Doel
Het doel van het programma Academische Werkplaatsen Jeugd is het structureel versterken van praktijkgerichte onderzoeksactiviteiten in de jeugdsector.
Werkwijze
In zo’n academische werkplaats wordt kennis uitgewisseld tussen praktijk, onderzoek, beleid en opleidingen. Praktijkinstellingen gaan meer evidence-based werken en onderzoeksinstellingen gaan meer praktijkgericht onderzoek uitvoeren. Omdat jeugdonderzoek vorm krijgt in een praktische keten komt het de implementatie van resultaten ten goede. Beroepskrachten helpen beleidsmakers bij de definiëring van een lokaal probleem. En onderzoekers gaan samen met beroepskrachten na of gebruikte interventies effectief zijn. De verkregen kennis wordt vertaald naar voor de praktijk en beleid bruikbare kennisproducten, adviezen, interventies, protocollen/handleidingen en voorzieningen. Zo verbetert de kwaliteit van zorg door wetenschappelijk onderbouwd handelen in de praktijk.
ZonMw financiert 9 verschillende academische werkplaatsen die zich inzetten om kennis voor de jeugdsector te ontwikkelen. De inhoud van de projecten resulteren in producten en interventies die ten goede komen aan de versterking van de Centra voor Jeugd en Gezin, de (geïndiceerde) jeugdzorg en jeugd-ggz en/of een samenhangende ketenzorg. Drie werkplaatsen richten zich op diversiteit in het jeugdbeleid, om te werken aan gelijke kansen voor migrantenkinderen door versterking van de preventieve jeugdsector.
Een overzicht van de werkplaatsen :
Nieuwsarchief van dit programma
Alle 9 projecten binnen dit programma
Budget: € 9.325.000
Status: Uitvoering
Looptijd:
2009
2015
18 november 2009
ZonMw-programma Academische Werkplaatsen Jeugd
Het programma Academische Werkplaatsen Jeugd richt zich op het onderbouwen van vraagstukken in het jeugddomein uitgevoerd in nauwe samenwerking tussen praktijk, beleid, onderwijs en onderzoek. Dit gebeurt via het ondersteunen van werkplaatsen met het financieren van een kennisinfrastructuur en het financieren van onderzoeksprojecten waarmee enerzijds de wetenschappelijke onderbouwing van praktijkinterventies bevorderd worden, en anderzijds lokaal relevant (praktijkgericht) wetenschappelijk onderzoek wordt versterkt.