9 september 2010
Hoe meer we weten over kwetsbaarheid van kinderen en adolescenten en over de invloeden die het risico op emotionele problemen of gedragsproblemen vergroten, des te beter zijn we in staat om deze problemen te voorkomen of te behandelen.
De cijfers
In Nederland leven ongeveer 3,6 miljoen kinderen en jeugdigen. Van hen heeft zo’n zeven procent een psychiatrische stoornis die grote beperkingen met zich meebrengt in het dagelijks functioneren.
Consortium
Het consortium Kinder- en Jeugdpsychiatrie is een samenwerkingsverband van academische en niet-academische onderzoeksgroepen uit verschillende disciplines, praktijkinstellingen, cliëntenorganisaties en kenniscentra. Dit is een van de drie consortia die in het programma GeestKracht zijn opgezet met het doel de kloof tussen onderzoek en praktijk te overbruggen. Er worden twee omvangrijke cohortstudies uitgevoerd: TRAILS en GenerationR. GenerationR volgt kinderen vanaf prenataal tot aan de vroege volwassenheid en TRAILS jongeren van elf tot vijfentwintig jaar. TRAILS verzamelt ook met andere middelen (buiten GeestKracht) gegevens over de lichamelijke gezondheid en het sociaal functioneren (school, werk, relaties, maatschappelijke participatie) van jongeren. Het longitudinale onderzoek zal nieuwe kennis over oorzaken en beloop van psychiatrische en gedragsstoornissen opleveren, op basis waarvan preventieve maatregelen bij risicogroepen genomen kunnen worden. Ook voor de behandelingen is deze nieuwe kennis belangrijk.
Afgerond project: depressieve vaders grotere kans op angstig zoontje
Vaders met psychische klachten tijdens de zwangerschap van hun partner, beïnvloeden het gedrag van hun kind na de geboorte. Vooral jongens lijken erg kwetsbaar voor de psychische klachten van zowel de moeder als de vader. Dit is één van de conclusies die Mijke van den Berg in haar proefschrift 'Parental psychopathology and the early developing child' trekt. Zij heeft zich vooral gericht op de ontwikkeling van het kind tijdens de zwangerschap omdat die periode bepalend kan zijn voor de groei van kinderen na de geboorte. Zo hebben depressieve vaders een grotere kans op een angstig zoontje. Jongens zijn kwetsbaarder voor de psychische klachten van hun ouders tijdens de zwangerschap dan meisjes. Vaders die psychische klachten hebben tijdens de zwangerschap hebben ook een grotere kans op een huilbaby, vooral jongens maar ook meisjes die buitensporig veel huilen. Mijke van den Berg is één van de eerste onderzoekers die gepromoveerd is op de unieke gegevens van het omvangrijke GenerationR-project. Tevens is zij de eerste onderzoeker die gepromoveerd is in het deelprogramma Opleiding Onderzoekers GGZ.
Voorbeeldproject: evaluatie van groepstraining voor adolescenten met problemen met emotiebeheersing; een RCT
Emoties niet in de hand kunnen houden, is een belangrijk symptoom van de borderline stoornis. Dit probleem wordt zelden gediagnosticeerd vóór het 18e jaar, terwijl symptomen van borderline vaak al op jongere leeftijd worden opgemerkt. Deze symptomen kunnen leiden tot veel problemen voor de adolescent en zijn of haar familie. Behandeling in een vroeg stadium van borderline en daaraan verwante problematiek kan preventief werken voor de ontwikkeling van een persoonlijkheidsstoornis op volwassen leeftijd. Het project ontwikkeld een cursus gericht op adolescenten om hen te leren hun emoties te hanteren. De onderzoeker is psychiater en doet klinisch werk bij een academisch ziekenhuis/kenniscentrum (ACCARE).