Ga direct naar de inhoud, het hoofdmenu of het zoekveld.

Project: Verbetering van de communicatie en informatieoverdracht in ketens voor spoedzorg door invoering van een model voor informatieoverdracht en feedback

Het doel van dit project is het ontwikkelen, invoeren en evalueren van een model dat (o.a. via gestructureerde feedback) de informatieoverdracht binnen de spoedzorgketens verbetert.

De informatieoverdracht binnen de acute zorgketens blijkt niet altijd optimaal en effectief te verlopen. Zorgverleners weten meestal niet goed welke informatie zij aan elkaar moeten geven. Ook weten zij – onder andere door een gebrek aan terugkoppeling (feedback) -  vaak niet wat zij bij de informatieoverdracht goed of fout doen. Niet-effectieve of gebrekkige informatieoverdracht kan de acute zorgverlening belemmeren en nadelige gevolgen hebben voor de patiënt. Als gevolg van het ontbreken van structurele feedback op de informatieoverdracht en op het handelen ontbreekt ook het leereffect. Een model dat structureel aangeeft welke zorgverlener op welk moment welke informatie aan welke andere zorgverleners moet leveren – zowel voorwaarts als achterwaarts in de zorgketen – zal leiden tot een betere informatieoverdracht binnen de acute zorgketens en daarmee tot een betere zorg.

Verbetering van de communicatie en informatieoverdracht in ketens voor spoedzorg door invoering van een model voor informatieoverdracht en feedback

Dit is de samenvatting van de aanvraag.

Probleem:

In ketens voor de acute zorg zijn een juiste en tijdige herkenning van de aandoening, een tijdige start van de behandeling, een juist en tijdig transport van de patiënt en adequate medische zorg van groot belang. In Limburg zijn de volgende zes ketens opgezet voor spoedzorg aan acute patiënten: 1.CVA; 2.Myocardinfarct; 3.Acute obstetrie; 4.Acute heuptrauma; 5.Acute psychiatrie; 6.Fracturen, buikklachten en andere aandoeningen. In de genoemde ketens is de informatieoverdracht (daarbij inbegrepen de onderlinge communicatie) tussen de zorgverleners over en weer niet effectief. Zo is de verwijzer bij acute patiënten meestal niet de arts die uiteindelijk informatie terugkrijgt, waardoor juist bij deze patiënten de informatievoorziening stokt. (Dit alles komt omdat de zorgverleners niet goed weten hoe en wanneer zij elkaar moeten informeren en welke informatie zij aan elkaar moeten geven. Ook weten zij niet wat zij bij de informatieoverdracht goed of fout doen.) Zulke gevallen van ineffectieve informatieoverdracht belemmeren de zorgverlening, zijn dus nadelig voor de patiënt en moeten worden aangepakt. Daarom ontwikkelen wij een model dat moet resulteren in betere informatieoverdracht tussen de zorgverleners in de spoedzorgketen. Het model geeft aan welke zorgverlener welke informatie moet geven en aan wie, wie welke informatie moet krijgen en van wie, wanneer dit moet gebeuren en hoe. ‘Betere’ informatieoverdracht is informatieoverdracht die volgens het model verloopt. Zorgverleners moeten leren elkaar goed te informeren. Daarvoor hebben zij feedback nodig. Het geven van effectieve feedback aan zorgverleners wordt onderdeel van het model. Tijdens het project implementeren wij het model in de SEH-keten in Maastricht, daarna werken wij aan de verbreiding van het model over de andere spoedzorgketens in Limburg.

 

Doelstelling:

Gegeven het belang van goede zorg voor acute patiënten:

- Model voor informatieoverdracht en feedback ontwikkelen en invoeren in de SEH-keten in Maastricht om de informatieoverdracht (communicatie daarbij inbegrepen) tussen zorgverleners in de keten te verbeteren.

- Eerste evaluatie van de verbeteringen in de informatieoverdracht na invoering van dit model.

- Aanbevelingen doen voor de verdere ontwikkeling en invoering van het model en verspreiding van de kennis.

 

Probleemstelling:

- Welk model kan worden ontwikkeld dat aangeeft hoe informatieoverdracht en feedback in spoedzorgketens moet plaatsvinden?

- Welke verbeteringen in de informatieoverdracht kunnen worden aangetoond na invoering van het model in de SEH-keten in Maastricht?

- Welke aanbevelingen kunnen worden gedaan voor de verdere ontwikkeling en invoering van het model?

 

Stappen in het project:

1. Ontwikkeling van het model voor informatieoverdracht en feedback.

2. Analyse van de sterke en zwakke punten in de informatieoverdracht in de zes spoedzorgketens in Limburg, voor invoering van het model in de SEH-keten in Maastricht.

3. Invoering van het model in de SEH-keten in Maastricht.

4. Analyse van de sterke en zwakke punten in de informatieoverdracht in de zes spoedzorgketens, na invoering van het model in de SEH-keten in Maastricht. Bepalen in hoeverre in laatstgenoemde keten de informatieoverdracht conform het model verloopt en derhalve is verbeterd.

5. Aanbevelingen doen over de verdere ontwikkeling en invoering van het model, rapportage van bevindingen en verspreiding van de kennis onder de doelgroepen van het project.

 

Type onderzoek:

Kwalitatieve multiple case study. Cases zijn de zes spoedzorgketens.

 

Design (procesevaluatie):

- Beginmeting van de kenmerken (sterke en zwakke punten) van de informatieoverdracht in de zes ketens (T0: 01.10.2009-31.12.2009).

- Invoering van het model in de SEH-keten in Maastricht (T1: 01.01.2010-31.08.2010).

- Eindmeting van de kenmerken (sterke en zwakke punten) van de informatieoverdracht in de zes ketens (T2: 01.09.2010-31.12.2010).

- Vergelijking tussen de gegevens uit de begin- en eindmeting in de SEH-keten in Maastricht en de vijf andere spoedzorgketens in Limburg waar het model niet is ingevoerd (deze vijf fungeren als controlegroep) om aanwijzingen te krijgen over de rol van het model bij de verbetering van de informatieoverdracht in de spoedzorgketen.

 

Methoden voor dataverzameling: 1. Semi-gestructureerde interviews met zorgverleners en patiënten; 2. Groepsinterviews met zorgverleners; 3. Documentstudie.

 

Analysemethoden:

Workflowanalyse; Datamatrices

 

Kennisoverdracht:

Zorgverleners in de spoedzorgketens in Limburg:

- Voortgangsrapportage en eindrapport

- Tweemaandelijkse nieuwsbrieven tijdens (en na) het project; tweemaandelijkse lezingen en workshops tijdens het project (en daarna)

Andere doelgroepen (zorgverleners, beslissers en onderzoekers die zijn betrokken bij ketens voor spoedzorg elders in Nederland):

- Eindrapport en artikelen

- Voordrachten en een symposium

Projectgegevens

Onderdeel van programma: Spoedzorg

Dossiernummer: 82711006

Projectinformatie:

Startdatum: 1 oktober 2009

Status: Afgerond

Looptijd: 2009 2011 100% compleet

Betrokkenen

Dr. A.J.A. van Raak PhD

Projectleider en penvoerder, Maastricht Universitair Medisch Centrum+

Oproep aan de projectleiders
Bent u projectleider van dit project? Heeft u opmerkingen over de inhoud van de verslagen (tabblad voortgang)? Neem dan contact op met de contact­persoon.

Aan de slag met de resultaten van dit project? Maak zelf een implementatieplan