2 september 2010
ZonMw vindt het belangrijk dat nieuwe kennis uit onderzoek wordt overgedragen en door anderen wordt benut. Daarom beoordeelt ZonMw subsidieaanvragen voor onderzoek op criteria als kennisoverdracht en 'implementeerbaarheid'. Voor onderzoekers is het belangrijk om al bij het voorbereiden van projectvoorstellen een helder beeld te schetsen van het mogelijke resultaat. Maar ook om aan te geven welke meerwaarde dit resultaat heeft ten opzichte van bestaande kennis. En voor wie dit resultaat van belang is en waarom.
Het onderzoek is af, de resultaten zijn bekend. Wat nu? ZonMw heeft de Verspreidings- en ImplementatieImpuls. Deze impuls richt zich op het stimuleren van projectleiders om goed te kijken naar de mogelijke verspreiding en implementatie van de resultaten van onderzoek. Door middel van vragen in de subsidieaanvraag, het voortgangsverslag en het eindverslag willen wij projectleiders laten nadenken over en actief werken aan verspreiding en implementatie.
ZonMw selecteert gesubsidieerde projecten voor een Verspreidings- en Implementatie Impuls (VIMP). Het VIMP is een extra subsidiebedrag van maximaal €50.000, te besteden aan verspreidings- en implementatieactiviteiten.
Niet elk ZonMw programma besluit projecten te selecteren voor deze impuls. Ook andere mogelijkheden zoals Implementatieprogramma’s dragen zorg voor het verspreiden en implementeren van onderzoeksresultaten.
Deze Verspreidings- en Implementatie Impuls vervangt het oude Verspreidings- en Implementatieplan (VIP) die elke projectleider moest indienen.
De criteria voor het selecteren van de projecten die in aanmerking komen voor de Impuls zijn:
Voor meer informatie verwezen wij u naar de programmasecretaris van het ZonMw programma waar uw project is gehonoreerd.