In de JeugdzorgPlus zijn 2 trends onderzocht: de toename van het aantal kortdurende machtigingen bij gesloten jeugdhulp en de toename van het aantal vrijwillige uithuisplaatsingen. Stapeling van machtigingen heeft een negatieve invloed op de voortgang van de behandeling en zorgt bij jongeren voor stress, onzekerheid en valse hoop. Vrijwillige uithuisplaatsing gebeurt met toestemming van ouders. Dit kan de ouder-kind relatie ernstig onder druk zetten en er is niet altijd sprake van échte instemming van ouders.

Kortdurende machtiging bij gesloten jeugdhulp

Voor gesloten jeugdhulp is altijd een machtiging van een kinderrechter nodig. Gesloten jeugdhulp is een ingrijpende en kostbare maatregel. Om die reden en omdat ze graag de voortgang van de behandeling willen volgen geven kinderrechters vaak een kortdurende machtiging voor een plaatsing in jeugdzorgplus af.

Betere afstemming op behandelbehoefte

Meer en recentere informatie vanuit de JeugdzorgPlus instelling en/of de aanwezigheid van een betrokkene van de instelling bij de zitting, kan zorgen voor meer vertrouwen bij kinderrechters. En zo op een betere afstemming van de machtigingsduur op de behandelbehoeften van jongeren. Zo wordt stagnering in de behandeling én stress, onzekerheid en valse hoop bij jongeren voorkomen.

Regionale verschillen vrijwillige plaatsing JeugdzorgPlus

Bij een vrijwillige uithuisplaatsing in de JeugdzorgPlus  is naast de uitspraak van de jeugdrechter, toestemming van de ouders nodig.  Vrijwillige plaatsing kan recht doen aan ouders, maar de ouder-kind relatie kan ook ernstig onder druk komen te staan en er is niet altijd sprake van échte instemming van ouders. Er zijn grote verschillen tussen regio’s in het aantal vrijwillige plaatsingen.  Die konden met dit onderzoek op regio niveau niet goed verklaard worden. Nader onderzoek is nodig om te onderzoeken of gemeentelijk beleid mogelijk een rol speelt in de grote regionale verschillen.

ZonMw-programma Longitudinale effectmonitor JeugdzorgPlus

ZonMw raadpleegt voor het uitzetten van onderzoeksvragen het ministerie van VWS en de JeugdzorgPlus-instellingen. Deze onderzoeksvraag is om te leren van herhaald beroep op de JeugdzorgPlus en in overleg met hen geformuleerd. Voor dit onderzoek zijn clientregistratiegegevens geanalyseerd, interviews afgenomen bij kinderrechters en enquêtes afgenomen bij professionals die betrokken zijn (geweest) bij jongeren in de JeugdzorgPlus en jongeren en enkele ouders geïnterviewd. Het project is vanuit het programma Longitudinale effectmonitor JeugdzorgPlus gefinancierd.

Meer informatie?

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website