Met een instrument kunnen GGD’en snel de risico’s analyseren van infectieziekten die van dier naar mens overdraagbaar zijn (zoönosen). Door het overzichtelijk samenvatten van diergegevens is het mogelijk om in combinatie met ziektegegevens in mens en/of dier een risicoschatting te maken bij een zoönose zoals Q-koorts en vogelgriep.

Risicoschatting

Voor een goede bestrijding van zoönosen is het belangrijk dat uitbraken van deze ziekten zowel in dieren als in mensen snel worden herkend en dat bronnen snel worden opgespoord. In het project ‘Rapid risk assessment of zoonotic pathogens by integrated analysis of transmission patterns in livestock and humans’ hebben RIVM, Wageningen Bioveterinary Research (WBVR), NIVEL en Gezondheidsdienst voor Dieren een instrument ontwikkeld. In dit project kan informatie over ziektesignalen in mensen en dieren (kippen, varkens, geiten, koeien) in real-time worden bijeengebracht. Samen met informatie over de locaties van bedrijven en aantallen dieren op deze locaties is het mogelijk om risicoschattingen te maken. Een voorbeeld is de snelle risicoanalyse na recente introducties van vogelgriep op pluimveebedrijven.

Risico voor volksgezondheid

De analyses bieden inzicht in de factoren die ertoe leiden of de aanwezigheid van een ziektekiem in een dierpopulatie wel of juist geen risico voor de volksgezondheid oplevert. Meestal geldt dat het risico van een zoonose in een gebied hoog is als de dierdichtheid hoog is. Omdat er dan veel dieren zijn die de ziektekiem bij zich zouden kunnen dragen en er tegelijkertijd veel mensen in het gebied wonen (die geïnfecteerd kunnen worden).

Onderzoeksresultaten

Het project heeft geleid tot onder andere de volgende twee resultaten. Ten eerste levert het RIVM relevante dierdata aan de GGD. Naast reguliere levering worden op verzoek tussendoor snelle analyses gedaan. In een aantal situaties zijn na een introductie van een mogelijke zoönose binnen enkele uren gedetailleerde risicokaarten gemaakt op basis van dierdata en gegevens over de omwonende bevolking. Bijzonder aan dit project is dat het model toepasbaar is op allerlei uitbraken. Zo kan het model ook gebruikt worden om de bron van een legionella uitbraak op te sporen. Ten tweede zijn analyses gemaakt van de clustering in ruimte en tijd van longontstekingen in Nederland aan de hand van ziekenhuisopnames. Het onderzoek laat zien dat ziekenhuisopnames met longontsteking sterk zijn geclusterd in ruimte en tijd. De analyses tonen dat incidentie is verhoogd in de winter, en dat in alle seizoenen de hoogste incidentie wordt waargenomen in gebieden met hoge graad van urbanisatie en hoge dierdichtheid. Mogelijk worden deze verhogingen veroorzaakt door verhoogde concentraties van fijnstof in deze gebieden.

Dreiging van zoönosen

Infectieziekten die van dier naar mens worden overgedragen (zoönosen) vormen een bedreiging voor de volksgezondheid. Voorbeelden waarop het ontwikkelde model van toepassing kan, zijn de vogelgriepepidemieën en de Q-koortsepidemie in Nederland. Om dergelijke uitbraken effectief te kunnen bestrijden, is het belangrijk dat infecties snel worden herkend en dat de bron tijdig wordt opgespoord.

Meer informatie

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website