Het is belangrijk dat zwangere vrouwen op ethisch verantwoorde wijze geïncludeerd worden in medisch-wetenschappelijk onderzoek. Door hen stelselmatig uit te sluiten van deelname kan niet bewezen worden dat medicijnen die zwangeren nodig hebben veilig en werkzaam zijn. Niet deelnemen leidt tot risico’s voor zowel de zwangere vrouw als de foetus. Dat betoogt Indira van der Zande, verbonden aan het UMCU.

Zwangere vrouw en dokter aan tafel

In haar promotieonderzoek kijkt zij naar de voorwaarden waaronder zwangere vrouwen verantwoord kunnen deelnemen aan wetenschappelijk onderzoek en de redenen waarom zij op dit moment hiervan worden uitgesloten (onder meer door onduidelijkheid in richtlijnen en angst voor aansprakelijkheid bij farmaceuten). Ook onderzocht zij de opvattingen van direct betrokkenen – zwangere vrouwen, gynaecologen, regelgevers en leden van de Medisch Ethische Toetsingscommissie (METC) – ten aanzien van eventuele deelname en risico’s (benaderde farmaceutische bedrijven wilden niet meewerken).

Kwetsbaar

Van der Zande hield daarnaast de term ‘kwetsbaarheid’ tegen het licht, die vaak wordt toegepast op zwangeren. “De enige reden waarom zwangere vrouwen potentieel kwetsbaar zijn is vanwege een gebrek aan wetenschappelijk onderzoek in de populatie. Dit leidt tot een paradox: zwangere vrouwen worden meer dan andere groepen aan hogere risico’s blootgesteld tijdens deelname aan onderzoek, juist doordat er een tekort aan wetenschappelijke kennis is.”

Van der Zande vindt het een gedeelde taak van METC-leden, sponsoren, regelgevers, onderzoekers en farmaceuten om eerlijke inclusie van zwangere vrouwen aan te moedigen en daardoor hun kwetsbaarheid te verminderen. Zij publiceerde haar bevindingen samen met Rieke van der Graaf, Martijn Oudijk en Johannes van Delden in het Journal of Medical Ethics.

Bron: Pharmaceutisch weekblad

Meer informatie

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website