ZonMw - Beeldmerk 2 september 2010
 
 

Strategieën

Onder implementatiestrategie verstaan we een geheel van doelgerichte, samenhangende activiteiten die de invoering van een bepaalde werkwijze of product mogelijk maken. De strategie kan ook bedoeld zijn om een bepaalde verandering op gang te brengen of om een blijvende verandering te realiseren. Er zijn tal van strategieën (toepassingsmodellen) denkbaar. De meeste strategieën kunnen vanuit meerdere theorieën worden begrepen en de meeste theorieën suggereren meerdere strategieën.

De vertaalslag

Welke strategie de voorkeur heeft, hangt erg af van de situatie en de verandering die voor ogen staat. Ook de theoretische onderbouwing speelt een rol. De karakteristieken van de implementatiestrategie kunnen zelf het succes van de implementatie bepalen. De kunst is om te komen tot de beste mix van maatregelen en activiteiten. Een van de meest kritieke momenten in het ontwerp van de strategie is het maken van de vertaalslag vanuit de analyse. Vaak blijken mensen intuïtief voor oplossingen te kiezen die hen vertrouwd zijn, terwijl die niet goed passen bij het probleem waar men voor staat.

Theoretisch kader

Een belangrijke stap om tot een strategie te komen, is het bepalen welke factoren men wil beïnvloeden. Daarvoor is het nodig om een relatie te leggen tussen factoren en theorieën.

Begrippenkader

Vervolgens is het van belang om de implementatiestrategieën te kiezen en te omschrijven. Denk bijvoorbeeld aan doel, doelgroep, inhoud, organisatie, aangrijpingspunt of theoretische onderbouwing. Om binnen en buiten het eigen project daarover helder te kunnen communiceren, is in 2006 een Nederlands begrippenkader voor implementatie opgesteld. Dat geeft een korte beschrijving van het type strategie en de doelgroep of setting.

Vrijblijvendheid of dwang

Bij het kiezen van strategieën is het mogelijk om onderscheid te maken tussen vrijwillige activiteiten en niet-vrijwillige strategieën. Niet iedereen binnen de doelgroep is te verleiden tot vernieuwen. De een is meer gevoelig voor druk en dwang. De ander gaat overstag met hulp van activiteiten die de vernieuwing helpen uitvoeren. Vanuit die invalshoek zijn strategieën te ordenen. Bij de vrijwillige invalshoek gaat het dan bijvoorbeeld om motiverende, educatieve en faciliterende strategieën. Bij niet-vrijwillige strategieën gaat het bijvoorbeeld om wetten, regels, straf, verplichtingen en beloning.

Fasen van het veranderingsproces

Implementatiestrategieën zijn ook te benaderen door de strategie te koppelen aan het veranderingsproces dat individuen en groepen moeten doormaken. Zo zijn er mensen die niet op de hoogte zijn van een vernieuwing. Anderen hebben wellicht besloten om te veranderen, maar twijfelen eraan of het hen zal lukken. Beide groepen vragen om een andere benadering. De verschillende subgroepen zitten meestal in verschillende fases van het proces. Daarom is meestal een combinatie van meerdere strategieën nodig. Voorbeelden van deze fasen en mogelijke interventies vindt u hier.

Doelgroepsegmentatie

Bij het kiezen van implementatiestrategieën, kunt u ook kijken naar segmentatie binnen de doelgroep. Geen enkele doelgroep is immers homogeen. Er zijn altijd verschillen in bijvoorbeeld behoeften, kennis en weerstanden. Vaak wordt er onderscheid gemaakt tussen koplopers, achterblijvers en de middengroep. De koplopers hebben waarschijnlijk genoeg aan goede, wetenschappelijke informatie. Voor de mensen in de middengroep is dat vaak niet voldoende. Zij zijn juist gevoelig voor intercollegiale activiteiten die van invloed zijn op hun houding. Achterblijvers hebben vaak meer druk en praktische steun nodig. Kijk hier voor een gedetailleerd overzicht.

Download

 
 

ZonMw, Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie