2 september 2010
Innovaties sluiten lang niet altijd aan bij een (kennis)behoefte in de praktijk. Andersom geldt dat de kennis- en vernieuwingsbehoefte van de praktijk onderhevig is aan wisselingen en per sector of beroepsgroep verschillt. ZonMw zet zich in om de behoeften aan kennis en innovaties bij een aantal belangrijke instellingen en koepels te inventariseren, het legt zijn oor te luister als het ware. De gesprekken die ZonMw voert, resulteren in samenwerkingsovereenkomsten van 2 tot 5 jaar, met daaraan verbonden jaarlijkse werkplannen, die aangeven welke concrete activiteiten de samenwerkingspartners uitvoeren. ZonMw wil met dit ‘Oor te luister’-traject de vraag van het veld centraal stellen in plaats van het aanbod van wetenschappelijke kennis en innovaties. De afspraken leggen vast hoe ZonMw investeert in de ontwikkeling van de door het veld gewenste kennis en innovaties. In deze samenwerkingsafspraken is opgenomen dat de koepels of instituten daarvoor in ruil voor de implementatie van kennis uit ZonMw-programma’s zorgen.
De samenwerkingspartners die ZonMw voor ogen heeft, kenmerken zich doordat zij kennis verwerken of de praktijk in brengen. Het zijn landelijke instituten, koepels, kenniscentra, maar kunnen ook adviesraden, beleidsorganen of zorgverzekeraars zijn. ZonMw wil zich primair richten op kansrijke samenwerkingsmogelijkheden. Best-practices staan in de gespreksronde meer op de voorgrond dan zuivere wetenschap.
ZonMw heeft inmiddels zes convenanten afgesloten met: NIGZ, Vilans, ActiZ, VGN, Trimbos-instituut, GGZ Nederland, Nederlands Jeugdinstituut, RIVM Jeugdgezondheid en de HBO-raad.
Voorbeelden van activiteiten die in de werkplannen staan, zijn: