:

  • Implementatieonderzoek
  • Studies over de organisatie van de gezondheidszorg (health services research)
  • Studies naar nieuwe interventies en innovatie
  • Studies waarvan de recrutering al is gestart, of die al werden ingediend bij een ethische commissie (of in België bij het FAGG-Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten)

Wie kan een onderzoeksvoorstel indienen?

Als de sponsor (hoofdaanvrager) in België gevestigd is, moet hij een niet-commerciële sponsor zijn, zoals gedefinieerd in de wet van 7 mei 2004.

Als de sponsor (hoofdaanvrager) in Nederland gevestigd is, moet hij een Nederlandse onderzoeksinstelling of zorginstelling zijn.


Aan deze vooraankondiging kunnen geen rechten worden ontleend. De uiteindelijke oproeptekst en de daarin vermelde voorwaarden en criteria zijn leidend.

]]>
news-1830 Tue, 28 Nov 2017 18:30:00 +0100 Zorgvuldige subsidieprocedure ZonMw voorkomt belangenverstrengeling https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zorgvuldige-subsidieprocedure-zonmw-voorkomt-belangenverstrengeling/ Door de uitgebreide subsidieprocedure met meerdere checks and balances en de wijze waarop ZonMw deze procedure naleeft, is er bij subsidieverstrekking door ZonMw geen sprake van belangenverstrengeling. Wel begrijpt ZonMw dat ze in enkele gevallen mogelijk de schijn tegen heeft. Om die reden heeft continue verbetering van de werkwijze – en de communicatie hierover – de volle aandacht van ZonMw. Naar aanleiding van berichten in de media over mogelijke belangenverstrengeling bij het verlenen van subsidies heeft voormalig Minister Schippers ZonMw gevraagd om nader inzicht in haar werkwijze te verschaffen. In het document Subsidietoekenning bij ZonMw (pdf) heeft ZonMw deze informatie gegeven. Deze informatie en het feitenrelaas zijn vandaag in een brief van minister De Jonge (VWS) naar de Tweede Kamer gestuurd.

Werkwijze

Voor de beoordeling en selectie van subsidieaanvragen hanteert ZonMw een proces met meerdere checks and balances om zo tot een inhoudelijk gewogen oordeel te komen voor het toekennen of afwijzen van subsidieaanvragen (zie ook infographic Hoe verleent ZonMw subsidie? (pdf). De bij ZonMw gehanteerde werkwijze is gebaseerd op het systeem van peer review dat de internationale standaard is voor het beoordelen en selecteren van subsidieaanvragen.

Samenstelling programmacommissie

Naast de uitgebreide beoordelingsprocedure hanteert ZonMw een Gedragscode Belangenverstrengeling (pdf) voor de leden van een programmacommissie. Bij het samenstellen van een programmacommissie kan een spanningsveld ontstaan tussen adequate deskundigheid – wetenschappelijk of maatschappelijke - van de commissieleden en de noodzakelijke onafhankelijkheid. Dit spanningsveld speelt met name op zeer gespecialiseerde vakgebieden of wanneer bevorderen van samenwerking tussen verschillende disciplines en organisaties het doel van de subsidieronde is.

Uitzonderingsclausule

Vanwege dit spanningsveld was het tot eind 2015, in bijzondere gevallen, mogelijk gebruik te maken van een uitzonderingclausule in de Gedragscode Belangenverstrengeling. In deze uitzonderingsgevallen kon een (mede)aanvrager ook commissielid zijn bij die betreffende subsidieronde. Een commissielid die direct betrokken was bij een aanvraag was echter nooit betrokken bij de preadvisering en verliet de commissievergadering wanneer de aanvraag waar hij of zij bij betrokken was, werd besproken. Een commissielid is dus nooit betrokken geweest bij de bespreking van zijn of haar eigen aanvraag. In 2015 is ZonMw er op gewezen dat met deze werkwijze de schijn van belangenverstrengeling onvoldoende wordt voorkomen. ZonMw betreurt dit. Daarom is eind 2015 de werkwijze aangepast en wordt deze uitzonderingsclausule vanaf 2016 niet meer toegepast.

Cijfers

Uit het document Subsidietoekenning bij ZonMw blijkt dat de uitzonderingsclausule alleen in de periode 2010- 2015 is toegepast. In deze periode zijn bijna 9.700 subsidieaanvragen in 316 subsidierondes ingediend. Tussen 2010 en 2015 is in totaal € 710 miljoen subsidiebudget toegekend. Bij 144 aanvragen was sprake van directe betrokkenheid bij de beoordeling. Van deze 144 zijn 72 aanvragen gehonoreerd en 72 afgewezen. Met het honoreren van deze aanvragen was 3,5 % van het totaal toegekende subsidiebedrag gemoeid. Het is belangrijk te realiseren dat dit geld ten goede is gekomen aan relevant en kwalitatief goed onderzoek.

Verbetering processen

ZonMw neemt maatregelen om de werkwijze verder te verbeteren: vergroting van de transparantie over beoordelingsprocessen en dilemma’s, het evalueren van de Gedragscode Belangenverstrengeling samen met NWO waaruit in elk geval die uitzonderingsclausule wordt geschrapt, het vergroten van de deskundigheid van (nieuwe) medewerkers, het invoeren van interne audits en vaststelling en doorvoering van de jaarlijkse rapportage van de Commissie Bezwaarschriften.

Meer informatie

Update: 30-11-2017

]]>
news-1849 Tue, 28 Nov 2017 13:22:00 +0100 Nieuwe aanpak om mensen na kanker sneller aan het werk te helpen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-aanpak-om-mensen-na-kanker-sneller-aan-het-werk-te-helpen/ Een brede alliantie van partijen slaat de handen ineen om werknemers die kanker hebben (gehad) te ondersteunen bij een snellere, succesvolle terugkeer naar werk. Op basis van wetenschappelijk onderzoek, grotendeels gefinancierd door ZonMw, wordt bepaald of de re-integratiemethode is geslaagd. TNO en Tilburg University onderzoeken tot midden 2020 de effecten van de nieuwe re-integratiemethode. Jaarlijks krijgen circa 40.000 werknemers de diagnose kanker. Hoewel zij in de beginfase andere zaken aan het hoofd hebben dan werk, willen zij doorgaans na de behandeling graag weer aan het werk. Op het werk kunnen zij gewoon werknemer zijn, daarnaast is voor hen behoud van inkomen belangrijk. Maar re-integratie van werknemers met kanker verloopt vaak moeizaam. Zij hebben te kampen met vermoeidheid, minder concentratie en geheugenproblemen. Uiteindelijk verliest een kwart van hen zijn werk.

Nieuwe aanpak

Verzekeraar De Amersfoortse (de opdrachtgever), arbodienst ArboNed en re-integratiebureau Re-turn (de uitvoerders), ABN AMRO Social Impact Fund en Start Foundation (de investeerders) werken samen om dit probleem aan te pakken. Dit heeft geleid tot een nieuwe aanpak om werknemers die herstellende zijn of hersteld zijn van kanker succesvol terug te begeleiden naar het arbeidsproces en uitval te verminderen.

Hoe werkt het?

140 deelnemers krijgen de komende 2 jaar een intensieve begeleiding aangeboden, uitgevoerd door ArboNed en Re-turn. Uitgangspunt voor de nieuwe aanpak is blijven bewegen, zowel fysiek als mentaal. Dit varieert van het doen van bewegingsoefeningen tot het definiëren van doelstellingen en het leren omgaan met beperkingen. De deelnemers krijgen ondersteuning van coaches die hen met een intensief programma begeleiden. Ook de werkgever is intensief betrokken. Zo wordt hij begeleid bij het voeren van de dialoog met de werknemer.

Health Impact Bond  

Voor de nieuwe aanpak is door ABN AMRO  een innovatieve financiering ontwikkeld: een Health Impact Bond. De investeerders stellen de benodigde financiering van de re-integratieaanpak beschikbaar en dragen het financiële risico. Ze krijgen pas uitbetaald door de opdrachtgever als de beoogde resultaten zijn gerealiseerd. Onafhankelijke beoordelaars bepalen in hoeverre de beoogde doelstellingen bereikt worden. De opdrachtgever betaalt de investeerders vervolgens uit op basis van de door hem gerealiseerde besparingen op verzuimverzekeringen. De investeerders beogen daarmee zowel een sociaal als een financieel rendement te realiseren.

Meer informatie  

]]>
news-1852 Tue, 28 Nov 2017 09:43:08 +0100 Ambassadeurstraject jeugdverpleegkundige in uitvoering https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/ambassadeurstraject-jeugdverpleegkundige-in-uitvoering/ In maart 2017 is het leertraject Ambassadeurs voor de jeugdverpleegkundige van start gegaan. Dit traject is opgezet in opdracht van de vakgroep jeugdverpleegkundigen van V&VN, met financiële ondersteuning van ZonMw. De pilot traint een zestiental jeugdverpleegkundigen.

Het doel is hun persoonlijke leiderschapskwaliteiten te versterken zodat zij, als ambassadeurs, hun vakgenoten optimaal kunnen vertegenwoordigen o.a. bij gemeenten, eigen organisaties en V&VN.

Het traject is inmiddels een aantal maanden bezig en de eerste resultaten worden al zichtbaar. Bekijk bijvoorbeeld de inspirerende vlog over verpleegkundig leiderschap van verpleegkundigen Esther en Minke. 

]]>
news-1844 Fri, 24 Nov 2017 16:08:58 +0100 Alliantiemonitor: een co-creatie met vaktherapeuten en jongeren https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/alliantiemonitor-een-co-creatie-met-vaktherapeuten-en-jongeren/ Om de werkrelatie (de alliantie) tussen vaktherapeut en jongere in de gesloten jeugdzorg te meten en te verbeteren is een monitor ontwikkeld. De jongerenversie van de monitor kan binnen de therapie helpen om meer zicht te krijgen op de werkrelatie. Dit kan ingezet geworden om feedback te krijgen en zo nodig de werkrelatie bij te stellen.

Ongeveer 4000 jongeren worden jaarlijks gedwongen behandeld in de gesloten jeugdzorg en/of justitiële jeugdinrichting. De behandeling die jongeren krijgen, is gericht op het beïnvloeden van gedrag en het verkleinen van de kans op herhaling. Succesvol behandelen is een uitdaging omdat jongeren het probleem niet zien en niet gemotiveerd zijn. Een belangrijke schakel in het vergroten van probleembesef en motivatie is vaktherapie, een non-verbale vorm van therapie. Het opbouwen van een goede werkrelatie tussen de jongere en de therapeut is een belangrijk onderdeel binnen de behandeling. 

Instrument voor de praktijk

De praktijk heeft grote behoefte aan een instrument om zodoende optimaal af te stemmen op de jongere. Om dit reden is de alliantiemonitor ontwikkeld en gevalideerd in samenwerking met vaktherapeuten en jongeren in het gedwongen kader. Dit heeft een valide versie opgeleverd voor jongeren om de werkalliantie inzichtelijk te maken. De werkalliantie bij vaktherapie in het gedwongen kader kan hiermee worden versterkt.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector 

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  

]]>
news-1843 Fri, 24 Nov 2017 15:52:27 +0100 Gezin aan Zet biedt een kijkje in de keuken van Jeugd- (en Gezins)teams https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gezin-aan-zet-biedt-een-kijkje-in-de-keuken-van-jeugd-en-gezinsteams/ In de regio's Holland-Rijnland en Den Haag zijn sinds 3 jaar multidisciplinaire wijkteams actief, ook wel Jeugd- (en Gezins)teams genoemd. Onderzoekers van het project Gezin aan Zet brengen, samen met professionals uit deze teams, in kaart wat werkt en wat belemmeringen zijn in het werken met elkaar.

Kijkje in de keuken

De eerste resultaten van het project Gezin aan Zet zijn nu te lezen in het rapport ‘Werkzame en belemmerende factoren van het werken in een Jeugd- (en Gezins)team: visie van de professional’. Het rapport is tot stand gekomen in samenwerking met de betrokken Jeugd- (en Gezins)teams en biedt een uniek kijkje in de keuken van de teams. Zo geven professionals aan dat de periode rondom de transitie een onstuimige periode was, maar zijn ze over het algemeen positief over het organiseren van de jeugdzorg op lokaal niveau.

In gesprek

Met de bevindingen uit het rapport kunnen betrokkenen rondom de teams met elkaar in gesprek gaan, om te verbinden en te verbeteren. Gezin aan Zet blijft de komende jaren samen met de professionals uit de Jeugd- (en Gezins)teams, ouders, jongeren en beleidsmakers onderzoeken wat de professionals kan helpen om de zorg voor gezinnen nog verder te verbeteren. 

Academische Werkplaats SAMEN 

Gezin aan Zet is een project van de Academische Werkplaats SAMEN en onderdeel van het ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd. Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd verbinden met een regionale kennisinfrastructuur de werelden van praktijk, beleid, onderzoek en onderwijs, met structurele inbreng van ouders en jongeren. Zo brengen academische werkplaatsen kennis samen voor de transformatie in de jeugdsector.

Meer informatie

]]>
news-1842 Fri, 24 Nov 2017 15:13:28 +0100 Patiëntenparticipatie in wetenschappelijk onderzoek: zo doe je dat bij Lyme! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/patientenparticipatie-in-wetenschappelijk-onderzoek-zo-doe-je-dat-bij-lyme/ “Communicatie” is het woord waar veel, zo niet alles om draait. Drie belangrijke communicatieaspecten bespraken projectleiders, commissieleden, patiëntvertegenwoordigers, STZ, NVLP, Patiëntenfederatie Nederland en stichting Q-support. Zij deelden met elkaar inzichten in effectieve en soepel verlopende patiëntenparticipatie in het wetenschappelijk onderzoek, tijdens de projectleidersbijeenkomst over Lyme. Patiëntenparticipatie

In diverse ZonMw-programma’s en -projecten hebben patiënten een actieve inbreng. Van het mede beoordelen van de projectaanvragen tot een actieve betrokkenheid bij het uitdragen en de implementatie van de resultaten van het project. Een recente projectleidersbijeenkomst van het onderzoeksprogramma Lymeziekte dat dit jaar van start is gegaan, leverde inzicht in enkele randvoorwaarden voor een effectieve en soepel verlopende patiëntenparticipatie in het wetenschappelijk onderzoek.

Communiceer begrijpelijke taal

Om te beginnen de (interne) communicatie tussen patiënten(vertegenwoordigers) en onderzoekers binnen de onderzoeksprojecten. Regelmatige contact- en overlegmomenten, liefst vooraf vastgelegd in een draaiboek, en uitleg over de voortgang van het onderzoek stimuleren de samenwerking en het onderling begrip. Daarbij is het heel belangrijk dat rekening wordt gehouden met het verschil in kennisniveau. Met name op het gebied van de ‘technische’ (statistische) eisen die aan een onderzoek worden gesteld. Uitleg in begrijpelijke taal is essentieel voor een goede patiëntenparticipatie.

Heldere rol van de patiënt

Dan is er de communicatie met ‘de achterban’ van de patiënten. Ook hierbij is het gebruik van begrijpelijk taal – liefst beeldtaal – belangrijk. Daarnaast moet goed worden uitgelegd wat precies de rol is/kan zijn van de patiënt in het onderzoek. En waarom het onderzoek – uit wetenschappelijke overwegingen - soms beperkt moet zijn tot een bepaalde groep patiënten of een bepaald aspect van de ziekte. In dat laatste geval is het soms mogelijk daarnaast een ‘schaduwgroep’ mee te nemen van patiënten die niet (helemaal) voldoen aan de criteria. Achteraf kan dan worden nagegaan in hoeverre de uitkomsten van de studie ook van toepassing zijn op patiënten met andere kenmerken. Ook dit vergt goede communicatie, zowel tussen de onderzoekers en de patiëntenvertegenwoordigers als met de patiënten die aan de studie (willen) deelnemen.

Communicatie van resultaten

Het 3e aspect van communicatie betreft de rapportage van de uitkomsten van het onderzoek naar de buitenwereld. Het is belangrijk goed met elkaar af te spreken hoe – en wanneer - de (eind)resultaten van het onderzoek worden opgeschreven en naar buiten gebracht. Dat geldt zowel voor de interne presentatie van de resultaten (bijvoorbeeld voor ZonMw), als de presentatie van de resultaten in de media en in wetenschappelijke artikelen. De boodschap naar buiten moet voor iedereen helder maar ook genuanceerd zijn: wat kun je uit het onderzoek wel concluderen en wat niet. Er moet gewaakt worden voor te sterke extrapolatie van de resultaten. Een mogelijkheid kan zijn patiënten coauteur te laten zijn bij wetenschappelijke publicaties over het onderzoek. Met name in het ‘discussiedeel’ van het wetenschappelijke artikel kan de inbreng van patiënten belangrijk zijn. Zij kunnen uit ervaring aangeven hoe de resultaten van het onderzoek van invloed kunnen zijn op het dagelijks leven van de patiënt.

Tenslotte is het belangrijk dat patiënten meebeslissen over de aanbevelingen hoe de opgedane kennis verder gebruikt kan/moet worden.

Meer informatie

 

]]>
news-1833 Thu, 23 Nov 2017 11:30:00 +0100 Cursus ‘Partner in Balans’ bij dementie wint Medische Inspirator prijs 2017 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/cursus-partner-in-balans-bij-dementie-wint-medische-inspirator-prijs-2017/ Na een intensieve periode waarin veel campagne is gevoerd voor de Medische Inspirator prijs en de drie genomineerde onderzoeksprojecten, is donderdag 23 november op het VSNU Impact festival de winnaar bekend gemaakt. Op de eerste plaats is geëindigd ‘Cursus ‘Partner in Balans’ bij dementie’. Dit project ontvangt € 75.000 om te besteden aan hun onderzoek. Met de geldprijs willen de onderzoeker Lizzy Boots (MUMC) en patiëntvertegenwoordiger mevrouw Jennie Tillie-Hecker dat hun cursus, die mantelzorgers helpt omgaan met onzekerheden en vragen na een diagnose dementie, verder wordt ontwikkeld en geïmplementeerd.

Het winnende project ‘Cursus 'Partner in Balans' bij dementie’ is gekozen door de jury vanwege de verschillende manieren en niveaus van betrokkenheid van de mantelzorgers in het project. Daarbij ziet de jury het belang om de mantelzorger te behoeden voor overbelasting en deze cursus werkt preventief.

Tweede prijs

Op de tweede plek staat het project ‘Slimme zelftest voor adem’ met een prijs van € 50.000. Met het geld willen de onderzoeker Erik Bischoff en patiëntvertegenwoordiger Joep Fleuren dat de slimme zelftest verder ontwikkeld wordt voor het vroegtijdig herkennen van een longaanval voor COPD patiënten om zo een ziekenhuisopname te voorkomen.

Derde prijs

De derde plek gaat naar het project ‘IVWear maakt een infuus draagbaar’ en zij winnen € 25.000. De onderzoekers Prof. Bart Verkerke (UMCG), Max Heintzen, Melcher Frankema, Niels Weijermars en patiëntvertegenwoordiger Dave Keizer willen met de geldprijs het draagbaar infuus verder ontwikkelen, waardoor patiënten zonder infuuspaal vrij door het ziekenhuis kunnen bewegen.

Vakjury

De drie onderzoeksprojecten van de Medische Inspirator prijs 2017 zijn door een onafhankelijke vakjury genomineerd uit 21 inzendingen. Deze nominatie vond plaats op basis van de inspirerende samenwerking en uitstekende kwaliteit van het onderzoeksproject. Met het gewonnen prijzengeld gaan de drie teams aan de slag met het medische product waarbij de behoefte van de patiënt voorop staat. Op deze manier worden de drie innovaties in de toekomst verbeterd en beschikbaar voor de patiënten.

Wat is de Medische Inspirator prijs?

De Medische Inspirator is een aanmoedigingsprijs voor de samenwerking tussen onderzoekers en patiënten of andere eindgebruikers, zoals bijvoorbeeld mantelzorgers. Uit de inzendingen worden door een onafhankelijke vakjury drie projecten genomineerd. Deze drie projecten worden begeleid in het maken van een promotiefilmpje over hun onderzoeksproject. Vervolgens vindt er een stem- en campagneperiode van een maand plaats waarin het algemeen publiek stemt op de meest inspirerende samenwerking. Het stemproces wordt nauwlettend in de gaten gehouden.

Tijdens de stemperiode van Medische Inspirator prijs 2017 zijn er ongeregeldheden in het stemproces opgemerkt waardoor alle stemmen ongeldig zijn verklaard. De einduitslag is daarom dit jaar tot stand gekomen door een inhoudelijke beoordeling van de jury. De jury heeft beoordeeld op patiëntbelang, patiëntbetrokkenheid en kwaliteit van het project.

]]>
news-1828 Thu, 23 Nov 2017 10:40:00 +0100 ZonMw Parel voor Academische Werkplaats Forensische Zorg voor Jeugd https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-parel-voor-academische-werkplaats-forensische-zorg-voor-jeugd/ Han de Ruiter, voorzitter van de programmacommissie Academische Werkplaatsen Jeugd, heeft op 23 november 2017 een ZonMw Parel uitgereikt aan de Academische Werkplaats Forensische Zorg voor Jeugd. De werkplaats heeft bijgedragen aan betere zorg voor jongeren die een delict hebben gepleegd. Dat deed zij door het opzetten van een goed functionerende kennisinfrastructuur, praktijkgestuurd onderzoek en tools voor de praktijk. Toekomstperspectief na een delict

Jongeren die in aanraking zijn gekomen met justitie een positief toekomstperspectief geven en recidive voorkomen. Dat was het doel van de Academische Werkplaats Forensische Zorg voor Jeugd (AWFZJ). Tussen 2010 tot 2016 heeft de werkplaats dat doel dichterbij gebracht. Met een goed functionerende kennisinfrastructuur zijn met praktijk gestuurd onderzoek veel concrete tools ontwikkeld die  de zorgverlening heeft verbeterd. De AWFZJ kreeg de ZonMw Parel tijdens het congres ‘Van wijk tot wetenschap 2017’ in de Brabanthallen in Den Bosch.

Praktijkgestuurde werkwijze

De onderzoeksvragen die de AWFZJ heeft opgepakt, kwamen uit de praktijk. Daarnaast was er steeds een grote inbreng en betrokkenheid van ouders en jongeren. Deze praktijkgestuurde werkwijze heeft geresulteerd in een zeer effectieve, gezamenlijke aanpak. Professionals in de jeugdstrafrechtketen konden direct aan de slag met de laatste wetenschappelijk onderbouwde werkwijzen. En onderzoekers werden geprikkeld om praktijkgerichter te werken. Ze ontdekten de meerwaarde van wat professionals, ouders en jongeren te vertellen hebben voor hun onderzoek.

Vertaling naar zorg in de wijk

Door het werk van de AWFZJ is het draagvlak voor goed onderbouwde forensische zorg verbreed. Dat heeft de verspreiding van de onderzoeksresultaten vergemakkelijkt. De koppeling met onderwijs zorgt ervoor dat de opgedane kennis via opleiding en scholing bij (toekomstige) professionals terechtkomt. De gezamenlijke aanpak is de betrokken partijen zo goed bevallen, dat ze via een samenwerkingsovereenkomst het werk voortzetten. In de Academische Werkplaats Risicojeugd worden vraagstukken van gemeenten opgepakt die actueel zijn in de transformatie jeugd en wordt de kennis ook vertaald naar zorg in de wijk.

ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Jeugd

De resultaten van het ZonMw-programma  zijn op overzichtelijke wijze weergegeven in het digitaal magazine Met elkaar verbonden. Het programma heeft in de periode 2009-2016 6 regionale academische werkplaatsen jeugd gefinancierd. In de academische werkplaatsen zetten organisaties uit beleid, onderzoek, onderwijs en praktijk zich samen in om praktijkgerichte kennis voor de jeugdsector te ontwikkelen, te toetsen en in te voeren. De werkplaatsen zetten hun ervaring voort in het programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd (2015-2020).

Meer informatie


]]>
news-1838 Thu, 23 Nov 2017 09:45:00 +0100 Dien uw bijdrage in voor congres Jeugd in Onderzoek 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/dien-uw-bijdrage-in-voor-congres-jeugd-in-onderzoek-2018/ Doe mee aan congres Jeugd in Onderzoek op 24 mei 2018 in Hotel Casa Amsterdam! Dit is dé ontmoetingsplek voor iedereen die betrokken is bij de jeugdsector. De dag staat in het teken van: 'Weten, leren en doen wat werkt'. Deel uw onderzoeksresultaten, vragen en ideeën. Dit kan tot dinsdag 9 januari 2018, 17.00 uur. Aanmelden van een bijdrage kan via het formulier op www.jeugdinonderzoek.nl. Het is een pré als u iemand meeneemt vanuit de praktijk. Begin februari 2018 hoort u of de congrescommissie uw bijdrage heeft gehonoreerd.

Thema’s en sprekers

Drie thema’s herkent u jaarlijks in het programma: Wat Werkt voor Wie en Waarom, De kracht van preventie in het Sociale Domein en Verbinding onderwijs-jeugdhulp. Het extra thema voor deze editie is: Gedeelde besluitvorming tussen ouders, jeugdige en hulpverlener.
 
Dit jaar presenteert Jeugd in Onderzoek twee keynotes: Monique Volman, hoogleraar Onderwijskunde aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam (Uva), spreekt over gelijke kansen voor kwetsbare jongeren. En Trudy van der Weijden, hoogleraar Implementatie van Richtlijnen Huisartsgeneeskunde aan de Universiteit Maastricht, geeft een lezing over gedeelde besluitvorming tussen ouders, jeugdige en hulpverleners.
 
Geert Jan Stams, hoogleraar Forensische Orthopedagogiek, zal een masterclass verzorgen over de inzet van een informele mentor als steunfiguur en gedeelde besluitvorming.

Nieuw jasje

Jeugd in Onderzoek 2018 is in een nieuw jasje gestoken. Het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) is als nieuwe partij aangeschoven in de congresorganisatie. We maken verbinding met de Nationale Wetenschapsagenda en de Universiteit van Amsterdam treedt op als ambassadeur van het congres.

Vragen?

Aanmelden voor congres Jeugd in Onderzoek kan vanaf half februari 2018 via de website. Kijk op www.jeugdinonderzoek.nl voor meer informatie of stel u vragen via: jeugdinonderzoek@nji.nl


 

]]>
news-1822 Tue, 21 Nov 2017 09:46:38 +0100 Werkt de Gezonde school aanpak? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/werkt-de-gezonde-school-aanpak/ Op 9 januari 2018 opent de ZonMw-subsidieronde voor evaluatieonderzoek naar de effecten van de Gezonde School aanpak. De bedoeling is dat deze oproep kennis oplevert over de invloed van de Gezonde School aanpak op de schoolomgeving, leefstijl en de gezondheid van leerlingen. Mede op basis van de uitkomsten en aanbevelingen van de TNO voorstudie “Mogelijkheden voor effectonderzoek Gezonde School aanpak”, is deze subsidieoproep tot stand gekomen. Deze subsidieronde wordt gefinancierd uit het ZonMw-programma Opvoeding en Onderwijs, onderdeel van het vijfde Preventieprogramma. In de subsidieoproep vindt u vanaf 9 januari 2018 informatie over het onderzoeksthema, randvoorwaarden en beoordelingsprocedure. Houd de ZonMw-subsidiekalender in de gaten.

Informatiebijeenkomst

In een informatiebijeenkomst die 8 februari 2018 zal plaatsvinden, wordt de subsidieoproep toegelicht. Geïnteresseerden kunnen vragen stellen over de inhoud en de procedures en kennis met elkaar maken. Ook geven leden van het landelijke programmateam Gezonde School een toelichting op de Gezonde School aanpak. In december volgt meer informatie over het programma en hoe u zich voor deze bijeenkomst aan kunt melden.

Meer informatie

Heeft u nog vragen naar aanleiding van dit bericht? Mail uw vraag naar: opvoedingenonderwijs@zonmw.nl

 

]]>
news-1823 Tue, 21 Nov 2017 09:42:08 +0100 Persoonlijk en maatschappelijk herstel bij psychische problemen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/persoonlijk-en-maatschappelijk-herstel-bij-psychische-problemen/ Hoe kun je mensen met psychische problemen het beste ondersteunen bij hun persoonlijk herstel en (re-)integratie in de samenleving? ZonMw financiert 7 praktijkgerichte onderzoeken waarin deze vraag centraal staat. Psychische aandoeningen hebben een groot effect op mens en maatschappij. Er is echter weinig kennis over hoe je mensen met psychische problemen het beste kunt ondersteunen bij hun persoonlijk herstel en (re-)integratie in de samenleving. Ook is er nog te weinig aandacht voor man/vrouwverschillen bij herstelondersteunende zorg. Daarom financieren het Onderzoeksprogramma GGz en het Kennisprogramma Gender en Gezondheid samen 7 praktijkprojecten naar persoonlijk en maatschappelijk herstel van psychische problemen.

Projecten

De projecten starten uiterlijk 1 december 2017 en richten zich op:

  • hulpmiddelen en instrumenten voor transgenders en zorgverleners om gezamenlijke keuzes te maken voor de beste behandeling
  • kennisverwerving over maatschappelijk en persoonlijk herstel bij vrouwen en mannen met ernstig psychische aandoeningen (EPA) en hun naasten en behandelaren
  • het unieke persoonlijke herstelverhaal voor mensen met persoonlijkheidsstoornissen en hoe het maken en uitwisselen van verhalen bijdraagt aan het herstelproces
  • een zelfmanagement methodiek om normaal- tot hoogbegaafde mensen met autisme, samen met betrokken professionals, te ondersteunen bij het vinden en behouden van werk dat goed bij hen past
  • verbetering van de behandeling van mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) die problemen hebben met alcohol en drugs
  • het beschikbaar stellen van ervaringskennis en zelfmanagementstrategieën in een module en een app voor mensen die lijden aan chronische depressiviteit
  • de geschiktheid en bijdrage van leer-werkprojecten als mogelijke sociale innovatie voor mannelijke veelplegers (crimineel gedrag) met complexe problematiek om hun maatschappelijk en persoonlijk herstel te bevorderen

Meer informatie

]]>
news-1816 Mon, 20 Nov 2017 10:04:08 +0100 Mediator Special Ethiek: Ethische discussies veranderen voortdurend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/mediator-special-ethiek-ethische-discussies-veranderen-voortdurend/ Op 20 november is de Special Ethiek en Gezondheid, een uitgave van het digitale magazine Mediator van ZonMw, verschenen. Deze uitgave maakt ethische dilemma’s in de zorg expliciet en richt zich met uiteenlopende artikelen op de resultaten van onderzoeken die binnen het programma Ethiek en Gezondheid 2012-2015 zijn gehonoreerd. In de Mediator Special geeft Dick Kaasjager, voorzitter van de commissie Ethiek en Gezondheid, aan: ‘We zijn ons bij veel maatschappelijke discussies niet altijd bewust van de ethische kant van dilemma’s. Daarnaast veranderen ethische discussies voortdurend. En is de noodzaak voor onderzoek naar ethische vraagstukken de laatste jaren alleen maar gegroeid. We leven in een tijd waarin technologische ontwikkelingen zo snel gaan dat we ons steeds vaker afvragen: moet alles wat kan? Hoe waarborgen we bijvoorbeeld zo goed mogelijk dat er geen foute dingen mee gebeuren?’ De artikelen in deze Mediator Special laten de diversiteit van deze ethische vraagstukken zien.

De bijdragen in deze Mediator Special gaan over nieuwe technologieën op het gebied van prenatale screening, over dilemma’s in de omgang met mensen met dementie, over de consequenties van maatregelen bij mensen met MRSA en over de dilemma’s rondom het maken van keuzes bij genderdysforie. Maar ook over de ethische kant bij nieuwe technologieën voordat ze ingezet kunnen worden en de consequenties van bijvangst bij het opsporen van onbekende aandoeningen. In de column gaat Ruud ter Meulen, emeritus hoogleraar Ethics in Medicine aan de University of Bristol en lid commissie Ethiek en Gezondheid, in op de rol van ethiek bij maatschappelijke dilemma’s. En natuurlijk worden alle andere projecten die binnen het ZonMw-programma zijn gehonoreerd nader belicht.

Week van de Reflectie en Ethiek

De Mediator Special Ethiek en Gezondheid verschijnt in de week van de Reflectie en Ethiek en het daaraan gekoppelde congres Met hart & ziel voor goede zorg; Ethiek in de praktijk.

Meer informatie


]]>
news-1797 Mon, 20 Nov 2017 09:00:00 +0100 Patiëntenparticipatie in onderzoek komt pas echt van de grond als partijen gezamenlijk in actie komen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/patientenparticipatie-in-onderzoek-komt-pas-echt-van-de-grond-als-partijen-gezamenlijk-in-actie-kom/ Patiëntenparticipatie in onderzoek heeft maatschappelijke en wetenschappelijke meerwaarde. Dat stellen masterstudenten Eva Vroonland (links op de foto), Merel Sleeuw (midden) en Jolijn Wildeboer (rechts op de foto). Dat stellen masterstudenten Eva Vroonland (links op de foto), Merel Sleeuw (midden) en Jolijn Wildeboer (rechts op de foto). Onafhankelijk van elkaar bogen zij zich over drie verschillende onderzoeksvragen rondom patiëntenparticipatie bij drie organisaties, PGOsupport, De Hart&Vaatgroep en ZonMw.

Tegelijkertijd draaien aan 4 knoppen

De masterstudenten vergeleken hun resultaten en kwamen tot de conclusie dat knelpunten die patiëntenparticipatie in de weg staan, terug te voeren zijn op vier aspecten. Op deze terreinen moet tegelijkertijd iets gebeuren. Dat kan alleen als belanghebbenden in nauwe samenwerking met elkaar aan vier knoppen draaien.

  1. Zet ook andere financieringsmechanismen in, die patiëntenparticipatie aanmoedigen Bijvoorbeeld door onderzoekers meer ruimte te geven om gaandeweg het project bij te kunnen sturen op basis van de inbreng van patiënten.
  2. Voed de intrinsieke motivatie van onderzoekers
    Onderzoekers kunnen elkaar onderling veel meer voeden en motiveren, zodat participatie gemeengoed wordt.
  3. Versterk en vergroot de inbreng van patiënten
    Patiënten kunnen in plaats van afwachten tot ze benaderd worden door onderzoekers ook zelf de boer op gaan. Onderzoekers zouden dit aanbod vervolgens met beide handen moeten aangrijpen.
  4. Deel geleerde lessen over patiëntenparticipatie in de wetenschap en de praktijk
    Het onderling delen van ervaringen, successen en leermomenten maar vooral ook uitwisseling tussen de verschillende betrokkenen levert winst op.

Door al deze gezamenlijke en gelijktijdige acties gaat participatie meer ‘leven’ en komt het tussen de oren van alle betrokkenen.

Actie

PGOsupport, De Hart&Vaatgroep en ZonMw gaan deze conclusies zo veel mogelijk delen in hun netwerk. En gezamenlijke activiteiten ontplooien om zo de knoppen in beweging te zetten. Het is wenselijk dat andere betrokken doelgroepen hierbij aansluiten. Ook daarop zal door PGOsupport, De Hart&Vaatgroep en ZonMw worden ingezet.

Informatie

 

 

]]>
news-1800 Wed, 15 Nov 2017 10:20:57 +0100 Onderzoek ‘Alles is gezondheid…’ in WHO-publicatie Civil society and Health https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-alles-is-gezondheid-in-who-publicatie-civil-society-and-health/ De Universiteit Maastricht heeft in samenwerking met de Radboud Universiteit onderzoek gedaan naar ‘Alles is gezondheid…’. Dit onderzoek is opgenomen in de recent verschenen publicatie van de World Health Organization (WHO) Civil society and Health; contributions and potential. Onderzoek

Hoe werkt ‘Alles is gezondheid…’ als instrument om met maatschappelijke partners van binnen en buiten de gezondheidssector en bedrijfsleven enthousiasme te mobiliseren voor het publieke gezondheidsbelang? Deze vraag is in dit onderzoek beantwoord.

Vervolg

Het kabinet heeft de Tweede Kamer in november 2016 geïnformeerd  over de uitkomsten van deze evaluatie en het besluit bekend gemaakt dat het programma ‘Alles is gezondheid…’ met vijf jaar wordt verlengd.

Het onderzoek van de Universiteit Maastricht krijgt ook een vervolg via ZonMw. De evaluatie 2017-2021 wordt uitgebreid met actiegericht leren. De Tweede Kamer heeft hier op 14 september 2017 een brief over ontvangen.

Meer informatie

]]>
news-1789 Wed, 15 Nov 2017 10:00:00 +0100 Onderzoek naar ‘volhouden gezonde leefstijl’ van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-volhouden-gezonde-leefstijl-van-start/ De drie grootschalige consortia van landelijk samenwerkende onderzoekers, praktijkinstellingen en private partijen zijn van start gegaan. De consortia gaan in de komende 5 jaar nieuwe manieren vinden om een gezonde leefstijl lang vol te houden. Ze worden ondersteund door de Hartstichting en ZonMw. De Hartstichting en ZonMw hebben hiervoor 7,5 miljoen euro beschikbaar gesteld. We weten hoe moeilijk het is om blijven gezond te leven. Verleidingen liggen continu op de loer en het volhouden van gezond gedrag is lastig. Daarom richten twee van de drie gehonoreerde projecten zich op het creëren van veranderingen in de omgeving. Samen met een hele groep experts gaat Joline Beulens (VUmc) onderzoeken of mensen voor gezondere producten kiezen door aanpassingen in de supermarkt te doen, zoals aanprijzingen en prominente(re) plaatsing. Karien Stronks (AMC) gaat samen met haar collega’s veranderingen in de omgeving van jongeren doorvoeren en onderzoekt of dit gezond gedrag stimuleert. Het derde project van Andrea Evers (Universiteit Leiden) heeft vele partners. Zij gaan onderzoeken of hart- en vaatpatiënten baat hebben bij individuele leefstijl-coaching in combinatie met het belonen van gezond gedrag en het bouwen aan een duurzaam financieringsmodel.

Supreme nudge

Dit samenwerkingsproject richt zich op mensen met een lage sociaaleconomische status. Het consortium buigt zich sinds 1 mei 2017 over hoe de gezonde voedselkeuzen in de supermarkt makkelijker en vanzelfsprekender wordt. Dit gecombineerd met een bewegen-op-maat programma. Bekeken zal worden wat de effecten hiervan zijn om de riscofactoren voor hart- en vaatziekten bij mensen met een lage sociaaleconomische status.
Onderzoekers van onder andere VU medisch centrum, Universiteit Utrecht, Universitair Medisch Centrum Utrecht, Universiteit van Amsterdam, en de NHG, het Voedingscentrum, de supermarktketen Coop en partners vanuit communicatie en marketing, nemen deel aan dit consortium.

Gezonde gewoonten jong geleerd

Dit project richt zich op jongeren met een lage sociaaleconomische status. Uitgangspunt in dit onderzoek is dat de beste manier om een gezonde leefstijl lang vol te houden is om dat jong aan te leren. Samen met de doelgroep jongeren van 10 tot 14 jaar bekijkt het consortium de oorzaken van ongezond gedrag en gaan ze op zoek naar nieuwe manieren om gezond gedrag (voeding, lichamelijke activiteit, zit- en slaapgedrag) aan te leren en vol te houden.
Ingezet gaat worden op het zodanig veranderen van de omgeving van het kind dat gezond gedrag gestimuleerd en ongezond gedrag ontmoedigd wordt.
Aan het consortium nemen onder meer Academisch Medisch Centrum, VU medisch centrum, Vrije Universiteit Amsterdam, Erasmus Universiteit en Universiteit van Maastricht, de GGD en gemeente Amsterdam (Amsterdamse aanpak gezond gewicht met publieke en private partners) deel en is op 1 april 2017 gestart.

Het ecosysteem voor gezond leven

De missie van dit project is om gezond leven aantrekkelijk te maken voor hart- en vaatpatiënten. Deze patiënten zijn tijdens de revalidatie vaak gemotiveerd om hun leven gezonder in te richten maar als de revalidatie is afgerond blijkt het thuis moeilijk om de nieuwe leefstijl vol te houden. Hier willen de samenwerkende partijen wat aan doen door hart- en vaatpatiënten zowel op individueel niveau als op omgevingsniveau aan te sporen een gezonde leefstijl vol te houden. Centraal staat dat patiënten ondersteund en beloond worden voor de tijd en moeite die zij in hun gezonde leefstijl (blijven) steken (onder andere door te werken met loyaliteitsprogramma (‘benefitkaart’), een gezondheidsportaal en -dossier en begeleiding op afstand). Tijdens het project, wordt aan een businessmodel gebouwd om het programma financieel duurzaam te maken. Bij dit consortium zijn vele partners betrokken waaronder patiënten (Hart- en vaatgroep), ziekenhuizen/revalidatiecentra, huisartsenpraktijken, bedrijven in gaming en slimme technologie en zorgverzekeraar). Samen met onderzoekers van de Universiteit Leiden, Universiteit Twente, Academische Medisch Centrum UMCU, Hogeschaal Amsterdam hebben zij zich verenigd.

Meer informatie

]]>
news-1786 Fri, 10 Nov 2017 09:14:56 +0100 Internationale reizigers nemen multiresistente darmbacteriën mee naar huis https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-reizigers-nemen-multiresistente-darmbacterien-mee-naar-huis/ Een derde van 2001 onderzochte Nederlanders die naar verre bestemmingen reisden, pikten multiresistente darmbacteriën op. Dit blijkt uit de COMBAT-studie. Resistente bacteriën zijn bacteriën die resistent zijn tegen gebruikelijke antibiotica. Gemiddeld hield men deze ‘import-bacteriën’ 30 dagen bij zich. En de bacteriën verspreidden zich ook onder niet-reizende huisgenoten. Verschillen tussen reisbestemming

Van de 2001 onderzochte reizigers bleek 34% multiresistente bacteriën te hebben opgepikt. Per reisbestemming zijn er echter grote verschillen: 75% van de reizigers naar Zuid-Azië en 40-50% van de reizigers naar Centraal- en Oost-Azië, het Midden-Oosten of Noord-Afrika. Slechts 6% van de reizigers naar Zuid-Afrika keerden terug met multiresistente bacteriën. Het grootste risico liepen India-gangers. Daarnaast bleken antibiotica tijdens de reis, reizigersdiarree en het hebben van een chronische darmaandoening het risico op het oppikken van multiresistente bacteriën eveneens te verhogen.

Ze blijven gemiddeld 30 dagen en 12% gaat naar huisgenoot

De gemiddelde duur van het dragerschap was 30 dagen na terugkeer van de reis. In 1 op de 9 gevallen hield de kolonisatie echter ruim een jaar aan. Het onderzoek wijst bovendien uit, dat er een kans van 12% is dat de multiresistente bacterie na thuiskomst ook wordt overgedragen op huisgenoten.

De COMBAT-studie

De COMBAT-studie is een grootschalig onderzoek onder reizigers. Tussen november 2012 en november 2013 zijn 2001 reizigers en 215 huisgenoten geïncludeerd. Van deze reizigers en hun niet-reizende huisgenoten is vlak voor de reis en meteen na terugkeer een ontlastingmonster verzameld. Dit monster werd onderzocht op de aanwezigheid van resistente bacteriën. Op basis van vervolgmonsters werd onderzocht hoe lang deelnemers deze resistente bacteriën bij zich droegen. Naast ontlastingsmonsters werden ook telkens vragenlijsten verzameld om te kunnen onderzoeken wat de invloed is van onder andere reisbestemming, reisduur en reisgedrag op de kans om resistente bacteriën op te lopen.

Aandacht voor resistente bacteriën

Jaarlijks in november besteden we extra aandacht aan resistente bacteriën. Op de Europese Antibioticadag op 18 november en tijdens de Wereld Antibioticadag van 13 t/m 19 november. Ziekteverwekkers die slimmer worden dan de medicijnen die mensen kunnen bedenken: resistente bacteriën zijn een urgent en wereldwijd probleem. Een probleem waarbij alleen een snelle, multidisciplinaire en internationale aanpak helpt.

Meer informatie

]]>
news-1785 Fri, 10 Nov 2017 09:04:54 +0100 Dag van de mantelzorg https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/ouderen/mantelzorg/ Op vrijdag 10 november is het de Dag van de Mantelzorg. Op deze dag zetten we mantelzorgers in het zonnetje.

]]>
news-1784 Thu, 09 Nov 2017 16:11:01 +0100 Sociaal netwerk kan luchtweginfectie voorspellen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sociaal-netwerk-kan-luchtweginfectie-voorspellen/ De SaNAE-studie heeft een predictiemodel ontwikkeld dat zich baseert op de karakteristieken van iemands sociaal netwerk. Dankzij deze nieuwe methodologie binnen de infectieziektepreventie krijgen ouderen een persoonlijke risicoscore op luchtweginfecties. De SaNAE-studie heeft een formule ontwikkeld waarmee onder oudere mensen een persoonlijke score berekend kan worden. De score geeft aan of iemand een grote of een kleine kans heeft op het krijgen van een luchtweginfectie. De formule baseert zich op kenmerken van iemands sociale netwerk. Hoe werkt dat?

Tweeledige rol van contacten

Oudere mensen hebben vaker infecties dan jongeren. Dit zorgt voor een grote ziektelast die voor een deel voorkómen kan worden. Contact met anderen (sociaal netwerk) zoals familie, vrienden, kennissen, speelt hierin een belangrijke tweeledige rol. Infecties verspreiden via contact maar contacten beschermen ons ook, doordat zij ons immuunsysteem versterken. Contact met anderen vergroot de kwaliteit van leven en de zelfredzaamheid van de oudere mens.

Nieuwe methodologie binnen de infectieziektepreventie

De SaNAE-studie heeft een methodologie toegepast die nog niet eerder is gebruikt binnen de infectieziektepreventie, namelijk een predictiemodel gebaseerd op de karakteristieken van iemands sociaal netwerk. Denk daarbij aan het aantal contacten dat iemand heeft. Maar ook het type contacten speelt een rol, zoals bijvoorbeeld het aandeel vrienden of familie of het aandeel van leeftijdsgenoten in iemands sociale netwerk. Of de steun die iemand ontvangt, zoals hoe vaak iemand een praatje maakt, of iets leuks doet met iemand anders, of hulp krijgt bij klusjes in huis of bij ziekte.

Het resultaat: een persoonlijk risicoscore op infecties

Het resultaat van de geavanceerde statistische analyses waren 3 predictiemodellen en formules waarmee een persoonlijke kans op bovenste- en onderste luchtweginfecties, en gastro-intestinale infecties voorspeld kan worden. Verzameld zijn de gegevens bij deelnemers aan de Maastricht Studie. De studiepopulatie omvatte een grote groep (n=3074) zelfstandig wonende ouderen (gemiddelde leeftijd van 60 jaar; de helft is vrouw) die representatief wordt geacht voor de bevolking. Geanalyseerde gegevens omvatten een grote verscheidenheid van sociaaleconomische maten, welbevinden, medische gegevens, sociale-netwerkdata (verkregen door gebruik van een zogenaamde naam-generatormethode) en zelf-gerapporteerde infecties.

Van formule naar praktische toepassing

Nu SaNAE een concrete formule heeft opgeleverd waarmee infecties voorspeld kunnen worden, is de volgende stap de praktische toepassing van deze formule. Daarvoor zal de ontwikkelde formule moeten worden vertaald naar een bruikbare 'tool', denk aan een kaartje of een online app, die vervolgens getest en geëvalueerd moet worden onder de eindgebruikers. Dat zijn de ouderen en de mensen om hen heen, zoals zorgverleners. In deze tool zal de oudere of eventueel de zorgverlener een paar vragen over het sociale netwerk beantwoorden, waarmee zowel inzicht ontstaat over de kwaliteit van het sociale netwerk als op het risico op infecties.

Aan de hand van de antwoorden ontvangt de oudere een specifiek preventief advies. Een advies kan bijvoorbeeld gericht zijn op het infectierisico, zoals informatie over infectie-preventieve handelingen en/of op het verbeteren van de kwaliteit van het netwerk. Naar verwachting zal het toepassen van een dergelijke beoogde tool bijdragen aan de bewustwording op het gebied van preventie van infecties en de waarde van het hebben van sociale contacten. Daarmee zijn de predictiemodellen die zijn ontwikkeld in SaNAE de eerste stap naar een bijdrage aan de gezondheidsbevordering bij de groeiende groep van oudere mensen in onze samenleving.

De SaNAE-studie

Het bredere doel van SaNAE was bij te dragen aan het ontwikkelen van niet-farmaceutische preventieve interventies voor het bevorderen van de gezondheid van oudere mensen. SaNAE wordt ondersteund door GGD Zuid-Limburg, Universiteit Maastricht, De Maastricht Studie, Julius Centrum Utrecht, Huis voor de Zorg en huisartsen.

Meer informatie


]]>
news-1777 Wed, 08 Nov 2017 17:20:28 +0100 Aankondiging subsidieronde zeldzame ziekten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/aankondiging-subsidieronde-zeldzame-ziekten/ Op 7 december 2017 opent E-Rare, het Europese ERA-Net project voor onderzoek aan zeldzame ziekten, de Joint Transnational Call (JTC) 2018. De titel van deze subsidieronde luidt:
'Transnational research projects on hypothesis-driven use of multi-omic integrated approaches for discovery of disease causes and/or functional validation in the context of rare diseases'.

Informatie over oproep

Transnationale onderzoeksvoorstellen dienen betrekking te hebben op ten minste een van de volgende gebieden, die voor deze oproep even belangrijk zijn:

  • Gecombineerde multi-omics benaderingen (bijvoorbeeld epigenomics, transcriptomics, metabolomics, proteomics, etc.) die gen ontdekking gebaseerd op genomics strategieën aanvullen op basis van een duidelijk hypothese;
  • Functionele validatie van klinische of biologische gevolgtrekkingen verkregen uit '-omics' resultaten, b.v. door:
    - ontwikkeling van nieuwe computationele, statistische en experimentele methoden voor analyse en interpretatie van bestaande multi-omic datasets of voor de identificatie van relevante biomarkers;
    - integratie van de reeds verkregen '-omics' resultaten om nieuwe biologische modellen te genereren en te testen;
  • Toepassing van '-omics' benaderingen van zeldzame ziekten waarvan het gen bekend is / de genen bekend zijn om inzicht in ziektepathofysiologie mogelijk te maken;
  • Ontwikkeling en toepassing van concepten en methoden om informatie rond pathogenese van ziektegroepen te verkrijgen die gebruikt kunnen worden als 'blauwdruk' voor het ontdekken van nieuwe ziektegenen en het mechanisme van de pathogenese te begrijpen.

Budget en deadline

Om deelname voor Nederlandse onderzoeksgroepen mogelijk te maken heeft ZonMw een budget van 1,8 miljoen euro beschikbaar gesteld. Nederlandse onderzoeksgroepen kunnen maximaal 250.000 euro aanvragen per project.
De uiterste datum om projectideeën in te dienen bij het E-Rare Call secretariaat is 6 februari 2018.

Meer informatie

Meer informatie over de onderwerpen en aanvullende voorwaarden in de subsidieronde JTC 2018 vindt u op www.e-rare.eu > funding and calls > open call.

Zoekt u partners met specifieke expertise in binnen- of buitenland?

E-Rare heeft een instrument ontwikkeld om onderzoekers met specifieke expertise rond zeldzame aandoeningen te vinden en samenwerking te stimuleren. Dit instrument 'Looking for collaboration' vindt u op de website www.e-rare.eu (rechter panel).

]]>
news-1776 Wed, 08 Nov 2017 15:40:34 +0100 Matchmaking voor onderzoek naar tabaksontmoediging https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/matchmaking-voor-onderzoek-naar-tabaksontmoediging/ De deadline voor het indienen van een subsidieaanvraag over onderzoek naar tabaksontmoediging is 18 januari 2018, 14:00 uur. Om potentiële subsidieaanvragers uitleg te geven over het indienen van de subsidieaanvraag en kennis te laten maken met elkaar organiseerde ZonMw samen met de Alliantie Nederland Rookvrij (ANR!) op dinsdag 31 oktober een informatiebijeenkomst. Toelichting op onderzoeksagenda tabaksontmoediging

Fleur van Bladeren van de ANR! lichtte de Onderzoeksagenda tabaksontmoediging toe. Er zijn nieuwe inzichten nodig om de volgende uitdagingen het hoofd te bieden:

  • grote verschillen in rookprevalentie tussen hoog- en laagopgeleiden;
  • honderden kinderen die per week verslaafd raken aan roken;
  • hoe zorgen we ervoor dat er meer mensen gebruik maken van de interventies om te stoppen met roken?

Over de subsidieoproep & matchmaking

ZonMw gaf een toelichting op de openstaande subsidieoproepen en beantwoordde vragen. We streven ernaar dat de aanvragers zich verenigen en verwachten dat er multidisciplinaire samenwerking tussen onderzoeksinstellingen, praktijkinstellingen en andere partijen in consortia ontstaat. Daarom bood deze middag hen ook de gelegenheid om kennis met elkaar te maken en partners te zoeken rondom hetzelfde onderwerp. Mensen gingen enthousiast met elkaar in discussie over hun ideeën voor onderzoek.

Onderwerpen van onderzoek

  • Bestaande interventies om te voorkomen dat jongeren beginnen met roken (inclusief interventies gericht op de sociale en fysieke omgeving).
  • Beter bereik en gebruik van bestaande effectieve stoppen-met-roken interventies voor de algemene bevolking (inclusief eHealth).
  • Een beter bereik en gebruik van bestaande effectieve interventies voor groepen waar veel gerookt wordt.

Meer informatie

 

 

 

]]>
news-1774 Wed, 08 Nov 2017 10:21:01 +0100 Sportinnovator Event XL; beleef sportinnovatie in de praktijk! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sportinnovator-event-xl-beleef-sportinnovatie-in-de-praktijk/ Op dinsdag 11 december vindt het Sportinnovator Event XL plaats in het Cars Jeans stadion in Den Haag. Het Sportinnovator Event XL is een initiatief van het Topteam Sport, uitgevoerd door ZonMw, en is dé landelijke ontmoetingsplek waar vertegenwoordigers vanuit de wetenschap, overheid, sport en bedrijfsleven niet alleen kennis uitwisselen, maar bovenal nieuwe verbindingen leggen. Programma
Sportinnovator biedt u een boeiend plenair programma met keynote sprekers die verschillende actuele thema’s uit de sportwereld bespreken en u daarmee inspireren en informeren over onder andere big data, verwachtingen voor de toekomst en samenwerking. Zo nemen keynote sprekers Sarina Wiegman (‘s werelds beste coach van een vrouwenteam in 2017 en bondscoach van het Nederlands vrouwenvoetbalelftal) en Peter Blangé (prestatie- en innovatiemanager bij de KNVB) u mee in de wereld van data en voetbal, en hoe data ingezet kan worden om de sport verder te brengen. Inge Stoter (manager Innovatielab Thialf) en Alexander Bloemers (CEO Imbema Group) vertellen hoe sport en bedrijfsleven succesvol samenwerken bij sportinnovaties. Dagvoorzitter is voormalig tophockeyer en radiopresentator Tom van ‘t Hek. Directeur-generaal Volksgezondheid, Angelique Berg, verteld over de ambities van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op het gebied van sportinnovaties in Nederland. Verder wordt tijdens het event de Nationale Sportinnovator Prijs 2017 uitgereikt.

Daarnaast zijn er verdiepende, praktische parallelsessies van experts in het veld. Deze parallelsessies geven een goed overzicht van de nieuwste initiatieven rond sportinnovatie in Nederland op gebieden als voeding, vitaliteit, blessurepreventie, data, en bewegen met een beperking. Tijdens deze sessies wordt kennis gedeeld en worden vragen beantwoord, denk aan: Hoe stimuleer ik sporten in de openbare ruimte? Hoe breng ik mijn sportinnovatie naar de markt? Hoe innoveer ik in bewegingsonderwijs? Hoe meet ik voedingsopname en belastbaarheid van sporters? Verder is er de mogelijkheid om innovaties aan den lijve te ondervinden in de ‘Innovatiespeelhoek’.

Doelgroep
Het Sportinnovator Event XL is bedoeld voor professionals op het gebied van sport, innovatie, vitaliteit, gezondheid, voeding, accommodaties, producten & materialen en coaching werkzaam in de sport, bedrijfsleven, overheid en onderwijs & onderzoek.

Inschrijven
Inschrijven voor het Sportinnovator Event XL kan nu! Deelname kost € 195,-. https://www.aanmelder.nl/sportinnovatorxl/subscribe

Contact
Voor meer informatie;
https://www.aanmelder.nl/sportinnovatorxl.

Locatie
Cars Jeans Stadion
Haags Kwartier 55
2491 BM Den Haag

]]>
news-1769 Tue, 07 Nov 2017 09:00:00 +0100 Op weg naar meer focus en massa in sportonderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/op-weg-naar-meer-focus-en-massa-in-sportonderzoek/ In de subsidieronde van het Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen 2017 ontving ZonMw 19 subsidieaanvragen. Samenwerkingsverbanden, zogenaamde projectconsortia, dienden voor ruim 7,6 miljoen euro aan subsidieaanvragen in. Dat is bijna 6 miljoen meer dan het beschikbare budget van 1.680.000 euro. Tot 5 oktober jl, konden projectconsortia van onderzoekers uit het wo en hbo met een sportorganisatie en een bedrijf, lokale of regionale overheden of maatschappelijke organisaties een subsidieaanvraag indienen. Doel van de subsidieoproep is om multidisciplinair onderzoek, waaronder data science, op het terrein van (top)sport en bewegen te versterken en het gebruik van opbrengsten (kennis en data) te stimuleren.
Per aanvraag kon maximaal 420.000 euro worden aangevraagd. De aanvragen moeten passen bij minstens één van de drie thema’s uit de Kennisagenda Sport en Bewegen. De thema’s zijn ‘Beter presteren’, ‘Een leven lang bewegen’ en ‘De waarde(n) van sport’.

Brede doelgroepen

Veel van de ingediende aanvragen zijn thema overstijgend. Zo zijn er aanvragen ingediend op het thema ‘Beter Presteren’ en ‘Een leven lang bewegen’, maar ook op de thema’s ‘Een leven lang bewegen’ en ‘De waarde(n) van sport). Ook worden veel verschillende doelgroepen bediend. Van kinderen met een chronische ziekten en mensen die weinig of niet bewegen tot ouderen. En van talentherkenning tot olympische en paralympische sporters.

Hoe verder?

De aanvragen worden de komende periode beoordeeld. Eerst is gekeken of de aanvraag compleet en volgens de regels is ingediend. Op dit moment beoordeelt een groep onafhankelijke referenten de aanvragen op kwaliteit. Alleen de allerbeste aanvragen kunnen gehonoreerd worden passend binnen het beschikbare budget.
In februari 2018 krijgen de consortia bericht over of ze wel of niet subsidie krijgen. De gehonoreerde consortia hebben een looptijd van 2 jaar en starten uiterlijk halverwege 2018.

Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen

Doel van het Onderzoeksprogramma Sport en Bewegen is om meer focus en massa in sportonderzoek te verkrijgen. Uitgangspunt daarbij zijn de eerder genoemde drie thema’s van de Nationale Kennisagenda Sport en de NWA route Sport en Bewegen. Met multidisciplinair onderzoek dat binnen deze thema’s past en het benutten van data science voor sportonderzoek is het de bedoeling om de opbrengsten van de gefinancierde onderzoeksprojecten te vergroten.
Financiers zijn het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, domein Exacte en Natuurwetenschappen (NWO/ENW), het Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA en NOC*NSF.

Meer informatie


]]>
news-1766 Mon, 06 Nov 2017 11:32:40 +0100 Aan de slag met toepasbare kennis, methodieken en instrumenten in de jeugdhulp! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/aan-de-slag-met-toepasbare-kennis-methodieken-en-instrumenten-in-de-jeugdhulp/ In samenwerkingsverbanden tussen universiteiten, hogescholen, jeugdhulporganisaties, gemeenten en opleidingen is de afgelopen jaren veel kennis ontwikkeld die aansluit bij vragen uit de jeugdhulp zelf. Het digitale magazine 'Met elkaar verbonden' zet de opbrengsten van het ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Jeugd in de etalage. Projectleiders en stakeholders vertellen zelf over hun ervaringen. Programmavoorzitter Han de Ruiter vindt dat je wel mag spreken van een ‘succesformule’ als het om de academische werkplaatsen gaat. ‘Overal zijn hele boeiende samenwerkingsverbanden ontstaan. Organisaties zijn bereid gebleken hun zelfstandigheid in te ruilen voor iets collectiefs, een netwerkconstructie waarin je gezamenlijk verantwoordelijkheid draagt. Door samen met anderen naar je werk te kijken, ga je nadenken, nieuwe mogelijkheden ontdekken. Er ontstaat weer verwondering. Dat is de kracht van de werkplaatsen.’

Opbrengsten delen

In het magazine zet ZonMw opbrengsten van de academische werkplaatsen ‘in de etalage’. Projectleiders en stakeholder vertellen zelf hoe ontwikkelde kennis, methodieken en instrumenten de jeugdhulp hebben verbeterd. Opbrengsten die niet alleen van waarde zijn voor de regio  waar ze ontwikkeld zijn, maar die breed de jeugdhulp kunnen verbeteren.

Voor de Jeugd Dag

Maandag 6 november is het magazine gelanceerd op de Voor de Jeugd Dag, een jaarlijks initiatief van de ministeries van VWS, VenJ, OCW en de VNG. Een passend moment, te midden van professionals, beleidsmakers en bestuurders uit alle domeinen die met jeugd te maken hebben. Het zijn juist deze partijen die samen met onderzoekers en met inbreng van ouders en jongeren deze mooie opbrengsten tot stand brachten. En daarmee in de praktijk aan de slag kunnen. Om zo de hulp voor ouders en kinderen te verbeteren.

Over het ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Jeugd

Het programma heeft in de periode 2009-2016 6 regionale academische werkplaatsen jeugd gefinancierd. In de academische werkplaatsen zetten organisaties uit beleid, onderzoek, onderwijs en praktijk zich samen in om praktijkgerichte kennis voor de jeugdsector te ontwikkelen, te toetsen en in te voeren. De werkplaatsen zetten hun ervaring voort in het programma Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd (2015-2020).

Meer informatie


]]>
news-1762 Fri, 03 Nov 2017 12:51:54 +0100 Resultaten TopZorg-onderzoek op EURETINA congres (MEDtalk) https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/resultaten-topzorg-onderzoek-op-euretina-congres-medtalk/ Op het toonaangevende EURETINA congres in Barcelona, georganiseerd voor Europese retina specialisten en onderzoekers, heeft TopZorg-onderzoeker Henk de Jong belangrijke onderzoeksresultaten laten zien. Voor het eerst is een gunstig effect aangetoond van preoperatieve houdingsadviezen bij netvliesloslatingen. Hij vertelt erover in een MEDtalk, zie hieronder. De Jong doet onderzoek naar dit houdingsadvies bij patiënten met macula-aan netvliesloslatingen in het kader van het experiment TopZorg.

Zwaartekracht

Wanneer er een scheur in het netvlies ontstaat, kan er vocht uit de glasvochtruimte onder het netvlies komen waardoor het netvlies loslaat van zijn onderlaag. Het losgelaten deel kan dan niet goed meer functioneren. Dit is in het bijzonder een probleem als het centrale deel van het netvlies, de macula, ook losgelaten heeft, waardoor het centrale zicht beschadigd raakt. Bij de progressie van netvliesloslatingen spelen mogelijk zowel hoofd- en oogbewegingen als ook de zwaartekracht een rol.

Houdingsadviezen onderbouwd

Daarom worden er traditioneel preoperatief houdingsadviezen gegeven met als doel de kans te minimaliseren dat een aanliggende macula loslaat in de periode tussen diagnose en operatie. Omdat deze houdingsadviezen belastend zijn voor de patiënt én kostbaar zijn, ging De Jong op zoek naar een onderbouwing voor het houdingsadvies. Uit het onderzoek van De Jong blijkt dat het houdingsadvies een gunstig effect heeft.

Meer informatie

Impactbrochure 'Optimising treatment of retinal detachment' (5 MB)


]]>
news-1712 Thu, 02 Nov 2017 09:30:00 +0100 Subsidieronde Sportblessurepreventie begin 2018 open https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieronde-sportblessurepreventie-begin-2018-open/ De tweede subsidieronde van het programma Sportblessurepreventie opent in januari 2018. Deze ronde draait om het vergaren van kennis over de effectiviteit van interventies en over de randvoorwaarden voor effectief gebruik van deze interventies in de sportpraktijk. Voor deze subsidieronde is 1.400.000 euro beschikbaar. Indien nog nodig, is er binnen de subsidieronde ook ruimte voor het doorontwikkelen van bestaande interventies. Verder is van belang dat in alle projecten stevig wordt ingezet op de verspreiding en toepassing van de ontwikkelde kennis en interventies.
De focus ligt op de preventie van sportblessures van de top 5 sporten met de hoogste aantal blessures. Dit zijn voetbal, hardlopen, fitness, volleybal en tennis.

Nieuw onderzoek

Per project kan maximaal 200.000 euro worden aangevraagd. De verwachting is dat er in 2018 minstens 7 projecten zullen starten die bij gaan dragen aan de vermindering van het aantal nieuwe sportblessures in Nederland.

Stijging sportblessures tegengaan

Het aantal nieuwe sportblessures in Nederland is tussen 2008 en 2014 met maar liefst 14 procent gestegen. In 2013 werden 4,5 miljoen sportblessures opgelopen. ZonMw wil hier verandering in aanbrengen met het programma Sportblessurepreventie.
In de eerste subsidieronde (2015) zijn 7 projecten gehonoreerd. Zo is er een project dat zich richt op online advies ter preventie van hardloopblessures in aanloop naar een evenement en is er bijvoorbeeld een volleybalprogramma ontwikkeld om blessures te voorkomen.

Meer informatie

Houd begin 2018 de subsidiekalender in de gaten

]]>
news-1734 Mon, 30 Oct 2017 10:57:04 +0100 Deelnemers gezocht voor online training ScheidingsATLAS https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/deelnemers-gezocht-voor-online-training-scheidingsatlas/ Scheidingen komen veel voor: in Nederland verbreken naar schatting jaarlijks zo’n 64 duizend paren hun huwelijk of samenwoonrelatie. Er verandert een hoop voor betrokkenen bij deze scheidingen en er komt veel onder druk te staan. Zeker als er kinderen bij de scheiding betrokken zijn.

Voor ouders in scheidingssituaties ontwikkelde TNO daarom met partners binnen een ZonMw project de training ScheidingsATLAS. Ouders kunnen hier in het kader van het evaluatieonderzoek (2017-2019) kosteloos aan deelnemen.

In Nederland bestond behoefte aan onderbouwd laagdrempelige en lichte ondersteuning voor ouders na scheiding. Daarom is in de periode 2016-2017 de interventie ‘ScheidingsATLAS’ (© TNO) ontwikkeld. ScheidingsATLAS is een kortdurende interventie speciaal ontwikkeld met en voor gescheiden ouders, ter ondersteuning van ouderschap na scheiding. De interventie heeft als doel gescheiden ouders te informeren en in hun kracht te zetten. Ook biedt het concrete handvatten gericht op ondersteuning van kinderen en communicatie met de andere ouder. 

Het unieke van ScheidingsATLAS is dat de interventie beschikbaar is in 2 varianten:

  1. Een groepstraining met 2 bijeenkomsten van elk 3 uur
  2. Een online training met 6 inhoudelijke hoofdstukken

De inhoud van beide varianten is dezelfde en ouders maken gebruik van hetzelfde handboek als naslagwerk. Echter, de vorm verschilt dus per interventievariant. In een (quasi-)experimenteel onderzoek (2017-2019, gefinancierd door ZonMw) onderzoekt TNO de effectiviteit van beide interventievarianten van ScheidingsATLAS.

Gescheiden ouders kunnen gratis meedoen!

Op de Aanmeldpagina (tno.nl/atlas) kunt u meer informatie vinden over de interventie en kunnen ouders zich aanmelden voor deelname aan de online training in het kader van het evaluatieonderzoek door TNO. Mochten ouders zich willen aanmelden voor de groepstraining in regio Haaglanden of Almere, dan kunt u hierover informatie vinden in de flyers van ScheidingsATLAS op tno.nl/codip.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector 

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  

Meer informatie

]]>
news-1731 Sat, 28 Oct 2017 17:38:17 +0200 Uitnodiging Masterclass Lerend Transformeren https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/uitnodiging-masterclass-lerend-transformeren/ TNO nodigt professionals en jeugdorganisaties van harte uit om maandag 20 november 2017, van 09.00 tot 13.30 uur deel te nemen aan de tweede masterclass van het project Lerend Transformeren.

In het project ‘Lerend Transformeren’ gaan professionals en hun organisaties aan de slag met het ontwikkelen van een nieuwe werkstijl gericht op de transformatie. Ondersteuningsaanbod (bijv. coaching, scholing, intervisie) staat hierin centraal. 

Eén van de belangrijkste pijlers binnen actieonderzoek is ‘reflecteren en leren’. Maar hoe doe je dat eigenlijk? Hoe meet je welke impact je hebt met je actieonderzoek – en hoe leer je daar van? Hoe kan je leren van de ervaringen van cliënten? Daarover gaat de tweede masterclass van Lerend Transformeren. In 15 organisaties representatief voor de zorg voor jeugd, wordt met actieonderzoek nieuw ondersteuningsaanbod ontwikkeld of bestaand aanbod doorontwikkeld. 

Project Lerend Transformeren

Het is een turbulente tijd voor organisaties betrokken bij de zorg voor jeugd. Na de transitie is het nu tijd om te transformeren: met elkaar de zorg inhoudelijk vernieuwen. Omdat het Nieuwe Werken nodig is om de transformatiedoelen te behalen, focussen de actieonderzoeken zich ieder op een transformatiedoel. De 5 transformatiedoelen zijn:

  1. Preventie en eigen kracht
  2. Demedicaliseren, ontzorgen en normaliseren
  3. Juiste hulp op maat
  4. Integrale hulp
  5. Ruimte voor professionals

Kennisnet Jeugd

Op Kennisnet Jeugd deelt de werkgroep lerend transformeren praktijkvoorbeelden, succesverhalen en geleerde lessen uit het onderzoek Lerend Transformeren. Iedereen kan hier lid van worden.

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector 

Lerend transformeren is een project binnen het programma Effectief in de jeugdsector. Het programma investeert in meer kennis voor de hulp aan kinderen en hun gezinnen. Met dit project richt het programma zich op het vergroten en uitdragen van kennis voor professionals, gericht op het nieuwe werken binnen het jeugddomein. 

]]>
news-1730 Sat, 28 Oct 2017 16:43:22 +0200 Optimaal samenwerken en leren van casuïstiekbesprekingen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/optimaal-samenwerken-en-leren-van-casuistiekbesprekingen/ Hoe kunnen casuïstiekbesprekingen van Ouder- en Kindteams zó worden ingericht, dat er optimaal wordt samen gewerkt en samen geleerd? Door middel van actieonderzoek heeft de Kenniswerkplaats Transformatie Jeugd Amsterdam KeTJA deze vraag onderzocht en de Handreiking Casuïstiekbespreking uitgebracht.

Handreiking voor optimaal samenwerken en leren

KeTJA (Kenniswerkplaats Transformatie Jeugd Amsterdam) heeft de Digitale Handreiking van de OKT’s  uitgebracht, om de structuur en inrichting van casuïstiekbesprekingen aan te scherpen en daarmee de kwaliteit en leeropbrengst te vergroten. In overleg met Ouder -en Kindteams (3 teamleiders en 10 casuïstiekteams) is in de Handreiking een aantal onderwerpen opgenomen die bijdragen aan een leerzaam en effectief overleg: Achtergrond Casuïstiekbespreking; Basiselementen casuïstiekbespreking; Verdiepend en doelgericht leren; Kwaliteitsversnellers; Veiligheid en een Toolkit. 

Ouder- en Kindteams (OKT’s)

In Amsterdam zijn in alle wijken en op alle scholen multidisciplinair samengestelde Ouder -en Kindteams aangesteld. Deze teams bestaan uit ouder-en kindadviseurs, jeugdartsen, jeugdpsychologen en assistenten, afkomstig uit diverse organisaties. Elk team voert taken uit in het kader van het basispakket jeugdgezondheidszorg, geeft steun bij opvoeden, opgroeiproblemen en biedt lichte jeugdhulp. 

Casuïstiekbespreking bij ingewikkelde zaken

Voor overleg over ingewikkelde kwesties die zich in de uitvoering van taken en de samenwerking met diverse partijen voordoen komen teams regulier bijeen om actuele casussen rond kinderen en ouders te bespreken, en de interne en externe samenwerking door te nemen. Deze besprekingen hebben tot doel onderbouwde en weloverwogen besluiten en acties te nemen, en daarmee de kwaliteit en effectiviteit van de zorg aan kinderen te optimaliseren

Academisch Werkplaatsen Transformatie Jeugd

KeTJA is één van in totaal 12 Academische Werkplaatsen Transformatie Jeugd (AWTJ’s) en heeft als hoofddoel de transformatie te ondersteunen door beschikbare kennis aan te bieden, en nieuwe kennis te ontwikkelen. Op deze manier helpt KeTJA om de transformatiedoelen te realiseren: snel en effectieve hulp dichtbij, kleine problemen klein houden, een meer preventieve aanpak en de versterking van eigen kracht van jeugdigen en gezinnen. 

]]>
news-1729 Sat, 28 Oct 2017 16:19:34 +0200 Erkenning voor interventie Stevig Ouderschap https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/erkenning-voor-interventie-stevig-ouderschap/ De interventie Stevig Ouderschap is door de Erkenningscommissie Interventies erkend als effectief volgens eerste aanwijzingen. Stevig Ouderschap is bedoeld om het zelfvertrouwen en de zelfredzaamheid van ouders te vergroten.

Stevig Ouderschap geeft gezinnen met een minder makkelijke start een steuntje in de rug. Met circa 4 prenatale en 6 tot 10 postnatale huisbezoeken (tot de kinderleeftijd van 2 jaar) van een speciaal opgeleide jeugdverpleegkundige worden ouders geholpen hun zelfvertrouwen en zelfredzaamheid te vergroten en hun sociale netwerk te versterken. De methode gaat uit van eigen kracht, eigen behoeften en eigen invulling. Het doel is ernstige opvoedingsproblemen, waaronder kindermishandeling te voorkomen. 

ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector

Met meer kennis kan de hulp aan kinderen en hun gezinnen effectiever worden. Voor deze kennisvergroting is het ZonMw-programma Effectief werken in de jeugdsector opgezet.  

Vanuit programmalijn 1b ‘Versterken van de eigen kracht van kinderen en gezinnen’ is onderzoek gefinancierd naar de werkzaamheid van bestaande methodieken, gericht op het versterken van de eigen kracht van ouders/verzorgers en/of kinderen/jongeren. Zo ook het project Stevig Ouderschap: Het versterken van eigen kracht van ouders/verzorgers met een verhoogd risico op opvoedingsproblematiek.

Meer informatie

]]>
news-1724 Fri, 27 Oct 2017 13:14:14 +0200 Jeugdhulp en preventie: 15 succesvolle aanpakken in gemeenten https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/jeugdhulp-en-preventie-15-succesvolle-aanpakken-in-gemeenten/ Een omslag naar meer preventie en eerdere ondersteuning; dat zou de nieuwe Jeugdwet moeten brengen. In de praktijk blijkt dat echter zo gemakkelijk nog niet. Gemeenten zijn soms drukker met de praktische en administratieve aspecten van specialistische hulp of de wachtlijsten. Om een positieve beweging naar meer preventie op gang brengen hebben de VNG en het ministerie van VWS wethouders Jeugd uitgenodigd hun successen op het gebied van jeugdpreventie te delen. In de publicatie 'Van nul tot later als ik groot ben' leest u de eerste 15 voorbeelden.

Onderzoek naar wat werkt

In deze publicatie leest u praktijkverhalen én werkende factoren. ZonMw heeft bijgedragen aan de financiering van onderzoek naar een aantal van deze innovatieve voorbeelden.

THINK op school’ verbindt onderwijs en zorg
Aan de ene kant maatschappelijke organisaties die hun preventie-aanbod etaleren, aan de andere kant scholen die in al dat aanbod de weg kwijtraken. In Zwolle brengt ‘THINK op school’ beide werelden bij elkaar. De Academische Werkplaats Samen op School doet onderzoek.

CenteringPregnancy creëert vangnet en stevige basis
Vragen stellen, kennis en ervaringen delen en vooral veel plezier: in Huizen kiezen veel zwangere vrouwen niet langer voor individuele verloskundige controles, maar voor bijeenkomsten in groepsverband. Van deze nieuwe vorm van verloskundige begeleiding mogen de resultaten er zijn: moeders staan sterker in hun schoenen en steunen elkaar.

VoorZorg: de meest vroegtijdige preventie
Hoe eerder hoe beter. Dat geldt voor preventieve zorg, maar zeker voor VoorZorg. Want dan begint de hulp al bij vrouwen die in verwachting zijn van hun eerste kindje. Vrouwen die door omstandigheden wel een extra steuntje in de rug kunnen gebruiken. Zo krijgen zij de kans om zich beter te ontwikkelen én hun kind een goede start te geven. Dat werkt aantoonbaar goed, ook in Dordrecht.

Koplopersnetwerk jeugdpreventie

Het Rijk en de VNG willen een positieve beweging naar meer preventie op gang brengen. Dit gebeurt door koplopers bij beleid (Rijk en regio),  landelijke kennisinstituten en 15 gemeenten te verbinden in een koplopersnetwerk jeugdpreventie. Om succesvolle aanpakken te delen en elkaar verder te helpen.

Meer informatie

]]>
news-1717 Thu, 26 Oct 2017 09:33:04 +0200 Subsidieoproep naar tabaksontmoediging geopend https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/subsidieoproep-naar-tabaksontmoediging-geopend/ In Nederland sterven jaarlijks meer dan 20.000 mensen aan de gevolgen van roken en meeroken. Wetenschappelijke kennis is onontbeerlijk voor goede oplossingen om roken te ontmoedigen. Daarom kunt u vanaf 26 oktober uw onderzoeksvoorstel indienen bij ZonMw. De doelstelling van deze oproep is kennis opleveren die bijdraagt aan de volksgezondheid door tabaksontmoediging in het algemeen en de Rookvrije Generatie in het bijzonder. Onderzoeksonderwerpen

U kunt uw projectidee indienen voor onderzoek op 1 van de volgende 3 onderwerpen:

  • Bestaande interventies om te voorkomen dat jongeren beginnen met roken.
  • Beter bereik en gebruik van bestaande effectieve stoppen-met-roken interventies voor de algemene bevolking
  • Beter bereik en gebruik van bestaande effectieve interventies voor groepen waar veel gerookt wordt, zoals laagopgeleiden, mensen met psychische problemen, co-morbiditeit of dubbele verslaving, ouderen.

Onderzoeksagenda Tabaksontmoediging als basis voor de oproep

Deze oproep komt voort uit de Onderzoeksagenda Tabaksontmoediging (oktober 2017) van de Alliantie Nederland Rookvrij! (ANR). Deze is in samenwerking met onder meer wetenschappers,  gezondheidsfondsen en ZonMw tot stand is gekomen. Multidisciplinaire samenwerking tussen onderzoeksinstellingen, praktijkinstellingen en andere partijen in consortia, vormt een wezenlijk onderdeel van deze oproep.

Matchmakersbijeenkomst op 31 oktober

Geïnteresseerd in de subsidieoproep voor tabaksontmoediging? Kom dan op 31 oktober 2017 naar de matchmakersbijeenkomst bij ZonMw in Den Haag van 13:30 tot 16:30. Tijdens deze bijeenkomst presenteert ANR de Onderzoeksagenda Tabaksontmoediging. Vervolgens lichten de financiers de doelstellingen en voorwaarden van de subsidieoproep toe en hebben de aanwezigen gelegenheid te netwerken en samenwerkingsverbanden te verkennen. Aanmelden voor de bijeenkomst kan via dit aanmeldformulier.

Meer informatie

]]>
news-1706 Mon, 23 Oct 2017 13:01:32 +0200 Symposium ‘Effectief werken bij conflictscheidingen’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/symposium-effectief-werken-bij-conflictscheidingen/ Op donderdag 26 oktober 2017 organiseren de Gemeenten Hart van Brabant, Stichting Veilige Haven en Kompaan en De Bocht een symposium om de uitkomsten van het ZonMw-project 'Ketenaanpak Conflictscheidingen' te presenteren en middels workshops ervaringen te delen.

Twintig procent van de scheidingen mondt uit in een conflict- of vechtscheiding.  Veel van deze gezinnen blijven jarenlang een beroep doen op sociale en juridische professionals, vaak met beperkte verbeteringen. Hulpverlening alleen kan conflictscheidingen niet oplossen. De complexe dynamiek in deze scheidingen vraagt om een gecombineerde aanpak van rechtspraak, advocatuur  en hulpverlening. Wetenschappelijke kennis is een voorwaarde om tot een effectieve aanpak te komen.

Ketenaanpak Conflictscheidingen

ZonMw-project 'Ketenaanpak Conflictscheidingen' in Midden- en West-Brabant was 1 van 4 door ZonMw gefinancierde projecten rondom conflictscheidingen. Ruim 100 professionals in de regio zijn getraind in basiskennis over conflictscheidingen. door Howard Hurwitz uit Toronto, Canada. Tijdens deze trainingen zijn nieuwe methodieken geïntroduceerd. Bijvoorbeeld de MASIC; een gestructureerd interview voor de inventarisatie van partnergeweld. 

Voor vastgelopen conflictscheidingszaken is een High Conflict Forum opgericht waarin innovatieve interventies gebruikt en verder ontwikkeld worden. Kompaan en De Bocht heeft een zorgprogramma ontwikkeld passend bij conflictscheidingen.

Twee Amerikaanse gastsprekers geven tijdens het symposium een plenaire lezing:

  • Professor Amy Holtzworth-Munroe, Indiana State University, Bloomington, vertelt over de rol van partnergeweld bij conflictscheidingen en het door haar ontwikkelde instrument MASIC.
  • Bill Eddy van het High Conflict Institute, San Diego vertelt over New Ways 4 Families: een effectieve preventieve interventie bij conflictscheidingen die door de familierechter wordt opgelegd voordat ouders over de scheiding gaan onderhandelen.

Op vrijdag 27 oktober 2017 geeft Bill Eddy een eendaagse workshop over New Ways 4 Families. Deze workshop is beperkt tot 40 deelnemers.

Doelgroepen voor de conferentie en workshop:

Professionals van de Raad voor de Kinderbescherming, Veilig Thuis, jeugdzorg- en jeugdbescherming, mediatoren, advocaten en rechters, GGZ-professionals, bijzondere curatoren voor het kind, cliëntenraden en alle anderen die betrokken zijn bij gezinnen in een conflict- of vechtscheiding.

Vechtscheidingen 

Dit project maakt onderdeel uit van de ZonMw-programmalijn Ondersteuning lokale initiatieven multidisciplinaire aanpak vechtscheidingen van het programma Effectief werken in de jeugdsector.

Ter uitvoering van het uitvoeringsplan Verbeteren situatie kinderen in een ‘vechtscheiding’ heeft VWS ZonMw gevraagd om 4 gemeentelijke pilots uit te zetten om te experimenteren met het organiseren van (preventief) hulpaanbod door samenwerkende instanties aan gezinnen die te maken hebben met een (problematische) scheiding. Doel van de pilots is te bevorderen dat hulpverleningsinstanties snel signaleren dat een scheiding escaleert in een vechtscheiding. Zo kan vervolgens snel de juiste hulp worden ingezet; licht als het kan, maar direct een zwaarder instrument als dat moet.

Meer informatie

]]>
news-1695 Thu, 19 Oct 2017 09:02:00 +0200 Vergroten maatschappelijke impact van voeding https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/vergroten-maatschappelijke-impact-van-voeding/ Op 1 december 2017 organiseert het JPI HDHL haar 4e internationale congres 'To work towards more societal impact of nutritional science' in Brussel. De focus van het congres is het vergroten van maatschappelijke impact van voedingswetenschap en het samenbrengen van verschillende stakeholders. Wetenschappers, beleidsmakers, onderzoeksfinanciers, gezondheidsprofessionals en de industrie gaan de dialoog met elkaar aan. Programma in een notendop

In het plenaire programma pitchen jonge wetenschappers hun JPI HDHL project in 2 minuten nadat ze in de ochtend de professionele training ‘Speechen als Obama’ hebben gehad. In een plenair Lagerhuisdebat over het versterken van de impact van voedingsonderzoek en innovatie gaan de deelnemers met elkaar discussiëren. In de middag staan verschillende workshops op het programma. De toekomst van de voedingswetenschap, de rol van het JPI HDHL in publiek-private samenwerkingen, de update van de JPI HDHL ‘strategic research agenda’ en het organiseren van multi-stakeholder dialogen komen aan bod. Voor de mensen die vroeg uit de veren komen biedt een ‘early bird’ programma een mooie start van de dag. Onder andere  staat een plenaire sessie over de rol van het JPI HDHL in publiek-private samenwerking op het gebied van R&I op het programma. Maar ook een speeddate sessie waarbij deelnemers voorafgaand aan het congres speeddates kunnen plannen met veelbelovende contacten.

U komt toch ook?

Registreren doet u via de conferentie webpagina waar ook meer informatie over het programma en de laatste updates te vinden is. In het registratieformulier kunt u ook input geven voor stellingen voor het Lagerhuisdebat en kunt u zich aanmelden voor een parallel workshop.

Meer informatie


]]>
news-1691 Tue, 17 Oct 2017 15:05:56 +0200 Nieuwe subsidieoproepen Vroege Opsporing https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/nieuwe-subsidieoproepen-vroege-opsporing/ Goed geïnformeerd kiezen bij bevolkingsonderzoek of health check en onderzoek en innovaties in de screeningspraktijk. Dat zijn de 2 onderwerpen binnen Vroege Opsporing waar u vanaf 17 oktober 2017 subsidie voor kunt aanvragen. De deadline voor het indienen van subsidieaanvragen is 18 december 2017 om 14.00 uur. 1. Vroege Opsporing 2017-2018 - screening

In deze ronde kunt u subsidie aanvragen voor onderzoek naar de onderbouwing en bestendiging van het landelijk aanbod van bevolkingsonderzoek en andere screeningspraktijken. Nieuwe ontwikkelingen op het gebied van vroege opsporing van risicofactoren, aandoeningen en ziektes bij de (gezonde) burger staan in uw onderzoek centraal. Binnen deze oproep geven we prioriteit aan onderzoek naar de impact van screeningsprogramma’s, risicoprofilering en innovatieve testen.

2. Goed geïnformeerd kiezen bij bevolkingsonderzoek of health check

Wat hebben mensen nodig om een afgewogen keuze te maken voor deelname aan een bevolkingsonderzoek of een health check? Uw onderzoeksvoorstel gaat over het tot stand komen van een goed geïnformeerde keuze bij de burger voor het wel of niet deelnemen aan preventief medisch onderzoek zoals het landelijk aanbod van bevolkingsonderzoek of een health check.

Vroege opsporing bij ZonMw

Deze subsidieoproep is onderdeel van het vijfde programma Preventie van ZonMw. Dit programma draagt bij aan de doelen van het Nationaal Programma Preventie van het ministerie van VWS.
Vroege Opsporing is een deelprogramma binnen het vijfde programma Preventie. Via projecten binnen het deelprogramma Vroege Opsporing stimuleren we de ontwikkeling van kennis over screening.

Meer informatie


]]>
news-1679 Fri, 13 Oct 2017 11:06:31 +0200 Fototentoonstelling van Bio Art and Design (BAD) Award https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/fototentoonstelling-van-bio-art-and-design-bad-award/ Op 6 oktober is de fototentoonstelling van Bio Art and Design (BAD) Award geopend tijdens de Nacht van de Wetenschap. Deze druk bezochte avond werd georganiseerd in de Centrale Bibliotheek in Den Haag. Er was onder de 200 bezoekers veel belangstelling voor de tentoonstelling van de BAD Award.

Henk Smid, directeur van ZonMw, zei het volgende over het avondvullend programma: “De Nacht van de Wetenschap leerde me hoe intrigerend wetenschappelijk onderzoek naar muziek en geluid is. De opgestelde posters gaven een mooi beeld van de BAD Award”.

De tentoonstelling van de BAD Award blijft voorlopig nog staan en bestaat uit foto’s van de winnende projecten die zijn gemaakt tussen 2010 en 2017. De oorspronkelijke kunstwerken zijn veelal levende bio-kunstwerken die met zorg onderhouden moeten worden.

In totaal zijn er foto’s van 11 verschillende kunstwerken tentoongesteld; Bulletproof Skin (2010), Microscopic Opera (2010), Aqua Vita (2011), In Vena Verbum (2011), Ergo Sum (2012), Fungi Mutarium (2014), The Art of Deception (2015), Dynamorphosis (2016), Haem (2016), Tame is to Tame (2016) en Estuary (2017). Naast foto’s zijn er ook filmpjes te zien over het maak-proces van de oorspronkelijke bio-kunstwerken.

De tentoonstelling is tot 24 oktober voor het publiek te bezoeken in de Centrale Bibliotheek in Den Haag.

]]>
news-1676 Thu, 12 Oct 2017 15:29:00 +0200 Ministerie van VWS stelt vragen aan ZonMw https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/ministerie-van-vws-stelt-vragen-aan-zonmw/ De berichten in de media over ZonMw en een casus uit 2015 waarin sprake is van schijn van belangenverstrengeling waren voor het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aanleiding om de Tweede Kamer actief te informeren.

In haar brief van 3 oktober vraagt demissionair minister Schippers meer informatie over de werkwijze van ZonMw. Daarnaast zijn er ook Kamervragen gesteld. 

Antwoorden van ZonMw

Op dit moment is ZonMw bezig de minister van de gevraagde informatie te voorzien. Omdat ZonMw jaarlijks gemiddeld zo’n 70 subsidierondes heeft met daarin gemiddeld zo’n 1.800 subsidieaanvragen, neemt de beantwoording van de vragen enige weken in beslag. Dit betekent dat ZonMw in deze periode niet actief met informatie over deze kwestie naar buiten treedt. De eerste prioriteit ligt nu bij het informeren van de minister. Nadat het ministerie is geïnformeerd, zal ZonMw in overleg met het ministerie van VWS hierover actief naar buiten treden. 

Berichten in de media

De berichten in de media zijn gebaseerd op een bezwaarprocedure uit 2015 waarin de bezwaarcommissie spreekt over de schijn van belangenverstrengeling. In 2015 heeft de bezwaarcommissie geconstateerd dat ZonMw de Gedragscode Belangenverstrengeling onvoldoende heeft nageleefd; in de beoordelingscommissie zaten leden die zelf een aanvraag hadden ingediend in de betreffende subsidieronde. Dit betekent echter niet dat commissieleden hun eigen subsidieaanvragen hebben beoordeeld zoals enkele media willen doen geloven. Indien een commissielid direct betrokken was bij een subsidieaanvraag in een ronde waarvan hij of zij ook in de beoordelingscommissie zat, dan is dit commissielid nooit betrokken geweest bij de beoordeling van de betreffende subsidieaanvraag. Dit geldt niet alleen voor de schriftelijke beoordeling, maar ook voor de mondelinge bespreking van de aanvraag en de prioritering van alle aanvragen tijdens de vergadering. Desondanks betreurt ZonMw dat zij in betreffende casus de Gedragscode Belangenverstrengeling onvoldoende heeft nageleefd. ZonMw heeft na deze bezwaarprocedure in 2015 de controle op de naleving van deze Gedragscode Belangenverstrengeling verscherpt. Wanneer een commissielid van een regulier programma directe betrokkenheid heeft bij een subsidieaanvraag, is deze volledig uitgesloten van beoordeling en voorbereiding van desbetreffende subsidieronde.

Gerelateerd nieuws

]]>
news-1672 Thu, 12 Oct 2017 12:44:42 +0200 TopZorg: het ‘nieuwsgierige klimaat’ van Het Oogziekenhuis Rotterdam https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/topzorg-het-nieuwsgierige-klimaat-van-het-oogziekenhuis-rotterdam/ Het Oogziekenhuis Rotterdam verleent een groot deel van alle topreferente oogzorg in Nederland. Het ziekenhuis loopt voorop in het ontwikkelen van behandeling en diagnostiek en biedt een opleidingsplek voor aios en fellows. Tijdens een sitevisit zag de TopZorg-commissie wat het ziekenhuis zo bijzonder maakt. Speeltuin voor innovatie

Een unieke combinatie van hooggespecialiseerde zorg in een hoog volume, en tegelijk de hele breedte van de oogheelkunde in huis. Zo karakteriseert bestuursvoorzitter Nico Klay Het Oogziekenhuis Rotterdam. ‘Dit is een prachtige speeltuin voor innovatie en onderzoek, met een heel nieuwsgierig klimaat.’ Het Oogziekenhuis zet al jaren in op de driehoek zorg, onderzoek en opleiding, waar nodig samen met academische centra. Deelname aan het TopZorg-programma heeft deze driehoek versterkt. Oogarts Hans Lemij: ‘De moderne geneeskunde wil evidence based zijn. Maar het maakt echt verschil als je als arts zelf ook wetenschappelijk onderzoek doet. Alleen al omdat je gepubliceerd onderzoek beter kunt beoordelen. En je wordt een interessante gesprekspartner voor topwetenschappers. Als je die tijdens een internationaal congres bij de koffie spreekt, vertellen ze je ook interessante dingen die niet in de artikelen staan.’

Impuls voor nog betere zorg

Via de driehoek komt wetenschappelijk onderzoek direct in de spreekkamer terecht. Dat levert betere zorg op, waar patiënten uit heel Nederland op afkomen. Die zeer diverse, specialistische patiëntengroep vormt weer een goudmijn voor onderzoek. En dat alles trekt talenten aan, die als aios of fellow graag hun wetenschappelijke én klinische opleiding bij Het Oogziekenhuis Rotterdam voortzetten. Glaucoom-specialist Lemij vertelt over de impuls van onderzoek voor goede zorg: ‘Jaren geleden heb ik uit Amerika een nieuwe operatietechniek naar Nederland gehaald. Die verspreidt zich inmiddels steeds meer. Onderzoek maakt ook een einde aan one-size-fits-all-diagnostiek. Wij ontdekten dat je bij beginnend glaucoom een andere – goedkopere – diagnostiek kunt inzetten dan bij gevorderd glaucoom. Dat maakt het diagnostisch traject preciezer, maar ook veel doelmatiger.’

Differentiatie in patiënten

TopZorg heeft Het Oogziekenhuis geholpen bij het scherper identificeren van de typische ‘topreferente patiënt’. Hiervoor is onder andere het internationale classificatiesysteem ICD-10 geïmplementeerd. Klay: ‘De oogheelkundige DBC’s en DOT’s zijn te weinig onderscheidend. Neem cataract, ofwel grijze staar. Sommige patiënten hebben daar een bindweefselaandoening bij, die de operatie veel ingewikkelder maakt. Dat onderscheid kun je niet kwijt binnen de standaard-DOT.’ De meer gedifferentieerde classificatie is ook bruikbaar voor wetenschappelijk onderzoek. ‘Als iemand een studie wil doen, kunnen wij in ons systeem precies zien welke patiënten wij daarvoor in huis hebben.’

Dedicated teams rond de patiënt

Het Oogziekenhuis Rotterdam zit middenin een verbouwing – ook letterlijk – op weg naar specialistische centra, bemenst door dedicated teams. In zo’n centrum wordt rondom een specifiek ziektebeeld alle zorg, onderzoek en opleiding geconcentreerd. Lemij: ‘We organiseren alles in een zorgpad op één fysieke locatie – van de eerste ontvangst tot aan de spreekkamer – zodat de patiënt als het ware maar één rondje hoeft te maken. Als arts word je specialistisch ondersteund en kun je je volledig richten op het werk met de patiënt.’ Ook deze nieuwe aanpak is versneld door TopZorg, zegt Klay. ‘Het programma geeft een gevoel van erkenning voor ons werk en maakt het mogelijk dit voort te zetten. Daarnaast zijn de verzekeraars ons zeer ter wille en dragen binnen hun mogelijkheden bij aan topreferente zorg. De meeste zorgen maak ik me om de wetenschappelijke component wanneer TopZorg afloopt. Zonder structurele financieringsmogelijkheden moet je gaan sprokkelen om je onderzoek op professioneel hoogstaand niveau te blijven doen.’

Bas Geerdes, senior medisch adviseur bij Zilveren Kruis en lid van de programmacommissie TopZorg, over de sitevisit aan Het Oogziekenhuis Rotterdam op 19 september 2017:

‘In Het Oogziekenhuis Rotterdam komen wetenschap en patiëntenzorg heel dicht bij elkaar. Onderzoek is er een integraal onderdeel van het zorgproces, waardoor de resultaten direct ten goede komen aan de patiënt. Je ziet het ook terug bij het ICD-10 systeem. De daarmee geregistreerde gegevens zijn direct weer te gebruiken voor onderzoek. Het ziekenhuis staat heel goed op de kaart. De patiënten komen van heinde en verre naar Rotterdam, want het vertrouwen is groot. Als categoraal ziekenhuis kan Het Oogziekenhuis Rotterdam geen aanspraak maken op de academische subsidies, dus is een samenwerking met academische centra nodig. Het is de uitdaging zo’n samenwerking volledig gelijkwaardig te laten zijn. Dat moet van beide kanten komen. Wat andere ziekenhuizen van ze kunnen leren? Wees ambitieus en maak keuzes in de zorg die je wilt leveren. En richt daar ook je onderzoek en opleiding naar. Het Oogziekenhuis laat zien dat dit leidt tot een heel hoge kwaliteit van zorg.’

Tekst: Marc van Bijsterveldt
Beeld: Het Oogziekenhuis Rotterdam

Meer informatie

 

]]>
news-1645 Thu, 05 Oct 2017 11:00:00 +0200 ZonMw Parel voor signaleren en melden niet opgehaalde psychofarmaca https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-parel-voor-signaleren-en-melden-niet-opgehaalde-psychofarmaca/ Hans-Martin Don heeft op 5 oktober 2017 een ZonMw Parel uitgereikt aan de projectgroep Signaleren en Melden door Apothekers van Niet-Opgehaalde Medicatie voor mensen met een Ernstige Psychiatrische Aandoening (SMANOM-EPA). Een goed voorbeeld van een praktijkproject dat het verschil kan maken door vroegsignalering. Gezamenlijk beslissingen nemen

Als mensen met een ernstige psychiatrische aandoening hun medicijnen niet goed gebruiken, kan dat leiden tot een terugval. De aanpak van dit Parelproject zorgt ervoor dat de apotheker bij de arts aan de bel trekt als voorgeschreven medicijnen niet zijn opgehaald. De arts kan dan met de cliënt in gesprek om gezamenlijk beslissingen te nemen over het medicatiegebruik.

Alle betrokkenen doen mee

In het project wordt een geautomatiseerde signaalfunctie toegevoegd aan het informatiesysteem van de apotheek. Het systeem geeft een signaal zodra een bepaalde ophaaltermijn van medicatie wordt overschreden. Politie, GGD, GGz, apothekers én cliënten praten in het project mee over de voorwaarden en de concrete uitwerking van het signaleringssysteem. Begin 2018 start een proefimplementatie bij Amsterdamse apotheken. Met anonieme registratiedata worden de resultaten gemeten. Vermindert het aantal crises? Zijn er minder spoedinterventies nodig? Daalt het aantal opnamen?

Goede kansen voor implementatie

SMANOM-EPA heeft de Parel mede ontvangen vanwege de kansrijke inzet op implementatie. Via de Amsterdamse apothekersvereniging FBA wordt het systeem getest bij een groot aantal apotheken in de hoofdstad. Er zijn nauwe contacten met Service-apotheken en BENU-apotheken, die een landelijk netwerk hebben. Ook de WSO, de wetenschappelijke sectie van openbaar apothekers van brancheorganisatie KNMP, is betrokken. De WSO kan een belangrijke rol spelen om de aanpak op te nemen in de landelijke standaarden.

Actieprogramma Verward Gedrag

Het project SMANOM-EPA heeft subsidie ontvangen vanuit het Actieprogramma lokale initiatieven voor mensen met Verward Gedrag. De Parel is daarom uitgereikt op het congres 'De stand in het land: aanpak voor personen met verward gedrag'.

Meer informatie

]]>
news-1657 Thu, 05 Oct 2017 10:09:40 +0200 Galenus Researchprijs (Prix Galien Research Award) 2017 voor dr. Mario van der Stelt https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/galenus-researchprijs-prix-galien-research-award-2017-voor-dr-mario-van-der-stelt/ Op dinsdag 3 oktober 2017 werd de Galenus Researchprijs 2017 uitgereikt, winnaar was onderzoeker dr. Mario van der Stelt. Van der Stelt is associated hoogleraar werkzaam bij afdeling Moleculaire Fysiologie, Universiteit Leiden.

De prestigieuze Galenus Researchprijs bekroont het werk van een veelbelovende jonge onderzoeker op het gebied van fundamenteel of klinisch geneesmiddelenonderzoek. Van der Stelt kreeg de prijs, een bedrag van € 5.000 en een gouden medaille, uit handen van en werd dit jaar uitgereikt door prof. dr. Albert J.R. Heck, hoogleraar Universiteit Utrecht, KNAW-lid en tevens Scientific Director van zowel het Netherlands Proteomic Centre en Utrecht Institute for Pharmaceutical Sciences.

Mario van der Stelt, is volgens de jury ‘een groot research talent in de Nederlandse farmaceutische wetenschappen, die in de komende jaren een belangrijke bijdrage zal leveren aan farmacochemisch onderzoek'. Hij, zo staat in het juryrapport, is in staat om zijn kennis rondom de endocannabinoïden te vertalen richting therapeutische toepassingen, waarbij hij zich op dit moment richt op de oncologie en neurodegeneratie. Mario van der Stelt maakt daarbij gebruik van de nieuwste chemisch-biologische technologieën, om zo razendsnel activiteit en selectiviteit van lead stoffen te kunnen vaststellen.  

Het was de 24e editie van dit evenement, sinds 2010 georganiseerd door de Stichting Galenusprijs Nederland. De Galenus Researchprijs 2017 werd bij deze gelegenheid uitgereikt tijdens de FIGON / Dutch Medicines Days in Ede. Hoofdsponsors van de Galenusprijzen zijn de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (voorheen Nefarma) Springer Media en ZonMw.

Bron: Galenusprijs

Meer informatie

]]>
news-1656 Thu, 05 Oct 2017 09:08:56 +0200 Start van Nationale Servicedesk https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/start-van-nationale-servicedesk/ Personalised Medicine belooft behandelingen van ziektes en de gezondheidszorg te verbeteren door onderzoek naar het ontwikkelen van therapie op maat. Tegelijk brengt dit ethische, maatschappelijke en juridische vraagstukken met zich mee. Hoe zit het bijvoorbeeld met privacy en gegevensbescherming? Hoe om te gaan met persoonlijke gezondheidsinformatie die in Big Data besloten ligt?

Projectleider Marjanka Schmidt: “Onderzoekers en andere betrokkenen hebben veel vragen hoe zij op een verantwoorde manier met dergelijke onderwerpen om kunnen gaan, maar weten vaak niet waar zij met vragen hierover terecht kunnen. Het is daarom belangrijk dat er één landelijk punt komt met betrouwbare informatie.”

Servicedesk

Op 1 september 2017 zijn BBMRI-NL en Federa-COREON, gecoördineerd vanuit het Antoni van Leeuwenhoek, gestart met het opzetten van een nationaal opererende ELSI Servicedesk voor Ethical, Legal and Societal Issues. Hier kunnen onderzoekers, zorgverleners, patiëntvertegenwoordigers en beleidsmakers terecht voor hulp bij de omgang met actuele vraagstukken in de praktijk van Personalised Medicine-onderzoek en -implementatieprojecten. De Servicedesk bestaat uit een online portal die  informatie biedt en een helpdesk die vragen beantwoordt. Specialisten zoals ethici en gezondheidsjuristen zijn beschikbaar voor advies over complexe vragen. Alle antwoorden komen via de portal beschikbaar, zodat andere geïnteresseerden hier ook hun voordeel mee kunnen doen. Een eerste versie van de online portal verschijnt in februari 2018. 

Over het onderzoeksprogramma Personalised Medicine 

De ELSI Servicedesk is gefinancierd vanuit het Goed Gebruik Geneesmiddelen onderzoeksprogramma Personalised Medicine. Dit onderzoeksprogramma – een samenwerking van ZonMw, Zilveren Kruis en KWF – wil een structurele bijdrage leveren aan de zorgverlening van de toekomst, waarin iedere patiënt kan rekenen op een therapie op maat. Het onderzoeksprogramma heeft als doel het waarborgen van een doelmatige implementatie van Personalised Medicine in de Nederlandse gezondheidszorg. Er worden activiteiten uitgevoerd op het gebied van datamanagement, educatie & voorlichting en methodologie van waardebepaling voorspellende diagnostiek ten behoeve van gerichtere inzet farmacotherapie.

Meer informatie

]]>
news-1631 Sat, 30 Sep 2017 10:34:08 +0200 ZonMw herkent zich niet in kritiek op haar werkwijze https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-herkent-zich-niet-in-kritiek-op-haar-werkwijze/ Berichten in de media over de wijze van subsidieverstrekking van ZonMw zijn gebaseerd op een bezwaarprocedure uit 2015 waarin de bezwaarcommissie spreekt over de schijn van belangenverstrengeling. De berichten worden eenzijdig gepresenteerd. Na deze bezwaarprocedure heeft ZonMw de controle op de naleving van de Gedragscode Belangenverstrengeling ZonMw verscherpt. Door haar zorgvuldige procedures en Gedragscode Belangenverstrengeling ZonMw wordt een transparante, onafhankelijke en deskundige beoordeling van de subsidieaanvragen gewaarborgd.

ZonMw hecht aan een eerlijke, transparante procedure zonder oneigenlijke beïnvloeding. De combinatie van de uitgebreide subsidieprocedure met verschillende stappen en de Gedragscode Belangenverstrengeling ZonMw waarborgt een onafhankelijke deskundige beoordeling van de subsidieaanvragen en transparantie. 

Radio-uitzending Argos

In de casus uit 2015, waarover door Argos vragen aan ZonMw zijn gesteld, is de Gedragscode Belangenverstrengeling ZonMw onvoldoende nageleefd; in de beoordelingscommissie zaten leden die zelf een aanvraag hadden ingediend in de betreffende subsidieronde. ZonMw betreurt deze gang van zaken en heeft na deze bezwaarprocedure de controle op de naleving van de Gedragscode Belangenverstrengeling ZonMw verscherpt.   

Spanningsveld

De reden dat in de eerder genoemde casus zo is gehandeld, komt voort uit het spanningsveld tussen enerzijds het vinden van commissieleden zonder enige betrokkenheid met subsidieaanvragen en -aanvragers en anderzijds benodigde deskundigheid van commissieleden. 

Dit spanningsveld speelt met name op gespecialiseerde vakgebieden of wanneer bevorderen van samenwerking tussen verschillende instituten en organisaties het doel van de subsidieronde is. Daarom is de combinatie van het juist volgen van de uitgebreide subsidieprocedure én strikte controle op de naleving van de Code Belangenverstrengeling belangrijk bij het voorkomen van oneigenlijke beïnvloeding. 

Zorgvuldige procedure 

Om oneigenlijke beïnvloeding uit te sluiten, heeft een beoordelingsprocedure bij ZonMw meerdere mechanismen. Zo is het besluit van de beoordelingscommissie gebaseerd op het oordeel van meerdere externe (inter)nationale referenten. De gevraagde referenten zijn expert op het vakgebied van de subsidieaanvraag. Deze onafhankelijke referenten beoordelen afzonderlijk van elkaar de ingediende subsidieaanvraag. Op de beoordeling van de referenten kan de aanvrager een reactie (wederhoor) geven. Een aantal leden van de beoordelingscommissie – zonder enige betrokkenheid bij de subsidieaanvraag -  wegen de oordelen van de referenten en het wederhoor en schrijven vervolgens een pre-advies voor de beoordelingscommissie. Het dossier van de subsidieaanvraag wordt in een commissievergadering, waar alle leden van de beoordelingscommissie aanwezig zijn, besproken. De commissieleden met een betrokkenheid maken op dat moment geen deel uit van de vergadering. Indien er wordt afgeweken van het eindoordeel dat op basis van het subsidiedossier mag worden verwacht dan wordt dit goed beargumenteerd en door de gehele commissie besproken, gewogen en besloten onder leiding van een onafhankelijke voorzitter. Deze voorzitter heeft als taak het bewaken van de zorgvuldigheid van de gehele procedure. 

Uitzondering

Voor het programma voor Huisartsgeneeskunde en Ouderengeneeskunde is tot en met 2016 een uitzondering gemaakt. In dit programma worden gelden van een andere financier dan VWS, beschikbaar gesteld voor de universitaire vakgroepen huisartsgeneeskunde en ouderengeneeskunde. Voor de opdrachtgever van dit programma was het, om geen enkele van deze vakgroep uit te sluiten, belangrijk dat alle vakgroepen huisartsgeneeskunde en ouderengeneeskunde van de Universitaire Medische Centra aan tafel zitten bij de beoordeling van de subsidieaanvragen. Daardoor is het gebeurd dat commissieleden een aanvraag voor subsidie indienden. Bij het bespreken van de eigen subsidieaanvraag verliet het desbetreffende commissielid de zaal en nam niet deel aan de besluitvorming over de eigen aanvraag.  Om deze reden hanteerden we voor deze commissie een uitzondering op de Code Belangenverstrengeling. ZonMw heeft enige tijd geleden met de opdrachtgever besproken dat ook bij dit programma in de beoordelingscommissie geen leden kunnen zitten die zelf een aanvraag hebben ingediend in de betreffende subsidieronde. De werkwijze van dit programma is daarop aangepast. In de lopende ronde in 2017 mogen commissieleden die zelf (mede)aanvrager zijn niet meer deelnemen aan de beoordelingsvergadering. 

Aanvulling – 1 oktober

ZonMw in trailer van Zondag met Lubach

De beschuldiging van fraude in de trailer van Zondag met Lubach is beneden alle peil en onterecht. Onafhankelijke referenten beoordelen de subsidieaanvragen. Dat is de basis van de beoordeling van subsidieaanvragen bij ZonMw. ZonMw heeft degelijke procedures om de vele miljoenen euro's voor medisch wetenschappelijk onderzoek transparant en eerlijk te verdelen onder de beste aanvragers. En dat ZonMw dat goed doet bewijzen de vele innovaties in de gezondheidszorg. Een mooi voorbeeld hiervan is darmkanker screening. ZonMw is betrokken geweest bij de verschillende goede onderzoeken - van het eerste onderzoek in het laboratorium tot het invoeren - die nodig waren voordat darmscreening kon worden ingevoerd in Nederland. Maar ook heeft ZonMw onderzoek gefinancierd dat aan de basis heeft gestaan van de geïntegreerde zorg voor Parkinson patiënten en zorgprogramma's voor kwetsbare ouderen. ZonMw is trots dat ze deze verbeteringen in de zorg samen met haar achterban van patiëntenorganisaties, zorgprofessionals, wetenschappers en ervaringsdeskundigen mede heeft weten te realiseren.

Voor vragen kunt u contact opnemen met Marlies van Velzen, Communicatie,  (06 14 31 29 83).

]]>
news-1625 Fri, 29 Sep 2017 11:51:09 +0200 Innovatiecafé laat zien: internationaliseren kun je leren https://www.zorgvoorinnoveren.nl/nieuws/detail/lessen-innovatiecafe-internationaliseren-kun-je-leren/ Donderdag 21 september kwamen zorgvernieuwers bij elkaar in het Innovatiecafé van Zorg voor innoveren om ervaringen te delen over internationalisering.  

]]>
news-1616 Fri, 29 Sep 2017 09:00:00 +0200 Onderzoeksprogramma Sport versterkt sportonderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoeksprogramma-sport-versterkt-sportonderzoek/ Het Onderzoeksprogramma Sport versterkt het wetenschappelijke en multidisciplinaire onderzoek op het terrein van sport en bewegen. De beoogde samenwerking tussen sport- en zorgpraktijk is gerealiseerd, wat al veel waardevolle kennis, innovaties en producten voor de praktijk heeft opgeleverd. Dit zijn enkele conclusies die door Bureau Bartels worden getrokken in de eindevaluatie van het Onderzoeksprogramma Sport. ‘Binnen de 25 uitgevoerde onderzoeksprojecten is en wordt veel waardevolle nieuwe wetenschappelijke kennis op het terrein van sport en bewegen ontwikkeld’, zo concludeert Bartels in haar rapport. Verder draagt vrijwel elk onderzoeksproject met de ontwikkelde kennis op zijn eigen manier bij aan de realisatie van de inhoudelijke doelstellingen van het programma en de doelstellingen van drie programmapijlers Presteren, Meedoen en Vitaal.

Samenwerking

Het Onderzoeksprogramma Sport heeft een uniek fundament gerealiseerd voor multidisciplinair wetenschappelijk sportonderzoek. In het rapport geven de geïnterviewde projectleiders aan dat het programma heeft geleid tot meer concrete en meer structurele samenwerking tussen wetenschappelijke disciplines onderling en tussen verschillende kennisinstituten.
Ook de beoogde samenwerking met de praktijk is gerealiseerd, stelt Bartels. Dat leverde al veel waardevolle kennis, innovaties en interventies voor de praktijk op. Ook de komende periode wordt gewerkt aan de verspreiding, implementatie en valorisatie van de opgedane kennis en ontwikkelde innovaties en interventies.
De resultaten worden steeds belicht op de website en in de nieuwsbrief van het programma (zie www.sportonderzoek.com).

Massa in sportonderzoek

Gedurende haar looptijd heeft het Onderzoeksprogramma Sport zeker bijgedragen aan meer massa in het sportonderzoek, zo concludeert Bureau Bartels. Er is immers vanuit de samenwerking tussen verschillende financiers meer geld beschikbaar gekomen specifiek voor sportonderzoek. Projectleiders geven hierbij wel aan dat ze onzeker zijn of deze middelen ook in de toekomst beschikbaar blijven. Positief is dat met een nieuw onderzoeksprogramma Sport en Bewegen weer gezamenlijk wordt geïnvesteerd in sportonderzoek. Dit nieuwe programma sluit inhoudelijk aan op de thema’s die zijn benoemd in de kennisagenda sport en bewegen en de NWA-route sport en bewegen. Met de ontwikkeling van deze kennisagenda en deze NWA-route hebben onderzoekers samen met de sportpraktijk voor de komende periode een nadere focus aangebracht in het sportonderzoek. Hiermee wordt al invulling gegeven aan een aantal aanbevelingen die Bureau Bartels doet in haar eindevaluatie.

Timing evaluatie

De eindevaluatie moest inzicht geven in de mate waarin de doelstellingen van het programma zijn gerealiseerd en wat de voorlopige wetenschappelijke en maatschappelijke opbrengsten zijn van de projecten. De evaluatie vond echter plaats op een moment dat de meeste projecten nog niet (volledig) zijn afgerond. Dit is zo getimed zodat de resultaten meegenomen konden worden in de beleidsdoorlichting Sport van VWS en in de opzet van een nieuw onderzoeksprogramma op het terrein van sport en bewegen.
De evaluatie geeft daarom nog geen volledig beeld, maar wel een goede stand van zaken van de resultaten van het programma.

Het onderzoeksprogramma

In opdracht van VWS en NOC*NSF is tussen 2012 en 2017 het Onderzoeksprogramma Sport uitgevoerd met als doel wetenschappelijk onderzoek op het terrein van sport en bewegen te versterken en om hoogwaardige en duurzame kennis te ontwikkelen voor de praktijk.
Dit programma is gezamenlijk ontwikkeld, medegefinancierd en uitgevoerd door NWO-SGW (voorheen NWO/G), NWO-TTW (voorheen NWO/STW) en ZonMw. Dit in samenwerking met de Stichting Innovatie Alliantie (SIA).

Meer informatie


]]>
news-1618 Fri, 29 Sep 2017 09:00:00 +0200 Mediator 25: ‘Stress in vetcellen leidt tot jojo-effect’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/mediator-25-stress-in-vetcellen-leidt-tot-jojo-effect/ De meeste mensen die afvallen, komen telkens terug op hun oude gewicht of worden zelfs zwaarder. Gestreste vetcellen spelen hierbij een rol, ontdekte Edwin Mariman. Verrassend genoeg werkt geleidelijk afslanken niet langer door dan een crashdieet. Hij vertelt over dit onderzoek in de nieuwste editie van Mediator.

In elke editie laten diverse onderzoeks- en projectresultaten in zorginnovatie en gezondheidszorgonderzoek zien: 

  • Wetenschap van de teamsport. Tijdens het EK vrouwenvoetbal werd het spel minutieus vastgelegd voor data-onderzoek. De ambities reiken ver: ‘We kunnen het hele sportlandschap veranderen.’
  • Eerder zekerheid over Alzheimer: app helpt arts bij diagnostiek en gesprek met patiënten
  • De standaardbehandeling bij diabetes helpt niet elke patiënt. Leen ’t Hart onderzoekt waar dat aan ligt, om in de toekomst een passende aanpak per persoon mogelijk te maken.
  • Operaties wegens epilepsie slagen niet altijd, doordat de bron van de aanvallen lastig is te vinden. Wiskundige modellen geven meer zicht op het epileptisch brein.
  • Gezond eten als medicijn: artsen kunnen voeding gebruiken in de behandeling van chronische ziekten
  • Onderzoek naar schildklierhormoon leidt tot aangepaste richtlijn bij zwangerschap: ‘De kleinste schildklierafwijking kan al gevolgen hebben’

Column en Buitengaats

Ook spraken we met Australiër Phong Nguyen, postdoc bij het Hubrecht Instituut in Utrecht. 'Niks mis met wat hulp om gezonder te leven', stelt Denise de Ridder in haar column. Een nudge helpt mensen hun goede voornemens waar te maken en vergroot daarmee hun autonomie. Naast de achtergrondartikelen staat in elke editie van Mediator een selectie van afgeronde projecten.

Gratis abonnement

Het abonnement van de online Mediator is gratis. Via de pagina ‘Blijf op de hoogte’ kunt u zich abonneren op Mediator. Vul uw e-mailadres in en vink Mediator aan en u ontvangt bij elke nieuwe editie een attendering.

Lees artikel ‘Stress in vetcellen leidt tot jojo-effect’
Lees Mediator editie 25
Gratis e-mailabonnement

]]>
news-1609 Wed, 27 Sep 2017 13:15:02 +0200 Huisartsen schrijven minder antibiotica voor na online scholing https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/huisartsen-schrijven-minder-antibiotica-voor-na-online-scholing/ Een korte online training voor huisartsen in combinatie met een informatieboekje voor ouders vermindert antibioticaprescriptie voor kinderen met luchtweginfecties. Dat is de conclusie van het door ZonMw gefinancierde RAAK-onderzoek, RAtioneel Antbioticabeleid Kinderen. Korte training groot effect

Het RAAK-onderzoek heeft aangetoond dat huisartsen die een korte online scholing volgden en ouders een informatieboekje gaven, minder antibiotica voorschrijven voor kinderen met luchtweginfecties. De huisartsen die de interventies hebben gevolgd, bleken significant minder antibiotica voor te schrijven aan kinderen met een luchtweginfectie vergeleken met de huisartsen uit de controlegroep.

En minder vaak bij de huisarts

Dit leidde er niet toe dat ouders vaker terug kwamen met hun kind. Binnen dezelfde ziekte-episode kwamen kinderen uit de interventiegroep juist minder vaak terug op het spreekuur van de huisarts. Er was geen verschil in aantal consulten voor nieuwe luchtweginfecties of verwijzingen naar het ziekenhuis tussen beide groepen gedurende een follow-up van 6 maanden. Ook vond de projectgroep een significante reductie van het totale aantal antibioticaprescripties voor kinderen in een heel jaar na de interventie.

Huisartsen èn ouders zeer tevreden

Huisartsen waren zeer tevreden over de scholing. Ze waren zich meer bewust van hun voorschrijfgedrag, ondanks dat de inhoud van de scholing vaak niet nieuw voor hen was. Ouders vertelden al terughoudend te zijn over antibiotica voordat ze het informatieboekje hadden gelezen. Zij vonden het prettig dat het boekje hun visie bevestigde. De concrete aanwijzingen uit het boekje bij welke klachten of symptomen ze contact moesten opnemen met de huisarts werd als meest relevant beschouwd. Dit  gaf hen een zekerder gevoel om te durven afwachten.

Waarom die moeite?

Antibiotica worden vaak onnodig voorgeschreven voor kinderen met luchtweginfecties. Antibiotica helpen vaak niet om klachten te verminderen, of er sneller vanaf te komen. Wel kunnen antibiotica vervelende bijwerkingen geven en bijdragen aan de ontwikkeling van resistente bacteriën.

Landelijke implementatie

De projectgroep pleit voor een landelijk implementatie van de training. De scholing zou eventueel ook verbreed kunnen worden naar luchtweginfecties bij patiënten van alle leeftijden. Het informatieboekje voor ouders zou voor iedereen digitaal beschikbaar gesteld kunnen worden.

Meer informatie

 

]]>
news-1705 Wed, 27 Sep 2017 09:30:00 +0200 Masterclass jongerenparticipatie in onderzoek https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/masterclass-jongerenparticipatie-in-onderzoek-2/ ZonMw organiseert in samenwerking met de VU en NJR 2 Masterclasses jongerenparticipatie in onderzoek op 27 november en 11 december. De masterclass is bedoeld voor zowel onderzoekers in het jeugdveld als jongeren die interesse hebben om te participeren in onderzoek. Onderzoekers die samen met een jongere inschrijven voor deze dag krijgen voorrang. Het is vanaf nu mogelijk om je hiervoor aan te melden. Programma

Masterclass 1 Maandag 27 november: kennismaken met jongerenparticipatie

Deze masterclass is bedoeld voor onderzoekers die graag meer jongeren willen betrekken bij onderzoek, maar nog niet goed weten hoe en wat het oplevert. Na afloop ben je aan het denken gezet over de vragen: wat is participatie, waarom is het zo belangrijk, is het altijd nodig en wanneer is het goed genoeg?

Masterclass 2 Maandag 11 december: dilemma’s bij jongerenparticipatie

Op deze masterclassdag – bedoeld voor onderzoekers die al wat ervaring hebben met het betrekken van jongeren – staan dilemma’s centraal die door de deelnemers zelf zijn ingebracht.

Tijdens deze masterclass diepen onderzoekers en jongeren op inspirerende wijze concrete vraagstukken rond het betrekken van jongeren bij onderzoek uit. Na afloop heb je concrete oplossingsrichtingen voor je dilemma, en inzicht in de dilemma’s van collega-onderzoekers.
Wat valt er voor jongeren te halen?

Voor beide masterclasses geldt dat je er op inspirerende wijze leert wat je sterke punten zijn en ontdekt hoe jij je stem kunt laten horen in onderzoek in de jeugdsector. Op deze dag ervaar je hoe je jouw kennis kunt inzetten voor onderzoek naar vragen die jongeren belangrijk vinden. En zo invloed uit kunt oefenen op de hulpverlening aan jongeren. Je krijgt inzicht in en hoe je je sterke punten het beste kunt inzetten in je samenwerking met onderzoekers.

Beide masterclasses zijn interactief opgezet. Naast het gezamenlijke deel zal ook een gedeelte van de dag apart ingericht zijn voor onderzoekers en jongeren.  
Wie kan deelnemen?

Iedere onderzoeker (zowel vanuit praktijkinstellingen als onderzoeksinstellingen) in de jeugdsector kan zich aanmelden. Bij voorkeur meldt elke onderzoeker zich gezamenlijk met een jongere aan. Ook jongeren die interesse hebben om te participeren in onderzoek kunnen zich inschrijven. Deelname aan één van de twee de masterclasses is gratis. 

Aanmelden

Via deze link kun je je aanmelden voor de Masterclasses.

Wacht niet te lang met inschrijven, want het aantal beschikbare plaatsen is beperkt. Schrijf je dus alleen in als je daadwerkelijk kunt komen.

En heel belangrijk: als je je als onderzoeker samen met een jongere inschrijft, krijg je voorrang!

]]>
news-1597 Tue, 26 Sep 2017 15:30:00 +0200 Samenwerking programma Goed Gebruik Geneesmiddelen en farmaceutische bedrijven https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/geneesmiddelen/nieuwsberichten-in-content-pagina/samenwerk-farmaceutische-bedr/ Het GGG-programma en de farmaceutische bedrijven AstraZeneca, Janssen en Pfizer hebben gezamenlijk het initiatief genomen om te investeren in onderzoeksprojecten naar het goed gebruik van specialistische geneesmiddelen.  

]]>
news-1594 Tue, 26 Sep 2017 09:00:00 +0200 Vooraankondiging Sportimpuls 2018 https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/vooraankondiging-sportimpuls-2018/ Lokale sport- en beweegaanbieders kunnen vanaf 8 januari 2018 bij ZonMw een subsidieaanvraag indienen voor de Sportimpuls 2018. De sluitingsdatum is 22 februari 2018, 14.00 uur. De Sportimpuls maakt deel uit van het VWS-programma Sport en Bewegen in de Buurt en biedt lokale sport- en beweegaanbieders de kans om mensen aan het sporten en bewegen te krijgen en te houden. Hierbij wordt gebruik gemaakt van succesvol sport- en beweegaanbod (interventies) van de Menukaart Sportimpuls. Het is van belang dat het sportaanbod aansluit bij de vraag van de doelgroep, aanvullend is op de bestaande situatie in de buurt en dat wordt samengewerkt met lokale organisaties.

Sportimpuls 2018 – wijzigingen en aandachtspunten

De belangrijkste wijziging in de ronde van 2018 is dat de reguliere Sportimpuls alleen nog maar opengesteld wordt voor de kwetsbare doelgroepen chronisch zieken, ouderen en gehandicapten. Daarmee is de regeling dus niet meer toegankelijk voor alle doelgroepen.

Aandachtspunten Sportimpuls, Sportimpuls jeugd in lage inkomensbuurten en Sportimpuls Kinderen Sportief op gewicht 2018:

  • het maximaal aan te vragen bedrag is 80.000 euro;
  • cofinanciering is verplicht. In 2017 was dit minimaal 15%. Het percentage voor 2018 moet nog vastgesteld worden;
  • de gehonoreerde projecten starten uiterlijk 1 september 2018.

Ondersteuning tijdens aanvraagperiode

Het landelijke ondersteuningspunt tijdens de aanvraagperiode is NOC*NSF,  bereikbaar via e-mail: sportimpuls@nocnsf.nl

Inhoudelijke vragen en ondersteuning

Heeft u vragen? Neem  dan contact op met het secretariaat van de Sportimpuls: tel. 070 3495232 of sportimpuls@zonmw.nl.

Meer informatie


]]>
news-1582 Thu, 21 Sep 2017 07:00:00 +0200 Inspiratie voor meer kennis en kunde rond kindermishandeling https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/inspiratie-voor-meer-kennis-en-kunde-rond-kindermishandeling/ Om kindermishandeling effectief te voorkomen, moeten bestaande interventies worden doorontwikkeld. Daarvoor biedt de publicatie 'Effectief vroegtijdig handelen ter voorkoming van kindermishandeling' veel aanknopingspunten. Met informatie over de 5 W's: wat werkt wanneer, bij wie en waardoor? Met deze publicatie willen we alle betrokkenen in beleid, praktijk en wetenschap inspireren. De publicatie is gemaakt naar aanleiding van het afronden van de eerste fase van het onderzoek naar effectief vroegtijdig handelen ter voorkoming van kindermishandeling. Het onderzoek werd uitgevoerd door Claudia van der Put en collega's.

Maatschappelijk probleem

Kindermishandeling is een groot maatschappelijk probleem. Nog altijd krijgen jaarlijks 34 van de 1000 kinderen en jongeren ermee te maken, ofwel 119.000 in totaal. Er is nog veel gericht actie nodig om deze groep een veilige omgeving te bieden. Het onderzoek Effectief vroegtijdig handelen ter voorkoming van kindermishandeling’, laat zien dat er nog veel te doen is. Vooral omdat nog niet goed bekend is welke interventies nu echt effectief zijn.

4 deelstudies

Het onderzoek bestaat uit 4 deelstudies. In de eerste deelstudie zijn een groot aantal eerdere onderzoeken nader onder de loep genomen. Er is gekeken wat de gecombineerde resultaten zeggen over de werkzame elementen van interventies om kindermishandeling te voorkomen. In de laatste deelstudie is gekeken welke interventie is de praktijk worden uitgevoerd. Voor welke doelgroepen, hoe vaak en op welke manier gebeurt dat. In de andere 2 deelstudies is kwalitatief onderzoek gedaan, bij de een bij praktijkprofessionals en bij de ander bij ouders en kinderen.

Conclusies

In de conclusies worden de 4 deelstudies gecombineerd. Het onderzoek maakt duidelijk waar we in Nederland staan. En dat er nog veel moet gebeuren om kindermishandeling structureel te voorkomen. Interventies bevatten niet de meest effectieve kenmerken, het ontbreekt aan tools om passende interventies te kiezen en in opleidingen van professionals is meer aandacht nodig voor problematische opvoedsituaties zijn enkele van de conclusies en aanbevelingen uit het rapport. In Fase 2 hopen de onderzoekers antwoorden te vinden op de meest urgente vragen. De aanvraag hiervoor wordt op dit moment beoordeeld.

Programma kindermishandeling

Het doel van het ZonMw-programma Kindermishandeling is: het bevorderen van het voorkómen, signaleren, stoppen en behandelen van (de gevolgen van) kindermishandeling door:

  1. Onderzoek naar de effectiviteit van (elementen uit) bestaande interventies en instrumenten.
  2. Onderzoek ter ondersteuning van effectiviteitsonderzoek, gericht op risicofactoren en oorzaken van kindermishandeling, de rol van professional en randvoorwaarden voor implementatie.

Meer informatie

]]>
news-1579 Tue, 19 Sep 2017 08:45:19 +0200 21 september - Wereld Alzheimer Dag https://www.zonmw.nl/nl/onderzoek-resultaten/ouderen/dementie/wereld-alzheimer-dag/ Wereldwijd is er op deze dag aandacht voor vroegdiagnostiek. Memorabel, het onderzoeksprogramma over dementie en tevens onderdeel van het Deltaplan Dementie, besteedt op deze dag ook aandacht aan dit onderwerp. Op deze dag zetten we een aantal projecten van Memorabel, het onderzoeksprogramma van zonMw dat onderdeel is van het Deltaplan Dementie, in het zonnetje. 

Lees meer over de Memorabelprojecten van ZonMw met als onderwerp vroegdiagnostiek.

]]>
news-1575 Mon, 18 Sep 2017 09:58:43 +0200 Sneak preview Enabling Technologies Hotels oproep https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/sneak-preview-enabling-technologies-hotels-oproep/ Op 29 augustus 2017 is de oproep voor Enabling Technologies Hotels gesloten. Programmasecretaris Dr. Sander Hougee, geeft een eerste reactie op de indieningen. Hougee: “We hebben in totaal 164 projectvoorstellen ontvangen. Dit is meer dan 3 keer zoveel als bij de vorige oproep. Dit komt waarschijnlijk door het feit dat het budget van het programma twee keer zo groot is als bij de voorgaande oproep. Wij zijn tevreden met het resultaat. We kunnen ongeveer 60 projecten honoreren met een maximum van EUR 30k elk. Elk voorstel wordt geëvalueerd door 2 wetenschappers. De gehele commissie bestaat uit 27 Nederlandse wetenschappers. Halverwege december verwachten we de gehonoreerde projecten te kunnen aankondigen."

Meer informatie

]]>
news-1566 Thu, 14 Sep 2017 16:53:11 +0200 Health~Holland update van september 2017 http://healthholland.h5mag.com/update_september_2017/interesting_updates In deze september editie presenteren we de nieuwe Kennis- en Innovatie Agenda 2018-2021 en introduceren de Leer Gemeenschappen. We benadrukken enkele prestigieuze prijzen zoals de Medische Inspiratorprijs, de NWO Spinoza-prijs en de Simon Steven-masterprijs.  

]]>
news-1553 Wed, 13 Sep 2017 15:22:00 +0200 Kunst doet leven: effecten op positieve gezondheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kunst-doet-leven-effecten-op-positieve-gezondheid/ De directeuren-generaal van de ministeries van OCW en VWS, Barbera Wolfensberger en Kees van der Burg, hebben dinsdagmiddag 12 september de kennissynthese ‘Kunst en positieve gezondheid’ en het magazine ‘Kunst doet leven’ in ontvangst genomen. Kansrijke onderzoek- en ontwikkelrichtingen liggen in de ouderenzorg, geestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg en extramurale zorg.  

Wat gebeurt er op het vlak van cultuur en kunst in de zorg? En hoe wordt dit ervaren door cliënten, zorgprofessionals en zorgorganisaties? Deze vragen werden besproken tijdens de conferentie Cultuur, kunst en positieve gezondheid op 12 september 2017 in het Gemeentemuseum in Den Haag.

Sprekende voorbeelden

Journalist Hieke Jippes ging in gesprek met Frans Meerhoff (beleidsadviseur van de gemeente Emmen), Joyce Vlaming (zorgorganisatie AxionContinu) en Lennart Brinkhuis (beeldend kunstenaar). Zij gaven sprekende, inspirerende voorbeelden van de mogelijkheden en effecten. Zoals een man met zulke zwakke polsen dat hij al een jaar met braces was opgezadeld, na een uur werken die braces af liet doen en zei: ‘Dit kan ik gewoon!’. En een oudere mevrouw die zich na het samen met anderen zingen ‘opgezwiept’ voelt. Hun ervaringen zijn opgenomen in het magazine ‘Kunst doet leven’ dat tijdens de conferentie is gepresenteerd.

Kennissynthese

Hans van Oers heeft namens de begeleidingscommissie Cultuur en Langdurige Zorg de kennissynthese aangeboden aan de directeuren-generaal van de ministeries van OCW en VWS, Barbera Wolfensberger en Kees van de Burg. In opdracht van ZonMw voerde een consortium van Hogeschool Windesheim, Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) en Movisie een overzichtsstudie uit naar culturele (kunst)interventies met mensen die langdurig zorg en ondersteuning ontvangen met als eindproduct een kennissynthese.

Kennisagenda

De kennissynthese vormt een inbreng voor de kennisagenda die de ZonMw-begeleidingscommissie Cultuur en Langdurige Zorg de komende tijd gaat opstellen.

Praktijkvoorbeelden

De conferentie werd afgesloten met praktijkvoorbeelden in de vorm van dansvoorstelling CARDIAC 2.0 en een mini expositie door Beeldend Gesproken, een kunstuitleen van professionele kunstenaars met een psychiatrische achtergrond. De voorstelling CARDIAC 2.0 wordt gedanst door 4 mensen met een verstandelijke beperking en 4 professionele dansers.

Meer informatie

]]>
news-1548 Mon, 11 Sep 2017 10:24:45 +0200 Teken ook voor een dementievriendelijke samenleving! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/teken-ook-voor-een-dementievriendelijke-samenleving-1/ Nog tot en met 17 september voert Samen dementievriendelijk, één van de drie pijlers van het Deltaplan Dementie, actie met de campagne ‘Laat ze niet staan!’. Het doel is om zoveel mogelijk steunbetuigingen te verzamelen om Nederland dementievriendelijk(er) te maken.

 

Eén op de 5 Nederlanders krijgt een vorm van dementie en daarmee  wordt dementie volksziekte nummer 1. Iedereen krijgt er dus mee te maken; in de persoonlijke omgeving, op straat, in de gemeente of in het werk. 

Hoe dragen de steunbetuigingen bij aan een dementievriendelijker Nederland? 

Samen dementievriendelijk biedt de verzamelde steunbetuigingen in de vorm van emailadressen aan aan gemeentelijke politieke partijen. Daarmee roept de organisatie de gemeentelijke politiek om het thema 'dementievriendelijke samenleving' op te nemen in hun verkiezingsprogramma voor maart 2018.  

Wilt u de campagne steunen?

Tekent u ook de steunbetuiging voor meer begrip en support voor mensen met
dementie in de samenleving? Ga naar Samendementievriendelijk.nl

Welke rol speelt ZonMw bij het dementievriendelijker maken van Nederland?

Met het financieren van onderzoek vormt het ZonMw programma Memorabel een pijler van het Deltaplan Dementie. Via Memorabel financiert ZonMw verschillende projecten die bijdragen aan de dementievriendelijke samenleving. Daarom ondersteunen wij de campagne van Samen dementievriendelijk dan ook van harte!

Voorbeelden van Memorabel projecten die de dementievriendelijke samenleving ondersteunen:

1. Lesmateriaal voor het MBO en de dementie vriendelijke gemeente

We kennen allemaal de alledaagse verhalen van mensen met dementie. Bijvoorbeeld: iemand staat bij de kassa, maar is de pincode vergeten. Wat helpt in zo’n situatie, en wat helpt niet? Als we hen op de juiste manier benaderen, vormen we met elkaar een dementievriendelijke gemeente. De onderzoekers ontwikkelen daarom een e-learning pakket voor mbo-studenten die stage lopen bij winkeliers, horeca, kappers, enzovoort. Lees meer 

2. Vitaal blijven en meedoen in de samenleving: ondersteuning op maat voor mensen met dementie en hun naasten

In dit project wordt onderzocht hoe mensen met dementie zelfredzaam en vitaal kunnen blijven. Hoe familie, buren en vrienden kunnen helpen. En ook hoe de omgeving waarin mensen met dementie wonen dementievriendelijker wordt.  Lees meer 

Meer weten?

]]>
news-1523 Wed, 30 Aug 2017 11:44:00 +0200 Start van Open access publiceren in de gezondheidszorg https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/start-van-open-access-publiceren-in-de-gezondheidszorg/ Vandaag heeft VWS aan de Tweede Kamer het advies ‘Open access tot publicaties: Stand van zaken en implicaties voor volksgezondheidsbeleid’ aangeboden. VWS is hiermee het 3e ministerie dat aan de slag gaat met open access publiceren. Open access publiceren

Het advies is een belangrijk rapport voor de discussie in het over open access publiceren op het beleidsterrein van VWS. Het ministerie vindt open access publiceren belangrijk voor de wetenschap. Bovenal vindt het ministerie het van groot belang voor het publiek en de patiënt: open access voor publicaties draagt bij aan het in positie brengen van de patiënt en zijn belangen.

Wat is open access publiceren? Een publicatie is open access indien:

  • Deze vanaf de publicatiedatum vrij toegankelijk is, zowel wat betreft inzage als hergebruik, zonder verdere financiële en/of juridische drempels
  • Deze vindbaar is via een algemeen toegankelijk medium (het internet)

Inventarisatie door ZonMw

VWS heeft aan ZonMw de opdracht gegeven de doorvertaling van ontwikkelingen binnen open access tot publicaties te inventariseren. Naast de focus op wetenschappelijk onderzoek
richtte deze inventarisatie zich ook specifiek op het terrein van de (volks)gezondheid. I&O Research en Berenschot voerden de inventarisatie uit. Het resultaat is een belangrijk rapport voor de discussie over open access publiceren op het beleidsterrein van VWS. De aanbevelingen en aspecten in het rapport zijn specifiek voor gezondheidsonderzoek. Deze komen aan de orde in gesprekken van de coalitie die is opgericht. ZonMw maakt deel uit van deze coalitie.

Onwenselijke situatie

De huidige situatie van de toegankelijkheid en vindbaarheid van wetenschappelijke gezondheidsliteratuur is voor de meeste stakeholders onwenselijk. Wetenschappers buiten universiteiten en eindgebruikers zoals patiënten(organisaties), gezondheidsfondsen en artsen hebben slechts in beperkte mate of helemaal geen toegang tot de publicaties. Wetenschappers binnen universiteiten betalen veel geld om open access te kunnen publiceren in gerenommeerde tijdschriften.

Patiëntenparticipatie

Voor VWS staat patiëntenparticipatie hoog in het vaandel. Voor patiënten en burgers is naast de toegankelijkheid ook de begrijpelijkheid van publicaties een groot probleem. Het actief faciliteren en aanjagen van open access vereist gezamenlijk en overheidsbreed optreden door meer ministeries, in samenwerking met wetenschappelijke en maatschappelijke partners en in internationaal (Europees) verband.

Nationaal Plan Open Science

Dit advies over open access publiceren in de gezondheidszorg draagt bij aan het realiseren van de ambities van het Nationaal Plan Open Science. De belangrijkste ambities van dat plan zijn: 100% open access publiceren in 2020 en onderzoeksdata optimaal geschikt maken voor hergebruik. In februari 2017 lanceerden 10 partijen dit plan: VSNU, KNAW, NWO, Vereniging Hogescholen, KB, SURF, NFU, ZonMw, Promovendi Netwerk Nederland en GO FAIR. De totstandkoming van dit plan was afgesproken tijdens het Nederlandse voorzitterschap van de EU in 2016, onder leiding van het ministerie van OCW.

Meer informatie

]]>
news-1513 Mon, 28 Aug 2017 12:16:08 +0200 Evaluatie Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting van start https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/evaluatie-wet-donorgegevens-kunstmatige-bevruchting-van-start/ Per 1 juni 2004 is de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting (Wdkb) in werking getreden. De minister van VWS heeft ZonMw verzocht zorg te dragen voor de uitvoering van de evaluatie van de Wdkb. Deadline om subsidieaanvragen in te dienen is 19 oktober 2017, 14.00 uur. De Wdkb voorziet in regels over de bewaring, het beheer en de verstrekking van donorgegevens bij kunstmatige donorbevruchting. Uitgangspunt van de wet is het belang van het kind bij kennisname van de donorgegevens.

ZonMw roept onderzoekers op om subsidieaanvragen in te dienen voor het evalueren van de Wdkb. Meer informatie over vereisten en voorwaarden vindt u in de subsidieoproep op de ZonMw website.

Meer informatie

]]>
news-1509 Mon, 28 Aug 2017 10:15:00 +0200 ZonMw zoekt referenten sport https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-zoekt-referenten-sport/ Begin oktober sluit de subsidieoproep Sport en Bewegen 2017 en hiervoor zoekt ZonMw referenten. Bent u onderzoeker in een voor sport en bewegen relevant vakgebied en wilt u een aanvraag beoordelen? Meld u dan nu aan als referent! Waarom referenten?

Om de kwaliteit van onderzoek in Nederland te waarborgen werkt ZonMw met referenten. Dit zijn experts in hun vakgebied, meestal onderzoekers verbonden aan kennisinstellingen, die een beoordeling geven aan subsidieaanvragen. Op deze manier dragen we met zijn allen de verantwoordelijkheid en wordt er kwalitatief goed onderzoek uitgevoerd in Nederland.

Wat doet een referent?

Een referent beoordeelt subsidieaanvragen met behulp van vastgestelde kwaliteitscriteria. In deze oproep behandelen referenten 1 tot 3 aanvragen in de periode van 13 tot 30 oktober 2017. Geschat wordt dat een beoordeling per aanvraag 4 uur duurt. U ontvangt voor de beoordeling geen vergoeding. Wel verloten we vijf dinerbonnen ter hoogte van 150 euro onder de referenten!

Voorwaarden

ZonMw zoekt voor de subsidieoproep Sport en Bewegen 2017 onderzoekers die als referent willen fungeren. De onderzoekservaring moet opgedaan zijn op het gebied van sport en bewegen of een vakgebied gelieerd hieraan. Denk bijvoorbeeld aan revalidatie, sociologie en innovatietechnologie. De besluitvorming kan alleen objectief en transparant verlopen als belangenverstrengeling of schijn daarvan wordt voorkomen. Wij gaan ervan uit dat onze referenten in staat zijn een onafhankelijk oordeel te geven over de aanvraag die wij voorleggen en dat de aanvragen strikt vertrouwelijk worden behandeld. Kijk voor vragen over betrokkenheid op de pagina Integriteit en belangenverstrengeling (kopje Betrokkenheid).

Aanmelden

Wilt u een bijdrage leveren om de kwaliteit van sport- en beweegonderzoek in Nederland te kunnen waarborgen? Meld u dan nu aan als referent tot 13 september. Weet u iemand die hiervoor geschikt zou kunnen zijn? Stuur dit bericht dan gerust door.

Meer informatie

]]>
news-1510 Thu, 24 Aug 2017 15:03:08 +0200 Projecten Sportblessurepreventie gebundeld https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/projecten-sportblessurepreventie-gebundeld/ De projecten die zijn gehonoreerd vanuit de eerste subsidieronderonde van het programma Sportblessurepreventie zijn nu halverwege. Hoog tijd om de balans op te maken. Welke projecten zijn gehonoreerd? In welke takken van sport? Hoe willen ze blessures verminderen en zijn er al resultaten geboekt? Antwoorden op deze vragen kunt u vinden in de zojuist verschenen factsheet en projectenbundel. Blessures

In de eerste subsidieronde in het programma Sportblessurepreventie zijn 7 projecten gehonoreerd. De projecten richten zich op voetbal, hardlopen, volleybal, tennis, skiën en snowboarden. Bij de meeste projecten gaat het om meerdere veel voorkomende blessures binnen een sport. Zowel geleidelijke als acute blessures. Informatie over de projecten is gebundeld in de factsheet Sportblessurepreventie.

Aanpak

Bij de meeste projecten is een interventie (door)ontwikkeld en wordt deze getest onder sporters. Zo is bijvoorbeeld de app KNLTB TennisReady ontwikkeld. In de app kunnen tennissers oefeningen vinden die ze kunnen uitvoeren om enkel-, knie- en schouderblessures te voorkomen. De meeste projecten zitten nu in de fase waarin de interventie wordt getest. Hieruit moet blijken of de interventie effectief is en ingevoerd kan worden. In alle projecten is sprake van samenwerking tussen kennisinstellingen en de sportpraktijk. Hierdoor wordt kennis ontwikkeld die relevant en bruikbaar is voor de praktijk. Informatie over alle projecten van het programma Sportblessurepeventie is samengevoegd in een projectenbundel.

Programma Sportblessurepreventie

Het programma Sportblessurepreventie loopt van 2015 tot en met medio 2021. Het programma levert een bijdrage aan het verminderen van het aantal nieuwe sportblessures. De eerste ronde leverde 7 projecten op die  vanaf april 2016  van start gegaan. De projecten lopen door tot begin 2018. Begin 2018 zal de tweede subsidieronde opengesteld worden.

Meer informatie

]]>
news-1503 Thu, 24 Aug 2017 12:00:00 +0200 ‘Schoolkantines gezonder met begeleiding’ https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/schoolkantines-gezonder-met-begeleiding/ De Richtlijnen Gezondere Kantines van het Voedingscentrum worden beter ingevoerd als scholen daarbij begeleid worden. Dat blijkt uit een onderzoek van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU). Met de Richtlijnen kan het aanbod van schoolkantines gezonder gemaakt worden, zodat jongeren makkelijker gezond kunnen kiezen. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de ‘Alles is gezondheid’-pledge Gezonde Schoolkantine. De VU heeft met dit onderzoek, in samenwerking met het Voedingscentrum, zowel de aanpak van het Programma De Gezonde Schoolkantine als de nieuwe Richtlijnen in de dagelijkse praktijk geëvalueerd, om een strategie te ontwikkelen voor de verdere verspreiding van de Richtlijnen.

Resultaten

Bij de scholen die werden begeleid werd het aanbod van producten op de balie van de kantine gezonder dan bij de scholen die geen begeleiding kregen. In de begeleide scholen steeg het gemiddelde percentage gezondere producten van 46% naar 77%, terwijl dit percentage in de controle scholen van 50% naar 60% ging. Ook verbeterde de uitstraling in de kantines die ondersteuning kregen, bijvoorbeeld door het opvallend plaatsen van gezonde producten, zodat deze meer in het zicht staan. Betrokkenen zijn positief over het adviesgesprek en –rapport. “Het adviesrapport beschrijft wat er van ons verwacht wordt, zodat wij de te nemen stappen kunnen voorbereiden” zegt een betrokken zorgcoördinator.
Onderzoeker Carry Renders van de VU: “Dit onderzoek onderschrijft dat ondersteuning niet alleen gewenst, maar ook noodzakelijk blijkt te zijn voor een goede implementatie van de Richtlijnen Gezondere Kantines op scholen.”

Hoe verder?

Ongeveer één derde van de scholen in Nederland heeft een Schoolkantine Schaal verdiend, omdat zij voldoen aan de (oude en/of nieuwe) Richtlijnen. Om de Richtlijnen breder te verspreiden is het belangrijk om de begeleiding inclusief de hulpmiddelen actief bij scholen te blijven aanbieden.
Wat het effect is van de ingevoerde Richtlijnen op het aankoopgedrag van leerlingen wordt nog nader onderzocht. Ook zijn steeds meer sportkantines en bedrijfsrestaurants aan de slag met de Richtlijnen, voor hen zijn deze onderzoeksresultaten ook interessant.
“Wij voelen ons gesterkt in onze aanpak om deze begeleiding te blijven bieden, want álle scholen en leerlingen verdienen wat ons betreft een gezonde kantine”, aldus Heleen Schuit van het Voedingscentrum.

Meer informatie

]]>
news-1504 Wed, 23 Aug 2017 15:11:37 +0200 'Music Inside Out' tijdens de Nacht van de Wetenschap https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/music-inside-out-tijdens-de-nacht-van-de-wetenschap/ Waarom blijven sommige liedjes in je hoofd hangen? En wat gebeurt er in je brein als je muziek luistert? Tijdens de Nacht van de Wetenschap op vrijdag 6 oktober nemen onderzoekers het publiek mee op een muzikale reis door de wetenschap. De Nacht - onderdeel van het Weekend van de Wetenschap - wordt georganiseerd door NWO in samenwerking met de Nationale Wetenschapsagenda (NWA) en ZonMw. De Nacht van de Wetenschap is een avondvullend programma voor volwassenen dat op twee locaties beleefd kan worden: zowel in de Centrale Bibliotheek van Utrecht, als in die van Den Haag. Nachtvoorzitter Eva Cleven, presentatrice bij de VPRO, neemt de presentatie in Utrecht voor haar rekening. Eveline van Rijswijk, voormalig hoofdredacteur van de Universiteit van Nederland, is de nachtvoorzitter in Den Haag.

De rol en functie van muziek in ons leven

Wat doet muziek met je brein? Kun je geluid filmen? Welke rol speelt muziek nou eigenlijk in de gezondheidszorg? Dit zijn vragen die eerder door de Nederlandse bevolking zijn gesteld aan de wetenschap en opgenomen zijn in de Nationale Wetenschapsagenda. Tijdens de Nacht van de Wetenschap beantwoorden twaalf sprekers deze en andere prikkelende vragen, afgewisseld met film, muziek en dans. Zo laat neuropsycholoog Erik Scherder je ervaren hoe muziek van invloed is op jouw bewegingen, vertelt onderzoeker en docent marketing Hannes Datta wat de gevolgen zijn van muziekstreaming voor consumenten, verkopers en artiesten, neemt psychiater en schrijfster Iris Sommer de werking van zintuigen onder de loep en vertelt Hans Jeekel welke stappen al zijn gemaakt, én welke stappen er nog zullen volgen voordat muziek zijn intrede kan doen in de huidige gezondheidszorg.

Bezoek de Nacht van de Wetenschap

Nieuwsgierig? Bekijk het volledige programma van Nacht van de Wetenschap online. Via deze website bestel je ook je toegangskaarten. Kaartjes kosten €7,50 per persoon (inclusief een consumptie). Voor leden van de Bibliotheek Den Haag en de Bibliotheek Utrecht geldt een gereduceerd tarief van €5,-. Als lid van de bibliotheek gebruik je hiervoor de volgende kortingscodes: bibliotheek Den Haag: NVDWDH;
Bibliotheek Utrecht: NVDWU.

Meer informatie

 

]]>
news-1496 Wed, 23 Aug 2017 10:00:00 +0200 Wat levert twee jaar Sportimpuls op? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-levert-twee-jaar-sportimpuls-op/ De Sportimpuls leidt tot een groter sportaanbod, een toename van het aantal leden bij sportverenigingen en een betere samenwerking tussen partners zoals de gemeente, de buurtsportcoach en de sportvereniging. Dit blijkt uit het onderzoek naar de borging van de Sportimpulsprojecten. Het onderzoek is in opdracht van ZonMw uitgevoerd door het Mulier Instituut. Onderzocht zijn de projecten die in de eerste ronden van de Sportimpuls in 2012 en 2013 zijn gestart. 178 projectleiders vulden een online enquête in. Daarnaast zijn ook verdiepende interviews gehouden.

Impuls van twee jaar

Met de Sportimpuls worden lokale sport- en beweegaanbieders twee jaar lang financieel ondersteund bij het opzetten van activiteiten om meer mensen te laten sporten en bewegen. De bevraagde projecten zijn inmiddels 2-3 jaar verder sinds beëindiging van de subsidie. Ze hebben samenwerkingsverbanden opgezet, nieuw sport- en beweegaanbod gerealiseerd en kennis en ervaring opgedaan met het opzetten en uitvoeren van een project. Daarnaast bleek dat de Sportimpuls zorgt voor intensivering van de samenwerking met bestaande partners of een uitbreiding van het netwerk met nieuwe partners. ‘Zonder deze impuls was dit niet van de grond gekomen’, aldus de bevraagde projectleiders. Vrijwel alle projectleiders vinden dat de gemaakte kosten en inspanningen opwegen tegen de opbrengsten.

Borging

De meeste projecten (88%) die deelnamen aan het onderzoek hebben de opgezette activiteiten na de projectperiode geheel of gedeeltelijk voort kunnen zetten. Factoren, die de borging van activiteiten hebben bevorderd zijn:

  • samenwerkingsverbanden die voor alle betrokken partijen wat opleveren;
  • planmatig en vraaggericht werken;
  • enthousiaste projectleiders, uitvoerders en deelnemers.

Na afloop van de subsidie wordt de uitvoering van de activiteiten voornamelijk betaald uit deelnemersbijdragen of lidmaatschappen. Ook worden vrijwilligers ingezet in de uitvoering om de kosten laag te houden.
Bij de projecten die niet verder konden was de reden daarvoor een gebrek aan geld bij de uitvoerders of de deelnemers en onvoldoende motivatie bij de deelnemers.

Kwetsbare doelgroepen

Ondanks dat het merendeel van de opgezette activiteiten is voortgezet blijft het structureel in beweging brengen van alle deelnemers lastig. De mate van structurele deelname van de doelgroep varieert tussen slechts een kwart van de doelgroep tot meer dan de helft die (wekelijks) blijven sporten en bewegen. Met name bij de kwetsbare doelgroepen zoals chronisch zieken of kinderen met overgewicht bleek het lastig deelnemers te behouden. Zij vinden vaak geen aansluiting bij een reguliere sportaanbieder en het vragen van een eigen bijdrage lijkt een te hoge drempel. Hoeveel mensen na afloop van het Sportimpulsproject op een andere wijze zijn blijven sporten of bewegen, is niet zichtbaar in deze resultaten. De Sportimpulsregelingen zijn door de opgedane ervaringen van de eerste jaren aangepast waardoor er nu meer en beter sportaanbod is voor met name deze kwetsbare groepen.

Meer informatie


]]>
news-1488 Tue, 22 Aug 2017 17:00:00 +0200 Internationale samenwerking op data https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-samenwerking-op-data/ ZonMw neemt deel aan diverse internationale consortia. Met andere partners werken we samen aan onderzoek om kennis te ontwikkelen. Deze kennis is nodig om de grote maatschappelijke uitdagingen het hoofd te bieden. Zoals de opkomst van nieuwe infectieziekten, de bedreiging door antibioticaresistentie en uitdagingen op het gebied van voeding en gezondheid.

Internationaal samenwerkingsverband

ZonMw participeert in het Joint Programming Initiative on Antimicrobial Resistance (JPIAMR). Op het gebied van voeding nemen we deel aan Joint Programming Initiative 'a Healthy Diet for a Healthy Life' (JPI HDHL). Binnenkort haken we aan bij ERA-NET Infectious Diseases, de opvolger van Infect-ERA. Nederland geeft hiermee aan het belangrijk te vinden deel te nemen aan internationale samenwerkingsverbanden naar onderzoek, waaronder op infectieziekten. Deelname van ZonMw aan Infect-ERA is hiermee het 2e partnerschap van ZonMw in een internationaal samenwerkingsverband voor onderzoek naar infectieziekten.

Data delen essentieel voor beheersing van infectieziekten

Onderzoek naar beheersing van infectieziekten vindt plaats vanuit meerdere wetenschappelijke disciplines. Invloeden van moleculair biologische aspecten tot sociaalpsychologische aspecten zijn medebepalend voor succesvolle bestrijding van infectieziekten. Zowel het humane als het veterinaire domein alsmede de omgeving spelen een belangrijke rol. Dat vraag zowel in een onderzoeksetting als in de samenleving om internationale samenwerking.
Op al deze fronten worden veel data gegenereerd en verzameld. De kennis over het analyseren van data en de rekencapaciteit van computers neemt enorm toe. Dat brengt het onderzoek naar heel nieuwe vraagstukken binnen handbereik.

FAIR data

In internationale samenwerking wordt het belang van FAIR data onderschreven. Dat zijn data die herbruikbaar zijn, omdat ze vindbaar, toegankelijk, uitwisselbaar en duurzaam  opgeslagen zijn. Dit vergt inspanning van onderzoekers, onderzoeksinstellingen en financiers van onderzoek. Het belang hiervan wordt steeds duidelijker gezien, omdat men erkent dat alleen met hergebruik de basale onderzoeksvragen opgelost kunnen worden.
ZonMw stimuleert onderzoekers via subsidiebepaling en ondersteuning om hun onderzoeksdata herbruikbaar te maken.

Antibioticaresistentie

Voor het beter kunnen beheersen van antibioticaresistentie, is gericht gebruik hiervan van eminent belang. Snelle testen die op locatie gebruikt kunnen worden, goede referentiedata, nieuwe biomarkers, methoden om het ziektebeloop te kunnen volgen en inzicht in wat er bij individuele patiënten nodig is, zijn allemaal invalshoeken die helpen om antibiotica veel meer gericht toe te passen. De ontwikkeling daarvan is afhankelijk van beschikbaarheid van data. ZonMw ontwikkelt voor het JPIAMR binnen een werkpakket 5 research infrastructures. Het optimaal delen van data, zoals dat bij Infect-ERA gebeurt, is ook in dit werkpakket het uitgangspunt.

Meer informatie

 

]]>
news-1489 Mon, 21 Aug 2017 10:40:42 +0200 De maatschappelijke impact van drugsbeleid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/de-maatschappelijke-impact-van-drugsbeleid/ Ieder Europees land voert eigen drugsbeleid. Het ERANID-project Illicit Drug Policies and Social Outcome (IDPSO) onderzoekt wat de maatschappelijke gevolgen zijn van het gevoerde beleid. Niet om landen met elkaar te vergelijken, maar om beleidsmakers te laten zien welke keuzen welke gevolgen kunnen hebben. Regels ten aanzien van illegale drugs betreffen veelal de productie, de verspreiding en het gebruik van drugs. Maar wat in het ene land niet mag is in het andere land wel toegestaan. ‘There is no right model’, zegt projectleider Ricardo Goncalves van de Católica Porto Business School (Portugal). ‘But we aim to understand the impact of different policies. A law may have a positive influence in some areas, but can have a negative impact on other social indicators.’ Door het beleid, de uitvoering en de gevolgen ervan in 7 landen te inventariseren en te analyseren hoopt Goncalves beleidsmakers te laten zien waar beleidskeuzen toe kunnen leiden.

Cross-country analyse

Wil je verschillend beleid kunnen onderzoeken dan biedt ERANID daar een uitgelezen kans voor. Je hebt immers verschillende landen nodig die ieder eigen beleid voeren. 4 ERANID-partners zijn dan ook actief bij het onderzoek betrokken: Portugal, Frankrijk, Italië en Nederland. Daarnaast wordt ook de situatie in Engeland, Canada en Australië onderzocht. Goncalves: ‘It’s a cross-country analysis made possible by ERANID. We’re very pleased to have an international consortium with high profile experts from each country.’ Het is zeker niet zijn bedoeling landen onderling te vergelijken, het gaat er meer om dat elke beleidskeuze eigen consequenties heeft. Die wil hij in kaart brengen.

Gegevens verzamelen

Daartoe wordt als eerste met een nieuwe techniek (Leximetrics) gekeken naar het nationale drugsbeleid in de 7 landen. Hoe ziet de drugswetgeving eruit? Wat is wel of niet verboden? Wat is de strafmaat? Maar ook: hoe ziet de verslavingszorg eruit? Welke faciliteiten zijn er? Wie financiert dat? Welke vragen precies gesteld worden, is onderdeel van het project, maar zeker is wel dat ze dat ook retrospectief gaan doen over een periode van 20 jaar. Deze methode levert een uitgebreide set aan kwantitatieve gegevens op die de basis vormen van de latere analyse.

Perceptie and realiteit

Het gaat echter niet alleen om de wet- en regelgeving an sich. Minstens even belangrijk is hoe het beleid wordt geïmplementeerd en hoe daar door betrokkenen tegenaan gekeken wordt. ‘The law is only theory’, vertelt Goncalves. ‘If the use of a drug is illegal, but the police never arrests a user, then we have to take that into account. The way a law is enforced is as important as the law itself.’ Bovendien gaat het ook over het beeld dat mensen hebben van de wijze waarop de wet wordt uitgevoerd. ‘It’s a mixture of perception and reality’. In het project wordt hier met een combinatie van kwalitatieve en kwantitatieve onderzoeksmethoden naar gekeken.

Impact

In een volgende fase zal worden onderzocht wat in elk land de uitkomsten van het gevoerde beleid zijn. Daartoe zal een set van drug-related social indicators worden opgesteld. Welke dat worden is nu nog niet bekend maar het zal gaan om zaken die zowel te maken hebben met het rechtssysteem als met het gebruik van verslavende middelen. Dat wil zeggen dat bijvoorbeeld gekeken wordt naar het aantal veroordelingen, of rechtszaken, maar ook naar de verkrijgbaarheid van drugs, de verspreiding van HIV of Hepatitis onder verslaafden, het aantal mensen dat onder behandeling is voor een verslaving et cetera.

Data ve