Het VPZ had als doelstelling om een breed maatschappelijk proces op gang te brengen binnen organisaties. Tevens was het streven om onder beroepsgroepen meer aandacht te krijgen voor palliatieve zorg. De programmacommissie VPZ heeft met veel plezier aan dit programma gewerkt en is trots op de resultaten die zijn beschreven in het onlangs verschenen evaluatierapport van het NIVEL.

Voorzitter programmacommissie Jenneke van Veen: 'De belangrijkste leerpunten uit dit programma zijn de bottom-up benadering, waarbij organisaties de voorbeelden konden kiezen die op dat moment bij hen pasten, de stimulering van zorgprofessionals en de cruciale rol van de netwerken palliatieve zorg en het gelijktijdig stimuleren van borging van de vernieuwing in het beleid van de instellingen.'

Waardevolle veranderingen

Na de start van dit programma zijn in 2011 een aantal Goede Voorbeelden Palliatieve Zorg geselecteerd om breder te implementeren. Geschikte Goede Voorbeelden sloten echter niet naadloos aan bij de vooraf door het ministerie van VWS gekozen speerpunten. Dit heeft de evaluatie van het VPZ tot een uitdaging gemaakt. Desalniettemin kunnen we concluderen dat door het werken met deze voorbeelden indirect wel aan de speerpunten tegemoet is gekomen. De meerwaarde van dit programma voor organisaties, zorgverleners en patiënten, zoals eerder beschreven in de zelfevaluatie (W. van Gastel), komt goed naar voren uit het evaluatierapport van het NIVEL.

De zorgprofessionals uit instellingen die tijdens het VPZ een verbeterproject hebben uitgevoerd, gaven aan over meer kennis en vaardigheden te beschikken en zich zekerder te voelen. Deze positieve veranderingen voor organisaties en beroepsgroepen ten behoeve van goede palliatieve zorg zijn breed en talrijk; van het leren markeren van de palliatieve fase en het gesprek met patiënt en naasten (kunnen) voeren tot het geven van goede rouwzorg en alle andere vaardigheden daartussen. Zorgverleners ervoeren dat het werken met het Goede Voorbeeld een meerwaarde had voor de kwaliteit van de palliatieve zorg. Ze gaven aan dat de verbeterprojecten hebben geleid tot meer deskundigheid,  betere samenwerking en een betere plek van palliatieve zorg in het organisatiebeleid. 

Het monitoren en evalueren van de projecten op zich bleek voor de zorginstellingen eveneens waardevol. Iedere deelnemende zorginstelling kreeg de eigen resultaten van de voor- en nametingen terug van het NIVEL. Deze informatie werd vervolgens gebruikt om op organisatieniveau draagvlak voor verbeteringen te bewerkstelligen. Ook de werkbezoeken en gesprekken tussen leden van de programmacommissie, projectgroepen en het management van zorginstellingen hebben van alle kanten tot hernieuwd of verhoogd enthousiasme en draagvlak geleid. 

Kwaliteitskader Palliatieve zorg

In juni heeft een dialoog plaatsgevonden over de implementatie van zowel de Goede Voorbeelden als andere werkwijzen binnen de palliatieve zorg. Veel Goede Voorbeelden passen goed in het Kwaliteitskader Palliatieve Zorg, zo meenden de aanwezige vertegenwoordigers vanuit de programmacommissies VPZ en Palliantie, het NIVEL, IKNL en de netwerken. Tegelijkertijd komen uit het evaluatierapport veel aanwijzingen omtrent succesvolle implementatie naar boven. De aanbevelingen van het evaluatierapport zouden, evenals de aanbevelingen die in de eerder gepubliceerde zelfevaluatie of de proefimplementatie van de Zorgmodule Palliatieve zorg 1.0 zijn benoemd, integraal gebruikt moeten worden bij de ontwikkeling en implementatie van het kwaliteitskader door IKNL en Palliactief.  

Het NIVEL heeft het ZonMw Verbeterprogramma Palliatieve zorg (2011-2016) geëvalueerd en het rapport is in juli 2017 opgeleverd. Bekijk de resultaten van dit onderzoek

Meer informatie

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website